All language subtitles for One.Summer.2006.1080p.NF.WEB-DL.DDP5.1.x264-Q0SWeb

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French Download
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil) Download
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

De naam van een afgelegen dorp in de Cotentin...

geschreven op een oud, vergeeld schoolschrift.

Dat was mijn eerste aanwijzing.

De tweede was klein en paste in mijn hand.

Ik wist zeker dat ik mijn verleden zou ontmoeten.

Eerst rechtdoor, dan linksaf.

Alle wegen lijken hier op elkaar.

Hier, dankzij dit schrift heb ik u gevonden.

Kijk er maar in.

PAULO GRANVAL IS MIJN VRIEND EN WE WERKEN OP DE BOERDERIJ VAN MONIQUE.

JOESPH GABEUR DIGULLEVILLE 1950

Weet u nog wie dat was?

In die tijd gingen landarbeiders van de ene naar de andere boerderij.

Veel mannen zijn na de oorlog nooit teruggekomen.

Boerderijen hadden sterke mannen nodig.

Zo leerde ik hem kennen, 40 jaar geleden.

Ik was 17.

Is er iemand?

Is daar iemand?

Wat wilt u?

Binnenkomen, als dat mag.

Waar is al die herrie voor?

Een jongeman. Wat wilt u?

Ik ben op zoek naar werk.

Een jongeman die werk zoekt. - Laat hem wachten.

Sorry. Uw gans is kwaadaardig.

Beter dan een waakhond.

Wat wilt u?

Werk. Ik hoorde dat u misschien werk had.

Wie heeft dat gezegd?

Een man langs de weg, met zijn paard.

De oude Grégoire.

Wat kunt u allemaal? - Alles.

Varkens slachten, paardrijden, koeien melken.

Waar werkte u hiervoor?

Ik heb zeven koeien in de stal.

Ik zeg het meteen, ik ben niet makkelijk. Ik hou van orde.

Hier is alles schoon.

Ik hoop dat u niet lui bent.

Wil dat zeggen dat u ja zegt?

Om half vijf opstaan, kost en inwoning en 200 franc per dag.

U slaapt boven de koeienstal.

Klinkt goed.

Dit is Kwartel,

mijn beste melkkoe. Ze is 12.

Pas op, ze wil nogal eens schoppen.

Joseph.

Pak twee emmers voor de boter en de kwark.

U weet hoe u kwark moet maken?

Ja.

Hallo.

Hallo.

Ben je nieuw? - Ja.

Dat dacht ik al. Ik kom iedere dag helpen.

Ik heet Paulo. - Joseph.

Schiet op, Paulo. Je bent weer te laat.

Ik laat je straks alles zien.

Goed.

Ga jij van boerderij naar boerderij?

Er is hier genoeg werk.

In '44 hebben de bombardementen schade aangericht,

en sommige mannen kwamen niet terug.

De zoon van de oude vrouw was getrouwd met de bazin...

hij kwam niet terug.

Ze zeggen zelfs dat hij de oorlog gebruikte om weg te lopen.

Ja.

Gelukkig kan Monique op mij rekenen.

Is ze al lang alleen?

Zes of zeven jaar, denk ik.

Ze doet het soms met de burgemeester, zeggen ze. Hij is hier de eigenaar.

Maar ik heb ze nooit gezien.

Maak jezelf eens nuttig, en stop met gluren.

Er moet een kip geplukt worden.

Hoe wil je het hebben?

Zoals je wilt. Met aardappelen.

Stop je weleens met werken?

Je zou kunnen helpen. Die twee nog.

Monique zorgt voor de beesten.

Niemand komt aan haar kippen.

En daar?

Dat is het huis van Jeanne, de dochter van Monique.

Ze is liever alleen, zonder haar moeder en Prudence.

Prudence is die oude vrouw.

Ze is wel aardig hoor, die oude vrouw.

Ze houdt van mijn roddelverhalen. Daar betaalt ze me voor.

Wel stiekem. Monique is gierig.

En jij bent het vriendje van Jeanne?

Nee. Ze is lerares. De boerderij is niet haar ding.

Ze vindt de stad leuker.

Ze gaat vaak met Angèle, de apotheker, naar Cherbourg.

Maar hey, we hebben ze niet nodig.

Maar hey, wat kan het schelen.

Goedenavond, mama. - Dag, mijn kind.

Alles goed, oma? - En jij, mijn kind?

Je bril is weer vies.

Dat is niet goed voor je ogen.

Weet ik, maar ik vind het fijn als jij het doet.

Ja, binnen.

Goedenavond. - Goedenavond.

Droog uw handen af, Joseph.

Joseph, de nieuwe knecht.

Ik ben Jeanne.

Geef maar hier.

Gaat u hier maar zitten, dit is nu uw plaats.

Vergeef me dat ik aan tafel werk, ik moet schriften nakijken.

Ja.

Jeanne is lerares. Ze eindigde als derde

van de lerarenopleiding.

Ze heeft een klas met meerdere niveaus.

Dat is veel werk.

Het is een mooi beroep.

Kan ik u inschenken? - Nee, dank u wel.

Ga jij naar de kerk, Joseph?

Daar heb ik weinig tijd voor.

Mijn arme man ging altijd.

Hij is in 1917 gestorven, in de oorlog.

Hij was nog jong, jouw leeftijd.

Kijk.

Hij was me er eentje, mijn Pierre.

Hij was me er eentje.

Hij is te vroeg heengegaan om vreemd te gaan.

Monique, dat is het verleden.

We zijn al lang niet naar de kerk gegaan. Er staat een nieuw kruis op het altaar.

Er staan genoeg kruizen op het kerkhof.

We doen onze kerkplicht wel met Pasen.

Ik breng u wel, als u wilt.

Jij bent een goede jongen.

Joseph, aangezien u niet stil kunt zitten,

gaat u naar het dorp om te kijken of mijn nieuwe tuig klaar is.

De oude Saucey maakt zich zorgen.

Hij heeft maar weinig bestellingen. Amper genoeg om te eten en te drinken.

Hoe weet je dat? We gaan nooit naar het dorp.

Van Paulo, misschien?

De oude Saucey heeft altijd al een zwakke plek voor mij gehad.

Mooi, dan krijgen we misschien korting.

Goedendag meneer.

Ik ben op zoek naar de zadelmaker.

Rechtdoor, aan het eind van dorp linksaf, u ziet het vanzelf.

Goedendag, meneer.

Wat wil je, knul?

Ik kom het tuig van Monique Gaillard halen.

Heb je haast? - Nee.

Waar kom je vandaan?

Overal en nergens.

Ik stop bij boerderijen waar ze me nodig hebben.

Net als ik. Als er geen werk meer is, zoek ik er zelf naar.

En omdat ik een stuk ouder ben,

heb ik er genoeg van.

Ik krijg alleen nog kleine karweitjes.

'Tractors', dat is het enige waar ze het nog over hebben.

Terwijl die veel duurder zijn.

En dan neemt de burgemeester het voortouw

en koopt een 'Massey-Fergusson', zoals hij het noemt.

Zo.

Klaar.

Monique had gelijk om dit te laten maken.

Dit gaat een leven lang mee.

Ik heb zelf de maten van de merrie opgenomen.

Moet ik helpen? - Nee.

Vergeet je fles en je tabak niet. - Ja.

Toe maar.

Goedendag.

Ju ju ju.

Toe maar. Ju.

Maurice, we moeten praten.

Hallo, Jean. - Hallo, Aimé.

Wist je van de nieuwe knecht van Monique?

Als ik het niet geweten had, dan was ik vast doof.

Ik zag hem in de velden van Equinande, in Digulleville.

Wat kan mij dat nou schelen.

Geen idee, ik dacht dat je het wel wilde weten.

De boerderij van Monique is wel van jou.

Dus?

Als hij net zo is als de laatste twee dronkenlappen,

heb ik met Monique te doen.

Ja, maar deze is anders...

Een mooie jongen. Dat is zeker.

Echt een hele aantrekkelijke man.

Zeg, Aimé, ben je ineens van de andere kant?

Toe maar.

Hallo, Monique.

Maurice.

We zien u bijna nooit rond deze tijd.

Ik was in de buurt,

en ik dacht, Monique heeft vast wel een glas cider voor me.

Dat dacht u goed.

Joseph... Maurice Lecouvey, onze burgemeester.

Goedendag.

Heeft u een nieuwe knecht aangenomen?

Alsof u dat niet wist.

Misschien wel.

Paulo, ga Joseph helpen, alsjeblieft.

Ik wist dat hij langs zou komen.

Hij wilde jou zien.

Echt? Waarom?

Vanwege de bazin.

Hij wil weten wat er hier gaande is.

Dat is zijn burgemeester ego.

En hij mag Monique graag.

Het is minder triestig in huis, vind je niet?

Ik heb je uitkeringsformulier ingevuld. Je hoeft alleen maar te tekenen.

Je moeder laat ons al een maand met rust. Dat is al heel wat.

Tot vanavond, oma.

Vergeet je pillen niet. Je moet er vanmiddag twee.

Geen zorgen.

Dit, lieve mensen, betekent het eind van de paarden.

Wat vinden jullie ervan? - Ik heb er geen woorden voor.

Prachtig... Toch, Monique?

Mag ik hem een keer lenen, Maurice?

Verhuren. Niet lenen. Het is duur.

Ik heb toch liever mijn Génoise.

Grégoire, je zal het gauw genoeg zien, hier zitten 30 van jouw paarden in.

Paarden houden je gezelschap...

en ze zijn goed voor mest.

Je geeft je tractor geen haver, toch?

Wat doe je met je haver, zonder paarden?

Aan jullie verkopen.

En als hij stuk gaat, wat dan?

Dan gaat hij naar de garage. Komt allemaal goed.

Kom, naar binnen. Ik trakteer.

Daar heb je Lecouvey.

Die hufter naaide vroeger onze zakken dicht, zodat we zouden werken.

Heb je voor hem gewerkt?

Ja, in de oorlog. Toen ben ik van een ladder gevallen.

Heb je vuur?

Niet al te moe, jongens?

Gelukkig hoef ik jullie niet te betalen.

Zie je? Hij weet dat de oude vrouw slaapt en dat Monique alleen is.

Ik weet zeker dat hij het met haar doet.

Wat kan jou dat schelen?

Je zegt het toch niet tegen Prudence.

Ja, je hebt gelijk.

Waarom is Jeanne niet komen eten?

Ze moest werken.

Ik ben blij om weer het dorp in te gaan.

Het schijnt dat Jeanne le Hodey en Florentine Mary zich zorgen over me maken.

Ik ga niet eens meer naar het kerkhof.

Niemand onderhoudt het graf.

Waar bemoeien ze zich mee.

Heb je dat weer van Paulo?

Ik hou niet van roddels. Ga naar bed.

Anders ben je morgen te moe.

Welterusten, Joseph.

Vindt u dat ik te hard ben voor haar?

Ze heeft geluk dat ze hier mag blijven.

Niet iedereen zou dat doen.

Waarom is hij weggegaan?

Wie?

Uw man.

Laat mijn man waar hij is.

Denkt u nog aan hem?

Dat gaat u niks aan.

U bent in mijn dienst, Joseph.

Fijne avond verder.

Fijne avond.

Joseph...

Ga kijken of ik het kippenhok goed heb dichtgedaan.

Dat vergat ik, denk ik.

Hallo, mama.

Hallo, mijn kind.

Je was laat gisteravond.

Ik kon niet slapen.

Bruno had ons uitgenodigd, met Angèle.

In een restaurant? Was het lekker?

Ja.

Neemt hij het bureau van zijn vader over,

wordt hij advocaat? Een goede partij, maar maak geen haast.

Als je het echt wilt weten, Angèle is meer zijn type, en hij niet het mijne.

Angèle is het type van iedereen.

Hou op mama, begin niet weer over Angèle.

Die meid.

Wat bent u onhandig.

Wat is er met u vandaag?

Er is een handigheidje voor.

Erin... Draaien.

Erin... Draaien.

Die dwaze Paulo maakt ze steeds kapot. Laat maar eens zien.

Nog een keer.

Mevrouw Gaillard.

Ja?

Heeft u mijn was?

Kom binnen.

Waar ligt het?

Kom naar boven.

Uw was ligt achter u.

Wie is dat met Prudence?

Joseph, haar nieuwe knecht.

Daar.

Bravo meneer de burgemeester.

Dit is toch beter dan in de kerk zitten.

Hoewel u vandaag had moeten gaan.

Waarom?

Monique heeft haar knecht meegenomen.

Meneer de burgemeester wist dat niet?

En wat als hij het met Monique doet?

Hij is veel jonger dan zij.

Het is spannend om het met de baas te doen.

Verdomme.

Teringzooi. We gaan wat drinken bij Auguste.

Kijk eens.

Voor jou, Auguste.

Dank je, Maurice.

Meneer.

Hallo... Hoe heet je ook alweer?

Joseph. - Oh ja.

Alles goed? - Prima.

Hallo, Gaston. Alles goed? - Ja, Maurice.

Hey, Monique...

hebben die bijbelfanaten u binnengehaald?

We hebben voor u gebeden, Maurice.

Als ik dat had geweten, dan was ik gekomen en had ik zelfs mijn communie gedaan.

Jeanne, wat vinden de kinderen van maatschappijleer? Het is belangrijk.

Ze vinden het interessant, ze zeggen dat ze veel leren.

Pastoor Dutroit is niet blij, met een uur minder godsdienstles.

Hij heeft nog een uur over. Het leven draait om delen.

Er is geen tijd meer voor liefdadigheid.

Liefdadigheid. Alleen een pastoor gebruikt zulke woorden.

Maar er komt nog iets voor liefdadigheid, dat is gerechtigheid.

Makkelijk te zeggen voor iemand die het halve land bezit.

Nou ja zeg, ik heb het niet gestolen.

De pastoor heeft gelijk. Liefdadigheid begint bij jezelf.

Jeanne.

Monique, ik nodig u uit.

Waar heeft u zin in?

Blikgooien, hengelen, of zoete liefdesappels?

Liefdesappels. - Liefdesappels.

Dank u. Fijne avond.

Daar zijn ze.

Wie is dat, met Jeanne?

Bruno, de toekomstige advocaat. Wat een koppel, met Angèle en Jeanne.

Een koppel met z'n drieën? Jij kan goed tellen.

Nog geen vriendinnetje, Paulo?

Nog niet.

En u, Joseph?

Ik ken hier niemand.

Ik zou met Paulo kunnen dansen, maar dat hoort schijnbaar niet.

Toch wel, u kent mijn moeder.

Dansen met mijn bazin?

Ik zou het niet gek vinden.

Ik ben Lecouvey niet.

Kom, Jeanne.

Hallo daar. Alles goed?

Goed je te zien. Bij de verkiezingen, wat doe je met de belastingen?

Die doe ik omlaag.

Ik ben Angèle, de vriendin van Jeanne.

Goedenavond. - Goedenavond.

Wilt u met mij dansen?

Alleen als het een wals is.

Ga eens om een wals vragen.

Schiet op.

Kunnen jullie een wals spelen?

Verbaast het u dat ik met u dans?

Ja. Na alles wat iedereen zegt.

Wie is iedereen?

Sommige mensen.

Wat zeggen ze?

Dat u vaak naar de stad gaat, daar vindt u wat er hier niet is.

Krijg nou wat.

Op hun gezondheid.

Gaat het, Monique?

Van meneer de burgemeester.

Dank u wel.

Het is maar klein hier. Men weet alles.

Iedereen gaat denken dat we met elkaar naar bed gaan.

Dat is best complimenteus voor mij.

Waarom heeft u me dan nog niet gekust?

Mag een boerderijknecht u kussen?

Wel als u goed kunt kussen.

Kunt u dat nog eens doen?

Gaan we naar mijn huis?

Nooit op de eerste avond.

Waarom niet?

U daagt graag mensen uit...

U, ja.

Ik ga al mijn zondes wel opbiechten.

Gaat u vaak biechten? - Erg vaak.

Voor deze ene keer, kunt u de pastoor met rust laten.

Wat bent u aan het doen?

Ik was bang dat de wond zou ontsteken.

Ik wilde het zeker weten, voor ik naar bed ging.

Had het maar gezegd, dan had ik het gedaan.

Hulp nodig?

Nee, het is goed zo.

Was het nog druk?

Nee, mensen gingen weg.

U heeft u niet verveeld vanavond. Angèle is niet verlegen.

Goed.

Ik ga naar bed.

Joseph.

Ik wilde u zeggen dat...

Wat?

Het spijt me van gisteravond.

Misschien zijn we niet duidelijk geweest

over sommige dingen.

De boerderij. Het werk...

De dagen die voorbijgaan.

Alles gaat zo snel. Het is al lente. Het is...

Wat verwacht u precies van mij?

Vertel. Ik luister.

We zijn alleen.

Waar bent u op uit?

Wat wilt u? - Nee.

Is dit wat u wilt? - Nee.

Jawel. - Nee.

Jawel.

Joseph...

Goedemorgen.

Goedemorgen.

Goedemorgen iedereen.

Wat is het koud zeg.

Ik wil ook graag wat koffie.

Ga zitten.

En, vertel. Kan Angèle goed dansen?

Wist je dat nog niet?

Gek, voor iemand die altijd alles weet.

Kan hij zelf zijn was niet brengen?

Ik had er tijd voor.

Voor Fernand deed je niet zoveel.

Jouw zoon heeft het hier verknoeid.

Nu moet ik een knecht aannemen. Een knecht moet betaald worden

en we doen zijn was.

Opletten wat je doet. Dat is toch geen werk zo.

Stop met roken. Zo gaat de boel nog in de fik.

Zeur niet zo, je bent de baas toch niet?

Misschien wel.

'Mijn moeder en mijn zus...

aten...

allebei in hun eigen kamer.'

Ja?

Hallo. - Kom binnen.

'De bel ging voor het eten

dat om twaalf uur werd opgediend.

Punt.'

U heeft vast dorst. - Ja.

En u, na al dat praten,

heeft u geen dorst?

Jawel.

Is dat de ark van Noah?

Van mijn oma gekregen toen ik klein was.

Net als een boerderij.

Behalve dat de dieren in paren gaan,

twee per twee.

Die is helemaal alleen.

Ik ben de andere kwijt.

Ik vervang hem voor u.

Kijk dan...

U heeft een fototoestel? - Die heb ik net gekocht.

Er zit nog geen rol in.

Jammer.

Je kan gaan, Jean-Paul.

Mevrouw Raymonde wil dat ik u dit boek teruggeef.

Dag juffrouw. - Tot morgen.

Wat is het?

Ik hou van dit boek.

Het gaat over een vrouw...

die genoeg heeft van haar leven met een arts in een klein dorp.

Ze vlucht weg in haar dromen.

Ze ontmoet mannen die haar een andere wereld laten zien...

het leven in Parijs in die tijd.

Wat gebeurt er met haar?

Ze pleegt zelfmoord.

Echt? Niet een heel vrolijk verhaal.

Denkt u er net zo over als zij?

Ik denk vaak aan weggaan.

Verveelt u zich hier?

Er gebeurt hier niet veel.

MADAME BOVARY PROVINCIAALSE ZEDEN EN ZONDEN

Hoe heet het?

Ik kan niet...

Ik kan niet lezen. Niet erg goed.

Mijn vader stierf tijdens de Grote Oorlog, net voor mijn geboorte...

mijn moeder was melkmeisje op een boerderij.

Ik heb met haar gewerkt.

En dan word je groot en heb je geen tijd meer.

Stom, toch?

Nee, dat is niet stom.

Het is wat het is.

Ik kan het u leren, als u wilt. - Ja.

Het zal niet makkelijk zijn.

U zult ook alleen moeten werken.

Als u een goede leerling bent, kan het snel gaan.

Ik ben een goede leerling.

Ga je naar bed? - Ja, welterusten.

Welterusten.

'Het paard trekt de kar.'

De zelfstandige naamwoorden, in enkelvoud en in meervoud.

Lees dit eens voor.

'Het...'

'Het werk...'

'Werk.'

'van...'

'het pa...'

'het paard... Het werk van het paard.'

En in het meervoud? - Het meervoud hiervan?

Het werk van de paarden.

Ja, maar u moet het lezen, anders is het te makkelijk.

Opnieuw vanaf hier.

U maakt lekkere koffie. Ik wil graag nog een beetje.

Bent u niet te moe?

Gaan we door?

'In juni, komma,

maaien de landbouwers het gras van het veld,

komma,

ze drogen het in de zon en maken er balen van...'

Balen, in het meervoud.

'Komma,

laden het met hooivorken in de kar

en brengen het naar de boerderij.

Punt.'

Oh jee, wat is dat voor grote vlek?

Dat is niet zo mooi. En er staan veel fouten.

Veld is met een In, niet met een T.

U moet beter opletten.

Begin een nieuwe regel.

We gaan verder.

'En brengen het naar de boerderij. Punt.

Het zijn lange dagen, komma,

de landbouwers gaan moe op huis aan.

Punt.'

JOSEPH GABEUR DIGULLEVILLE 1950

PAULO GRANVAL IS MIJN VRIEND EN WE WERKEN OP DE BOERDERIJ VAN MONIQUE

Ik heb dorst. Mag ik wat van jouw cider?

Ja, kijk maar in mijn tas.

'Leven op het veld'. Wat is dit?

Afblijven. Leg terug.

Kan jij lezen?

Paulo.

Paulo, kom eens een foto van ons maken.

Joseph, kom ook voor de foto.

Mama, kom dan. - Nee, nee.

We gaan samen op de foto.

Hier, Paulo, kijk,

hier kijk je doorheen en dan druk je alleen daarop.

Tussen ons in, Joseph.

Kom wat dichterbij, mama.

Nog iets verder, Paulo.

Zo ja.

Mijn haar zit niet goed.

Druk maar.

Oké, gelukt.

Joseph, als u even tijd heeft, ga dan langs de apotheek.

Hallo.

Je ziet er mooi uit. - Dank je.

Het eten is klaar, Joseph.

Heeft u geen honger?

Jawel.

We nemen even pauze. - Eindelijk, ik heb honger.

De merrie heeft dorst.

Jeanne.

Jeanne, wacht.

Nu al wakker?

Ik heb niet veel geslapen. Bruno bracht me thuis.

En? - Niks, ik heb niet veel geslapen.

Vraag je je niks af? - Dat zou je zelf moeten doen.

Ik hoef er niet verliefd voor te zijn.

Voor wat? - Om te vrijen.

Goedendag. - Mevrouw.

Kijk eens wie er terug is. - Hallo.

Het is voor de oma.

Arme Prudence met haar zwakke hart.

Tja.

En mijn hart? Denkt u daar weleens aan?

Het klopt hard, vindt u niet? - Ja.

U heeft hier vast ergens een geneesmiddel.

'Gelukkig hij die als Odysseus,

een goede reis heeft gehad.

En die...'

'en die?'

Verdomme.

Wacht even, in de rij blijven.

Wacht, Gilles.

Toe maar.

Dag, juffrouw. - Tot morgen.

Tot morgen, juffrouw. - Tot morgen.

Tot morgen. - Tot morgen, juffrouw.

'Wat een verrassing haar die dag te zien,

mijn vreugde kon ik niet verbergen.

Ik vond haar charme betoverend. Rustige bewegingen, als een stem...

een stem zo bedwelmend dat ik er gek van werd.

We hebben samen gegeten, gewandeld,

eindeloos gepraat.

Ik nam haar voor het eerst mee naar huis,

en voor de eerste keer werd ze mijn minnares.'

Bruno wil een dezer dagen naar Cherbourg gaan. Ga je mee?

Hoe gaat het tussen jullie?

Als het serieus wordt, word ik bang.

Ja, dat heb ik ook.

Hij kan goed dansen. Hij ziet er goed uit.

Maar hij vindt zichzelf heel wat.

En Monique. Vooruitgang.

Ik heb nog een tractor gehuurd om tijd te winnen. En tijd is geld, dus.

Ik kan bij u de hooibalen afmaken, mijn mannen brengen het weg.

Klim er maar op.

Waar? - Hier, achterop.

Wat is het mooi.

Ik hoop dat het nooit verandert.

Lecouvey blijft vanavond eten.

Waarom vertelt u dat? Aan mij?

Omdat ik weet dat u hem niet mag.

U bent de baas.

Wat heeft u tegen hem?

Niks. Hij is de burgemeester.

Hij helpt me.

Voordat u hier kwam, was ik blij met hem.

Maar u hoeft niks uit te leggen.

Luister,

wat er tussen ons gaande is,

doet u plezier, en mij ook.

En voor de rest, gaan we onze eigen weg,

dan is iedereen tevreden. Dat is de beste manier.

Zo dan.

Deze is van de oude Fossard, daar kikker je van op.

Na een dag als deze, doet het goed.

Monique, denk nog eens na over het elektrisch melken.

Voor zeven koeien?

Nou eh...

We kunnen er meer vee bijnemen.

Dat kan ik nu niet betalen, dat weet u.

Behalve als Maurice de huur verlaagt.

Oh, nou...

Ik kan erover denken.

Het zijn hoge kosten, maar Maurice weet wat hij moet doen.

Wat vind jij ervan, knul?

Je vindt er vast iets van.

Ik beslis niet.

Maar,

het is een kwestie van mankracht.

Goed.

Ik ga.

Goedenavond.

Goedenavond, jongen.

Hoelang blijft hij?

Zolang hij wil. Het is een goede knecht, werkt hard.

Maar het kost veel. En in de winter is er minder te doen.

De pastoor heeft het weer over de godsdienstles gehad.

Ik begin genoeg van hem te krijgen.

Probeer er toch eens over te praten.

Welterusten.

Welterusten, schoonheid.

Mooie stukken.

Jammer dat ze geen dienst meer doen.

U mag ze hebben, als u wilt.

Dank u wel.

Zeg eens, heeft Jeanne nog steeds geen aanbidder?

Ze is heel erg mooi.

Ik weet het niet. Ze is terughoudend. Ze vertelt niet alles.

Vooral over dat soort dingen.

Ik weet dat ze hier niet altijd zal blijven.

Ze gaat vaak met Angèle naar de stad. Daar kan ze iemand ontmoeten.

Angèle is al met de hele regio naar bed geweest.

Niet overdrijven. Ze mag zich best vermaken.

U ook, Monique.

Een mens moet de tijd nemen, voor plezier.

Nee, Maurice, niet hier.

Ergens anders dan?

Niet ergens anders, niet nu.

En niet met mij. - Precies.

Dan zijn we het eens.

Pas op, Monique.

Wees voorzichtig.

Spring niet zomaar in het diepe.

Het is een zwerver.

Maurice, als u iets of iemand nodig heeft,

als u het echt wilt,

bent u niet bang om ervoor te gaan.

U ook niet, ben ik bang.

Wat is er?

Joseph, ga naar het dorp voor de pillen van Prudence.

Nu meteen? - Ja, nu meteen.

Opschieten.

Ik kan haar pillen niet vinden.

Ik weet niet wat ik heb de laatste tijd.

School is bijna voorbij?

Ga je naar je vriendin Alice, in Pirou?

Nee, ik blijf hier. Ik ben moe.

Ik ga rusten.

Ik ga wat vee kopen en een elektrische melkmachine neerzetten.

Maurice heeft de huur stopgezet, zodat ik de stal om kan bouwen.

Dat was vast moeilijk voor hem.

Zo gierig is hij niet.

En Joseph? Ga je hem houden?

Het zou je goed doen, om op vakantie te gaan.

Je vindt het toch fijn als ik meehelp.

Maar dit jaar heb ik Joseph om bezig te houden.

Dan kan Maurice naar je toe komen.

Sorry?

Ik verwijt je niks, maar ik weet het. Nu weet je dat ik het weet.

Nee, nee. Je weet helemaal niks.

Ja, ik ben met hem naar bed geweest. Dus?

Sinds je vader er met zijn slet vandoor is, doe ik het hier alleen.

Met oma om voor te zorgen.

Tussen het veld, het melken en de rest, Maurice heeft me veel geholpen.

Het is nu trouwens voorbij met hem.

Het gaat me niet aan wat jij doet.

Maar mij wel.

Waarom vertel je Joseph over dit soort boeken?

Wat is dit?

Ik leer hem lezen en schrijven.

Is dat verboden?

Heb je daar je vakantie voor nodig? Wat voor nut heeft het voor hem?

Natuurlijk is het nuttig.

Voor het onkruid en het melken van koeien?

Ik heb het op de rekening laten zetten.

Het is heet.

Dank je wel.

U bent de laatste tijd veranderd, Joseph.

De dingen veranderen ook.

We moeten meebewegen.

U bent inderdaad rusteloos.

Als u hier niet meer wilt zijn, moet u het zeggen.

U heeft genoeg aan Paulo voor het melken.

Paulo... praat niet over Paulo.

Gezondheid.

Monique, we misten u al.

En Joseph, natuurlijk.

Ga jij daar maar heen.

Jean, maak plaats voor Monique.

Alles goed, Monique?

Ja, dank u.

Hallo, Monique.

Maurice, een speech.

Speech.

Oké dan, een speech.

Ik hef mijn glas op jullie allemaal.

Bedankt voor het hooi dat dit jaar in recordtijd binnen is gehaald.

Dankzij jullie daar, jongens, mijn arbeiders. Dank jullie.

Maar nu hebben we tractors.

Ik hoop dat jullie ook die beslissing nemen.

Ik herhaal, het is onze toekomst.

Op de nieuwe koeienschuur van Monique,

die ik eindelijk tot elektrisch melken heb overgehaald.

Proost.

Sta daar niet zo, ga zitten.

Je ziet er beter uit vandaag.

Het gaat beter vandaag.

Je ziet er mooi uit, mijn kind.

Alleen liefde kan dat veroorzaken.

Wat weet jij daar nou van?

Als ze verliefd is, dan zijn wij de laatsten die dat weten.

Schenk mij eens wat in.

We vragen het aan Paulo. Hij die altijd alles weet.

Het licht stond nog aan.

Zal ik wel vergeten hebben.

We kunnen ook niet overal aan denken.

Dat is zo.

Hoe gaat het met de lessen van Joseph?

Kan hij al lezen en schrijven? Ik hoop dat hij kan tellen.

Waarom?

Omdat ik hem straks betaal, dan vertrekt hij.

Voor altijd?

Voor altijd.

Er zijn dingen waar ik niet tegen kan. Helemaal niet.

Ik weet niet wat je bedoelt.

Je weet precies wat ik bedoel.

Je bent met hem naar bed geweest. Je bent net als je vader,

met jan en alleman naar bed gaan. Met de eerste de beste.

Joseph is niet zomaar iemand.

Het is een goede man, dat zeg je zelf.

Een goede werker, maar om er mee naar bed te gaan...

Ik hou van hem en hij van mij.

Hij houdt van je.

Hij houdt van iedereen.

Zelfs van mij, als je het wilt weten.

Hou op. - Het is waar.

We hebben het vaak gedaan, op allerlei plekken.

In het veld, de koeienschuur, mijn bed, overal hier.

Hou je kop. - Nee.

Ga weg. - Nee.

Ga weg.

Dit is mijn huis. Ik zeg wat ik wil, tegen wie ik wil.

Donder op.

Het kan me niet schelen, wat ze over mij zeggen.

Joseph. Ik wil u voor het eten zien, voor uw loon.

Want ik moet ook nog betalen.

Luister goed, Joseph.

Het geld dat hier verdiend wordt, is voor Jeanne.

Het werk in het veld, op de boerderij, dat doe ik voor haar,

zodat ze naar de stad kan gaan, om iemand te worden.

Ik heb haar niet grootgebracht om te eindigen met een boerenlul.

U kunt het natellen.

U bent met de boerenlul naar bed geweest.

Wat wilt u van Jeanne?

Dat ze achter u aan zwerft, zonder eten?

En de schaamte, de schaamte om te bedelen voor werk.

Wat wilt u met haar doen?

Een kind maken? Een boerenkinkel zoals u.

En haar op een dag verlaten voor iemand anders.

U had de moeder, nu de dochter.

Pak maar. Hier, pak maar. Het is voor u.

Hier.

U had hier alles kunnen hebben, u had de baas kunnen worden.

Het kan me niet schelen wat mensen denken.

Ga weg.

Klopt het?

Ik heb uw spullen gebracht, gezien u vertrekt.

Ja.

Lecouvey had gelijk, mensen zoals ik worden onnodig.

Ik heb hier niks meer te zoeken.

En wij?

Stelt u zich een leven voor met een boerenpummel?

U heeft liever een echte boerin, zoals mijn moeder?

De koeienschuur, het veld, het bed,

ze is geen enkele plek vergeten.

Waarom?

Omdat ik het wilde.

Vergeef me.

Ja, vergeef me.

AAN MIJN GELIEFDE OMA

Gecondoleerd.

Nu ben ik alleen.

Helemaal alleen.

Ze zat je in de weg.

Ja, nu ben je helemaal alleen.

Weet je het zeker?

Ik wilde toch al weg.

Wacht.

Jeanne gaat grootse dingen doen in Parijs.

Paulo? Wat is er?

Is Monique hier? - Nee.

Ze was niet bij het melken vanochtend.

Ik dacht dat ze misschien naar het dorp was.

Want jij kan denken?

Had je dat niet eerder kunnen zeggen.

Blijf hier. Ik ga wel.

Sinds Prudence en Jeanne weg zijn, doet ze vreemd.

Vooral sinds het vertrek van Joseph.

Kleine etter. Kom mee.

Monique.

Monique.

Monique.

Toen Lecouvey de boerderij verkocht...

mocht ze van de nieuwe kopers in deze kamer blijven.

Ze heeft de kamer nooit willen verlaten.

Ik heb tot het eind voor haar gezorgd.

Er is niemand meer...

behalve ik, en de boerderij natuurlijk.

Dit was het huis van je moeder. Ik woon hier nu.

Ga maar naar binnen.

Toen ze in Parijs aankwam, was het alsof ze alles was vergeten.

Ze is gestorven zonder ooit over hem verteld te hebben.

Ik zal nooit weten hoe mijn vader eruitzag.

Hier.

Zonder het te weten, bewaarde ik deze voor jou.

Ondertiteld door: Michelle Meijers-Bernadet

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.