All language subtitles for A Blue Hole In The Sky.nl.closedcaptions

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Mijn naam is Bob Entrop en ik ga jullie meenemen op m'n persoonlijke zoektocht…

…naar de cultuur van de Sinti- en Romazigeuners.

Sinds m'n vorige film, De Witte Raaf, ben ik nog meer betrokken geraakt…

…bij deze gesloten gemeenschap, waar nog veel onderwerpen taboe zijn.

Daarom was het soms heel moeilijk om dingen in beeld te brengen.

Het heeft me ruim twee jaar gekost en ruim 60 uur filmmateriaal opgeleverd.

Daaruit heb ik vier heel verschillende lange films gemonteerd. Dit is er één van.

In deze film het relaas van 14 Sinti en Roma die WO II overleefd hebben…

…en waarvan vele familieleden níét zijn teruggekeerd.

De oorlog is een enorm taboe.

Daar praat je met niemand over, zeker niet voor een camera.

Maar door het gegroeide vertrouwen en de in de twee jaar ontstane vriendschappen…

…waren de mensen bereid voor het eerst hun levensverhalen aan mij te vertellen.

Ik ben ze zeer dankbaar, vooral omdat ik zelf aan den lijve ondervonden heb…

…hoeveel de verhalen en beelden míj hebben gedaan.

Soms vroeg ik me af waar ik mee bezig was…

…en zeker als je merkt welke emoties je bij mensen losmaakt.

Maar ze vonden het na ruim 60 jaar belangrijk…

…omdat deze verhalen nooit verloren mogen gaan.

[man] De politie kwam. De Nederlandse politie, geen Duitser was erbij.

Die zei: Jullie moeten mee naar een werkkamp, jullie krijgen werk.

Maar ik wist beter.

[man, Haags accent] Ik zeg: 'Mam, luister, ze moeten naar Polen.

Daar moeten ze werken, maar ze krijgen goed te eten.' Dat naïeve idee had je.

[vrouw, Limburgs accent] Ik was de enige dochter. Ik had nog drie broers.

En m'n moeder hebben ze meegenomen. Toen was m'n kleinste broer 15 jaar.

[man] Ik was 13, 14 jaar. Weet je wel, 13, 14 jaar.

Toen hebben ze me gepakt van de school af.

Van de school hebben ze me gelijk doorgestuurd naar Polen.

[man] M'n tante zagen wij dus in die wagonwagen zitten.

En m'n oom ging daar naar binnen met z'n bundeltje kleding en z'n koffertje.

En zo zijn ze met de trein afgevoerd.

En wij dachten, m'n moeder althans, dat hij wel snel terug zou komen.

[man] Aan de andere kant van het station stond een trein.

Die zou gaan vertrekken. Ja, dat wist ik niet, als kind.

Ik had alleen maar oog voor m'n vader, die uit de wagon schreeuwde:

'Moesla, zorg goed voor m'n jongen.'

En dat is eigenlijk het laatste wat ik van m'n vader gezien heb.

[vrouw] We werden naar Polen gebracht en kregen allemaal een huis, land en vee.

Dus we gingen allemaal de trein in zonder verzet.

Maar ja, waar we aankwamen, dat was Auschwitz.

[langzame strijkmuziek]

[stoomgesis]

[locomotief stampt]

[Hannes] Je hoorde dat die mensen opgehaald werden.

En Eichmann en Mengele kwamen eerst bij de Sinti.

Ze kwamen bij ons de kaken en het gezicht opmeten, de lichamen opmeten.

Alles maten ze op, om te herkennen wie een Sinti is. Begrijp je 't goed?

Dus dat waren de twee voorlopers.

En toen waren het goede mensen. Ze gaven ons wat te eten en drinken.

M'n eigen familie, m'n eigen tante, woonde in Duitsland.

Je kreeg te eten en drinken en ze zei: Daar komen ze weer, wat heerlijk.

En we werden niet verjaagd, we mochten blijven staan. Toen had hij alles van ze.

En ineens had hij gezegd: 'Ophalen.' Toen waren we Ungeziefer, ongedierte.

[langzame muziek] [stoomgesis en gestamp]

[Zoni] Wat er in Duitsland gebeurde met Sinti en Roma…

…gebeurde in Nederland niet. Eigenlijk zijn we in Nederland tot eind '43…

…buiten de normale pesterijen en zo… Daar waren we toch aan gewend.

Er was nog niks heel ingrijpends gebeurd met Sinti en Roma vanuit de Duitsers.

Voor mij en voor de meeste Sinti en Roma in Nederland…

…was die datum, die ene vroege ochtend, 19 mei '44, het keerpunt van alles.

[gestamp van locomotief] [langzame muziek]

[Rinus] M'n moeder lag tientallen jaren na de oorlog hele nachten te huilen…

…om haar familieleden die ze verloren had. Dat verdriet is nooit opgehouden.

Op de dag dat m'n moeder stierf, had ze het nog over haar broers.

En over haar schoonzusters en de kinderen. Zij heeft dat nooit kunnen verwerken.

M'n moeder heeft haar hele leven verder geleden onder het juk….

…dat haar broers daar dood zijn geslagen.

Haar hele leven heeft dat haar leven verkrampt. En dus een gedeelte van ons.

[geraas]

Toen de mensen werden vervoerd, is m'n moeder nog naar het station gegaan…

…het Hollands Spoor in Den Haag, om eten te brengen. Die had ook veel lef.

[muziek]

[Lily] Bij nacht kwamen we aan, in de avond nog. Het was al donker, natuurlijk.

Maar dat kamp zagen we liggen door al die schijnwerpers…

…en dat elektrische licht en die draad die eromheen was.

[piepende remmen]

En het was gelijk 'raus', de deuren gingen open. Raus, weet je wel. En schnell.

Nou, zoek maar alles bij elkaar. Waar zijn de kinderen?

Er werd al eruit geslagen en in de tussentijd werd er al geschoten daar.

Ik dacht: waar zijn we in hemelsnaam terechtgekomen?

Moeders die draaiden om de kinderen te zoeken en zo.

Het was een hel. We dachten: de hel kan niet erger wezen.

Ome Rinus. Michel Konings. Jozeph van Nieuwkerke is er.

Bona Rosenberg is er.

Wijko komt niet.

[geroezemoes]

Op school moesten we onze eigen kleren afdoen en die andere kleren aantrekken.

Dat was een korte broek, een wit hemd, een riem en een band hierboven.

En met de schooljuffrouw gingen we wandelen en kwamen we langs ons huis.

Dat zagen m'n ouders en dat was niet goed. Die zeiden dat we Hitlerjugend waren.

Ze zeiden: Je weet wat ze zeggen. Dat gaat via via via. Er is wat gaande.

'Er is wat gaande wat niet goed is.' Zo doende zijn we gevlucht.

M'n tante werd 's nachts weggehaald met die twee kinderen.

M'n oom was ook niet thuis, die was ondergedoken.

Toen kwam m'n oma 's morgens. Ja, jongen, zegt m'n moeder…

…je vrouw en kinderen zijn weggebracht naar het Alexanderveld.

En de buurvrouw zei: 'Doe dat niet, anders kom je ook niet terug.

Dan ga je een kamp in, doe dat nou niet.'

En m'n moeder zei: 'Hij moet naar z'n vrouw en kinderen, dat kan niet.'

Ze hielp hem wat bezittingen mee te nemen. Een bundeltje goed en een koffertje.

Ik ben mee geweest en die hebben we afgeleverd op het Alexanderveld.

En toen zijn ze naar het perron gebracht en daar zat m'n tante.

Die zagen wij in die wagonwagen zitten.

En die was blij dat ze m'n oom zag. En m'n oom ging naar binnen.

En zo zijn ze met de trein afgevoerd. Hij is nooit meer teruggekomen.

[gestamp van locomotief]

[Zoni] Mijn tante Moesla kwam bij ons op visite.

Die zei: 'Geef Zoni maar mee, dan kan die lekker bij ons spelen.'

Dus ging ik met m'n neef Pienda, die net zo oud is als ik, mee naar Vorden.

Heel normaal. Ik zou de volgende dag terugkomen.

Maar ineens kregen wij bericht, dus die 19e mei, dat ons gezin…

…'s morgens vroeg was opgepakt. Van het bed gelicht en opgepakt.

En…

…afgevoerd. We wisten toen nog niet van Westerbork. Althans, ik niet.

[Hannes] De politie kwam en zei:

'Jullie moeten mee naar een werkkamp. Jullie krijgen werk.'

Maar ik wist beter.

'Jullie krijgen werk, gaan gewoon werken. Dan kan je moeder eten en drinken.

Je zussen moeten ook werken, die gaan naar de fabriek toe.'

Ik zeg: Werk kun je ons hier ook geven. Daarvoor hoeven we niet met de trein mee.

Ze kwamen 's morgens heel vroeg. [gebonk op deur]

[man] Aufmachen! -Op de bel getrokken zo.

En we waren naar beneden gegaan en ze kwamen naar boven.

En alles moest mee. En ik had geluk. [jammerende vrouw]

M'n man is boven op de zolderkamer helemaal boven op de zolder geklommen.

Daar was hij drie maanden, of zes maanden, dat kan ik niet meer zeggen.

Die kwam niet meer beneden van de angst natuurlijk, hè?

En ik had ook drie kinderen. De kleinste was anderhalf. Ja.

En voor de rest is alles mee. En mij lieten ze.

Ze kwamen bij mij en ik hoefde niet mee.

M'n moeder had haar broer aangespoord…

…om met z'n vrouw en kinderen mee te gaan, wat heel goed is geweest.

Maar m'n moeder heeft daar altijd toch… spijt van gehad.

Maar als hij had blijven leven, was die man dan gelukkig geweest?

Terwijl z'n vrouw en kinderen in de gaskamer verdwenen zijn?

Dat zou een wond bij hem geslagen hebben die ongeneeslijk geweest zou zijn.

[Lily] Eén voor één moest je langs zo'n tafel heen…

…en daar kreeg je allemaal het nummer ingetatoeëerd.

Dat ik een van de eersten was, kun je zien aan die '561'.

Je had allemaal een kale kop. Je herkende elkaar niet eens meer.

Toen je geschoren was en die haren eraf, het leken wel allemaal apen.

Je moest grienen om jezelf, maar er ook om lachen. Mijn god, wat zag je eruit.

Maar ja. En al je kleren waren weggehaald, voor de zogenaamde ontluizing.

En toen kreeg je de kleren die daar op een hoop lagen.

[rustige muziek]

[Tjawo] Toen hebben ze me gepakt van de school af. Ik was 13, 14 jaar.

Van de school hebben ze me gelijk doorgestuurd naar Polen.

Je zat op een auto en die bleef rijden, rijden, rijden.

Een jongen keek zo door dat zeil heen: 'Het sneeuwt. Er ligt sneeuw buiten.'

Toen zaten we in Polen. Die kreeg gelijk een draai om de oren van een Duitser.

'Wie geeft jou permissie om door dat doek te kijken?'

Toen bleek achteraf: wij moesten vechten. We moesten de Duitsers meehelpen.

[gemarcheer]

Ik herinner me als de dag van gisteren wat een angst er dan door je heen gaat.

Dat je vader, moeder en je zusjes en broer opgehaald waren door de Duitsers.

Dat slaat in als een bom.

Wij hebben als de donder wat bezittingen op een soort kar gegooid…

…en zijn op de vlucht geslagen de bossen in, ondergedoken.

Wij zaten vast in Doetinchem. We zaten met 15 man in één celletje.

Vader, moeder, m'n broers, m'n drie zusjes.

Met 15 man in één klein celletje.

En m'n vader had hier in de Koningstraat een grote muziekzaak.

En 's avonds kwam er bij m'n vader een heel grote generaal.

En die heette Obersturmführer Buhr. Dat vergeet ik nooit van m'n leven.

Die zat hier in Arnhem.

En toen zegt m'n vader… Er werd op de deur geslagen en hij deed het luik open.

Toen zei m'n vader: 'Bel deze man op.' Die man had gezegd tegen m'n vader:

'Als er wat is, bel mij op. Ik kom jullie gelijk halen.'

Hij moest elke avond voor die man spelen.

Hij was helemaal ziek van de Sintimuziek. Hij speelde ook viool.

Toen zijn ze in Nederland… Hoe heet dat, waar er een concentratiekamp was?

Westerbork. Toen zijn ze daar een paar dagen gebleven.

En toen zijn ze naar Auschwitz gebracht.

Ik heb nog een brief geschreven daarnaartoe. Niks meer van teruggekomen.

Een brief niet. Ze waren er niet meer.

Toen hebben ze hem gebeld.

Binnen een uur stond hij in Doetinchem op het politiebureau.

En 's nachts om drie uur ging de trein naar Auschwitz voor ons.

M'n vader had gehoord: Jullie gaan naar Auschwitz. Om 3 uur vertrekt de trein.

En 's avond op tijd kwam hij binnen.

Allemaal eruit. Allemaal op vrije voeten gesteld.

[Lily] Was eigenlijk nog het ergste was: die vernederingen.

Bij ons hebben ze ook nog weer een taboe op heel veel dingen.

Wat je niet kunt vertellen, wat je niet in de openbaarheid mag doen.

En juist wat er met vrouwen en meisjes gebeurd is, is eigenlijk allemaal taboe.

En ik geloof ook niet dat ik het vertellen moest. Ik weet het niet.

Je wordt zo gauw aangevallen: Waarom heb je dit en dat?

Er is in die kampen zoveel gebeurd wat niet niemand weet…

…en wat niet verteld wordt.

Als het mooi weer is en als het mei is, denk ik er veel aan.

In mei hebben ze m'n broers en m'n mama weggenomen.

Nee…

Ik gun het geen mens zo.

Nee, nee.

Toen kwamen we daar aan in Polen.

'Stappen jullie maar uit. Dat is jullie nieuwe thuis.'

Kleren aanpassen. De kleren waren te groot, de laarzen waren te groot.

Die jassen kon je twee, drie keer omslaan. Dat gaf niks in ons geval.

Dat kan je aan laten, dit eroverheen trekken. Het was al koud.

Toen zaten we daar, kregen zo'n ding in de handen, mitrailleurs of karabijnen.

Ik denk: wat krijgen we nou? [Duits] Wanneer gaan we naar huis?

[man] Geheim, zeer dringend.

Aan de vijf gewestelijke politiepresidenten van Nederland.

De Sicherheitsdienst te 's-Gravenhage gelast…

…met instemming van de Befehlshaber der Ordnungspolizei…

…een centrale aanhouding van alle in Nederland verblijvende personen…

…die de kenmerken der zigeuners bezitten.

Datum aanhouding: dinsdag 16 mei 1944…

…te 7.00 uur tot uiterlijk 20.00 uur. Waarbij inbegrepen alle kinderen…

…onverwijld door personeel van de Nederlandse politie…

…naar het kamp Westerbork worden overgebracht.

Uit samen te stellen lijsten moet overzichtelijk blijken wie de eigenaar is…

…van woonwagens, paarden, muziek- instrumenten, kledingstukken, enzovoorts.

De eventueel aanwezige paarden dienen op een centraal punt gestald te worden.

Ze mogen voor de kosten van onderhoud ter beschikking worden gesteld…

…van te goeder naam en faam bekend staande personen.

Beddengoed en kledingstukken kunnen onder het arme bevolkingsdeel verdeeld worden.

Ik verzoek u het ter zake vereiste te verrichten en te doen verrichten…

…en mij in het Duits ingevulde lijsten in triplo spoedig te doen toekomen.

[getik van typemachine]

[Zoni] Uiteindelijk zijn we toch ook door de Duitsers opgepakt.

Ingesloten op het politiebureau.

Eén politieagent was een prima vent.

Daarvan kregen we wat te eten en te drinken.

Maar direct daarna werden we naar het station van Assen afgevoerd.

Wat was er gebeurd: alle Sinti en Roma die in Westerbork geïnterneerd waren…

…gingen met zoals dat heette het Zigeunertransport.

Die werden in wagons geladen, op weg naar Auschwitz.

Maar ons konden ze zo snel niet meer in Westerbork krijgen.

En ze dachten: als we ze naar het station in Assen brengen…

…dan kan de trein daar stoppen en kunnen ze alsnog mee naar Auschwitz.

[Hannes] En toen zaten m'n oma, m'n tante en de kinderen…

…in de trein naar Auschwitz toe. En toen ik m'n oma zag met dat kale hoofd…

En m'n tante, die had zulk mooi haar. Dat kun je niet geloven.

Dat kun je niet geloven. Toen was ik echt bang.

Maar ik liet 't niet merken. Helemaal niet tegen m'n moeder, broertjes en zusjes.

Ik zei: 'Hou je mond. Dat moet zo, er is niks aan te doen.' Heel streng was ik.

En toen waren we weg en was ik zo moe. Ik kan 't je niet vertellen, van de angst.

Daar stonden we op het station in Assen.

Allemaal politie en militairen eromheen. Het hele station afgezet.

En die man die ons brood gegeven had, die goede agent, bleek later…

…die was daar ook bij. En daar kwam de trein aan.

Die stopte en ik zag meteen waar m'n vader en moeder zaten.

Er was nog één goede politieagent. Die kwam zelf uit Vorden.

Die zegt: 'De trein is vol, ze gaan mee terug. Klaar.'

En die zei tegen mij: 'Als je dadelijk thuis bent, maak dat je wegkomt.'

En zo zijn wij gevlucht.

Die agent bleek later bij de ondergrondse of zoiets te horen.

Die zei: 'Als ik m'n pet afneem, is dat een teken voor jullie…

…en dan moeten jullie hollen, weg.'

Aan de andere kant van het station stond een trein.

Die zou vertrekken. Ja, dat wist ik niet, als kind.

Ik had alleen maar oog voor m'n vader die uit de wagon schreeuwde:

'Moesla, zorg goed voor m'n jongen.'

En dat is eigenlijk het laatste wat ik van m'n vader gezien heb.

Want toen we gingen hollen, zette de trein naar Auschwitz zich weer in beweging…

…en gingen ze weg.

[langzame vioolmuziek]

[langzame vioolmuziek]

[Lily] Ik weet niet of ik dit zal vertellen.

Tot nu toe heb ik het nog nergens mee verteld.

We werden… Dus allemaal jonge meisjes, vanaf 14, 15 jaar.

Er waren ook een paar oudere vrouwen bij.

We moesten naar het andere kamp toe, naar Auschwitz toe.

En we werden in een kamer opgesloten 'om te baden', een sauna.

Maar je wist nooit, de sauna, was dat water of was dat gas?

Wij waren in die kamer en er werd gezegd: we werden gecontroleerd op ziektes.

Of we geen ziektes daar naar binnen zouden brengen.

En allemaal uitkleden. En daar stonden allemaal mannen.

Funktionshäftlinge, die een hoge post hadden, die daarbij wilden zijn…

…SS'ers, gewone soldaten, personeel. Een hele hoop… Allemaal mannen.

Ze stonden in twee rijden en daar moest je door. Kleed je dan maar eens uit.

Niet één wilde zich uitkleden.

En toen zeiden we: 'Ja, ik kleed me niet… Nee, hoor.'

'Helemaal uitkleden!' Nou, eerst wát uitgekleed.

Nee, dat was niet genoeg, je moest naakt zijn.

Maar op een gegeven moment werd ik zo kwaad.

Ik zeg: Moeten wij ons schamen om daardoor te lopen?

Ik zei: Ik ga als eerste. Uitkleden, die hele spullen eraf. Alles van ons af.

Toen kwamen er meer. En er werd voor de tijd nog geschoten.

Moeten we ons dood laten schieten? Willen ze wat zien? Dan laten we ze het zien.

Dus alles uit en we zijn er eigenlijk stoer door gegaan.

Ze zeggen trots.

Ogen op oneindig en lopen maar, de ene na de andere.

En daar werd je dan medisch onderzocht, van boven en van onderen.

Hup, grijpen, dingen. We waren allemaal jonge meiden.

Dat vond ik eigenlijk het ergste.

Nog erger dan de slagen en honger en luizen en kou.

Dit was eigenlijk het ergste van alles.

[Tjawo] Het was de Kerstdag 's avonds en ik zeg: Wanneer gaan we nou weg?

Ik zeg: M'n moeder verheugt zich erop.

Toen zaten ze allemaal te lachen, die oude Duitsers dan.

Toen zegt hij: 'Je gaat weg als wij ook weggaan. Dat geldt voor jullie allemaal.

En geen navragen meer.' Je moest je mond houden…

…anders moest je buiten blijven staan, ook op wacht.

Er waren kinderen bij, die zaten buiten te huilen. Die snikten het uit.

Daar durfde ik niet naar te kijken, anders begon ik ook.

Tegen de Russen en de Polen hebben we gevochten.

Maar ja, wat noemen wij 'gevochten'?

Alleen de oude Duitsers spoorden ons aan. 'Ja, vuur, vuur, vuur.'

Dan moesten we vuren en schieten en zo.

[Bob] Heb je nog toen je op school werd opgepakt je ouders gedag kunnen zeggen?

Nee, nee, nee.

Dat was erin in een kist en weg.

En ze daarna nooit meer teruggezien? -Nee.

[muziek]

[Zoni] We zijn vandaag bij elkaar om te herdenken dat hier vanuit Westerbork…

…het zogenaamde Zigeunertransport naar Auschwitz vertrok.

Drie dagen eerder, op 16 mei, werd in één grote razzia…

…iedereen in Nederland die zoals de Duitsers het omschreven…

…'de kenmerken van een zigeuner had' opgepakt en naar Westerbork afgevoerd.

Deze razzia, dames en heren, werd in opdracht van de Duitsers…

…heel zorgvuldig gepland en uitgevoerd door de Nederlandse politie.

Daar is geen Duitser aan te pas gekomen.

Uiteindelijk bleef er een groep van 245 Sinti en Roma hier in Westerbork…

…waaronder mijn vader, moeder, zusjes, broertje.

Na slechts drie dagen hier in Westerbork zijn ze op transport naar Auschwitz gezet.

Van de 245 gedeporteerden hebben er slechts 30 de kampen overleefd.

64 en 65 jaar oud zouden mijn zusjes nu geweest zijn vandaag.

En m'n broertje 62 jaar.

Ze waren nog kinderen toen ze in Auschwitz werden vergast.

M'n vader en moeder zouden oud zijn nu.

M'n moeders zwarte haar nu grijs.

M'n vader niet meer groot en sterk, maar breekbaar.

Ik probeer me voor te stellen hoe het zou zijn geweest als ze er nog waren.

Ik stel me voor hoe het zou zijn als ik door m'n moeder was geknuffeld.

Hoe het zou zijn om met m'n vader te gaan vissen.

Om met m'n broertje te stoeien.

Hoe het zou zijn als ik hun lach nog kon horen en hun tranen kon zien.

We hadden nog zoveel kunnen doen met elkaar.

Samen lachen, plezier maken, eten, drinken…

…als ze niet waren vermoord.

[locomotief stampt]

[langzame vioolmuziek]

[Rinus] Een beetje laf is het geweest om daar niet naartoe te gaan.

En nu is dan toch de tijd gekomen.

Je moet toch een keer op de plaats zijn waar het einde van je familie gebleven is.

Ja, dan… Het is net of je iets bezoekt.

Hun graf kun je niet bezoeken. Dat draag je dus mee in je body.

Maar uiteindelijk neem ik dat als graf aan, laat ik het maar zo zeggen.

[Bluma] Ik was zeven, acht toen m'n vader me steeds weer die verhalen vertelde…

…uit Auschwitz, Birkenau, Dachau en noem ze allemaal maar op.

Stukje bij beetje beleefde ik die hele oorlog met hem overnieuw mee.

M'n vader verlangde de rest van z'n leven naar z'n mama.

Die hij daar kwijt was, en z'n broers en z'n zusjes.

Het kleinste kindje was twee dagen oud toen hij vergast werd.

En nu heb ik het idee dat ik naar hun graf ga.

[Lalla] De eerste keer dat ik erheen ging dacht ik: ik ga er niet meer naartoe.

En de tweede keer had ik zoiets van:

Ik moet m'n best doen om zo veel mogelijk mensen mee te krijgen.

Om ze ook de kans te geven dit te zien.

Zodat mensen het kunnen voelen en beleven…

…wat daar gebeurd is geweest met onze mensen.

En dat je daardoor ook bewuster in je leven staat vandaag de dag.

Van m'n moeders kant waren het 32, 34 mensen.

Van m'n vaders kant 24 mensen.

En daar zijn wij mee opgegroeid.

[Bob] Zie je er erg tegen op? -Ja. Tegen de confrontatie zie ik op.

Ja.

ARBEID MAAKT VRIJ

[man in het Duits] Doorlopen, doorlopen.

[fluitje] [man] Doorlopen.

[bezoeker] De eerste keer kon ik er niet door.

Want er staat op Arbeit macht frei.

Nee, ik kon niet door die poort. De eerste dag niet.

Alsof ik een blok aan m'n been had. En ik dacht: wij gaan er nu vrijwillig in.

En die arme mensen die erin gegaan zijn, zijn er nooit meer uit gekomen.

[schoten]

[Lily] Die meisjes werden praktisch allemaal onvruchtbaar gemaakt…

…gesteriliseerd. Daar hebben ze alles op uitgeprobeerd. Wat nu gebeurt…

…als vrouwen onvruchtbaar gemaakt worden door die eierstokken op te binden…

…dat werd daar allemaal uitgevonden. Nu is een keizersnee normaal.

Maar indertijd had je er eigenlijk nog nooit van gehoord dat dat kon.

Ik weet van een vrouw die door een SS-arts uitgezocht is.

Dat was een Sintivrouw, ze was in verwachting.

Bij ons was het een familiekamp, dus ook dat gebeurde daar.

En die vrouw was uitgezocht en zag er nog een beetje aardig uit.

En die SS-arts, bij hem op het blok kreeg ze een kamer en goede voeding.

Toen ze uitgerekend was, heeft hij dat verricht, die buik opengesneden…

…en die twee kinderen eruit gehaald.

Het was zover dat hij weg moest.

Hij heeft de twee kinderen aan de beentjes gepakt en tegen de muur geslagen…

…en die vrouw zo laten liggen.

En dat zijn niet zulke leuke dingen om te vertellen.

Dat er bij ons een taboe op zit, is maar goed ook.

BLIKKEN VOOR ZYKLON B, GEBRUIKT BIJ DE GASKAMERMOORDEN

[gids] Dit zijn dus de blikken waarin het Zyklon B-gas…

Dat gas, we hebben het altijd over gas, dat bestond uit korreltjes.

Boven de gaskamer waren dus kleine schoorsteentjes met een houten dekseltje.

Men tilde de deksel eraf, trok het blik open en gooide de korrels naar binnen.

En met die korrels binnen was het niet meer te keren.

Dan gingen de deksels er weer op en dan ontstond er gas.

Dat duurde een kwartier, twintig minuten en dan was iedereen dus dood.

Het was eigenlijk een ontsmettingsmiddel, voor ongedierte.

[rustige vioolmuziek]

[gebulder]

[gebulder]

[gebulder]

Toen ik in de zaal kwam en dat ik de schoentjes van de kinderen zag…

…en de koffertjes van m'n familie en ik zag de naam Weiss staan…

…en ik zag nog een paar namen staan die in m'n geheugen zitten…

Toen dacht ik: die arme mensen zijn hier…

Met de wetenschap dat ik die andere dingen al gezien heb en wat geknakt was.

Maar dat ik helemaal doorklapte, was dat. Dat vond ik 't verschrikkelijkste, zo erg.

Je wordt er zo mee geconfronteerd, dat je de bossen haar ziet liggen.

M'n tantes hadden zulke lange haren. Zulke dikke vlechten…

…en vervolgens zie ik dat liggen. Dat vind ik verschrikkelijk.

Je moet van staal zijn als je… Je kunt je daar niet tegen wapenen.

[Bob] En waarom heeft het zo lang geduurd dat je hiernaartoe ging?

Omdat ik daar altijd bang van geweest ben. Heel bang voor de confrontatie.

Vergeet niet, ik heb als kind die oorlog meegemaakt. Ik heb alles gezien.

En dat komt als een film op je af nu. Je ziet die gasten en die pakken.

En dan weten dat de mensen allemaal vermoord zijn. Ze zijn allemaal vermoord.

[Tjawo] Een dier had het beter dan een mens in die tijd. Echt.

Je moest in die vrachtwagen kruipen, die kindertjes moesten we pakken.

Ze gooiden ze er gewoon in, die kinderen. Erin, hup. Lachende.

Toen zei die Duitser: 'Wat daar loopt…' Ze hadden die gele pakken aan.

'Dat zijn verbranders.' Waar ze de mensen verbranden, weet je wel.

Ja, ik heb het gezien. Het stonk buiten daarna naar de rook van de mensen.

Echt. Toen zei die ene Duitser: [Duits] 'Doe maar zo.'

Zo. Ik zeg: [Duits] Ja, het ruikt hier niet goed.

'Verbrand, hè?' Ik zeg ja.

Toen wees hij, daarginds zo'n pijp en daar zag je allemaal rook uit komen.

Hij zegt: 'Allemaal mensenverbranding.'

[Bob] En jij was er als soldaat. -En ik wou hem niet geloven, die soldaat.

Die rook was dag en nacht zo dik, een zwarte walm was er over ons kamp heen.

Ik zal u vertellen, ik kan nu nog geen barbecue ruiken…

…of ik word eraan herinnerd.

Zover is dat eigenlijk in je ingebrand.

Met vrachtwagens gingen ze de mensen ophalen.

Veel Duitsers deden je in een vrachtwagen. Dit was helemaal dicht.

Er zat geen raam, niks in. En die stopten ze vol met mensen.

Een pijp deden ze aan de knalpijp. Dat was ook in de vrachtwagen.

Daar reden ze even mee en dan waren ze allemaal dood.

[gepraat]

[rustige muziek]

[treurige vioolmuziek]

[Bluma] Het derde jaar zijn we nu bij elkaar om samen te herdenken.

Samen te herdenken de bijna één miljoen Roma en Sinti…

…die in de Tweede Wereldoorlog hun leven hebben verloren.

Ik ben jullie school dankbaar dat jullie dat al zo vaak zonder ons gedaan hebben…

…en ons ten slotte hebben uitgenodigd om dit samen met jullie te mogen doen.

Ik wil Paula vragen om het Romavolkslied 'Djelem' te zingen…

…en dat we dan ondertussen de krans kunnen leggen.

[rustige muziek en zang]

[zang]

[zang]

[muziek versnelt]

[zang]

[zang]

[zang]

[samenzang]

[leerling] In een hoekje, in een hoekje gedrukt.

Sommige mensen, rassen, geloven worden weg, weggedrukt.

In een hoekje, eenzaam en alleen.

Willen trekken door landen, mogen niet binnen, moeten weg.

Weg, forever en altijd.

Moeten vast in huizen wonen, willen weg, maar mogen niet.

Willen aandacht, medeleven en begrip.

In een hoekje van een stad, zonder aandacht, weggedrukt.

Van buiten gelukkige mensen, van binnen een en al verdriet en onbegrepen.

Zigeuners.

Vind je het belangrijk om hier nu te zijn? -Tuurlijk. Hier is m'n familie, hè?

Als dit hier nooit was geweest, had ik nu een grote familie.

Had ik een oma, tantes, ooms, noem maar op.

Dit hier heeft alles ontnomen wat bij mij hoort, wat bij m'n volk hoort.

Ik dacht dat het de tweede keer hier makkelijker zou zijn, maar dat is niet zo.

Ik denk dat het nooit makkelijk kan zijn of dat het went of wat dan ook.

Ik vind dit ook heel eng. Omdat ik weet wat hier is gebeurd met m'n familie.

M'n tante was een klein kind. Er werd blauwe vloeistof in haar ogen gespoten.

En al dat soort dingen, verhalen die ik hierover gehoord heb. Nee.

[Bob] Waarom deden ze dat?

Om haar donkerbruine ogen proberen blauw te krijgen.

Bij die jonge tweeling wilden ze zien of ze van binnen ook identiek zijn.

Tante Foeksa moest toekijken. Twee verplegers hebben haar vastgehouden.

Zij dacht dat hier werd gekeken of de tweeling goed was, twee kleine meisjes.

Toen hebben ze haar vastgehouden en de kindjes opengesneden.

En de rest van haar kinderen ook. Nog vijf stuks die hier ook zijn gebleven.

Jouw vader, sprak hij er vaak over? -Steeds weer.

Elke keer riep hij me en begon hij over z'n mama.

Hij vertelde hoe erg ik op haar leek en dan kwam er weer een verhaal.

Steeds weer, vanaf m'n achtste tot m'n achttiende.

Ik ken dit alles. Het is net of ik hier zelf met hem heb gelopen.

Blok 14, daar zat hij in. Daar waren de lijken opgestapeld.

Hij heeft een hele nacht lijken omgedraaid om te kijken of z'n mama ertussen zit.

Z'n ziel heeft hij hier gelaten. Die is hier al overleden.

Ik krijg steeds meer het gevoel dat er ook van mij elke keer iets hier blijft.

Hoe moet ik dat zien? -Zo hoe ik het zeg.

Er is iets hier gebleven toen ik de eerste keer hier was, wat me laat terugkomen.

M'n vaders trauma heb ik overgenomen, door z'n verhalen, z'n pijn, het verdriet.

Ik probeerde hem te troosten terwijl ik zelf nog een kind was.

Daarom schreef ik de verhalen ook op en verbrandde ze daarna.

Of ik begroef ze in het zand, demonstratief weg.

Maar aan wie had hij het anders moeten vertellen?

Ik was soms boos op hem, want ik wou dat allemaal niet.

Maar ik begreep dat er niemand anders was aan wie hij het kon vertellen.

Ik was op dat moment z'n moeder, dochter, alles tegelijkertijd.

Hij moest het kwijt en ik was degene die daarvoor daar was.

Ik ben soms bang dat ik m'n kinderen hetzelfde aandoe door erover te beginnen.

Maar als je het niet vertelt, wie doet het dan? Wordt het dan niet vergeten?

Het mág niet vergeten worden.

De vijver waar de as van Amani en haar kinderen in ligt.

M'n opa moest er een hele nacht in staan. Het was ijskoud, midden in de winter.

Omdat m'n vader hem stiekem wat eten had gegeven…

…zijn de SS'ers achter m'n opa aan gegaan met honden.

Hij vluchtte de vijver in en stond er de hele nacht met een geweer op hem gericht.

En daarna werd hij heel erg ziek.

Dat zijn die verhalen die je je het meest herinnert.

[zacht vogelgefluit]

[gepraat]

[accordeonmuziek]

[accordeon en trom]

[accordeon]

Ik heb weleens dromen gehad van vliegtuigen en vuur.

Het is verschrikkelijk, wat je daar zag.

Met die bommen, er waren helemaal geen huizen meer.

Er was totaal niks meer. Alles was platgegooid door de nazi's.

En door die huizen, door de straten moest je heen.

Je moest jezelf wegstoppen zodat de nazi's je niet zagen.

[Rinus] Je kwam dode Duitsers tegen op straat en dode mensen tegen op straat.

Natuurlijk was je bang. Als kind ben je zo naïef als ik weet niet wat.

Ik zat ook weleens te spelen met die mensen.

Ik zat met dode Duitsers te spelen en aan hun insignes te trekken.

Ze schoten de meeste mensen dood op straat.

Ze werden opgehangen op iedere hoek.

Of ophangen aan een boom.

Of in de stad, waar er bomen waren, werden ze opgehangen.

[Rinus] We hoorden de hele dag vliegtuigen.

Maar zo gauw als we hoorden dat het heel laag ging…

…dan kropen we allemaal in elkaar. Of we doken onder een tafel.

Dan dacht je dat dat veilig was. Of bij een schoorsteen…

…of je ging dicht bij de muur staan. Omdat je bang was dat het dak op je instortte.

Dat gebeurde vijf, zes keer per dag en dan gebeurde er niks.

Maar op dat moment gebeurde het wel, ook weer laag, en toen: bam.

Toen kwamen die bommen naar binnen.

En daar lag Rinus Vos knock-out.

Tussen de glasscherven, tussen het puin, hebben ze me eruit getrokken.

En alle mensen schreeuwden en gilden en alles liep buiten.

Ik liep met vreemde mensen aan de hand. Ik riep maar: 'Ik zweet, ik zweet.

Ik zweet, het is zo warm.' Maar het was geen zweet, het was bloed.

Totdat iemand het voelde, die voelde een groot gat in m'n hoofd.

Toen kwamen we in een particulier huis, heb ik dan begrepen.

Daar zat ik, en wat mensen eromheen. Ik werd op de tafel gezet en geholpen.

Toen had ik gelijk m'n moeder terug, en ik dus blij.

Ik was de oudste zoon in het huishouden. Ik moest dus zorgen voor eten…

…want m'n moeder kon de straat niet op. In '43 werd dat te gevaarlijk.

Dus ik moest voor het eten zorgen.

En ik ontwikkelde me daar zo goed in. Ik kon buitengewoon goed stelen en roven.

De honger maakt je zo vindingrijk. Ik was echt… Ik was heel goed.

Ik stal dus kolen en eten.

Er is in de oorlog drie of vier keer gericht op me geschoten, door de Duitsers.

Maar als kind van 13 denk je: mij kan niks overkomen.

Dat is geen moed, maar dat denk je gewoon.

Ik stond op het viaduct van de Vaillantlaan in Den Haag.

En ik had een zak kolen gejat en dat was dan 'sabotage'.

En ik zag dat die Duitser op me schoot. Gericht.

En ik gooide m'n zak kolen van de viaduct af en sprong naar beneden.

En toen was m'n enkel gebroken.

Toen zag die Duitser me met die zak kolen strompelen en liet hij me gaan.

We hadden geen persoonsbewijs, we hadden geen stamkaart.

Je weet misschien niet wat een stamkaart is. Zo'n bruin ding was dat.

Met stempels erop, je brood- en je koffiebonnen, en voor je sigaretten.

Allemaal bonnen kreeg je daarop. Daarmee kreeg je drie ons brood per dag.

Maar wij kregen dat niet, dus we hadden ook geen drie ons brood.

We hadden ook geen soepkaart. We hadden van alles niks.

[Rinus] Vluchten van boer naar boer met een kinderwagen met vier kinderen.

Ik zat erin, ik was de jongste.

Ik zat in de kinderwagen, m'n drie zussen liepen ernaast en m'n moeder erachter.

En we trokken van boer naar boer.

In een boerenschuur. Voor de beesten werd er 's winters hooi in opgeslagen.

Dat stond midden in het land en daar was een gat in gegraven en daar zaten we in.

Met een deksel van hout op dat gat.

Daar zat hooi overheen en stro en we zaten er met z'n allen in.

Op de dag.

Ik bracht van alles thuis. Ik sloop zo'n winkel in…

…en ik jatte een paar broden en die bracht ik naar huis.

Dat deed ik altijd. Na de oorlog kostte het me moeite om dat af te leren.

Ja, toen moest ik dat afleren.

Overdag, als ik de kans kreeg, ging ik kijken: die heeft veel kippen lopen.

Daar haal ik er vanavond twee van weg. En bij die ook twee en bij die één.

Soms trok ik de kop eraf en liet ik veren liggen, alsof er een vos aan gezeten had.

Zodat het niet in de gaten liep.

[Rinus] M'n moeder ging eropuit en wij blijven erin zitten.

Wij lagen in het stro en zongen: Onze Lieve Heertje, geef mooi weertje.

Geef een mooie dag, dat het zonnetje weer schijnen mag.

Dat waren we aan het… Schudden met ons hoofd, en dan zo blij.

En dan hopen dat mama maar vlug terugkomt.

En als m'n moeder terugkwam, dan had ze meestal wat te eten georganiseerd.

Als je het heel ordinair zegt, heette dat stelen.

Maar in de tijd van de oorlog werd dat 'organiseren'.

We woonden in het poortje en mama ging 's morgens weg met het pannetje…

…en 's middags kwam ze terug en dan was het leeg. Dan huilde ze.

En ik had nog een broer en een zuster en nog een broer.

Die lagen achter in bed, mama had niet te eten.

Mama zei later tegen me, die anderen waren al weg:

'Ga maar weg, want ik kan je niet in leven houden.

Ga maar weg. Ga de boer maar op.'

Toen was ik… Ik was tien jaar geloof ik.

Dus toen ben ik de zwerf op gegaan. Van dorp naar dorp.

En proberen dat je te bikken kreeg.

We hebben drie dagen in de sloot gezeten, met water.

We konden er niet uit. Want de vliegtuigen bleven maar schieten en vliegen.

En die Duitsers reden maar op en neer.

Maar bij de weg was een grote plas.

En als die vliegtuigen terugkwamen, vluchtten we in het riet.

Waren ze teruggegaan, dan gingen we terug in de sloot.

En zo is dat drie dagen aan één stuk gegaan. Zonder eten of drinken, niks.

[Lily] Je hele denkvermogen, alles is gericht op eten. Al die mensen…

…hebben urenlang zitten vertellen over eten.

Wat ze gekookt hebben toen ze thuis waren, wat ze gegeten hebben.

Hoe ze het gedaan hebben. De mooiste recepten kwamen voor de dag.

En niemand had wat.

En de hele dag zit er alleen eten in je kop.

Na twee, drie dagen had je ook geen honger meer.

Want dan kon je niet meer eten.

Van de angst en de ellende en zulke dingen kon je niet meer eten.

Er was geen eten, maar zouden ze je eten geven, dan had je toch niet kunnen eten.

Zo'n verschrikking was dat.

Wij kwamen weleens voorbij waar die SS'ers…

…appels schilden en aardappels. Dat was allemaal voor de Duitse varkens.

Er was een jongen van 14 jaar die ook telkens daar voorbij kwam.

Hij zat nog dicht in m'n familie ook.

Die jongen kwam daar en ze hadden uit de keuken…

…aardappelschillen erin gegooid. Zo'n trog in zo'n ding.

Hij is in die trog gedoken en heeft die aardappelschillen…

…en wat hij daar vond opgegeten. Die is daar doodgeslagen bij die trog.

[in het Duits] Hij had het eten van de Duitse varkens opgegeten.

[Tommeli] De Duitsers zaten in die bossen en sommige Duitsers zaten in de bomen.

Gewoon in de bomen. Op mensen die langskwamen schoten ze.

Vluchten was er niet meer bij. Dat ging niet meer.

Ik weet dat we eens een keer een oude SS'er…

Hoe moet ik dat zeggen? Die viel wel op die jonge meiden.

Dat we met z'n drieën daarnaartoe zijn gegaan…

'Eten geven kon hij niet, daar was hij niet verantwoordelijk voor.'

Met z'n drieën hebben we hem eigenlijk zo…

…gek gemaakt, overal gegrepen, op z'n kop gezeten…

…dat er twee van ons het magazijn in konden gaan.

En met een paar worsten en broden onder de armen zijn ze eruit gegaan.

En daarna waren wij ook weg. Hij was blij dat dat jonge volk weg was.

Hij kon tegen de andere SS'ers niet zeggen dat ze hem te pakken hadden genomen.

Dat heb ik natuurlijk ook niet… Ook dat is een beetje een taboeding.

Dat je tot zulke praktijken over moest gaan…

…om aan eten voor je moeder en de kinderen te komen.

['Djelem, Djelem' wordt gespeeld]

[zang]

En we moesten die trein in mee en ik zag m'n vader.

En het eerste wat ik zag, was een blauw jasje en dat was van m'n zusje.

Dus ik wist precies in welke wagon ze zaten.

En toen zag ik m'n vader en die schreeuwde nog uit de wagon tegen m'n tante…

…dat ze goed op mij moest passen.

Kun je je voorstellen als jij thuiskomt en je vader en moeder zijn er niet meer…

…en je zusjes en broertjes niet meer. Kunnen jullie je dat voorstellen?

Want dan is er helemaal niks meer.

En iemand die ik goed ken die hier nu niet bij is, was erbij toen m'n vader overleed.

Want gezonde, sterke mannen werden in Auschwitz gepakt en moesten werken.

De Duitsers noemden dat Vernichtung durch Arbeit.

Doodgaan omdat ze je je dood lieten werken en je geen eten en drinken kreeg.

Dat is dus met m'n vader gebeurd. Maar van m'n moeder, zusjes en broertjes…

…weten we niet zeker wanneer ze vermoord zijn.

Bijna zeker in de nacht van 1 op 2 augustus.

Toen is namelijk iedereen die in het Zigeunerlager in Auschwitz was…

…in één nacht vergast.

En één van jullie vroeg aan mij: 'Nu is je hele familie weg.

Had je niet liever zelf ook dood willen zijn?'

En toen heb ik gezegd: Ja.

Nu niet meer.

Want ik heb kinderen, natuurlijk. Niet 'natuurlijk', maar ik heb kinderen.

En ik heb kleinkinderen die bijna zo groot als jullie zijn. Nu natuurlijk niet.

Maar toen: ja.

Binnen onze gemeenschap wordt er eigenlijk nooit…

…met buitenstaanders over dit soort zaken gesproken. Dat doe je gewoon niet.

Bijna niemand wist dat er met ons volk exact hetzelfde gebeurd was…

…als met het Joodse volk.

Dat was ook een beetje onze eigen schuld, want wij spraken daar niet over.

Na de oorlog kwamen mensen terug uit kampen of uit de onderduik…

…en die opvang is helemaal binnen de eigen gemeenschap gebeurd.

Geen psychologen, psychiaters, et cetera, die dat begeleid hebben.

Binnen de eigen gemeenschap. Met de Nederlandse overheid duurde het heel lang.

Het heeft 55 jaar moeten duren, 55 jaar, dames en heren…

…voordat officieel een erkenning kwam van wat er gebeurd was.

[muziek]

In 1998 ben ik ermee begonnen.

Ik had het idee om een requiem te maken…

…ter gedachtenis van de slachtoffers van Auschwitz. Kijk, hier.

Het heet dan ook 'Het Auschwitz-Requiem'.

Goed, daar ben ik '98 mee begonnen…

…en ik had het idee om dat in het jaar 2000 klaar te hebben.

En dat het bij de dodenherdenking in Auschwitz zelf…

…dat het daar dan zou kunnen… uitgevoerd worden.

In het begin ging dat heel vlot.

Een requiem heeft bepaalde delen. Ik heb geen klassieke opleiding gehad.

Dus ik heb het voorbeeld genomen van het requiem van Giuseppe Verdi.

[rustige orgeltonen]

Die eerste zes delen zijn vlot uit m'n mouw gekomen, moet ik zeggen.

Daar had ik binnen drie weken…

…bijna drie kwartier muziek bijeen geschreven.

Maar toen opeens was ik leeg.

Ik dacht: wat kan ik daaraan doen?

En ik moest een keer in Polen optreden in het plaatsje, in het dorp Auschwitz.

Dus ik dacht: ik ga meteen een kijkje nemen op het kamp daar.

Toen was het helemaal voorbij met de inspiratie.

Ik dacht dat daar ergens weer een open geest zou komen…

…maar precies het tegendeel gebeurde er.

Want ik had echt een dik half jaar nodig…

…om dat geziene te verwerken, psychisch.

En sindsdien is dat ding gewoon stop.

Maar ik vind: ergens moet het toch een keer afkomen.

Dus ik heb me daar maar weer eens aan gezet.

In de hoop dat er weer iets komt van bovenaf.

[rustige gitaarmuziek]

[Tinus] Nou had ik een bepaalde tactiek om een boer gunstig te stemmen.

Toentertijd was Nederland natuurlijk nog kerks.

Als ik een boer om eten vroeg en hij liet me binnen, dan keek ik met arendsdogen:

Was hij katholiek of protestant? Als aan het kruisbeeld geen corpus hangt…

…dan is het meestal een protestant. En als hij katholiek was…

…bad ik uitgebreid als katholiek. Je moest met alle winden meedraaien.

En was hij protestant, dan bad ik uitgebreid als protestant.

En dan had je gelijk de hele sympathie van al die mensen.

Dan kreeg je weleens extra eten mee.

[Sani] Ik kwam bij een boerderij, maar die had ook een melkwinkel…

…dat kan ik me herinneren.

Ik vroeg of ik er alstublieft kon slapen. Nee, zegt hij, daar begin ik niet aan.

Ik zeg: Meneer, laat me maar in die schuur staan. Als ik maar onder dak ben.

'Daar begin ik niet aan.'

Ik hield vol en z'n vrouw kwam naar voren toe. Ik dacht: nu zit ik goed.

Ik speelde het. 'Ach man, laat hem voor een nachtje.' Dus die man moest toegeven.

Ik schoot m'n eigen vrienden dood. Er was een razzia op de hoek.

Er kwam een vrouw aan met kinderwagen. Ik moest kijken voor eten.

Ik tilde die beentjes op van dat kind en ik keek onder die klep.

Een paar aardappeltjes, een stukje brood.

Ik liet die klep los en doe zo: [Duits] Laat ze maar gaan.

Hij laat ze gaan, keek zo.

[Duits] 'Laten gaan? Kijk eens wat erin ligt.' Ik zeg: Wat ligt erin dan?

[Duits] 'Eten.' Ik zeg: Verdomme, dan heb ik niet opgelet.

En hij kiept die kinderwagen voorover, dat kind met z'n gezicht de harde sneeuw in.

'Kijk eens wat daar ligt.' Ik zeg: Ja.

Ik denk: jij bent voor de bikkels. En hij is voor de bikkels gegaan, dezelfde avond.

Toen schoot ik 'm zo achter in z'n nek, met de nachtpatrouille.

Ik had ook nog een probleem, ik liep te zwerven in Drenthe.

En het was november en dan is het om half vier donker.

Dus moest ik om twee uur al uitkijken naar een hooiberg.

Want er was helemaal geen licht. Als het donker was, was het echt donker.

Dus al om twee uur keek ik naar een hooiberg en hield ik me in die buurt op.

En om half vier ging ik heerlijk in die hooiberg liggen. Tot 's morgens.

En 's morgens stond ik op en deed ik m'n haar goed en was ik weer bereid.

Die man slachtte clandestien. Weet je niet wat dat is?

Je mocht niet zomaar slachten, dat ging altijd via de Duitsers.

Dus hij kwam met zulke teilen met vlees. Dat was een paradijs voor mij.

Die man had koeien en dan moest ik de bieten snijden. Dat was zwaar werk.

Maar daar had ik geen problemen mee. Als ik maar mocht blijven.

Nou, jongen. En als je nagaat… Je had een vitaminetekort, dat verdween.

Allerlei andere problemen verdwenen ook na verloop van twee of drie weken.

's Morgens als je je kop uit de sneeuw trok, moest je uitkijken.

Dat zei die oude Wehrmacht tegen ons.

Later hebben ze hemzelf doodgeschoten in dat Poolse plaatsje.

Daar moesten we ook overnachten. We lagen in zo'n afgebrokkeld huis.

Zo tegen de muur aan. En 's morgens stonden we op.

Staat hij op, zegt hij: 'Hé, worden jullie wakker. We moeten nu gaan.'

Hij pakte z'n ding, wij pakken het ook zo.

En pang, krijgt hij een schot hiervoor door z'n borstkas heen.

Er waren een paar Russen. Die schoot ik op staande voet dood.

Omdat ze die oude soldaat neergeschoten hebben.

En daar was ik gek mee, met die soldaat. Hij wou me redden met m'n voeten.

Ik voelde m'n voeten niet meer, kon niet meer lopen: wat heb ik toch?

Hij deed die laars uit en kousen. Ach, m'n jongen, zegt hij.

'Je hebt bevroren voeten. Je voeten zijn half ingevroren.'

Hij deed die helm af en deed water erin. Of een beetje sneeuw erin.

Dat heeft hij warm gemaakt en daar moest ik m'n voeten in doen.

En de kousen gelijk aantrekken en weer in de laarzen. Laat zitten zo, zegt hij.

M'n tante en m'n oom, Bernadeus heette hij, en tante Ketje…

…waren samen getrouwd. En die zaten in de bioscoop.

Toen kwamen de Duitsers en die hebben die bioscoop afgezet.

En ik had zo'n speld gevonden en had die opgedaan en ik zeg Heil Hitler.

Ik ging naar binnen en zeg: Alles absperren.

En ik ging naar m'n tante en een paar jongens van De Gier…

en nog enkele anderen haalde ik uit die bioscoop.

Ik zeg: Aantreden. 'Jij ook bij de partij?' En ik gaf hem een oorvijg.

Ik zei in het Duits: Als ik wat zeg, moet je je mond houden.

En die Duitsers keken zo. Ik zeg: Abmarsch.

En we kwamen eruit en voordat de overvalwagen kwam waren we net eruit.

Ik zeg 'maak dat jullie wegkomen' tegen die tante en oom van me.

Het was een neef van m'n moeder, maar oude mensen noemden we oom en tante.

Ik zeg: Ga daar maar staan vrijen. Doe net of er niks aan de hand is.

En ze deden dat en we kwamen allemaal goed weg.

[Bob] Hoe oud was je toen? -Een jaar of 13, 14.

[Sani] Achter wordt er geklopt. Het was middag, we zitten aan tafel.

Het kan twee, drie weken geweest zijn.

Die vrouw, die moeder, loopt weg en kwam naar de keuken: 'Er is iemand voor je.'

Ik sta op en loop het gangetje in en ik kijk…

En ik zeg: Nee mama, je komt me toch niet halen? Laat me hier blijven.

M'n moeder was er door de politie of zo achter gekomen waar ik was.

Die was met de kinderwagen en de twee kleinsten misschien ook op etenstocht.

Dus die kwam me halen en toen moest ik daar weg. Ik kon wel huilen.

Je had in de oorlog doorgangshuizen. Daar sliepen je voorgangers, je sliep in stro.

En daar sliep ik ook en ik rij weer door…

…en ik zie daar een soort Russisch huishouden aankomen.

Een handkarretje met een zeiltje eroverheen en kinderen met kale koppen.

Langs dat Russische huishouden moest ik maar eens met een grote boog heen gaan.

En ik keek goed en het waren m'n vader, moeder, broertjes en zusjes.

Die kwam ik daar dus tegen.

Dat was normaal, want iedereen was op trektocht.

Woonwagenbewoners en Sinti waren op trektocht, er moest gegeten worden.

En toen heb ik me weer bij ze gevoegd.

[Bob] Heb je weleens gedacht: Nu gaat het fout?

Niet één keer, maar wel tien keer. Maar wel tien keer.

Maar ik was brutaal, ik durfde alles. -Geef eens een voorbeeld.

Als iemand zei: 'Daar zitten de Duitsers en die hebben die en die opgehaald.'

Dan zei ik: Ik haal 'm eruit. En dat deed ik.

Met een gerust geweten deed ik dat. Ik was niet bang.

En een fles petroleum en een doekje erin gooiden we op een pantserwagen.

Als het maar brandde. Of er wat gebeurde, dat hadden we nou eenmaal.

Die haat zat erin en die kon je niet weg krijgen.

Heb jij in de oorlog weleens iemand willen doden?

Eerlijk gezegd, dat heb ik weleens gedaan. Maar daar wil ik liever niet over praten.

Daar heb ik nu nog altijd spijt van en last van.

In de Slicherstraat verhuurde een man handwagens.

Mama zei tegen hem: Hier en daar moet ik de aardappelen ophalen.

Mag ik die handwagen van u huren? Ja, zegt hij, dat is goed.

Maar ze wilde vluchten. Want de situatie werd zo nijpend, vooral met bikken.

En ik herinner me, wij woonden in dat poortje.

En mama zet de handwagen voor het raam.

Ik denk: jongen, ik ga weg. Wij gaan weg.

Stel je voor dat ze die handwagen stelen.

Toen heb ik aan het handvat een touwtje gedaan en dat onder het raam door gedaan.

Dat heb ik aan m'n vinger gedaan en voor het raam ben ik gaan slapen.

Ik denk: als ze 'm meenemen, dan word ik wakker.

En een van de mooiste dagen van m'n leven, dat kan ik me herinneren:

Dat mama vanuit dat poortje naar de Koningstraat ging…

…vanuit de Koningstraat richting Hoefkade…

…en zo de Rijswijkseweg op richting het paradijs.

Richting Zoetermeer, Nootdorp, waar allemaal boeren waren.

Dat zal ik nooit vergeten, het gevoel van blijdschap dat ik had…

…dat we met die handwagen Den Haag uit trokken.

[geroezemoes]

En hij was een broer van je mama? -Ja. En van Moesla.

En zij was een schoonzusje. -Ja, en zij was m'n tante.

Z, 34, studerend, kan niet schrijven.

'Zigeuner' betekent dat.

Dit verhaal is van Settela. -Maar haar oma…

Haar oma was bij ons in de oorlog. [vrouw] Ja?

We hebben eraan meegewerkt om haar ware identiteit naar boven te halen.

Want ze is heel lang doorgegaan voor een Joods meisje.

Ze hebben haar zelfs Esther genoemd. -Ik dacht dat het een Joods meisje was.

Zij keek naar een hond die vrij liep, een Duitse herdershond.

Daar keek ze naar. En ons is verteld dat haar moeder had gezegd:

Kom terug, straks slaan ze de deuren dicht en krijg je zo'n deur tegen je hoofd aan.

[orgelmuziek]

Een bassolo moet dat worden. [orgelmuziek]

Domine.

[hij zingt]

En dan het koor. ♪ Rex

♪ gloria

♪ Rex

♪ gloria

[Bob] Hoe verklaar je het dat toen je daar geweest bent de inspiratie weg was?

Als een normale sterfelijke die de oorlog niet heeft meegemaakt…

…moet je het hebben van verhalen van mensen die de oorlog meegemaakt hebben.

En die verhalen zijn al zo gruwelijk dat je het amper gelooft.

Ja, dan zie je op televisie dingen, beelden.

Zolang je ze enkel op televisie ziet, is dat altijd nog een afstand.

Maar nu ik daar zelf stond…

Het begon meteen toen ik onder die poort door liep waarop stond Arbeit macht frei.

Toen gingen al m'n nekharen rechtop staan.

Ik voelde een raar gevoel in m'n maag. Echt zo'n zware steen hier.

Toen dacht ik: daar sta je nou. Ik kan er nu doorheen en ook weer naar buiten.

Maar die mensen die toen door die poort zijn gelopen, zijn daar gebleven.

Die konden niet meer terug.

En dan begint het opeens heel dichtbij te komen en voel je het lichamelijk.

Dat het er werkelijk was. Zo onbegrijpelijk als het is.

Maar ik vind best wel dat die mensen die daar geleden hebben…

…en die daar moesten overlijden…

…dat die mensen ook best een keer muzikaal geëerd mogen worden.

[orgeltonen]

Verlos de zielen van alle gelovigen van de straten van de hel.

Ik bedoel, al die wegen in Auschwitz waren straten van de hel.

Ieder paadje afzonderlijk was een afzonderlijke hel.

Als je hier loopt, dan denk je: precies daar waar ik m'n voet neerzet…

…heeft m'n vader misschien ook z'n voeten een keer neergezet.

[orgelklanken]

Op hetzelfde moment wil ik hier blijven, me in een hoek verstoppen…

…en hetzelfde moment wil je vluchten en nooit meer hierheen komen.

[zacht gepraat]

[muziek]

[vioolmuziek]

[Lily] We waren weer op Außenkommando en we moeten weer zoveel doden meenemen.

Wij zijn teruggekomen en toen dacht ik:

Ik heb het gezien, van mij hoeft het niet meer. Ik loop op de draad.

Die elektrische draad was om het hele kamp heen.

Als je eraan kwam, voelde je het wel even. Ik heb het niet uitgeprobeerd…

…maar dan was je na vijf minuten gegarandeerd dood.

Ik zat die draad aan te staren. Ik heb er werkelijk een gesprek mee gevoerd.

Je mag het geloven of niet, maar ik heb werkelijk tegen die draad gesproken.

Als ik je aanraak, dan is alles geweest.

En het was net alsof die draad zei: 'Kind, ik sta dag en nacht tot je beschikking.

Kom maar weer als het niet meer gaat. Nu gaat het nog.

Je kunt altijd komen.'

Toen dacht ik: dat is ook zo. Morgen is er misschien nog weer wat anders.

Laat ik dan nog maar teruggaan.

Ik ben opgestaan en weer teruggelopen.

Die hele Lagerstraße, tot waar die blokken zijn.

OPGEPAST HOOGSPANNING, LEVENSGEVAAR

Uw naam worde geheiligd, Uw rijk kome.

Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel.

Geef ons heden ons dagelijks brood…

…en vergeef ons onze schuld, zoals wij anderen hun schuld vergeven…

…en leid ons niet in bekoring, maar verlos ons van het kwade. Amen.

En we willen nog een weesgegroetje bidden. -Tot Maria.

Wees gegroet, Maria, vol van genade, De Heer is met u.

Gij zijt de gezegende onder de vrouwen…

…en gezegend is Jezus, de vrucht van Uw schoot.

Heilige Maria, moeder van God, bid voor ons zondaars…

…nu en in het uur van onze dood. Amen.

Ik hoop dat we met z'n allen die nu aanwezig zijn…

…dat de mensen die overleden zijn…

Laten we erin geloven dat ze hier ook aanwezig zijn.

We gaan nu een krans leggen om ze te bewijzen dat we aanwezig zijn.

Dat ze, als de geesten hier nog een keer komen vanuit de hemel…

…nederkijken en zeggen: Kijk, dat hebben ze toch maar weer gedaan.

Ik dank u. Dan gaan we dat even leggen.

Dan gaan we dat hier in de schaduw leggen. Is dat niet verstandig?

Zo eventjes hier. [muziek]

[Lily] Toen m'n broertje stief, die lag in de Krankenbau met m'n andere broertjes.

En nou ja… Het was niks meer, hij kon niks meer.

Mijn moeder mocht er niet heen en Waltraud en ik gingen telkens naar die jongens toe.

En ja… Nou ja, het ging niet meer. Dan zei hij: 'Ja, een aardappel.'

Heb je nog een laatste wens? Hij zegt: 'Ja, een aardappel.'

Hij zegt: 'Naar boven, naar de schoorsteen, ga ik toch wel.'

Dat was de grootste angst altijd: door de schoorsteen gaan.

Hij zegt: 'Ik hoop dat ik zo nog sterf, eer ik door de schoorsteen hoef.'

'Een gekookte aardappel.' Maar kom maar eens aan een aardappel.

Eerst m'n zus weggegaan. Die kwam ook zonder aardappel terug.

Toen ben ik ook naar dat ding toe gegaan, naar de keuken toe gegaan.

Hij zegt: 'Ja, zo zijn er zoveel.' Ik zeg: Ja, dat is waar.

Maar bij een familielid is het wat anders dan als het je buurman is.

Nou, ik kreeg een aardappel. Hij 'm in z'n mond gedaan, hij kon bijna niet slikken.

Zo uitgeteerd en zo levenloos.

Smaakt het? 'Ja, ja, ja.'

Kun je proeven dat het een aardappel is? Ja, ja, knikte hij.

En hij zegt: [ze spreekt Romani]

'Nu zou ik de hemel willen zien.'

En allemaal rook. We hebben hem opgenomen en zijn achteruit gegaan.

En kijken waar misschien een stukje lucht was dat blauw was.

En op een gegeven moment zei Waltraud: 'Kijk eens die kant op.

Daar zie je een stukje blauw in de lucht.'

En hij heeft… Zie je het? 'Ja.'

En hij heeft z'n ogen dichtgedaan en lag dood in onze handen.

Maar dat is een ogenblik…

…dat je telkens weer voor ogen komt en dat telkens weer…

En dan denk je: godzijdank, hij is niet door de dinges heen…

Z'n wens is in vervulling gegaan, hij is voor die tijd nog gestorven.

Wat doen de mensen elkaar toch aan. Hier zie je de SS-waan.

Ik ben hier voor de tweede keer en alles wat ik zie, doet weer meer zeer.

Ook wij jongeren zijn verstomd. We moeten zorgen dat het nooit meer komt.

Fantastisch, kinderen.

Toen was de oorlog voorbij. Toen kwamen de mensen thuis.

Toen kwam een opoe thuis…

…een tante van mij en een oom.

Ja, en die anderen, die kwamen niet meer.

Maar die ellenlange lijsten doorlopen van overledenen.

Die kwamen na de oorlog, steeds meer gegevens kwamen er vrij…

…van mensen die vermoord waren in Auschwitz en andere kampen.

En dan maar weer doorlopen of hun namen erbij zijn, dat is verschrikkelijk.

Dat is echt verschrikkelijk.

M'n moeder ging direct na de oorlog na de bevrijding, ze was weer in Den Haag…

…elke dag naar het station. Ik zei: Mam, waarom ga je elke dag?

'Ja, als m'n familie komt, dan moet ik erbij wezen.'

's Nachts reed de politie door de straten. Die belde aan: 'Uw deur staat open.'

'Ja, die moet open blijven staan.

Want als m'n familie komt, moeten ze gelijk naar binnen kunnen.'

Direct na de oorlog kwamen we op een kamp te staan, daar stond 'n politiewacht voor.

Die stonden daar. Het was net een getto. Je kon er niet uit of je moest je melden.

Toen stonden we daar. Uiteindelijk hadden we niks.

Als ik m'n eigen opoe zag, ging ik van haar vandaan.

Ik durfde niet meer bij haar te komen. Toen was ik een jaar of vijf.

Ik durfde bij haar niet meer te komen.

Het was zo'n verschrikking wat ze verteld had.

U denkt: de oorlog was afgelopen, hoera. Maar zo was het niet.

We kregen niks terug van onze woonwagen, niks van onze paarden.

Er werd ons helemaal niets vergoed.

Van de hele familie is één nichtje teruggekomen van het concentratiekamp.

Eén nichtje.

Zij heeft máánden moeten lopen voordat ze hier in Nederland was.

Die was totaal, finaal, helemaal uitgeteerd.

Ik was dus bij m'n grootouders.

Maar die gaven me later weer mee aan een broer van m'n moeder.

Daar ben ik geloof ik tien dagen geweest en die zei: 'Dat kunnen we niet aan.'

En bij iemand anders ging het ook niet. Toen kwam ik terug bij m'n grootouders.

Eenentwintig van m'n familie zijn vermoord.

En dan zeggen ze weleens: Dat moet je vergeten.

Dat zegt de psychiater weleens tegen mij.

Want een tijd kocht ik allemaal wapens om me te verdedigen.

Ik kon daar ook niet eeuwig blijven, bij m'n grootouders.

Maar op een dag stapte daar een mevrouw binnen die ik helemaal niet kende.

Een zuster van m'n moeder. En die zei:

'Als jullie die jongen niet de baas kunnen… Geef mij hem maar eens mee.'

Ik had verschrikkelijk veel wapens. M'n familie gaf me geld om dat te kopen.

Dan kunnen we ons verdedigen als de Russen komen.

Dit maken wij nooit meer mee, dat we met de blote handen er tegenin staan.

Toen werd ik gepakt en werd alles afgepakt en toen zegt die officier:

'Meneer Weiss, ze hebben een atoombom. Wat wilt u dan doen met die wapens?'

Ik zeg: Als het moet tegen die atoombom vechten, wat moet ik dan doen?

Ons weer laten ophalen zoals het gebeurd is?

En daar kwam ik in huis.

En die vrouw had geen psychologie gestudeerd, hoor.

Maar ze had wel de juiste aanpak. M'n eerste cadeau was een grote bal.

En als ik dan ergens in een hoekje zat weg te zakken…

…dan zei ze: klets, klets. 'Hup, naar buiten, met die jongens spelen.'

Nou, dat hielp al een beetje.

En m'n tweede cadeau was een gitaar. Dat had ze meteen door.

Je hebt er dagen bij, ook weleens maanden, dat je heel moeilijk leeft.

Heel moeilijk, met veel problemen en stress en met dit.

Dan komt alles in je op. Dan zie je alles voor je.

Dan zie je alles weer verschijnen. Alles maak je weer mee.

Dan denk je: waarvoor leef ik? Van mij hoeft het niet meer.

Hoe meer ik eraan dacht, hoe meer ik zag.

En op de lange duur was het zo erg…

…dat ik nachtmerries kreeg.

En dat werd steeds erger en erger, erger en erger.

En tot nu toe heb ik het ook nog.

Weet je wel, nu ben ik 78 jaar…

…en dat ik er nog 's nachts niet van kan slapen?

Nu vertel ik u dat. Daar heb ik vannacht last van, daar heb ik moeite mee.

Hoe het komt, weet ik niet. Maar het is nu eenmaal zo.

Ik heb jarenlang dat er een Duitser op me afkwam met een bajonet.

Met een geweer en bajonet. En ik kon niet vluchten.

En steeds als hij vlak bij mij was, werd ik wakker en zat ik onder het zweet.

Ik zei meestal 'tante'. Want…

Ja. Maar later dacht ik: ze verdient gewoon…

Omdat ze het zo fantastisch gedaan had, zei ik 'mama'. En toen…

Ik heb misschien 150 bazen gehad.

Een week, 14 dagen, dan kon ik weer naar huis.

Als ze wisten dat je van een woonwagen kwam, kon je opstappen.

En alle keren kwam dat verleden weer terug.

Begrijp je? Dan dacht ik: als de Duitsers dat niet gedaan hadden…

…dan hadden zij het misschien gedaan.

Wij staan nu nog aangeschreven als 'zigeuner' en dat is een beledigend woord.

Dat is van het Duits afgenomen: Zigeuner, ziehende Gauner.

'Trekkende bandiet.' Nou, ik ben heus geen bandiet, hoor.

Ik heb 't volbracht, maar het is niet voor herhaling vatbaar. Ik doe het nooit meer.

Ik kom nooit meer in Auschwitz.

Weer een hele familie heb ik. Kleinkinderen, schoondochters en -zoons.

Dus langzaam bouwen we toch weer wat op. Zo is er toch weer een familie Petalo.

[rustige vioolmuziek]

We worden iedere dag nog gediscrimineerd, met name Oost-Europa…

…waar de situatie echt verschrikkelijk is.

In Slowakije staan tegenwoordig borden en daar staat op: 'Terug naar India.'

Die arme stakkers die daar wonen, kanslozen, willen ze terug naar India.

Omdat we ooit, 700, 800 jaar geleden, uit die contreien gekomen zijn…

…en afgezakt naar West-Europa.

In plaats van de mensen te integreren en een redelijke kans en educatie te geven.

Want ontwikkeling is de sleutel tot alles.

[rustige vioolmuziek]

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.