All language subtitles for Julius Caesar 2002nl-no

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian Download
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian Download
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Burgers van Rome, kom bijeen.

Welkom bij Gordias. Gordias was beroemd vanwege z'n knoop.

Het orakel voorspelde dat wie de knoop ontwarde...

de hele wereld zou veroveren.

Velen kwamen van heinde en verre, maar 't lukte niemand.

Tot op een dag de machtige Alexander kwam.

Alexander, een afstammeling van de machtige god Apollo.

Oprukken.

Apollo blies Alexander de kennis in waarmee hij de knoop kon ontwarren.

Sulla is terug in Rome om de orde te herstellen.

Onschuldigen hebben niets te vrezen.

Maar degenen die misdaden tegen hem hebben begaan, worden gestraft.

De mannen die op deze lijsten staan, zijn vogelvrij verklaard.

Hun burgerrechten zijn vervallen en ze mogen worden gedood.

Iedereen die een van deze mannen doodt...

is een vriend van de staat...

en krijgt de bezittingen van de bewuste vogelvrij-verklaarde als beloning.

De grootste misdaad onder de Romeinse wet.

ROME 82 v.C.

Moeder? - Cornelia?

Moeder? - Waar is m'n vrouw?

Bij haar vader. - De soldaten komen eraan.

Blijf bij haar.

Sulla heeft de stad ingenomen. Hij heeft lange lijsten gemaakt.

Sta jij erop? - M'n schoonvader. Julia, blijf binnen.

Niet weggaan. - Waar ga je heen?

Je moeder halen.

Ik sta niet op de lijst.

Hem moeten jullie hebben. Die daar.

Heb je 't gehoord? - Ja, schiet op.

Weglopen is zinloos. Ik ga toch dood.

Ga nou maar. - Ze heeft gelijk. Je moet meteen weg.

Schiet op.

Ga weg. - Alstublieft, vader.

Vlug.

Weg.

Cornelia, rennen.

Hij heeft Cinna helpen ontsnappen.

Geef me je naam. - Caesar, uit het Huis Julia.

Arresteer hem.

Een heerser heeft rust onder z'n volk nodig.

Dat kan alleen als een senaat het volk vertegenwoordigt.

Sinds wanneer vertegenwoordigt de senaat het volk?

Waarom hangt uw mond open? Wees gerust, u staat niet op m'n lijst.

Als ik erop zou staan en 't in het belang van Rome zou zijn...

zou ik met genoegen sterven.

Als u dat zegt, geloof ik werkelijk dat 't waar is.

Ik herhaal het nog maar eens:

Sinds wanneer vertegenwoordigt de senaat het volk?

Ik wil dat de man die van de nederigste komaf is...

me antwoord geeft.

U?

U?

Ik ben 't dus zelf. Ik zal het antwoord geven.

Jullie zijn aristocraten. Jullie lopen niet en rijden geen paard.

Hoe kunnen jullie mensen vertegen- woordigen die jullie niet kennen?

Door hun tradities te behouden. Als ze denken dat u koning wilt worden...

Zei u koning? Wat levert de titel 'koning' me op dat ik niet al heb?

Als de mensen weten dat de senaat nog bij elkaar komt en u adviseert...

Dat gaat ook gebeuren. Het is m'n liefste wens.

Ik zou geen echte republikein zijn...

als ik geen, hoe zal ik 't zeggen...

geen aardser element aan uw gelederen zou toevoegen.

Heren.

U blijft me adviseren en u blijft debatteren over 't welzijn van het volk.

Maar m'n mannen blijven hier...

om ervoor te zorgen dat u de juiste beslissingen neemt.

Is dit niet tegen de Romeinse wet? - Die heb ik net veranderd.

Ik begrijp 't, maar blijft er iets behouden van de oude gebruiken?

We vragen u niet iemand genade te geven die u hebt besloten af te maken.

Maar 't kan kalmerend werken als u bekend zou maken...

wie u van plan bent te sparen. - Kom nou toch, Cato.

Je weet hoe bondgenootschappen veranderen in roerige tijden.

Misschien kunt u ons dan vertellen wie u van plan bent te vermoorden.

Laten we...

met u beginnen.

Ik vroeg alleen wat iedereen dacht. - Ik kan niet iedereen vermoorden.

Dus vermoord ik alleen u.

Misschien trek ik dat terug. Of misschien niet.

Ik laat 't u na het diner weten.

Maar als ik u was, zou ik hopen dat het eten lekker is.

Ben jij Julius Caesar?

Deze kant op.

Deze kant op.

Ik wil Sulla spreken. Alsjeblieft, nee. Ik wil Sulla spreken.

Ik zit al dertig jaar in de senaat. Ik wil Sulla spreken. Breng me naar 'm toe.

Dat is niet bespreekbaar.

Wie is dat?

Julius Caesar.

Een neefje van Marius.

Je hebt een ongunstige afkomst.

Als u 't ongunstig vindt om van de goden af te stammen.

Welke god? - De Julii stammen af van Aeneas...

De zoon van Venus. O ja, ik herinner me dat Marius dat beweerde.

Velen beweren dat ze van goden afstammen.

Ons wapen bewijst het.

Dat kun je op de markt voor een paar denarii laten maken.

Waarom wilde u me spreken? - Je moeder is bij me geweest.

Heeft ze u gevraagd m'n leven te sparen en hebt u daarmee ingestemd?

Ik heb beloofd dat ik erover zou nadenken.

Dus nu moet ik u dankbaar zijn? - Nee, zij. We zijn oude vrienden.

U hebt veel oude vrienden vermoord. - Dat klopt.

Oude vrienden overdag worden 's nachts nieuwe vijanden.

Wat wilt u in ruil voor m'n leven?

Waarom zou ik iets terug willen? - Mannen als u geven niets weg.

Enig mededogen is mij niet vreemd. Ik zal je helpen als ik kan.

Maar Cinna was m'n grootste vijand en jij hielp 'm ontsnappen.

Is dat gelukt? - Natuurlijk niet.

Hij ontsnapte aan m'n soldaten, maar werd door z'n bediende vermoord.

En m'n vrouw? - Daar gaat 't goed mee.

Ik laat vrouwen in leven.

En omdat je slechts Cinna's schoonzoon bent...

zal ik jou ook in leven laten. - Mits?

Mits je van je vrouw scheidt.

Nee, dat weiger ik. - Zelfs als 't je je leven kan kosten?

M'n vrouw is m'n leermeesteres. Ze is intelligenter en eerlijker dan ik.

Ze is een overtuigender argument dan ikzelf, dan u of dan uw ambt.

Ik ga niet van haar scheiden. Dat is m'n antwoord.

Wat moeten we met een man als hij?

Ik weet niet of ik 'm moet omhelzen of wurgen.

Ik vind dat we 'm moeten vrijlaten.

Z'n oom Marius was m'n grootste vijand.

Hij heeft tien Mariussen in zich. Dat zie je. En jij wilt 'm vrijlaten?

Degenen die lachen en pluimstrijken zijn gevaarlijker.

Hij zegt de dingen ronduit.

Jij zegt de dingen ronduit, h�? - Altijd.

Vertel 's. Zou je me om het leven brengen als je kon?

Ogenblikkelijk.

Je mag gaan.

Ik zei dat je vrij was.

Wat een groot hart heeft die jongen.

Breng 't morgenochtend bij me.

Wou Sulla me buiten doden, zodat het kleed schoon bleef?

Ik kom je waarschuwen. - Waarvoor?

Als je Rome niet verlaat, moet ik doen wat hij me gevraagd heeft.

Ik wil niet dat je jong sterft. - Wat weet je van mij?

Je zei nee tegen Sulla. Ooit vertel ik je meer, als er tijd is.

Nu moet je weg uit Rome. Je familie zal niets overkomen. Neem deze mee.

Ga naar Bithyni� en laat de ring aan koning Nicomedes zien.

Hij zal je in dienst nemen.

Hoe weet ik dat ik je kan vertrouwen? - Dat weet je niet.

Ik doe niet wat hij wil. - Dus je laat je vermoorden?

Best, maar ik ga niet weg uit Rome.

Pompeus bood je z'n hulp aan. Waarom aanvaard je die niet?

Hij hoort bij Sulla. Het kan een truc zijn. - Vertrouw je niemand?

Ik vertrouw jou. - Luister dan naar me.

Je bent niet hemel en aarde, maar een gewoon mens.

Sommige dingen zijn te groot voor je.

Toen je in de gevangenis zat, dacht ik dat je dood was.

Ik was al om je aan het rouwen. Wil je me dat alsjeblieft besparen?

Hoe moet ik verder als ik je de enige kans om je te redden niet laat grijpen?

Is dit varken te koop? - Hoeveel biedt u?

Tien denarii. - Dat is een hoop geld voor een zwijn.

Hij moet in stukken.

We voeren 't op aan m'n honden.

Dat is de kust van Kreta.

De vorst daar hing de wetten zo hoog dat de mensen ze niet konden lezen.

Als ze ze overtraden, kende hij geen genade.

Tegenwoordig is de kust vergeven van de zeerovers.

We moeten gaan ankeren voor vannacht.

Waar is vader naartoe? - Over het water heen.

Hoe lang duurt 't voor je daar bent? - Dat hangt van de wind af.

Soms steek je het in een paar dagen over.

Soms, als 't windstil is, kom je niet vooruit.

Als je die touwen niet leuk vindt, nemen we spijkers. Op z'n Romeins.

Hoeveel losgeld krijg je nou voor een Romein?

Twee talenten. Ik betaal er drie om je te zien verdrinken.

Je krijgt er vijftig als je me in leven houdt.

Wie zou dat geld dan gaan halen?

Zij.

Als je mannen niet voor zonsopgang terug zijn, ga je eraan.

Je tijd is om, Romein.

Ik vecht met ��n van jullie voor een dag extra.

Dat is een dag extra.

Er komt niemand terug voor die Romein. Gooi 'm in zee.

Een schip.

Vijftig talenten.

Dat geld sprong zeker in je beurs? - Ik heb nooit van u gestolen.

Waren 't de goudsmeden dan weer? - Die zijn ervoor veroordeeld.

Jij deelt de winst met die kerels.

U betaalt goed. Ik waag m'n leven niet voor een goudstuk.

De goudsmeden hebben bekend. Flavius had er niets mee te maken.

Een man die met zoveel goud omgaat en nooit wat in z'n zak stopt?

Hij is onschuldig gebleken. Hier moet uw zegel op.

Wurg hem. - Wacht.

Het is bewezen dat hij onschuldig is. - Ik heb het vonnis net afgekeurd.

Hij is goed en ik heb 'm voorgedragen. Ik sta garant voor 'm en bescherm 'm.

Je kunt garant voor 'm staan zoveel als je wilt.

Maar je kunt 'm niet beschermen. De straf voor diefstal is wurging.

Dat zou een beoordelingsfout zijn.

Van mij?

Je wordt wel erg kritisch. Je wilt boven mij uitstijgen.

Je wacht je kans af.

De meeste mensen aanbidden de opkomende zon, niet de ondergaande.

Zo luidt het gezegde toch?

Maar ik ga nog niet onder, dus ik wil dat je je naar mijn wensen schikt...

of je ze nu begrijpt of niet.

Wurg hem.

Jij.

Jij wurgt hem.

Hoorde ik dat je... Hoorden jullie dat hij nee zei?

Beste generaal, ik heb je gevraagd Flavius te wurgen...

en dat ga je ook doen. En wel met je blote handen.

Je gaat Flavius wurgen of je wordt zelf gewurgd.

Wurg hem.

Wurg 'm nu.

Ik eis dat je me gehoorzaamt. Ik zweer bij...

HET KONINKRIJK BITHYNl� PROVINCIE ASIA

Een prins van Egypte, edel van houding.

Geschikt om een heer als u te dienen.

Kijkt u 's, dit jonge meisje, zojuist uit het noorden aangevoerd.

Ze weet nieuwe pleziertjes voor u en is jong genoeg om de uwe te leren.

Die kan nog geen emmer wijn optillen. Hij spreekt u voortdurend tegen.

Hij is helaas te goed in de vaardigheden van de tong.

Welke vaardigheden zijn dat? - Die van Euclides en Aristoteles.

En de dichtkunst. Ik ken Homerus en Pindarus uit het hoofd.

Daarnaast de politiek, de logica, metafysica, epistemologie...

retoriek en sofistiek. - Sofistiek?

Dus je kunt fraaie leugens opdissen? - Ambigu�teit is 'n krachtig werktuig.

Maar niet iedereen wendt voordelen aan om er kwaad mee te doen.

Heb je wel 's kinderen onderwezen?

Die onderwijs ik liever dan volwassenen.

Waarom? - Ze geven blijk van meer wijsheid.

Vader.

Wie zijn je vrienden? - Portia en Marcus natuurlijk.

Cato's kinderen. Ze zijn zo groot geworden.

Dat is onze neef.

Wat lees je? - Ethica.

Aristoteles? - Van oom Cato.

Hoe is 't met hem? - Nog steeds dezelfde brombeer.

Moeder.

Heb je iets voor me meegebracht uit het oosten?

Of ik iets voor je heb meegebracht? Ja, dit. Apollonius.

Dit is m'n dochter Julia. Apollonius wordt je onderwijzer.

Waar is m'n vrouw?

Blijf maar liggen. - Ik ben niet ziek.

Ik kleed me even aan.

Ik ben te snel opgestaan. - We gaan samen weer liggen.

Nee, we gaan eten. Ik moet alleen...

Ik wachtte al bijna niet meer op je.

Ik miste je al bijna niet meer. En nu...

Dit was niet de bedoeling.

Ik ben terug, liefste.

Twee jaar was gewoon te lang.

Sommigen van u werkten met Sulla mee.

Anderen werkten...

hem tegen.

Maar niet iedereen die meewerkte, was 't met z'n wetten eens.

Ik wil de tribunen hun rechten teruggeven...

zodat het volk opnieuw een eerlijke vertegenwoordiging heeft.

Ik stel een grondige hervorming van de gerechtshoven voor.

En een onvoorwaardelijk herstel van de senaat...

als het belangrijkste regeringsorgaan.

Fijn je te zien na weer een overwinning.

Hij laat me winnen. Hij geeft me het gevoel dat ik oud ben.

Ik ben blij je veilig hier te zien. Er waren wat obstakels, begreep ik.

Gelukkig bleek je vriend Nicomedes een echte bondgenoot te zijn.

Ik heb je nooit kunnen bedanken dat je me gered hebt.

Je hebt Sulla het hoofd geboden.

Je wou niet scheiden, hoewel 't je je leven zou kosten.

Dat maakte indruk op me. Bovendien riep 't een herinnering bij me op.

Sulla heeft mij ooit ook bevolen om van m'n vrouw te scheiden.

Anders dan jij gehoorzaamde ik hem.

Ik verliet de enige vrouw van wie ik hield.

Het leven zit vol lessen. We hebben elkaar dus het een en ander geleerd.

Leer me hoe ik de positie krijg die jij nu hebt.

Had ik je toch niet moeten redden?

Ik heb Rome iets te geven, maar ik heb geen stem.

Als je een stem wilt in Rome, moet je het volk voor je winnen.

Spreek vanuit je hart. En als je iets belooft, houd je daar dan aan.

Ik beloof je: Als je ooit m'n hulp nodig hebt, laat 't dan weten en ik help je.

Man. - Andros.

Vrouw. - Gyne.

Slaaf.

Uit je hoofd.

Waarom moet ik Grieks leren? - Omdat 't de beste cultuur is.

Beter dan Rome? Is een Griekse slaaf beter dan een Romeinse vrije?

Ik ben tevreden. Trek daar je conclusies maar uit.

Maar je zou liever vrij zijn? - Dat geldt voor iedereen.

Omdat je dan kunt doen wat je wilt? - Dat kan ik nu ook.

Sommigen denken dat ze vrij zijn...

maar zitten vast aan hun armzalige idee�n.

Als je mijn slaaf was, zou ik je vrijlaten.

Vader. - Als hij vrij is, krijg je geen les meer.

Dan kan hij me ook les geven. - Maar dan kan ik 'm niet betalen.

Lieve goden, kom gauw.

Cornelia, word wakker. Alsjeblieft, blijf bij me.

Mijn naam is Julius Caesar.

Ik ben hier om m'n vrouw Cornelia te eren...

in het openbaar en voor de laatste keer.

Ze was een goeie vrouw. Ze dacht nooit aan haar eigen welzijn...

alleen aan dat van anderen.

Rome was haar eerste en grootste liefde. Wij deelden die liefde.

We droomden van een Rome zonder dictators.

Waar zoons nooit vaders sloegen.

Waar broers nooit vochten met hun broers.

Waar Romeinen vreedzaam naast hun mede-Romeinen leefden.

Eer met mij dan nu niet alleen de nagedachtenis van m'n goede vrouw...

maar van iedereen die is gesneuveld voor een beter Rome.

Ik, Julius Caesar, beloof u bij het lichaam van m'n geliefde vrouw...

dat ik niet zal rusten tot 't Rome waarvan zij droomde, bestaat.

Sluit u bij me aan, want niet alleen ben ik de neef van de goede Marius...

die tegen de slechte Sulla vocht tot die hem van het leven beroofde...

maar ik ben ook een zoon van de Julii, die van de godin Venus afstammen.

Ik reik u de hand, een oppermacht onder stervelingen...

vergund door de goden, verheven boven koningen.

Laten we samenwerken bij het zoeken...

naar een rijk dat grenzeloos is, verenigd...

en vrij.

We moeten 'm in de gaten houden. - Of gebruiken.

Goedemorgen, Caesar. - Heil, Caesar.

Gegroet, Caesar.

H�, Julia, ik heb wat voor je. 'S Even kijken.

Hier, ik hoop dat dit een lach op je gezicht tovert.

Het is voor 't eerst in weken dat ik je zie lachen.

Ga weg bij m'n kraam.

Hou op, jullie. Hij kan er niets aan doen.

Wat is er gebeurd?

Het brood is drie keer zo duur. Er is geen graan.

Waarom niet? - De zeerovers stelen het onderweg.

Half Rome zit zonder brood.

Er is paniek. Alleen de rijken kunnen nog brood kopen.

We moeten die zeerovers bevechten of Rome gaat eraan.

Ik stel voor dat Pompeus legioenen krijgt om dit probleem aan te pakken.

Het gaat er niet om of we de zeerovers bevechten, maar hoe.

We sturen tien kleine legers naar verschillende plekken.

Dan zijn ze te kwetsbaar. - Die zeerovers zijn een zootje tuig.

Zelfs het kleinste leger krijgt ze eronder.

Laten we uitgaan van de realiteit, niet van wat we willen.

Ik weet hoe gevaarlijk ze zijn, ik ben ook door ze overvallen.

Bewaar het relaas van uw zeereis maar voor de taveerne...

nadat het werk van de senaat af is. - Dat is eigenlijk nooit klaar.

Er zijn geen duizenden zeerovers, maar honderdduizenden.

En ze vallen meer schepen tegelijk aan.

Hun admiraals hebben duizenden schepen...

met een goed getrainde bemanning. - Aan zulke toespraken heb je niets.

Ze werken net zo min als de senaat. - Beledig dit verheven lichaam niet.

Even verheven en log als uw eigen lichaam.

Zwaar van leeg geneuzel en inactiviteit.

Zo is 't wel genoeg.

Er is een man bij ons die dit conflict met de zeerovers kan oplossen.

Maar geven we 'm daartoe opdracht? - Ik ben 't met Caesar eens.

Zijn we een groot rijk of laten we ons door vogelvrij-verklaarden regeren?

Pompeus zal een leger nodig hebben...

dat twee keer zo groot is als dat waarmee Sulla Rome innam.

Hebben we niets van het verleden geleerd?

Rome moet dus hongeren, omdat Cato iedereen onbetrouwbaar vindt.

Niet elke man met een leger neemt de staat in. Niet iedereen is een Sulla.

Sommigen laten zich leiden door de situatie...

anderen zetten de situatie naar hun hand.

Zij zorgen dat de natuur zich naar hen voegt. Ze trotseren de elementen.

Ze trotseren zelfs hun basisbehoeften...

om hun idealen te kunnen verwezenlijken.

Pompeus is zo iemand.

Wie heeft geleefd, weet dat slechts ��n ding een natie klein houdt:

Geruzie onder het volk.

Stammenoorlogen in plaats van een gesloten front.

Zolang we hier persoonlijke overwinningen nastreven...

en onbeduidende wraakoefeningen houden, zal Rome klein blijven.

Laten we onze meningen vergeten en ons door ��n gevoel laten leiden:

De liefde voor Rome.

Laten we onze krachten bundelen en een onge�venaarde macht vormen.

Ik stel voor dat we ons door ��n man uit de duisternis laten leiden.

Ik stel Pompeus voor.

Wie is daarvoor?

Mogen we binnenkomen? Je zei van wel.

Er zijn hier alleen wat oude senatoren. - Is de consul er ook?

Dit is consul Marius Pompeus. - En wie is dit?

M'n dochter Julia, met Apollonius, de wijste in ons huis.

Je vader heeft net bewezen dat hij ooit mijn baan krijgt.

Dat is geen pretje. - Hoezo?

Dan heeft hij altijd die mannen om zich heen. Ze zien er gek uit, h�?

We zien elkaar weer als ik terugkom. - Zegevierend.

Apollonius zegt dat onze ziel na onze dood naar een volmaakte plek gaat.

Alle bedden zijn er volmaakt. Alle cirkels zijn er volmaakt rond.

JAREN LATER

Je ziet er prachtig uit.

Brutus, zeg 's hoe mooi Julia eruitziet. - Mooi.

Vind je 't mooi? - Uitgedost voor Pompeus' triomf.

Is Apollonius teruggekomen? Ik wou over Plato praten.

Hij is nog niet terug. - Hij vecht vast mee met de slaven.

Dat zijn ongeschoolde slaven zonder een goed tehuis.

Onze Moorse kok is al een maand weg.

We hoorden dat hij nu rebellenleider was. Erg inspirerend.

Je doet of 't een spelletje is. - Niet waar.

De Romeinse bevolking bestaat voor de helft uit slaven.

Stel dat die allemaal in opstand kwamen?

Dan zou Rome ten val komen. Rome moest iets doen.

Hoe bedoel je? - Pompeus heeft er 20.000 verslagen.

Geen van jullie wil zeker met de consul van Rome mee?

Denkt u dat we meegaan met die bijldragers in de buurt?

Romes grootste generaal komt terug en we willen achter 'm aan rennen.

Amuseer je maar.

Kom. - Dank u, consul.

Ga je niet met ze mee? - Dit moet terug naar Apollonius.

O ja, De wetten van Plato. Heb je 't gelezen? En?

Volgens hem kan democratie niet.

Een staat heeft een dictator nodig...

die kennis heeft verworven door ervaring en onderwijs.

Plato zou 't niet kunnen vinden met je oom Cato.

Brutus, schiet 's op. - Kom nou.

Ga maar, anders moet je met mij mee. - Tot zo bij de plechtigheid.

Dag, vader.

Klaar. - Net op tijd.

Dank u, dat is heel vriendelijk.

Ik zorg nu wel voor m'n zoon.

Wie zijn die mensen? - Gevangenen.

Zeerovers? - En slaven. Opstandige slaven.

Smerige rebellen. - Apollonius.

Consul. - Achteruit.

Wacht even.

Zeg 't maar. - Een van die slaven is m'n vriend.

Ik verzoek u 'm vrij te laten.

En wie ben jij dan wel?

Julia, dochter van Julius Caesar, uw medeconsul.

De dochter van de consul.

Dit zijn vijanden van Rome. Ze worden morgen gekruisigd.

Hij was m'n leraar, geen vijand.

Al het goede dat ik ken, is me door hem bijgebracht.

U moet 'm sparen. Om mijnentwil.

Ik zal je verzoek inwilligen.

Neem haar mee naar de kooien en geef die Apollonius aan z'n eigenaren.

Dank u, consul.

Ik mag je mee naar huis nemen.

Ik ga niet met je mee.

Ik blijf hier.

Ze gaan je kruisigen.

Je bent een prachtige vrouw geworden. Intelligent.

Je hebt alles wat de Romeinen groots maakt.

Maar ik ben geen Romein. Ik ben een slaaf.

Je bent geen slaaf meer. Je bent vrij. Ik geef je nu de vrijheid.

Vrijheid is niet iets dat je kan worden gegeven. Je moet 't nemen.

Ik had 't eerder moeten doen. Je had al jaren vrij kunnen zijn.

Ik had 't vader moeten vragen. Hij had 't goedgevonden.

Maar ik dacht dat 't geen verschil zou maken. Het voelde of je vrij was.

Ik dacht dat je gelukkig was. - Dat was ik ook.

Maar ik ben niet op zoek naar geluk. Ik zoek wat anders.

Waardigheid.

Jullie zijn goed voor me geweest. Jullie waren m'n familie.

Maar nu zijn zij m'n familie.

We weten allebei waar we thuishoren. Ik hoor daar, bij hen.

Op een dag zul je 't begrijpen, lieve Julia.

Vaarwel.

Moeder.

Je moet rusten.

Er gebeurde iets met me.

Het is gewoon een aandoening. Je grootvader is er oud mee geworden.

Ik bedoel wat anders. Voor dit gebeurde, keek ik naar Pompeus.

Hij is een vriend voor me geweest en we praten gemakkelijk, als broers.

Toch zouden we niet meer van elkaar kunnen verschillen.

Hij is een groot veldheer.

Door z'n provincies is hij de machtigste man van Rome.

Je vader wilde dat je staatsman werd en nu ben je consul van Rome.

Dat had hij niet kunnen dromen.

Ik heb een leger nodig. - Om net als Pompeus te worden?

Hoe wil je dat betalen? Je consulaat kostte al een fortuin.

Ja, ik ben consul en ik ben blut.

De aanval van vandaag was sterker dan anders.

Er was nog iets. Deze aanval verschilde ook in een ander opzicht.

Hoe dan?

Ik zag iets.

Ik zag iets toen 't gebeurde. Niet alleen over mezelf...

maar over de hele mensheid.

Hoe we onszelf klein houden.

En ik besefte dat ik niet ge�nspireerd ben geweest.

Ik zag aan Pompeus dat hij ook de inspiratie miste. Die zal nooit komen.

Ik besefte wat het verschil was tussen Pompeus en mij.

Pompeus heeft alleen iets gedaan, maar ik ben ergens voor.

Ik heb legioenen nodig.

Pompeus heeft ze.

Hij zal ze aan me uitlenen. - Waarom zou hij z'n macht verkleinen?

Wat kun je 'm in ruil geven dat evenveel waard is als een leger?

Ik vind 't heel erg wat er met Apollonius is gebeurd.

Ik mocht 'm ook erg graag.

Hij gelooft, net als ik, in tradities.

We vertrouwen op de wijsheid en wetten van onze voorvaderen.

En ik, Cato, vertrouw op hem. - Heil, Pompeus.

Je vleit me. Maar laten we nog iemand lof toezwaaien.

Ik had niet overzee oorlog kunnen voeren...

als Rome niet in goede handen was geweest.

Daarvoor zijn we dank verschuldigd aan m'n vriend en medeconsul...

Julius Caesar.

Dit is m'n dochter Julia. - We hebben elkaar al ontmoet.

Het zou me een eer zijn als je wat zou voordragen.

Niet voor zoveel mensen. - Dat kun je best.

Echt, dat kan ik nu niet.

De dochter van Caesar gaat iets voor ons voordragen.

Sta vanavond naast mij en loof samen met mij

een man die mij en de goden dierbaar is

machtiger in de zege dan de koningen van Mycene

met hun goudharige paarden

en sterker uit de oorlog dan de strijdschimmen

die langs de kusten van Troje rijden

hoor mij aan zonen van kaalhoofdige mannen

hoor mij de zege bezingen van een man die mij en de goden dierbaar is

Kom maar. - Het geeft niks.

Het is jouw schuld niet. Ik zal de schuldige streng laten straffen.

Dank u, dat is heel vriendelijk.

Hoe heet je? - Calpurnia.

Uit welk huis? - Lucius Piso.

Sorry dat ik je zo aanstaar. Ik dacht dat ik je al 's eerder gezien had.

Zullen we samen eten? - Met genoegen.

Hoe noem je dit uur?

Volgens mij heet 't het vijfde uur. - De zon komt al op.

Je hebt gelijk. Ik ben uit geweest met hem.

We hebben gedronken en gegeten en werden vermaakt.

Hij geeft om me. - Hij is twee keer zo oud als jij.

En je vriend, weet je nog?

Ja, hij is m'n vriend.

Ik wil alleen weten of hij je met respect behandelt.

Ik vind 'm aardig. Echt waar.

Ik hou niet van 'm, nog niet. Maar dat kan nog komen.

Waarom doe je zo?

Hij is consul. Hij is de belangrijkste man van Rome.

Hij heeft legioenen.

De prijs voor haar is hoog.

Gewoonlijk betaalt de vader een bruidsschat.

Je weet dat ik je niets kan bieden.

Ik neem 't aan. - Ik wil commissie.

Galli�. - Dat is al vergeven.

Door Cassius. - Ik heb een verovering nodig.

Je hebt te weinig oorlogservaring en je hebt legioenen nodig.

Jouw legioenen.

Ze is alles wat ik heb. Ik wil 50.000 voor haar.

Talenten?

Soldaten.

Hoe kon je? Waarom heb je me m'n mandaat afgenomen?

Omdat ik denk dat Caesar de juiste man voor Galli� is.

Ik heb al kosten gemaakt om m'n leger uit te rusten.

Je krijgt een vergoeding. En ik stel voor dat jij voor het garnizoen zorgt.

Dit kan niet. Je hebt 't de senaat niet eens voorgelegd.

Laten we niet over zaken praten op m'n bruiloft. Dat trekt ongeluk aan.

Ik moet iets bekennen. - Wat dan?

We hebben elkaar eerder ontmoet. Of beter gezegd: Ik heb jou ontmoet.

Maar jij mij niet. Het was bij de zegetocht van Pompeus.

Je viel.

Niemand zag 't, behalve ik.

Ik hield je vast, zodat je je niet verwondde.

Ik schaam me ervoor.

Ik weet nooit wanneer 't gebeurt.

Veel mensen geloven dat degenen die deze kwaal hebben heilig zijn...

gezegend door de goden.

Misschien.

Hoe zou een kind eruitzien waarin onze gezichten vermengd zijn?

Volgens mij zou dat best mooi zijn.

Echt waar?

Zou je 't echt graag willen weten?

Weet je 't zeker?

Nog zekerder dan ik m'n eigen naam weet.

Ik ben geen goede huisvrouw. - We hebben bedienden.

Ik ga vroeg naar bed. - Dan ga ik met je mee.

Je moet me iets beloven. - Wat je maar wilt.

Kom levend terug uit deze oorlog. - Dat beloof ik je.

En kom gauw terug. - Dat zijn twee beloften.

En win hem. - Dat zijn drie beloften.

Nu is 't jouw beurt om mij ��n ding te beloven:

Wil je met me trouwen voor ik wegga?

DE GRENS MET GALLl� 58 v.C.

Hoeveel doden? - Zo'n 23.000 Kelten.

En Romeinen? - 112.

Ze kunnen in Rome worden begraven.

We gaan niet terug, maar verder naar het noorden.

Daar is nog veel meer Rome. Het heet alleen nog niet zo.

De Romeinen komen.

We moeten Caesar bevel geven zich terug te trekken.

Wat ik Caesar gegeven heb, trek ik niet in.

Wacht. Doe die zwaarden weg.

Wat komt u hier doen? Dit is ons land, u hebt niet het recht hier te zijn.

Hoe heet je? - Vercingetorix.

Je bleef alleen doorvechten. - Ik heb dit huis zelf gebouwd.

Jullie branden 't plat.

Je bent vrij.

Geef me een paard.

Jullie horen 't. Geef 'm een paard.

Mijn liefste Caesar.

De mensen praten bewonderend over je.

Soms noemen ze je 'de grote', zoals bij Pompeus.

Op de markt buigen ze soms voor me als ik langs loop.

Het huwelijk dat voordeel moest brengen...

is opgebloeid tot een romance.

Het is heerlijk die twee samen te zien, maar ik mis je daardoor des te meer.

Er is geen trotsere echtgenote dan ik.

Maar na zoveel tijd zonder je ben ik bang dat het alleen-zijn gaat wennen.

Kom gauw naar huis, lieverd. Ik wacht op je tot je er weer bent.

Caesar heeft 300.000 Kelten gedood.

Hij heeft dorpen aangevallen die belasting betaalden. Dit kan niet.

Is dit uw dank voor een groot generaal?

Hij heeft 100.000 slaven gestuurd. U hebt er vast ook een paar.

Anders had ik ze wel ergens anders vandaan gehaald.

Pompeus, u moet oppassen. Hij vecht nu al drie jaar met uw legioenen.

Hij heeft hun soldij verdubbeld. Ze zijn hem toegewijd.

Heren, zoals Cicero het zo treffend heeft uitgedrukt:

Zet alle zeilen bij om de staat te behouden.

Zoek in elke windstreek naar buien.

Ze barsten boven u los als u ze niet op tijd ziet.

Ik weet ineens weer wie hij is. - Wie?

Die man daar. - Marcus Antonius?

Gevlucht voor z'n schuldeisers, net als wij allemaal.

Ik niet. Ik vecht nog steeds voor de glorie van Rome.

Onze cavalerie is aangevallen door Galli�rs. 14.000 doden.

Zoveel? - En veel gewonden.

Ze hebben zich verenigd onder ��n leider: Vercingetorix.

Waar is hij te vinden? - In Alesia.

Hoe lang is dat marcheren? - Acht dagen.

Vercingetorix zit daarbinnen met 18.000 man.

Het sterkste bolwerk van Galli�. We komen er nooit in.

Dat hoeft ook niet. We bouwen er een muur omheen.

We laten ze verhongeren.

Niemand heeft ooit zo'n grote versterking gebouwd.

Dan zijn wij de eersten.

We mogen geen tijd verliezen.

Ik kom voor Pompeus. - Deze kant op.

POMPEUS' BUITENVERBLIJF PISA

Wat brengt je naar Pisa? - Ik moet je spreken.

Er is kritiek op je afwezigheid in Rome.

Zoals je kunt zien, heeft m'n vrouw me hier nodig.

Kunnen we onder vier ogen praten? - Wat is er, Cato?

Kom je kwaadspreken over m'n vader? - Ga zitten.

Caesar belegert het laatste bolwerk.

Vercingetorix heeft elke stam opgeroepen van de bergen tot de zee.

Ze zijn op weg naar Alesia. - Hoeveel man?

250.000.

En m'n man? - 40.000.

Hij overleeft 't wel. Dat doet hij al jaren.

Hij heeft nog nooit zoveel tegenstand gehad.

Is 't waar? Verliest hij deze keer? - Niemand weet hoe een oorlog afloopt.

Jij bent consul. Doe iets.

Als Caesar deze slag wint... - Wordt hij de nieuwe Sulla?

Dat wou je zeggen, h�? Dat hij de nieuwe Sulla wordt als hij wint.

Waarom maak je je zorgen? Je zei dat hij geen kans had tegen de Galli�rs.

Waarom zou je 'm dan terugroepen? Laat 'm zich daar maar doodvechten.

Als je 'm daar laat, vernietigt de nieuwe Sulla zichzelf.

Je wacht tot m'n man verliest, nietwaar?

En jij ook.

Lieve Calpurnia.

Ik doe alles wat in m'n macht ligt om veilig thuis te komen.

Je weet vast dat we de Alesianen binnenhouden met 'n muur.

Intussen hebben we een tweede muur gebouwd...

om hun bondgenoten buiten te houden, dus maak je geen zorgen.

Hoe groot hun overmacht ook is, we verslaan ze.

Want je wint een oorlog niet met aantallen, maar met visie.

In mijn visie keer ik bij jou terug, lief.

Niet zonder meer, maar na een overwinning, zoals ik je heb beloofd.

Als m'n mannen moe zijn, gun ik ze niet altijd rust.

Als ze honger hebben, krijgen ze niet altijd eten.

Maar als ze hun visie vergeten, kan ik de mijne met ze delen.

En hoe meer ik m'n visie deel, hoe meer visie ik krijg.

Alle stammen zijn over 30 dagen hier. - Hoeveel eten hebben we?

Voor 27 dagen koren.

We zorgen dat we er 35 dagen mee doen. We delen rantsoenen uit.

Sla al het koren op. Wie te veel neemt, krijgt de doodstraf.

Als de andere stammen met ons meevechten...

hebben we vijf keer zoveel man als zij.

Als we winnen, verjagen we de Romeinen voorgoed uit Galli�.

Als we verliezen, worden we hun slaven.

'S Avonds ontspannen we ons.

We vertellen elkaar over de stad en onze familie...

of eten in stilte na een dag hard werken.

De mannen werken echt hard, maar er zijn ergere dingen dan zwaar werk.

Wachten is veel erger.

Wachten is het moeilijkste van een oorlog, lieve.

De meeste mannen horen liever strijdkreten dan deze stilte...

en strijden liever tegen een overmacht...

dan tegen de vijand in onze ziel, die eeuwig moordt.

De echte vijand is bijna een troost, denk ik als ik Alesia zie.

Ze zijn net als wij. Ze hebben moed, net als wij. En ze gaan ook dood.

De stammen hadden er nu moeten zijn.

Als ze niet komen, moeten we zonder hen vechten.

We zijn met te weinig.

We moeten ons overgeven. - Dan worden we Romeinse slaven.

Als we doodgaan, sterven onze goden ook. Als we leven...

In slavernij? - In elke toestand.

Als we leven, kunnen we de goden levend houden voor onze kinderen.

Denk je dat de goden door slaven aanbeden willen worden?

Als we niets over hebben om onszelf te voeden...

laten we dan doen wat onze voorouders deden:

We eten de bejaarden en zwakken op om ons in leven te houden.

We eten niet onze eigen mensen op.

Er is genoeg eten over voor een aantal dagen...

als we alleen de mannen te eten geven.

Er is een manier om het de Romeinen lastig te maken en ze te verzwakken.

Laten we...

onze vrouwen en kinderen aan ze uitleveren.

Met onze rantsoenen kunnen we ons nog dagen in leven houden.

Als de vrouwen en kinderen hun slaven worden...

moeten de Romeinen ze te eten geven, wat hun voorraden uitput.

We moeten afscheid nemen van onze gezinnen, vandaag nog.

En wat er ook gebeurt, we moeten de poorten voorgoed achter ze sluiten.

Ons leven hangt ervan af.

Dat is ons offer aan de goden.

Doe de poorten open.

Doe de poorten open.

Stuur mannen naar de poorten.

Vergrendel de poorten.

En verdubbel de wachten.

Heb medelijden.

Ik smeek je er nog 's over na te denken.

Ze gaan er allemaal aan.

Ik laat m'n eigen mannen geen honger lijden om de vijand in leven te houden.

Stuur ze terug naar Alesia.

Ga terug. Schiet op.

Doe de poort open.

Wat is dit? - Soep.

Dit is geen soep. Dit is water.

We vechten jaren en krijgen water. - We sterven voor Rome en dan dit?

Stop, nu meteen.

Wat is het verschil tussen de Romeinen en de Galli�rs?

Discipline.

Wij treden op als ��n man.

Dat maakt ons sterk.

Denken jullie dat ik goed eet, terwijl jullie honger lijden?

Ik eet dezelfde porties als jullie, en ik heb ook honger.

Maar ik eet liever aarde dan dat ik opgeef waarvoor we hier zijn gekomen.

En dat is alles wat jullie zien.

Jij daar.

Waar ga jij je gezin grootbrengen? Op die helling daar?

Wordt dat jouw stukje grond?

En jij.

Dat veld daar, tussen die bomen, dat is van jou als je 't wilt hebben.

Het is vruchtbare grond, waar veel groeit.

Jullie allemaal, niemand uitgezonderd, krijgt z'n aandeel.

Jullie hebben ervoor gewerkt. We hebben hier acht jaar onze ziel gegeven.

Laten we niet weggaan voor we die terug hebben.

Doe de poorten open.

De oorlog die Caesar voert, is een misdaad.

Hij moest van ons de Galli�rs bevechten.

Niet allemaal. Hij heeft de grenzen weer veilig gemaakt en nu moordt hij.

Onder vreedzame Galli�rs, onze bondgenoten. De goden zijn vertoornd.

Caesar is Sulla niet. Hij vecht tegen de Galli�rs.

Hij bedreigt ons niet.

Hoe vaak heeft Caesar als consul er niet een wet doorgedrukt?

Hij heeft geen respect voor ons.

Er moet iets worden gedaan, en wel onmiddellijk.

Ik stel voor dat we niets doen. - Cassius.

U zegt dat heel Galli� tegen hem ten strijde trekt.

Hij kan onmogelijk winnen tegen zulke aantallen.

Te wapen.

Het is zover.

Beweging bij de poort.

Hij hoopt dat we onze troepen nu hier verzamelen.

Hoe weet je wat hij gaat doen? - Omdat ik hetzelfde zou doen.

Ik wacht hier. Z'n mannen zijn te zwak om ons hoofdkamp aan te vallen.

Hij zal de binnenmuur willen doorbreken...

en z'n bondgenoten de buitenmuur.

Die twee legers mogen zich niet samenvoegen. Dat overleven we niet.

We moeten volhouden.

Terugtrekken.

Je mannen vragen naar je.

Ik ben erg verdrietig terwijl ik je schrijf, lieve echtgenoot.

De bevalling van je Julia begon te vroeg en ze had nogal veel pijn.

De artsen waren er en deden wat ze konden om haar te helpen.

Het was een jongetje, maar teer. De artsen konden 'm niet redden.

Hij leek op jou, Caesar. Z'n gezicht had nobele trekken.

Je dochter vocht om deze tragedie te doorstaan, maar het lukte haar niet.

Pompeus gaat niet meer naar de senaat. Hij wil liever alleen zijn.

Hij loopt maar over de begraafplaats...

en hangt verse bloemenslingers over haar graf.

Morgenochtend nemen we Alesia in.

Doe de poort open.

Ik weet dat je enige echte vijand ��n man is, die nu voor je staat.

Ik geef me aan je over.

Onze vrouwen zijn voor ons gestorven.

Ik geef je mijn leven, zodat je m'n mannen misschien laat leven.

Als m'n mannen sterven...

zijn er geen Galli�rs meer over om onze goden te aanbidden.

Ik smeek je.

Maak m'n mensen tot slaven als 't moet, maar laat ze leven.

Je mannen zullen blijven leven.

Lieve echtgenote...

we moeten nog even wachten voor we weer samen kunnen zijn.

Sommigen in Rome willen me vogelvrij verklaren.

Daarom heb ik Marcus Antonius gestuurd.

Niemand met zo'n leger als ik heb, keert terug zonder Rome in te nemen.

Dus dat verwachten ze van mij ook.

Maar mijn misdaad is nog groter: Ik keer zegevierend terug.

Dat verdraagt de senaat niet.

Hoe lang geleden reed Sulla Rome binnen...

en overtrad hij de heilige wet dat niemand...

een leger de Rubicon over mocht brengen?

Hoe kort moet het bloedbad geleden zijn dat u voorzichtig wordt?

Caesar heeft meer voor Rome gedaan dan wie ook.

Maar u pakt hem z'n consulaat af.

Hij heeft het rijk verdubbeld en wat vraagt u van hem?

Of hij z'n wapens wil neerleggen. Caesar is niet de misdadiger...

maar deze senaat.

Wij vertegenwoordigen het volk. - U behartigt uw eigen belangen.

Sulla zei bijna precies hetzelfde. - Als dat zo is, had hij gelijk.

Maar het verschil is dat de mensen bang waren voor Sulla...

en dat ze van Caesar houden. - Jij weet niets...

over wat de mensen voelen.

U hebt gelijk.

Ik ga 't ze wel vragen.

Inwoners van Rome, Caesar heeft vragen aan u.

Hij moet weten wat u wilt, zodat hij u beter kan dienen.

De senaat eist dat Caesar z'n wapens neerlegt...

en naar Rome terugkeert als een man, niet als een militair.

En als hij komt, bevindt de senaat hem schuldig aan misdaden tegen de staat.

Caesars misdaad is dat hij acht jaar oorlog heeft gevoerd...

zonder enig comfort en met gevaar voor eigen leven. Waarom?

Om het Romeinse volk welvaart te brengen.

Tempels, spelen, allemaal betaald van wat hij in Galli� int.

Maar wat denken ze in de senaat?

Dat hij dit voor persoonlijk gewin doet. Dan vraag ik u:

Als hij dit voor z'n eigen gewin doet, waarom blijft hij dan in Galli�?

Waarom woont hij in een tent?

Ik weet waarom hij dat doet.

Zodat wij, de Romeinen, een prettig leven kunnen leiden.

Doe iets.

Wat zij ook mogen denken, enkelen van hen kunnen niet eens rijden...

ik heb nooit een man gekend die harder is tegen onze vijanden...

of aardiger tegen onze vrienden.

Als ik mezelf een Romein noem, ben ik er het meest trots op...

dat ik die naam deel met ��n andere man.

Ik had het voorrecht om naast 'm te strijden.

Steeds weer bewees hij...

dat z'n eigen leven 'm minder waard is dan het uwe.

Z'n naam is Gaius Julius Caesar.

We moeten iets doen. Caesar kan elk moment oprukken naar Rome.

Ik wacht niet tot hij hierheen komt.

Ik verzamel de troepen en val 'm aan voor hij Rome kan binnenkomen.

Ik laat hem en z'n legioenen van de aardbol verdwijnen.

Mannen, we hebben twee keuzen:

We kunnen worden afgeslacht door het leger dat Pompeus samentrekt.

Of we kunnen voor ons leven vechten, zoals we al acht jaar elke dag doen.

Mijn besluit staat vast:

Ik ga naar Rome.

Ik trek de Rubicon over.

Gaat er iemand met me mee?

Op naar Rome. De teerling is geworpen.

M'n Spaanse legioenen komen vanuit het westen.

De Thraci�rs komen uit 't noorden en de Macedoni�rs uit 't oosten.

Caesar is onderweg naar Rome.

Hoe ver is hij? - Op vier dagen.

Dat kan niet. - Ik hoorde 't van Bibulus zelf.

Caesar is de Rubicon overgetrokken.

We moeten weg uit Rome. We kunnen 't niet verdedigen zonder leger.

We gaan naar Griekenland, bouwen daar 'n leger op en vallen 'm hier aan.

Hopelijk zijn we niet te laat en vinden onze vrienden dood op de trappen.

De nieuwe senaat verordent...

dat de titel dictator wordt toegekend aan Gaius Julius Caesar.

Er zullen 50 dagen dankvieringen worden gehouden ter ere van hem.

Hij krijgt de hoven toegewezen en hij wordt consul voor het leven. Heil.

Jullie behandelen me als een koning.

Maar ik verzeker u dat dat een rol is die ik nooit zal spelen.

Want ik ben Caesar en meer niet.

Alleen voor deze kroon heb ik Galli� veroverd.

Pas op voor de iden van maart.

De iden van maart. Pas op.

De mannen en vrouwen van Rome schreeuwen om jouw hoofd.

Even zag ik ze zoals jij ze ziet. - Je weet niet hoe ik ze zie.

Ik walgde van ze.

Hoe hou je je doel helder voor ogen?

Toen ik je in je dorp ontmoette, zag ik dat je doel helder was, en zuiver.

Ik kan zien dat 't niet veranderd is.

Wat heb je gedaan om 't in stand te houden?

Wil je dat weten?

Ik vecht alleen tegen m'n vijanden.

Je denkt dat wij op elkaar lijken, h�?

Daarom vind je 't erg om me te zien sterven.

We verschillen erg, jij en ik.

Ik weet wanneer 't voorbij is, of als wat over is niet de moeite waard is.

Gun me de eer alleen te sterven, door de hand aan mezelf te slaan.

In plaats van bij een publiek spektakel voor je Romeinse menigte.

Ik moet doen wat het volk wil. Ik heb geen keus.

Ik dacht dat macht je meer keuzen gaf, niet minder.

Luister naar ze. Hoor je dat?

Ik hoor niets anders meer dan onze vrouwen en kinderen in Alesia.

Ik kan ze horen als ik slaap.

En ik hoor ze als ik wakker ben.

In hemelsnaam, geef me je zwaard.

Heil, Caesar.

De gelederen hier zijn uitgedund. M'n mannen voegen zich bij u.

Hoe leggen we het volk uit dat deze mannen senatoren zijn geworden?

Ze zijn niet traditioneel gekozen. - De wet is veranderd.

Denk eraan dat de mensen op m'n oordeel vertrouwen.

M'n beste mannen voegen zich bij jullie.

Ik heb acht jaar met ze in Galli� doorgebracht.

Ik moet naar Griekenland om tegen Pompeus te vechten.

Marcus Antonius vervangt me. - Gaat dit buiten ons om?

Ik leid u niet af met bureaucratie.

Ik heb liever dat u staatszaken bespreekt.

Denkt u dat er zwarte lijsten komen? Er worden geen lijsten gemaakt.

Sulla vermoordde z'n vijanden, ik vergeef de mijne. Goedendag.

POMPEUS' KAMP PHARSALUS, 48 v.C.

Ze zijn in allerijl vertrokken.

Geef acht voor Caesar.

Ik ging de Rubicon niet over om oude vrienden te doden.

Ik moest me beschermen tegen m'n vijanden.

Ik hoop dat we ons kunnen beveiligen door genade en niet door wraakzucht.

Jullie zijn vrij.

Dus we hebben ons leven aan Caesar te danken.

Zei je iets, m'n oude vriend? Ik dacht dat ik je hoorde praten.

Ik ben dankbaar voor je clementie.

Brutus, kom met me eten.

Sluit vrede met Pompeus.

Jarenlang was z'n enige hoop dat jullie Rome weer samen zouden besturen.

Met... - Waarmee?

Met Julia, die jullie twee�n verbond.

Hij tolereerde me, omdat hij van Julia hield.

Hij hield van Julia, omdat hij jou in haar zag.

Hij vertelde me dat Julia's dood bijna ondraaglijk was.

Toen hij ook nog jou als vriend verloor, was z'n leven voorbij.

Ik sluit wel vrede met 'm, als hij op vrede uit is.

Ik wil dat er wat gezond verstand in Rome komt.

De mensen hebben genoeg van al dat vechten. Wil je me helpen?

Wat kan ik dan doen? - Ga terug naar Rome als m'n pretor.

Als 't je om vrede gaat...

zal 't me een eer zijn je te dienen.

Pompeus is naar Egypte.

Waar 'n jongen van 12 en 'n meisje van 18 om de troon kibbelen.

Ptolemaeus en Cleopatra. - Ik weet niet wie ik minder vertrouw.

Help me de schepen op te tuigen. Ik ga 'm morgenochtend achterna.

Je hoeft geen soldaten mee te nemen.

Hij is alleen. De troepen zijn naar Utica.

Met je oom Cato?

Vertrouw me maar, Brutus. Wie vrede wil, zal 't krijgen.

ALEXANDRl� EGYPTE

Hij is op wrede wijze vermoord door z'n eigen mannen op de paleistrappen.

Naar verluidt had Pothinus ze omgekocht.

Nee, Caesar.

Nu is er nog maar ��n vijand over.

Ik ben Pothinus, hoofd van de regeringsraad.

Uit naam van koning Ptolemaeus heet ik u welkom, Caesar.

Heel genereus van de koning, maar zoals u ziet, hebben we geen paarden.

Dit koren is voor uw mannen. - M'n mannen eten binnenshuis.

U laat ons beslist prettig logeren in uw paleis.

Ik zal u vertellen hoe 't echt zit.

Ptolemaeus vreest voor z'n leven. Er zijn vele twisten in Egypte.

Daarom zijn bezoekers verboden.

U bent natuurlijk meer dan welkom in het paleis.

Met m'n mannen.

Met uw mannen.

Jij helpt de koning toch niet toevallig bij z'n beslissingen, of wel soms?

De koning is nog een jongen. Vergeef hem en vergeef mij.

Wij zijn uw bondgenoten en uw dienaren.

Voor ons tellen alleen de belangen van Rome.

Breng het geschenk.

Dit is de ring van Pompeus.

Waar is hij?

We dachten dat u blij zou zijn.

Er is een bediende met een dringend bericht van Cleopatra.

Laat haar binnen.

Als je het bericht wilt horen, moet je je wachtpost wegsturen.

Wat voor belangrijks heeft Cleopatra te melden?

Cleopatra vraagt om uw bescherming. - Waartegen?

Pothinus wil haar vermoorden, zoals hij Pompeus vermoord heeft.

Ben je daarom vermomd als je eigen bediende, Cleopatra?

Ik ben naar jou gekomen, omdat je de enige bent die ik kan vertrouwen.

Waarom wil hij je vermoorden? - M'n vader wou dat ik ging regeren.

Dat staat in z'n testament.

Pothinus heeft me verbannen en 'n prijs op m'n hoofd gezet.

Nu mag elke bediende me vermoorden en wordt er ook nog voor beloond.

Jij en ik lijken op elkaar.

Jij bent de zoon van Venus en ik ben de dochter van Isis.

We worden in leven gehouden door dezelfde goddelijke hartenklop.

Daarom moeten we elkaar helpen. - Probeer je me te verleiden?

Ik probeer niet. Ik verleid...

of niet.

Ik hoef niet te verleiden met m'n lichaam.

Ik heb iets veel beters.

M'n land.

Het is het rijkste land ter wereld.

Egypte en Rome zijn verschillend. Rome is mannelijk.

Egypte is vrouwelijk.

Rome is zonlicht, Egypte is schemerlicht.

Maar 't maakt geen deel uit van Rome, nog niet.

Maak mij de koningin en oost en west worden verenigd.

We zullen een god en een godin zijn die samen de wereld besturen.

Je kust me met gespleten tong. - Ik moet proeven of je giftig bent.

En is dat zo? - Nee, maar ik proef wel Galli�.

Blijf je bij me in Egypte? - Wat heeft Egypte meer dan Rome?

Ken je de vruchtbare sikkel? - Is dat een gebied onderaan?

Nou en of. - Wat groeit daar dan?

Het is vruchtbaar genoeg om een koning voort te brengen.

Probeer er maar 's wat te planten. Maar beloof me ��n ding:

Als je teruggaat naar Rome, moet je me trouw blijven.

Ik ben getrouwd. Ik ben juist ontrouw met jou.

We gaan weg. - Politieke trouw is belangrijker.

In 't huwelijk geef je je aan ��n vrouw. In de politiek lieg je als verschillende.

Heeft ze een kwade invloed? - Niemand is zo eerzuchtig als zij.

Ze doet alles om haar zin te krijgen. - Het is een heks.

Je zit te veel in het donker. - Wat doe je als Caesar koning wil zijn?

Hij wil de kroon niet. - Maar stel dat hij wel wil.

Natuurlijk wil ik geen koningen in Rome.

Bij Sulla stopte de tirannie toen hij doodging.

Bij koningen kan het bewind van zoon op zoon worden doorgegeven.

Daar leden onze voorouders onder.

Zij hebben de koningen uit Rome verjaagd en zouden dat nu weer doen.

Ik ook.

We hoopten al dat je dat zou zeggen.

Zijn dit gissingen? Ik had er nog niets over gehoord.

Iedereen heeft 't erover.

Ze zeggen dat er niets tussen hem en de kroon staat dan Cato, je oom.

Caesar heeft me beloofd dat hij Cato nooit zou vermoorden.

Zou hij niet in staat zijn een belofte te verbreken?

En wil je hem in zo'n dringende kwestie op de proef stellen?

Als Cato wordt vermoord en Caesar wil koning worden...

ben ik de eerste die zich verzet.

Maar daar begin ik niet aan voordat er bewijzen zijn.

HET FORT VAN CATO UTICA, NOORD-AFRIKA - 46 v.C.

Vader. - Waar is m'n zwaard?

Ik heb 't laten weghalen. - Waarom?

U zei dat als Caesar de veldslag won, u misschien...

M'n eigen zoon levert me naakt aan m'n vijanden uit.

Je zoon wil dat je blijft leven. - Zonder zwaard is er geen keus meer.

Ben ik soms krankzinnig dat je me tegen m'n eigen keuzen beschermt?

Ben ik je vader of je zoon?

Boei me dan ook nog maar, dan kan ik me helemaal niet meer verdedigen.

Hij wordt met alle eer begraven. - Ik doe 't zelf.

Laat de staat z'n leven huldigen. - Welke staat? Rome?

Het Rome van Caesar? Jouw eerbetoon zou mijn naam besmeuren.

Namens m'n vader en m'n familie wijs ik 't af.

Nu verzoek ik je deze kamer te verlaten.

We moeten over Cato praten als over een god.

Hij benam zich het leven om niet te worden gedood door een mindere:

Caesar.

Hoe meer we Cato ophemelen, hoe meer Caesar in achting zal dalen.

Toch moet 't niet lijken of we steun willen verwerven.

Het is een kunst om idee�n in de hoofden van anderen te planten.

Geen man is zo vastbesloten als hij die denkt dat 'n idee van hemzelf is.

Daarom moet Brutus met ons meedoen.

Hij zou zich niet inlaten met een zaak die niet deugt.

Naar hem luisteren ze.

Stel dat hij zich niet met onze zaak wil inlaten?

Ik denk dat ik Brutus wel zover kan krijgen.

Maar jullie moeten me wel helpen.

Nergens is 't zo vredig als in mijn huis.

Begroet je je man niet met een kus?

Stuur ze weg.

Mag een man niet meer warmte verwachten als hij thuiskomt?

Hoe kon je haar meenemen naar Rome?

Dat was in het belang van de staat.

Cleopatra regeert Africa grotendeels. - En jou helemaal.

Niemand regeert mij.

Cleopatra niet en zelfs jij niet.

Ik wil alleen de liefde die je me beloofd hebt toen we trouwden.

Je kunt gehoorzaamheid en trouw krijgen.

Maar wie me onteert, bemin ik niet. - Niemand kan je onteren.

Ik heb mezelf onteerd met dit huwelijk.

Je hebt een goede partij getrouwd. - Ik was beter af geweest met 'n ander.

Dan had m'n man niet voor Egypte hoeven presteren...

zodat de rijkdommen naar Rome vloeien.

Ik weet niet wie de concubine is, Cleopatra of jij.

Verlies je waardigheid niet. Ik accepteer niet alles van je.

Ik heb al geen waardigheid meer over.

Misschien moet ik er wat van kopen.

Ik moet maar leren, net als jij, dat 't te koop is.

Hoeveel kost 't? Hoeveel kost het consulaat of het koningschap nu?

Wanneer is je hoop om 't volk een visie te geven...

omgeslagen in begeerte naar macht op zich?

Was 't toen Julia overleed?

Ik kan nergens anders heen, dus ik blijf hier.

Maar we leven gescheiden, niet als man en vrouw.

Mogen de goden me hiervoor vergeven.

Ik zal bidden dat ze met jou hetzelfde doen.

Je staat vroeg op.

Jij ook. - De laatste tijd wel.

Ik kon niet slapen van de zorgen om jouw reputatie.

Weet jij hier iets van?

Ik herken 't, maar vraag niet verder.

Er kan zo snel iets veranderen. Dan twijfel je voor niets aan deze mannen.

Ik heb ze zo vaak gezegd dat je een man van eer bent.

Hoewel je Caesar niet wou tegenhouden.

Ik heb plechtig beloofd dat ik 'm zou bestrijden in de senaat.

Wie Caesar met woorden bestrijdt, kan 'm net zo goed de kroon geven.

Woorden gaan bij mij voor het zwaard, en de rede gaat voor de passie.

Rede in plaats van passie leidt tot nietsdoen.

Soms moet er worden gehandeld.

Maar ik weet dat je vindt dat je met zachtheid het goede het best dient.

Niet als ik verdedig waar ik in geloof.

Maar ik heb geen bewijs dat Caesar de kroon zal opeisen.

Kom je op de calendae van maart naar de senaat?

Caesar schijnt die dag een motie in te dienen om koning te worden.

Ik kom als ik ontboden word. - Dat bedoelen ze nou.

Het is zwak om alleen te komen als je ontboden wordt.

Je doet wat die tiran wil. - Hij heeft me gespaard.

En nam Cato's leven, je schoonvader, die je als een zoon behandelde.

Heeft ze haar rouw afgelegd? - Nee, en ik ook niet.

Dus je treurt om de dood van Cato? - Ja, dat doe ik zeker.

Maar genegenheid en plichten zijn niet hetzelfde.

Ze zeggen dat je alleen maar huilt...

en gebeden opzegt en de beker van je vrouw vult en naar bed gaat.

Als Caesar bij je komt, vul je ook zijn beker.

Wie zegt dat? Nou, wie? Wat ik doe, doe ik niet voor Caesar.

Ik doe 't voor Rome, altijd voor Rome.

Ik heb ze verteld dat je veel doet en dat je Rome liefhebt.

Ik heb zo vaak je lof gezongen en je tegenstanders veroordeeld.

Maar er is groot respect voor hen die hun leven gaven...

om de koningen te verjagen: Je voorouders.

En dat waren gewoon mensen, geen goden.

Blijf alsjeblieft niet. - Jawel.

Waarom zou je jezelf kwellen? - Het is geen kwelling. Voor hem wel?

Wil je daarom dat ik wegga? - Het is het beste voor iedereen.

Jij noch iemand anders weet wat het beste voor Rome is.

Ik ga zitten. Een vrouw mag toch een intocht bijwonen?

Heerlijk om je te zien.

Romeinen, we vieren de terugkeer van Caesar.

Hij heeft niet alleen Cleopatra bij zich, maar Egypte zelf.

Hij heeft het rijkste land omgevormd.

Het is niet meer alleen Egypte, het is nu ook Rome.

Ik heb 't al eerder gezegd en ik zeg 't nogmaals:

Ik word geen koning van Rome. Ik ben slechts Caesar.

Ik heb geen kroon nodig...

om namens jullie op te treden.

Denk je nog steeds dat wij niet voor een rechtvaardige zaak strijden?

Ik doe met jullie mee.

We moeten snel handelen.

We wachten tot Caesar om orde vraagt. Lepidus roept op tot stemming.

Casca, jij vraagt Caesar de petities te bekijken.

Cassius, jij gaat achter Caesar staan.

Geen van ons pakt z'n wapen tot we allemaal bij Caesar kunnen.

Elk mes moet Caesars lichaam ten minste ��n keer binnendringen.

Als ons plan mislukt...

of als 't van tevoren ontdekt wordt...

richten we onze messen op onszelf, zonder enige aarzeling.

Zijn we 't eens? Ga naar de senaat. Ik haal Caesar op bij Cleopatra.

Ga nu.

Wat loop je heen en weer? - Ik ben bang dat we te laat komen.

Calpurnia, wat doe je hier?

Ik heb een droom gehad. Ga vandaag niet weg.

Ik kom straks bij je, in ons huis.

Ik zag je neergestoken liggen, in je eigen bloed. Het was afschuwelijk.

Ik kan me niet door dromen laten leiden.

Je gaat niet. Ik heb vandaag m'n trots ingeslikt...

omdat ik jouw leven belangrijker vind.

De senaat is bijeengeroepen voor de consul.

Kunnen ze niet ��n dag werken zonder Caesar?

Er staan kwesties op de agenda die jij moet afhandelen.

Dat kan morgen. - Wat moet ik ze vertellen?

Dat hun consul thuis is, omdat z'n vrouw naar gedroomd heeft?

Als je vriend, Caesar, moet ik je hierin advies geven.

Jij hebt de senaat bijeengeroepen.

Laat zien dat je je aan je voornemens houdt. Ga naar je senaat.

Ze wachten tot jij ze leiding geeft.

Ik blijf bij 'm, mevrouw. Ik wijk niet van z'n zijde.

Ik kom straks bij je.

Heil, Caesar.

Ik kan vandaag niet alleen zijn.

Ga zitten. Breng ons wat wijn. - Ja, laten we wijn drinken.

Wat hebben we vandaag te doen?

Twee pleitnota's, de verkiezing van een quaestor...

en de petities van de senaat. - Eerst die verkiezing.

De verkiezing.

Ik stel voor dat we eerst de petities doen.

Ik heb om de verkiezing gevraagd. Daar beginnen we mee.

Marcus Octavius, die de functie wil hebben, is er nog niet.

Laat de petitionarissen dan naar voren komen.

Ik ben blij dat Caesar vandaag bij Brutus is.

Waarom?

Ik heb vannacht gedroomd dat hij werd doodgestoken.

Ik vraag genade voor m'n verbannen broer.

Waarom verzoekt u iets dat pas nog is geweigerd?

De volgende petitie.

Genade voor m'n vader, die vastzit.

Ik heb 'm zelf vastgezet. Mijn woord is wet.

U zei dat Caesar iets zou overkomen op de iden van maart.

Maar er is niets gebeurd.

De iden zijn begonnen, maar ze zijn nog niet afgelopen.

Ik wil u om vergiffenis vragen, grote Caesar.

En ik bid voor uw ziel.

Hou op.

Caesar is afgeslacht.

Na Caesars dood heerste er 15 jaar burgeroorlog in het Romeinse Rijk.

Binnen drie jaar waren al z'n moordenaars dood.

Allen kwamen door geweld om.

Cassius stak de dolk die hij voor Caesar had gebruikt in z'n hart.

Brutus benam zich het leven zoals z'n oom Cato had gedaan.

Portia werd gek toen Brutus doodging. Ze slikte een brandend stuk kool in.

Marcus Antonius huwde Cleopatra.

Ze pleegden zelfmoord toen Caesars opvolger ze opjoeg.

De zoon van Caesar en Cleopatra werd op bevel van Augustus gedood.

Calpurnia is nooit hertrouwd.

Hoek & Son�pouse Ondertiteling BV www.ondertitels.nl

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.