All language subtitles for Boys.dut

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish Download
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Ik zal de politie een beschrijving van het voertuig geven.

Mrs Patty Vare?

We praten met iedereen die op het feest was

dat gisteren in William Ryans huis gehouden werd.

- Was u op dat feest in Ryans huis? - Is er iets mis?

Om te beginnen is de auto van Mr en Mrs Rune Carter gestolen

bij de Landmark Tavern.

- Was u in de Landmark Tavern? - Ik was bij Billy Ryan.

Dat is vlak bij de Landmark.

Ik heb de Carters niet gezien.

Hoe bent u gisteravond thuisgekomen?

Met wat meiden uit Blakely meegereden. Is dat alles? Ik ben bezig.

Is er iemand bij u in huis?

Zoals wie?

Wie dan ook.

Niet op dit moment.

Oké. Dat mag.

Denkt u dat u straks nog hier bent?

- Hoezo? - Als we nog iets willen weten.

Straks ben ik er niet. Ik ga een eindje rijden. Sorry.

In die Porsche?

Op een paard.

Ik moet u wel waarschuwen dat het gaat regenen.

Oké.

Ik zat met bebloede handen aan tafel.

Ik wachtte op de zonsopgang terwijl m'n vrouw, althans deels,

nog steeds naast me zat.

Haar hoofd was afgehakt,

en, na tot aan de vaatwasser te zijn gerold, keek het me niet meer aan.

Ik zag alleen het plastic haarspeldje in haar haar,

en het spoor van bloed dat naar mij toe liep.

Dat was het.

Je hebt het goed verkloot.

- Noem je dat schrijven? - Pardon?

Noem je dat schrijven?

- Wat mankeert eraan? - Het is geen schrijven.

Het is chocoladesiroop op chocoladeijs. Gooi maar weg.

- U wou een huiselijk tafereel. - Wrok.

In de stijl van de schrijver John Cheever.

- Dat is dit. - Volgens mij niet.

Volgens mij wel.

Wat je hebt geschreven, is niet in John Cheever-stijl.

Doe het dus voor de volgende keer maar overnieuw.

- Goed, meneer. - Dat had je meteen moeten zeggen.

Je krijgt ook een nul omdat je te laat was.

- Ik spijbel morgen wel. - Omdat hij je verhaal niet mooi vond?

Nee, omdat hij me weer een nul gaf omdat ik drie minuten te laat was.

Als je niet komt, krijg je ook een nul. Dus kan ik beter spijbelen.

Hij begint te vroeg en vraagt dan waar je blijft.

Ik weet het.

Hij vraagt erom dat je spijbelt.

Mij best. Ik doe het met plezier.

Hé, Heinz. Weer geflipt?

- Ik ga iets te eten halen. - Was het een leuke les?

- Frances. - Laat me met rust.

Geef me wat chips, oké?

- 2 dollar 50. - Wat?

Dat zijn er vijf. Vier op de pof is het maximum.

- Frances. - Zo heet ik, ja.

- Ik heb niks bij me. - Hou toch op.

Hoezo? Ik heb een beurs. Elks Lodge betaalt voor mij.

Vraag je geldschieter dan maar om een snacktoelage.

- Milkshake of chocoladedrank? - Baker?

- Die trut laat me creperen. - Dat hoorde ik.

Pas maar op.

- Wat? - Ik moet metje praten.

- Je gezicht is vies. - Je moet de auto regelen.

- Hoezo? - Er is een dame bij Murphy.

- Wat bedoel je met "een dame"? - Een dame.

Wat voor dame?

Weet ik niet, maar we moeten haar ophalen. Met de auto.

- Geef even geld. Ik heb honger. - Wie wil er chips?

- Hoe kom je daaraan? - Gevonden.

Baker, alsjeblieft.

- Oké, we gaan. - Ga je met me mee?

Ik zei net "we gaan".

Waar ga je heen? Geef hier.

- Wat hebben zij? - Geen idee.

- Cooke, rustig. We vinden haar wel. - Ik weet het.

- Wat deden jullie daar? - Spijbelen.

We zagen een paard lopen. opgetuigd, maar zonder berijder.

Murphy wou weg. Ik dacht dat het paard verdwaald was of...

Daar is Murphy.

Kom dan.

Snel.

Kom op.

Moet je haar zien.

Moet je zien.

Ik zei het toch.

Ze heeft daarnet bewogen.

- Hoe bedoel je? Wat heb je gedaan? - Niks. Ik heb haar niet aangeraakt.

Wat is er met haar gebeurd?

We kunnen 'm maar beter smeren.

- Briljant, Murphy. - Wat wil je dan?

Geen idee. Ik ben aan het nadenken.

Mevrouw, bent u daar nog?

Waar is m'n paard?

We brengen u naar een dokter.

- Waarom niet? - Ik mankeer niks.

- Dat denk ik toch niet. - Ik wil niet naar een dokter.

En als er iets gebroken is?

- Moeten we u naar huis brengen? - Waar woont u?

Woont u hier in de buurt?

Mevrouw?

verdomme.

- Hou je kop. - Wat nu?

We nemen haar mee.

- We nemen haar niet mee naar school. - Waarom niet? Ze wil niet naar huis.

Breng haar naar een pompstation. Bel de politie.

- Hoorde je wat ze net zei? - Dat heb ik gehoord.

Stel dat ze op de vlucht is? Ik lever haar niet uit.

Omdat ze van haar paard is gevallen?

Ik weet niet wat er is gebeurd.

Wat?

Wat doe je?

Niks.

- Wat doen jullie hier? - We zochten een aansteker.

- Heb je geen aansteker? - Ze zijn allemaal hier. Klaar?

Moeten jullie niet eten?

Oké. Daar gaat ie.

- Als je nu niet gaat, kom je te laat. - Je pa heeft weer gebeld.

Volgens mij praat hij liever met mij dan metjou.

Fijn, maar het is halfzeven.

Je was je ma's verjaardag weer vergeten. "Sonny, verdomme."

Noem me niet zo.

Als je nu en dan iets leuks vertelde, zou hij je aardiger vinden.

Daar is Jimmy Cooke.

- John. - Wat?

M'n naam is niet Jimmy, maar John.

John. Johnny. Jimbo.

Hoe gaat het, Bill?

- Ophoepelen. Allemaal. - Pardon?

Hé, dat was van mij.

Dit is mijn kamer.

- Wat heb je toch? - Niks. Ik wil gewoon wat privacy.

snappen jullie dat?

- Wat ga je doen wat zo geheim is? - Niks.

- Graafje een tunnel of... - Nee, eikel.

Ik heb 'n bewusteloos meisje in de auto en ik wil haar naar m'n kamer brengen.

Mocht je willen.

Jullie worden bedankt.

We zijn er nu.

- Waar bleefje? - Gaat het goed met haar?

Ik weet niet eens of ze dood is of nog leeft.

En nu? Ze heeft een ongeluk gehad.

Dat weet ik.

- Breng haar naar binnen. - Ik niet.

Ik ga eten. Je gaatje gang maar, maar dan wel zonder mij.

Ik probeer haar te helpen.

Kom op.

Wat is dat?

Een briefje van 20.

- Patty S. Vare. - Laat mij eens zien.

Ogen: br...

Bruin.

- Geboortedatum: 2-9... - Ze is 25.

- Ze zegt weer iets. - Is ze wakker?

Misschien. Ik weet het niet.

Je bent wakker.

Hallo.

Hoe voel je je?

Niks gebroken?

- We hebben je laarzen uitgedaan. - Zodatje kon slapen.

Gaat het?

- Moeten we de ziekenzaal bellen? - Nee.

Ze praat.

Ze moet naar de ziekenzaal.

- Ze zei nee. - Waar ben ik?

In mijn kamer.

- Ik bel de ziekenzaal. - Ze zei net nee.

- Ik wil even zitten. - Ga je gang.

Waar is m'n paard?

Dat weten we niet.

Ga wat te eten voor haar halen. Haal een boterham.

Nu?

Wil je dat? Heb je honger?

Niet echt.

- Haal wat soep. - Laten we erom tossen wie gaat.

Oké, ik ga wel. Als er geen soep is, dan donuts?

Donuts zijn prima. Ga nu maar.

En...

- Wat heb je gedaan? - Ik ben van m'n paard gevallen.

Waarom wil je niet naar een dokter?

Heb ik dat gezegd? Dat weet ik niet meer.

- Dat verbaast me niks. - Hoezo? Wat heb ik nog meer gezegd?

Je zei datje niet naar huis wou.

o ja?

Het klonk alsofje iets had uitgevreten.

Mrs Patty Vare?

- Heb je iets gestolen? - Wat?

Iemand vermoord?

Waar heb je het over?

De perfecte misdaad. Toen kwamen ze je op het spoor, dus moestje vluchten.

Waar heb je het over?

Weet ik veel.

Het was maar een idee.

Toen ikjou daar helemaal alleen in dat veld zag, hoopte ik

dat ik 'n voortvluchtige aan 't redden was.

Sorry dat ik je moet teleurstellen.

Verontschuldig je niet. Je bent geen teleurstelling.

Hoe heet je?

Louise.

Momentje.

- Wie is daar? - Murphy. Doe open.

- Dat gaat nu niet. - Wat bedoel je?

- Je mag nu niet binnenkomen. - Doe open of ik haal Hunt.

- Ze is bijgekomen. - Wat wil je?

- Is ze oké? - Prima.

Maar goed dat ze is bijgekomen.

Ze had wel dood kunnen blijven.

Hoe heet je?

- Louise. - Murphy, hoepel op.

- Heb je honger? - Ze heeft geen honger.

- Woon je in de buurt? - Laat haar nou.

Laat jij haar maar met rust.

Een sigaret?

- Hou op. - Wil je ons even excuseren?

Laat me los.

- Het bezoekuur is voorbij. - Hetjouwe lijkt anders net begonnen.

Je hebt wel een grote mond voor zo'n ukkie.

Mijn mond is niks vergeleken bij die paal in je broek.

- Wat? - Je hoorde me wel.

Hopelijk heb ikje dan verkeerd begrepen.

- Wat wil je, Marco? - Niks.

- Ga Mr Hunt halen. Nu. - Als je het maar laat.

Marco, ga dan.

Je wordt hiervoor van school getrapt.

- Denk je? - Zeker weten. Je kunt het schudden.

Jij wordt ooit een geweldige smeris. Weet je dat?

Nog niet terug?

Nog steeds niet terug.

Zou ze er met die honkballer vandoor zijn?

Dat zou heel goed kunnen. Ik weet het niet.

Ik hou er niet van om ontweken te worden.

Het zou niet voor het eerst zijn dat ze flink gebeest heeft.

- Ken je haar? - Jazeker.

Waar moest ze zo snel heen dat ze haar paard achterliet?

Dat paard kan zelf daarheen zijn gelopen.

Ze heeft hem ooit bij Fentons hek achtergelaten. Ken je die?

Ze heeft hem daar drie dagen laten staan.

Waar was ze dan?

Geen idee. Zij en Fenton waren ergens heen. En van het een kwam het ander.

- Ze is wel een wilde. - Dat hoor ik ook over Bud.

Misschien heeft hij nu zijns gelijke gevonden.

Precies.

- Kom naar buiten metje handen omhoog. - Ik had dit bijna laten vallen.

Je hebt geknoeid.

- Leverjij nu roomservice? - Nee, eikel.

- Je behandelt hem of hij Elvis is. - Niet waar. Dit is voor mij.

- Dat denk ik niet. - Wat weet jij nou?

We weten dat hij iets verbergt.

Alleen omdatje het weet, ben je al de klos.

- Het is echt wel illegaal. - Hij kijkt alleen of ze niks heeft.

-Ze? - Ik bedoel...

Niet te geloven.

- Het is een meisje. - Ik wist het.

- Die Smeerlap. - Waar heb je het over?

- Kom mee. - Welk meisje? Ik heb niks gezegd.

Jou pakken we later wel, kletskop.

Bedankt.

Ik hou de deur wel in de gaten.

Oké.

Wie is dat?

Dat is Patty Vare.

Ken je haar?

Ja, ik ken haar.

Wil je wat voor me doen?

Wat?

- Wat? - Ik wil je aan iemand voorstellen.

- Aan wie? - Kom nou maar.

Bud, dit is Patty. Patty, Bud Valentine.

Er is een pitcher die Bud Valentine heet. Hij werpt voor Pittsburgh.

Dat is hij.

Dat is hij.

- Ben jij dat? - Inderdaad.

Leuk voor je. M'n vriend is een groot honkbalfan.

Vandaar dat ikje naam ken.

Hij boft dat hij jouw vriend is.

Wat lief gezegd.

Is hij hier?

Nee, hij is hier niet.

Sorry.

Alles oké?

Ik voel me prima.

Pas maar op.

Marco. Kom hier.

Hou je hand zo. Zorg dat er niemand aan die deur komt.

- Waarom niet? - Dat is jouw taak.

Wacht. Wat bedoel je? Stel dat iemand naar binnen wil.

Waar is ze?

Waar is wie?

Waar is wie? Fraai is dat.

Ze is weg.

- Je liegt. - Misschien is ze in de badkamer.

Ja, vast.

Ga maar kijken.

We gaan wel buiten kijken.

Ze is niet buiten.

- We gaan buiten kijken. - Je doet maar.

- Wat is er gebeurd? - Ik pakte de plank beet.

- Heb je niks? - Ik geloof het niet.

Cooke, ze heeft een deken nodig.

Je hemd is doorweekt. Je moet iets droogs aantrekken.

Wat moet ik doen?

Haal een overhemd uit m'n kamer.

Hallo?

Heb je me gehoord?

Haal een overhemd.

- Is er iemand op de gang? - Ik geloof het niet.

- Gaat het? - Niks aan de hand.

- Heb je het nog koud? - Ik heb het warm.

- Wat doe je? - Ik heb het te warm.

Wat is hier aan de hand?

- verdomme, Cooke. - Sorry.

- Doe de deur open. - Laat ons erin.

Wees nou toch stil.

- Wat? - Candygram.

De badkamer ligt aan diggels. Hoe is dat gebeurd?

Baker, de badkamer ligt in puin.

Ik haat het hier.

Ik haat het hier zo erg.

- Wil je mij? Zoekje mij? - Wie is zij, eikel?

Wie is wie? Wacht. Waar hebben jullie het over?

- Waar komt ze vandaan? - Je moet het zeggen.

- Je hebt geen keus. - Bedreigen jullie me?

Geen dreigementen.

- Hou dan geen dingen verborgen. - Waarom niet?

Als je beste vriend hoor ik te weten wie ze is.

Ben jij m'n beste vriend?

Luister.

Dit kun je niet aan. Dus bemoei je er niet mee. Oké?

- Wat doe jij nou? - Wat is er gebeurd?

Ik heb m'n hand gebroken.

- Moet je zien. - Breng me naar het ziekenhuis.

- Ik? Ik kan nu niet. -Wat?

Van Slieder brengtje wel. Ik moet hier blijven.

- Wat? - Ik moet hier blijven.

Ik heb je hand niet gebroken. Ga naar de ziekenzaal.

Je blijft bij je meisje terwijl ik naar het ziekenhuis moet?

- Zo is het genoeg. - Hou je kop. Ik breng je wel.

God. Kom, we gaan.

- Ik sla je op je bek. - Je wordt bedankt.

- Wat is er? - Niks.

Ik heb wat fris meegenomen. Alles oké?

Ja. Ik heb een broek en schoenen geleend.

Dat is prima.

- Heb je iemand gebeld? - Over jou?

Ik ben zo terug.

Ik sta bij je in het krijt.

Nee, hoor.

- Wat was dat? - Sorry.

- Laat me erin. - Wacht even.

- Snel. - Laat hem erin.

Snel.

- Je bent ongelooflijk. - Hoezo?

- Ze is nog steeds in je kamer. - Hoe weet je dat?

Iedereen weet het. Zelfs Marco heeft haar gezien.

- Marco heeft haar niet gezien. - Hoe lang blijft ze hier?

Dat is nietjouw probleem.

Weet je wat m'n moeder altijd zei?

Als je een zwerfkat te veel melk geeft, gaat ze niet meer weg.

- Wat geniaal gezegd. - Hou je kop.

Je snapt het niet. Het is niet watje denkt.

Snap ik het niet?

- Wat lees je? - Je huiswerk, denk ik.

- Het is behoorlijk bloederig. - Het is maar een verhaal.

Dat stuk met die drie hoeren in bad vond ik goed.

- Mag ik het terug? - Waarvoor is dit? Creatief schrijven?

- Er staat geen cijfer op. - Het is een keuzevak.

Je zakt ofje slaagt.

Hoe doe je het tot nu toe? Zak je of slaag je?

50-50.

Mag ik dat terug?

- Niet slecht. Een beetje bloemrijk. - Dat zegt m'n leraar ook.

- Echt waar? - Min of meer.

Gaat het goed metje hoofd?

Er zit een snee in.

Hoe kom je daar aan een wond als je op je rug bent gevallen?

Ik heet niet echt Louise.

Dat weet ik.

Ik heet Patty.

Ik wist dat dit zou gebeuren.

Dat wat zou gebeuren?

- Dat ik geschorst zou worden. - Ben je van school getrapt?

Nog niet, maar als ik naarjou kijk, weet ik dat dat gaat gebeuren.

Helpt het als we weggaan?

Als jij weggaat? Ja, waarschijnlijk wel.

Ga je met me mee?

Ik zit nog op school.

Je kan me m'n paard helpen zoeken.

Als je wilt.

Wat is er? Wat doe je?

We vinden je paard hier heus niet.

Misschien is hij gevonden en naarje huis gebracht.

Misschien moeten we daar kijken.

- Zo te zien lijktje dat niks. - Dat zie ik inderdaad niet zitten.

- Waar kijk je naar? - Die lichtjes in de verte.

Dat is de Kermis.

Zullen we daarheen gaan?

Nu? Ben je niet lekker? Ik moet terug naar school.

- Het is een heel leuke kermis. - Dat zal best, maar...

Volgens mij staat vandaag de verkeerde zender aan.

Dat gevoel heb ik elke dag.

Wat is er zoal te beleven? Roetsjbanen en zo?

Alsjeblieft.

Ik weet er nog een. Er waren eens twee vrouwen.

- Wat kijkje nou? - Die heb je me al verteld.

- Hoe weet je dat? - Die heb je me net verteld.

Twee vrouwen zitten voor hun voordeur

en een van hen ziet hun man...

Vriend, met een bos rozen.

- Je hebt me die al verteld. - Echt waar?

Wat is er?

- Ik moetje iets vertellen. - Ik ook.

Ik eerst. Ik vertel nooit iemand iets.

Patty Vare.

- Fenton. - Waar heb jij gezeten?

Ik was vanavond hier. En jij?

Wat biertjes drinken, hè?

- Ken je Jilly? - Ik geloof van wel.

Wie is dit?

Dit is m'n broer, Lars.

Hij heet Lars, roepnaam Larry.

Ze heeft het altijd overje. Fenton Ray. Dit is Jilly.

Hallo.

Rijd je net zo goed als je zus?

- Wat? - Hij bedoelt paarden, Larry.

- Ik hou niet van paarden. - Larry is een autogek.

Echt waar?

Daar is die vette smeris weer. Hij was vandaag in de Landmark.

- Wat moest ie daar? - Hoe moet ik dat weten?

Ik zei het toch. Je moet je vizier gebruiken.

"Fenton, we zoeken een gestolen auto."

"Wat kun je ons vertellen?" Ze komen altijd eerst naar mij.

- Die vent zit iets dwars. - Wil je me even excuseren? Zo terug.

- Gaat het wel goed met haar? - Vast wel. Alleen...

Heb ik iets gemist?

Ze heeft een heel beschermende broer.

- Ik dacht dat je wegging. - Ik ging in de rij staan.

Maar je was opeens weg.

Er zijn hier mensen, Larry. Voorzichtig.

Wat bedoel je?

- Wat doe je? - Jij bent begonnen.

Ik ben niet begonnen.

Begin jij nou niet.

Wil je met me trouwen?

Ik weet dat het idioot klinkt, maar ik zou het doen. Ik doe alles voor je.

- Ma. - Hier zit nog wat.

Neem hem mee naar de fontein.

Oké. Kom mee. We zijn zo terug.

- Wat is dat? - Waar is Kellogg?

Hij zei dat hij het zelf wou doen.

- Wie is die vent? Ik ken hem. - Bud Valentine. Speelt voor Pittsburgh.

Oja. Hij is hun pitcher.

- Mag je hem wel? - Ja, hij is goed.

Vandaag in Atlanta kwam hij niet opdagen.

Wordt hij ergens voor gezocht?

- Wat bedoel je? - Wordt hij vermist?

Wat is er?

Waar kijk je naar?

Wat is er, KC?

- Wat is er? - Niet bewegen.

Wil je weten wat m'n vader doet?

Wat dan?

Hij is eigenaar van zeven Piggly Wigglys en negen Sir Steaks.

Nee, tien Sir Steaks. Hij heeft er nog een van Radioshack gekocht.

Dat was eerst een RadioShack. Snap je wat ik bedoel?

Dat wil jij niet.

Ik wil dat niet.

Weet je wat hij wil dat ik doe?

Hij wil dat ik ooit met de hele keten de beurs van New York op ga.

Ik, topman in het bedrijfsleven.

Al vanaf m'n tweede zegt hij dat ik m'n tijd verspil.

"Sonny, verdomme, kom onmiddellijk hier."

Dan zei m'n moeder: "Hij is pas acht."

- Hij stuurde me weg toen ik 12 was. - Het huis uit?

Hij stuurde me naar kostschool.

Ik zei toen: "Prima, dan heb ik tenminste wat privacy."

Haal me daar weg, Patty. Ik smeek het je.

Laat me je butler zijn of zo.

Ik heb geen butler nodig.

Kunnen we niet gewoon samenleven?

- Dat zou je niet bevallen. - Jawel.

Niet lang.

Doorjou ziet alles er zo anders uit.

- Geef dan ‘s een voorbeeld? - Nou, alles.

Alles is zinloos als ik niet bij jou kan zijn.

Wat moet ik nou op school? Ik heb geen idee.

Ik ben bang dat ikje nooit meer zie.

- Of zie ikje nog wel? - Natuurlijk.

Je ziet me toch? Ik ben hier.

Wil je een biertje?

Hoe heette je ook alweer?

Fatw-

Je bent dronken, Bud.

Stap in de auto.

- Van wie is deze auto? - Het is een huurauto.

- Heeft iemand als jij geen eigen auto? - Jawel.

Waarom nemen we dan deze?

Omdat deze me altijd aan jou zal doen denken.

Bud Valentine, autodief. Wie had dat nou gedacht?

Moet ik nu lippenstift op?

Farney.

Nee maar, Patty.

- Wat doe je hier? - Farney.

Het lijkt hier wel Grand Central Station.

- Ik heb je hond gevonden, Jilly. - Waar was hij nou?

Farney, kom hier.

- Waar is Dennis the Menace? - Kop dicht, oké?

Waarom kijkje zo? Heeft hij nog maar drie dagen te leven of zo?

Jeetje. Is dit serieus of zo?

Ik weet het niet. Ik weet het niet.

Hoor eens, Fenton. Ik zit in de problemen.

Met die knul?

Wil je me hier weghalen voor die smeris terugkomt?

En een scène maakt waarje broer bij is?

Het laatste waar hij behoefte aan heeft...

Ben ÍÌÍ?

Ja, ik.

- Hallo? - Met wie spreek ik?

- Jonathan Marco. Wie is dit? - Baker. Haal Cooke, en snel.

- Hallo? - Cooke, met mij.

- Waar ben je? - Ik ben op de Kermis.

Je zit zwaar in de problemen.

- Nee, hoor. - Mooi wel.

Iedereen weet dat je weg bent. Je wordt vermist.

- Ik weet wat ik deed. - Je ouders zijn gebeld.

- Door wie? - Hunt. Murphy heeft het hem verteld.

Cooke, ben je er nog?

Ja, pa?

Is er iemand binnengekomen?

Ja, pa.

- Toch niet weer Hunt? - Ja, pa.

- Ik bel je nog wel. - Dat is niet alles.

Kan ik ma even spreken?

- Waar heb je het over? - Metjullie allebei.

Pa, van jou.

- Wat? - Om je op te zoeken.

Shit. M'n ouders zijn daar.

Goed zo, pa. Ik wist wel datje het kon.

- Geef m'n vader maar. - Grapjas.

- Ik meen het. Geef hem maar. - Pa, toe nou.

Zeg maar dat ik het ben. Je krijgt er geen problemen mee.

Mr Baker?

Het is voor u.

- Pa, met... - Sonny, verdomme.

Waar zit je? Je moeder is een zenuwinzinking nabij. Het is hem.

Pa, luister. Ik heb de tijd van m'n leven.

Ik geloof m'n oren niet.

- Wat? - Dat wil je niet weten.

Het is niet slecht. Het is juist goed.

Waarvandaan bel je?

Ik ben hier met 'n vriendin, maar daar gaat 't niet om.

Ik sta in de wereld en het gaat prima.

Dat is wel het domste wat je ooit gezegd hebt.

Luister. Ik sta hier bij je kamer met Steve Hunt.

Alles is geregeld. Begrepen?

Je kunt morgen met een schone lei naar school.

Steve is een goede vriend van mij en hij is bereid...

- Ik niet. Ik wil niet terugkomen. - Sonny, verdomme.

We weten dat het om een meisje gaat.

We weten niet hoe...

- We willen dat ook niet weten. - Waarom niet?

Ik heb een engel ontmoet en die heeft me meegenomen naar de hemel.

Hoorje de muziek? Daar ben ik nu.

Sonny, alsjeblieft.

Ik gooi de ketenen af. Ik kom niet terug.

Feliciteer me maar.

Hij heeft opgehangen.

Ik was vergeten ma te feliciteren. Wens haar maar een fijne verjaardag.

Hij belde om je een fijne verjaardag te wensen.

Politie. Met wie belde je net?

Een vriend, meneer. Hoezo? Doe ik iets verkeerd?

Waar is je vriendin?

Hoe bedoelt u?

Oké.

- Ken je deze man? - Nee.

Hij lijkt op Bud Valentine. De pitcher van de...

- Ja, dat is hij ook. - Waarom laat u me dit zien?

Waarom verdwijnt ze elke keer als ik haar wil spreken?

- Wie? - Miss Patty Vare.

- Hoe bedoelt u "verdwijnen"? - Hoe ken je haar?

Nou...

Ik ken haar gewoon.

- Hoe lang ken je haar? - Sinds vandaag pas.

Dus jij weet niks van een gestolen auto?

Een zwarte Jetta. Kenteken: RB567K.

- Ik weet niet... - Die auto is zoek.

Net als Mr Francis "Bud" Valentine.

Je vriendin weet waar die twee zijn.

Ze ontwijkt me vandaag aldoor. Kun jij me vertellen waarom?

- We hebben wat biertjes gedronken. - O, ja. Dat zie ik.

Heb je een legitimatiebewijs?

Ik heb legitimatie van school.

- Je mag zeker nog niet drinken? - Inderdaad, meneer.

John Baker Junior.

Sherwood School voor jongens.

Krijg je al gauwje diploma?

Juni. Tenminste, als ik slaag.

AIS?

Dat hoor ik niet graag.

Ik zal je zeggen wat ik doe, John Baker Junior.

Ik wil datje dit nummer belt als ze weer contact met je opneemt.

Hoe bedoelt u, als ze contact...

Breng me niet in de verleiding je niet te vertrouwen, John.

- Dag, ma. - Sonny.

- Alles oké? - Ja, hoor.

Kom binnen.

- Sorry dat ik jullie wakker maak. - We waren toch wakker.

Wat is er aan de hand?

- Ik heb om acht uur les. Ik wou... - Hoe bedoel je, je hebt les?

Ik heb een proefwerk Spaans.

- Dus je gaat naar de les? - Ik zal wel moeten.

- Hoe ben je hier gekomen? - Hier?

Ik ben komen liften.

Je hebt een auto van school gestolen.

Ik heb hem net teruggebracht.

Pa, kan het niet wat minder?

- Hoe dan? - Voorwaardelijk vrij op m'n 35-ste?

- Je zit niet vast. Het is de kans... - Ik draag geen streepjespak?

- We bellen Steve Hunt. - Ik wil hem niet ook wakker maken.

Sonny, wil je gaan zitten?

Dr Paz? Sorry voor de storing.

John was vanochtend bij mij. Hopelijk vergeeft u hem dat hij te laat is.

Te zwaar voor je, hè? Ik neem haar wel van je over.

Moestje pa je reanimeren?

Heren, als u iets bespreekt wat niets met Pedro te maken heeft,

zeg het dan wat harder, zodat de hele klas het kan horen.

- Serìor Heinz. - Si, serîor.

Wat is er zoveel interessanter dan de les?

Niets, het spijt me.

Verstoorde u de les om niets?

Nee, meneer.

Sefior Baker.

Het spijt me. Ik ben niet mezelf, vandaag.

Wat is er zo grappig?

Baker, ga eens staan.

Ga staan, Baker.

Hebt u de opgegeven hoofdstukken nu wel of niet gelezen?

- Ik heb ze niet gelezen. - Is daar ook een reden voor?

Ik heb privé-problemen.

Wilt u daar in het Engels over praten?

Liever niet, meneer.

Het gaat om m'n vader en z'n gevecht tegen de alcohol.

M'n moeder kan niet helpen want die is ook niet fit.

Hou je kop, Heinz.

Het gaat om een meid.

In één avond heeft hij z'n hele toelage opgemaakt.

- Er wordt hier niet gevochten. - Ik weet het, Dr Paz. Het spijt me.

- Volgens mij heb ik griep. - Griep?

Ja. Ik voel me niet goed.

Is dit een verzoek om vandaag niet mee te doen aan het proefwerk?

- Ik wil het liever later maken. - En je energie voorje meisje bewaren.

Pas op m'n hand.

Als je het over de duivel hebt...

- Wat bedoelt u? - Ik had het net overje.

- Wat is er? Waar ga je heen? - Nergens.

- Waarom heb je geen les? - Ik ben gestopt.

Voorje je boeken aan de armen geeft: Er is iemand naarje op zoek.

De snackbar. Ze zegt dat ze je tante is.

Ze ziet er niet uit als je tante. Meer als Barbara Stanwyck.

Ze zit daar met een kopje thee op je te wachten, Baker.

Pas goed op jezelf.

Zoek je mÌÌ?

Zeg iets, alsjeblieft?

Het spijt me van gisteravond.

Waar ben je heen gegaan? Ik heb op je gewacht.

Ik ben met Fenton meegereden.

Wat?

Hij heeft me een lift gegeven naar zijn huis.

Ben je naar huis gegaan met die crimineel?

Hij is timmerman, Larry.

Ik heet geen Larry, maar John.

Heeft hij je geholpen om van me af te komen?

Ik wil je niet van je schoolwerk afhouden.

Ik ben met school gestopt. Althans, dat heb ik geprobeerd.

Ben je altijd zo?

Ik ben altijd zo.

Weetjij iets af van een pitcher die Bud Valentine heet?

- Wat is dat? - Een foto.

Melanie Carter. Je hebt de auto van de Carters gejat.

Dit is de auto van Rune en Mary Carter.

Dat is hun dochter. Die heeft vorig jaar zelfmoord gepleegd.

- Ik voel me beroerd. - De auto is behekst.

- Zeg dat niet. - Geintje.

- Ik ga naar huis. - Ik breng je ergens heen.

Ik denk niet dat ik daar nu naartoe wil.

- Te laat. - Dat kan morgen ook.

- Morgen moet ik in Atlanta spelen. - Dit is onze auto niet.

Bud, stop.

- Waarom stop je niet? - Wat is er nou?

Ik kreeg geen adem.

Ik moest daar weg.

Ik was zo bang en... ik heb hem daar achtergelaten.

In de auto.

Ik snap niet waarom ik er wel uit kon en hij niet.

Larry?

Waar blijven ze nou?

Ze komen zo.

Miss Vare?

Ik wil u meenemen naar Wayland. Als u dat goedvindt.

- Agent Cane neemt Mr Baker mee. - Hij is hier niet bij betrokken.

Zo is de procedure. Het duurt niet lang.

U hoeft me niet beet te pakken.

Wayland.

Oké. Bedankt.

- We zijn hier wel klaar. - Mooi zo.

Als we nog meer van uw zoon willen weten, bellen we u wel.

Bedankt voor uw hulp, inspecteur.

Hé, Patty. Hoe gaat het?

Wel goed, hoor.

Dit zijn m'n zus Ellen en m'n broer Tom.

Oké, Sonny. Kom mee.

- M'n vingerafdrukken zijn genomen. - Waarom?

Voor het bijdragen aan het overtreden van de wet door een minderjarige.

Kom mee.

- Wat heb je gezegd? - Niks.

- Sonny, verdomme. - Verdomme wat?

- Sla niet zo'n toon tegen me aan. - Hij wil haar helpen.

Ze heeft genoeg mensen die haar kunnen helpen.

- We zouden het kort houden. - Maak maar dat je wegkomt.

Jaag je vader niet nog meer tegen je in het harnas.

Hopelijk is het een grote lift.

We wachten wel op de volgende.

verdomme.

- Dag, agent. - Je mag hier niet parkeren.

M'n therapeut zei dat ik hier moest wachten. Ze vermoordt me anders.

Ik weet niet wie je therapeut is, maar ze mag hier niet parkeren.

Is dit uw auto?

- U mag hier niet parkeren. - Sorry.

Sonny, verdomme.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.