Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Op het moment dat je wil gaan investeren
in vastgoed en je wil het in de
buy-to-let-markt doen, dan moet je
dus eigenlijk wachten tot de rentes gaan dalen
en dat de huurprijzen zo min mogelijk gereguleerd
zijn.
In deze masterclass ga ik jou uitleggen wat
beleggen in vastgoed nou eigenlijk precies is, wat
de ontwikkelingen in Nederland zijn, wat de juridische
kaders zijn en op welke manier je nog
steeds winstgevend kan beleggen in vastgoed.
Welkom bij de masterclass Veilig investeren in vastgoed.
Ik ben Esther Dekker, founder en directeur van
Fortus vastgoedfondsen.
In deze masterclass ga ik je meenemen in
het beleggen in vastgoed in Nederland.
Ik ga je vertellen welke strategieën er zijn,
welke vormen van investeren er zijn, de juridische
kaders die nu spelen, de ontwikkelingen in de
huidige markt en ook de vraag is vastgoedbeleggen
in Nederland eigenlijk nog wel interessant.
Dat is het gelukkig nog wel en in
deze masterclass ga ik je ook vertellen op
welke manier je nog steeds winstgevend kan beleggen
in vastgoed.
In 2008 kregen we in Nederland te maken
met de financiële vastgoedcrisis.
Wat gebeurde er toen?
We zagen in Amerika dat er een aantal
banken ontvielen en dit had ook invloed op
de vastgoedmarkt in Nederland.
Woningen kwamen onder water te staan, werden niet
meer verkocht, banken gingen failliet, het was echt
een complete chaos.
Als reactie hierop zagen we dat de rente
verlaagd werd in Nederland en vanaf 2009 zien
we dan ook weer een stijging van de
waarde van het vastgoed in Nederland en daarom
werd ook vastgoedbeleggen voor heel veel particuliere beleggers
ineens heel erg interessant, want de rente was
aan de ene kant laag en de prijzen
van vastgoed waren ook nog laag.
Dus op die manier was het heel erg
interessant om in vastgoed te gaan investeren, ook
omdat we gelijk ook in die huidige tijd
zagen dat zeker in de grote steden zoals
Rotterdam, Amsterdam, Utrecht, Den Haag, daar gingen de
huren ook in een keer stijgen.
Dus aan de ene kant kon je voor
een heel goedkoop tarief je geld lenen, je
kon voor een heel aantrekkelijke aankoopprijs je vastgoed
aankopen en je kon het voor een redelijk
hoge huurprijs verhuren.
Dat maakte vastgoedbeleggen in die tijd heel lucratief
voor die model.
Dat bleef niet ongemerkt in de markt.
Dus wat gebeurde er rond 2018, 2019 kwamen
er in een keer heel veel cursussen hoe
je nou in vastgoed kon investeren.
Nou die cursussen die waren niet altijd helemaal
op waarheid berust, want het ging voornamelijk heel
erg over termen, hoe kan je financieel vrijer
worden met vastgoed, je hoeft nooit meer te
werken als je in vastgoed gaat investeren.
Dat klopt natuurlijk niet helemaal, maar je zag
echt dat investeren in vastgoed werd eigenlijk in
die tijd een soort hype.
En wat gebeurt er op het moment dat
dingen een hype worden?
Dan gaat de overheid ingrijpen.
En dat zagen we ook in 2020, 2021,
er kwamen steeds meer geluiden dat de overheid
ging ingrijpen in die vastgoedmarkt.
In 2022 gebeurde dat ook en toen werd
het opkoopverbod ingevoerd.
Dat betekende dat je in sommige wijken, eigenlijk
in best wel heel veel wijken, als we
kijken naar Rotterdam, daar werden er 16 wijken
aangewezen waar je niet meer in vastgoed mocht
investeren als particuliere belegger.
Dus je mocht geen vastgoed meer aankopen om
dat vervolgens te verhuren.
We zagen toen al dat het aantal particuliere
beleggers wat vastgoed aankocht echt ging dalen.
En dat was eigenlijk het start zijn van
de ene naar de andere overheidsmaatregel die ingevoerd
werd.
Hierna zagen we bijvoorbeeld ook dat de overdragsbelasting
verhoogd werd.
Vroeger was dat 2 procent en inmiddels zitten
we op 10,4 procent overdragsbelasting op het
moment als je als particuliere belegger een pand
wil aankopen voor de verhuur.
Maar daar bleef het niet bij.
Afgelopen jaar is ook de wet goed verhurderschap
ingevoerd die bijvoorbeeld verhuurders dwingt tot het doen
van heel veel onderhoud en waar ook weer
dwangsommen aan verbonden zijn.
1 juli 2024 wordt ook de wet tijdelijke
huurcontracten afgeschaft en de Eerste Kamer is zich
nu aan het beraden over de wet betaalbare
middenhuur.
De wet betaalbare middenhuur betekent dat ook nog
een keer de huurprijzen gereguleerd gaan worden.
Met deze geschiedenis vraag je je natuurlijk af,
is beleggen in vastgoed dan nog wel interessant?
Misschien niet meer op de buy-to-let
manier maar wel op andere manieren en dat
ga ik je nu vertellen.
Nou, investeren in vastgoed, wat is dat nou
precies?
Investeren in vastgoed heeft bepaalde voordelen ten opzichte
van bijvoorbeeld investeren in aandelen.
Allereerst is vastgoed waardevast, dat betekent dat vastgoed
uiteindelijk altijd stijgt in waarde.
We hebben natuurlijk in de crisis rond 2008
gezien dat er toen een dip kwam in
de waardes van vastgoed.
Maar als je natuurlijk kijkt naar de huidige
markt heeft dat zich echt ruimschoots hersteld.
Dus vastgoed is een heel erg fijn waardevast
product.
Maar wat vastgoed nou echt uniek maakt is
dat je ook zelf heel makkelijk waarden kan
toevoegen aan vastgoed.
Dus denk bijvoorbeeld aan het splitsen van vastgoed.
Dat betekent dat je van één pand, een
heel groot pand van bijvoorbeeld 150 vierkante meter,
dat kan je splitsen naar drie appartementen van
bijvoorbeeld 50 vierkante meter.
Dus van één woning maak je op dat
moment drie woningen.
Een woning van 50 vierkante meter of drie
woningen van 50 vierkante meter zijn over het
algemeen meer waard dan één woning van 150
vierkante meter.
Maar het toevoegen van waarde kan bijvoorbeeld ook
door je pand te verduurzamen, door vergunningsvrij uit
te bouwen, door op te toppen, door extra
vierkante woonmeters aan een woning toe te voegen.
Dat zijn allemaal manieren om extra waarde toe
te kunnen voegen aan vastgoed.
Maar het allermooiste van vastgoed is misschien wel
dat je er een passieve inkomenstroom mee kan
creëren.
Wat bedoelen we hiermee?
Op het moment dat je natuurlijk vastgoed koopt,
dan heb je het vastgoed in bezit.
Dus die waardestijging, die waarde die het vastgoed
vertegenwoordigt, die haal je altijd.
Maar op het moment dat je vastgoed gaat
verhuren, dan heb je dus een huurder in
je pand die vervolgens jou ook nog eens
een keer huur betaalt.
Dus je hebt aan de ene kant de
waarde van het vastgoed en aan de andere
kant haal je ook nog eens een keer
inkomsten uit je vastgoed omdat je een huurder
hebt die jou huur betaalt.
Dat zijn bepaalde kenmerken die het investeren in
vastgoed heel erg interessant maken.
Wat vastgoedbeleggen heel erg interessant maakte in ongeveer
2018-2019 was het zogenaamde hefboomeffect.
En het hefboomeffect betekent dat je eigenlijk met
geleend goedkoop geld gaat investeren in vastgoed.
Tegelijkertijd zagen we ook na de crisis ook
nog een belangrijke ontwikkeling en dat was dat
er nieuw soorten financiers op stonden die vastgoed
gingen investeren.
Dus speciale verhuurhypotheken die helemaal gericht waren op
het financieren van vastgoed.
Zij konden tegen hele aantrekkelijke rentes geld uitlenen
aan particuliere beleggers en als particuliere belegger, als
je een ton had, kon je dus eigenlijk
in plaats van dat je één pand kocht
van een ton, kon je naar die vastgoedfinancier
gaan en zeggen nou ik heb hier een
ton aan eigen middelen en die vastgoedfinancier die
werkte met een loan to value.
Een loan to value dat is zeg maar
het bedrag wat je kan lenen ten opzichte
van de waarde van het pand.
Dus stel dat het pand ook echt een
ton waard was, dan zei de bank nou
dan kunnen wij 70% van die ton
kunnen wij voor jou financieren.
Dat betekende dat je die ton dus niet
één keer uit kon geven, maar eigenlijk drie
keer uit kon geven.
Dus je kon op je eigen geld veel
meer rendement maken.
Dat is helaas nu helemaal veranderd.
Ik ga straks in voorbeelden laten zien hoe
dat er nu uitziet, maar dat maakte beleggen
in vastgoed in de jaren 2018-2019 heel
erg interessant.
Naast het buy to let heb je natuurlijk
ook nog andere manieren om in vastgoed te
kunnen investeren.
Wat ook heel veel particuliere beleggers gedaan hebben
in het verleden en nog steeds doen is
het zogenaamd flippen van panden.
En met flippen van panden, dat betekent eigenlijk
dat je een pand koopt en wij noemen
dat zelf dan wel eens panden die een
beetje extra liefde nodig hebben.
Dus dat zijn ouder vervallen panden die net
gewoon een cosmetische upgrade nodig hebben.
Zo moet je denken aan een nieuwe keuken,
een nieuwe badkamer, een nieuwe vloer, alles lekker
fris geverfd, mooie plinten, mooie stalen deuren, eigenlijk
helemaal hoe je mooie huizen op funda ziet.
Nou beleggers kopen dus die oude panden tegen
een goede prijs op, verbouwen ze cosmetisch en
dat doen ze in een best wel korte
periode.
Want hoe korter de periode, hoe meer je
vaak ook er aan de achterkant aan verdient.
En in plaats dat ze die panden dus
houden voor de verhuur, verkopen ze ze weer
op funda.
Nou, omdat je dan ook in een korte
tijd toch een bepaalde waarde hebt toegevoegd aan
het pand, verkoop je het pand waarschijnlijk met
meer waarde dan je net hebt aangekocht.
En dan zit daar in dat stukje je
verdienmodel.
We zien nu ook een steeds grotere verschuiving
naar indirect investeren in vastgoed.
En dat heeft ermee te maken dat de
huidige wet en regelgeving in Nederland niet altijd
meer heel erg positief is voor particuliere beleggers.
Indirect investeren in vastgoed betekent dat je wel
investeert in vastgoed, maar dat je niet direct
eigenaar bent van het vastgoed.
Je kan dit bijvoorbeeld doen door te investeren
in een vastgoedfonds of via een crowdfund platform
een vastgoedproject te financieren.
Maar op deze manier ben je dus niet
zelf eigenaar van het pand, maar kan je
wel profiteren van de voordelen van het vastgoed.
Ten slotte kan je er ook voor kiezen
als je genoeg vermogen hebt om direct een
op een een vastgoedproject te financieren.
Hier zitten natuurlijk ook bepaalde voordelen en bepaalde
nadelen aan.
Je bent niet helemaal direct eigenaar van het
pand, maar op het moment dat jij zelf
eigenlijk een lening uitgeeft, want dat is wat
je doet, heb je vaak wel het eerste
hypotheekrecht op het pand.
En dat geeft je weer een bepaalde extra
zekerheid.
Wat dit allemaal betekent ga ik je nog
later in deze masterclass uitleggen.
Als we kijken naar het direct investeren in
vastgoed, dan zagen we dus de afgelopen jaren
dat de buy-to-let vorm in Nederland
het allerpopulairste was.
Maar hoe pak je dat nou precies aan?
Op het moment dat je dus een pand
gaat kopen voor de verhuur, dan moet je
je altijd goed bedenken, bijvoorbeeld aan welke doelgroep
je wil gaan verhuren.
Of als je start met een locatie, moet
je er dus ook bewust van zijn dat
een bepaalde locatie altijd een bepaalde doelgroep aantrekt.
Dus ik adviseer eigenlijk om altijd eerst goed
na te denken aan welke doelgroep wil je
nou eigenlijk verhuren.
Als je kijkt naar doelgroepen huurders, hebben we
verschillende soorten groepen die je kan onderscheiden.
Je hebt de expatmarkt, die is best wel
populair in Nederland, omdat expats best wel hoge
huurprijzen betalen.
En expats dat zijn mensen die vanuit het
buitenland tijdelijk naar Nederland komen om hier te
komen werken.
Soms komen ze alleen, maar het kan ook
zijn dat ze bijvoorbeeld met hun gezin naar
Nederland komen.
Je hebt natuurlijk de particuliere huurder in Nederland,
nou dat zijn starters, die bijvoorbeeld stelletjes die
net gaan samenwonen, mensen die net het huis
uitgaan, mensen die gescheiden zijn en om die
reden weer een woning zoeken.
Je ziet wel dat de particuliere huurder in
Nederland, die heeft wel altijd een bepaalde vorm
van spoed waarom ze een huurwoning zoeken.
Dus ik had het bijvoorbeeld over die mensen
die in scheiding liggen.
Nou die hebben dus niet de tijd om
heel lang bij een woningcorporatie op de wachtlijst
te gaan staan.
En die zie je dat die vaak in
het particuliere segment, bij particuliere beleggers een huurwoning
zoeken.
Nou dan hebben we natuurlijk ook nog de
studenten, ook erg populair onder de particuliere belegger.
En dat heeft er ook weer vaak mee
te maken dat op het moment dat je
aan kamervuur gaat doen, je huurinkomsten ook vaak
weer wat hoger liggen.
En we hebben ook nog de arbeidsmigranten, ja
daar zijn de meningen altijd een beetje over
verdeeld.
Want aan de ene kant op het moment
dat je aan arbeidsmigranten verhuurt, kan je of
betaalt een bedrijf ook een hogere huurprijs, maar
aan de andere kant wordt je pand ook
veel intensiever gebruikt.
Je moet je ook heel goed van bewust
zijn zodra je eigenlijk aan een afwijkende doelgroep
gaat verhuren.
Dus dat kunnen studenten zijn of arbeidsmigranten.
In ieder geval in de vorm waar je
niet aan een stelletje verhuurt of aan een
enkele huurder, je ook altijd in een ander
beleid komt te vallen.
Ik ga daar straks nog heel erg diep
op in hoe dat zit met wet en
regelgeving, maar ga je aan studenten verhuren of
aan arbeidsmigranten, dan val je gelijk in een
ander beleid omdat het een andere manier is
van een woning verhuren.
En hier heb je dan vaak weer ook
andere vergunningen voor nodig, dus daar moet je
heel erg goed over nadenken.
De vorm die de minste stress oplevert, dat
is eigenlijk toch wel gewoon de verhuur aan
een particuliere huurder.
En dat heeft er alles mee te maken.
Zij maken vaak echt een thuis van een
huurwoning, dus zij zorgen vaak heel erg goed
voor de huurwoning.
En je valt gewoon in het normale woonbeleid
waarin je ook gewoon in de normale wet
- en regelgeving valt.
En dat is eigenlijk wel zo prettig.
Maar bedenk dus heel erg goed aan wat
voor huurder je wilt gaan verhuren.
Ga je je op die starten richten die
in het centrum wonen, dat betekent dat je
op centrumlocaties moet gaan kijken.
Ga je je op jonge gezinnen richten, dan
zal je misschien meer op locaties gaan kijken
waar scholen in de buurt zijn, waar speeltuintjes
zijn.
Wil je huurders die voor een kortere termijn
huren, dan ga je toch meer kijken naar
een internationale huurder.
Dan kom je weer in die expatmarkt.
En expats die willen vaak in het centrum
wonen, die willen makkelijk uit eten kunnen.
Maar een expat die weer met zijn gezin
komt, die vindt het weer belangrijk om bij
een internationale basisschool of middelbare school te zitten.
Dus zo zie je dat doelgroep en locatie
dus altijd met elkaar in verbinding moeten zijn.
Die moeten in balans zijn met elkaar, want
anders verhuur je eigenlijk ook nooit je woning
aan de gewenste doelgroep.
Ja, dan de huurprijzen in Nederland.
Daar is ontzettend veel om te doen.
En belangrijk om te weten is dat je
in Nederland niet zomaar je eigen huurprijs voor
je woning mag bepalen.
We kennen in Nederland namelijk een gereguleerde markt
als het gaat om huurprijzen en een vrije
markt als het gaat om huurprijzen.
Hoe werkt dat nou precies?
In Nederland hebben we het woningswaarderingsstelsel.
Dit wordt ook wel de puntentelling genoemd.
En elke woning die verhuurd wordt, die heeft
een bepaald aantal punten.
Dit kan je best wel makkelijk zelf berekenen
door even te googlen naar huurprijscheck.nl. Dan
kom je op verschillende websites uit.
Daar staat een soort tabel waar je doorheen
moet.
Daar moet je allemaal waardes invullen over de
woning.
En uiteindelijk rolt daar een bepaald aantal punten
uit.
Als we kijken naar hoe de wet-
en regelgeving er op dit moment uitziet, dan
is een huurwoning met 148 punten in de
vrije sector.
Daarboven mag jij als particuliere belegger dus zelf
bepalen welke huurprijs jij voor je woning wilt
vragen.
Maar val je daaronder, dan ben je eigenlijk
verplicht om de huurprijs te vragen die de
overheid bepaald heeft.
Doe je dat niet, dan is er op
dit moment nog niet zo heel erg veel
aan de hand.
Want het is nu bij wet zo geregeld
dat een huurder het recht heeft om zijn
aanvangshuurprijs te laten toetsen.
Doet een huurder dat niet, dan is er
eigenlijk geen haan die ernaar kraait.
Maar doet een huurder het wel, dan komt
de huurcommissie een onderzoek doen.
En die zal dan waarschijnlijk uitspraken doen dat
je de woning voor teveel geld verhuurd hebt
en een uitspraak van de huurcommissie is altijd
bindend.
Dus op het moment dat je gaat verhuren
en je gaat je rendementsberekening maken, is het
dus ook belangrijk om te kijken of je
in een vrije sector valt qua huurprijs of
in een sociale sector.
Als we kijken naar het woningswaarderingstelsel, dan zijn
daar een aantal zaken die belangrijk zijn, die
de meeste punten geven.
Dat is het energielabel, het aantal vierkante meters
en de WOZ-waarde.
Nou verder kan je nog, ik noem dat
zelf, een aantal sprokkelpunten verdienen en dat is
door bijvoorbeeld extra luxe aan te brengen in
de badkamer of in de keuken.
Maar echt het meeste aantal punten, die verdien
je dus met de WOZ-waarde, maar daar
kan je vaak niet heel veel aan veranderen.
Vierkante meters, daar hebben we gezien dat je
in het begin, heb ik dat verteld, dat
je daar soms wel zelf wat dingen aan
kan toevoegen.
Maar is vaak ook wel kostbaar.
Dus op het moment dat je al iets
in de vrije sector wil kopen, kijk dan
vooral ook gewoon naar meer vierkante meters.
En als laatste hebben we het energielabel en
hier heb je natuurlijk best wel veel invloed
op zelf om deze omhoog te krijgen.
Vaak zien we dat bijvoorbeeld woningen waar een
F-label op zit, dat is een label
dat is ooit afgemeld door een belegger of
door een vorige woningeigenaar, die heeft er niet
echt naar gekeken.
Inmiddels zit er misschien een andere ketel in
of dubbelglas en dan blijkt een energielabel vaak
al hoger te zijn.
En is dat niet zo, dan kan je
best wel makkelijk zelf door het aanbrengen van
verduurzamingen het energielabel omhoog krijgen.
En hier krijg je vaak wel echt veel
extra punten voor.
Dus op die manier kan het best zijn
dat je een woning ziet die je wil
aankopen, die eigenlijk niet in de vrije sector
valt, maar die je daarna wel zelf naar
de vrije sector kan brengen.
En je wil dus graag een woning in
de vrije sector, omdat je dan dus zelf
je huurprijs kan bepalen en dus niet overgeleverd
bent aan wat de overheid vindt, wat jij
mag vragen.
Nou belangrijk is om te weten dat in
de huidige wet en regelgeving die puntenlevel of
dat aantal punten elke keer wisselt.
Dat wisselt in januari en dat wisselt in
juli.
Dus we zagen bijvoorbeeld dat tot 31 december
vorig jaar was het puntenaantal 136 punten om
in de vrije sector te komen.
Toen werd het 1 januari, nou dan kijken
we naar de inflatie en toen werd het
puntenaantal weer verhoogd naar 148 punten om in
de vrije sector te komen.
Dus belangrijk dat als je je op een
vrije sector woning wil richten, dat je hem
ook ruim in die vrije sector aankoopt en
niet precies op die puntengrens.
Want dat betekent dat je elke keer als
je woning leeg komt, dan moet je dus
weer kijken wat is op dit moment die
puntengrens en valt mijn woning nog wel of
niet in de vrije sector.
En valt die er niet meer in, welke
huur mag ik dan nog vragen volgens de
berekening van de overheid.
Nou maar wat is er nu aan de
hand in Nederland waarom er zoveel te doen
is of bijtoelet nog wel interessant is ja
of nee.
En dat is dat de overheid bedacht heeft
dat ze de wet betaalbare middenhuur gaan invoeren.
En met die wet betaalbare middenhuur is het
plan van de overheid om die grens van
een vrije sector woning niet meer op 148
punten te zetten, maar op 187 punten.
Dat betekent dus dat je echt heel veel
punten meer moet halen om nog een woning
in de vrije sector te krijgen.
Tot 187 punten heeft de overheid dus een
tabel gemaakt hoeveel huur jij mag vragen ten
opzichte van het aantal punten dat jouw woning
haalt.
Dus stel je voor je hebt nu een
woning van 149 punten, dan zal die marktconform
misschien 12-1300 euro opbrengen.
Op het moment dat de wet betaalbare middenhuur
ingevoerd gaat worden, dan mag jij voor die
woning, voor diezelfde woning waar je nu 12
-1300 euro voor ontvangt, straks nog maar 800
euro vragen.
En dat maakt het model van buy-to
-let natuurlijk wel echt heel anders.
Dan is er ook nog een andere belangrijke
wijziging die met de wet betaalbare middenhuur ingevoerd
gaat worden.
En dat is dat het toetsen van de
aanvangshuurprijs dwingend gemaakt gaat worden.
Dus nu ligt het initiatief bij de huurder.
Laat de huurder niet die aanvangshuurprijs toetsen.
Ja, dan is er eigenlijk geen haan die
ernaar kraait en met de nieuwe wet en
regelgeving die eraan zit te komen in Nederland,
wordt het verplicht om bij het huurcontract ook
een puntstelling aan de huurder te laten zien,
zodat de huurder ook echt kan zien, is
deze woning wel of niet in de vrijsector.
Dat betekent, in het verleden werd er gewoon
heel erg buiten de lijntjes gekleurd wat betreft
het vragen van huurprijzen en dat wordt dus
nu in Nederland heel erg strak aan banden
gelegd.
De huurprijzen worden heel strak gereguleerd, die zullen
dus ook minder zijn dan wat je op
dit moment in de markt kan vragen, plus
dat er echt hoge boetes op staan op
het moment dat je toch te veel huur
gaat vragen.
Op het moment dat het je dus nog
gelukt is om een woning aan te kopen
en een goede huurprijs ervoor te bepalen, wil
je natuurlijk die woning gaan verhuren.
Dit kan je zelf doen of je kan
het via een makelaar doen.
Ik zou het altijd adviseren om het echt
via een gerenommeerde makelaar of verhuurmakelaar te doen.
En waarom?
Omdat zij kennis hebben van de markt.
Het lijkt heel makkelijk om je woning via
Facebook of via Marktplaats te gaan verhuren, maar
juist op dat soort platformen heb je veel
meer kans op een huurder die niet altijd
heel netjes met je woning omgaat.
En dan bedoel ik eigenlijk de kans dat
er illegale activiteiten in jouw huurwoning plaats gaan
vinden.
Het is vele malen groter als je een
huurder via Marktplaats of via Facebook of zo
'n kanaal binnenhaalt dan dat je het gewoon
via een gerenommeerde makelaar doet.
Belangrijk op het moment dat je je woning
gaat verhuren is het screenen van een huurder.
Een goed dossier is ontzettend belangrijk op het
moment dat het om wat voor reden dan
ook verkeerd gaat.
Screenen is altijd een momentopname.
Dus dat betekent dat je op dat moment
kijkt, is de huurder financieel stabiel genoeg om
de gehele huurperiode de huur te kunnen betalen?
Dat is eigenlijk waar je met screenen naar
kijkt.
Tuurlijk wil je ook kijken, past de huurder
in de buurt van de woning?
Gaat dat matchen met de buren?
Gaan deze huurders geen overlast veroorzaken?
Ook allemaal dingen die belangrijk zijn, maar met
name wil je natuurlijk dat de huurder de
hele huurperiode wel de huur gaat betalen.
Dus dat is waar je met screenen naar
kijkt.
Nou, belangrijk dat je dus ook kijkt, wat
is het inkomen van de huurder?
En wij rekenen zelf altijd drie keer bruto
de huurprijs.
Dat betekent dat het inkomen van de huurder,
het bruto inkomen, moet drie keer de huurprijs
zijn.
En dan kan je wel oordelen of de
huurder genoeg verdient, ja of nee.
Nou, dat is natuurlijk hartstikke mooi als dat
helemaal stabiel is.
Maar ik zei het al, screenen is echt
een momentopname.
Je weet dus niet wat er daarna met
een huurder gaat gebeuren.
Maar als verhuurder, en daar moet je je
heel goed van bewust zijn, als jij eigen
vastgoed bezit, dan zegt de wet eigenlijk altijd,
jij bent als verhuurder altijd verantwoordelijk voor dat
vastgoed.
Jij moet als verhuurder altijd weten wat er
in die huurwoning gebeurt.
Dus op het moment dat een huurder toch
onderweg ergens besluit om illegale activiteiten te gaan
doen, moet je denken aan hennep, illegaal wapenbezit,
het wiswassen van geld.
Dat zijn echt dingen die allemaal gebeuren in
de particuliere huurmarkt.
Dan zal de gemeente zich ook altijd gaan
richten naar jou als verhuurder.
En het eerste wat de gemeente dan zegt,
is nou, laat maar even je dossier zien.
Wat heb jij gedaan als verhuurder om te
kunnen voorkomen dat dit zou gebeuren?
En daarom is dat screenen zo belangrijk.
Want op het moment dat je dan kan
laten zien van, hé, ik heb er echt
alles aan gedaan om de beste huurder hiervoor
uit te kiezen.
Er was op het moment van screenen totaal
geen aanleiding om ervan uit te gaan dat
deze persoon van plan was om iets illegaals
met de woning te doen.
Dan heb je gewoon de grootste kans dat
je bijvoorbeeld onder een dwangsom uit kan komen.
Want op het moment dat het verkeerd gaat,
dan zal de gemeente zich altijd richten tot
jou als verhuurder.
En ja, het ergste wat je kan overkomen
is dat je een dikke dwangsom moet betalen.
Of dat je pand gesloten wordt.
En als je pand gesloten wordt, dat betekent
dat je bijvoorbeeld gewoon echt, ja, negen maanden
lang gaat er echt letterlijk een ander slot
op.
Heb je geen toegang tot dat pand.
Je kan het pand niet verhuren aan een
andere huurder.
Dus je hebt leegstand, je mist inkomsten.
Je moet als het pand gefinancierd is wel
gewoon je rente blijven betalen.
Dus dat is natuurlijk gewoon funes voor je
rendement.
En hetzelfde geldt als je natuurlijk een dwangsom
aan je broek krijgt.
Want het zijn geen dwangsommen van drie, vierduizend
euro.
Dan hebben we het echt over dwangsommen van
twintig, dertig en soms wel negentigduizend euro.
Dus ga zeker niet zelf zitten puzzelen om
een huurder te zoeken.
Wees ook niet bang voor de kosten die
een makelaar vraagt.
Want die zijn het echt waard om gewoon
een goed gescreende huurder te krijgen.
Nou, heb je dus een goed gescreende huurder,
dan is het belangrijk dat je ook weer
een goede huuroverenkomst opstelt.
En Nederland zou Nederland niet zijn als hier
natuurlijk ook honderdduizend regels aan vastzitten.
Nou ja, honderdduizend is natuurlijk een beetje overdreven.
Maar ik vertelde het al in het begin,
de wetgoedverderschap is op 1 juli 2023 in
werking getreden in Nederland.
En daar staat ook de verplichting in dat
je een huurcontract schriftelijk moet sluiten.
In diezelfde wet staan ook heel veel andere
regels die allemaal in een huuroverenkomst moeten staan.
Zo moet je de huurder informeren waar ze
terecht kunnen met klachten.
Je moet een duidelijke opzomming geven over servicekosten
die je misschien rekent in de huurprijs.
Dus belangrijk ook dat je echt een goed
huurcontract laat opstellen.
Nou, ik zei het ook al aan het
begin van deze masterclass, dat de wet tijdelijke
huurcontracten per 1 juli ingaat.
En de wet tijdelijke huurcontracten, of de wet
verbod op tijdelijke huurcontracten moet ik zeggen, die
regelt dus dat tijdelijke huurcontracten in Nederland niet
meer mogelijk zijn.
Nou, in 2016, of voor 2016, toen kende
Nederland helemaal geen tijdelijke huurcontracten, alleen in bepaalde
uitzonderlijke gevallen.
En in 2016, toen werd er een wet
gemaakt omdat ze vonden dat de doorstroming op
de woonmarkt beter moest.
En vanaf toen werd het mogelijk om tijdelijke
huurcontracten van maximaal 2 jaar te sluiten.
We zitten nu in Nederland in een wooncrisis.
En je ziet dus dat de overheid de
ene na de andere overheidsmaatregel aan het invoeren
is om op de een of andere manier
maar grip te krijgen op die woonmarkt.
En één daarvan is dus het verbod op
tijdelijke huurcontracten.
Dat betekent dat huurcontracten voor onbepaalde tijd weer
de norm worden.
Nou, en als je dan dus een huurcontract
sluit, dan kan je in die onbepaalde tijd
wel een minimale periode afspreken, over het algemeen
is dat een jaar, kan ook twee jaar
zijn en in die een of twee jaar
kan een huurder het huurcontract niet opzeggen.
Na die twee jaar, na die overeengekomen bepaalde
tijd, dan heeft de huurder een maand opzegtermijn.
Maar wat was er nou zo fijn aan
die tijdelijke huurcontracten voor de verhuurder?
Dat was dat een huurder geen huurbescherming had.
En huurbescherming betekent dat je een huurder niet
zomaar uit zijn woning mag zetten.
Nou, met die tijdelijke huurcontracten mocht dat ook
niet, want je mocht niet tussentijds die huurder
er op pakken en eruit zetten.
Maar na die twee jaar had je wel
de kans eenmalig om het huurcontract op te
zeggen.
En dat was natuurlijk wel heel erg fijn,
want in twee jaar tijd verandert er gewoon
heel erg veel.
En dan kon je eigenlijk elke twee jaar
bedenken, wat ga ik met me vast goed
doen?
Nou, dat wordt dus ook door de overheid
nu verboden.
En dat betekent dat als je een huurcontract
sluit met een huurder, het dus gelijk voor
onbepaalde tijd is.
En dat je na de overeengekomen periode, de
minimale periode die je sluit met een huurder,
mag je dus niet meer zomaar het huurcontract
opzeggen.
Dat mag alleen maar op gegronde redenen en
die zijn bij wet vastgelegd.
En je moet dus ook echt naar de
rechter om het huurcontract te ontbinden.
Het moet ook vaak met een heel goed
dossier.
En als je kijkt naar de redenen die
in de wet staan, dan is het bijvoorbeeld
aantoonbare verpaupering van de woning, dringend eigen gebruik
van de woning, aantoonbaar overlast veroorzaken en het
niet betalen van de huur.
Nou, die eerste drie die ik noemde, zijn
eigenlijk heel erg moeilijk aan te tonen.
En heb je ook een heel dik onderbouwd
dossier voor nodig om op die grond een
huurder uit zijn woning te zetten?
We zien wel dat op basis van wanbetaling
de rechter nog wel wil toezeggen dat een
huurder uit de woning moet, dus dat de
huurovereenkomst ontbonden wordt.
Maar met de huidige wooncrisis in Nederland zien
we ook eigenlijk dat dat steeds moeilijker wordt.
Dus ook hierin zie je weer hoe belangrijk
het is om op voorhand echt goed de
huurder te screenen.
Nou, heb je een huurder gevonden?
Heb je een huurovereenkomst gesloten?
Dan gaan we naar de sleuteloverdracht.
De sleuteloverdracht noemen wij ook wel de incheck.
Dat is dus het moment dat de huurder
daadwerkelijk de sleutel in handen krijgt.
En ook hier heb je als verhuurder bepaalde
plichten.
Zo ben je verplicht om een woning zonder
gebreken aan een huurder op te leveren.
Dus heb jij een pand aangekocht voor de
verhuur of komt een pand weer vrij uit
de mutatie?
Zorg dan altijd dat er even een technisch
iemand door die woning heen gaat om er
zeker van te zijn dat er geen kleine
gebreken of grote gebreken in die woning aanwezig
zijn.
Want je bent dus verplicht om als verhuurder
de woning gebrekenvrij aan de huurder op te
leveren.
Sterker nog, de huurcommissie kent in Nederland ook
een gebrekenregeling.
Dus op het moment dat er gebreken zijn
in de woning, dan kan een huurder naar
de huurcommissie gaan om tijdelijke huurverlaging aan te
vragen tot het moment het gebrek verholpen is.
En dit zijn best wel flinke huurkortingen die
huurders krijgen.
Zo moet je echt wel denken aan een
verstopt doucheputje, wat soms ook kan leiden tot
40% huurkorting.
Dus zorg echt dat je een woning gewoon
goed oplevert aan een huurder.
Dan is het heel erg belangrijk om tijdens
de incheck een rapport op te maken.
Het is namelijk heel normaal om aan het
begin van een huurcontract een borg te vragen
aan een huurder.
En een huurder betaalt dus borg om achteraf
op het moment dat er schade zijn, om
die te kunnen repareren.
En daar heb je dan als verhuurder de
borg voor.
Vroeger was er eigenlijk ook niet echt bepaalde
wet of regelgeving omtrent de borg.
Maar met de wetgoedverderschap is die er ook
gekomen.
En je mag nu nog maar twee maanden
borg vragen.
En je bent dus ook verplicht als verhuurder,
als een huurder eruit is, op het moment
dat er geen schade zijn, moet je binnen
twee weken de borg terugbetalen.
Op het moment dat er wel schade zijn,
ben je verplicht om binnen een maand dus
al die schade gerepareerd te hebben en het
restant van de borg uit te keren.
Maar wil je überhaupt iets met de borg
kunnen verrekenen, dan zal je dus aan het
begin van de oplevering, aan de start van
de huur, van de huurovereenkomst, moet je dus
een rapport maken van de staat van de
woning op dat moment.
Echt belangrijk om dat tot in detail vast
te leggen met heel erg veel foto's.
Want doe je dat niet en is er
achteraf schade, dan heb je dus geen grond
om die schade te verrekenen met de borg
van de huurder.
Nou, je hebt heel veel apps waarmee je
dat kan doen, dus dat is super handig.
En zorg ook dat een huurder altijd tekent
voor dat rapport.
Want op het moment dat een huurder dus
ook niet getekend heeft, dan kan een huurder
altijd zeggen, ja, ik was er niet bij
of ik wist het niet.
Op het moment dat je gaat verhuren, is
dossiervorming eigenlijk gewoon het allerbelangrijkste.
Dus zorg dat je ten tijde van de
incheck een rapport laat maken met foto's, met
beschrijvingen, als er schade zijn, dat die goed
beschreven staan en dat er een handtekening van
de huurder staat onder dat rapport.
Nou, dan op het moment dat je dus
de sleutel hebt overhandigd aan de huurder, dan
gaat dus eigenlijk die huurovereenkomst gaan lopen.
En dan ben je ook als verhuurder verplicht
om eigenlijk nog een soort van toezicht te
houden op de woning.
Want dat is een beetje het dubbelen van
woningen verhuren.
Aan de ene kant heb je natuurlijk privacywetgeving,
waarbij je niet elke week aan mag bellen
bij de huurder om even binnen te gaan
kijken.
Maar aan de andere kant heb je wel
te maken met de opiumwet in Nederland.
En de opiumwet, die zegt dus weer op
het moment dat het verkeerd gaat, beste verhuurder,
ben jij helemaal verantwoordelijk voor die woning?
En had jij als verhuurder, omdat het jouw
bezit is, altijd op de hoogte moeten zijn
wat er in jouw huurwoning gebeurt?
Dus als je woningen gaat verhuren, bevind je
je op zo ontzettend veel snijvlakken van wet
en regelgeving waar je je balans in moet
vinden.
Nou, toezicht houden tijdens de huurwoning of tijdens
de huurperiode, dat kan op verschillende manieren.
Ik ken verhuurders die bijvoorbeeld als ze aan
experts verhuren, de woning één keer per maand
laten schoonmaken.
Er zijn verhuurders die onder zoveel tijd dus
wel echt langs gaan bij de huurder.
Maar je kan je best voorstellen dat dat
voor een huurder best wel inbreuk is op
je privacy als elke drie maanden die verhuurder
voor de deur staat.
Wij hebben destijds daar een heel uniek product
voor ontwikkeld en dat was een inspectietool waarbij
onze huurders elke drie maanden een filmpje van
de woning moesten maken en dat via een
unieke link naar ons moesten sturen waarbij we
gps gegevens konden uitlezen.
Huurders moesten zichzelf even identificeren waardoor we konden
zien dat het nog echt daadwerkelijk die huurder
was die er woonde.
En ja, zo'n rapportage ging ook gewoon
in ons dossier.
En nou zal je misschien denken, jeetje wat
een gedoe en dat doe ik niet dit
en dat maar wij hebben dus aan de
lijve ondervonden dat op het moment dat het
verkeerd gaat.
Gemeente Rotterdam was daar heel goed in.
Die vroeg altijd direct het dossier bij ons
op.
Laat maar even zien hoe je gescreend hebt
en laat maar even zien hoe je toezicht
hebt gehouden tijdens de huurperiode.
En omdat wij altijd onze rapporten hadden van
het inspecteren, hebben wij echt kunnen voorkomen dat
bepaalde verhuurders boetes hebben gekregen.
We hebben kunnen voorkomen dat panden gesloten werden.
Dus toezicht houden tijdens de huurperiode is een
ondergeschikt kindje.
Er wordt niet veel over verteld, maar is
echt heel erg belangrijk.
Nou, er komt natuurlijk een moment dat de
huurder de huurperiode weer opzegt.
Een huurder hoort dit gewoon netjeschriftelijk te doen
en een huurder heeft altijd één maand opzegd
erbij.
Je kan er als verhuurder voor kiezen om
dit per kalendermaand te doen, maar je kan
er ook voor kiezen om dit gewoon op
het moment dat de huurder opzegt, die zegt
bijvoorbeeld op 17 juni op, dan stopt op
17 juli de huurovereenkomst.
En ook aan het eindigen van de huurovereenkomst
zijn er bepaalde dingen heel erg belangrijk.
Zo moet je met de huurder een voorinspectie
doen.
Dus op het moment dat je een opzegging
ontvangt van een huurder, dan is het zaak
om zo snel mogelijk met de huurder een
afspraak te maken om een voorinspectie te doen.
Tijdens die voorinspectie loop je weer met de
huurder door de woning.
Belangrijk om het incheckrapport wat je ooit gesloten
hebt met de huurder mee te nemen met
alle foto's.
En eigenlijk ga je alle zelfde onderdelen weer
af om te kijken, zijn er in de
tussentijd schades bijgekomen, ziet de woning er nog
netjes uit, zijn er bepaalde dingen die opgeknapt
moeten worden voordat een huurder eruit gaat.
Tijdens de voorinspectie maak je dus hier een
overzicht voor.
En hier komt het punt wat dus heel
erg belangrijk is.
Je moet de huurder er op dat moment
op wijzen.
Dus dat betekent dat je, en dit doe
je ook schriftelijk, niet mondeling, want mondelingen dingen
kan je nooit meer aantonen en schriftelijk wel.
Dus je maakt een rapport en je typt
een mailtje naar de huurder waarin je zegt,
beste huurder, wij hebben op die en die
datum de voorinspectie gedaan.
Hier is het rapport wat u zelf ook
heeft ondertekend.
En uit deze voorinspectie is gekomen dat u
alle muren blauw heeft geverfd en u gaat
op 17 juli uit de woning en dan
moeten alle muren weer wit zijn.
Op het moment dat het 17 juli is
en je staat weer met de huurder bij
de woning en die muren zijn nog steeds
blauw, dan heb jij als eigenaar het recht
om die muren wit te verven en die
kosten te verrekenen met de borg.
Maar heb jij dus niet een voorinspectie of
heb jij geen voorinspectie gedaan, heb jij niet
de huurder erop gewezen dat ze die muren
weer wit moesten verven op het moment dat
ze uit de woning gaan, dan heb jij
dus geen recht om die kosten met de
borg te verrekenen.
Dus heel erg belangrijk, gaat een huurder eruit,
plan zo snel mogelijk een voorinspectie, want dan
geef je de huurder ook zoveel mogelijk tijd
om uiteindelijk ook die gebreken op te lossen.
En aan het einde maak je dus weer
een rapport op met de huurder.
Dat is echt het moment dat de huurder
de sleutel inlevert.
De huurder heeft dan ook op dat moment
geen tijd meer om bepaalde zaken nog te
repareren.
En alle gebreken die er dan nog zijn
die de huurder niet heeft opgelost, maar die
je wel gemeld hebt dat ze dat moesten
doen, die mag je dan met de borg
verrekenen.
Als we kijken naar een rendementoverzicht, hoe zou
dat er dan uitzien?
Ik heb even een hele simpele berekening gemaakt
met wat fictieve cijfers.
Als we vanuit gaan, als we kijken eigenlijk
naar de huidige markt, dan een gemiddeld pand
in de vrije sector qua vierkante meters, daar
betaal je dan ongeveer 350.000 euro voor
in de aankoop.
Een post voor verzekeringen, 500 euro per jaar.
Beheerkosten die je aan een beheerder moet betalen,
heb ik op 5% gezet van de
huurprijs, dus die is 1020 per jaar.
VVE-kosten, 1200 per jaar.
Belasting, dan moet je denken aan gemeentelijke belastingen,
dus niet overdragsbelasting, die heb ik hier nog
eens in meegenomen.
Die is 500 per jaar.
En we rekenen met een huur van 1700
euro, dat is dus een vrije sectorwoning.
En heel belangrijk, reserveer onderhoud in je rendementsberekening.
Die heb ik op 3500 euro per jaar
gezet.
Dan kom ik op een totale kostenpost van
6720 per jaar, tegenover een jaarhuur van 13
.680 euro.
Gaan we dan kijken welk rendement je op
je eigen vermogen overhoudt, is dat 3,9%.
Als we gaan kijken hoe je rendement eruit
ziet als je met geleend geld gaat werken,
dan heb je het dus over dat hefboomeffect.
En het hefboomeffect werkt twee kanten op.
Dus als je goedkoop geld kan inlenen, dan
ga je meer rendement op je eigen vermogen
halen.
Maar als de rente hoger wordt en het
geld dus duurder wordt, dan werkt het ook
de andere kant op.
Als we dus nu kijken naar hoe de
huidige markt nu is, dan rekenen we altijd
een beetje met een loan-to-value van
70%.
Dat betekent dat 70% van de waarde
van het pand gefinancierd kan worden.
Met een aankoopprijs van 350.000 euro betekent
dit dat we 245.000 euro kunnen lenen
en 105.000 euro zelf moeten inleggen.
Maar we hebben een hoge rente.
De rentestand zit nu op ongeveer 5,9
% tot 6%.
Dus dan kom je uit op een extra
kostenpost van 14.700 euro per jaar.
Dus je totale kosten per jaar stijgen daardoor
naar 21.420 euro.
Dus zonder die rente zetten je totale kosten
op 6.720 euro.
Dus ga je duur geld lenen, worden door
die rentekosten dus ook je totale kosten veel
hoger.
Gaan we rekenen met een huurinkomst van 1
.700 euro per maand, dan kom je weer
op die totale jaarhuur uit van 20.400
euro.
Dan zie je dus, als je daar je
totale kosten vanaf moet gaan trekken, dat je
geen geld meer overhoudt.
Dus daarin zie je eigenlijk al dat op
dit moment vastgoed kopen met geleend geld dus
niet meer zo heel erg interessant is.
Wil je daar nog een verdienmodel uit gaan
halen, zou je je huurprijs moeten gaan verhogen
naar 2.000 euro.
Dan kom je uit op een totale jaarhuur
van 24.000 euro.
Je rendement op je eigen vermogen wordt dan
2,5%.
Dat is dan wel het rendement berekend ten
opzichte van die 105.000 euro eigen inleg.
En waar vroeger mensen dus gebruik maakten van
het hefboomeffect om juist meer rendement op hun
eigen vermogen te maken, dat dat nu dus
gewoon niet meer opgaat.
Aan de hand van deze rendementsberekening is dus
heel goed te zien dat op het moment
dat je een pand gaat aankopen voor de
verhuur dus echt je cijfers moeten kloppen.
Er zijn een aantal variabelen die heel erg
belangrijk zijn in deze rendementsberekeningen.
Dat is de aankoopprijs van het pand, je
verhuurprijs en de rente.
Je ziet dus heel duidelijk in dit overzicht
dat op dit moment de rentestanden hoog zijn.
We hebben het over rentes van 6%.
En dan zie je dus heel duidelijk bij
ook een hoge aankoopprijs dat je gewoon heel
weinig rendement in de buy-to-let-markt
gaat halen.
Je moet hele hoge huren vragen om nog
tot 2% of 3% rendement te
komen.
We zagen in het voorbeeld dat je met
eigen geld nog een huurprijs kan vragen van
1.700 euro op het moment dat je
een pand aankoopt van 350.000 euro.
Maar als je met een loan-to-value
van 70% al geld gaat lenen tegen
een rente van 6% dan moet je
2000 euro huur gaan vragen om nog een
klein beetje rendement te maken.
Dus op het moment dat je wil gaan
investeren in vastgoed en je wil het in
de buy-to-let-markt doen dan moet
je dus eigenlijk wachten tot de rentes gaan
dalen of de koopprijzen gaan dalen.
En het liefst ook dat de huurprijzen zo
min mogelijk gereguleerd zijn.
Als we kijken naar het verhuren van vastgoed,
ik zei het al eerder.
Je bevindt je op heel veel snijvlakken van
wet- en regelgeving.
Er is echt heel veel wet- en
regelgeving waar je je rekening mee moet houden.
En in dit hoofdstuk ga ik voor je
uiteenzetten wat de allerbelangrijkste wetten zijn waar je
je aan moet houden.
Als eerste hebben we in Nederland de huurwet.
En de huurwet is overkoepelend en heel belangrijk
is ook dwingend recht.
En dat betekent dat zeker op het gebied
voor wonen, op het gebied voor wonen is
het dwingend recht.
Dat is wel belangrijk om te benoemen.
Ga je commercieel vastgoed verhuren, bijvoorbeeld winkels of
garageboxen, dan val je in ander recht.
Maar hebben we het echt over wonen, dan
is het bij wet heel erg strak geregeld.
Je zit dus in dwingend recht en dat
betekent dat het gewoon zo is, zoals het
in het wetboek staat.
En wil je hiervan afwijken, dan mag dat
alleen maar op het moment dat het in
het voordeel is van de huurder.
Je mag dus nooit in het nadeel van
de huurder afwijken van de wet.
Ik zie weleens mensen die zelf dingen in
huurcontracten zetten ten gunste van zichzelf, als we
het dan hebben over de verhuurders.
Maar kom je bij een rechter, dan gaat
hij gewoon een dikke vette streep doorheen.
En ja, de huurder staat gewoon in Nederland
heel erg sterk.
Als we dus kijken naar de huurwet, wat
zijn dan de belangrijkste aspecten die hierin staan?
Allereerst de totstandkoming van de huurovereenkomst.
Dat is een beetje tegenstrijdig, want in de
huurwet zelf staat dat de huurovereenkomst vormvrij is.
Dat betekent dat je hem op een bierfieldje
zou mogen sluiten, als je dat zou willen.
Maar 1 juli 2023 is die wetgoedverderschap aangenomen
en dat is een aanvulling op de huurwet.
En hier staat in dat je dus een
huurovereenkomst echt schriftelijk overeen moet komen met de
huurder.
Het is belangrijk om een huurovereenkomst schriftelijk met
een huurder te sluiten.
Tweede punt in de huurwet, wat belangrijk is,
is de huurprijs.
Ik heb al eerder verteld dat we in
Nederland een vrije sector hebben en een gereguleerde
sector.
Dat we een puntentelling hebben, een woningwaarderingstelsel en
een huurcommissie.
En dat zijn de zaken die in dit
artikel in die wet geregeld worden.
Dus in dit artikel in de wet wordt
de aanvangshuurprijs geregeld.
Die moet je dus berekenen op basis van
het woningwaarderingstelsel.
En dan heb je dus te maken met
die puntengrens.
Lig je daarboven, mag je zelf je huur
bepalen?
Zit je daaronder?
Dan moet je de huur vragen die de
overheid bedacht heeft.
En ook in dit artikel wordt ook de
huurverhoging geregeld.
Want ook de huurverhoging in Nederland, ik moet
er bijna een beetje om lachen, maar ook
de huurverhoging in Nederland is gereguleerd.
Dus dat betekent dat je niet zomaar mag
bedenken, ik ga ieder jaar 50 euro meer
huur betalen.
Nee, bij wet is geregeld dat in de
sociale sector de percentages waarmee je verhoogd kan
worden, worden door de overheid ieder jaar afgegeven.
Die zijn inkomensafhankelijk.
En in de vrije sector zijn ook sinds
kort de wet en regelgeving met betrekking tot
het verhogen van huurprijzen zijn aangepast.
En dat betekent dat je je moet houden
aan de percentages die de overheid afgeeft.
Een derde belangrijk punt wat bij de huurwet
geregeld wordt is de huurbescherming voor de huurder.
Ik heb jullie al eerder uitgelegd dat we
vanaf 2016 tijdelijke huurcontracten mochten sluiten in Nederland
en dat dit nu weer verboden gaat worden.
En dat er bij die tijdelijke huurcontracten huurders
geen huurbescherming hadden.
Dat gaat dus veranderen, dus dat betekent dat
met een contract voor onbepaalde tijd een huurder
altijd huurbescherming heeft.
En huurbescherming wil eigenlijk zeggen dat je een
huurder gewoon niet zomaar uit zijn woning kan
zetten.
Je moet dus altijd naar de rechter toe
en de rechter moet daar uitspraak over doen.
Vierde belangrijk punt is onderhoud en reparaties, want
ook onderhoud is bij wet geregeld.
We kennen in Nederland het besluit kleine herstellingen
en hier staat precies in welk onderhoud er
voor de huurder is en welk onderhoud er
voor de verhuurder is.
Op het moment dat je een pand aankoopt
voor de verhuurder, denk dan niet van nou
ik heb de aankoop gehad, dat pand staat
er, ik heb er een huurder in, het
is prima.
Nee, als verhuurder ben je altijd verantwoordelijk voor
het groot onderhoud.
De huurder is alleen maar verantwoordelijk voor bepaalde
kleine herstellingen, klein onderhoud en dan eigenlijk ook
alleen het onderhoud wat ze makkelijk zelf kunnen
doen en waar niet heel veel kosten mee
gemoeid zijn.
Belangrijk dus ook om bij je exportatieoverzicht als
je gaat investeren in vastgoed altijd geld voor
onderhoud te reserveren.
Een ander punt wat geregeld wordt in de
huurwet is de huurcommissie.
Hier heb ik natuurlijk ook al eerder dingen
over verteld.
Op het moment dat een huurder zijn huurprijs
wil laten toetsen, dan gaat hij dat doen
bij de huurcommissie.
Dat is een instantie in Nederland en uitspraken
van de huurcommissie zijn altijd bindend.
Dat betekent dat je als verhuurder je dus
hier aan moet houden.
Wil je dat niet, dan zal je weer
een rechtszaak moeten starten bij de kantonrechter om
de uitspraak aan te vechten.
Een ander belangrijk punt wat in de huurwet
geregeld wordt, dat is het vragen van servicekosten.
Je ziet wel eens dat verhuurders een huurprijs
opsplitsen in bijvoorbeeld een kale huur en een
stuk servicekosten.
Je bent dus verplicht als verhuurder om die
servicekosten ook weer uit te splitsen.
Want je mag namelijk alleen maar servicekosten doorrekenen
waar de huurder ook daadwerkelijk gebruik van maakt.
Dus stel je voor je vuurt een appartement,
er zit een VVE in en daar betaal
je maandelijks een bijdrage voor, zeg 150 euro.
En daar zit bijvoorbeeld schoonmaak in van de
algemene ruimte, misschien wel glasbewassing.
Dat zijn dus zaken waar de huurder daadwerkelijk
gebruik van maakt, dus die mag je doorberekenen
aan de huurder.
Maar een reservering voor groot onderhoud, dat mag
weer niet, want groot onderhoud is dus voor
de verhuurder.
De servicekosten moet je in het huurcontract ook
helemaal uitsplitsen.
En je bent verplicht om de huurder ieder
jaar een afrekening te sturen van die servicekosten,
zodat de huurder kan controleren of hij misschien
niet teveel betaald heeft.
Want als hij teveel betaald heeft, dan moet
je het bedrag wat je teveel ontvangen hebt
ook weer terugbetalen aan de huurder.
Nou, tot slot wordt er ook een huurwet
geregeld dat wij in Nederland het woningswaarderingstelsel kennen.
En dat heb ik ook al eerder benoemd
in deze masterclass.
Dat heeft dus alles te maken met die
puntentelling om uit te rekenen hoeveel punten jouw
woning heeft en welke huurprijs daarbij hoort.
Ik heb hem al een paar keer benoemd,
de Wet Goed Verhuurderschap.
Dit is een relatief nieuwe wet die 1
juli 2023 in Nederland ingevoerd is.
En deze wet is dus een aanvulling op
het huurrecht.
Het detail in deze wet is dat die
niet alleen geldt voor verhuurders, maar ook voor
woningbemiddelaars, makelaars en vastgoedbeheerders.
Het eerste belangrijk punt wat in deze wet
geregeld wordt, is een gedragscode voor verhuurders en
bemiddelaars.
De gedragscode voor verhuurders houdt in dat je
als verhuurder niet mag discrimineren.
Dus dat betekent dat je bij de selectie
van huurders niet mag kijken naar bijvoorbeeld afkomst,
dat je daar dus niet je keuze op
mag baseren.
En je moet een transparant selectieproces hebben.
En als makelaar zijnde moet je dit ook
op je website hebben staan.
Dus dat betekent dat een huurder precies moet
kunnen zien hoe een huurder geselecteerd wordt voor
een huurwoning en dat dit dus niet op
bepaalde kenmerken gebeurt.
Verder mag je als makelaar ook geen verborgen
kosten rekenen en mag je ook geen koetage
aan de kant van de huurder rekenen.
Of contractkosten of ook maar iets wat te
maken heeft met geld wat een huurder moet
betalen voordat de huurovereenkomst ingaat.
Op het moment dat de verhuurder de opdracht
geeft voor de verhuur, is de verhuurder opdrachtgever
en moeten alle kosten ook aan de kant
van de verhuurder liggen.
Het tweede punt wat in deze wet geregeld
wordt, is de verhuurvergunning.
De verhuurvergunning geeft gemeentes eigenlijk extra handvatten om
op te kunnen treden tegen, zoals dat hier
in de volksmond heet, huisjesmelkers.
Met de verhuurvergunning kunnen gemeentes, Rotterdam en Den
Haag doen dit bijvoorbeeld, in zwakkere wijken kunnen
ze meer grip krijgen op verhuurders.
Dus als we kijken naar Rotterdam, Rotterdam heeft
in de wijk Carnisse de verhuurvergunning ingevoerd.
En dit betekent dat je als verhuurder verplicht
bent om een verhuurvergunning te hebben als je
in die wijk een woning wil verhuren.
En als we dan specifiek kijken naar het
beleid van Rotterdam, dan eist de gemeente daar
eigenlijk dat je de huurprijs vraagt volgens de
puntentelling.
Dus in heel Nederland zou dit pas gaan
gelden als de wet betaalbare middenhuur ingaat.
Maar met die verhuurvergunning kunnen gemeentes het al
op lokaal niveau afdwingen.
Dus dat is een belangrijk aspect wat in
die verhuurvergunning geregeld wordt.
En een ander belangrijk aspect binnen die verhuurvergunning
is dat ze ook kunnen afdwingen dat je
onderhoud doet aan woningen.
Je ziet vaak toch ook wel in de
gewoon wat armere wijken, zie je dat er
ook door verhuurders soms slecht onderhoud gepleegd wordt.
En gemeentes kunnen met die verhuurvergunning jou als
verhuurder dus dwingen om dat onderhoud te doen.
En die verhuurvergunning gaat best wel ver.
Want op het moment dat jij stelselmatig te
veel huur blijft vragen of geen onderhoud doet,
dan kan de gemeente eerst beginnen met het
opleggen van boetes en het opleggen van dwangsommen.
Maar de meest verregaande maatregel is dat zij
het beheer van jouw huurwoning over kunnen nemen.
Dat betekent dat jij dus niet meer zelf
grip hebt op jouw huurwoning.
Dus je moet wel alle kosten betalen.
Dus denk aan je rente voor je hypotheek
bijvoorbeeld.
Maar de gemeente gaat uiteindelijk beslissen voor welk
bedrag het verhuurd wordt, aan wie het verhuurd
wordt.
En die gaat ook het beheer doen.
Dus echt heel belangrijk, als jij verhuurt in
een stad waar een verhuurvergunning van kracht is,
zorg dan echt dat je voldoet aan die
regels.
Want de maatregelen als je het niet doet,
zijn echt heel erg verregaand.
Met de komst van de wet Goed Verhuurderschap,
die geeft dus eigenlijk, en ik heb dat
in het vorige voorbeeld ook al benoemd, die
geeft gemeentes gewoon veel meer handvatten om dwingend
op te kunnen treden tegen huisjesmelkers en dus
eigenlijk om excessen in de markt aan te
pakken.
Een laatste punt wat belangrijk is in deze
wet, is dat met de invoering van de
wet, gemeentes ook allemaal verplicht waren om een
meldpunt in te richten, speciaal voor huurders waar
ze terecht kunnen met klachten over hun verhuurder.
Dus elke gemeente in Nederland heeft nu een
punt waar huurders met hun klachten terecht kunnen,
zodat de gemeente veel gerichter verhuurders kan aanpakken.
Dus met deze wet worden verhuurders eigenlijk gedwongen
om je woning gewoon heel goed te onderhouden
en ervoor te zorgen dat je ook gewoon
een nette huurprijs vraagt conform het woningwaarderingstelsel.
De laatste belangrijke wet in Nederland is nog
niet actief, maar die wordt waarschijnlijk dit jaar
2024 ingevoerd.
Wanneer is nog niet bekend, ze wilden hem
op 1 juli 2024 invoeren, maar dat wordt
waarschijnlijk al niet meer gehaald.
Maar dat die in 2024 eraan komt lijkt
bijna onvermijdelijk.
Wat gebeurt er in deze wet?
In de wet betaalbare meerhuur zegt de overheid
eigenlijk niet meer met 148 punten is jouw
woning in de vrije sector, maar ze gaan
die puntengrens oprekken naar 187 punten.
Dat betekent dat een heel groot gedeelte van
de huurwoningen die nu nog in de vrije
sector vallen, dat straks niet meer zijn.
Dus die vallen allemaal in de gereguleerde sector.
En dat kan dus betekenen dat je nu
misschien een woning verhuurt marktconform voor 13 of
1400 euro.
En op het moment dat die dan straks
vrijkomt, en dat is ook een belangrijk punt
als je woningen verhuurt.
Als jouw woning vrijkomt moet je altijd weer
voldoen aan de wet en regelgeving die op
dat moment geldt.
In Nederland verandert er nog wel iets op
het gebied van wet en regelgeving.
Dus heel erg belangrijk om je te beseffen.
Als je nu een woning hebt van 149
punten vrije sector, verhuur je lekker marktconform voor
14, 1500 euro.
Op het moment dat die vrijkomt en de
nieuwe wet en regelgeving is ingevoerd, die wet
betaalbare meerhuur, dan is jouw woning dus in
één keer niet meer vrij, want dan heb
je 187 punten nodig.
En dan moet je dus gaan kijken in
de tabel die de overheid heeft afgegeven.
En dan zie je dat jouw woning niet
meer 17 of 16 of 1500 euro gaat
opbrengen, maar dat je bijvoorbeeld nog maar 800
euro huur mag gaan vragen.
Om goed te kunnen aantonen wat dit betekent
voor jouw rendement, gaan we hier nu een
rendementsoverzicht van laten zien.
Als we kijken wat er gaat gebeuren met
het rendement op het moment dat die wet
betaalbare meerhuur ingaat.
Ik heb jullie uitgelegd dat de overheid van
plan is, of het doel met die wet
betaalbare meerhuur, dat de huurprijzen nog meer gereguleerd
gaan worden.
Dat betekent waar we dus eerst 1700 euro
per maand voor ontspant konden krijgen, wat we
voor 350.000 euro hadden aangekocht, gaan we
nu door de nieuwe wet en regelgeving naar
1100 euro per maand.
Kom je uit op een jaarhuur van 13
.200 euro.
Dat was dus in een goede tijd 20
.400 euro, dat zakt dus terug naar 13
.200 euro per jaar.
Je kosten blijven hetzelfde, die worden niet lager.
Je totale jaarhuur halveert, dus je gaat van
een totale jaarhuur van 13.680 euro, naar
nog maar een jaarhuur van 6480 euro.
Dat betekent dat je rendement op je eigen
vermogen terugzakt naar 1.9%. Dus door de
nieuwe wet en regelgeving vanuit de overheid, is
eigenlijk een pand nu aankopen voor de verhuur,
gewoon niet meer zo heel erg interessant.
Dus stel je voor dit plaatje, dus die
1.9%, die haal je op het moment
dat je woning gewoon langdurig verhuurd is, de
huurder betaalt elke maand de huur, er zijn
geen onvoorziene hele hoge uitgaven, dan zit je
op die 1.9%. Maar stel je voor
dat jij twee keer in het jaar een
mutatie hebt, omdat jouw huurder opzegt, dan wordt
jouw jaarhuur niet meer 6480 euro, maar die
gaat misschien wel naar de 5000 euro, omdat
je één of twee maanden leegstand hebt op
een jaar.
En dan zak je natuurlijk helemaal terug in
de rode cijfers.
De laatste belangrijke wet, die wordt op 1
juli 2024 ingevoerd, en dat is de wet
het verbod op tijdelijke huurcontracten.
Hier heb ik in deze masterclass natuurlijk al
veel over verteld, en dat houdt gewoon in
dat je niet meer tijdelijk een huuroverenkomst mag
sluiten met een huurder.
Er zijn nog wel bepaalde uitzonderingen, maar die
zijn voor particuliere beleggers niet echt heel erg
interessant.
Dus wees je ervan bewust dat als je
een huuroverenkomst sluit met een huurder, dit vaak
dus ook echt voor hele lange termijn is.
Zit je hier niet op te wachten, dan
kan je bijvoorbeeld wel kijken naar verhuren aan
expats.
Omdat expats natuurlijk vanuit het buitenland komen, hiervoor
een tijdelijke periode in Nederland zijn en dan
weer weggaan, heb je veel meer kans dat
jouw woning na twee of drie jaar weer
vrijkomt, dan dat je hem aan een particuliere
huurder verhuurt.
Er zijn een beetje voor en tegens op
dit vlak, want voor 2016 kenden we ook
geen contracten voor bepaalde tijd.
Dus je kan je afvragen wat is dan
de impact van deze wet.
Maar op de een of andere manier vinden
particuliere beleggers een bepaalde vorm van tijdelijkheid heel
erg prettig.
Dus met de wet tijdelijke huurcontracten kon je
dus elke twee jaar bedenken wat ga ik
met mijn vastgoed doen?
En zeker in de afgelopen jaren, waarin er
zoveel wijzigingen zijn geweest in fiscale wetten, stijgende
rentes, huurwetten, noem maar op.
Dan kan je je voorstellen dat het natuurlijk
prettig is als je woning leeg komt, dat
je dan kan bekijken haal ik nog rendement
met deze woning of wil ik hem toch
liever verkopen?
En een lege woning brengt gewoon in de
verkoop veel meer op dan een verhuurde woning.
Aan de andere kant kan je je ook
afvragen is elke twee jaar een mutatie wel
gunstig voor mijn rendement?
Want elke twee jaar betaal je dus makelaarskosten,
heb je een paar weken leegstand, omdat je
vaak niet in een aangesloten periode een nieuwe
huurder hebt.
Je moet weer onderhoud doen omdat een woning
komt leeg.
Er zijn altijd wel wat dingen, muurtjes die
misschien geverfd moeten worden, etc.
Dus ja, een huurder voor vijf of tien
jaar hoeft aan de andere kant ook helemaal
niet slecht te zijn.
Mis je natuurlijk wel ooit het vastgoed gewoon
voor een goede prijs gekocht hebt en gunstig
hebt gefinancierd, zodat je in ieder geval niet
met je rentes en dergelijk in de knel
komt.
Het laatste juridisch kader waar je rekening mee
moet houden als je woningen gaat verhuren, is
dat je niet alleen te maken hebt met
een stukje huurrecht, maar ook met een stukje
bestuursrecht.
En bestuursrecht wordt vaak op lokaal niveau uitgevoerd.
Dat betekent dat dat bij gemeentes ligt en
gemeentes kunnen daar ook best wel makkelijk aanpassingen
in doen.
Nou, wat voor regels vind je nou in
het bestuursrecht?
Dan moet je denken aan regels om woningen
te splitsen, want je mag niet zomaar zonder
vergunning van één woning twee woningen maken.
Hier zitten regels aan zoals bijvoorbeeld het minimaal
aantal vierkante meters, regels met betrekking tot het
verhuren aan studenten, want je mag ook niet
in elke gemeente zonder vergunning zomaar aan studenten
verhuren.
In heel veel steden heb je daar een
kamervuurvergunning voor nodig.
Nou, dat zijn allemaal zaken die worden geregeld
in het bestuursrecht.
En in het bestuursrecht vind je die regels
vaak in de huisvestingsverordening van een gemeente.
Dus ik zei het helemaal aan het begin
van de masterclass heb ik het gehad over
het kiezen van een doelgroep.
Dus op het moment dat je kiest voor
bijvoorbeeld de verhuur aan studenten, dan betekent dat
je dus in het beleid van de gemeente
moet gaan kijken welke regels zijn er nou
voor de verhuur aan studenten.
Sommige gemeentes die zeggen bijvoorbeeld nou minimaal drie
studenten zonder vergunning mag, maar vanaf de vierde
heb je een kamervuurvergunning nodig.
En dan kan het ook weer zo zijn
dat de gemeente zegt nou wij hanteren een
50 meter eis als het gaat om kamervuurvergunning.
En dat betekent dat bijvoorbeeld in een straal
van 50 meter als daar al een andere
vergunning afgegeven is, je niet meer zomaar een
nieuwe vergunning krijgt.
Ook zijn er bepaalde afmetingen voor bijvoorbeeld een
studentenkamer, hoe groot die minimaal mag zijn.
Nou, dit zijn allemaal dingen die vind je
terug in het bestuursrecht.
Dus het bestuursrecht gaat eigenlijk spelen op het
moment dat je iets anders gaat doen dan
gewoon een woning verhuren aan een gezinnetje of
aan een particuliere huurder.
Dus denk aan het verhuren aan studenten, het
creëren van extra woningen, verhuren aan woongroepen.
Dat zijn echt aspecten.
Als je dat wil gaan doen, dan moet
je je echt gaan verdiepen in het bestuursrecht.
Nou, wil je dus direct investeren in vastgoed
en wil je dat dus doen op een
buy-to-let manier, dus dat betekent dat
je een woning gaat aankopen voor de verhuur,
dan is het dus heel belangrijk dat je
kijkt naar aan welke doelgroep wil je gaan
verhuren.
Dus vanuit de doelgroep ga je kijken naar
de locatie.
Heel erg belangrijk dat je met een makelaar
werkt, zodat je zeker weet dat je de
goede huurder hebt, dat je huurder goed gescreend
wordt, dat er een incheck gedaan wordt en
dat er een goede outcheck gedaan wordt, zodat
je ook dingen kan verrekenen met de borg
en dat je natuurlijk hopelijk een huurder selecteert
die ook gewoon de gehele huurperiode zijn huur
gaat voldoen.
En heel erg belangrijk, en dat is echt
denk ik het allerbelangrijkste punt, als je woningen
gaat verhuren, dat je je er echt van
bewust bent dat je in een heel strak
kader zit van wet en regelgeving.
Dus die huurwet is heel erg belangrijk en
daar zit natuurlijk dat stuk dwingend recht in.
Dus je moet echt voldoen aan de regels
die in de wet staan en je mag
alleen maar afwijken in het voordeel van de
huurder.
De wet goed verder schap, waarin je dus
verplicht wordt om onderhoud te doen, dat is
eigenlijk het allergrootste ding.
En op het moment dat je in een
gebied zit met een verhuurvergunning word je dus
ook al verplicht om conform de puntstelling te
gaan verhuren.
De wet betaalbare middenhuur, die eraan komt.
Daarin belangrijk om te beseffen dat het puntenaantal
opgerekt gaat worden naar 187 punten.
Dus ben je je nog aan het oriënteren
om een woning aan te kopen?
Zoek dan naar veel vierkante meters en hoge
energielabels zodat je over die 187 punten heen
gaat.
En dan mag je dus zelf nog bepalen
welke huurprijs je gaat vragen.
Wees je er ook van bewust dat je
na 1 juli 2024 geen tijdelijke huurcontracten meer
mag sluiten.
En knoop goed in je oren dat als
je iets anders gaat doen dan verhuren aan
een particuliere huurder of een gezin.
Dus dan heb ik het over studentenverhuur of
het verhuren aan bijvoorbeeld arbeidsmigranten.
Dat je dan ook naar het bestuursrecht moet
gaan kijken en dat je dat echt op
lokaal gemeentelijk niveau moet doen.
De vraag natuurlijk is, is vastgoedbeleggen in Nederland
nog wel interessant?
We hebben tot nu toe gezien dat we
in Nederland te maken hebben met een best
onbetrouwbare overheid die in een heel hoog tempel
allemaal nieuwe wet en regels introduceert.
We hebben ook gezien dat het model wat
in Nederland heel erg populair was het bijtoiletmodel
door alle regels eigenlijk niet meer zo heel
erg interessant is.
Maar we hebben ook gezien dat vastgoed als
product wel hele mooie eigenschappen heeft om in
te investeren.
En ik ga je nu vertellen op welke
manier je nog wel rendement kan halen met
investeren in vastgoed.
In een land waar het mooie en charm
is beroemd is er een storm in de
wereld van realesteen.
Het Nederlandse beheer met zijn eindeloze regels en
restricties maakt het steeds moeilijker voor investeerders om
te overleven.
We kunnen deze nieuwe regels niet meer volhouden.
Onze winsten schrijven.
Er moet een betere manier zijn.
Met de juiste strategie kunnen investeerders nog steeds
succes verrijken en een verschil maken in de
Nederlandse realesteenmarkt.
Laat de restricties je niet terughouden.
Ontdek de nieuwe frontier van realesteen-investering in
Nederland.
Investeer smart.
Investeer in kansen.
Ontdek de nieuwe Nederland.
Volg Esther Dekker.
Je volgende grote investering wacht.
Als we kijken naar de vastgoedmarkt in Nederland
dan zien we dat de huurprijzen aan alle
kanten gereguleerd worden.
Maar de koopprijzen zijn niet gereguleerd.
En tegelijkertijd zien we dat we in Nederland
te maken hebben met een wooncrisis.
Dat betekent dat er veel minder bouwvergunningen worden
afgegeven dan het aantal woningen wat bijgebouwd moet
worden.
Want willen we de wooncrisis in Nederland oplossen
dan moeten er tot 2030 100.000 woningen
per jaar bijkomen.
En op dit moment, in 2024, zijn er
nog maar 58.000 vergunningen afgegeven.
En de verwachting is dat er in 2024
maar 65.000 nieuwbouwvergunningen worden afgegeven.
Dat betekent dat dat getal van 100.000
woningen per jaar dat gaat nooit lukken vanuit
de nieuwbouw alleen.
En dat is precies waar de kansen nog
liggen voor vastgoedbeleggen in Nederland.
Want in Nederland hebben we ook heel veel
vastgoed staan wat helemaal niet efficiënt gebruikt wordt.
Dus dan moet je denken aan lege kantoorpanden,
grote herenhuizen die bijvoorbeeld leeg staan of waar
nog maar één iemand woont.
Er zijn heel veel grote boerderijen waar ouderen
nog wonen omdat die ook niet kunnen doorstromen.
Dat soort vastgoed leent zich uitermate goed om
door middel van projectontwikkeling in bestaande bouw extra
woonruimte te kunnen creëren en toe te kunnen
voegen aan de huidige woningmarkt.
Dus op het moment dat je je in
Nederland gaat richten op een stukje projectontwikkeling.
Waarbij je dus weer vastgoed pakt als product.
Maar nu gaan we niet kijken om dat
vastgoed te gaan verhuren.
Maar we gaan kijken hoe kunnen we waarde
toevoegen aan dat vastgoed om het vervolgens voor
meer geld weer te kunnen verkopen.
Dus dan moet je denken aan het splitsen
van woningen, het splitsen van grote woningen naar
meerdere appartementen.
Het optoppen van bestaande woningen.
Dus er zijn bijvoorbeeld heel veel appartementencomplexen met
een plat dak waar gewoon een rij woningen
bovenop gebouwd kan worden.
Allemaal manieren om gebruik te maken van de
bestaande woningvoorraad om op een relatief eenvoudige manier
extra woningen te kunnen creëren.
En omdat we nu een krapte hebben op
die woningmarkt.
Zijn de koopprijzen gewoon heel erg goed in
Nederland.
De koopprijzen zijn hoog, de waarde van het
vastgoed is hoog.
Dus dat betekent op het moment dat je
panden of woningen gaat toevoegen aan de vastgoedmarkt
bestemd voor de verkoop, niet meer voor de
verhuur.
Dat je je woningen nog wel met meer
winst kan verkopen.
En die koopprijzen zijn dus niet gereguleerd.
En daarom ligt in dat vlak nog wel
een goed voor die model als je wilt
gaan investeren in vastgoed.
Alleen, er zit wel een addertje onder het
gras.
Projectontwikkeling is echt een andere tak van sport.
Projectontwikkeling is ook niet iets wat je eigenlijk
als particuliere belegger zomaar kan doen.
Je hebt kennis nodig van bouwen, van bouwvergunningen,
omgevingvergunningen, brandveiligheid.
Je moet aannemers kunnen aansturen.
Op het moment dat je die projectontwikkeling in
wil gaan, dan spreek je eigenlijk niet meer
van passief beleggen.
En dat is toch wel wat je eigenlijk
aanvankelijk met vastgoed wil doen.
Je wil erin investeren om een passieve inkomensstroom
te creëren.
En dat doe je niet op het moment
dat je de hele dag achter de aannemer
aan moet lopen om te gaan beoordelen of
die het pand goed aan het verbouwen is.
Dus er ligt nog wel een verdienmodel in
die projectontwikkeling, maar niet meer om hetzelfde te
doen.
En dat betekent dat we een overstap gaan
maken van direct investeren naar indirect investeren in
vastgoed.
Fortus richt zich dus op dit stuk projectontwikkeling.
Wat wij gedaan hebben, is wij hebben een
fonds gecreëerd.
Dat is het Fortus Bridge Fonds 1, waarbij
je als investeerder geld investeert in het fonds.
En wel daarvoor krijg je obligaties terug.
En Fortus leent het geld eruit in kortlopende
leningen aan projectontwikkelaars die woningen toevoegen aan de
woonmarkt.
En dat is altijd met bestaande bouw.
En dat kunnen dus zijn panden die opgetopt
worden, panden die gesplitst worden of bijvoorbeeld kantoorruimtes
die getransformeerd worden naar woningen.
Op deze manier kan je als vastgoedinvesteerder toch
nog investeren in vastgoed zonder dat je maar
één spijker in de muur hoeft te slaan.
Hoe relaxed is dat?
Deze manier van investeren noem je dus indirect
investeren in vastgoed.
Je investeert wel in vastgoed, maar je wordt
niet zelf direct eigenaar van het vastgoed.
Dit betekent dat het een hele andere aanpak
is.
En die ga ik je in de komende
hoofdstukken uitleggen.
Als we kijken naar indirect investeren in vastgoed,
dan kunnen we drie segmenten onderscheiden die het
meest populair zijn.
Dat is het investeren in een vastgoedfonds.
Investeren via crowdfunding.
Of investeren in vastgoedobligaties.
Als we kijken naar investeren in een vastgoedfonds,
dan zie je hier vaak de open-endfondsen
en de closed-endfondsen.
Een open-endfonds betekent dat je eigenlijk continu
in en uit kan stappen.
Dit maakt een open-endfonds voor een belegger
heel erg interessant, want je kan instappen en
op het moment dat je het geld nodig
hebt, kan je er weer makkelijk uitstappen bijvoorbeeld.
En een closed-endfonds betekent dat je maar
eenmalig kan instappen en dat je geld ook
vast zit.
Je moet de looptijd van het fonds uitzitten
en wachten tot het fonds geliquideerd wordt, om
daarna je geld er weer uit terug te
krijgen.
Een andere vorm van indirect investeren in vastgoed,
die hebben we ook eigenlijk wel gezien dat
dat de afgelopen jaren best een opkomst heeft
gemaakt.
En dat is het investeren via een crowdfundplatform.
Wat gebeurt er op een crowdfundplatform?
Dat zijn online platformen en daar staan vastgoedprojecten
aangeboden.
Die vastgoedprojecten kunnen bijvoorbeeld ook weer van particuliere
beleggers zijn of projectontwikkelaars.
En via dat platform kan je een bedrag
investeren in een bepaald project.
Het voordeel van bijvoorbeeld crowdfunding is dat het
met kleinere bedragen kan, maar een nadeel kan
ook weer zijn dat je eigenlijk al je
geld op één project zet en dat je
dus ook het succes moet afwachten van het
project om te kijken of je ook daadwerkelijk
de rente krijgt die beloofd wordt en je
uiteindelijk ook je inleg weer terugkrijgt.
Tot slot hebben we dan ook nog vastgoedobligaties.
Ik vertelde het net al, Fortus is ook
een obligatiefonds en dat betekent dat je eigenlijk
geld uitleent aan een bedrijf, aan een fonds.
Daarvoor krijg je obligaties voor terug en tijdens
de looptijd van die obligaties ontvang je als
belegger elke maand de rente en aan het
einde van de lening ontvang je je gehele
inleg weer terug.
Er zitten een aantal voordelen aan het indirect
investeren in vastgoed.
Allereerst is het een stukje diversificatie.
Dus op het moment dat je besluit om
indirect te investeren in vastgoed kan je ook
kiezen om niet al je vermogen in één
fonds te investeren, maar dat bijvoorbeeld weer te
verdelen over verschillende fondsen.
Dus op die manier minimaliseer je ook het
risico van jouw belegging.
Een tweede belangrijk aspect is dat vastgoedfondsen over
het algemeen professioneel beheerd worden.
Ik heb heel erg veel verteld over alle
wet- en regelgeving die komt kijken bij
het aankopen en het verhuren van vastgoed en
het exploiteren van vastgoed.
En het wordt ook gewoon in Nederland steeds
moeilijker om dit zelf te doen.
Ga je indirect investeren in vastgoed, dan wordt
al dat beheer voor jou gedaan.
Alles wordt je uit handen genomen, waarbij je
dus ook het risico op het maken van
fouten minimaliseert.
Want dat is wel een ding met vastgoed.
Het kan best wel voorkomen dat je bijvoorbeeld
een klein foutje maakt.
Als we even kijken naar die buy-to
-let-markt.
Ik heb bijvoorbeeld wel eens meegemaakt dat eigenaren
zelf in een contract gingen schrappen, waardoor ze
dachten dat ze een contract voor bepaalde tijd
hadden, maar dat was eigenlijk een contract voor
onbepaalde tijd geworden.
Nou, dat heeft natuurlijk best wel verstrekkende gevolgen
voor vervolgens weer je rendement.
Als je dus indirect gaat investeren in vastgoed,
dan hoef je eigenlijk ook niet zo heel
veel inhoudelijke kennis te hebben van al die
wet- en regelgeving, want dat wordt allemaal
voor jou geregeld.
Een derde voordeel is dat je veel sneller
vermogen opbouwt.
En dat komt omdat je geen aanloopkosten hebt.
Op het moment dat je zelf gaat investeren
in vastgoed, dan moet je natuurlijk het pand
kopen, maar er komen heel veel kosten bij
kijken.
Denk aan overdrachtsbelasting, wat inmiddels 10,4 procent
is, notariskosten, makelaarskosten.
9 van de 10 keer moet het pand
nog verbouwd worden voordat het klaar is voor
de verhuur.
Dus als je iets aankoopt voor de verhuur,
dan heb je een hele lange aanlooptijd voordat
je pas eigenlijk rendement gaat halen.
Op het moment dat jij in een fonds
gaat investeren, dan is het echt zo simpel.
Je investeert het geld en je krijgt er
bijna direct je rente voor terug.
Dat hangt er natuurlijk wel vanaf in welk
fonds je investeert, want sommige betalen per jaar
uit of per kwartaal.
Maar als we echt even kijken naar Fortus,
wij betalen de rente over de obligaties maandelijks
uit.
Dus je investeert geld en gelijk elke maand
krijg je daar al je rente over.
Dus je bouwt veel sneller vermogen op dan
met de aanloop met de koop van een
eigen pand.
En tot slot is je netto directe rendement
ook veel hoger.
Het hebben van een eigen pand wordt vaak
een beetje verromantiseerd.
Het klinkt ergens natuurlijk heel erg leuk om
door een stad te kunnen rijden en te
zeggen.
Kijk eens, dit pand is van mij en
dat pand is van mij.
Maar wat vaak vergeten wordt, is dat er
heel veel kosten bij komen kijken waar niemand
rekening mee houdt.
Lekkages waardoor badkamers vervangen moeten worden, leegstand, huurders
die naar de huurcommissie stappen voor de gebrekenregeling.
Allemaal dingen die elke week kunnen gebeuren en
die direct invloed hebben op jouw netto rendement.
En op het moment dat jij indirect in
vastgoed investeert via een fonds, heb je er
allemaal geen last van.
Netto is wat dat betreft ook echt netto.
Ik maak je wel een kanttekening bij dat
je heel goed moet kijken naar de voorwaarden
in welk fonds je investeert.
Want soms staat er bijvoorbeeld bij geprognotiseerd rendement
of gegarandeerd rendement.
Wij garanderen de rendementen.
Dus dat betekent dat als je bij ons
investeert, je ook gewoon elke maand het daadwerkelijk
afgesproken bedrag aan rente op jouw rekening krijgt.
En dat is natuurlijk wel heel fijn dat
je geen stress hoeft te hebben of je
huurder misschien naar de huurcommissie stapt waardoor je
rendement lager wordt.
Het maakt het ook gewoon veel voorspelbaarder, zodat
je ook veel beter een financiële planning kan
maken.
Hoe ziet dan je rendementsplaatsje eruit als je
bijvoorbeeld in ons Fortus Brits Fonds 1 zou
investeren?
We pakken weer dezelfde investering van 350.000
euro.
Je rente jaarlijks, gegarandeerd netto, is 8%.
Je looptijd drie jaar.
Geen risico op onbepaalde tijdsdingen.
Geen onverwachte uitgaven of kosten tussendoor.
Alles is hier echt netto.
Dan zie je dat je in jaar 1
je inlegde 350.000 euro, je rente netto
28.000 euro.
Groeit je vermogen al naar 378.000 euro.
In jaar 2 krijg je weer 28.000
euro rente.
Groeit je vermogen naar 406.000 euro.
En in jaar 3 krijg je weer 28
.000 euro rente op jaarbasis.
En is jouw vermogen uiteindelijk gegroeid naar 434
.000 euro.
Dat betekent dat je in drie jaar tijd
een vermogensgroei hebt van 84.000 euro.
Zonder dat je de stress hebt van huurders
die naar de huurcommissie stappen.
Onverwachte uitgaven, overheidsbeleid wat verandert.
Noem maar op, netto is netto.
Indirect investeren in vastgoed, hoe begin je daar
nou mee?
Stap 1 is heel erg belangrijk.
Doe goed onderzoek naar welke manier van indirect
investeren je wil gaan doen.
En zorg ook dat je goed de concepten
begrijpt die daarachter liggen.
Dus op het moment dat jij bijvoorbeeld in
een crowdfund platform gaat investeren.
Zorg dan dat je goed weet hoe dat
allemaal aan de achterkant werkt.
Dus als we kijken naar het Fortus Brits
Fonds.
Dat is dus een obligatiefonds.
Dat betekent investeer je bij ons.
Dan krijg je daar obligaties voor terug.
Je krijgt rente over die obligaties.
En Fortus leent het geld uit aan projectontwikkelaars.
Die weer woningen transformeren voor de verkoopmarkt.
En omdat we geld uitlenen aan verschillende leningnemers.
Vermindert dit ook weer het risico op je
investering.
En dat is dus ook goed om over
na te denken.
Als je in crowdfund gaat investeren of via
een crowdfund platform.
Investeer je in één project en ben je
dus afhankelijk van dat ene project.
Ga je in een vastgoedfonds wat vervolgens jouw
investering weer verdeelt.
Dat betekent dus ook dat het risico weer
geminimaliseerd wordt.
Doe ook goed een stukje onderzoek naar de
markt.
Kijk dus goed naar de markt waar het
fonds in investeert.
Zoals jullie hebben kunnen zien is op dit
moment met de huidige rentes en de huidige
regelgeving.
De buy to let markt bijvoorbeeld in Nederland
niet meer zo heel erg interessant.
Kijk dus goed naar welk segment het fonds
zich opricht.
Dus ga je is er bijvoorbeeld een fonds
wat hogere rendementen aanbiedt.
Maar wat zich richt op het verhuren van
woonruimte.
Dan moet je echt goed nagaan of dat
allemaal wel klopt.
Als we dus kijken naar Fortus heb ik
jullie al eerder verteld.
Dat wij ons dus richten op echt dat
stukje projectontwikkeling.
Omdat in de verkoop van woningen daar zit
nog dat stukje winst wat behaald kan worden.
En dat is ook heel mooi terug te
zien in een concreet voorbeeld.
Van een project wat we onlangs gefinancierd hebben.
Hier hebben we het over een grote woning
in Rotterdam.
Die op dit moment getransformeerd wordt naar zes
kleinere woningen.
Als we kijken naar de totale investering van
die belegger.
En dan heb ik het over zowel het
aankopen van het vastgoed.
Als de rente over de leding.
Als de verbouwing.
Dan komt die uit op een totale kostenpost
van 977.000 euro.
Als eerste investering.
Vervolgens zien we dat alle appartementen al verkocht
zijn.
Terwijl het project nog ontwikkeld wordt.
En die appartementen zijn bij elkaar verkocht voor
een bedrag van ruim 1,7 miljoen euro.
Dat betekent dat deze projectontwikkelaar echt een hele
grote winstmarge heeft op dit project.
En dit laat dus zien dat in de
projectontwikkeling nog wel die winsten te behalen zijn.
En daarom kan je er ook van uitgaan
dat op het moment dat er een lening
uitgegeven wordt.
Aan een projectontwikkelaar die zich op dit segment
richt.
Dat het gewoon een redelijk veilige investering is.
Het risico is echt laag.
Omdat de winsten die behaald worden in dit
marktsegment nog heel erg hoog zijn.
Dus de leningnemer zal altijd zijn lening weer
kunnen aflossen.
Op het moment dat het project klaar is.
Omdat die winstmarges echt hoog genoeg zijn.
Investeren in vastgoed gaat natuurlijk nooit geheel zonder
risico.
Dus belangrijk ook als je indirect gaat investeren
in vastgoed.
Dat je vooraf bedenkt hoeveel risico ben ik
bereid te lopen.
En op het moment dat je dus een
fonds gaat selecteren.
Of een crowdfund project gaat selecteren.
Kijk dan dus ook echt heel erg goed
naar wat zijn de risico's die ik kan
lopen.
En hoe worden die geminimaliseerd.
En hoeveel risico ben ik vervolgens bereid om
te lopen.
Want vaak worden er hele hoge en mooie
rendementen beloofd.
Maar ook in het beleggen in vastgoed geld.
Hoe hoger het rendement, hoe hoger ook het
risico is.
Dus denk daar heel erg goed over na.
Hoeveel risico ben je bereid te lopen.
En het geld dat je investeert.
Stel dat het verkeerd gaat.
Kan je dat geld dan ook missen?
Als we kijken naar het minimaliseren van risico's.
Waar moet je dan naar kijken?
Bij Fortus hebben we bijvoorbeeld een stichting obligatiehouders.
Dit is een orgaan dat staat helemaal los
van de BV waarmee Fortus de leningen ophaalt.
Dat betekent dat de stichting obligatiehouders.
Die staat echt voor het belang van de
obligatiehouders.
Zij behartigen de belangen van de obligatiehouders.
Dat betekent dat alle zekerheden die wij vestigen
bij de leningnemer.
Die worden allemaal ondergebracht in die stichting.
Op het moment dat een leningnemer zijn lening
niet meer kan aflossen.
Dan kan de stichting gaan bepalen om die
zekerheden in te zetten.
Om vervolgens ervoor te zorgen dat die lening
alsnog wordt afgelost.
Dat is gelijk een mooie brug naar zekerheden.
Want over welke zekerheden hebben we het dan?
Een hele belangrijke zekerheid bij indirect beleggen in
vastgoed.
Is de eerste hypothecaire zekerheid.
Vastgoedfondsen die zich bezighouden met investeren in vastgoed.
Die zullen op het moment dat ze veiligheid
willen inbouwen.
Een eerste hypothecaire zekerheid vestigen.
Een hypothecaire zekerheid houdt in.
Dat op het moment dat een financier.
Fortus in dit geval een lening uitgeeft.
Zij het recht van eerste hypotheek op het
pand hebben.
Dat betekent dat als een leningnemer zijn lening
niet meer kan aflossen.
Dat Fortus kan besluiten om vervolgens het pand
te veilen.
Om met de opbrengsten van die veiling alsnog
de lening af te kunnen lossen.
En in dit geval bij Fortus wordt die
zekerheid ondergebracht in de stichting obligatiehouders.
Dus dat betekent mocht er op wat voor
reden dan ook iets met Fortus gebeuren.
Dan staan die zekerheden altijd veilig in die
stichting.
Maar wij kijken niet alleen maar naar de
eerste hypothecaire inschrijving.
Of de eerste hypothecaire zekerheid.
Wij laten de leningnemers ook altijd nog een
persoonlijke en zakelijke borgstelling tekenen.
En waarom doen we dat?
Het is ook belangrijk om te kijken als
je investeert in een fonds.
Hoeveel procent van de waarde zij financieren.
Het kan bijvoorbeeld zijn, ik had het bij
de buy to let over.
Dat je als investeerder 70% ten opzichte
van de waarde van het pand.
Kon lenen bij een bank.
Bij Fortus pakken we het iets anders aan.
Want bij Fortus richten we ons natuurlijk op
die projectontwikkeling.
En dat betekent dat we bij Fortus kijken
naar de eindwaarde van het pand.
Dus wij financieren maximaal 80% van de
eindwaarde van het pand.
Dus de waarde van het pand in verbouwde
staat.
Als wij een eerste hypotheek rechtvestigen op het
pand wat nog niet verbouwd is.
Dan is die waarde natuurlijk lager dan de
eindwaarde.
Dus dat betekent dat stukje wat we eigenlijk
missen aan zekerheid.
Dat halen wij bij die leningnemers zelf.
Onze leningnemers zijn altijd ondernemers.
En dat betekent dat we kijken naar een
stukje zakelijke borgstelling.
En een stukje privéborgstelling.
Dus bij privéborgstelling moet je kijken naar de
waarde die ze nog in hun eigen koophuis
hebben.
Of misschien hebben ze ander vastgoed in bezit
waar nog waarde in zit.
Wat we naar ons toe kunnen trekken.
En bij de zakelijke borgstelling gaan we kijken
naar de eventuele waardes in het bedrijf.
Die we naar ons toe kunnen trekken op
het moment dat de lening dus niet afgelost
wordt.
Laagste belangrijk punt om naar te kijken op
het moment dat je kiest voor hoeveel risico
je wil lopen.
Is dus ook, kies ik voor een crowdfund
project waarbij ik al mijn geld op één
project zet.
Of ga ik liever voor een spreiding.
Dat is echt een belangrijk verschil.
En check dat dus goed op het moment
dat je kiest voor een bepaalde investeringsvorm.
In indirect investeren zijn natuurlijk heel veel verschillende
soorten smaken aan fondsen.
Aan manieren om indirect te investeren.
Dus hoe selecteer je nou de beste aanbieder?
Doe als eerste gewoon heel erg goed onderzoek
en kijk naar welk product bij jou past.
Maar ook of die aanbieder gewoon goed bij
jou past.
Hebben ze kennis van de markt?
Weten ze waar ze mee bezig zijn?
Allemaal dingen waarbij je dus ook kan gaan
nagaan van ja weten ze gewoon echt wat
ze doen?
En is mijn geld daar veilig?
Want eigenlijk wil je dat weten op het
moment dat jij indirect gaat investeren in vastgoed.
Is mijn geld veilig bij die aanbieder?
En dat doe je in eerste instantie om
ja toch door te kijken naar bepaalde vastigheden.
Dus zorg dat je goed kijkt of ze
echt weten waar ze mee bezig zijn.
Daarna is het belangrijk om te kijken naar
hun track record.
Hebben ze in het verleden al succesvolle fondsen
opgericht?
Of zijn ze misschien op andere gebieden heel
erg succesvol geweest?
Hebben ze verstand van het product waar ze
mee bezig zijn?
Omdat ze daar al heel erg lang mee
werken.
Hebben ze daar veel kennis van?
Allemaal segmenten waar je naar kan kijken om
te kunnen beoordelen.
Is dit gewoon een solide investering?
Een ander belangrijk punt om naar te kijken
zijn er verborgen kosten.
Als je kijkt naar advertenties van fondsen dan
staan er altijd hele mooie rendementen.
Maar kijk heel erg goed naar de kleine
lettertjes.
Staat er gegarandeerd rendement of staat er geprognotiseerd
rendement?
Als het tegenvalt krijg je dan wel je
geld terug of niet je geld terug.
Dus heel erg belangrijk om niet alleen maar
op het rendement af te gaan.
Wat in een afbeelding of in een advertentie
gepubliceerd staat.
Maar kijk echt heel erg goed naar de
kleine lettertjes daaronder.
Bedenk ook hoe lang je je geld wil
vastzetten.
We hebben het over open-end fondsen gehad,
over closed-end fondsen.
Als we kijken naar de obligaties bij Fortus
dan is een looptijd daarvan drie jaar.
Dus bedenk ook van tevoren heel goed hoe
lang wil ik mijn geld vastzetten.
En dat is wel het mooie aan indirect
investeren in vastgoed.
Want we hebben het natuurlijk gehad over de
tijdelijke huurcontracten die niet meer mogelijk zijn.
Met indirect investeren in vastgoed teken je wel
altijd voor een bepaalde tijd.
En dat maakt het ook weer heel prettig
dat je dus gewoon weet.
Als ik hiervoor drie jaar teken dan krijg
ik over drie jaar weer beschikking over dat
vermogen.
En kan ik er dan weer mee beslissen
wat ik ermee wil doen.
En tenslotte iets wat ik zelf heel erg
prettig vind als aanbieder van een fonds.
Maak een persoonlijke afspraak.
Wij vinden het heel erg prettig om onze
investeerders gewoon persoonlijk te spreken.
Omdat je dan ook als investeerder zijnde heel
goed kan beoordelen.
Past dit bedrijf nou echt bij mij?
Indirect investeren is gewoon anders omdat je niet
dat vastgoed zelf in bezit hebt.
En daarom ga je dus op zoek naar
andere dingen.
Om toch dat gevoel van controle en veiligheid
te krijgen.
En dat doe je ook gewoon om echt
goed kennis te maken met het bedrijf.
En vaak zegt je onderbuikgevoel op dat moment
ook al genoeg als het klopt.
En je gevoel is goed dan is het
vaak ook goed.
Nou tot slot is het natuurlijk ook belangrijk
als je indirect in vastgoed investeert.
Om dan ook gewoon je rendementen in de
gaten te houden.
Zeker als je in verschillende fondsen investeert.
Of misschien doe je wel een beetje in
crowdfunding en een beetje in fondsen of andere
manieren.
Maar hou gewoon maandelijk je administratie bij.
En check of je elke maand netjes al
je rentes ontvangt.
En hou ook de groei van je vermogen
bij.
Nou de toekomst van vastgoedbeleggen.
Wat gaat de toekomst in Nederland ons brengen?
Ja dat is natuurlijk heel erg moeilijk om
te zeggen.
We zien echt nu een hele duidelijke verschuiving.
Dat de overheid heel erg veel grip op
die markt probeert te krijgen.
Je ziet dat ze eigenlijk de particuliere belegger
die echt die bij-to-let investeringen doen.
Dat ze die eigenlijk op dit moment liever
niet op de markt hebben.
Daarnaast zien we nu ook dat de rentes
heel erg hoog zijn.
De aankoopprijzen zijn hoog.
En dat maakt ook de variabelen om echt
in die bij-to-let markt te stappen.
Maakt dat minder interessant.
Dus als je echt kijkt wat is daar
in de toekomst.
Ja dan denk ik dat je echt nu
moet wachten met het aankopen voor de verhuur.
Dus wacht tot de koopprijzen dalen.
Wacht tot wet en regelgeving wellicht verandert weer.
En de huurprijzen of minder gereguleerd zijn.
Of dat de wet en regelgeving daarin weer
wat vrijer wordt.
Maar op dit moment is het gewoon niet
interessant om iets aan te kopen voor de
verhuur.
Omdat de cijfers gewoon niet kloppen.
Ga je dus kijken naar die projectontwikkeling.
Dan liggen daar dus wel heel erg veel
kansen.
Omdat we nu die krapte hebben op die
woningmarkt.
Er is heel veel behoefte aan extra woningen.
Er is echt een woningnood.
Dus de prijzen zijn ook best wel hoog.
Dus daar ligt op dit moment wel je
winstmodel.
Maar niet om dat als particuliere belegger zelf
te doen.
Dan moet je het echt op een indirecte
manier doen.
En wil je dat nou heel graag doen.
En wil je kennis maken met Fortes.
Dan kan je heel makkelijk met ons een
afspraak maken.
Wil jij indirect investeren in een vastgoed.
Dan ben je van harte welkom om met
mij een afspraak te maken.
Kan heel gemakkelijk via onze website www.fortes
.nl Of stuur een mailtje naar info en
fortes.nl En de koffie staat altijd voor
je klaar.
Bedankt voor het kijken naar mijn masterclass.
Ik hoop dat je er iets van geleerd
hebt.
Ook al is buy to let op dit
moment misschien niet echt heel erg interessant.
Wellicht heb ik je wel op ideeën gebracht
om misschien over een paar jaar een pand
aan te kopen voor de verhuur.
En ik hoop natuurlijk ook heel erg dat
je nog wel de kansen ziet van investeren
in vastgoed als product.
Maar dat nu op een andere manier doet.
En ja, dus door indirect te investeren in
vastgoed.
En dan hoop ik natuurlijk dat ik je
heel graag mag verwelkomen.
Maar heel erg bedankt voor het kijken.
En ik hoop dat jullie er iets van
opgestoken hebben.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.