Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
De bijna vijftienjarige Sofie ontvangt mysterieuze kaarten.
We ben je? Waar komt de wereld vandaan?
De schrijver zoekt contact met haar. -Alberto Knox.
Ze volgt 'n hond naar 'n huisje in het bos.
Daar vindt ze een identiteitsbewijs. -Hilde Møller Knag.
Sofie zag Hilde in de spiegel. -Ik zag een meisje wat op mij leek.
Het was een rare spiegel. Als ik mijn hand uitstek, ging hij erdoorheen.
Welkom in m'n bescheiden huisje. -De hond is Alberto Knox...
Sofie 's gids door de tijd.
Kan het niet wat rustiger?
Alberto en Sofie reizen door de tijd.
Dit moet de Renaissance zijn, volgens de Majoor.
Majoor Albert Knag schrijft 't verhaal van Sofie voor zijn dochter Hilde.
Wij leven zolang hij blijft schrijven.
Sofie realiseert zich dat ze niet echt bestaat.
Dat zij en Alberto slechts personages in een boek zijn.
Hij schrijft 'n boek speciaal voor mij. -Het laatste deel komt hij zelf brengen.
We zijn niet meer dan een cadeau. -Daarom moeten we vluchten.
Hij laat ons niet gaan tot zijn boek klaar is.
Ik neem het laatste deel mee. Ik ben hopelijk tijdens 't midzomerfeest thuis.
De tijd begint te dringen. Ze moeten de Majoor om de tuin leiden.
Alberto leidt de Majoor af, zodat Sofie iets kan uitproberen.
Alberto, het heeft gewerkt. -Goede reis, Majoor.
Dank je, Berg. Hou je taai.
Dus, mijn beste Alberto, we moeten snel actie ondernemen.
De Majoor komt morgen het laatste deel brengen.
Het lukt wel als ik de sleutel vind en Georg weet te overtuigen.
Jij hoeft alleen een speech te geven.
Beloof me datje me niet teleurstelt.
Ik heet Freud. Sigmund Freud.
De bank.
Mijn God. Ga op de bank liggen.
We gaan het over je kinderjaren hebben.
Ik vuil dat je me vertelt over je gevoelens. Ga maar liggen.
Ik ben erg verward de laatste tijd. -Weetje wat hypnose is?
Ja. -Lig je lekker?
Ooit gehoord van psychoanalyse? -Nee.
Psychoanalyse...
Psychoanalyse is een behandeling die ik heb ontwikkeld...
voor mensen die met hun gedachten in de knoop zitten.
Maar ik zit niet in de knoop. -Dat kan zijn.
Maar psychoanalyse kan ook een manier zijn...
om de geest van een gewoon mens...
te beschrijven. -Maar ik ben niet gewoon.
Precies. Daarom ben ik de juiste persoon om jou te helpen.
Ga je me hypnotiseren? -Alles watje heb meegemaakt...
is opgeslagen in je onderbewustzijn. Je bent geen normaal meisje.
Je moest eens weten. -Dan heb je een probleem, hè?
Dat klopt. En de tijd raakt op.
Ik vlucht weg van een verhaal. -Dat is lastig.
Je moet vertrekken als de schrijver niet oplet.
Je moet speuren in zijn... onderbewustzijn.
Inderdaad. Leid hem af. -Natuurlijk. Freud.
Tot op het feest.
Proost. Wat een gezellig feest. Gefeliciteerd, Sofie.
Gefeliciteerd. -Dank je, kameraad.
Ik heb ze bij het huis geplukt. -Ze zijn prachtig.
Lieve vrienden, wel kom op de vijftiende verjaardag van Sofie.
Je bent al een grote meid nu. Ik weet nog dat ik Ivar leerde kennen.
Tempus fugit. -Inderdaad. Tempus fugit.
Dit is 'n filosofisch tuinfeest, omdat Sofie gefascineerd is door de denkers.
En daarom wil ik Antonio welkom heten...
Alberto. -Natuurlijk, Alberto. Mijn excuses.
Hij is een vriend van Sofie en ook een filosoof.
Het is me 'n genoegen, mevrouw Amundsen.
Zeg maar Britt. -En ik ben Tullen.
Zij en ik zijn...
Als dank voordat ik je dochter even mocht lenen...
vuil ik graag een korte toespraak houden.
Sofie en ik...
Hallo Jorunn. -Dat is onze...
Jij bent vast Jorgen. -Hoe weetje mijn naam?
Alberto weet alles. Dit is Georg. -Hallo, Giovanni.
Ik bedoel Georg.
Sofie en ik hebben ons de laatste tijd verdiept de in de filosofie.
Van de Oude Grieken tot aan moderne tijden.
We hebben ontdekt dat wij verzinsels zijn van 't onderbewustzijn...
van een majoor. Van zijn fantasie.
Hij heet Albert Knag.
Hij schrijft een boek over ons voor zijn dochter.
Haar vijftiende verjaardag is ook op de 15e.
Het boek is een Verjaardagscadeau voor zijn dochter Hilde.
Pak de auto van Johnsen. -We zijn slechts vermaak.
Ben je gek? -Het gaat hier om leven of dood.
We zijn niet echt. We bestaan niet. -Niet echt? Ik ben al 40 jaar geweest.
We zijn maar een geraamte voor het onderzoek naar filosofie.
Maar dat betekent niet dat we geen lol mogen hebben.
Eet, drink en wees vrolijk. Bedankt voor jullie aandacht.
Tullen. -Ga er achteraan, idioot.
Het is nu of nooit. -We zijn al op de laatste pagina.
Het kan wel gevaarlijk zijn. -Kom mee.
Nee, het is gevaarlijk. Niet doen, Sofie. -Kom, Alberto.
Kijk.
Daar. -Ben ik echt?
To be or not to be. Dat is de vraag.
De volgorde is omgedraaid.
We hebben alles al gezien, alleen was toen de volgorde andersom.
Kom.
Waar zijn we?
Hilde, heb je het witte tafelkleed gezien?
Beneden op de strijkplank. -Ik kom naar beneden.
Dit is het. Dit is de kamer die ik door de spiegel zag.
De kamer van Hilde. Bjerkely. We zijn in Bjerkely.
Hilde.
Existentialisme.
Het sleutelwoord voor de filosofie van Kierkegaard is 'bestaan'.
Het betekent alleen niet 'bestaan', want planten en dieren leven ook.
Jean-Paul Sartre, een andere existentialist...
zei dat de mens het enige levende wezen is dat haar bestaan beseft.
En dat fysieke objecten in zichzelf zijn en dat mensen voor zichzelf zijn.
Interessant, toch? -Wie zei dat?
De telefoon gaat.
Is het onmogelijk om contact te leggen? -Onmogelijk bestaat niet in de filosofie.
Papa?
Mama, papa komt er aan.
Hallo, papa. -Hallo, Hilde.
Ik herkende je bijna niet. -Je bent een praatjesmaker.
En jij bent al bijna een vrouw.
Papa is thuis, alles is weer normaal.
Is dat mijn man?
Het is een normale man. Ik dacht dat hij op een God zou lijken.
Hij had genoeg fantasie om ons te creëren.
Waar ga je heen? -Ik wil weten hoe het afloopt.
We zijn maar een geraamte voor het onderzoek naar filosofie.
Maar dat betekent niet dat we geen lol mogen hebben.
Dus eet, drink en wees vrolijk. Bedankt voor jullie aandacht.
Einde.
Het kan niet zomaar afgelopen zijn.
Niks over Georg en de auto. -We zijn ontsnapt.
Geweldig.
Is er buitenaards leven? -Dat weet niemand.
Het universum is zo gigantisch...
dat afstand wordt aangeduid in lichtjaren. Dat is 10 triljoen kilometer.
10 triljoen kilometer.
Ooit, ongeveer 15 miljard jaar geleden...
concentreerde de hitte van het universum zich op één deel.
Dat zorgde voor een explosie.
Atomen ontstonden en die vormden moleculen.
Verschillende zonnen ontstonden die weer veranderden in planeten.
Zoals degene waar we nu op leven. Dat was de oerknal.
Dat moet gigantisch zijn geweest. -Behoorlijk omvangrijk.
Het voelt alsof hier iemand is. -Misschien zijn het Sofie en Alberto.
Wat denk je? -Ik voel wat.
Indrukwekkend. -Waarom kom je niet naar binnen?
Het is al laat. -Oké.
Wat explodeerde er eigenlijk al die jaren geleden?
Waar kwam dat vandaan? -Dat is de grote vraag.
Sofie werd hetzelfde gevraagd. 'Waar komt de wereld vandaan?'
Socrates zei dat de vraag belangrijker is dan het antwoord.
En ik heb haar wereld gecreëerd. -Iedereen die we hebben ontmoet...
komt uit een geschreven verhaal. «Ja, zij hebben het eeuwige leven.
Precies. En wij ook. Wat zou er gebeuren als we teruggaan?
Teruggaan?
Hoor je dat? -Wat?
Muziek. Het komt van boven.
We zijn er.
Hoe voelt het om terug te zijn? -Heerlijk.
Maar ik dacht aan Hilde en haar vader. Wij zullen ze overleven.
Zij zijn maar mensen. -Terwijl wij...
Wij zijn ideeën, Alberto. Eeuwige gedaanten.
We blijven eeuwig bestaan. -Ideeën. Plato.
Je bent een echte filosoof geworden.
Sofie, leuk je te zien. -Wil je dansen?
VW je lucifers, Sofie?
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.