Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Leg uw hoofd hier neer alstublieft.
Wees gerust, het doet geen pijn.
Jean-Pierre...
Heb je begrepen wat ik je net gezegd heb?
Temporaal tumor links.
Niet operabel.
Het spijt me, maar ik wilde zeker weten dat je het goed begrepen had.
In het beste geval kan ik met chemo genezen?
Ja.
Je hebt een vervanger nodig.
Je moet stoppen met werken om een kans op genezing te hebben.
Je hebt een vlek.
Een inkt- of koffievlek, daar...
Ik ben 't!
Kleedt u zich uit.
We kijken even naar u.
Meneer Boucher, u moet minder aantrekken als ik u kom onderzoeken.
Dag, dokter. - Goedendag.
Wat is u overkomen?
Mijn hand is bekneld geraakt bij het op stal zetten van de koeien.
Ik kan geen vuist meer maken.
Zet de tv zachter.
Van wie zijn die blauw-rode schoenen?
Van Enzo.
Is hij er?
Ik kan hem roepen.
En de andere.
Goed.
Is er iets mis?
Nee, niks ernstigs.
Ik wil alleen dat hij röntgenfoto's laat maken van zijn wervelkolom.
Mogelijk is het niet helemaal in balans.
Moet mijn broek ook uit? - Nee, nee...
Maak me niet boos, hè?
Weg!
300 liter.
Laat eens zien...
Ze hebben 500 liter gefactureerd. - Ja.
Weet je zeker dat die meter in elk geval goed werkt?
Ik heb geen idee...
Je vader controleerde het altijd door een stok in de tank te steken.
Waar is die stok?
Je tank staat tot aan de rand toe vol, mam.
Die meter doet het niet.
Ik weet het, ik weet het. Ik ben te laat.
Santana... - Ja...
Voortaan moet je leven van 720 euro per maand.
Hoeveel huur betaal je? - 455 euro.
Hoe ga je dat redden? - Ik weet het niet.
Er blijft niet veel over, hè? - Nee.
Ik denk dat je werkgever voor een oplossing kan zorgen.
Je hebt recht op een toelage op je loon.
Nou eh... dat is nog niet zeker, hè?
Maar ik zal een brief schrijven...
voor een afspraak met de sociaal werker in deze regio.
Goed? - Goed.
Nou...
Die mevrouw heet...
Mevrouw Le Breton.
Mevrouw Lebreton. Herken je de letters?
Doet dit pijn? - Nee, dat doet geen pijn.
Dat is het. Daar.
Dat is de binnenmeniscus.
Dat is goed.
Twee centimeter gegroeid.
Ziet u? U staat meer rechtop. U hebt meer zelfvertrouwen. Goed!
Hou op anders begin ik te grienen als vorige week.
Wees gerust, ik heb een hele voorraad tissues.
Doe alles uit, zodat ik u kan onderzoeken.
Vooruit, we komen er wel.
Als je in een depressie zit
en ze ook nog tegen je zeggen dat je niets waard bent,
dan is het moeilijk.
Maar u doe het goed.
U maakt plannen om uit de put te komen, zoals uw rijbewijs halen...
en daarmee kijkt u uit naar de toekomst.
De pillen gaan u niet genezen.
Ik ken iemand die dat wel doet.
Dat bent u.
Dank u, dokter.
Tot ziens.
Neem me niet kwalijk... - Ja?
Ik ben Nathalie Delezia.
Kom binnen.
Neem plaats.
Goedenavond. - Goedenavond.
Laten we snel zijn, want het is half negen
en ik heb net een patiënt geweigerd.
Dus...Wat is u gebeurd?
Heeft dokter Norès u daar niet over geïnformeerd?
Hij zei dat u iemand zocht om met u te werken.
Bent u arts? - Ja.
Heeft u eerder op het platteland gewerkt?
Nee.
In de stad? - Ja, in het ziekenhuis.
Heeft u ooit iemand vervangen?
Ik heb net mijn studie afgerond.
Geneeskunde is een langdurige studie, maar toch:...
U bent een paar keer blijven zitten, hè?
Ik ben laat aan de studie begonnen. Ik ben tien jaar verpleegster geweest.
Toen ik afgestudeerd was,
heb ik op de Eerste Hulp gewerkt in afwachting.
In afwachting waarvan?
Dat ik me op het platteland zou vestigen.
Het ziekenhuis is niet mijn ding.
Heeft Norès u gezegd dat ik iemand zoek? - Ja.
Heeft hij nog wat anders gezegd?
Nee...
Ik ken de regio een beetje.
Mijn vader woonde in Thorigny. Ik bracht er vakanties door.
Ja, maar hier werken is wat anders dan hier vakantie houden.
Niet?
U bent een idealiste, hè?
Als u het zegt...
Plattelandsdokter leert men niet.
Ik kom hier, omdat ik hoofdpijn heb.
Het is twee weken geleden begonnen.
Ik weet niet meer hoe. Plotseling, geloof ik.
Maar ik weet nog dat ik 's avonds...
Hebt u de hele dag hoofdpijn?
Vooral 's morgens. - Als u wakker wordt...
Het klopt dat ik met hoofdpijn wakker word, maar...
Dus vooral bij het wakker worden. - Ja.
En aan welke kant heeft u pijn? Voor, achter?
Dat varieert.
In het algemeen is het aan de voorkant, maar...
Aan de voorkant, dus.
Ja. - Meestal aan de voorkant.
Heel goed.
Ik ga u onderzoeken.
U stelt de vragen en geeft de antwoorden.
Vond je dat ze je beïnvloedde, Nicolas?
Wat wilde je zeggen toen ze je de eerste keer onderbrak?
Want je zei: "De pijn is twee weken geleden begonnen."
"Ik weet niet meer hoe, maar ik weet nog dat ik 's avonds..."
...met een nieuwe behandeling van mijn suikerziekte was begonnen.
Ik zal je onderzoeken.
Een dokter onderbreekt zijn patiënt gemiddeld om de 22 seconden.
Het geheim is om hem te laten doorpraten.
Want 90% van de diagnose komt vanzelf als u geen druk uitoefent.
Mag ik wat muziek aanzetten? - Nee.
Ga er alleen heen.
Waar is het voor?
Dag, meneer Jalet. Ik ben dokter Delezia.
En waar is Werner?
Hij houdt spreekuur. Ik doe vandaag de visites.
En morgen kan hij wel komen?
Hij vertrouwt me. Hij heeft me gevraagd bij u langs te gaan.
Ik spreek liever de dokter.
Wel, wel...
Het verbaast me, want Jalet is best een aardige man.
Eerlijk gezegd zijn er speciale patiënten bij, maar hij...
Ik snap er niks van.
Probeer het alleen. Ik moet even bellen en dan kom ik erbij.
Oké.
Wat moet dat, die eenden?
Ja, goed.
Welke eenden?
Daar! Hebt u ze niet gezien? Ze hebben me aangevallen.
Dat zijn geen eenden, maar ganzen. Mannetjes.
Ik ben ook eens door ze aangevallen. 22 hechtingen.
De enige oplossing is dat u ze vernedert.
Hoe bedoelt u?
Pak ze bij hun nek en steek dan hun snavel in hun kont.
Dat vernedert hen en dan laten ze u met rust.
De snavel wel in de kont, hè...
Het is riskant, maar het is het waard. - Goed, ik snap het.
Wat?
Waarom doet u dit? Waarom behandelt u me zo slecht?
Rot op, val me niet lastig!
Verdwijn of ik eet jullie vanavond op.
Dat is van mijn zoon. Hij studeert architectuur.
Hij hoort bij het team van Von Leron.
De architect die de opera van Madrid heeft gedaan. Hebt u die gezien?
Nee.
Wilde hij geen arts worden?
Hier ben je dag en nacht dokter. Dat zou hem snel afschrikken.
Hij is zijn moeder gevolgd naar Parijs.
Morgen kunnen we het werk verdelen. Ik rij tijdens uw spreekuur de visites.
Nee.
Morgen begin ik om zeven uur. Als u met me mee wilt, is dat goed.
Goed.
Tot morgen.
Fanny, kun je die hond even weghalen? Dan komen we binnen.
Ik ben verpleegster, geen dierenarts.
Hoe gaat het met hem?
Hij heeft weinig gegeten.
Ik heb hem een trombose-injectie gegeven en bloed afgenomen.
Ja...
Hij is niet zo goed. Zijn temperatuur is 38°.
Voorzichtig.
Draai om. Ga zitten.
Geef dat maar aan mij.
Voelt u zich goed? - Ja.
Ben jij het, Jean-Pierre? - Ja, hoe voel je je?
Dit is dokter Delezia, die met me werkt.
Dag, meneer.
Behandelt hij je niet te streng? - Ja, maar ik kan er tegen.
Dat is goed.
Geef nooit op, hoor.
Dat is niet slecht.
Niet slecht.
Open je mond en steek je tong uit.
En dan zijn we klaar.
Zeer goed.
Open je mooie ogen...
Ja.
Ik voel nog steeds zo'n gewicht op mijn borst.
Ontspan je.
Doe maar rustig aan.
Het onderzoek is goed. Alles is goed.
Hallo, Guy.
Gaat het? - Goed.
Hij is de meest mistroostige man die ik ken.
Er kan geen lachje vanaf.
En toch, iedere keer als ze vrijwilligers zoeken voor een feest in het dorp,
meldt hij zich aan.
Wat vindt u ervan? - Nou, het is inderdaad dat...
Nee, de patiënt, bedoel ik. Wat zegt u ervan?
Ik zie wel tien redenen om hem op te laten nemen.
Hij heeft een perifere arteriële aandoening,
onbehandelde diabetes, een longaandoening,
een INR van 3,2...
Uit zijn laatste urineonderzoek blijkt dat hij een urine-infectie heeft...
en eerlijk gezegd lijkt me een nieuw antibiogram gewenst.
Dat is goed. U weet er veel vanaf.
Een opname van een paar dagen zal veel duidelijk maken.
Theoretisch: ja. Maar in dit geval niet. - Waarom niet?
Omdat hij iedere keer zwakker terugkomt.
Erna is hij slechter dan ervoor.
Dus ik heb besloten om hem thuis te houden.
En dat is wat hij wil. Thuis blijven.
Dus dat geloof ik en dat neem ik aan.
Als hij bloedvergiftiging krijgt, een embolie of hartstoornissen...
Zeker, opname in het ziekenhuis is veel eenvoudiger dan dit.
Wat vind jij ervan?
Waarvan? - Om hem te laten opnemen.
Hoezo? Doen we het niet goed?
Jawel, dat verzeker ik je. Maar wat vind je?
Wilt u hem laten opnemen? - Helemaal niet. Dat heb ik niet gezegd.
We hebben hem twee jaar hier kunnen houden dankzij Jean-Pierre.
Laat dat zo.
Pas op, even wat ruimte maken...
Goed dat u hier komt werken.
Er zijn te weinig dokters hier.
Iedereen is op de hoogte, hè.
Daar komt Francis. Die zal het u ook zeggen.
Dag, ik ben Francis, burgemeester van Chaussy.
Aangenaam. Nathalie Delezia.
Hoe gaat het? Goedendag. Eet smakelijk.
Kent u deze streek? - Een beetje.
Haar vader woonde in Thorigny.
Ik heb een plan voor een nieuw gezondheidscentrum.
U komt op het juiste moment.
Een onroerend goed-project, bedoel je.
Wat komt er in dat gezondheidscentrum?
Een fysiotherapeut,
een logopedist, een verpleegster...
Ik heb al gesproken met Fanny. Zij zal zich er vestigen.
Ze zijn hier tegen de vooruitgang.
Ze leven in het verleden. Alles moet blijven zoals het was.
Je legt een nieuw voetbalveld aan en ze klagen.
Je hakt twee zieke bomen om: ze klagen.
Je plant bloemen voor de titel 'Bloemrijk dorp' en nog klagen ze.
Kent u het syndroom van Maroini?
Maroini? Nee.
Echt niet? - Het zegt me niets.
Gewoonlijk stel je de diagnose toevallig...
door een steeds groter gebrek aan intellectuele vermogens.
Ja...
Ik ken een zeer interessant geval ervan, dat ik u zal laten zien.
Syndroom van Maroini. Zoek het maar eens op internet.
Maroini...met een I op het eind? - Ja.
Nee, helemaal niet.
Nou, hoe gaat het ermee?
Ik begin te wennen.
En met Jean-Pierre?
Dat gaat wel.
Begin je daar ook aan te wennen?
Precies.
Ik heb het je al gezegd, maar je kunt van gedachten veranderen.
Weet ik. Dank je.
Zegt het syndroom van Maroini jou iets?
Het syndroom van...?
Maroini, met een I op het eind.
Een intellectueel gebrek.
Intellectueel gebrek?
Luister, ik zoek het na en ik bel je terug.
Dikke omhelzing.
Jou ook.
Hier, kijk er eens naar.
Niet zo slecht.
De bloedplaatjes zijn laag.
Maar de witte gaan wel.
Je moet rust nemen. Je kunt niet zo doorgaan.
Waarom heb ik haar gestuurd, denk je?
Om me te pesten. Je wist dat ik niemand wou.
Eerlijk gezegd is het een goeie meid.
Een studie beginnen op die leeftijd laat zien dat ze ondernemend is.
Een oud-verpleegster die perfect kan omgaan met spoedgevallen.
Ik doe geen spoedgevallen, ik doe geneeskunde.
Waarom wil je niet dat iemand je helpt?
Waarom zeg je niet dat je ziek bent?
Tegen wie?
Tegen je familie, je moeder, je zoons moeder, je vrienden.
Tegen Nathalie in plaats van haar op stang te jagen.
Ze is arts, ze zal je begrijpen.
Laat haar alleen het spreekuur doen.
Laar haar visites rijden. Laat haar je helpen.
Het is nog maar net begonnen. Het wordt veel erger.
Ik voel me niet zo slecht.
Hou er toch eens mee op!
Ja... Ja, alles gaat goed.
Ik heb alles genoteerd. Alle namen en adressen.
Maak u niet ongerust.
Goed.
Ja, ik bel u als er een probleem is.
En als ik iets niet weet, bel ik ook.
Heel goed. Ik rij Omerville binnen. Ik moet ophangen.
En bel me, hè?
Ja... - Hup, naar binnen.
Hallo, Jean-Pierre.
Deze sukkel heeft een haak in zijn dij gekregen.
Pardon meneer, ik zoek het huis van mevrouw Caillon op La Fare-Basse.
Mevrouw Caillon? - Ja.
U rijdt het dorp uit... - Ja...
en na 500 meter neemt u het modderpad.
Ik steek je bek in je kont!
Pardon.
Zeg het als ik u pijn doe. Ik doe het zo zachtjes mogelijk.
Alstublieft.
Dit gaat een beetje pijn doen...
Ik maak het nat.
En u zegt het me, hè? Zeg het als u pijn voelt.
Doet dat geen pijn? - Nee...
Dat doet zeer. Voorzichtig.
Ik doe het zacht. - Nee, dat is goed.
Verdomme!
Als dat meisje je plaats inneemt, kun je die van de slager innemen.
Hou je kop...
Waar is ze?
Is ze al gevlucht?
Ze rijdt visites.
Alleen?
Bij wie gaat ze langs?
Mijn moeder.
Oh, jee!
21...
21428. Dat is het. Goed.
22075...
22...
22 en dan?
Ja...
Ja, hallo?
Ja, alles loopt goed. Geen zorgen.
Nee, u stoort niet...
Nog twee en dan kom ik terug.
Goed.
Ik moet ophangen.
Dag.
Gaat het? Bent u niet gewond?
Ik heb u nooit gezien. Dat zweer ik.
Ik ben arts. - Ik heb hem niet gezien.
Bel een ambulance.
Hoe gaat het? Praat tegen me, jongeman.
Het gaat wel. - Hebt u nergens pijn?
Nee, ik heb geen pijn.
Rol in een veilige positie en beweeg vooral niet.
Hoe voelt u zich?
Ik heb geen bereik. - Probeer het daar eens.
Ik ben geen soldaat!
Blijf rustig alstublieft. Beweeg niet.
U bent van uw fiets gevallen, u bent in shock.
U moet stil liggen. Ik ben dokter. Ik zorg voor u.
Ze denkt dat ik een soldaat ben!
Wat is er gebeurd? - Mama!
Maak u niet ongerust. Ik ben arts.
Hij is van zijn fiets gevallen. Hij is in shock. De ambulance is onderweg.
Nee, laat hem. Hij is mijn zoon. - Oh ja?
Hij is mijn zoon. - Ik heb niks...
Wat? - Niks ergs.
Waar doet het pijn? - Nergens!
Nee, nee, nee. Ik kan niet.... - Hij is zo geboren.
Het is goed. - Nee, ze dacht dat ik soldaat was.
Nee, dat dacht ze niet.
En?
Goed.
Goed goed?
Echt goed.
Geen bijzondere moeilijkheden? - Nee. En u?
Geen enkele zorg, dus? - Nee.
Toch wel...
Twee, drie gevallen van het syndroom van Maroini.
Dat zijn schoolgrapjes.
Bent u er niet overheen gegroeid?
Kent u dit? "Het notitieblok van een jonge dokter" van Bulgakov?
Nee. - Hier, ik geef het u cadeau.
De geschiedenis van een jonge arts... - Die nog veel te leren heeft?
Precies.
Dank u wel.
Ruikt u ook een brandlucht?
Nee.
Ik moet iets op het vuur hebben laten staan.
Dokter Delezia...
Ja...
Goed.
Op de Route de Magny?
Prima. Absoluut. Ik kom eraan.
Een spoedgeval op het zigeunerkamp. Ik ga.
U hebt uw bord nog niet leeg.
Het is op...
Wat?
Het is hier 's avonds donker.
Dacht u dat ik in uw eentje liet gaan?
Goedenavond.
Dokter Werner.
Dokter Delezia. - Deze kant op.
Goedenavond. - Goedenavond.
Het is voor mama. Ze is echt niet goed.
Mijn collega zal zich er mee bezighouden. Gaat uw gang, dokter Delezia.
Goedendag. - Goedendag, dokter.
Ze ligt al drie dagen in bed. Ze is echt niet in orde.
Ze eet niet. Alleen een beetje water vanochtend.
Goedenavond, mevrouw.
Ik ga u bevoelen, neem me niet kwalijk. Waar heeft u pijn?
Hier, is dat het?
Laat me even kijken of uw hals beweegt.
Hebt u overgegeven?
Nee? Ook geen koorts?
Nee, ik voel niets.
Mag ik een lepeltje alstublieft?
Geef me de lepel.
Open uw mond en steek u tong uit.
Dank u.
Ik bevoel u een beetje hier... Blijf normaal ademen.
Doet uw arm pijn? - Ja.
Helemaal tot aan de hand? - Ja...
Goed.
Het is een cervicobrachiaal syndroom.
Is het ernstig? - Nee, pijnlijk maar niet ernstig.
Goed.
Ik geef haar een injectie met een ontstekingsremmer.
Geen injecties! - Ze is bang voor injecties.
Laat de dokter haar werk doen! - Goed, maar oké.
Gaat u gang, mevrouw.
Het zal geen pijn doen.
Blijf stil liggen.
Ik ga u nu prikken.
Het is bijna klaar...
Alstublieft.
Zal het goed met haar komen, dokter?
Ze zal zich heel snel veel beter voelen.
Dank u, dokter. - Graag gedaan.
In Lagny.
In Lagny, tegenover de bioscoop.
Dag, dokter. - Dag.
We willen u graag allemaal spreken, als het mogelijk is.
U allemaal? - Ja, allemaal.
Iedereen wilde bij u op het spreekuur.
Echt? Ik voel me gevleid.
Vooral de kinderen, want die zijn niet goed.
Er is iets met hun darmen of ze hebben de griep, maar...
Dank u, dokter. - Niets te danken. Gaat 't goed met oma?
Ja, erg goed.
Heeft ze goed geslapen? - Ja, we zijn zeer tevreden.
Een nieuw dossier voor iedere patiënt die we hebben onderzocht?
Ja. Hoezo?
Nooit gedacht aan een computer? - Waarom?
Om tijd te sparen, bijvoorbeeld. - Tijd sparen?
Gaat het sneller om gegevens in de computer te brengen?
Nee, maar ze terugvinden duurt hooguit 20 seconden.
Noem zomaar eens een naam. - Wat?
Een naam van een patiënt.
Poinard.
Poinard...
Wacht even. Hem hebben we gisteren nog gezien.
Nu een moeilijkere. Het dossier van meneer Bardat.
Bardat...
1, 2, 3...
4, 5, 6...
7, 8, 9, 10, 11...
Bardat!
Super.
Nog een idee?
Het dossier van...
Nathalie Delezia.
Erg grappig.
Nee, ik heb een medisch dossier nodig voor de Medische Raad.
Ga naar een collega.
Ik heb daar de tijd niet voor.
Het is maar een formaliteit. Signeer het gewoon.
Nee, ik doe geen valse certificaten.
U zou een ziekte kunnen verbergen.
Toe... - Nee, nee.
Echt? - Ja.
Wilt u me dan onderzoeken?
Goed, ik neem uw bloeddruk op.
120 om 70.
Gebruikt u de pil? - Ja.
Rookt u? - Ja.
Ooit medisch behandeld? - Nee.
Ergens allergisch voor?
Moet ik me uitkleden? - Ja...eh... nee
Het gaat zo wel...
Doe u shirt een beetje omhoog.
Haal wat dieper adem.
Goed.
Prima. Geschikt om te werken.
Hallo, met papa.
Hoe gaat het?
Gaat het, meneer? - Ja.
Neemt u rust tussen de kuren? - Ja.
We gaan van start.
Het is deze zak. Goed?
Het duurt ongeveer twee uur.
Roep me als u zich niet lekker voelt.
Aarzel niet. Ik ben in de buurt.
Dank u. - Tot straks.
Het spijt me, maar ik moet er naar kijken.
Als uw vriendin wratjes heeft, kan dat zijn overgedragen.
Die wratjes komen en gaan.
Het kan een oude infectie zijn, zoals herpes.
Kun je gaan liggen?
Ik dacht dat het dokter Werner zou zijn.
Ik ben eraan gewend.
Ze heeft er al meer gezien.
Ga je gang.
Het komt wel goed.
Kun je je boxershort naar beneden doen?
Daar gaan we.
Het is inderdaad een genitale wrat.
Hoor je dat?
Ja! Ik heb toch al sorry gezegd.
Kan ik me weer aankleden. - Ja.
Wat wil je?
Mag ik weten wat je doet?
Je kijk naar een film.
Dat zie ik. Maar sinds wanneer kijk je staand naar een film?
Ik ben bang dat ik in slaap val als ik ga zitten.
Maar jij kunt gaan zitten als je wilt.
Nee, het is goed zo.
Blijf je nog lang zo naar me staren? Moet je niet werken?
Ik hou van je.
Is het je eerste zwangerschap? - Ja.
Mijn vriend vertelde me van een meisje dat haar baby verloren had.
Ze moest bevallen in de auto, omdat het ziekenhuis te ver weg was.
Maak je geen zorgen, we laten je niet alleen naar de kraamafdeling gaan.
Geef dat maar aan mij.
Kun je gaan liggen?
Omdat Magny is gesloten, dus nu moet ik naar Gisors.
Dat is een uur verder weg. - Ik weet het.
Dokter Werner en ik zorgen voor je...
en we laten je niet alleen naar de kraamkamer gaan.
Ik hoop dat ik het kan.
Natuurlijk kun je het. Het is normaal om bang te zijn.
Je kunt me alles vragen.
Kun je kruisen in de cirkels zetten?
Is dat alles wat je ziet?
Ja.
Het is een hersenhelft-syndroom.
Je ziet alles links van je niet.
Wat kunnen we daar aan doen?
Vooral doorgaan met de chemo.
Hopen dat de tumor kleiner wordt, zodat het syndroom verdwijnt.
Laatst rook ik sterk een brandlucht.
Ik was met Nathalie aan het werk.
Ik ben meteen gestopt en naar de keuken gerend.
Maar er stond niets op het vuur.
Je moet er met haar over spreken.
Ik weet het. Ik zal het doen.
Ik doe het.
Hij ademt moeilijk.
Laat uw handen eens zien.
We gaan uw benen bekijken. Kun je me helpen, Fanny?
Ik ga uw kuiten bekijken.
Zeg me als u pijn voelt. Goed?
Doe ik u pijn, meneer Sorlin?
Hoe voelt dat?
En hier. Wacht. Dit been hier...
Ik begrijp niet wat u zegt...
Hij wil Jean-Pierre spreken.
Hij neemt niet op.
Als hij een embolie krijgt...
Hij heeft een infuus met antibiotica nodig.
En mogelijk ook een antistollingsmiddel.
Ik zeg alvast dat ik de hond niet kan nemen.
Goed, we laten hem opnemen.
Nathalie...
Ik wil u wat zeggen. - Ja...?
Wat doet hij hier?
Hebt u hem op laten nemen? - Ja.
Wat had ik nou gezegd?!
Ik heb u gebeld. Hij leed.
Hij kon thuis behandeld worden.
Hij had een aderontsteking, koorts, pijn op de borst.
Ik was bang voor een embolie. - Nou en?!
Ik had geen andere keuze dan opname in het ziekenhuis.
Spaar u de moeite om terug te komen. U bent klaar.
Wat? - Geef me de sleutels terug, alles!
Dat kunt u niet doen. - Ik had het hem beloofd!
Hij had pijn en er was een kans op een embolie.
Hij is 92 jaar: hij is uitgeput.
Weet u wat er in het ziekenhuis gebeurt? Dat zal ik u zeggen.
Hij moet vier uur op een brancard wachten op de Eerste Hulp.
Ze weten niet wat ze met hem aan moeten, omdat hij verward is.
Omdat iemand van 92, ziek in het ziekenhuis, altijd verward is!
Hij krijgt een maagsonde, maar die trekt hij eruit, dus binden ze hem vast.
En het ergste is, dat als hij een longembolie krijgt,
dat ze dan niets doen. Waarom?
Omdat ze niet een verwarde meneer van 92 reanimeren.
Dus sterft hij in een ziekenkamer, ver van zijn familie.
Nee, zo is het ziekenhuis niet. U ziet het te zwart.
Ja, als we wat positiever zijn, sterft hij daar niet.
Dan sturen ze hem een stuk zwakker naar huis...
en hij veel slechter terug dan voor hij ging.
Ik heb u gevraagd hem niet op te laten nemen, wat er ook zou gebeuren.
Wacht even, ik begrijp het niet.
Wat?
Nee, doe 'ns rustig...
Rustig, ik begrijp je niet.
Waar?
Jean-Pierre!
Ik ben hier!
De betonmolen gleed weg en raakte me.
Ik moet dat hechten, maar ik kan dat hier niet doen.
Ja...? - Ja, Nathalie?
Met Jean-Pierre.
Ik ben op de bouwplaats van Maroini.
De slagader in zijn dijbeen is doorsneden. Het bloed spuit eruit.
Ja, dat begrijp ik.
Ik bel een ambulance en kom eraan.
Goed.
Wacht even. Herhaal dat langzaam.
Het weggetje na de laatste straatlantaarn...
Ja...
Na 500 meter het bord van de bouwplaats.
Hij is onderkoeld en heeft een zwakke pols.
Ik geef hem een infuus.
Dat lukt wel. Wat is er?
Ik hou het niet vol. - Ik neem het over.
Perfect.
Schuif het apparaat hierheen.
Goed.
Het is zwaar. - Trek het naar u toe.
Laat nu zakken.
Daar gaat-ie.
Doe het controlelampje aan.
Juist.
Bedek de hele plaat.
De enkel moet goed in het midden liggen.
Zo, ja.
Perfect.
Leg de marker aan de andere kant.
Oké, starten maar.
Nee, doe uw bescherming voor.
Dan...Ziet u de regelknop? Zet die op 50 kilo, 15 BMI.
50 kilo, 15 BMI.
Staat hij goed? - Ja.
Goed dan. Starten maar.
Niet bewegen.
Perfect.
Laten we ook kijken of ik mijn sleutelbeen niet heb gebroken.
Daar is hij.
Is hij al goed? - Nee, nog even.
Laat me het eens zien.
Hoger.
Nog iets langer.
U hebt daarstraks goed werk geleverd.
Dat moet genoeg zijn.
Laat het even uitdruppelen... Daar!
Leg ze op het droogrek.
Het is verzwikt, niet gebroken.
En mijn sleutelbeen?
Nou?
Ik kijk ernaar...
Nou? - Alles is in orde.
Heeft u hulp nodig? - Nee, het gaat wel.
De tumor lijkt ingekapseld...
maar er zitten vlekken op de rechter long.
We zijn vijf weken geleden met chemotherapie begonnen.
Zal hij het redden?
Dat is moeilijk te zeggen.
Fifty-fifty, misschien iets meer.
Waarom heb je het me niet eerder verteld?
Ik had het recht niet.
Ik heb ook medische geheimhouding.
Wat moet ik nu doen?
Blijf het vak leren. Dat is het beste wat je voor jezelf en hem kunt doen.
En wat als ik het hem zou zeggen?
Merci.
Tot ziens.
Ik zou hier niet kunnen werken.
Hoe doet u dat?
Het is normaal.
Daar staat iets vet gedrukt dat niet normaal is.
Dat is niet. Niet belangrijk.
Waarom is het dan vet geprint?
Omdat het buiten de normen van het lab valt.
Dat is niet verontrustend. Het is maar iets hoger.
Ik begrijp niet wat u zegt.
Is het wel of niet binnen de norm?
Het is niet binnen de norm, maar het is niet belangrijk.
In uw geval is het niet ernstig. - Oh ja?
Waarom meet u het als het toch niet uitmaakt?
Het is het algehele beeld dat voor mij telt, niet elke uitslag op zich.
Dus meet u dingen die er niet toe doen?
Ja, precies.
Goed, gaat u zitten dan neem ik uw bloeddruk op.
Alweer?
Waar is dat goed voor?
Het is een belangrijk gegeven. - Ja, dat weet ik. Dank u.
Nou?
Hoeveel?
110/70, perfect. Ga zitten.
Ik kwam voor niets.
Hebt u al uw diploma's?
Nee.
Ik heb maar één jaar gestudeerd en daarna heb ik het in de praktijk geleerd.
23 euro. Betaalt u met een cheque of contant?
Ik ben het. Jean-Pierre.
Hoe voel je je?
Wij zorgen in de tussentijd voor je hond.
Welke tussentijd?
Probeer ieder flesje op z'n plek te zetten.
Goeiedag. Hoe gaat het?
Dag, Guy. - Hallo, Nathalie.
Dit is Nathalie, de dokter.
U bent mooi, hè? Maar dat verbaast me niets.
Kent iedereen de dokter?
Nathalie, de dokter.
Ik kom hier voor Nicolas.
Daar is hij. Hoe gaat het met je, Nicolas?
Goedenavond, tot ziens, gelukkig nieuwjaar, goede gezondheid.
U bent verliefd op Nicolas!
Zullen we gaan, Nicolas? - Ga mee, Nicolas.
Morgen...
Nee, Nathalie is er morgen niet.
Alstublieft, kan het wat rustiger?!
Ken je me nog?
U dacht dat ik een soldaat was.
Ik maak liever granaten.
Granaten liever dan dozen.
Ze worden niet voor hetzelfde gebruikt. Wat zijn dat voor dozen?
De vrouwen maakten ze in de oorlog van '14-'18.
Het is jammer dat ik ze niet mag maken.
Van mij had je ze mogen maken.
U was een geweldige munitionette geweest.
Wat is een munitionette?
Een vrouw die granaten maakt.
Kent u die Duitse legende?
Niemand kent die. - Wat is dat voor legende?
Over een messteek in de rug.
Een poging om de schuld voor het verliezen van de oorlog...
te verschuiven van het leger naar de burgerbevolking.
Die mythe ondermijnde de Weimar Republiek
en droeg bij tot de opkomst van de Nazi Partij.
Je kent je geschiedenis... - Ik ken de oorlog van '14-'18.
Goeiedag, alles goed? - Het gaat...
Gaat alles goed?
Goeiedag.
Jammer dat je niet kunt dansen.
Ja, lach maar...
Besef dat ik bijna dood was?
Ik moest ten minste honderd meter kruipen
voor ik bij mijn telefoon was. Die had ik in mijn jas laten zitten.
Dat zie ik jou nog niet doen!
Zie je die gasten die buiten hun bier kopen?
Dat zijn de jagers.
Zij aan de bar binnen zijn geen jagers.
Als je dat begrijpt, begrijp je het hele dorp.
En je vader, aan welke kant staat die?
Die staat erboven. Die is hier God.
De dag dat hij stopt werken, is de dag dat hij sterft.
Hij stopt nooit.
Daarna is er geen dorp meer.
Dan stoppen de mensen met ademen, met leven.
Dan gaan ze dood. Zo eenvoudig is het.
Hij denkt na hem de wereld eindigt.
Ik maak me een beetje ongerust.
Ik had hem al een tijdje niet gezien. Hij ziet er moe uit.
Gaat het?
Interrumpeer ik? - Nee, helemaal niet.
Hé Nathalie, weet u dat ik een keer per maand lach-yoga geef?
U moet eens komen.
Lach-yoga? - Ja.
Het is zeer serieus.
Het is wetenschappelijk bewezen dat lachen goed voor de gezondheid is.
Het verbetert de bloedsomloop en maakt antilichaampjes aan.
Ik kan niet, Guy. Ik ben in Parijs.
Toe, Nathalie! Schrijf je in!
Oké...
Ja, je moet komen.
Goed. Goed. Ik zal het eens proberen. Dank u wel.
Sorry, ik kom zo terug.
Ze is aardig, hè? - Ja...
Wat?
Dag. Gaat het? - Ja, hoor.
En de baby?
Je bent nooit meer op het spreekuur geweest.
Het is eigenlijk zo, dat we het niet hebben gehouden.
Met mijn vriend heb ik besloten, dat het niet het juiste moment was.
Weet je zeker dat goed met je gaat, Ninon?
Ja. Tot ziens.
Paella...
Wacht even, ik pak bestek. - Een servet?
Alstublieft, mevrouw. - Dank u.
Een bier, alstublieft.
Ik ben bij Sorlin geweest. Het gaat niet goed met hem.
Dat spijt me.
Weet, dat ik met Norès heb gesproken.
Wat zei hij? Hem op laten nemen in het ziekenhuis was fout, dat is zeker.
Dank dat u hier met zovelen bent...
op ons achtste country music festival.
Heel erg bedankt.
Ik wil ook alle medewerkers van het gemeentehuis bedanken,
die me hebben geholpen om dit te organiseren.
Een evenement die ons in staat stelt elkaar tegen te komen
om goed te leven in ons dorp Chaussy.
Amuseer u goed!
Heb een mooie avond, want we dansen de hele nacht!
Kent u Generaal Gallieni?
Generaal Gallieni? Nee.
Hij was niet alleen militair, maar ook een geweldige danser.
Kunt u dansen? - Ja. Een beetje.
Ik ben een geweldige danser. - Echt?
Waarom dans je dan niet?
Wilt u met mij dansen?
Een bestelbus blokkeert de minibus van de mensen
die eerder die supershow hebben gegeven.
Gaat het?
Ja..
Tot morgen.
Ga je gang. Ik luister.
Ik hoopte op beter, maar de tumor is niet weg.
Wat ik je voorstel...
is een nieuw protocol.
We gaan de chemo combineren met bestraling.
Het zal niet zwaar zijn, dat verzeker ik je.
Maar we hebben geen keus.
En, eerlijk...
het kan uitstekende resultaten hebben.
Sorry, Michel, maar ik wil geen bestraling.
Wat gebeurt er?
Ik heb niet eerder gebeld, want hij was rustig. Maar dat... Volg me.
Stuur de soldaten!
We gaan!
Brancardiers!
Sta of ik schiet!
Wees niet ongerust. Ik ga erheen.
Nathalie, kom naar voren!
Ziet u dat ik een hele militaire uitrusting heb?
Ja.
Kan ik hier ook dekking zoeken? - Bekijk die hele uitrusting eens.
Oké, daar ben ik.
En wat is dat?
Een legerhelm. - Geweldig!
Nee, dat is een foute.
Hoe oud is hij? - Uit 1918.
Oké. - Uit de oorlog van '14-'18.
En die op je hoofd ook? - Ja.
Maar die heeft een ander nut.
Ik ken veel oorlogsverhalen. - Dat merk ik.
Verhalen van de oorlog van '14-'18. - En waar heb je die geleerd?
Ik heb ze geleerd van de televisie.
Documentaires? - Ja.
Heb je er veel gezien. - Ja, veel toen ik 12 jaar was.
En heb je ze meermalen gezien?
Ik heb ze heel veel keer gezien. Ook die ik al eerder had gezien.
Spreek je Duits? - Ja, ik spreek Duits.
Wat betekent het? - 'Bahnhof' betekent centraal station.
Centraal station, "Bahnhof".
Ja, "Bahnhof" is centraal station. - Ja, ja, ja.
En weet u hoe ze Roger Zabel in het Duits zeggen?
Hij is altijd zo geweest.
Hij is geobsedeerd door bepaalde zaken voor de rest interesseert hem niks.
Ik verminder de medicatie iets.
Laat me weten hoe dat verloopt.
Goed.
Hij heeft een uitzonderlijk goed geheugen en dat is zeldzaam.
In feite...
denk ik dat het autisme kan zijn.
Maar...
er is me steeds gezegd dat hij tekort zuurstof heeft gehad bij zijn geboorte.
Hij was helemaal blauw.
Ik weet het niet zeker, maar het is zeker het overwegen waard.
Wat zou dat voor verschil uitmaken?
Weet u..
Als het autisme is, kunnen we hem gericht behandelen...
en kan hij vooruitgang boeken. Misschien kan hij wel leren lezen en schrijven.
Kijk aan, we proberen het eens, hè?
Het hoeft niet meteen. Denk er rustig over na en we praten erover.
Goed? - Goed.
Wacht even.
Alstublieft.
We hebben er zoveel.
Dank u wel.
In ieder geval is het erg aardig dat u dat allemaal voor hem doet.
Ik denk dat hij u erg graag mag.
Het gaat beter dan met dokter Werner.
Dat zeggen hem maar niet. - Nee.
Tot ziens.
Dit gezondheidscentrum ligt me zeer na aan het hart.
Het is mijn plan. Waarom?
Tien jaar geleden hadden we nog twee dokters in deze streek.
Hier is Cécile. Kom binnen. - Excuus dat ik te laat ben.
Het departement, altijd voorop. Excuus, ik plaag maar. Neem plaats.
Waar had ik het over?
Tien jaar geleden waren er twee dokters
en nu is Jean-Pierre helemaal alleen.
En hij is niet onsterfelijk.
Dus is denk dat we aan de toekomst moeten denken.
Ja, meneer Maroini, het regiobestuur kent uw argumenten.
Nu hoor ik graag wat dokter Werner heeft te zeggen.
Natuurlijk. Maar voorzichtig,
Jean-Pierre heeft een heel eigen kijk op de zaken.
Zoals Francis net heeft gezegd, denk ik...
dat we ons moeten voorbereiden op de toekomst...
en een manier vinden om jonge dokters hierheen te krijgen.
Neem me niet kwalijk, maar ik begrijp het niet.
U zei dat u tegen het plan was. We hebben het er al over gehad.
Maar we moeten een oplossing vinden.
Goed. Fanny, onze verpleegster.
Ik denk dat het een goed idee is.
Ja, zeer goed. Guy?
Voor mij geldt hetzelfde.
Ik zie mijn beroep meer als teamwork dan een solitair iets.
We hebben er vaak onderling over gesproken.
We steunen elkaar erin.
Wacht even.
We willen allemaal als team werken, niet?
Maar dat doen we eerlijk gezegd al: Fanny, Guy, Hélène...
We communiceren allemaal met elkaar, toch?
Ja. - Zeker.
U benadert het probleem van de verkeerde kant.
Er zijn geen dokters.
Met een gezondheidscentrum komen ze ook niet.
Maar elders doet men het wel.
Het is eenvoudig: in twee jaar tijd zal het aantal centra verviervoudigd zijn.
Voorzichtig met cijfers.
De meeste centra zijn bouwprojecten
waarbij alleen nog maar gespeculeerd wordt op gebruik.
En ze werken niet altijd goed.
Wel in de steden als er een apotheek is,
fysiotherapeuten, tandartsen, specialisten...
maar niet op het platteland.
Het departement helpt dokters uit heel Europa zich hier te vestigen.
In Verneuil bijvoorbeeld...
was een Roemeen die twee maanden is gebleven.
Het is niet makkelijk om je aan te passen. En sindsdien staat het centrum leeg.
Wat dat de gemeente heeft gekost... - Goed! Heel goed.
Wat doen we nu. Niets? Wachten tot we doodgaan?
Francis, Nathalie heeft een punt.
Wij hadden gedacht aan gemeentelijk vervoer. Dat zou toch niet slecht zijn?
De ouderen kunnen dan naar ons komen en naar de specialisten in Magny.
Niet? - Ja.
Ja. - Goed.
En ook zou de gemeente kunnen meebetalen aan...
de automatisering van de huisartsenpraktijk.
Excuseer me, maar de regio heeft daar niets mee van doen.
We zijn hier op de grens van twee departementen.
's Nachts moet de dokter voor spoedgevallen
40 km rijden om aan het eind van de Val d'Oise te komen.
Voor een spoedgeval op 4 km afstand in Normandië
moet je een andere dokter bellen,
die twee uur in een auto moet rijden.
Het is absurd.
Als je 50 meter verder op die bouwplaats was gevallen, was je in Normandië geweest.
Tot ziens... - Ze hebben me echt boos gemaakt.
Ik heb iets stoms gedaan. Ik ben met Sorlin.
Nee, hij is bij me in de auto. Het is stom, ik weet het.
Goed, ik kom eraan.
We gaan het volgende doen.
Vanaf morgen lossen we elkaar af.
Jij komt elke morgen om 11 uur, Guy.
Gisèle lost je daarna af om hem zijn middageten te geven.
Fanny, jij komt twee keer per dag.
Alle ochtenden en 's middags voor de verzorging.
Goed?
En Brigitte, u geeft hem 's avonds zijn avondeten.
Kan de gemeente die maaltijden bezorgen? - Natuurlijk.
Prima.
Gaan jullie maar naar huis. Ik blijf nog even bij hem.
Bedankt.
Tot kijk, Guy.
Weet u...
dit is een schrijnend vak.
Ik voel alsof ik twintig jaar lijden achter de rug heb.
Met moeilijkheden...
Met zorgen...
We repareren. Geneeskunde is repareren.
We repareren de missers van de natuur.
We moeten de feiten onder ogen zien.
Wat ik 'natuur' noem, is voor gelovigen misschien iets anders.
Maar zeg niet dat de natuur iets moois is.
Natuur... Veel mooie dingen maar ook afgrijselijke dingen.
De natuur is barbaars.
We voeren dus voortdurend strijd tegen de barbarij.
Het is goed.
Zelfs als we weten wie uiteindelijk zal winnen.
Want het zal altijd doorgaan.
Ik ben blij dat u er bent.
Ik ben blij...
Jij bent aan de beurt, Ninon.
Het is beter als u hier wacht. - Natuurlijk.
Wil je mijn jas vasthouden?
Goeiedag. - Goeiedag.
De laatste tijd slaap ik niet goed meer.
Hoe lang al?
Ik weet het niet echt. Drie weken, een maand ongeveer.
Ik weet het niet zeker.
Voel je je een beetje gedeprimeerd?
Ja. Een beetje wel.
Is er iets bijzonders gebeurd?
Ik heb nog een abortus gehad.
Waarom gebruik je geen voorbehoedsmiddelen?
Nee, we willen een baby.
En heeft je vriend gevraagd om de baby niet te houden?
Ja, maar hij heeft gelijk.
Ik weet niet of ik een kind kan opvoeden.
Soms sla ik helemaal door.
Hoe bedoel je: doorslaan?
Bijvoorbeeld: als hij 's avonds laat thuis komt,
word ik boos.
Ik weet dat ik niet zo bot moet reageren,
maar dan heb ik mezelf niet meer onder controle.
Dus hij zegt dat het zo niet kan blijven doorgaan tussen ons.
Hij zegt dat ik een kind ben...
en niet volwassen genoeg om een kind te krijgen.
En ga je wel eens met vriendinnen uit?
Nee.
Hij wil liever niet dat ik uitga.
Ik hou ook niet van uitgaan.
Ninon, ik heb nog nooit zo'n klootzak als uw vriend ontmoet.
Je moet nu bij hem weggaan.
Hoe laat is het?
Vijf voor half acht.
AKTE VAN OVERLIJDEN
Geef me de doos voor naalden aan, alsjeblieft.
Maakt u zich geen zorgen, wij zorgen voor alles.
Gemeente en uitvaartverzorger zijn gewaarschuwd. Kom wanneer u kunt.
Goed.
Ik moet gaan.
Zijn dochter zal hier over een uur zijn.
Goed, ik wacht op haar.
Bedankt.
U ruikt die brandgeur niet, hè?
Nee.
Hebt u het nooit geroken?
Nee.
Heeft Norès het u verteld?
Nee.
Ik zag de vlekken op uw long op de röntgenfoto van uw schouder.
De arm gaat om u heen draaien.
We gaan weg. Maakt u zich niet ongerust.
Als we weg zijn, draait hij de andere kant op.
Daar gaan we.
We starten.
Ik zie niets.
Niets?
Kijk goed.
Nee, helemaal niets.
Doe uw best. Daar.
Hier? - Ja.
Ik zie niets.
Weet je het zeker? - Ja.
Je hebt gelijk.
Er is niets.
Niets te zien op de scan? - Nee, de tumor is erg geslonken.
Dokter Werner.
Ja, ik kom meteen.
Een spoedgeval.
Het is wit.
Hij trekt ons aan. Wij gaan naar hem toe.
We gaan naar hem toe. Kom met mij mee.
En we leggen onze handen erop.
Zo.
Het is een bol van geluk. We leggen onze handen erop.
We draaien hem een beetje rond. Allemaal samen.
Laten we meedraaien.
Goed. En nu...
pakken we die bol en gooien we hem de lucht in.
Hij gaat omhoog en komt daarna weer naar beneden.
Hij komt naar beneden!
Vertaling: Theresa van der Gruit
PLATTELANDSDOKTER
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.