Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Hallo, Jackson.
Dat was het. Ben je zover?
Kom, het is al laat. - Wacht even.
Hij komt toch niet. Hij is gewoon een nieuwsgierige journalist of zo.
Hij komt voor jou z'n bed niet uit. - Je hebt het mis, Bush.
Dat heeft hij al gedaan. - Wat bedoel je?
Hij kwam hier vragen stellen toen jij bij de boot was.
Hij wilde weten wie ik was.
Wat heb je gezegd? - Wie ik ben.
Het is jouw schuld als het misgaat. - Dat gebeurt niet.
Weet je wie hij was? - Ene Williams. Je had erbij moeten zijn.
Ik had niet verwacht dat iemand alle stukken op hun plek zou leggen.
Buitengewoon. - Waarom heb je hem laten gaan?
Dat heb ik niet gedaan.
Wat doen we nu? - We vernietigen het bewijs.
DE KREEFTENDANS
Kende je hem?
Alleen van gezicht. Hij werkte meestal in Frankrijk.
Wat deed hij aan deze kant van 't kanaal?
Dat gaan we uitzoeken. - Nummer 15, toch?
Daar.
Hoe is het gebeurd? - Hij lag in een afgebrande hut.
Johnathan Williams, vrijgezel, 38 jaar, 1,77 meter...
„.71 kilo, moeder woont in Cheltenham. - Is het je mannetje?
Dat moet de patholoog uitvinden aan de hand van z'n tanden en vingerafdrukken.
Waar zijn z'n persoonlijke spullen? - Hier, denk ik. Nummer 15.
Negen shilling en vier pence.
100 Franse franken. Daar kom je niet ver mee.
Dat hebben we.
Dr Stannage? Dank u.
Wat is dit volgens jou? - Een verdwaald paard.
Bijzonder stuk. Waarom had hij dat nou bij zich?
Hij is echt, en waardevol.
Er zijn maar twee plekken in ons land die zulke stukken verhandelen.
Laten we de overige stukken gaan zoeken.
Waar ga jij heen? - Naar de plaats delict.
Dr Stannage? John Steed.
Ik was gebeld over uw komst, maar door wie?
Ministerie van Landbouw en Visserij. - O ja, een spoedklus. Iets met vissen?
U bent er niet op gekleed. - Iemand moet de boeken bijhouden.
De plaatselijke bewoners zien het anders.
Ze zijn koppig en houden niet van inmenging van buitenaf.
Patiënten denken ook meer te weten dan hun artsen.
Daarom ben ik patholoog geworden. - Lijken geven geen weerwoord.
Uw vriend van het ministerie is neergeschoten.
De kogel kwam rechts de ribbenkast binnen, doorboorde de long...
...en verliet het lichaam tussen de 7e en 8e rib. Die zoek ik.
De ribben? - De kogel.
Ik vind hem vast niet. Wat deed hij hier?
Hij onderzocht de vispraktijken. Er wordt veel op kreeft gevist.
Mijn lever verdraagt geen schelpdieren.
Afval van de nieuwe energiecentrale zou de kreeftenstand schaden.
We wilden bewijs hebben. - Dat is toch geen motief voor moord?
Hier ben ik klaar.
Als u naar het mortuarium komt, krijgt u mijn volledige rapport
Kreeft Thermidor.
Wat doet u hier? - Ik onderzoek de mysterieuze brand.
Dit is privé-eigendom van kapitein Slim.
Ik ben John Steed van het ministerie van Landbouw en Visserij.
Juist, ja. Kan ik u ergens mee helpen?
Alleen als u weet hoe de brand is ontstaan.
Wist ik 't maar. De kapitein geeft mij de schuld. Ik moet de hutten controleren.
Waarschijnlijk een peuk van een zwerver. - En Williams dan?
Tsja... - Ik wil de kapitein graag even spreken.
Komt het vanmiddag gelegen? - Goed dan.
Kom maar na de lunch.
Deze keer heb ik je.
Schaakmat.
Goedemorgen. Laat me raden: een 16e-eeuwse reproductie in rood-wit.
Dit is wat u zoekt. - Dat is niet wat ik zoek.
Voor zo'n intelligente, mooie dame is dit echt de set.
Kent uw land geen spreekwoord... - Geen Confucius.
Oude wijsheid is slechts gewichtigheid in deze verlichte tijd.
Er is behoefte aan nieuwe regels. - Wat is uw filosofie?
Humor. Lach, en de wereld lacht u toe.
Daar ben ik het mee eens. - Wat kan ik voor u doen?
Ik wil een set met dit soort stukken. - Deze komt me bekend voor.
Ik heb 'm geleend van m'n vriend Johnathan Williams.
Hij had de set hier gekocht? - Inderdaad. Het is een prachtstuk.
Ik snap waarom u net zo'n set wilt.
Ik pak Mr Williams bestelling er even bij.
Hoe is het met Mr Williams? - Prima, hij logeert bij me.
Ik dacht dat hij in Frankrijk zat.
We schaakten per post. We stuurden elkaar de zetten.
Wilt u hem m'n laatste zet geven? Ik wilde 'm net op de bus doen.
Ik heb deze set niet op voorraad.
Als u over een paar dagen terugkomt, heb ik er wellicht een gevonden.
De groeten aan Mr Williams. - Dat zal ik doen. Tot ziens.
Tot ziens.
Het is een compleet raadsel. - Waren er geen getuigen?
Op dat late uur was het strand verlaten.
Laagtij. - Weet u hoe laat het vuur begon?
Ongeveer om 02.00 uur. De kustwacht zag de vlammen tijdens hun ronde.
Gelukkig. De vlammen zouden een kapitein aan de grond doen lopen.
Had een van u Williams ooit ontmoet?
Nee, ik zou niet weten hoe hij eruitziet. Jij, Bush?
Nee, ik heb hem nooit ontmoet. - Jammer.
Hij werkte dus voor het ministerie? Hij bevond zich op verboden terrein.
Misschien besefte hij het niet, maar het was wel zo.
Geen idee wat hij daar zo laat moest. Jij, Bush?
Geen idee. - Was hij maar naar mij toe gekomen.
Ik ben de enige echte visser hier. Ik zou hem met alle liefde hebben geholpen.
We hebben niets te verbergen.
Toch, Bush? - Nee, natuurlijk niet.
Het is me een raadsel. Een compleet raadsel.
Neem me niet kwalijk. Ik moet aan het werk.
Komt Mason vanavond? - Ik denk het wel.
Mason is een vriend die elke week een half dozijn kreeft wil.
Hij eet ze met ketjap. Dat verpest de smaak.
Vreselijk. Net als lamsvlees met mosterd.
Ik wist niet dat die roze wezentjes zo winstgevend waren.
Er is een markt voor.
Als Europa verse kreeft wil eten, dan leveren wij het.
Wilt u er een paar? - Dat is heel vriendelijk van u.
Ik laat Jackson een doos vullen.
Wie heeft dit geschilderd? - Mijn man.
Ik dacht dat u... Ik ben John Steed. - Hoe maakt u het?
Ik ken uw gezicht, maar uw naam... - Katie Miles van de Alice Club.
Juist, ik liep er laatst langs. U bent een ster.
Kom de volgende keer even binnen. - Dat zal ik doen.
Uw man heeft dit dus geschilderd?
Jackson geeft u de kreeft als u gaat. - Hij is een goede schilder.
Dat was hij.
Mijn zoon is dood.
Dat spijt me.
Hij was een goeie jongen, maar een waardeloze zeeman.
M'n schoonvader vindt dat ik te weinig respect heb voor de doden. Toch?
Misschien.
Wat is er gebeurd? - Hij kon niet zwemmen.
Hij wilde er op een avond per se alleen op uit en toen kapseisde de boot.
Het is bijna een jaar geleden.
Het was mijn boot. - Hij verwijt het zichzelf.
Ik ga, anders mis ik de boot van 15.30 uur.
Ik zie u aan wal. - Dank u.
Ik kom een keer naar die club van u. - Ik kijk ernaar uit.
Hij is dood.
Dat lijk je soms te vergeten.
Vader...
Het betekent vast iets.
De brief aan Williams bevat twee identieke lijsten.
Wat maak jij ervan?
Een lijst van zetten van een Schaakspel tussen M. Wright en D. Brunalevski.
Lijkt me duidelijk. - De zetten slaan nergens op.
Er zit geen patroon in. - Dan proberen we de andere.
Ik neem wit. Wil je de zetten voorlezen?
Pion D2 naar D4.
Daar is niks mis mee.
Pion C2 naar C4. - Dat is veelbelovend.
Breng nu je toren naar buiten.
Dat gaat niet. - Geen van de zetten slaat ergens op.
Hier kan ik weer even mee vooruit. - Eet ze dan op.
Wat is er vandaag met je?
We hebben gisteren problemen gehad met je vriend Williams.
Hoezo: problemen? - Hij kwam hierheen.
Hij was een soort spion, we weten niet voor wie.
We hebben hem gisteravond opgeruimd.
Wat is er? - Z'n vriendin was in de winkel.
Ik heb Williams post aan haar meegegeven.
Dat was dom van je, Mason. Erg dom.
Wat nu? - Zoek uit wie ze is.
We hebben Williams opgeruimd.
Wellicht moeten we met haar hetzelfde doen.
EINDE DEEL EEN
DEEL TWEE
Niet slecht. - Vooral gezien het weer.
Onder het gemiddelde. Hoeveel deze week?
Tot nu toe 800. Met het weekend erbij hebben we er 2000 nodig.
De mannen moeten er vanavond tegenaan.
Indien nodig varen ze maar twee keer uit. Het is helder.
Moeten ze in het weekend werken? - Matige zuidenwind.
Ze moeten rusten. - Ze krijgen al dubbel betaald.
Dan werken ze 20 uur. - Ze kunnen het aan.
Dit is de marine niet. - Maar ik heb wel de leiding.
Om succesvol te zijn, moeten we hier net zo werken als de marine.
Het valt niet mee mannen van onze kant bevelen te geven...
...maar zonder discipline kan het hele systeem het begeven.
Wij moeten beide kanten van de operatie runnen.
De een kan niet bestaan zonder de ander.
Regel die dubbele tocht voor morgen.
En Bush? Doe het meteen. - Tot uw orders.
Mag ik? - Waag het eens om weer weg te gaan.
Proost. - Proost. Op deze avond.
We gaan toch uit eten? - O, ja.
De drank is niet zo best. - Nee, het is heerlijk.
Weet u al hoe die brand is begonnen?
Dat is een zaak van de politie.
Wat deed u er dan? - Ik was er namens m'n meerderen...
...van het ministerie van Landbouw en Visserij.
Arme Williams. - Kende u hem?
Nee, maar Arnold Bush had het eens over hem. Ze zouden zaken gaan doen.
Wat voor zaken? - Iets met kreeften. Wat anders?
Ik hoopte dat u me dat kon vertellen. - Ik heb geen idee.
Ik ben er alleen in het weekend. - U gaal nog wel met de familie om.
Hij is erg goed voor me. M'n vader en de kapitein zaten samen bij de marine.
Toen m'n vader stierf, werd hij een soort voogd.
Ik ben hem veel verschuldigd. M'n opleiding.
Hij heeft zelfs m'n zangopleiding betaald. - Dat was vast geen weggegooid geld.
Zullen we afspreken om 22.00 uur?
Ik zie u aan wal, zoals de kapitein zou zeggen.
Met wie was Kate? - Steed.
De man van het ministerie.
Heeft ze hem vaker ontmoet? - Alleen bij de kapitein, zei ik toch?
Als ze maar niets met hem begint. Zoiets doet een weduwe niet.
Kijk wat je over hem te weten kunt komen.
Met genoegen.
Kom op, het is je lievelingshapje. Kreeft met noedels.
Je wilt er zeker ketjap bij?
Goedemiddag. - Goedemiddag.
Hebt u een set gevonden? - Helaas. De stukken zijn erg zeldzaam.
Ik zal blijven zoeken, maar waarom neemt er u tot die tijd niet zo een?
Ze zijn maar 2 pond. - Daar kan ik wel mee oefenen.
Hebt u ook schaakliteratuur?
U hebt gelijk. Niets is beter dan oefenen.
Het Schaakspel heeft een fascinerende geschiedenis.
De oorsprong is nog steeds onbekend. - Het komt toch uit India?
Dat is een theorie. Anderen zeggen dat het uit China, Egypte of Wales komt.
Ik ga voorlopig alleen oefenen. Weet u een tegenstander voor me?
Natuurlijk. Ik heb vrienden over de hele wereld. Ik kan vast een partner vinden.
Even denken. Mr Donner uit Frankfurt is een beginner.
Ik zal contact met hem opnemen. - Erg vriendelijk van u.
Mag ik uw naam en adres? - Mrs Gale, Westminster Mews 5.
We zullen contact met u opnemen. - Dank u. Goedemiddag.
Dat was het.
Dokter? Kan ik u even spreken? - Ik heb het nogal druk.
Kunnen we hier niet praten? - Goed dan.
Het gaat over Steed. Die inspecteur... - Ik herinner me hem.
Weet u waar ik hem kan bereiken? - Hoezo?
Kapitein Slim wil hem graag zien.
Koud hier. - Dat moet ook.
Nou? - Nou wat?
Weet u waar hij woont? - Wie?
Steed. - Ja, ja.
Ik weet waar hij woont. - Mooi.
Eerst wat champagne en dan dineren bij m'n club.
Je rijdt vast via Richmond Hill om de rivier te bekijken.
Zal ze dat leuk vinden? - Wat vonden de anderen?
Hing van het liefje af. Ik zal wat sandwiches voor je laten komen.
Laat maar, er staat zalm en een Pouilly Fume in de koelkast.
Dit moet je aan de experts overlaten. - Volgens mij is het niet zo ingewikkeld.
Dat dacht ik al.
Quentin Slim? - Hij werd verdacht van smokkelen.
Hij zou bijna gepakt worden. - Slim moment om te verdwijnen.
En een slimme plek. Een lijk vind je niet terug op het Kanaal.
Het kost je alleen een klein jacht en je moet worden opgepikt.
Het is lastig te bewijzen.
We gaan hem zoeken op het Europese vasteland.
Echt iets voor iemand in zijn branche.
Is die vrouw nog teruggekomen? - Ja, ze heet Mrs Gale.
Heb je haar adres? Mooi zo.
Dat leven flink wat op. - Mason?
Herinner je je Steed? Die man waar ik het over had?
Hij werkt vast samen met Williams. - Dat is jouw zaak.
Niet helemaal. Hij woont in Londen. Dat is jouw afdeling.
Dit is z'n adres. - Westminster Mews 5?
Sorry dat we nog niet weg kunnen. - De avond is nog jong.
Vervelend dat ik hier tot half elf moet blijven.
Toch wel half elf vanavond? Anders moet ik m'n plannen drastisch wijzigen.
Je mag drie keer raden wat we gaan doen.
Koffiedrinken bij jou thuis. - Maar wat gaan we eerst doen?
Dineren bij je club. - Een van m'n clubs.
Daarna een ritje door het park. - Over de heuvel, om precies te zijn.
En dan koffie bij jou thuis? - Je kunt goed raden.
Je bent vast meer gewend. - Waarom denk je dat?
Je man liet je genoeg na. - Hij had geld, maar was niet rijk.
Ik word nooit meer de vrouw van een rijk man.
Er is nog tijd. - Hoe bedoel je?
Nee, ik trouw niet meer.
Ben je door schade en schande wijs geworden? Ik denk dat jij en ik...
Met Steed. Ik heb het erg druk.
Sorry. Het is voor jou.
We kunnen gaan. - Erg aardig van ze.
Ik hoop dat je niet om middernacht terug hoeft te zijn.
Ik zie je aan wal. - Zou de kapitein zeggen.
Bush? - Ja.
Nou? Heb je nieuws? - Je had gelijk.
Over Steed? - Ja, ik heb het ministerie gebeld.
En ze kennen hem niet. Toch? - In paniek raken heeft geen zin.
Laten we erover nadenken. - Dat doe jij maar.
Ik ga de stad in. - Ga je naar Kate?
Ze is vast in de club. Het zit er bomvol op dit tijdstip.
Ik zal voorzichtig doen. - Je moet het zeker weten.
Straks kom je een bekende tegen. - Ik moet Kate zien.
Je zei dat ze steeds bij Steed is. Nu waarschijnlijk ook.
Waarschijnlijk. - Ben je gek?
Steed wil informatie. Ik moet haar waarschuwen.
Ga je daarom de stad in? - Is dat geen goede reden?
Wel als ik het kon geloven. - Wat bedoel je daarmee?
Steed is charmant, zij is aantrekkelijk. - Wat kan mij dat schelen?
Je bent jaloers. Jaloezie is onlogisch en dat kunnen we ons niet veroorloven.
Bekijk het, Bush. - Je blijft hier of je krijgt een klap.
Vrede.
Goed dan. Wat is jouw idee?
We lokken Steed naar ons toe. - Goed idee. Wat zeggen we?
Om acht uur dineren, zwarte das? Répondez s'il vous plaît?
Als Mrs Gale zou verdwijnen, komt Steed haar vast zoeken.
A...
G...
Vijf kilo naar Marseille. Woensdag.
Goedenavond, Mrs Gale.
Ik heb een partner voor uw eerste schaaktoernooi.
Ik was in de buurt, dus ik dacht: ik ga even langs. Mag ik binnenkomen?
Wilt u iets drinken? - Nee, dank u.
U hebt toch wel geoefend?
Ik ben wat zetten aan het proberen.
Dat is heel belangrijk.
Een stuk kan het spel beslissen. - Dat geloof ik graag.
Een onverwachte zet van uw partner...
...en u staat schaakmat, Mrs Gale.
EINDE DEEL TWEE
DEEL DRIE
Jammer van die mist.
Je moet me maar geloven. Op een heldere avond kijk je zo de rivier over.
Het ziet er gezellig uit.
Het is tenminste warm.
M'n weekendhuisje is comfortabeler. - Dat geloof ik.
Je moet maar eens komen kijken. Geen kreeft, maar je kunt er goed jagen.
Lig Je goed?
Warm je maar lekker aan het vuur. - Dat ga ik doen.
En nu koffie met een brandy.
Wat is er? - Het spijt me.
Niks aan de hand.
Wat scheelt eraan?
Dat weet ik niet precies.
Wat is er gebeurd? - Ik moet naar een vriendin.
Juist. - Niet zo'n vriendin, een oude vriendin.
De koffie zal moeten wachten. - Je stuurt me weg.
Ik vrees van wel. Het is dringend. - Een zaak van leven en dood.
Dat zou kunnen.
Ik zal een taxi voor je bellen. Ik kom morgenavond naar de club.
Insgelijks.
Dat is een lekkere opening.
Kreeft Thermidor.
Goedenavond.
Wat ben je laat. - Ik ben uit eten geweest.
Had je iets te vieren? - Wat bedoelt u daarmee?
Quentin is vandaag precies een jaar dood.
Doet dat je niets?
Moet ik elke dag vasten? Wat maakt het uit hoe lang hij dood is?
Mij maakt het wel uit. Het zou jou ook uit moeten maken.
Het maakt me wel wat uit. Ik ga alleen niet m'n hele leven rouwen.
M'n zoon betekende blijkbaar weinig voor je.
Nu hij dood is, kun je z'n herinnering toch wel in ere houden?
Het is tijd dat u de waarheid hoon. - Ik wil het er niet meer over hebben.
Ik kan het niet met je over m'n zoon of over z'n dood hebben.
Vooral vanavond niet. - U kende maar een kant van hem.
U weet niet wat hij was geworden. - Genoeg. Het is bedtijd.
Misschien kun je beter een nieuw huis gaan zoeken.
Goed. Maar u moet de waarheid over Quentin weten.
Ik weet alles van m'n zoon wat ik weten wil.
Welterusten.
Met John Steed. Is Mrs Gale er?
Wilt u haar laten bellen zodra ze er is? Ja, dat heeft ze.
Natuurlijk ben ik ermee bezig.
Ik kom net uit de schaakwinkel. Het is inderdaad heroïne.
Dat is nou net het probleem. Mrs Gale is verdwenen.
Daar spreekt u mee. Goed, ik kom de laadschema's brengen.
Wie was dat? - Goedemorgen, kapitein.
Wie was het? - Het vliegveld.
Ze gaan over een uur vliegen. - Was er vertraging, dan?
Het was vanochtend mistig. - Had het me maar verteld.
We konden alleen maar wachten. - En als de mist was blijven hangen?
Ik had al geregeld dat we eventueel vanuit Londen konden vliegen.
Je had me moeten roepen. Je weet dat ik alles graag persoonlijk controleer.
Ik heb Kate naar het station gebracht. - Is dat zo?
Ze zei dat jullie woorden hadden.
Is ze voorgoed weg? - Dat is aan haar.
Is dat zo?
Ik zou haar niet laten gaan als ik u was. - Maar dat ben je niet, Bush.
Ik ben nog steeds de baas. Ik ben het zat je steeds je plaats te moeten wijzen.
Je bent geen lid van de familie.
Onthoud dat.
Mr Steed, sorry dat ik u anoniem bel.
Ik heb interessant nieuws voor u.
Belt u van buiten? - Stel alstublieft geen vragen.
Luistert u? - Ja, ik luister.
U wilde meer weten over Quentin Slim.
U weet al dat hij gezocht werd toen hij verdween.
Hij is verdwenen, maar niet dood.
Hij woont in Frankrijk. In Le Havre.
Luistert u, Mr Steed?
Het maakt niet uit wie ik ben.
Ik zal erg blij zijn als u iets aan deze informatie hebt. Au revoir.
Zullen we die brandy nu maar nemen?
Kapitein. - Steed.
Kapitein. - Wat doet u hier?
Uw schoondochter wil dat ik het met u over uw zoon heb.
Wat nu weer? - Toe Mr Steed, mij gelooft hij niet.
We denken dat hij smokkelt. - Dat is belachelijk.
Die reisjes naar het buitenland... - Quentin nam wel eens iets mee.
Wie doet dat niet? Hij zat vaak voor zaken in Frankrijk.
Dan nam hij wat sigaretten, een fles brandy of een doos sigaren mee.
Meer niet. Niemand is perfect, toch?
Hij ging verder. - Wat betekent dat?
Hij gebruikte uw visbedrijf als dekmantel voor iets groters.
Zoals? - Drugs.
Het is waar, vader.
Zoiets zou je inderdaad geloven. Je wilt het graag geloven.
Het is de waarheid.
Als we over Quentin hadden gepraat, had ik het allang verteld.
U zag uw zoon nooit zoals hij echt was. - Het maakt me niet uit wat hij deed.
Hij was m'n zoon en ik hield van hem. - U kende hem niet eens. Ik ken hem.
Ik ben met hem getrouwd. - Was.
Quentin is dood.
Ik snap hoe u zich voelt, maar we denken dat dit niet zo is.
Binnen. - Neem me niet kwalijk.
Niet nu, Bush. - Kunt u naar de loods komen?
Eruit. - Ik heb liever dat hij blijft.
Misschien kan hij ons helpen. - U helpen?
We hadden het over Quentin Slim.
Het is precies een jaar geleden. Hij was een van m'n beste vrienden.
Dat is hij nog steeds, nietwaar? Quentin is niet verdronken.
Het is in scène gezet. Hij voer met het jacht naar een vissersboot.
Hij liet het schip met opzet kapseizen. Belachelijk.
Toch is het ongeveer zo gegaan. Waar is Slim?
Vraag maar aan de zeemeerminnen. - Je hebt hem geholpen.
De Franse politie weet waar hij woonde. Ze hebben jullie brieven gevonden.
Ik heb genoeg gehoord. U niet, kapitein?
Het wordt tijd dat we naar de Britse politie gaan. Kom op, Steed.
Ga jij maar, ze zullen je met open armen ontvangen.
Ik meen het. - Doe maar wat hij zegt.
Dank u, kapitein. Hou hem in de gaten.
Ik ga Mrs Gale zoeken. Wie weet vinden we uw zoon.
Laat snel de boot te water. Geef maar, Mason.
Jammer dat we geen tijd hebben om elkaar te leren kennen.
Ik had u graag gesproken.
Ondervraagd, bedoelt u. U had het kunnen proberen.
Dat was me vast gelukt. - Dat betwijfel ik.
U klinkt erg zeker van uw zaak. - Dat ben ik ook.
Misschien hebt u geleerd pijn te weerstaan.
We zullen zien.
Dat hebben ze ons op het politiebureau verteld.
Wat?
Wie is het?
Nee, ik kom zelf wel kijken.
Wat zeiden ze? - Ze hebben iemand uit de hut gehaald.
Ik moet naar 't ziekenhuis. - Ik ga wel.
Nee, ik moet weten wie het is. - Dan ga ik met u mee.
Dat recht heb je.
Moet dat? Ze hebben wel lang werk.
Ambulances hebben zelden haast om het mortuarium te bereiken.
Neem me niet kwalijk.
Weet u het zeker? - Ik heb zelf opgenomen.
Het lijk is uit een uitgebrande hut op het terrein van Slim gehaald.
Zeiden ze niet of het een man of vrouw was?
Nee, maar we zullen het snel genoeg weten.
Er was iemand gevonden? - Dat klopt.
Is het Quentin? - Dat weten we nog niet.
Steed, ik weet niet precies hoe ik dit moet zeggen...
...maar als uw vriendin iets is overkomen, voel ik me verantwoordelijk.
Mrs Gale was mijn verantwoordelijkheid.
Het is Quentin.
Ik heb hem geprobeerd te redden. Het spijt me.
Ik wilde het u steeds vertellen.
Ik wilde niet luisteren. - Kom, dan breng ik u naar huis.
En ik breng jou naar huis.
Je ziet er fantastisch uit, lieverd. - Dank je.
Ik heb je een ereplek gegeven. - Erg aandoenlijk.
Ik zei toch dat je er na een paar dagen complete rust weer zou zijn?
Hoe is het met je brandwonden? - Ze vallen mee.
Fijn om te horen, want ik heb iets voor je.
Ter vervanging van je kleren die zijn verbrand.
Wat aardig van je, Steed.
Wie heeft je dat verteld? - Wat?
Dat ik op vakantie ga. - Is dat zo?
Ik ga morgen naar de Bahama's. - Nee toch? Wat een toeval.
Er zijn daar een paar... Probleempjes?
Precies. Het is niet gevaarlijk. - Natuurlijk niet.
Als je toch die kant op gaat... lekker slenteren over het strand...
Dan kan ik wel op onderzoek uit gaan. - Juist. Wat zeg je ervan?
Dag, Steed. Dat zei ik. Dag.
Is dat te veel gevraagd? - Ja.
Ik ga niet over het strand slenteren, ik ga erop liggen.
Niet slenteren? Dan ben ik verkeerd ingelicht.
Dag, lieveling. Met John Steed.
Ik heb het erg druk gehad.
Hoe is het met je windhondjes?
Meen je dat nou? Wat een gemene beesten.
Wat een rotweer, hè?
Schraal, noemde m'n tante Tibby dit weer.
Slecht voor de bollen. Volgens mij moet je de zon opzoeken.
Mooie blauwe lucht, zandstranden.
Ik heb een klusje voor je.
Natuurlijk kunnen we het er op ons gemak over hebben. 20.00 uur?
Ik weet een leuk tentje aan de rivier.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.