Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Daar heb je de 'Smerige Eend'.
Maar dat is de 'Zwarte Zwaan'.
Dat noemen wij de 'Smerige Eend'. - Echt waar?
Ik begrijp het!
Bedankt voor de lift. - Graag gedaan.
Veel geluk in Leeds.
Pardon?
Ik zoek Miss Rosie. - Gevonden. Wat kan ik voor je doen?
Blackie O'Neill zei me dat u hem kon bereiken.
Meestal lukt me dat wel. Maar hij is naar Ierland gegaan.
Zorgt daar voor 'n zieke vriend.
Mrs Daniels?
De dame van de 'Zwarte Zwaan' heeft me uw naam gegeven.
Rosie, van de...'Smerige Eend'.
U zou kunnen helpen. Ik zoek een kamer.
Ik heb alleen mannelijke kostgangers. Daarnaast zit ik vol.
Weet u het zeker? Het lijkt zo'n groot huis. U heeft vast wel iets.
Ik heb alleen nog de zolder, maar die is te klein.
Ik heb weinig ruimte nodig. Het is maar tot mijn man terugkomt.
Hij is bij de marine.
Ik kan u vooruit betalen.
Kom maar binnen dan. We kunnen hier niet blijven staan.
De kamer is klein. Hij was van mijn zus, voor ze naar Londen ging.
Hij is precies goed voor mij. - Je moet 'm zelf schoonmaken.
Je weet toch hoe dat moet?
Dat kan ik Ieren.
VRAAG NIET NAAR DE PRIJS ALLES KOST EEN CENT
Neem me niet kwalijk.
Ik zoek een baan. In een winkel.
We hebben geen plaats.
HULP GEVRAAGD
Het spijt me, maar we hebben niemand nodig.
Ga weg of ik roep een agent. Jullie hebben 'n lesje nodig.
Snel! Kom hier, agent!
Bent u gewond?
Dank u, jongedame. U bent heel vriendelijk.
Ik zie mijn bril nergens.
Dank u. Dat is beter.
Waar is die politieman?
Dat was moedig van je. Nogmaals bedankt.
Moge de Heer je zegenen en beschermen.
Gaat het? - Maak je geen zorgen.
Dat is een lelijke snee. - Het is de schrik. Het gaat wel.
Zal ik met u meelopen? - Maak je geen zorgen. Alles is goed.
Volgens mij niet.
Ik heet Abraham Kallinski. En jij?
Emma Harte.
Waarom bekogelden die jongens u? - Omdat ik een jood ben.
Je weet niet wat dat betekent, hè? - Inderdaad.
Ik zal het uitleggen.
Mensen zijn altijd bang voor het onbekende.
Die angst verandert in haat en zo worden mensen vijanden...
Hier woon ik.
Kom binnen, alsjeblieft.
Dat was zo aardig en moedig van je.
Ik moet gaan. Bedankt voor de thee. - Moetje koken voor je man?
Mijn man is op zee. - Blijf dan eten voor de sabbat.
Ik denk niet...
Jongens, dit is Mrs Harte. Ze hielp jullie vader vandaag uit de problemen.
Victor, mijn jongste. En David.
Hoe maakt u het? - Hallo, David.
Nu gaan we eten.
Ik wil niet onbeleefd zijn, maar wat deed u in North Street?
Was u verdwaald? - Ik zocht werk.
Een meisje zoals jij? Op zoek naar werk in die verschrikkelijke wijk?
Vorige week heb ik bij alle kledingzaken naar werk gevraagd.
Nu probeerde ik het bij de Kleermakers. - Abraham, jij moet iets voor haar doen.
Noemt u me alstublieft Emma. - Je hoeft niet verder te zoeken.
Je kunt maandagochtend bij ons beginnen om acht uur.
En als je klaar bent om naar huis te gaan, brengen David en Victor je naar huis.
Niet opendoen! Dat is het ergste datje kunt doen.
Ga daar weg.
Meester Edwin, kom eruit. - We moeten iets doen.
Ja, maar kom naar buiten.
We moeten de pompen inzetten om dit vuur te stoppen. Kom mee!
Ik zit vast.
Lig stil.
Geen paniek alsjeblieft. - Is er nog iemand binnen?
Haal water, Wilson.
Breng een emmer water.
Albert, kom! George, kom hier! Kom helpen.
Til 'm voorzichtig op. Zijn rug is ernstig verbrand.
Voorzichtig.
Breng 'm naar mijn kantoor.
Rustig aan.
John, help eens met de pomp.
Blijf komen met dat water, jongens. - Dat zijn wel twee emmers.
Neem je mannen mee. - Ben je gewond?
Haal de dokter voor Jack Harte. Hij moet snel komen.
Schiet op met die pomp.
Jack Harte heeft mijn leven gered.
De baal was op mij gevallen, als hij niet bovenop me was gaan liggen.
Ik begrijp het, Edwin. Maar haal nu de dokter.
Schiet op met dat water.
Oké, begin met pompen.
Het dak staat in brand.
Het is hier niet veilig.
Iedereen naar buiten.
Wegwezen.
Ik mopper nooit meer als het regent.
Een geschenk uit de hemel. - Amen.
Ik begrijp niet hoe de brand is ontstaan.
Volgens mij is het aangestoken. - Aangestoken?
Maar waarom? Ik ben altijd goed voor de mannen.
U bent hier het afgelopen jaar niet vaak geweest, door al uw reizen.
Kom ter zake.
Meester Gerald weet niet hoe hij de mannen aan moet pakken.
Je bedoelt dat hij ze koeioneert.
Hoe gaat het met 'm? - Niet goed.
Hij heeft 'n shock en is ernstig verbrand aan zijn rug en benen.
Hij moet snel naar het hospitaal.
De spanning moet gelijk blijven. Te strak en je verpest het knoopsgat.
Te los en het begint te rafelen.
Probeer er zelf een paar op 'n proeflapje.
Hoe doet Emma het? - Ze zal het snel Ieren.
Natuurlijk. Dat is 'n slimme meid.
Lieve papa, het gaat goed. Ik ben nu kamermeisje.
Maar de familie reist veel, dus ik kan je geen adres geven.
Veel liefs aan Frank. En aan Winston, als je hem schrijft.
Ik stuur 'n pond om te helpen. Je liefhebbende Emma.
Ik moet Danny's plaats innemen. Jij kunt wel Ieren hoe je mouwen moet knippen.
Tenzij je liever knoopsgaten blijft maken. - Natuurlijk wil ik Ieren.
Eerst teken je de omtrek.
Er is een heer voor je. Hij wacht in de salon.
Blackie! - Hoe is het met je?
Wat doe je in Leeds, ondeugende meid?
Ik moest Fairley verlaten, want...
...ik krijg een baby. - Wat?
Een baby? 'De Jongen...
...de vader...
...hij liet me in de steek.
Ik sla 'm in elkaar, wie het ook is.
Hij trouwt met je, al moet ik 'm tot moes slaan.
Dat zal niet gaan. Hij is naar de marine gevlucht, net als mijn broer.
Ik kan niet naar zijn vader.
En de mijne zou de schande niet kunnen verdragen.
Ik dacht datje me de grote stad zou laten zien?
Dat doe ik ook.
Je ziet er vanavond duivels elegant uit.
Het zijn wat oude spullen van Mrs Wainright.
En jij laat ze er als nieuw uitzien.
Kom mee. Pardon, dank u.
Ik wil niet dat mijn vader ongerust is.
Daarom verzon ik dat werk als kamermeisje.
Wat doe je echt? - Ik werk in 'n kleermakersbedrijf.
Ik ben al 'n coupeuse en ik leer hoe je 'n kostuum moet maken.
Massaproductie is geweldig.
Gewone mensen kunnen zich hierdoor goede kleding veroorloven.
Ik begrijp het. 24 en 25, alstublieft.
Pardon, dank u.
Ga maar zitten.
Je had gelijk over Leeds, Blackie. Ik zal hier slagen.
Wat doe je als de baby komt? - Dat zie ik dan wel weer.
Nu moet ik werken.
Maak je alsjeblieft geen zorgen. Overal is een oplossing voor.
Ik heb 'n oplossing. Trouw met mij.
Dan zijn jij en de baby veilig.
Wat lief van je.
Dank je, maar dat kan ik niet doen. Dat is niet eerlijk tegenover jou.
Een vrouw en andermans kind? - Je zou me echt heel gelukkig maken.
Jij hebt je eigen plannen. Jij wordt miljonair.
Dat kan ik je niet aandoen. - Het is beter voor je.
Maar is het beter voor jou? Nee.
Ik ben vereerd datje me hebt gevraagd.
Je bent een goede vriend.
Dat zit wel goed. Ik ben er voor je.
Wat hoor je van die man van je? - Niet veel. Hij is geen schrijver.
Je zou niet alleen moeten zijn. - Ik ben niet bepaald alleen.
Wanneer gaat er getrouwd worden, David?
Wanneer heb ik nu tijd om meisjes te ontmoeten?
Ik stel je wel voor. - Nee, dank u.
Ik ga even naar de gebakken appels kijken.
David, kunnen we volgende week leveren?
Natuurlijk. - Dat is niet zo vanzelfsprekend.
Victor, ik vraag me iets af.
Als ik iets dat ik zelf gebakken heb, voor jullie meeneem...
...dient je moeder het nooit op. Doe ik iets verkeerd?
Moeder is frum.
Zij leeft de religieuze wetten na.
Het eten dat jij kookt, is niet koosjer. Dat mogen we niet eten.
Maar ik gebruik de beste ingrediënten. - Waar hebben jullie het over?
Ik leg kashruth uit. - Probeer het niet te begrijpen, Emma.
Bijbelse wetten voor het leven in de woestijn.
Wat heeft dat met Leeds in 1907 te maken?
We leven bij de wet. Zo heeft ons volk het overleefd.
Het is de joodse manier van leven.
En jij? Volg jij die wetten? - Dat denk ik wel.
Maar David niet? - Hij ook. Trap er niet in.
Moet hij het hart van zijn moeder breken?
Je kunt zo niet doorgaan. De trappen zijn al te veel voor je.
Ik moet nog steeds werken. - Moet je daar per se 'n uur voor lopen?
Als je bij Laura intrekt... - Wie is die Laura?
Een vriendin van de familie. - Nou en?
Waarom zou ze 'n vreemde in huis halen?
Jij bent mijn vriendin, zij is mijn vriendin dus jij bent geen vreemde.
Ik kan het me toch niet veroorloven.
Neem geen overhaaste beslissing. Meer vraag ik niet.
Hier moeten we eruit.
Pas op.
Armley is 'n leuk plaatsje.
Iedere zondag muziek in het park.
Er is werk in Thompsons spinnerij. Er is zelfs 'n hospitaal.
Er zijn winkels.
Je zei dat Armley een dorpje was. - Dat is ook zo.
Maar hier wonen rijke mensen. Miljonairs. Adel.
Hallo, Blackie. - Laura, dit is Emma.
Hallo, Emma.
Hallo.
Ik ben wat langer bij Mrs Weston gebleven.
Ik zal 'n grote pot thee voor ons zetten.
Je moet stoppen met werken. - De baby komt pas over twee maanden.
Stoppen kan ik me niet veroorloven. - Maak je geen zorgen over de huur.
Ik red het wel. - Je vraagt nu al niet genoeg huur.
Maar dat is het niet.
Ik moet sparen voor de toekomst.
Je hebt nog geen theepauze. - Ik moet naar het hospitaal.
Kun je niet tot zes uur wachten?
Hopla! Ik leg je op bed. Je bent moe, hè?
Tijd om te gaan slapen. Daar lig je dan.
Mijn mooie meid. Ik laat jou niets overkomen.
Jij krijgt het beste. Dat beloof ik je.
Slaap lekker.
Is daar iemand?
Blackie, ik had je niet verwacht. - Alsjeblieft, schat.
Kijk eens wat ik voor Tinkelbel heb.
Dat kon ik niet weerstaan. Kijk eens.
Je moet niet al je geld aan cadeaus uitgeven.
De zaken gaan beter dan ooit.
Het succes hangt in de lucht. Hallo, schattebout.
Ik won wat bij de races.
Je moet sparen als je ooit dat grote huis wil bouwen.
Maak je geen zorgen. Dat komt wel.
Tot straks, meisje.
Waar is Laura? - Ze helpt bij de liefdadigheidsbazaar.
Blackie... - Wat is er?
Ik maak me zorgen dat ze niet gedoopt is. - Allemachtig.
Je bent toch atheïst? - Ja, maar misschien vindt zij het erg.
Doop haar dan. - Dat kan niet.
De dominee zal op haar geboortebewijs zien dat ze onwettig is.
Dan dopen we haar gewoon hier. - Is het dan wel 'n echte doop?
Natuurlijk.
Ik ga niet naar de kerk, maar ik geloof wel. Kom maar. Stil maar.
God leeft in ons allen.
Hij zal het niet erg vinden als ik dit zelf onder handen neem, zogezegd.
Hoe ga je haar noemen? - Edwina.
Edwina. Dat is een elegante naam.
Heeft ze dat uit die geïllustreerde tijdschriften die ze altijd leest?
Ik vind het mooi, en jij?
Heb je de geboorte al aangegeven?
Dat moet je doen. - Dat weet ik.
Geef je de vader als onbekend op?
Dat dacht ik al. Geef dan mijn naam maar op.
Een naam is altijd beter dan een onbekende vader.
Maar Blackie...
Je gaat altijd tegen me in. Hoe vaak zeg je niet: 'Maar Blackie...'
En die doop dan?
Wat doe je met de baby als je weer aan het werk gaat?
Ik breng haar naar mijn nicht Freda in Rippon.
Zij zal me beschermen.
Als ik wat spaargeld heb...
...haal ik haar weer op. Ik moet wel. Ik heb geen keus.
Dat weet ik. Zou zij je vader inlichten over Edwina?
Niet als ik haarvraag om dat niet te doen.
Heel mooi. Maar jij bent te dun.
Blijf eten. - Ik moet Edwina naar mijn nicht brengen.
Emma en de baby.
Hallo, Emma. Wat heb je 'n mooie baby. - Ze heet Edwina.
Wat een mooie baby. - Hallo, David.
Is ze niet mooi?
In hemelsnaam, ik ben het. Winston.
Je was altijd te mager. Je bent dikker geworden.
Jij ziet er ook goed uit. Echt een dame.
Waar was je al die maanden? Hoe kon je zomaar weggaan?
Dat heb jij ook gedaan. - Dat is anders. Ik ben een man.
Jij was thuis nodig.
Emma, ik moetje iets vertellen.
Je bent weer te laat, Winston. Je eten is nog warm...
...maar het ziet er raar uit.
Niet huilen, Frank.
Ik ben veilig en wel.
Ik heb cadeaus voor je.
Ik dacht dat je nooit meer terug zou komen.
Doe niet zo raar. Ik kom altijd terug.
Eerst m'n jas uit.
Dat is voor jou. Dat is voorvader. Waar is hij?
Waar is hij? Wat is er? Waar is vader?
Hij is bij moeder.
Hij is dood.
Dat kan niet. Dat had ik moeten voelen.
Ik had hier moeten zijn.
Ik had het moeten weten.
Waarom heb je niets gezegd?
Dat heb ik geprobeerd.
Wanneer is het gebeurd? - Augustus. Een paar dagen na je vertrek.
Ik zet 'n kop thee voor je.
Wat is er gebeurd? - Er was brand in het pakhuis.
Hij had ernstige brandwonden en rook in zijn longen.
Meester Edwin had gedood kunnen worden. Een baal brandend wol...
Papa wierp zich boven op hem, Hij heeft meester Edwin gered.
Heeft mijn vader Edwin Fairley gered?
Hij heeft zich voor een van hen opgeofferd.
Dat zou iedereen gedaan hebben. - Denk je?
Zou landheer Fairley dat gedaan hebben? Meester Gerald of meester Edwin?
Ze zouden geen vinger uitsteken om een ander te redden.
Ik zal het goedmaken.
Dat beloof ik.
Ik vervloek die Fairleys.
Ik vervloek ze allemaal.
Dat ze mogen branden in de hel.
Frank kan nu het beste hier blijven. - Ja, hij leert veel op kantoor.
Als je vijftien bent, zoeken we werk voor je bij een krant in Leeds.
Dan kun je naar de avondschool gaan. Frank heeft hersens.
En een talent voor woorden. Dat mag niet verspild worden.
Hij moet een kans krijgen.
Ik stuur je wat boeken. Een woordenboek en studieboeken.
Vwnston kan je geld sturen om schrijfmateriaal te kopen.
Ook al moet je dan af en toe je biertje laten staan.
We moeten voor elkaar zorgen. Er is niemand anders om dat te doen.
Hoe gaat het met de baby? - Heel goed, hoorde ik gisteren.
Ik heb je al zo lang niet gezien. - Het spijt me.
Ik krijg steeds meer opdrachten. - Je werkt al 10 uur per dag...
...6 dagen in de week in de spinnerij.
Ik bewonder je energie. Ik werk ook hard. Maar je moet beter voorjezelf zorgen.
Je bent geen machine. Werk hard, maar met mate.
Gematigdheid wordt overschat, vooral waar het werk betreft.
Kunnen we samen iets gaan eten? - Graag, maar ik heb weinig tijd.
Zeg maar niets. Je moet werken.
Hij moet dit weekend klaar zijn. - Weetje dat het na twaalven is?
Ik ben zo klaar.
Bedankt, Mrs Harte.
Ik ben blij dat u uw jurk mooi vindt. - Inderdaad.
Tot ziens.
De kleur is precies goed voor u.
Ja, Miss? Kan ik u helpen? - Ik zoek de eigenaar.
Waar is hij? - Daar kijkt u naar. Ik ben Joe Lowther.
Daar lijkt u nog te jong voor. Ik zie dat deze winkel te huur is.
Wie is geïnteresseerd? Je moeder? - Ik zelf.
Ben je niet te jong? - Ik heb ervaring met verkoop.
En ik verzorg kleding en maaltijden. Ik heb rijke klanten. Ik wil 'n winkel.
Ik kan 'm niet aan je verhuren. - Waarom niet?
Ik wil iemand met veel ervaring. Ik ben al te vaak teleurgesteld.
Ik kan drie maanden Vooruitbetalen.
Het spijt me. Ik doe ook geen zaken op zondag.
Voor alles moet een eerste keer zijn, Mr Lowther.
Ik heb me nog niet voorgesteld. Ik ben Emma Harte.
David, het spijt me. - Wij hebben al gegeten.
Ik had eerder terug willen zijn. - Maar je werk ging voor.
Laura, moest jij niet nog iemand bezoeken?
Je ziet er moe uit.
Hij heeft gelijk. Je ziet er uitgeput uit. Wil je jezelf het graf in werken?
Er is nog nooit iemand gestorven aan hard werken. Wees niet boos.
Ik heb 'n winkel gehuurd.
Gefeliciteerd. - Mijn eerste winkel.
Ik dacht dat je mijn partner zou worden. Volgend jaar open ik mijn eigen fabriek.
Mooi. Ik zal alle kleren voor je ontwerpen. Ik heb heel veel ideeën.
De winkel is iets anders. Wees alsjeblieft blij voor me.
Ik ben duizelig. - Je hebt waarschijnlijk nog niet gegeten.
Nu klink je net als je moeder. - Dan kan ik ook wel eten voor je maken.
Zijn die scones eigen fabrikaat?
Hallo, David. - Waar is Emma?
Het spijt me. Ze moest een kostuum afmaken voor een van haar dames.
Maar kom bij ons eten. Dan is ze klaar.
Ik had het kunnen weten.
Ga zitten.
Ik begrijp het niet.
Wat is het dat Emma zo opjaagt? - Haat. Heel eenvoudig.
Dat zal toch niet. - Wie haat Emma dan?
Ik bedoelde niemand in het specifiek.
Ze haat de omstandigheden van haar leven.
Ze haat armoede. Ze moet geld hebben. - We willen allemaal geld...
...maar dat is niet ons hele leven. - Wij willen geld voor 'n beter leven...
...wat mooie dingen, wat zekerheid. - Waarom wil Emma dan geld hebben?
Als een wapen. - Wat een onzin. Een wapen tegen wie?
Ze wil zichzelf en haar baby beschermen.
Emma Harte wil 'n rijke vrouw worden.
Ze heeft de kracht van honderd paarden.
Een tweede winkel is veel werk. Goedemorgen, Mrs Minton.
Je hebt de winkel dus aan haar verhuurd?
Ja, het wordt een fourniturenwinkel. - Ik kan niet de hele dag blijven roddelen.
Hallo, Joe.
Jij maakt het erg Iaat. - Het was druk.
Ik moet de winkel opruimen. - Je kunt beter iets gaan eten.
Eten is nu niet belangrijk. Het werk gaat voor.
Lieve hemel, Mrs Minton. - Doe maar niet zo schijnheilig.
Het is een schande. Ik wist het al toen ze erin trok.
Ik zit precies tussen haar voedingsmiddelen en fournituren.
Zij probeert me weg te drukken! - Mrs Minton, kalmeert u toch.
Ik weet niet waar u het over heeft. - Ik heb het over Emma Harte.
Dat sluwe wijf. Ze koopt in bij fabrikanten en drukt zo de prijzen.
Dat klopt niet. - Mrs Harte is gewoon zakelijk.
Zakelijk? Ik noem het bedrog. - Echt? Het is waar voor je geld.
Kijk hier eens.
Kijk naar die taart. Hier...
Haar augurken. Haarvlaai. Daarom heeft zij succes.
Ze biedt kwaliteit.
Natuurlijk verdedigt u haar. U komt op voor uw minnares.
Kijk maar niet zo verbaasd. Iedereen weet het.
Ze is uw minnares.
Wij hebben alleen 'n zakelijke relatie.
Let op wat u zegt, Mrs Minton. Anders klaag ik u aan voor laster.
Ik laat me door haar niet wegdrukken. Ik vertrek uit mezelf.
Zoek het maar uit met uw huur.
Hoe voelt dat?
Veilig.
Ik begin me veilig te voelen.
De Harte-Kallinski fabriek ziet er goed uit, hè?
Je hebt ongeveer 5 ton beton nodig. Het gaat niet veel kosten.
De basisstructuur is heel stevig. Daar kan ik mee vooruit.
Geweldig, Blackie.
Joe Lowther gaat ook investeren in de fabriek.
Emma zal 'm wel overgehaald hebben.
Begin zo snel mogelijk. - Dat zal ik doen.
David, heb je het trouwens gehoord van die man van Emma?
Hij is toch niet terug?
Hij is gestorven. - Wat?
Sinds wanneer? - Emma weet het 'n paar dagen.
Ik hoorde het van Laura. Tyfus in een vreemd land, blijkbaar.
Ze zal wel niet in de rouw gaan.
Uw winkel is altijd mooi en warm.
Dit is mijn lijstje. Volgens mij is hij compleet.
Tenzij u nog iets mist? - Dat ziet er goed uit.
U kunt beter nog wat extra pasteitjes nemen.
Die zijn er meestal niet meer aan het eind van de week.
Doe dat maar. Ik wil mevrouw niet ontrieven.
Dit ziet er chique uit.
Ze zien er goed uit, maar het is 'n beetje te opzichtig voor ons soort mensen.
Vindt u? Ik merk altijd dat de adel van speciale delicatessen houdt.
De kok van het kasteel vroeg me om twee van alles voor volgende week.
Natuurlijk is het 'n beetje prijzig.
Dat maakt mijn mevrouw niet uit.
Ik neem er drie van elk. En wat geïmporteerde ham...
...en 4 potten chutney. Je kunt maar beter voorbereid zijn.
Ik zal uw bestelling zelf afhandelen. - Dat is heel vriendelijk van u.
Goedenavond. - Goedenavond, Mrs Jackson.
Jij kunt ijs aan eskimo's verkopen. Ik heb zoiets nog nooit gezien.
Je hebt haar bestelling verdubbeld. - Verdrievoudigd.
Prettige avond, Mrs Harte. - Prettige avond, meisjes.
Ik hoorde het nieuws. Over je man. - Heeft Blackie het verteld?
Je zult wel geschrokken zijn.
Hij was alzo lang weg.
Het leek alsof hij helemaal niet bestond.
David, we moeten hiermee stoppen.
Het is niet goed. - Waarom niet? Ik hou van je.
We moeten vooruitkijken. - Dat doe ik. Ik zie ons trouwen.
Trouwen? - Waarom niet?
Eerst kon het niet, maar nu... - Ik kan niet met je trouwen.
Waarom niet? Je man is dood. Je bent vrij.
Ik hou meer van jou dan van wat ook. Ik wil je beschermen en koesteren.
Is er iemand anders? Joe Lowther? - Natuurlijk niet.
Je moeder zal niet accepteren datje buiten het geloof trouwt.
Ze verwacht dat je met een joodse vrouw trouwt, joodse kinderen krijgt.
Het maakt niet uit wat zij wil. Ik wil jou als mijn vrouw.
Dat is alles wat telt. - Dat denk je nu, maar ooit...
Jouw ouders en onze kinderen zouden ons uit elkaar drijven.
Probeer het te begrijpen.
Je houdt toch van me?
Trouw dan met me.
Dat doe ik niet.
Is dat je laatste woord?
Vraag je me niet binnen?
We willen niet gestoord worden.
Wat wil je? - Even praten, Mrs Harte.
Ik heb niets tegen jou of je familie te zeggen.
Heel mooi.
Waar is het kind?
Welk kind? - Dat van mijn broer.
Hoe heb je me gevonden? - We kochten Thompsons spinnerij.
Jij stond als oud-werkneemster geregistreerd.
Waar is die bastaard? - Waar heb je het over?
Ik weet datje Edwins kind hebt gekregen. Ontken het maar niet.
Je verspilt je tijd. Ga nu alsjeblieft weg. - Die dwaas wilde zelf naar je toe.
Hij wilde weten of alles goed met je was. Maar dat kon ik niet toestaan.
Je was altijd al een bullebak. Ga weg! - Ik wil zaken bespreken.
Edwin gaat zich verloven. Met een echte dame.
Daar heb ik niets mee te maken. - Inderdaad.
Maar je kunt Edwin later chanteren met het kind. Dat doen bediendes wel vaker.
We kunnen geen schandaal gebruiken.
Dus waar is het schepsel?
Als je me aanraakt, zul je er spijt van krijgen.
Dapper, hoor.
Nu ruik je de keukentafel niet.
Laat mij eens proberen wat Edwin kreeg.
Vrouwen als jij zijn er dag en nacht voor in. Hè, Mrs Harte?
Ik snij je keel door.
Ga uit mijn winkel.
Ik kom weer terug.
Een vrouw als jij zou niet alleen moeten zijn.
Je hebt een man nodig om je heen.
We moeten allemaal uitkijken voor jou, hè?
Een echte tijgerin.
Ik wil dat je weet dat ik jullie wil ruïneren. Jullie allemaal.
De hele Fairley familie. Ik zweer het.
Is er iets?
Mag ik binnenkomen?
Je ziet er niet goed uit.
Ik heb amper geslapen. - Ben je ziek?
Ik heb eens nagedacht...
Het gaat niet. Ik kan het niet mooi aankleden.
Ik hou van je, Emma.
Wil je met me trouwen?
Ik kan voor je zorgen. Je hebt iemand nodig.
Een vrouw moet niet alleen zijn. Ik zou je kunnen beschermen.
Neemt gij, Emma Harte, deze man tot uw wettige echtgenoot?
Ja.
Even lachen.
Emma, Laura. De bruid met het bruidsmeisje.
Wanneer gaan Blackie en jij trouwen, Laura?
Hoe wist je dat?
Ik wist het niet.
Bedoel je? - Hij heeft me net 'n aanzoek gedaan.
Ik maak je bruidsjurk. Het zal de mooiste jurk worden die je je voor kunt stellen.
Niet bewegen.
Is het bedtijd?
Ik wil een knuffel.
Grote knul. Slaap lekker, schat.
Hoe gaat het met jou, Juffie? - Goed, mammie.
Het is binnen. - Goedemorgen.
Ben je tevreden? - Absoluut.
Dit zijn de precies de kleuren van jouw ontwerp.
Ik ga Gregsons pakhuis kopen.
Is dat slim? - Er is veel opslagruimte.
Dan kan ik grote hoeveelheden inslaan. - Hun inventaris zou waardeloos zijn.
Ideaal om goedkoop aan te bieden aan winkels die op koopjes uit zijn.
Hun distributiesysteem is uitstekend en ze distribueren door het hele land.
Dus kun je verkopen in Schotland en Londen.
En sommige collecties exclusief houden. - Mazzeltov. Dat klinkt goed.
Ik bied je het equivalent van tien jaar huur voor iedere winkel en duizend pond extra.
Dat is 'n hele mooie winst.
Maar de winkels zijn al van jou. - Ik huur ze alleen.
Je bent mijn vrouw. Ik wil niet aan jou verdienen.
Ik wil redelijk zijn. - Ik zal je de winkels geven.
Nee, ik wil ze kopen. Dan weet ik dat ze echt van mij zijn.
Hoe kom je aan 5.000 pond? - Met een hypotheek op het pakhuis.
Ik vind het krankzinnig.
Maar als het zoveel voor je betekent. Goed dan.
Niet nu, Joe.
Wees niet zo koel.
Ik hou van je.
Ik hou van je, Emma.
We kopen dit pand niet. Ik stop er geen geld in. Dat is dat.
Ik koop het warenhuis met mijn geld. - Jouw geld? Waar komt dat vandaan?
Van de verkoop van mijn drie winkels.
Heb je mijn winkels verkocht? - Mijn winkels, Joe.
Ik heb ze voor 20.000 pond verkocht.
Je hebt ze vorig jaar gekocht voor 5.000 pond. Ze kunnen geen 20.000 waard zijn.
Jij verkocht alleen de panden. Ik verkocht drie goedlopende winkels...
...met grote voorraden en goodwill. Ze zijn iedere cent waard.
Geef je nog ergens anders om dan geld? - Doe niet zo raar.
Ik meen het. - Ik hou van Edwina en Kit.
Ik hou van Laura en Blackie, van David en mijn broers. En van jou natuurlijk.
Natuurlijk.
Dank u, mevrouw. Is het voor uzelf? - Het is een cadeau.
Sta ons dan toe om het voor u in te pakken.
Dank u, madam. - Dit is echt iets nieuws.
Wilt u dit bezorgd hebben? - Ik neem 't wel mee.
We bezorgen iedere dag. - In dat geval...
Wat een succes. Dit heb je altijd gewild. - Het is een begin.
Je moet jezelf niet zo vermoeien. Je bent nog zwak.
Dit wilde ik niet missen. - Ik breng je naar huis.
AI dit lawaai en geduw. - Veel vrouwen hebben miskramen.
Ik red me wel. Je mag de winkel niet op openingsdag in de steek laten.
Blackie mag zich geen zorgen maken.
Zeg 'm dat je vindt dat ik er beter uitzie. - Hij maakt zich toch wel zorgen.
Hij zorgt voor je als 'n moederkloek. - Dat doet Joe ook bij jou.
Helaas wel.
Dat is niet eerlijk. Hij is 'n goede man. Ik ben moeilijk.
Ben je niet gelukkig? - Ik heb wel eens gelukkige momenten.
Misschien moet het zo zijn. - Geluk kan ook voortduren.
Waarom ben je toch met Joe getrouwd? - Ik mag hem heel graag.
Ik zocht bescherming.
Stop even, Harry.
Wat doe jij hier? - Ik was op weg naar jou.
De opening is wel 'n bezoekje waard. - Helemaal uit Londen.
Ik moet ook iets vertellen.
Ik ontving een brief. Van die uitgevers.
Vinden ze je roman goed? Willen ze 'm publiceren?
Wat fantastisch. Dat heb je altijd gewild.
Ik heb het aan jou te danken. - Jij schreef het boek.
Maar ik legde 'm weg. Jij liet 'm aan de juiste mensen zien.
Ik kon het niet geloven. Ik dacht niet dat iemand het manuscript zou willen hebben.
Ik wel.
Blijf je vanavond? - Ik kijk even rond en moet dan terug.
Iedereen is nogal gespannen. Iedereen zit te wachten.
Het nieuws ziet er slecht uit. - Er komt toch geen oorlog?
Er is niets zeker, maar ik ben blij dat we de marine hebben.
Heb je nog iets van Winston gehoord? - Ja, het gaat heel goed met 'm.
Hij wordt weer bevorderd.
Ik wou datje 'm schreef. - Niet nog eens.
Het is zo dom. Hij kon geen onwettig kind accepteren.
Jij begreep het wel. - Winston heeft nog nooit iets gelezen.
Het was dus 'n grote schok. Door te lezen had ie meer over het leven kunnen Ieren.
Jij, David en Joe konden het allemaal accepteren. Waarom Winston niet?
Wij houden van je, schat. Winston heeft je altijd aanbeden.
Goedemorgen, sir.
Mag ik u iets laten zien? - Ik denk niet...
Dit is het persoonlijke parfum van Mrs Harte.
Heeft u even? - Ja, natuurlijk.
Het inpaklint blijft rafelen. - Dat moeten we dan oplossen.
Kent u het parfum? - Wat?
Min of meer. Ik neem een fles.
Zal ik het inpakken? - Ja, dat is goed.
Stuur maar terug.
De tweede verdieping.
Emma, wacht!
Wacht!
Uw pakje!
Ga je de hele avond werken? - Nee, ik stop nu.
Mooi. - Is dat het enige waar je aan denkt?
Ik lijk er alleen nog maar aan te denken.
Frank, wat is er? Het is zo laat.
Wat?
Ik begrijp het. Maar waarom?
Ja, maar waarom moet jij gaan?
Ik weet het.
Tot ziens, lieveling.
Engeland heeft de oorlog verklaard aan Duitsland.
Frank gaat als correspondent.
Hij mag niet in het leger met zijn gezondheid.
Maar hij zegt dat iemand verslag moet doen van de oorlog.
Het is koud buiten, Olivia. - Tot ziens, schat.
Tot ziens, Jane. Lief dat jullie zijn gekomen.
Blijf maar hier, vader. Tot ziens.
Gelukkig vragen ze alleen vrijgezellen. Hij zal zich niet vrijwillig aanmelden.
Denk je dat ze gelukkig zijn, Adam? - Waarom vraag je dat?
Ze zien er niet uit als een paar. Edwin lijkt soms zo afwezig.
Hij is veranderd. Hij lijkt alleen nog aan de rechtspraak te denken.
Jammer dat er geen kind is.
Dank u, heren.
We gaan nu Laytons fabriek verkopen.
Ben je gek geworden, Emma? - Ik hoop van niet.
Hier zitten rijke mensen. Je kunt niet tegen hen bieden.
Ze kunnen me niet tegenhouden. - Ze gunnen het nooit aan 'n vrouw.
Nu dan, heren... en dame. Wat is het openingsbod?
10.000. - Kom nou toch, heren. 10.000?
De inventaris is dat al waard. Laten we realistisch blijven.
Hoor ik 20?
15?
15.000?
Hoor ik 12?
Dank u, sir. Ik heb 'n bod van 12.000. Hoor ik 13?
Dank u. Een bod van 13.000. Iemand meer dan 13.000?
Dank u. Een bod van 14.000. 14.000, eenmaal. Hoor ik...
Is dat een bod, madam?
Dank u. Een bod van 15.000. Biedt iemand meer dan 15.000?
16. - Een bod van 16.000.
Dank u, Mr Fairley. - Die spinnerij is het dubbele waard.
...de mooie spinnerij van Mr Layton. Mr Fairley heeft 'n bod van 16.000.
Hoor ik. ..? -20.
Zoveel heb je niet. Wat doe je?
We hebben 'n bod van 20.000 pond van Mrs Emma Harte.
Volledig eigendomsrecht. In goede staat. Machines uit Birmingham.
Mrs Harte heeft 'n bod van 20.000 pond. -25.000.
Dit is onverstandig, Gerald. - Een bod van 25.000 van Mr Fairley.
Biedt iemand meer?
Biedt iemand meer dan 25.000? -30.
Een vrouw mag dit niet kopen. - Een vrouw met oog voor zaken.
30.000. - Wil je jezelf ruïneren?
Dat is de spinnerij niet waard. En waar haal je het geld vandaan?
Biedt iemand meer dan 30.000? Mrs Harte heeft geboden.
Biedt iemand meer dan 30.000?
Goed dan, 30.000 eenmaal...
Ambitieuze trut. -30.000 andermaal.
35. Dat zal haar vloeren.
35.000. Dank u, sir. - Goddank, je zat er bijna aan vast.
Dame en heren... - Gerald, dit is waanzin.
Wat ben je in hemelsnaam aan het doen?
Ik zet dat dienstmeisje op haar plaats. - Ze vormt geen bedreiging.
Daar zorg ik wel voor. -35.000 eenmaal.
35.000 andermaal. -40.000.
40.000 pond. Biedt iemand meer dan 40.000?
40.000 eenmaal. 40.000 andermaal.
Verkocht aan Mrs Harte voor 40.000 pond.
Mooi. Dat zal haar ruïneren.
Bedankt, Gladys.
Achterstallige klantenrekeningen. Er staat nog 40.000 pond open.
Jij moet dat geld gaan binnenhalen. - Ja, Mrs Harte.
Niet per brief. Bel ze op.
Na maandag ga ik rente berekenen over openstaande facturen. 8 procent.
Zo kunnen we klanten verliezen. - Dat moet dan maar.
Er woedt een oorlog. Goederen zullen schaars worden.
Doe maandag verslag.
Mr Ainsley. - Laat hem binnen.
Goedemorgen, Mrs Harte.
U ziet er zoals altijd weer prachtig uit. - Ik verwachtte uw vader.
Hij heeft gisterenavond kougevat. - Wat vervelend.
Ik kan u zeker helpen bij een probleem. - Ik heb geen probleem.
Ik heb Laytons spinnerij gekocht. Het papierwerk moet geregeld worden.
40.000 pond. Is dit het juiste moment om zo'n risico aan te gaan?
Het is geen risico. Ze hebben veel scheerwol op voorraad.
Ik zal kleding produceren voor het leger. Uniformen, MrAinsley.
Met dat soort contracten, zal ik al snel winst maken.
U heeft blijkbaar overal aan gedacht. - Ja. Nu...
Wilt u met mij gaan lunchen? Het zou een grote eer zijn.
Dat is heel aardig van u. Helaas heb ik al een andere lunchafspraak.
Tot ziens dan, Mrs Harte.
Joe, wat een verrassing.
Wat doet Arthur Ainsley hier? - Hij is onze advocaat.
Zijn vader is onze advocaat. Ik mag hem niet.
Hij is aardig en bekwaam. - Charmant, zul je bedoelen.
Bij jou, in ieder geval. Hij zit altijd achter de vrouwen aan.
Dat zijn zijn zaken. - Ik mag 'm niet.
Hij denkt iedereen te kunnen krijgen. - Hij was me nog niet eens opgevallen.
Wat is er zo dringend dat het op een zaterdagochtend moet?
Laytons spinnerij. - Hopelijk haal jij je niet te veel op je hals.
Dat denk ik niet.
Hoe ga je die spinnerij leiden? - Door goede mensen aan te nemen.
De beste mensen. De bedrijfsleider, drie voormannen en 23 wevers...
...van Thompsons spinnerij. - Die gaan daar nooit weg.
Die werken daar al jaren.
Het is er niet op vooruitgegaan sinds de overname.
Als ik hun beste personeel heb weggehaald, gaat die spinnerij onderuit.
Arme stekkers. Wie zijn eigenlijk de eigenaars?
De Fairleys.
Je bent erg stil vanavond, Edwin.
Is er iets? - Nee, alles gaat goed.
Ik wilde je vertellen...
...dat ik naar het front ga. - Waarom...
Ik hoef dit toch niet voor te lezen? - Ik weet dat het land in gevaar is.
Het is al te laat, vader.
Ik heb me vanmiddag aangemeld in Leeds. Ik moet me maandag melden.
Het spijt me. - Waarom heb je niet even gewacht?
Ik had waarschijnlijk hetzelfde gedaan op jouw leeftijd.
Maar je bent nog zo jong. - Alle anderen die gaan ook.
Die zijn niet allemaal getrouwd.
Het is niet eerlijk ten opzichte van Jane. - Inderdaad. Ik heb Jane slecht behandeld.
Ik ben niet wreed of zelfs onaardig geweest. Dat zou ik tenminste...
...nog enige emotie hebben getoond.
Er is iets wat ik je al jaren heb willen vertellen.
Ik heb nooit de moed gehad.
Ik ben blijkbaar niet zo moedig.
Een lafaard gaat niet naar het front. - Je kunt op vele manieren laf zijn.
Ik wilde alleen niet weggaan zonder het jou te vertellen.
Ik luister.
Het gaat over Emma Harte.
Ze vertrok heel plotseling.
Nog eens 3000 uniformen.
Kom hier.
Wat is dat lang geleden. - Ik ben alleen nog maar aan het werk.
Met alle mannen aan het front, moeten wij hier doen wat we kunnen.
Misschien werkt u te hard. - Ik ben wel moe, maar wat kun je doen?
Wat vind jij van mijn voorstel? - Het lijkt logisch.
Pap?
We willen jouw zaak met die van ons fuseren.
U zou de leiding krijgen, met een directeurssalaris en een winstdeling.
Dan zou u het wat rustiger aan kunnen doen.
Laten we erover praten.
Hallo, Joe. - Jij bent al vroeg thuis.
Ik zou de boom versieren met Edwina. - Dat was ik vergeten.
Ik sprak met David en zijn vader. Er ligt een voorstel op tafel.
Bedoel je niet dat er 'n besluit is genomen?
Dat doe je meestal.
Je deelt een besluit mee. - Joe, jij bent een partner.
Het is bijna Kerst. Ik wil geen ruzie. Ruzie?
Ik kan mijn mond niet opendoen...
Papa. - Hallo, schattebout.
We hebben op je gewacht. - Ik heb alle versieringen uitgepakt.
We kunnen beginnen. - Dank u.
Pap, helpt u mij alsjeblieft? - Goed dan. Daar gaan we.
Kijk al deze mooie dingen nou eens. Dat is een mooie, hè?
Waar zal ik deze hangen, schat? - Wat vindt u, papa?
Daar heb ik weinig verstand van. Wat vind je hiervan?
Mag ik het klokje hebben, moeder? Hangt u het klokje maar waar u wilt.
We hangen 'm hier op.
En deze mooie blauwe?
Niet doen.
Hier heb je 'n mooie blauwe.
Dezelfde kleur als jouw ogen.
Waar zullen we 'm hangen? - Daar.
De gele? Dan hangen we die ook op. - En nu deze.
Kom binnen.
Mr Lowther, hoe maakt u het? - Heel goed, vriend.
Laura, ga jij hier zitten.
Hallo, jongedame. - Vrolijk kerstfeest, Blackie.
Hoe gaat het met mijn vriend Kit? - Hallo, Blackie. Krijg ik een cadeau?
Naar bed, jullie. De kinderjuf wacht. - Er staat iets voor jullie allebei in de hal.
Bedankt, Blackie.
Brengt u me naar boven, papa? Het trappenhuis is donker.
Dat is niet waar, Edwina.
Goed dan. Bedankt voor het cadeau.
Graag gedaan, schat. - Welterusten, tante Laura.
Welterusten, moeder.
Je hebt een gezicht als een oorwurm, Emma.
Met mij is alles goed. - Wat is er, Emma?
Het is onnozel, maar Edwina doet zo koel tegen mij. Ze geeft de voorkeur aan Joe.
Dat vind ik niet erg. - Meisjes trekken altijd naar hun vader.
Joe is als een echte vader voor haar. - Hij is geweldig voor haar.
Het is 'n fase waar ze uit moet groeien.
Dat hoop ik.
Soms sluit ze zich op in haar eigen wereldje.
Dan kan ik haar niet bereiken. Dat beangstigt me.
Nu dan...
...een drankje om ons hart te verwarmen. Emma, drink je met ons mee?
Graag. - Gelijk heb je.
Hier moeten we extra van genieten.
Wat bedoel je, Blackie? - Niets.
Niets, lieveling. Ik zeg gewoon dat we ons moeten vermaken.
Dekje niet in, Blackie.
Weten Joe en jij iets dat wij niet weten?
Heeft het met de oorlog te maken? - Daar gaan we het niet over hebben.
Op de dames die mij 't dierbaarst zijn. - Daar sluit ik me bij aan.
Vrolijk kerstfeest.
Ben je aangenomen? - Ze nemen iedereen aan.
Hier staat dat iedere man tussen 19 en 40 moet gaan...
...tenzij hij vrijgesteld is. Ben jij vrijgesteld?
Nee, schat. Dat ben ik niet.
Laat me met je meegaan. - Nee, Laura.
Je moet aan jezelf en onze baby denken.
Ik kom meteen terug, Laura.
Blackie, we moeten gaan.
Pas op 'm, alsjeblieft.
Bid voor me, schat.
Geef mij je geweer, Joe.
Maak je over mij geen zorgen.
Zorg goed voor jezelf en de kinderen.
Jij moet goed voor jezelf zorgen.
Jij ook, Blackie. Zorg datje geen ruzie krijgt.
Ik weet dat ik moeilijk ben om mee te leven.
Het was nooit jouw schuld.
Ik had altijd zo'n haast.
We praten wel als ik terugkom.
Waar is die beroemde glimlach?
Het spijt me.
Pas goed op Laura. Ze moet het rustig aan doen en niet piekeren.
Ik zorg ervoor dat haar of de baby niets overkomt.
Jij bent alles voor me.
Reken er daarom maar op dat ik bij je terugkom.
Oké, mannen. Allemaal instappen.
Nadat Doornroosje had gezegd dat hij snel terug moest komen...
...bedacht de prins hoe trots zijn volk zou zijn...
...dat hij zo'n mooie prinses had veroverd.
Dat was het, liefje.
Ik hou van je, mammie.
Slaap lekker.
Papa, op mijn tekeningen kun je zien wat hier gebeurt.
Kit heeft zijn knie geschaafd en gehuild. Net een baby.
Heb je warme sokken?
Heb je iets nodig?
Het is heel stil in huis.
Ik mis je heel erg.
Oom Frank weet precies wat de Duitsers doen.
Dat is de laatste, voordat hij naar huis komt.
Wanneer komt hij? - Als hij uit het hospitaal komt.
Hij gaat goed vooruit, dus dat kan al heel snel zijn.
Fijn. Ik ben gek op oom Frank.
Hij wil jullie graag zien om met jullie te spelen.
Als hij zich beter voelt. - Dat zou leuk zijn.
Een telegram. - Vast van oom Frank.
Geef 'm alsjeblieft aan mij, Edwina. - Mag ik 'm lezen?
Het spijt ons u te moeten melden dat uw echtgenoot...
...soldaat Joseph Daniel Lowther van de infanterie...
...is omgekomen in de strijd.
Mama...
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.