All language subtitles for Tarragona Deel 1

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian Download
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Het was de mooiste tijd van het jaar.

Het was de mooiste tijd van m'n leven.

We wisten toen nog niet hoe onuitwis- baar onze herinneringen zouden worden.

Aan Tarragona.

THE DISASTER

Een haai. Iedereen het water uit.

Haal de kinderen het water uit.

Laat oom Dietmar nou even met rust, lieverd.

Laat 'm maar. We moeten het allemaal naar onze zin hebben.

Hoe ver is 't nog'?

Nog één nachtje. Morgenmiddag zijn we in Tarragona.

Even 'n Duitse zender zoeken.

Mijn papa spreekt Spaans. -Schei uit, Maike.

Dat is toch zo.

En ik wil liever niet datje oom zegt. Dat ben ik niet, dat weetje.

Dus noem me liever niet zo.

Eindelijk, Miguel.

19 Ton propyleen via Tarragona naar Alicante.

Dat wordt een mooie rit, 19.000 kilo vloeibaar gas.

Paco.

Wat is benzine'? -Gasofma. Zal ik 't doen'?

Nee, ik doe 't wel.

Dat is toch wel benzine? Er kan geen diesel in.

Fijn datje ook nog even komt kijken. 19 Ton, zoals altijd.

Papa. -Mauricio, wat doe jij hier’? Ik kom eraan.

Het is gelukt, m'n groot rijbewijs.

Gefeliciteerd. Wat zal je moeder trots op je zijn.

Nu ben je ook 'n grote vent.

Ik wil dat jij dit kruisje voortaan draagt.

Het brengt geluk. Kom 's hier.

Bedankt, papa.

Waarom doe je nou zo, Maike'? Dietmar is tooh een aardige man'?

Alleen zijn is niet zo makkelijk.

Alleen'? „Je hebt ons toch'?

Dietmar mag jullie graag.

Ik ken 'm niet. —Daarom gaan we samen op vakantie.

Hij spreekt geen Spaans, zelfs geen Engels. Kun je nagaan.

Jij spreekt Spaans, en papa nog veel beter. Wat moeten we met 'm?

Als ik hier klaar ben, rij ik langs huis. Dan rij ik morgen verder.

En dan zit jij aan 't stuur.

Ik vertrek om zes uur. Zorg datje op tijd bent.

Maak je geen zorgen, papa. —Tot morgen dan.

Zit je nou alweer te maffen'?

Nog één ding, chef.

De snelste route naar Tarragona gaat toch over de snelweg?

„Ja, nou en'? —Dat kost geld, 1000 pesetars per keer.

Neem dan de secundaire route. De snelweg zit toch vol met toeristen.

Alles geregeld, Paco?

Tot de volgende keer dan maar.

Op naar de secundaire weg.

Wat wilt u verder nog?

M'n wisselgeld.

Dit is toch niet te geloven?

Blijf in de auto.

Pardon, dat was 65 liter.

De auto is gloednieuw. Ik weet hoeveel er in die tank gaat: 65.

Ik ga niet voor 75 betalen. -Schei uit. Wegwezen.

Laat maar zitten, Dietmar. We gaan.

Ulrike, het zijn zwendelaars hier. Het was 65 liter, geen 75.

Ga in de auto zitten.

Ga nou maar. Toe.

Waar is Maike'?

We zijn al uren in Spanje, maar die vent doet zo moeilijk met z'n auto.

Hij moet nog ingereden worden, zegt ie steeds.

We zijn er morgenmiddag.

Begrepen, lieverd. Goeie reis.

Papa, je... -Ik heb klanten, ik moet uitvaren.

Instappen, gauw.

Hou die Duitser tegen.

Klotetoeristen.

Idioot. Kijk uit voor je de weg opdraait.

Wat 'n eikel.

Die hebben we 'n poepie laten ruiken. -Heb je je geld?

Nee, veel beter.

Voor jou, Maike, en voor jou, Timmy.

Hoe heb ik 'm dat geflikt? —Deze heb ik al.

Mijn papa zou ook niet zo laf ervandoor zijn gegaan.

Je vader is ervandoor gegaan, dame.

„Jullie zijn hier net'? Ik ben Andreas Braun. Als je wat nodig hebt...

Iedereen kent me hier.

We zitten vol.

We gaan toch niet moeilijk doen?

Betalen jullie vooruit? -Tuurlijk. Zeven man, vier dagen.

Twintig mark per persoon per dag.

760. -560.

Rekenwondertje, hè'?

Als je 'n boot nodig hebt, roep je maar.

Heb je me niet gehoord, Michael? Het is voorbij. Het is uit.

„Je hebt 'n ander, hè'? Ik wens 'm sterkte. Ik was toch al op je uitgekeken.

Met die natte kussen van je.

En jij stinkt.

„Jij lachte 't eerste. Ik heb gewonnen.

Shit, waar is ons geld?

Dat zal toch niet waar zijn'? Wat doen we nou'?

Wat is er? -We zijn bestolen.

Alles weg. Wiet, sigaretten, alles gejat.

Waar ga je heen? -Ik ga je moeder bellen.

Wat moet zo'n leuk ding met zo'n druiloor als jij'?

Sabine, wacht even. M'n moeder vertelt 't aan je pa door.

Die ontploft als hij hoort dat we hier zitten.

M'n ouders zijn nog niet thuis. Maak je niet dik.

Ongelooflijk. Wie doet nou zoiets?

En 't is de derde keer al deze maand.

Maria, het boodschappenlijstje ligt op de keukentafel. 't Is niet veel dit keer.

Sabine logeert tot volgende week bij haar tante.

Hans kan je meenemen naar de stad.

„Je gaat toch naar de stad, schat'?

Ook dat nog. Oké dan maar.

De auto moet naar de directieparkeerplaats van 't ziekenhuis.

Weet ik.

Lopen de zaken 'n beetje? Waar ga je je kraam nu weer neerzetten?

Waarom koop je geen concessie met een vaste standplek?

Wat maakt 't uit'?

VVat maakt 't uit'? Regels zijn aan jou niet besteed, hè'?

Recht en orde. Daar gaan we weer. —Hoezo'?

Dat burgermansgepreek werkt iedereen hier op de zenuwen.

Iedereen'? —.Ja, iedereen hier in de wijk.

Een samenleving kan niet zonder regels en orde.

Het huis van Feldmann.

Mevrouw Bach, fijn dat u er bent. Is m'n vader thuis?

Nee, Sabine. Helaas.

Hoor 's, ik heb je hulp nodig. Maar niet kwaad worden.

Ik ben in Spanje. Kun je me misschien wat geld sturen'?

Lieve hemel. Geld.

Hoe kom je nou in Spanje'? Helemaal alleen'? VVaar zit je'?

Heb je 'n pen bij de hand'?

We zitten op camping Las Arecales in Tarragona.

Hoe ben je daar gekomen'? —Met Interrail, heel simpel.

Maar m'n pa mag 't niet weten. -Die denkt datje bij je tante logeert.

Wat spookje allemaal uit’?

Je krijgt 't meteen terug als we weer thuis zijn. Hartstikke bedankt.

Zo doe je dat.

Als we weer thuis zijn. Wie is dan wel die 'we'?

Waarom doet u dat'?

Herinneringen. Hoogtepunten. Bijzonderheden.

Wilt u er 'n stuk bij hebben? Dit is mijn standplaats.

Die halve wilden daar laten me geen andere keus.

Praat dan met ze.

Dat wil ik wel doen, maar die lui denken met hun gat.

Gezellig.

U bent wel 'n pietje precies, hè'?

Het spijt me als ik niet bij uw manbeeld pas.

U moest 's weten hoezeer u in mijn manbeeld past, met uw hang naar orde.

Bent u hier op vakantie?

Ik vind u een beetje nieuwsgierig.

Familie-aangelegenheden. Ik zou hier iemand ontmoeten. Hopelijk.

Brave hond.

VVil je 'n worstje? Wat maakt 't uit'? Lekker, hè'?

Hij heeft je toch niks misdaan'? —Die mormels zijn de ratten van Spanje.

Wist je dat ze weer hier zijn'?

Wist je dat?

Hoe vaak zeg ik niet datje eraf moet blijven?

Zo'n gasfles is net 'n bom. Wou je ons allemaal opblazen?

Aan 'n paar liter gas heb je genoeg.

Geef 'm nou toch een kans. Doe 't voor mij.

Het is zo'n nerd. Moet je dat shirt van 'm zien.

Dat hebben we toch mooi voor op de dames.

Gaat 't een beetje'?

Dietmar, ben jij nu m'n papa?

Dat zien we nog wel, Tim.

Mama zegt dat kinderen niet gemakkelijk zijn.

Dat zijn ouders ook niet.

Klaar'?

Mooi.

Kom mee, Timmy. We hebben nog een heel eind te gaan.

Martin gaat door 't lint zodra iets niet volgens de regeltjes gaat.

Waarom heb je 't hem verteld?

Sabine is pas 17. -Ze is niet pás 17. AI 17.

Ze is bijna 18. Dat kind is gewoon lekker op vakantie.

Dat kind. Dat bedoel ik. Het is nog maar 'n kind.

Alles goed met je'? —Hopelijk stuurt je moeder gauw geld.

Wat zou 'n sigaretje nu lekker zijn.

Wat nou'?

Ik dacht, je vraagt 't me nooit.

Ik wil dat je nooit ophoudt met me aan 't lachen te maken.

Ik ken verder geen trucjes. -Geen trucjes. Nooit.

Wat moet je eigenlijk met zo'n druiloor als ik'?

Je bent het type waaraan m'n pa zich ergert.

Zo fout kun je niet zijn. -Leuk.

En jij'? Stel dat ik 'n kreng zou zijn.

Dan zou ik net zo veel van je houden.

En als ik echt niet spoorde en de hele dag tegen je aan zou leuteren?

Dan zou ik je af en toe bezoeken, en m'n nieuwe vriendin aan je voorstellen.

Geen trucs. Beloofd.

Nee, u wilt geld voor uw afdeling. Vult u dan die formulieren in.

De directie kan toch niet aldoor de chirurgie achternalopen? Goedendag.

Ik heb altijd gehoopt dat Sabine hier een opleiding zou gaan volgen.

Misschien tot arts. Dat zou wat zijn.

Zodat ze goed terecht zou komen. Maar nu...

Hebt u de jongedame niet meer onder controle, nietwaar?

Sinds de dood van haar moeder.

Waarom doet ze me dat aan? Zomaar de hort op.

Ze wordt volwassen. -Maar meteen naar Spanje...

U bent ook jong geweest. Wat kan er nou misgaan op zo'n camping?

Wat is dat toch met je auto'?

Waarom rijden we niet door tot de tent van je pa'?

Zijn we bang voor hem'?

Je vader mag de auto niet zien. Is dat ‘t’?

Precies. En hij heeft de pest aan homo's, dus blijf 'n eindje achter me.

Rustig maar. Het is tien jaar geleden.

Misschien is je ouweheer wel veranderd.

Daarmee ga je hier niet rondlopen.

Waar ga je het vraagteken in die zin zetten?

Waarom op een camping?

Waarschijnlijk herinnert ie zich wat ie geflikt heeft.

Hij is wel uit Duitsland hierheen gekomen voor jou.

Hij heeft me gevolgd.

Je vader heeft je gezocht en eindelijk gevonden.

Neem 'n slok zonnebrandolie. Daar word je rustig van.

Oké, dus we zijn nerveus. Wat doen we dan hier'?

Ik ben alleen benieuwd. Ik wil weten wat hij wil. Dan gaan we weer.

Goed plan. Maar ik mis een beetje de reden...

en de verzoening in je programma. Maar goed, 't is jouw feestje.

Hou je een beetje in, alsjeblieft.

Het was niet makkelijk om je op te sporen.

Wat wil je van me'?

Kan ik jullie iets aanbieden?

Ik wil wel graag water, als u dat heeft.

Ik moet in vorm blijven voor m'n werk.

Wat doe je'? —II< ben danser. Showbiz. U weet wel.

Concerten, tournees, Queen. Smokie. The Sweet.

Danser is een beroep, vader.

Dat weet ik, Dirk.

Dirk heeft me verboden u de hand te schudden, maar wat zou 't?

Dan maar 'n pak rammel straks.

Kennelijk vind je dat wel prettig. -Nu is de maat vol.

Dirk, ik maak alleen een praatje met je vader.

Het heeft geen zin. We gaan.

Loop je nou weer weg'? Wacht nou even.

Ik moet met je praten.

Dit is wel de interessantste plek voor m'n tent.

Hallo, Bárbel. -Daar ben je eindelijk.

Je wilde me weerzien.

Je hebt hier met me afgesproken. Of niet soms?

Die krijg je van mij.

Ik moet gaan. Het spijt me.

Ik moet me even vertonen. Anders denkt Katie weer van alles.

Van alles? Dan zit ze er ook niet zo ver naast.

Maar ga maar. 't Is wel goed zo. Echt waar.

Die verdomde hitte.

Het was lekker, Gunter.

Ik heb je gemist.

Ik ben arts. Wat is er gebeurd'? —Ze is ingestort.

Pak even wat water.

Gaat 't weer'?

Ben je er weer'?

Wat is er gebeurd'?

Ik denk datje lichaam je vertelt dat dit wel wat weinig stof is voor je.

Dat was 't.

Wat voor arts bent u? -Gynaecoloog.

Ik heb me alleen gespecialiseerd omdat ik niet kan begrijpen...

hoe mannen een beroep kunnen uitoefenen waarvan ze niks begrijpen.

Maar ik weet net zoveel van algemene geneeskunde als elke andere witte jas.

Gaat 't weer'? —.Ja hoor. Dank u wel.

Geen dank.

Ik stuur 't bloedmonster naar m'n zwager. —Zwager'?

Geloof 't of niet, maar m'n zus is getrouwd met die dooie.

Hij heeft 'n apotheek in 't binnenland.

En waarom 'n bloedmonster?

Voor de zekerheid. Morgen weten we meer.

Het lijkt er voorlopig op datje 'n zonnesteek hebt.

Moet ik iemand waarschuwen? Je man misschien?

Gunter en ik zijn gelukkig getrouwd, maar die vrouw verpest alles.

Gunter wist dat ze weer hier is.

Hij heeft gezegd dat dat van vorig jaar iets eenmalige was. Ik geloof 'm.

„Ja, maar bij dat type betekent eenmalig niet dat 't eenmaal gebeurt...

maar dat het vaak gebeurt omdat 't zo uniek was.

Nou ja, 't kon erger.

Hier, Michi, heb je wat te doen.

Nog twee tequila sunrise.

Sorry, maar daar heb ik niet van terug.

Geef me dan maar je armband.

Afgesproken.

Nieuwe voorraad.

Het is alleen tot 't geld uit Duitsland er is.

Ik heb je niet alles verteld, Gunter.

Gerhardt en ik zijn gescheiden.

Hij is ervandoor gegaan.

Jullie zijn uit elkaar gegroeid. Dat kan.

Zoals jij en Katharina uit elkaar zijn gegroeid.

Vertel 's, heb je het afgelopen jaar nog seks gehad'?

Ik bedoel het soort seks dat wij hebben?

Wist je dat Katharina dat van ons weet'? —Natuurlijl< weet ik dat.

Katharina heeft Gerhardt over ons verteld. Hoe naïef ben je'?

Gerhardt is vanwege jou van me gescheiden.

We wilden toch nog naar 't strand, naar ons oude plekje?

„Je kunt 't krijgen waar je 't hebben wil.

Mij kun je altijd krijgen. Voor altijd. Elke dag.

Geheel en al.

Maar wel helemaal, of helemaal niet.

Ik wil jou, Gunter, en jij wilt mij.

Denk goed na met wie je naar huis rijdt.

Ik kom volgend jaar niet weer deze kant op.

Dirk, wat doe je nou'? Wacht even.

Luister nou.

We blijven hier zoals gepland. Een of twee dagen, oké?

Als je dan nog je vader niet wilt zien, vertrekken we.

Toen ik tien werd, zou ik een fiets voor m'n verjaardag krijgen.

Een gele fiets met 'n extra koplamp.

Ik zou 'm krijgen als ik een goed cijfer voor rekenen zou halen.

Rekenen, daar kun je geen hout van. -Toen ook al niet.

M'n pa heeft die fiets aan 'n buurjongen gegeven.

Zo kon ik jarenlang zien wat ik verknald had.

Maar je bent ervandoor gegaan. Waarom'?

Hij kan naar de hel lopen en verbranden.

Precies, we moeten daar rechtuit.

Hoe ken je de weg zo goed, schat'?

In de vorige zomervakantie waren we hier met papa.

Is dat echt waar?

Rijden we naar de plek waar je vorig jaar met je ex en je kinderen was'?

Ik had 't je moeten vertellen.

Zeker weten. Ik hang hier een beetje de reserveman uit.

Dietmar, het ligt echt heel anders.

Daar ben ik dan wel benieuwd naar.

Je overviel me met die vakantie. Ik verheugde me er zo op.

Jij vroeg me waar we heen zouden gaan, en ik dacht alleen:

Laat ie alsjeblieft niet weer vertrekken.

Laat ie kunnen opschieten met de kinderen.

Ik weet hoe vermoeiend ze zijn. Ik was bang, snap je'?

Ik dacht er alleen aan dat de kinderen zichzelf daar zoet houden.

Dan hadden we meer tijd voor onszelf. Ik moest spontaan beslissen.

Dat weet ik.

Op de plek waar we vorig jaar waren, heb ik niks van de kinderen gemerkt.

Het zijn daar heel andere kinderen. Ik wilde meer tijd voor ons. Geloof me.

Het is al goed.

Als je ergens anders heen wilt, doen we dat natuurlijk.

Nee. Papa werkt daar. Ik heb morgen een afspraak met hem.

God nog toe. Zeg dat 't niet waar is.

Rechtdoor, zei je.

We rijden naar Tarragona. We zijn vlak bij onze bestemming.

Morgen om deze tijd zwemmen we. Dat laten we ons door niemand afpakken.

Het stelt u misschien gerust om te weten dat uw zoon niet vertrokken is.

Hebt u kanker?

Vroeg of laat gaan we allemaal dood, nietwaar?

En wanneer sterft u'?

Over een paar weken.

Als ik me niet opwind en netjes m'n medicijnen slik.

Ik begrijp 't. Vandaar die ontmoeting met uw zoon.

Te sterven zonder Dirk nog eenmaal gezien en gesproken te hebben...

dat kon ik niet accepteren.

Wilt u 'n glas wijn?

Miguel.

Daar ben je eindelijk. Wat ben je laat.

Mauricio heeft z'n groot rijbewijs. Mooi, hè’?

Morgen mag ie voor het eerst rijden. —II< ben zo trots op 'm.

Hallo, Martin.

Heeft Sabine nog gebeld?

Er gebeurt niks.

Er is al wat gebeurd.

Sabine zit aan 't strand in Spanje.

Waarschijnlijk met de een of andere lamstraal.

Maak je geen zorgen. Ik ken die Iamstraal die met Sabine mee is.

Lees dit maar 's rustig. Jouw Sabine heeft Michael overgehaald.

Michael en mijn Sabine?

Dus onze jongen is niet op kamp? Waar komt dan die kaart vandaan?

Met de post.

Ze kennen elkaar al sinds ze kunnen lopen. En ze zijn verliefd.

Spanje was Sabine's idee. Dat is alles.

Wat hebben ze dan gepland?

Vraag maar aan onze held hier. Die heeft z'n leven altijd op orde.

Wou jij me wat over het leven vertellen'?

Speelautomaten, fietsenverhuur, en nu 'n snackkraam.

Die ligt binnenkort vast ook in de voortuin.

Of zit er tegenwoordig goud in worst verkopen?

Nee, het loopt niet goed.

Misschien moeten we verkopen. Maar dan verkoop ik 't huis, niet mezelf.

Wou je zeggen dat ik mezelf verkoop? -Wat mankeert jullie?

We zijn hier ooit samen komen wonen. We waren ooit goed bevriend.

En nu lopen onze kinderen weg en maken jullie... Ik begrijp 't niet.

Maria, die twee vieren alleen maar vakantie.

Heb jij m'n banden lek gestoken?

Moet je echt zo flirten'?

Ik heb al 3500 peseta's verdiend, plus 20 mark fooi. Met flirten.

Verkoop je wiet'?

Zo is 't weer mooi geweest. We gaan.

Wat is er'? —Kom, we gaan.

En hoe kom ik daaraan? -Bij mij thuis, hier vlakbij.

Wat moet je van hem'? —Kijk uit, je doet me pijn.

Ik ben weg. Ik ben 't zat. —Doe niet zo achterlijk.

Twee Cuba Libre en twee whisky.

Ik dacht dat dit iets bijzonders was. We waren hier samen.

Omdat we met elkaar slapen, mag ik ineens met niemand meer omgaan?

Ik kan niet slapen. Rustig nou maar. Morgen zijn we er.

En hoe vind je dat'?

Oom Dietmar.

Timmy, wat is er dan'? —II< kan niet slapen.

Je moet ook niet slapen. Alleen je ogen dichtdoen. Dat doen alle helden.

Dat heeft Timmy nog nooit gedaan.

Mooi, toch'?

Ja, dat is het.

Doe maar 'n wens.

Heb je 'n wens gedaan?

Daar zijn we dan.

Ken je je vriend al lang'? —AI eeuwen.

Kom binnen.

We kunnen er ook hier vast eentje roken.

Hoeveel wil je voor die joints hebben?

Als je geen geld hebt...

is dat geen probleem.

Weetje die baai achter de camping?

Daar gaan we over 'n uur heen, oké?

Waarom niet hier, nu meteen?

Ik heb de hele dag gewerkt. Ik wil me even opfrissen.

Zoals je wilt.

Ik wilde danser worden. —Danser'?

Dat heb je me nooit verteld.

Ik had zelfs al een beurs.

Z'n zoon, een homo, een ballerina. Dat is onacceptabel, schreef hij.

Heeft hij je geslagen? —Voor 't eerst heb ik teruggeslagen.

Wat denkt ie wel.

En toen? -Hij stompte me en ik ben gevallen.

Gecompliceerde fractuur. Dat is nu beter te behandelen dan toen.

Hij heeft me niet opgezocht in het ziekenhuis. Hij zat in 't buitenland.

De klootzak.

Toen heb ik z'n auto gejat en ben naar Spanje gereden.

Ik begrijp 't. Dat is nog steeds zijn auto.

Daarom hebben we hem buiten laten staan.

Kijk wel uit watje doet.

Zo begint 't. En dan moet je weten wat je wilt.

Of je wilt of niet wilt.

Slokje?

Er is altijd wel iemand met wie 't nog slechter gaat.

Laten we gaan zwemmen.

Wie het eerst bij het vlot is.

Michael, waar blijf je?

Moet je kijken. Precies wat ik je gezegd heb.

Mijn joints en m'n aansteker. Die gast had alles gejat.

Hij had zelfs m'n portemonnee niet voor me verstopt.

Wacht even.

Kom mee.

M'n kleren.

Toedeloe.

Het zijn de simpele dingen die elke overlevende nog weet.

Alledaags. onnozel, maar nooit vergeten.

Omdat 't de laatste keer was.

Een laatste ontmoeting, een laatste gebaar. Een woord, een blik.

Goeiemorgen.

Het wordt al beter.

Als je ouder wordt, ga je niet meer zo makkelijk met de mode mee.

Hebt u me gezocht of bent u toevallig hier'?

Ik maak hier dagelijks een wandeling.

Ik ben blij dat ik je hier tref, en dat jullie allebei nog hier zijn.

Senor Köhler, ik hou van Dirk en ik heb een uitgesproken mening.

Wat u ook van me wilt, ik doe het niet.

Maar je kunt toch naar me luisteren?

Kunnen we 'n stukje samen oplopen?

Die arme knul heeft z'n voet gebroken, en u bezoekt 'm niet eens.

Toe nou toch.

Ik zat in Amerika.

Fantastisch, hoor. Gefeliciteerd.

Maar Dirk lag in het ziekenhuis. Dat bedoel ik.

Wilt u vergiffenis of zo?

Ik was op zoek naar 'n specialist. —Een specialist? Wat nou weer'?

Een arts die Dirks been weer kon genezen.

Dat hebt u hem nooit gezegd.

Maar hij is er simpelweg vandoor gegaan.

Maar dat ontslaat me niet van mijn schuld.

Dan rij ik wel alleen.

O jee, foute boel.

Wacht even, Miguel.

Je hebt je ontbijt laten liggen.

Op naar Tarragona.

Eindelijk. Hoe lang nog'? —Twee, drie uur, schat. Als 't meezit.

Dietmar moet eens gas geven. -Groot gelijk.

Mama, ik weet 't, ik ben te Iaat. Was hij kwaad'?

Wat denk je dan'? „Je Kent 'm toch'?

En hij heeft ook nog z'n ontbijt en z'n papieren vergeten.

23. 000'?

23 ton.

Vier ton. Dat is 4000 kilo te veel.

Wat betekent dat'?

Mauricio, wat is er aan de hand’?

Vier ton propyleen te veel. Vier ton.

Z'n trailer heeft niet eens 'n drukventiel. Die truck is 'n rijdende bom.

Je vader rijdt al 20 jaar. Hij weet wat ie doet.

Neemt ie de snelweg? -Weet ik niet. Dat is ook zijn zaak.

Belt u de politie of niet'?

Ik zal er werk van maken.

Gunter?

Goeiemorgen. —Bent u 't.

De post komt hier vroeg. Hoe voel je je'? —Beter.

Ik heb de bloedwaarden van m'n zwager ontvangen. Jouw bloedwaarden.

Alles in orde. Je mankeert niks vreemds.

Dat is een pak van m'n hart. Hartelijk bedankt.

Een zwangerschap is iets heel natuurlijks.

Pardon?

Je ben in verwachting, Katharina.

Krijgen we 'n kind? -We?

Weetje waarje man nu is'?

Ik schenk hem een kind.

Katharina, dat meen je toch niet'?

Wil je echt 'n kind met die man? Hij gaat vreemd, Katharina.

We gaan 'n gezin vormen. Dan komt alles weer goed.

Daar ben je. We moeten even praten.

Gunter, we moeten praten over ons drieën.

Ons drieën? Wat valt er te praten?

Moet je horen. -Het is gebeurd.

Ik hou van haar. Jezus nog toe, ik hou van Bárbel.

„Je ziet zelf toch wel in dat er bij ons wat aan mankeert'?

Kijk me niet zo aan. Dit zijn de jaren zeventig.

We hoeven niet uit elkaar, Kati.

Bärbel en jij kunnen toch wel met elkaar overweg'?

Ik ben een man, ik heb behoeftes.

Wij drieën zouden best een goed team kunnen zijn.

Wij drieën? Jij, ik en Bárbel’?

Accepteer Bárbel, of rij alleen terug naar huis.

600, 700, 800.

Kunt u me misschien helpen?

Ja, natuurlijk.

We zoeken camping Las Arecales. -Dat is niet ver meer.

Bedankt.

Duidelijk. Deze weg loopt langs de camping.

Zijn we er al bijna'? Papa zit op me te wachten.

Geef 't nou niet op.

Laat me niet in de steek.

Achter m'n rug om. Ongelofelijk.

Hij trof me op 't strand aan.

Had ik voor je pa moeten weglopen, zoals jij al tien jaar doet'?

„Je moet naar 'm luisteren.

Ik ga weg. Ik hoef dat gezeik niet aan te horen.

Wacht nou. Je vader is stervende.

Daarom is hij hier.

Gunter heeft gelijk. Ik heb niks, ik kan niks, ik ben niks.

Ik heb geen beroep geleerd, geen opleiding.

Ik heb geen rijbewijs, geen eigen geld.

Ach wat. Iedereen heeft 'n rijbewijs en niemand heeft geld. Dat zegt dus niks.

Je bent sterk. Veel sterker dan je denkt.

Dat doe ik wel vaker. Wil je 't ook eens proberen?

Het helpt echt.

Kin omhoog.

Hoeveel erger kan 't nog worden in het leven'?

Moet je 's kijken.

Mama, de band is kapot.

Gelukkig gebeurt 't hier pas.

Ik ga even naar de reservering vragen.

Ik ga me omkleden.

En'? —Is geannuleerd. Ze zitten overvol.

Ze kijken wat ze doen kunnen.

Maike, koop even wat te drinken. Hier.

Vijftig mark, als je hier met Duits geld kunt betalen.

Amuseer je. Ik regel dit wel.

Timmy wil het water in, en dan een ijsje.

Ben je alleen hier'? —II< woon hier.

Dan heb je 't mooi voor elkaar. —Papa.

Hallo, lieverd. Laat me naar je kijken. Wat ben je groot geworden.

Heb je 'n boot, papa?

Wat heb je daar'? —II< moest iets te drinken halen.

U moet me helpen. Neem me mee.

Maike, waar blijf je'?

Is dat 'm'?

Jij bent zeker Maike's vader. Goeiedag.

Ik snap watje bedoelt.

Dat is mijn geld. -Nee.

Ik werk voor m'n geld.

Ga je mee, Maike'? —Papa wil met me gaan varen.

Ja, papa wil met haar gaan varen.

Andreas, zien we je vanavond? -Hoi, Andi.

Gaan we straks zwemmen, mama? -Eerst moeten we 'n plekje vinden.

En dan moeten we ons omkleden. Maar eerst een ijsje.

Wat wil je voor ijsje? Chocolade.

Daar ben je dan.

Wil jij niet douchen? -Jawel.

Michi, help me.

Hou je poten thuis.

Zoek dekking.

Timmy.

vertaling: Hoek & Sonépouse Facilitair BV

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.