Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranรฎ)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
In Indiaanse legendes is er sprake van een wezen, genaamd Windigo.
Een geest die leeft van mensenvlees.
Ziet er rustiek uit hier.
Hallo, opa.
Wanneer gaan ze hakken?
Ik dacht dat er hier altijd
gepensioneerden rond de kachel houtjes zaten te hakken.
Kan ik jullie helpen? - We komen ons wat opwarmen.
Er staat koffie op de kachel.
Nogal stil hier. Is Lauderdale niks voor jou?
Waar is dat dan? - Florida. Warm, geen sneeuw.
Ik hou van sneeuw.
Je weet niet wat je mist. Zandstranden.
Disneyworld. Massa's bikini's. Ken je dat werk?
Ja, van vroeger. - Bikini's?
Die Disney-films. Vroeger draaide er hier elke zomer een.
The Living Dead heb ik drie keer gezien.
Nou jij weer, Marty. - Zeg dat wel.
Jullie verstoppen je. - Nee, Chrissy.
Het is zo druk in de hut. - Het is er zo saai.
De een maakt zich klaar voor vanavond. De ander slaapt.
Waar is je vriendje? - Die is ook al zo oersaai.
Geologen zijn geen goed gezelschap. Die hebben het altijd zo druk.
Niet allemaal.
Interessant hier. Er zal hier nooit wat veranderen.
Er valt hier vast wel wat te verkennen?
Blijf op de wegen. De bergen zijn gevaarlijk.
We redden ons wel. - Bergen kunnen verraderlijk zijn.
Hoe dan? Ze zijn zo mooi. - We verdwalen heus niet, opa.
Verdwalen is het ergste nog niet. - Saai. Ik ga de boel verkennen.
Ga liever terug. Het gaat stormen. - Wees eens avontuurlijk.
Bedankt voor de koffie. - Kijk goed uit daarbuiten.
Klaar?
Vooruit maar. - We nemen die weg van daarnet.
Kan leuk worden.
Wat denk je? - Een houthakkerspad.
Misschien is er nog een kamp verderop.
Het is verboden terrein. - Ach, er komt hier niemand.
Zullen we het proberen?
Die man waarschuwde ons. - Bang om te verdwalen?
Nee, maar het is niet voor niets verboden terrein.
Hou jij je altijd aan de regels? - We proberen het gewoon.
Ongelooflijk. Helemaal weg van de wereld.
Dit bevalt me niet. - Maak je niet druk.
Er is hier niemand te bekennen.
Straks wist de sneeuw onze sporen uit.
We gaan al.
Kom, schoonheid. Op de beentjes.
Heb ik niks? - Een scheve neus en twee tanden weg.
Gaat het, Chrissy? - Ik heb niks?
Laat mij maar.
We kunnen niet met z'n drieรซn op de mijne.
Op safari, dames.
Lukt het?
Beter dan de sportschool.
Op slot. - Probeer het nog eens.
Duw eens flink.
Wat hebben we hier?
Ze verwachten hier niet meteen een stormloop.
Waar is de uitbater?
Had u gereserveerd? - Inderdaad.
Ik ben prinses Marguerite. Permanent gereserveerd.
En uw gemaal? - Die zorgt voor de bagage.
Ik blijf een maand.
Dan heb je wel wat nodig in deze contreien.
Wat zal ik Monte Carlo missen.
Er is hier in vijf jaar niemand geweest. - Daarom is er geen piccolo.
Waarom is het hier dan warm?
Er zal hier iemand zijn. Kachels gaan niet vanzelf aan.
Het houdt zo op met sneeuwen en dan gaan we weg.
Laten we het ons gezellig maken.
Waar ga je heen?
Even rondkijken.
Hier zijn we dan met z'n drieรซn. Leuke oudejaarsavond.
Voorlopig gaan we nergens heen.
Ik vertel de meiden dat we hier overnachten.
Mijn zuster Lucinda,
die pist uit het raam.
Zo in m'n grote sombrero.
En in m'n glas water.
En onder m'n bakpoeder.
Ik ben Francisco Bandido.
Ik besteel en beroof ze, verkracht en naai ze.
En dan pis ik uit het raam.
Je bent vreselijk.
Ben je er nog?
Zouden de anderen ons misschoen zoeken?
Welnee, die zijn nu te dronken om ons te zoeken.
Bovendien vind ik zo'n rustige oudejaarsavond best leuk.
Maak je niet druk om hen, Jenny.
Volgens mij is er hier iemand.
In deze kamer? - In dit huis.
Een vampier of zo?
Ik was in een kamer boven. Ik voelde dat er iemand was.
Een van ons misschien.
Het was iemand of iets anders. - Je hebt een enorme fantasie.
Heb ik ook, weet je.
Heb jij ooit iemand een echt geheim van jezelf verteld?
Dat ik herpes heb of zo?
Iets dat je nog nooit aan iemand verteld had.
Iets dat je al jaren verborgen hield.
Jij eerst.
Toen ik zestien was,
had ik de onweerstaanbare drang om het voor geld te doen.
Als een hoer.
Op de middelbare school kregen we die dag een vervangleraar.
Zo'n geleerd type. Een jaar of 40.
Ik liep in de regen naar huis.
Hij kwam langs me met z'n auto en bood me een lift aan.
Ik was doorweekt. M'n hemd zat koud en klam tegen m'n borsten.
M'n hart sloeg op hol. Ik moest daar en toen iemand hebben.
Het was niet m'n eerste keer en ik kende de mannen.
Ik pakte z'n hand en liet 'm langs m'n been glijden.
Hij trok meteen terug. Ik glimlachte naar 'm.
Hij reed van de weg af, een zijstraat in.
Hij begon me te zoenen als een gek.
Ik duwde 'm weg en zei:
Als je het echt wil, kost het je 100 dollar.
Hij was zo geil dat hij me 1000 had kunnen geven.
Hij pakte een envelop met z'n dagloon. 40 dollar.
Hij zei dat hij niet meer bij zich had.
Pakte je het? - Alles.
We deden het op de achterbank. Twee keer.
Waarom vertel ik dat nou? Het was m'n eigen seksuele fantasie.
De laatste druppel.
We hadden wel een fles mee mogen brengen.
Misschien is er een wijnkelder.
Marty, wat is er?
Wat gebeurt er?
Volgens mij is dit een oude dame.
We doen u geen kwaad.
Woont u hier?
Is dit uw huis?
Ze kijkt naar jou, Jenny. Praat met haar.
We zijn hier gestrand. We wilden niet bevriezen.
Kijk uit. Ze bijt. - Welnee. Ze is bang.
Jullie kunnen hier niet blijven. Ga meteen weg.
Ze kan praten.
We kunnen nu niet weg.
Feitelijk zijn wij ijsberen en dol op sneeuw,
maar we wilden hier toch even schuilen.
Er mag hier niemand komen. - Wat doet u hier dan?
Ik stel de vragen, meisje.
We kunnen nergens heen. Ik ga 's nachts niet weg.
Zeker niet als het sneeuwt en vriest.
Jij bent een taaie. - Ik heet Jenny.
Noemen jullie dit koud? Je had in '55 moeten komen.
De brekende takken klonken als geweerschoten.
De whiskey bevroor in de fles.
Woont u hier al lang? - M'n hele leven al.
Werkt u in deze keet?
Huisbewaarster?
Kluisbewaarster? Eerste woord? Klinkt als?
Jullie stadsmensen willen alles maar weten.
Ik was als kind in de stad. Om te stikken.
Overal mensen die nergens heen gingen.
De bergen.
Dat is pas leven.
Woont u hier alleen? - Niemand is hier ooit alleen.
U beantwoordt niet graag vragen, hรจ?
En jij stelt ze nogal graag.
Niemand komt hier meer.
Het hotel is gesloten. - Al vijf jaar.
We willen ons niet bemoeien.
Maar het lijkt zo vreemd dat u hier alleen bent.
Ik ben niet alleen. - Wie is er dan nog meer?
M'n jongen. En de bergen. Die houden me ook gezelschap.
Uw jongen? Waar is hij? - Ergens in de buurt.
Hij gaat nooit ver weg. - Wordt het toch nog gezellig.
Het is hier nog zoals het was. Het beddengoed ligt er nog.
Het is hier veel kouder. - Ik verwarm hier boven niet.
De warmte ontsnapt hier toch. - Waarom is het hotel dicht?
Niet rendabel.
Niet op slot? - Waarvoor?
Er is toch verder niemand.
Dit is jouw kamer. Die van jullie is hier verderop.
Het sanitair is afgesloten. Verderop is een badkamer.
Veel warm water is er niet.
Het is niet meteen het Ritz.
Misschien ligt het bed wel lekker.
Welterusten.
Wil je bij haar slapen?
Ik ben je bezit niet. - Zei ik dat?
Zo klonk het.
Wat heb jij eigenlijk? Je maakt je altijd zo druk.
Sorry, ik weet niet waarom.
Ik heb het recht m'n eigen leven te leiden. Dat spraken we toch af.
En ik dan? - Jij leidt jouw leven.
Maar vergeet niet wie alles betaalt.
Daar heb je niet van terug, hรจ?
Je koopt maar raak. Daar hoor ik je nooit over.
Weet je, Marty, soms ben je een echte zak.
Bedankt.
Ik ga me opfrissen. - Zeg het me dan gewoon.
Met genoegen. Ik ga naar de badkamer en...
Je zegt het me nooit als je bij een ander slaapt.
Je bent geen kerel. - Je bent gek.
Zeg dat nooit meer.
Weet je wat het met jou is?
Je bent bang om gek te worden. Zoals je moeder.
Smeerlap.
Ik ga een bad nemen.
Chrissy?
Je bent laat op, meisje.
Ik dacht dat je nu wel sliep. - Ik hoorde wat.
In z'n oud huis hoor je altijd wel wat. Zeker als het koud is.
Het is een oude dame. Net als ik.
U zei niet wat u hier doet. - Ik zorg voor de boel.
Waar is uw zoon? - In de buurt. Hij moest wat doen.
Hij houdt niet van gezelschap. - U krijgt zeker weinig bezoek?
Morgen vertrekken we meteen.
Jij deugt best. Je bent hard van binnen.
Wat bedoelt u? - Je moet hard zijn voor dit werk.
Je moet steeds paraat staan. Ik word te oud.
Wat is er?
Heb je Chrissy gezien?
Zeker weer aan het verkennen.
Ze houdt nooit op.
Chrissy?
Ben je daar, Chrissy?
Gelukkig nieuwjaar, Marty.
Heb je haar gevonden?
Nee.
Ze duikt wel weer op. Net als altijd.
Het spijt me, Marty.
We hebben zo vaak ruzie.
Dat wil ik niet.
Misschien maak ik een crisis door.
Misschien is het onzekerheid.
Ik ben bang om gek te worden.
Ik wil m'n moeder niet achterna.
Dat is m'n grote angst.
Je valt soms zomaar tegen me uit.
Als ik kwaad ben.
Zeg het niet meer tegen me.
We moeten er allebei wat aan doen. - Wil je doorgaan met me?
Ik weet het niet.
Ik kan hier niet goed nadenken.
Ik weet het niet.
Welterusten.
Arme jongen, je hebt het koud.
Ik zal warme soep voor je maken.
Lekkere warme soep. Dat vond je altijd zo lekker.
Het zit erop, hรจ?
Je hebt het goed gedaan.
Het zal hem bevallen. Hij had ons nodig.
Dat weet je. Hij had ons nodig.
Nee, ik ben niet boos op je.
Marty?
Wat heeft dit te betekenen? Ja, u daar.
Wat is hier aan de hand?
Waar is Chrissy en wie zat er aan m'n sneeuwscooter?
Waar is ze? Haar scooter is weg. Aan de mijne is geknoeid.
Ze is weg. Ik weet niet waarheen.
Er zijn geen sporen van haar scooter.
Ik heb haar niet zien vertrekken. - Wie zat er dan aan mijn scooter?
Ik weet niks van scooters. Ik kan je niet helpen.
Ik ga kijken in die schuur of ik iets kan vinden.
Jij blijft hier babysitten.
Er staat thee op tafel.
Die vriend van je kan zich wel kwaad maken, hรจ?
Zo is hij.
Tijden veranderen.
Vroeger sliepen een man en een vrouw niet bij elkaar.
Voor ze netjes getrouwd waren.
We leven in een andere tijd.
U weet meer van Chrissy. Ik ben er zeker van.
De thee is lekker warm.
Net wat een koud mens nodig heeft.
Weet u wat ik denk?
U werkt hier niet eens. U doet alsof. - Denk maar wat je wil.
Gedane zaken nemen geen keer. - Ik hoorde u met iemand praten.
En we zien nooit iemand. Waar is Chrissy?
Spaar je krachten maar voor als je ze nodig hebt.
Er moet toch iets bruikbaars zijn.
Een bougiesleutel. Wat heb ik eraan?
De vleesetende reus werd meestal onderhouden
door vrouwen op wie een oude macht was overgegaan.
We moeten hier weg.
Jenny.
Jenny.
We moeten hier weg.
Er is een monster daarbinnen. Ik zag 'm in de kelder.
Hij riep me. Het was diezelfde stem. - Wie was dat?
Haar zoon. Hij wilde me doden.
Hij wilde me vermoorden.
Is hij dood? Heb jij dat gedaan?
Daar kom je niet mee weg.
Waar ga je heen?
Wacht.
Wat heb je?
We moeten hier weg.
Marty?
Je hebt die vent vermoord. - Vergeet dat. Het is gebeurd.
Het is tijd, Jenny. Je zult het gauw begrijpen.
Marty?
Rustig maar.
Rustig.
Chrissy is weg. Ik moet haar vinden.
Ze is vast terug naar de hut. Dat zal het zijn.
Als m'n pa me nu eens kon zien. Z'n zoon de advocaat op hol.
M'n vader.
Hij sloeg nooit op hol.
M'n hele leven heb ik hem niet horen schreeuwen.
Eรฉn keer.
Een keertje maar zou ik hem graag echt kwaad willen zien.
Onzeker van zichzelf.
Je hebt die man gedood.
Dat had je niet moeten doen, Jenny.
Ik moet hulp halen.
Ik ga hulp halen.
Jij blijft hier.
Al die jaren gestudeerd uit mooie dure boeken.
En nu...
Kan ik dat stomme ding niet eens repareren.
Chrissy.
Ze zal wel weer terug in de hut zijn.
Ze is vast weer terug. - Luister, alsjeblieft.
Rustig maar.
Het is goed nu.
Het is gek.
Ik kon nooit iemand verdedigen die minder dan 75 ruggen verdiende.
Ik weet niet hoe ik hier ooit moet uit komen.
Ik weet hoe. Er is een geweer.
Een geweer.
Ik zag een jachtgeweer in de kast.
Marty?
Waar ga je heen?
Er is een geweer. In een kast.
Waar ga je heen? Marty, niet doen.
Niet doen.
Is hier iemand?
M'n kindje.
M'n kindje.
M'n kindje.
Zo, meisje.
Daar ben je dan.
Kom niet dichterbij. Het is geladen.
Die heeft het nooit gedaan. - Dat weet je niet zeker.
Je zou me niet doden. Dat zou je niet kunnen.
Dat zou alleen een gek doen. En jij bent niet gek, hรจ?
Wat weet jij daarvan? - Ik weet heel veel.
En jij weet wie ik ben.
Waar heb je het over?
Jij wil niet gek zijn, hรจ? Denk aan mij.
Ik ben een moeder. Gewoon een moeder.
Mijn moeder is dood. - Is dat zo? Nee.
Ik ben je moeder. Kijk dan. Ik ben je moeder.
Kom bij me, Jenny. - Mijn moeder is dood.
Ik ben niet dood. Kom maar bij moeder.
Hier ben ik.
Dat heb je niet nodig voor je moeder.
Alles komt goed.
Leg dat geweer weg.
Kom bij je moeder. Ze doet je geen kwaad.
Alles is in orde. Jenny zorgt nu voor je.
Had maar naar Jenny geluisterd. Was aardiger geweest voor Jenny.
Ik moet nu gaan. Maar wees gerust, ik kom bij je terug.
Het is voorbij, hรจ?
Je deed het prima.
Het komt goed met jou.
Ik zal voor je zorgen, dat weet je.
Je zult het zien, Jenny.
Het wordt weer zoals het altijd geweest is.
Vertaling: Wess Lee
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.