Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
1952, Chinees nieuwjaar in Saigon
Er regeerde een keizer onder het koloniale bewind van Frankrijk.
500 km boven Saigon vocht de keizer samen met de Fransen
tegen een communistisch leger.
Maar oorlog of niet, op het Chinese nieuwjaar vergaf je je vijanden
en vereffende je je schulden bij je god en je schuldeisers.
En je vierde feest in een wereld die twee dagen lang gelukkig leek.
Die kant op.
Kent u hem? Is het een Fransman?
Laat een sectie verrichten. Heb je een vuurtje?
Phuong.
Waar is hij? - Ik moest hier wachten.
Hij zou na je etentje komen. - Hij is niet opgedaagd.
Is hij in de Amerikaanse legatie? - Daar is helemaal niemand.
Hij moet nog zoveel dingen doen.
Jullie gaan binnenkort naar Amerika, hoor ik.
Hij blijft niet lang weg. Wacht binnen.
Ik kan hier ook wachten.
Hij vindt het vast niet erg. - Ik wacht hier wel.
Misschien kijkt hij bij de rivier hoe ze de benodigdheden uitladen.
Misschien. - Ze zijn misschien van hem.
En mogen niet in verkeerde handen vallen.
Wat heb je haar gezegd? - Waar ik ben, mocht hij terugkomen.
Waarom giechelen ze zo? - Ze denken dat ik naar je terugkom.
Monsieur Foulair? - Ik ben Fowler.
Mijn ogen worden oud. Kunt u haar identificeren?
U weet best wie ze is. Ze mocht niet mee binnenkomen.
Ze klagen als ze binnen moeten blijven
en als ze buiten moeten blijven.
Het is bedroevend hoe onpopulair het streven naar gerechtigheid is.
Ik moet u niet komen opbeuren om één uur 's nachts komen.
Hoe lang bent u vanavond bij haar? - Ze wachtte buiten op iemand.
Op wie? - Vraag haar dat maar.
Waar was ze daarvoor?
Ik praat alleen over mezelf. Ik ben geen verklikker.
Om zes uur dronk u wat in Hotel Continental, weten de obers nog.
Om halfacht ging u met een collega van The New York Times,
duidelijk een eerzaam man, naar Hotel Majestic.
Dat weet hij nog. U nam een fietstaxi, weet de bestuurder nog.
En u kwam om twintig over acht in de Vieux Moulin aan.
U ging om kwart voor tien weg en kwam rond tien uur thuis aan.
En u bent nog maar pas buitengekomen.
Het is veel te laat en ik ben veel te moe om te raden. Wat wilt u?
Binnen.
Zet daar maar neer.
Suiker?
U werd ongeduldig toen de ober de rekening niet bracht.
Ik had om tien uur afgesproken. - Met wie?
Dat gaat u niks aan. - De onschendbare pers.
U kunt mijn kaart intrekken en me van conferenties weghouden.
In een oorlog kun je de wetten niet makkelijk handhaven.
Ik verwachtte om tien uur een Amerikaan.
Hij wou me spreken over iets belangrijks.
Weet u waarover? - Alles is belangrijk voor hem.
Maar hij kwam niet opdagen.
En toen u haar voor uw flat zag staan,
wachtte ze toen op dezelfde jonge Amerikaan?
Ze maakte zich zorgen over hem. - Waren ze echt...
Hoe zeg je dat? Geliefden. Gingen ze trouwen?
Ze gaan trouwen, ja.
Maar nog geen maand geleden, vergeef me mijn grofheid,
was de juffer u evenzeer toegewijd. - Dat gaat u niks aan.
Meer dan twee jaar lang, tot voor een maand,
was het alom bekend hoezeer u elkaar toegewijd was.
Wat weet u van die jonge Amerikaan? Dit is een ernstige zaak.
U weet meer dan ik. Nationaliteit: Amerikaan. Leeftijd: jong.
Heel jong.
Zijn beroep weet ik niet precies.
Hij werkt voor een van die honderden groepen
die de hele wereld een helpende hand reiken en hoop brengen.
De naam ontglipt me. - Vrienden van een Vrij Azië.
En daar gelooft hij ook in.
Hij werkt aan vriendschap alsof het recht of geneeskunde is.
Was hij een aardige jongeman? - Hij was niet zo lawaaierig.
Een stille Amerikaan. - Heel stil.
Een heel stille Amerikaan.
Hoe is hij doodgegaan? - Is hij dan dood?
Dat is een domme vraag. U praatte in de verleden tijd over hem.
Hij lag in het water, onder de brug naar Dakow.
Was het een natuurlijke dood? - Heel onnatuurlijk.
Het restaurant is er vlakbij. Ben ik niet weggeglipt om hem te doden?
Nee, zeker niet. - Zij ook niet. Ze wacht nog op hem.
Ik heb u gevraagd om te komen
omdat het minder hard aankomt als u het haar vertelt.
Niet met een politieman erbij. - Heel menselijk van u.
Ik heb zo mijn momenten.
Wilt u hem identificeren? Niet prettig, maar wel noodzakelijk.
Wilt u dat niet aan een ambtenaar vragen?
Of gelooft u toch niet in mijn onschuld?
Het is theatraal, maar ouderwets
om te denken dat de misdadiger zichzelf verraadt.
Het is donker op de trap. Zorg dat u niet uitglijdt.
Ze gaan niet open in mijn bijzijn. - Wat?
Er moet bloed stromen als de schuldige dichtbij komt.
Maar in de Middeleeuwen hadden ze geen diepvries.
Hij is niet aan zijn wonden gestorven. Hij is verdronken.
Er zat modder in zijn longen.
Ze hadden het snel moeten doen. - Ze?
Wie dan ook.
Kunt u ons echt niet helpen?
Mag ik hierbinnen roken? - Wie kan er bezwaar tegen hebben?
Herkent u hem?
Ik kom. Neem me niet kwalijk.
Hij wou goed doen voor mensen, voor landen, voor continenten.
Voor de hele wereld.
Nu was hij in zijn element. Nu kon hij het hele heelal verbeteren.
Wanneer was het ook weer? Een paar maanden geleden.
Een eeuwigheid geleden.
Het was in Hotel Continental, in de friste die neerdaalt na de werkdag.
Phuong dronk haar milkshake weer langzaam uit.
Ik vergeleek de Indochinese oorlog die in de kranten gewonnen werd
met die die de Fransen in het noorden verloren.
We zaten in stilte, blij om samen te zijn.
Joe Morton en ik drinken wat. Komen u en de jongedame erbij?
Dit is Miss Phuong Hei. - Aangenaam.
Wat moet ik met mijn milkshake? - Neem hem mee.
Maar dat hoort niet. - Haar milkshake is een probleem.
Mag ik?
In de melkbar aan de overkant zijn ze veel lekkerder.
Om elf uur 's morgens ga ik daar...
Om elf uur 's morgens ga ik daar een milkshake drinken.
En om zes uur 's avonds komen we hierheen. Hun milkshake is beter.
Bravo. Zo lang heeft ze nog nooit Engels gesproken.
Het is beter dan mijn Frans. - Die milkshake inspireert haar.
Fijn dat jullie iets gemeen hebben.
Kom er maar bij zitten, mensen.
Wat drinken jullie? - Vermout-cassis.
Miss Phuong? U hebt al een drankje bij zich.
Mooi meegenomen, zeg ik altijd. Maar één drankje, jongen.
En wat zegt u altijd? - Zeggen?
Phuong is een mooie naam. Hoe spel je hem?
P-h-u-o-n-g. Het betekent feniks.
Feniks. Die vogel wordt nog mooier als hij uit zijn as herrijst.
Alleen herrijst vandaag de dag niks meer uit zijn as.
Zelfs geen milkshake. - Hopeloos. Is dat een mening?
En? - Niks aan.
Ben je naar het noorden geweest? Waar is Bill Granger?
Die heeft een fietstaxi genomen. Hij komt zo.
Wilt u nog een milkshake? - Graag.
Waarom ben jij niet naar Hanoi gegaan met de correspondenten?
Wil je de geur van de strijd niet zelf opsnuiven zoals de jongens?
Bedankt, maar ik ben allang geen jongetje meer.
En ik vind dat de strijd niet lekker ruikt, maar stinkt.
U hebt nog niet geantwoord. - Waarop?
Niks herrijst meer uit zijn as. Is dat een mening of een feit?
Vraag maar aan de doden. Fransen of communisten, hun as is dezelfde.
En de levenden? - Die willen niet doodgaan.
Maakt het niet uit hoe ze leven? - Bedoelt u
onder Frans kolonialisme of Chinees communisme? Nee.
Ik heb het over leven, niet overleven.
Phuong kent het verschil niet.
Ze kan de communisten herkennen, ja, want die lijken op haar volk.
Maar verwacht van haar niet dat ze hun ideeën kan begrijpen.
Ze vecht om te overleven in een overbevolkte wereld.
Is dat niet eng? Dat 22 miljoen mensen alleen willen overleven.
En dat het niet uitmaakt onder wiens bewind?
Wat niet weet, dat niet deert.
Is er geen derde mogelijkheid? Een Derde Macht?
Een Derde Macht? - Dat de Vietnamezen zelf beslissen.
Voor Amerikanen hebben getallen toverkracht.
Een Derde Macht, vijf vrijheden. Twee voor de prijs van een.
Nog een rondje voor het avondeten? - We moeten naar ons etentje.
Wilt u met mij eten? Het eten in Le Rendez-vous is lekker.
Le Rendez-vous, dat is zo lang geleden.
Herinner je je dat nog? - Ja, hoor.
We willen graag met u dineren.
Graag, maar mijn vrouw wil niks eten wat niet uit Amerika komt.
Vergeef me. Mijn dieet.
We moeten eens gauw op een tarweveld dineren.
Whisky met spuitwater. Wil je echt niet eens uit de bol gaan?
Vruchtensap.
Goeienavond, meneer. Bent u alleen? - Nee, ik ben samen met hen.
U hebt geen vriendin. Mag ik Yvette en Isabel voorstellen?
Heel knappe danseressen. Ze spreken Frans en Engels.
Ik wou alleen eten. - U hebt een partner nodig.
Als je met zijn drieën bent, wordt er altijd iemand genegeerd.
We hebben veel te zeggen. - Mannen kunnen openlijker praten
als de dames met elkaar kunnen praten.
Liever niet, als u het niet erg vindt.
Houdt hij niet van vrouwen?
Wat zegt zij? - Vast nog altijd hetzelfde.
Hou haar erbuiten. - Denkt hij dat we hoertjes zijn?
We houden alleen maar gezelschap.
Luister even. Ik wil gewoon dineren met mijn vrienden.
Red hem hieruit. - Nee, dat hoeft niet.
Wat heb ik ermee te maken? - Zullen we maar weggaan?
Sus de Chinese dame. Ze herhaalt zichzelf.
Ik begrijp haar niet. Ze spreekt Kantonees.
Dit is ernstig. Er woedt een oorlog. De zaken gaan niet goed.
Hier komen geen soldaten. Deze dames zijn niet voor soldaten.
Stilte.
Komt u maar.
Wat was de toverformule? - We betalen eten en wijn voor een.
En zij... Hoe zeg je dat? Zij tweeën zullen erom dobbelen.
Ik wil me verontschuldigen. - Verontschuldigen?
Dat u met die meiden moest praten.
Ik begrijp het niet. Dat zijn mijn vriendinnen.
Toen ik Phuong leerde kennen, werkte ze hier.
Als een van die meiden? - Waarom zegt u dat?
Ze dineren en dansen met je.
Met haar woorden: Ze zijn niet voor soldaten.
Maar dat is toch niet... Welke toekomst hebben zij?
Sommigen smeden na een tijdje een duurzamere band.
En de anderen? - Ze moeten heel jong stoppen.
Dus moeten ze maar het leger in.
Het is een middel om te overleven.
Wilt u haar nu vragen naar het verschil tussen leven en overleven?
Wilt u met me dansen?
Zal ik voor ons drieën, of vieren, bestellen?
Misschien kwam het doordat ik zo snel alleen was.
Ineens zag ik mezelf zoals zij me misschien zagen.
Een man van middelbare leeftijd die meer om het menu dan de muziek gaf.
Hij hield haar niet te dicht tegen zich aan.
Zoals je iemands liefje moet vasthouden, volgens het boekje.
Mr Fowler. Blijf maar zitten. Mag ik gaan zitten?
Je zit al. Ben jij hier dan ook?
Ik eet samen met vrienden. Wie danst er met mijn zus?
Een Amerikaan. - Rijk?
Dat moet je hem vragen. - Hij lijkt me betrouwbaar.
Getrouwd? - Dat moet je hem ook vragen.
Vast niet. Een getrouwde Amerikaan ziet er getrouwd uit.
Miss Hei is de zus van Phuong. - Aangenaam, Miss Hei.
Komt u uit New York? - Nee, uit Texas.
Waarom niet uit New York? - Ik kom toevallig uit Texas.
Ik heb een fotoboek van New York, met de brug van George Washington.
Is uw vader een geslaagd zakenman? - Nee, hij is professor.
Een leraar. Maar is hij belangrijk? - Als je lesgeven belangrijk vindt.
Komt hij? Ik wil hem leren kennen.
Heb jij nog een zus? - Nee, hoezo?
Je verhoort hem als een begerige koppelaarster.
Heb je al een bruidje in gedachten? - Ik heb maar één zus.
Ze moet zekerheid hebben. Ze verdient zekerheid.
Ze is goed en heel toegewijd.
Ik moet terug naar mijn vrienden. Ik wil u graag nog eens ontmoeten.
Als Mr Fowler uit het noorden terugkomt.
Wanneer ga je naar het noorden? - Gauw. Ik moet de oorlog eens zien.
Dan moet u een keer met ons dineren als Mr Fowler weg is. Goeienavond.
Ze praat vloeiend Engels. - Ze kan zich duidelijk maken.
We kunnen onze dans afmaken als u wilt.
Als ik dat wil? - Het eten wordt zo opgediend.
We komen zodra het er is.
Ik had evengoed haar chaperon kunnen zijn.
Het was een rol die ik niet wou spelen. Glimlachen en kijken
alsof ik het fijn vond om ze te zien dansen.
Ik kreeg het benauwd.
Had ik maar nooit over de strijd in het noorden gehoord.
Ik wou dat het maar een gerucht was en dat ik niet hoefde te gaan.
Maar daar zat ik dan, een week na ons etentje in Le Rendez-vous.
Ik vroeg me af hoe lang de zus van Phuong gewacht had om te bellen.
Heeft het geschut u wakker gemaakt? - Ik sliep niet.
Vannacht vallen ze niet aan. De dag breekt bijna aan.
Maar we verbreken hun eenheden. - Mijn neus, ja.
Uw neus, Mr Granger?
Er is zowat één communist per boom. Je mannen zijn makkelijke prooien.
Het zijn Fransen die doodgaan. - Maar ze hoeven niet dood te gaan.
Ik maak me zorgen als mijn vrienden onnodig sterven.
Onnodig? Hoezo?
Jullie vechten met tactieken uit de negentiende eeuw.
Vanuit forten die nog voor Verdun gebouwd zijn.
Ik wist niet dat u een militair analist was.
Onze bevelhebbers vragen u wel om raad bij hun plannen.
Je bevelhebbers mogen geen plannen maken.
Ze worden vanuit Parijs aan jullie doorgegeven. Toch?
Bij dageraad is er een inspectievlucht voor journalisten.
U kunt uw slaap gebruiken. - Ingerukt, dus.
Dat krijg je als je niet drinkt tijdens het werk.
Die nuchterheid staat je. Waar is je trouwe Engelse kinderjuf?
Ik wil een andere. Deze drinkt te veel.
Wakker worden. Tijd om naar bed te gaan.
Stomme yankee. - Zo ken ik je weer. Hupsakee.
Welk boek bent u aan het lezen? - De gedichten van Lamartine.
Ze zijn een troost voor me. Ik kan erin vluchten zoals in whisky of...
De negentiende eeuw.
Een Amerikaan. Hij komt uit Hanoi rijden.
Door die bombardementen? Breng hem.
Wat bekokstoven ze? Waarom sturen ze juist een Amerikaan?
Hallo.
Kent u hem? - Ik denk het wel.
Gelukkig slaap je niet. Die jeep moet morgen terug naar Hanoi.
Wat deed u in Hanoi? - Ik reisde mee met 'n medisch team.
Ik wou zelf een kijkje komen nemen.
Ik kan u geen gids geven. Waarom komt u hierheen gereden?
Ik wou Mr Fowler zien.
U bent langs zoveel communistische patrouilles gereden.
En door ons bombardement. Moet ik dat geloven?
Jazeker. - Waren dat de Fransen?
Er zijn hele stukken weg weggeslagen. Ik moest hem zoeken.
Dat is aardig van u.
Ooit, als er vrede heerst en als er tijd voor is,
wilt u misschien met me over het water lopen, naar Amerika.
Wat als de communisten je gevangen hadden?
Daarom heb ik een jeep met een groot, rood kruis genomen.
Als je met de kolonel over 't water loopt, neem ik je andere hand.
Maar ik ben hier. - Waarom wil je me spreken?
Wat is dat? - Het wordt dageraad.
Dan verdwijnen de communisten en worden vredelievende boeren.
Ik kom niet om over politiek te praten.
Het is ineens zo stil.
Ik denk dat ik verliefd ben op Phuong.
Kom je me dat vertellen? - Ik moest wel.
Kon je niet wachten? - Ik kan haar niet zo lang missen.
Ben je dan bij haar weggebleven? - Ik wou het jou eerst vertellen.
Alles mag in liefde en oorlog. Ze vuren niet op het Rode Kruis.
Wanneer ben je verliefd geworden? - Toen ik die avond met haar danste.
Of eerder, toen ze met die meiden praatte.
Ik wou niet dat zij zo werd.
Heeft haar zus je uitgenodigd? - Ja, maar ik ben niet gegaan.
Het was niet makkelijk. - Maar wel zo eerlijk.
Als jullie getrouwd waren, zou ik niet tussen jullie komen.
Kun je dan tussen ons komen? - Daar moet zij over beslissen.
Heb je een sigaret? - Hou het pakje maar. Ik heb er nog.
Eén maar. Ik vraag geen economische hulp. Dat imponeert me niet.
Ik heb nog een halve slof in Hanoi en jij hier niks.
Ik kan niet met haar trouwen. Mijn vrouw wil niet scheiden.
Ze is lid van de High Church. - Episcopaal. Ik ook.
Dat hebben we alvast gemeen. - Niet met mij, maar met mijn vrouw.
Ik hoor bij geen enkele kerk. Zou je met Phuong trouwen?
Ja, trouwen geeft haar zekerheid. - De woorden van haar zus.
Daarom zijn ze nog niet fout. - Ze denkt dat jij rijk bent.
Ze vergist zich. Ik heb geen rooie duit.
Maar jij hebt de onuitputtelijke rijkdom van achtenswaardigheid.
En van jeugd. Daar benijd ik je om.
Maar ik wil Phuong houden. Ik wil haar houden.
Hoe het ook afloopt, we hebben allebei het beste met haar voor.
Ik ben je kameraadschappelijke praat
over zekerheid in het atoomtijdperk zo beu.
Ik geef niet om haar welzijn. Ik wil haar bij mij.
Ik ben liever bij haar dan om haar welzijn te denken.
Het wordt dageraad. Ik moet eens terug.
Drink een borrel van me. - Daar ben ik aan toe.
Wat drink je? - Twee whisky.
Een Duitser? - Van het vreemdelingenlegioen.
Dit telegram moest ik van Dominguez aan jou geven.
Heb je er al aan gedacht dat Phuong misschien wel bij mij wil blijven?
Wat vreemd dat we elkaar geen geluk kunnen wensen.
Smeer modder op dat kruis. Het is een verleidelijk doelwit.
Bedankt. Tot in Saigon.
Hij wist niet dat hij de overwinning behaald had.
Dat telegram kwam uit Londen en wenste me geluk met mijn promotie.
Het was het einde van mijn relatie met Phuong.
Ik moest terugkomen om redacteur buitenland te worden.
Ik moest leven met Bloomsbury Square, bus 73 en de persclub.
Ze mochten alles houden.
Nog een whisky?
Pas twee weken later kon ik naar Saigon terugkeren.
Het leek hopeloos, zelfs als Phuong nog altijd op me wachtte.
Was dat telegram belangrijk? - Hoe weet jij dat ik dat heb?
Van de jonge Amerikaan.
Ik heb met hem, Phuong en haar zus gegeten in Majestic.
Ze hebben geen lekkere milkshakes. - Ik moet je wel vertellen dat ik...
Hoe zeg je dat? Ik hoor geruchten. - Dat was te verwachten.
Hij importeert zijn bezittingen, boeken voor zijn studie.
Zijn hij en Phuong onafscheidelijk?
Er is onlangs een kist geopend. Per ongeluk.
Wat zat erin? - Amerikaans plastic.
Wat moet hij daarmee?
Wat fijn dat je terug bent.
Praat je nog Frans? - Waarom niet?
Ik was bang dat je me met hoi zou groeten, als je me al zou groeten.
Wat betekent dat, hoi? Hoog?
Hoi zegt iemand die geen hallo kan zeggen.
Ik begrijp je niet als je zo snel praat.
Je zou al vlotter moeten praten. Dat is een nadeel.
Hoe communiceren jullie met elkaar? - Communiceren?
Hoe praat je met die Amerikaan? - Hij praat meestal met mijn zus.
Hij is heel ernstig, heel stil.
Je hoort zijn gevoelens wel als jullie alleen zijn.
We zijn nooit alleen. Nooit. - Nooit?
Alleen als we dansen. Mijn zus zit altijd bij ons aan tafel.
Waar we ook gaan. Soms ook anderen, maar zij is er altijd bij.
Ze zegt dat hij van me houdt.
En wat zeg jij?
Wie kan verliefd zijn tussen al die mensen? Hij heeft een hond.
Hoort erbij. - De hond mag me.
En ik mag die hond ook. - Hij is misschien de Derde Macht.
Wat is dat, Derde Macht? - De beste vriend van de mens.
Zet maar wat thee.
Binnen.
Ik stoor toch niet? - Nee, ga toch zitten.
Net op tijd voor een kopje thee.
Kun je je hond terugroepen?
Britten houden toch van honden? - En Amerikanen van geld. Of niet?
Je bent geen gewone Brit. - Kun je hem niet terugroepen?
Kom, Hertog.
We hebben elkaar veel gezien.
Dat heeft ze verteld, in overbevolkte kamers.
Is daar geen liedje over? Maar de avonden waren niet zo betoverend.
Je maakt het me niet makkelijker. - Een, waarom zou ik? En twee, wat?
Ik ben meteen gekomen. - Wil je iets bespreken?
Dat weet je. - Een gok.
Wil je een plastic model maken van een perfecte democratie?
Hoe weet je daarvan? - Of wil je speelgoed maken?
Bijna juist. Over een paar maanden vieren ze het Chinese nieuwjaar.
Als we ze overhalen om maskers en toeters van plastic maken,
dan kunnen meer mensen ze kopen.
En ik wil ook trouwen. Daarover wou ik praten.
Phuong moet tussen ons kiezen. - Nee, nu nog niet.
Ik maak nu geen kans. Ze moet weten wat ik voel.
Hoe wil je dit aanpakken? Jij als bezoeker mag eerst slaan.
Ik heb wel een enorme handicap. Mijn Frans is vreselijk.
Ik neem les, maar dat helpt niet. - Dat is een nadeel, ja.
Haar Engels is niet zo best. - Beter dan mijn Frans.
Ze begrijpt weinig, want we praten veel te snel.
Maar als je langzaam praat, begrijpt ze het meeste.
En als zij langzaam praat, begrijp ik haar.
Ik wil graag als tolk optreden.
Lachwekkend, maar toch bedankt. - Dat wel, maar graag gedaan.
Hij wil je iets belangrijks vertellen.
Hij zal heel langzaam praten. Luister goed.
Ik heb gezegd dat je haar iets wilt vertellen, heel langzaam,
en dat ze goed moet luisteren.
Phuong, ik ben verliefd op jou.
Begrijp je dat? - Ja.
Het was niet makkelijk om dat te verzwijgen.
Je mocht niet denken dat ik hem bedroog.
En niemand mocht zeggen dat jij hem schandelijk behandelde.
Schandelijk, betekent dat hetzelfde als eervol?
Nee, het betekent juist dat je niet eervol bent.
Ik begrijp het.
Een misverstand. Ze dacht dat schandelijk eervol betekende.
Ik heb het haar uitgelegd.
Je weet weinig over me. We hebben weinig tijd of kansen gehad.
Begrijp je dat?
Ik wil dat jij van mij houdt, want ik wil met je trouwen.
Met me trouwen? - Voor een zekere toekomst.
Wat betekent dat, toekomst?
Ik begrijp het niet. - Wat er op een mooie dag gebeurt.
We zitten vast. Het woord toekomst zegt haar niks in het Frans.
Ook in het Vietnamees niet. De toekomst is een vreemd idee.
Je hebt er niks aan als je van dag tot dag leeft.
Maar ik kan je duidelijk maken dat je een mooie toekomst krijgt.
Daarom vraag ik je, nu hij terug is, of je bij me wilt zijn.
Alleen en zo vaak mogelijk.
Begrijp je wat ik gezegd heb? - Ik begrijp het, denk ik.
Heb je whisky? - Neem maar.
Mijn beurt om te slaan?
Omdat we het eerlijk spelen, zal ik geen Frans praten.
Doe maar.
Ik heb dit allang niet meer gespeeld. Benieuwd wat ik kan.
Wil je me verlaten voor hem?
Hij kan met je trouwen, ik niet. Je weet waarom.
Ga je bij me weg? Nooit?
Ze begrijpt heel goed wat de toekomst is.
Dat kan niemand beloven. Zelfs hij niet.
Huwelijken lopen op de klippen. Vaak veel makkelijker dan relaties.
Ik wil niet weggaan. - Maar?
Pak je je bankboekje niet? - Heb ik niet.
Ze wil zekerheid van jou. Ze wil zich gewild voelen.
Ze is blij. Als ze met jou trouwt, moet je chauffeur haar blij maken.
Wat geef je haar als je weggaat? Of gaat ze met de meubels mee?
Die zijn niet van mij. - En zij ook niet.
Wil je met me trouwen? - Vraag dat zelf maar.
En hou je hond stil. - Kom met me mee.
Zeg dat hij weggaat.
Ik begrijp het ineens niet meer.
Ze pakt het op haar manier aan. Ze maakt het eten klaar. Blijf je?
Ik wou dat je met haar kon trouwen. - Wil je dat, ja?
De meisjes van Le Rendez-vous, ze laten haar heus niet koud. Dag.
Liefste Helen, schreef ik,
ik kom naar huis om redacteur buitenland te worden.
Daar ben ik niet zo blij om.
Engeland is de plaats van mijn mislukking.
Ook al deel ik je geloof niet, ik wou dat ons huwelijk bleef duren.
Schrijf je over de strijd?
Nee, dit gaat over een oude strijd.
Je had me gewaarschuwd dat je nooit van me zou scheiden.
Ik heb niet te klagen, maar toch...
vraag ik het je nu wel.
Al meer dan twee jaar is iemand me heel trouw.
Het is dom van me om je dit te vertellen,
maar geloof me, het is het begin van mijn dood als ik haar verlies.
Klaar? - Klaar.
Ik heb mijn vrouw gevraagd om van me te scheiden.
Maken we een kans? - Een kleine kans.
Hij is jong, die Amerikaan.
Dat is niet belangrijk.
Ik heb tegen je gelogen. De krant stuurt me binnenkort naar huis.
Ik kan meegaan. Ik wil Londen graag zien.
Dat is niet prettig voor je als we niet getrouwd zijn.
Toch ga ik met je mee.
Zijn er wolkenkrabbers in Londen? - Nee, in Amerika.
En het Vrijheidsbeeld? - Dat staat ook in Amerika.
De religie Cao-Dai werd in 1926 uitgevonden door een ambtenaar
en verenigt het boeddhisme, christendom en confucianisme.
Er is een paus en er zijn ook vrouwelijke kardinalen.
Tegen 1951 waren er meer dan twee miljoen gelovigen.
Eenmaal per jaar vieren ze feest bij hun heilige zee in Tanyin.
Dat ligt 80 km ten noordwesten van Saigon.
De opkomst was groot, niet zozeer door de krachtige, jonge religie
als wel door het krachtige, jonge leger van 25.000 man.
Ze kozen geen kant, maar je kon altijd hopen.
Je moest vooral voor zonsondergang in Saigon terug zijn.
De weg door de rijstvelden werd overdag beschermd.
Maar 's nachts hoorden alle wegen de communisten toe.
Er viel al een schaduw op de heilige berg van generaal Thé.
Die bevelhebber van de Caodaïsten was niet langer neutraal.
Niemand zei toen veel over hem.
Iedereen wou er zo snel mogelijk weg.
De uittocht naar Saigon was al begonnen
toen enkelen de pauselijke gezant polsten onder het alziend oog.
Ronselt Thé soldaten om tegen de Fransen en communisten te vechten?
Ze komen wel terug. Wij zijn neutraal.
Als geloofsgemeenschap erkennen wij geen oorlog.
Met 25.000 soldaten?
Heeft Thé u gevraagd om 'n neutrale democratische regering te steunen?
Een Derde Macht?
Liefde is de enige macht die de wereld ooit zal verenigen.
Laat me weten hoe het afloopt. - Zo denkt u over de liefde.
Maar wat denkt u van generaal Thé? - Wij erkennen geen oorlog.
Ik herkende de officier. Hij was een naaste medewerker van Thé
voor die de heuvels in trok.
Ze zwegen toen ik naderde. Ik onderbrak een persoonlijk gesprek.
Hoe gaat het met de generaal? - Welke generaal?
Zijn alle generaals niet verzoend? Zelfs generaal Thé.
Ik kan mijn auto niet meer starten. - De monteur komt zo.
Hopelijk. We moeten naar Saigon terug.
Ik ga even afkoelen in de kathedraal. Tot zo.
Het hele idee van de kathedraal,
zo wou het verhaal, was in een droom tot de stichter gekomen.
Een oosters droomland met draken en slangen. En met open ramen.
En overal keek het alziend oog op je neer.
Geen benzine meer.
De Caodaïsten hebben hem afgetapt toen het alziend oog naar me keek.
Waarom alleen jouw auto? Er waren toch veel andere auto's?
Zit hier een bende spionnen achter?
Het is gewoon te toevallig. Eerst begeeft mijn auto het.
Ik moet wel met jou meerijden. En jij valt juist hier stil.
Als Ava Gardner ons niet opwacht,
hebben de wachters misschien benzine.
We zijn gelukkig op veilige grond. - Dat maakt in het donker niks uit.
Vrienden, we zijn vrienden. We komen naar boven.
Kijkt er iemand?
Hé daar, is er iemand daarboven?
Ik roep als je mag komen.
Niet bang zijn. Ik ben een vriend.
Mijn auto staat daar, zonder benzine. Ik heb benzine nodig.
Geen woord, verdomme.
Geen druppel benzine.
Stop je wapen weg en ga zitten.
Ik heb je auto van de weg geduwd. - Ze schoten mijn hoofd er bijna af.
Kom naar boven.
Nog twee mannen die voor democratie vechten.
Wat moeten die knullen doen als de communisten aanvallen?
Eén schot lossen en in de rijstvelden verdwijnen.
Heel verstandig. - Het wordt een lange nacht.
Er staan zo nog veertig torens tussen ons en Saigon. Mooie kansen.
Konden we maar met ze kaarten.
Vertel ze maar over de democratie. Ze zijn toch al gekluisterd.
Je gelooft er niet in, hè?
Ik geloof dat ik tegen een muur zit en dat hun wapens geladen zijn.
Twee geloofsovertuigingen. Allebei gevangen en allebei bang.
Een sigaret? Of poch ik weer?
Geef ze maar aan hen. We moeten ze te vriend houden.
Dat jij vrienden koopt met economische hulp, zeg.
Ze zijn bang. Ik snap het als ze ons aan de communisten uitleveren.
Ze geloven ook nergens in. Ze willen gewoon genoeg rijst te eten.
Wij blanken moeten ze niet vertellen wat ze willen.
Jij vertelt ze wel wat ze niet willen.
Russen zijn ook blank. Als heel Indochina valt...
Dat liedje ken ik. Dan vallen ook Birma, Malaya en Indonesië.
Maar wat betekent dat, vallen?
Waarom praat ik ook over politiek? Ik ben er niet bij betrokken.
Je bent er diep bij betrokken. - Ik kies geen kant.
Ik blijf verslag uitbrengen. - Niet als zij winnen.
Plotseling is individuele vrijheid belangrijk.
Waarom spraken we er vroeger niet over?
Ze werd toen niet bedreigd. - Nee, maar wie gaf om hun vrijheid?
Kom pas naar het oosten om over vrijheid te schreeuwen
als je er ook iets aan wilt doen.
Op dit moment komt juist de andere kant op voor het individu.
Voor ons zijn het maar eenheden in iemands wereldstrategie.
Dat is deels waar.
En wat wil jij eraan doen? - Ik?
Ik kom uit een land dat nog geen tweehonderd jaar bestaat.
Vijftig jaar geleden werden we niet gezien als wijs en besluitvaardig.
Maar ineens, een korte tijd later,
wacht de wereld boos op ons om alle antwoorden te geven.
De Franse patrouilletank.
Dat van die auto was niet slim. We seinen ze als ze terugkomen.
Als ze al terugkomen.
Intussen moeten we maar proberen te slapen.
Heb je geen slaap? - Ik was aan het denken.
Wat zou Phuong nu doen?
Ze ligt vast op bed en brandt een wierookstokje tegen de muskieten.
En ze prent zich haar plaatjes in.
Ze kent ons koningshuis en ze kan jou in de Grand Canyon rondleiden.
Deed ze dat maar.
Dat klonk als een mijn. - Die tank komt dus niet terug.
We zitten in de nesten. - Wat zegt hij?
Dat ze zich moeten overgeven. Net een grammofoonplaat.
Hoe dichtbij zijn ze? - Ik zie ze niet.
200 m, schat ik.
We moeten ervandoor gaan. - We duiken het rijstveld in.
Ik weet niet hoe diep dat is. - Dat weten we zo.
Mijn voet. Er is iets gebroken toen ik sprong.
Hang nou niet de held uit. - Het lange gras in, zeggen wij.
Ik hoef jouw hulp niet. - Beklaag je maar bij The Times.
Wat vreemd. Die knullen zijn niet gevlucht.
Ik wou ook blijven. Ik sterf liever op het droge.
Hou je mond maar. - Moest jij mijn leven redden?
We zijn geen filmhelden. Je wint het meisje niet eens.
Jammer van je auto. Hopelijk was hij verzekerd.
Dat is attent van je. - Typisch toch.
We willen dat de verzekering opdraait voor onze auto.
Ik wil uit het water en gaan liggen. Dit doet vreselijk pijn.
Zo moet je iemand dragen. Heb ik geleerd bij de padvinders.
Dat was dom van ze. Je had me daar moeten laten liggen.
Mijn goeie daad. Anders mist Phuong je vriendelijkheid en cadeautjes.
Heb je het voor Phuong gedaan? Ook typisch.
Je gelooft dat vrouwen van helden houden. Zonder mij had je haar al.
Niet bewegen. - Ik had je achtergelaten.
Toch niet. Ik kom zo terug.
Wat ga je doen? - Een Franse patrouille zoeken.
Ze schieten je zo neer, als de anderen het niet doen.
Tot zo.
Hij was een held in een avonturenverhaal,
trots op zijn heldhaftigheid
en zich niet bewust van de absurditeit van zijn avontuur.
Maar het absurde en het onwaarschijnlijke
winnen vaker dan we denken.
Een paar weken later mocht ik het ziekenhuis in Saigon verlaten.
Beste Thomas, je brief was geen verrassing voor me.
Je bent niet iemand die lang alleen kan zijn.
Je trekt vrouwen aan zoals je jas stof aantrekt.
Mag je met me trouwen? - Dat zegt ze nog niet.
Zou je echt met haar trouwen? Misschien wel.
Je wordt ook ouder en je wilt niet alleen leven.
Ik ben zelf ook soms eenzaam.
Ook een vrouw kan een ander vinden, maar je gaat te laat bij me weg.
Wat was dat? - De cognac is op.
Het huwelijk stelt alleen uit dat je een vrouw verlaat.
Je gaat dood als je haar verliest. Dat heb je mij ook ooit gezegd.
Ik was vast niet de eerste en zij niet de laatste.
Je hecht zeer aan de waarheid, maar jouw waarheid is zo tijdelijk.
Ik heb je nooit kunnen overtuigen.
Het is makkelijker voor mij om mijn geloof te volgen.
Ik geloof niet in scheiden. En mijn antwoord luidt dan ook nee.
Slecht nieuws? Weigert ze?
Nee, hij is heel hoopvol. Ze neemt een advocaat.
Dan is het een blije brief. Maar je las hem met zo'n lang gezicht.
Het kan wel even duren.
Sluit een compromis. - Ik heb geen geld.
Mijn zus zegt dat je je leven kunt verzekeren.
Je zus is een ware dichteres.
Mag ik twee nieuwe zijden sjaaltjes kopen?
Drie als je wilt. Dat is geen overdreven geschenk.
Binnen.
Hallo, hoe voel je je? - Gaat wel. Ik ga net naar huis.
Daarom kom ik. - Dat was ik vergeten.
Mijn zus heeft hem gevraagd je te komen halen met zijn grote auto.
Je kunt niet in een klein autootje.
Dat had ze niet moeten doen. - Ik vind het niet erg.
Is dit je koffer? - Laat maar.
Jij hebt je krukken al. - Ik wou je een bedankje sturen.
Je hebt me gered van een pijnlijke dood.
Klaar?
Ik heb trouwens leuk nieuws voor je.
Je zei dat we allebei het beste willen voor Phuong.
Mijn vrouw schrijft me dat ze van me wil scheiden.
Ik wens jullie allebei veel geluk. - Dat is heel aardig van je.
Het was een wrede leugen tegen allebei. Maar ik dacht:
Nu gaat ze niet bij me weg voor ik terug moet gaan.
Ben je niet te vroeg? Nieuwjaar is pas over enkele weken.
Als ik wacht, zijn de mooiste bloemen weg.
Welk sjaaltje heb je gehouden? - Het gele.
Waarom heb ik het niet gezien? - Het ligt bij de rest.
Ik wil het zien.
Binnen. - Goeiemorgen. Stoor ik?
Nee, hoor, we bereiden ons al voor op nieuwjaar.
Een heel mooie boom, juffrouw. - Dat is aardig.
Hoe gaat het met je been? - Ik kan bijna zonder mijn stok.
Ga zitten. Wil je koffie? - Liever spuitwater.
Wat kom je me vertellen? - Wat kom jij snel ter zake.
Het is alleen voor jou.
Als het in verkeerde handen valt, kan het smaad worden.
Klinkt belangrijk. - Misschien wel.
Vriendelijk bedankt.
Ik wil je aan mijn vriend, Mr Heng, voorstellen.
Je moet wel vergeten dat je hem ooit gezien hebt.
Ik wil liever dat hij het je vertelt.
Heb je de Amerikaan nog gezien? - Hij heeft me naar huis gebracht.
Is dat twee of drie weken geleden? - Weet ik niet meer.
Waarom niet? Het was een blije dag voor je.
Maar je kent hem goed? - Op sommige vlakken.
Wat hij naast zijn liefdadigheidswerk en studie doet.
Alleen die kletskoek over plastic. - De Derde Macht.
Iedereen heeft erover gehoord. - Hij is erdoor geobsedeerd.
Het bewijst dat hij nog niks bijgeleerd heeft.
En dat hij een leider gevonden heeft voor die Derde Macht.
Maakt het wat uit? - Weet ik niet.
Ga je mee naar mijn vriend? - Als jij dit wilt uitspitten.
Ik ben terug voor de lunch. - Het eten zal klaarstaan.
Je vriend is er blijkbaar niet. - Hij zou naar jou toe komen.
Hoe herken ik hem? - Hij herkent jou wel.
Dominguez heeft me gestuurd. - Ik ken geen Dominguez.
Natuurlijk niet. - Kom maar mee.
Ziet u dit? - Wat is dat?
Diolacton, dat zegt me niks.
Ik had zo twee vaten. Ze werden per ongeluk meegenomen,
met andere rommel uit de garage van Phan-Van-Muoi. Kent u hem?
Dat denk ik niet. - Zijn vrouw is familie van Thé.
Ik begrijp niet...
Weet u wat dit is?
Sanitair voor de badkamer. - Een gietvorm, gemaakt in Amerika.
Diolacton is een Amerikaanse merknaam. Wordt het u duidelijk?
Om eerlijk te zijn, nee.
Die vorm hadden ze niet mogen weggooien.
Ook die twee vaten Diolacton niet.
Muoi kwam naar me toe. Ik kon de vorm natuurlijk niet vinden.
En maar één van de vaten.
Daarna ging hij meteen naar een jonge Amerikaan.
Maakte hij zijn auto? - Nee, heeft hij nooit gedaan.
Het was een vriendenbezoek.
Hebt u een verband gelegd tussen de Amerikaan en Thé?
Veel nieuwswaarde heeft dat niet. - Nu misschien nog niet.
En dan vinden Amerikanen dat opium verslavend is.
Wat vreemd. Mr Fowler,
u bent hier omdat u neutraal bent.
U kunt met iemand meevoelen die ergens sterk in gelooft.
U mag een communist zijn. Ik heb geen overtuiging.
Iemand moet er een oordeel over vellen. Daarom laat ik u dit zien.
Is Diolacton gecondenseerde melk? - Dat is het helemaal niet.
Ziet u dat fijne, witte stof op de bodem? Dat is Amerikaans plastic.
Hij importeert het om speelgoed te maken.
Geen speelgoed.
Onthou wat u gezien hebt. Misschien wilt u er ooit over schrijven,
maar zeg niet dat dat vat hier stond.
Ook de gietvorm niet? - Vooral die niet.
Langs dat pad komt u weer bij uw vriend.
Bent u vanmiddag om halftwee bij het bloemenkraampje op Charner?
Om halftwee?
Uw gewone drankje.
Woont jouw vriend in Saigon? - Hij komt en gaat, geloof ik.
De communisten hebben moordbrigades.
Daar hoort hij toch niet bij? - Vergeef me mijn onwetendheid.
Halftwee, op het heetst van de dag. Ik hoop dat het het waard is.
Hoe gaat het? - Drink je wat? Of drink jij niet?
Ik maak er geen gewoonte van. Ik wil niet zitten.
Ik blijf wel zitten, hoor. - Waarom ben jij bij geen kerk?
Ik heb al gezegd dat ik niet in jullie goden geloof.
In niks. Dat hoeft je niet tegen te houden.
Omdat je er voordeel uit kunt halen? In Amerika moet je...
Je moet ergens terechtkunnen met je schuldgevoel en je zelfhaat.
Heb ik die dan? - Je slaagt erin ze niet te zien.
Waar wil je heen? - Kies een kerk
die je zonden aan wil horen en die jou wil vergeven.
Verdwijn. - Als ik klaar ben.
Je kunt een kerk beliegen net zoals de mensen die je vertrouwen.
Vertrouwde jij me? - Om te beginnen.
Dat is dom als het om een vrouw gaat.
Kon je niet winnen zonder te liegen?
Europese dubbelhartigheid. Hoe ben je erachter gekomen?
Door haar zus. Ze weet dat de krant je terugroept.
Dat moet Phuong dan doorverteld hebben.
En die brief dan? De leugen over je scheiding?
Het is tijd om te lunchen. - Eet een halfrauwe biefstuk.
Een saaie leugen. Vergeef het me, maar hij is afgezaagd.
De leugen van 'n man van middelbare leeftijd die een avontuurtje wil.
Hoe komt haar zus aan die brief? - Phuong wou hem laten vertalen.
Ik had het kunnen raden. Ik heb gelogen omdat ik haar wou houden.
Als troost, tot je weggaat. En wat laat je voor haar achter?
Zeker geen diepvries.
Jouw steken op Amerikanen zijn al steken op Britten geworden.
Misschien wil ze wel een thuis en kinderen.
Slimme Amerikaanse burgers. Klopt dat beeld meer?
Nee, het is vertekend.
Wees me dankbaar. Jij kunt je scrupules ook laten varen.
Maar ik weet niet of je wel zoveel scrupules hebt buiten de romantiek.
Wat plastic betreft. - Plastic?
Het is bijna één uur. - Wat bedoel je?
Als je maar weet wat je doet. Je hebt vast weer goeie motieven.
Als je eens slechte motieven had, zou je de mensen beter begrijpen.
Voor mensen die er zo vertrouwd mee zijn als jij,
zouden ze het gebruik moeten reglementeren
van woorden als mensen en begrip. Want jij maakt er wapens van.
Operatie Fiets. - Het lijkt wel een politieballet.
Het is nog geen halftwee.
Mijn horloge loopt achter.
Wat gebeurt er nu? - Dat is voorlopig alles.
Waarover gaat dit? - Ik zal u iets laten zien.
Kijk goed.
Naar de fietspomp.
Doet hij je nergens aan denken?
De gietvorm had de vorm van een fietspomp.
Leuk om te weten.
Drink wat met me. Ik wil er meer over weten.
Ik ben bevooroordeeld.
De garage van Muoi is daar, maar hij is nu ergens anders.
De dagen daarna bemerkte ik ze nu en dan, samen.
In de bioscoop. En in de botanische tuin, met zijn hond, natuurlijk.
En toen ze langs het hotel reden, lachend omdat ze samen jong waren.
Ik wou ze nog niet tegenkomen
en ging daarom naar eethuisjes zoals Le Pavillon.
Naar dat koffiehuis boven de straat kwamen niet-Aziatische vrouwen.
Het was er chic en schoon.
Daar zouden Phuong en de Amerikaan niet komen.
Het was trouwens elf uur. Ik wist precies waar Phuong was.
Ze zou een milkshake drinken aan de overkant van het hotel.
Wat was dat? - Een bom, meneer. Een ramp.
Dicht bij Hotel Continental. - Continental?
Engelse pers. - Je komt er niet door.
Zorg dat ze me doorlaten. Mijn vriendin zit in de melkbar.
Iedereen heeft vrienden.
Phuong is in de melkbar. - Niet waar.
Ze gaat er altijd heen. - Nu niet.
Hoezo niet? - Ik heb het haar afgeraden.
Hoezo? - Ze moest er wegblijven.
De Franse militaire parade werd afgelast
omdat ze zouden toeslaan, zoals met die fietsbommen.
Jouw fietsbommen, ja. - Mijn bommen?
Kijk eens wat een vat gevuld met Diolacton aanricht.
Diolacton? - Nee, kijk.
En waarom juist nu? Overal lopen vrouwen en kinderen.
Waar heb je het over? - Thé gelast een aanslag niet af.
Nee, hoor, dit is voorpaginanieuws, het bloed van vrouwen en kinderen.
Je bent gek geworden. - Je geeft belang aan je generaal.
Dat bloed, dat is jouw Derde Macht. En die slachtoffers, je democratie.
Zwijg toch. Voor één keer in je leven, zwijg en help iemand.
Vertel Phuong maar over de heldhaftige doden.
Weer minder mensen om zich zorgen over te maken.
Iemand wil je spreken. - Wie? Je vriend?
Ik kan je naar hem toe brengen.
Ik was bij dat bloedbad. - Ik weet het.
Ik heb u hierheen laten brengen omdat ze mij hier nooit zoeken.
In een vreemde tempel. - Even vreemd als een kathedraal.
De politie zal heel actief zijn. - Maar de Amerikaan zat hierachter.
Generaal Thé is geen beheerste man. - En plastic is niet voor jongetjes.
We moeten hem tegenhouden. - U moet kalm blijven.
Hoeveel kinderen kun je doden met een vat Diolacton?
U wilt hem tegenhouden, maar wilt u ons ook helpen?
Er sterven mensen door zijn fouten.
In die wachttoren hadden uw mannetjes hem kunnen pakken.
Het zou veel levens gered hebben.
We staan al te lang stil.
Hij moet beteugeld worden. Nodig hem uit in de Vieux Moulin.
Tussen halfnegen en halftien. Dan praten we met hem.
Hij wil of kan misschien niet.
Nodig hem voor zes uur in uw flat uit. Hij komt wel.
Als hij meegaat, gaat u met een boek voor het raam staan.
Waarom in die eettent?
Dicht bij de brug naar Dakow kunnen we ongestoord praten.
Wat gaat u doen?
Ik beloof dat we hem zo zacht mogelijk behandelen.
Wilt u ons helpen, Mr Fowler? - Ik weet het niet.
Vroeg of laat moet je nou eenmaal een kant kiezen. Of niet soms?
Ga met een boek voor het raam staan.
De instructies van Heng klonken ineens zo melodramatisch.
Er moest toch een passende passage zijn?
Binnen.
Ik heb je briefje gevonden. - Je bent vergevensgezind.
Drankje? - Ik blijf maar even.
Je hebt een drukke dag. - Waarover wou je me spreken?
We kunnen samen uiteten gaan. - Waarom?
Om te praten. - Goed, dat moeten we doen.
In de Vieux Moulin, tussen negen en halftien?
We moeten elkaar nog eens proberen te begrijpen.
Onder het eten. Wat heb je van generaal Thé gehoord?
Ik heb hem niet gezien.
Wou hij niet zien hoe zijn bom ontplofte?
Waarom zou hij het zijn bom zijn? - Niet dan?
Hij is onvoorspelbaar. Ik denk het niet.
Vertrouw hem maar niet. Democratie, dat komt uit een of ander boek.
Uit dat boek? - Nee, ik zocht een mooie passage.
Generaal Thé is een bandiet, niet de leider van jouw Derde Macht.
Mijn? Wie zegt dat hij de leider is?
Je land mag mannen als Thé niet vertrouwen. Help hem niet meer.
Hem helpen? Mijn land? Je kraamt wartaal uit.
Juist, jij bent een student, een burger
die het oosten komt redden met DDT, poedermelk en de brandweergreep.
Geeft generaal Thé les in zelfbestuur of alleen in plastic?
Weer over plastic? We moeten veel uitpraten.
Nee, we kunnen het etentje beter uitstellen.
Later komt het niet uit. - Praat dan nu.
We kunnen ergens anders gaan eten. - Ik kom wel naar het restaurant.
Kom, Hertog. Ik kreeg mijn auto vanmiddag weer niet aan de praat.
Draag je een wapen, na die avond op de weg?
Wat een vraag. Waarom zou ik?
Ik wou wachten, maar je hebt wel een vreemd beeld van me.
Ik heb inderdaad contact gehad met generaal Thé. Eén sigaret?
Voor één keer denken we hetzelfde.
Na mijn afstuderen ben ik aan Princeton gaan studeren.
Die graden weggeeft in vakken als PR en toneelkunst?
Einstein waardeerde het wel.
Ik ontmoette een Vietnamese balling in New Jersey.
Wie? - Dat weet jij net zo goed als ik.
Want als Vietnam een republiek wordt, wordt deze man de leider.
Heeft hij je naar generaal Thé gestuurd?
Welke weldenkende man zou mij op die missie sturen?
Wie heeft je dan gestuurd? - Ikzelf.
Waarom dan? - Ik geloof sterk in de Derde Macht.
Ik wou weten wie hij trouw was als hij naar Vietnam terugkeerde.
En ben je dat te weten gekomen? - Jammer dat je er niet bij bent.
Moet ik dat geloven?
Nee, jij gelooft wat je emotioneel moet geloven.
Wat geeft jouw overheid het recht om zich met anderen te bemoeien?
Ik zeg toch dat die erbuiten staat. Het was mijn eigen idee.
Waarom houden ze je dan niet tegen? - Dat hebben ze gedaan.
Ik moet opschieten, want ik moet terug naar huis.
Phuong gaat mee. We gaan thuis trouwen.
Toen sprak hij voor het eerst over Phuong.
Hij zou Phuong meenemen.
En mij alleen achterlaten.
We kunnen haar zus laten overkomen.
Moeder vraagt zich vast af waar ze iedereen te slapen moet leggen.
Zoek je die passage nog altijd?
Ik weet het weer.
Hoewel mijn vermoeden misschien vals is,
want ik beken dat het mijn gebrek is.
Uit Othello. Ga maar door.
Uit jaloersheid bespeur ik vaak gebreken die er niet zijn.
Zo eentje komt er nooit meer.
Hij dacht zoals niemand ooit gedacht had.
En hij ratelde af wat hij over het Elizabethaanse toneel geleerd had.
Ik werd er moe van. Ik wou dat hij snel wegging en doodging.
Dan konden Phuong, ik en de wereld weer zijn zoals voor zijn komst.
Als je een uniek idee in een uniek woord kunt vatten, ben je geniaal.
Misschien wel.
Jij kunt ook met woorden toveren.
Je hangt ervan af. Als je iets goed verwoordt, lijkt het waar.
Bewaren we de waarheid voor later?
Kom, Hertog.
Waar ben je zo bang voor?
Je bent net een jongetje dat vuile woorden zegt
omdat niemand mag denken dat hij ze niet begrijpt.
Je hoort dit niet graag, maar je bent een heel onschuldig man.
Tot bij het eten.
Het kan ook een andere keer.
Kom niet als je langer hoeft te werken.
Ik haal het wel. - Wip anders later even binnen.
Ik kom om tien uur terug en wacht op jou.
Het kon geen kwaad om hem die kans te geven, maar waar hoopte ik op?
Hoopte juist ik op een wonder?
Een gedachtewisseling die niet simpelweg tot de dood leidde?
Maar ik besliste er niet meer over.
Ik liet het over aan die iemand in wie ik niet geloofde.
U kunt op veel manieren ingrijpen.
Een telegram. Zijn hond kan ziek worden.
Een ontmoeting met de minister. Zijn werk, wat dat ook moge zijn.
U kunt niet bestaan als U de toekomst niet kunt veranderen.
Het was precies 17.47 uur.
Om zes uur zou ik wat drinken in het Continental.
Dat onthouden de obers.
Doe open. Doe die deur open.
Wat nalatig. Ik wist niet u daar nog zat. Cognacje om op te warmen?
Ik ga naar huis. Zijn we klaar? - Ja, de chauffeur wacht.
Het is niet leuk om je vriend zo voor het laatst te zien.
Dit mag niet echt, maar misschien wilt u dit als aandenken.
Hij zat in zijn lege portefeuille, op de modderige oever.
Het wijst erop dat de moord een overval was.
Aardig van u, maar ik heb andere herinneringen.
Waar is zijn hond trouwens? Zoekt u die?
Hij komt wel naar zijn flat als hij honger heeft.
Als hij nog niet opgegeten is. Onderzoek de aarde aan zijn poten.
Misschien maakt u me onsterfelijk in een detectiveverhaal.
Inspecteur Lecoq, inspecteur Maigret, inspecteur Vigot.
Was zijn hond bij hem toen u hem voor het laatst zag?
Wanneer was dat? - Dat heb ik gezegd.
Hij zou om tien uur naar u toe komen. Wanneer was de laatste keer?
Vanmorgen. Gistermorgen. Na de ontploffing bij het Continental.
Net na de wrede moord op tientallen onschuldigen.
Gistermorgen. - En daarna niet meer?
U moet doodmoe zijn. De chauffeur wacht op u. Welterusten.
Waar ben je geweest? - Zijn flat.
Zijn auto is er, maar hij niet.
Wat wou de politie?
Wat zeiden ze? Waar is hij?
Hij is dood.
Hij is dood.
Hoe is hij doodgegaan? - Iemand heeft hem vermoord.
Wie? - Dat weten ze niet.
Waarom? - Dat weten ze niet.
Waar ga je heen?
Ga niet op straat of de politie pakt je op.
Dan hebben ze ons allebei.
Laat me niet alleen.
U vindt blijkbaar niet veel bezwarende bewijzen.
Niks zo bezwarend als de Amerikaanse frisdrank.
Wilt u er een?
Maar hij had een schitterende smaak in muziek. Debussy, uiteraard.
Gek. Je beeld van Amerika hangt af van de Amerikaan aan wie je denkt.
Waar zijn haar bezittingen? - Van de jongedame? Hier niet.
Dan is ze ze al komen halen.
En haar waardevolle fotoboeken niet?
Nee, het is veel aannemelijker dat die hier nooit geweest zijn.
Zijn huwelijk moest zijn familie uitkomen.
En moest worden goedgekeurd. Een aparte woning tot het einde.
Tot het huwelijk, dus.
Mag ik deze fotoboeken meenemen? - Helaas niet.
Ze waren niet van hem. - En ook niet van u.
Nog één keer. - Maar waarom?
We leren Engels, weet je nog wel? - Nee, Frans.
Jouw beurt komt nog. Wacht even. Kom wat dichterbij.
Eén woord. Zeg eens: pruim. - Pruim.
Heel goed. Dichterbij. Nog een keer.
Pruim.
Heel goed. Nog een keer. - Pruim.
Het is een mooi woord. - Welk woord?
Liefje, niemand in Texas zegt pruim zoals jij dat kunt.
Binnen.
Er zit gewoon geen brandstof in zijn auto. Meer niet.
Goed, bedankt.
Daarom nam hij zijn auto dus niet. Er zat geen tijger in zijn tank.
Zeg maar gewoon benzine. - Ik dacht even Amerikaans.
Ze vonden het noodzakelijk dat hij ging lopen of een fietstaxi nam.
Zo konden ze hem makkelijker doden.
Ze zijn dol op die oude truc. - Ze?
Wie dan ook.
Ik herinner me nog een andere keer dat zijn auto het begeven had.
Nog geen twee maanden geleden.
Hebt u... Laat maar zitten.
Ik herinner me dat u hem een lift aangeboden hebt
in een auto die gehuurd was door uw assistent, Perez.
Dominguez. - Juist.
Vreemd genoeg viel die auto ook zonder benzine.
En u werd aangevallen door de communisten.
Toen heeft die Amerikaan u gered. - Niet op mijn verzoek.
Het was dwaas van hem.
Deprimerend dat de mens instinctief dwaze dingen doet.
En ergere dingen.
U moet de moord op een vriend die u gered heeft, diep betreuren.
Zelfs al stribbelde u tegen.
Maar kunt u me nu helpen, nu u er een nachtje over geslapen hebt?
Ik heb niet nagedacht. Ik was zo moe dat ik vast geslapen heb.
Hoe denkt u erover, een man wiens slaap niet verstoord werd?
Het waren de communisten. Ze hebben ook gemoord in Saigon.
Best mogelijk, maar waarom? - Omdat hij bevriend was met Thé.
Of het waren de Fransen. - Die kans is klein.
Thé vecht ook tegen de Fransen. Of het waren de Caodaïsten. Uit wraak.
Of het was generaal Thé, omdat hij de Caodaïsten kende.
Of iemand die op zijn geld uit was. - Maar zelfmoord sluiten we uit.
U bedenkt toch geen nieuw, elektronisch kruisverhoor?
Nee, ik moet ineens aan de hond van de Amerikaan denken.
Hebt u hem? - Hij was niet zoek.
Maar u zei... - We zochten hem niet.
Wanneer hebt u hem gevonden? - Gisteren, bij het lijk.
Hij wou hem niet achterlaten en is dan ook maar afgemaakt.
Wat erg.
Waarom hebt u tegen me gelogen?
De Amerikaan heeft u bezocht, niet lang voor zijn dood.
Hoe komt u daarbij?
Onder aan de trap van uw flat werken ze aan de vloer.
Ze hebben er gisteren om halfvijf beton in gegoten.
Daarna zijn ze weggegaan.
Er zijn wel meer betonnen vloeren.
Met afdrukken van de poten van dat arme, dode dier?
Ik heb u niks te vertellen. Helemaal niks.
Later misschien, als u er niet meer zo bij betrokken bent.
U denkt wel dat ik hem vermoord heb.
Waarom doet het er dan toe of ik hem gezien heb voor ik...
Voor hij stierf.
Het kantoor van Joe Morton.
Miss Hei, niet ophangen.
Ik bel al twintig minuten naar uw flat. Mag Phuong niet opnemen?
Lieg niet. Ze moet daar zijn.
Waar is ze dan?
Ik weet dat je moet werken, maar ik blijf je storen tot ik Phuong heb.
Wilt u niks drinken? - Whisky met spuitwater, graag.
U mag van uw krant hier blijven, hoor ik.
Wanneer hebt u die brief gelezen? - Vanmorgen.
Gelukkig hebt u hem na de moord gekregen en niet ervoor.
Dan had u sterke bewijzen tegen me gehad.
Denkt u dat ik hem dood wou omdat ik Phuong terug wou?
Nu de Amerikaan dood is... Mag ik een beetje meer water?
Is ze teruggekomen?
Of wou ik me wreken om Phuong? - U hebt hem niet vermoord.
Maar we weten allebei wie wel.
U vindt de moordenaar of moordenaars toch nooit.
Hij werd op afstand vermoord. Meer door een idee dan wat anders.
Een idee? - Ze hebben het in hem gepropt.
Met boeken en slogans, in de kerk en op de universiteit.
Is hij voor dat idee vermoord?
Was priester geworden.
Waarom is het zo makkelijk om op te biechten?
Als ik al iets kon opbiechten.
Waarom drinkt u uw drankje niet op?
Dat zou dom kunnen zijn. U hebt geen beroepsgeheim.
Daar gaat het niet om. Een man biecht om andere redenen op.
Om zichzelf te zuiveren? - Niet altijd.
Soms wil hij alleen een duidelijk beeld van zichzelf.
Soms is hij het bedrog moe.
Als ik het bedrog moe ben, moet dat dan mijn bedrog zijn?
Hangt ervan af. Hoezo? - We beginnen met plastic bommen.
De Amerikaan importeerde plastic. - Aan dat bedrog dacht ik.
Ik vind het ook lelijk.
Het maakt veel lawaai, is goedkoop, maar het gaat maar niet stuk.
En het rukt ledematen af. - Die plastic speeltjes?
Vigot, zie de waarheid onder ogen.
Gisteren werden vijftig mensen uiteengerukt
door een bom met Diolacton, wat de Amerikaan naar Thé smokkelt.
Dat is me nogal wat. Diolacton, wat is dat?
Een merknaam van plastic. - Het is een verzonnen naam.
Er bestaat geen product, Amerikaans of niet, dat Diolacton heet.
Wat maakt dat uit?
Niks, als dit een verzonnen verhaal was.
Maar u legt een verband met een ramp.
Hoe komt u aan die naam?
Het stond op een vat in de schroothandel van ene Mr Heng.
Kent u die?
Hij staat aan het hoofd van een communistische moordbrigade.
Hij is opgepakt.
Wat maakt de naam van dat plastic uit? De doden zijn dood.
Allemaal. U vertelt dat de bom van 90 kilo
Amerikaans plastic, zeg maar, als explosief gebruikt is.
Hoe dan? - Ik ben geen expert.
Jammer dat uw Frans niet beter is. - Wat heeft dat ermee te maken?
Weet u wat plastique betekent? - Plastic, natuurlijk.
Het is ook veel dodelijker dan dat. Het is een bekend explosief.
Uitgevonden door de Britten. Je kunt het kneden.
Er zijn grote hoeveelheden van in Indochina sinds 1945.
Het heeft niks te maken met plastic.
Maar ik heb de pers gezien in de garage van Muoi.
Ze hebben u erheen gestuurd. Ze hebben het u makkelijk gemaakt.
Wist u dat Mrs Muoi familie is van generaal Thé?
Weet u waar Mr Muoi is? Ook opgepakt.
Maar de schuldigen voor die massamoord...
Denkt u nu pas aan de schuldigen?
U had de schuld al op iemand geschoven voor de misdaad.
En de straf is al uitgevoerd.
Bij een heel jonge man met, in uw woorden, een idee.
Wie maakte dat idee zo bang dat hij het de moeite vond
om de drager ervan te doden?
Want het was het idee dat moest worden gedood.
De Amerikaan had het alleen in zijn bezit.
Bent u nog niet uitgepraat?
Ga toch gewoon weg en klasseer het bij de onopgeloste zaken.
Mijn zaak is opgelost, maar die van u niet.
Ga toch gewoon weg.
Het is fout te denken dat het communisme hoogbegaafden aantrekt.
Dat klopt alleen als hoogbegaafden ook emotioneel achter zijn.
Vindt u ook niet?
Het gebeurt vaak dat geniale geesten
die vanbinnen gekweld worden door angst en haatgevoelens,
rust vinden door lippendienst. - Ik ben geen communist.
Dat maakt het nog erger.
Ze hadden hem wanneer dan ook kunnen doden.
Maar iemand moest het idee helpen doden.
Iemand die de rechtvaardigheid ervan kon verdedigen.
Ik verdedig niks. - Iemand die er zo bij betrokken is,
dat hij zich onprofessioneel gedraagt en zich laat beetnemen.
Iemand die erbij betrokken is... - U herhaalt zichzelf.
Er komt ooit een eind aan bekentenissen.
Goed, mea culpa. Wat wilt u van mij?
Dat u zichzelf ziet, zonder intellectuele pretentie.
Zou u dit verhaal zomaar geloofd hebben
als u niet bang was om uw liefje te verliezen?
Had u hem ter dood kunnen veroordelen als hij haar niet had?
U breekt niet met tradities. Lang leve Frankrijk en de vrouw.
Onderschat ze geen van beide.
U zoekt het meisje. U kunt haar vinden in Le Rendez-vous,
waar ze met u zal dineren of dansen. Als u wilt betalen.
En dit telegram is voor u. Dominguez had het bij zich.
Laat hem toch vrij. Hij doet niemand kwaad. Hij is onschuldig.
Een heilige, ja.
Had hij die auto toen niet voor u gehuurd?
Heng heeft de ene auto onklaar gemaakt en uw tank leeggemaakt.
Ze wilden de Amerikaan toen doden. - Maar waarom zou Dominguez...
Dominguez merkte als eerste dat u bang was om uw meisje te verliezen.
Dominguez loog tegen u over dat plastic en stuurde u naar Heng.
Hij volgde u op de dag van de aanslag.
U hebt gelijk. Ik ratel maar door.
Lees dat telegram maar. Ik heb het gelezen.
Een vreemde ontknoping. U bevalt ze misschien, maar mij...
Ik hou niet van happy endings zoals in oude Amerikaanse films
of in nieuwe Europese films.
Het moet verpletterend voor u zijn om te weten dat u gebruikt bent.
Dat u zo makkelijk gemanipuleerd kon worden.
Vergeef me dat ik me zo informeel uitdruk,
maar ze hebben u voor aap gezet.
Heb over je brief nagedacht.
Gedraag me irrationeel. Advocaat gevraagd scheiding aan te vragen.
Redenen: verlating. Helen.
Wacht op mij, Vigot.
Brengt u me naar Le Rendez-vous? - Ook dat nog.
Ik heb iets voor je. Een gelukkig nieuwjaar voor ons.
Ik kan geen Engels lezen. - Kijk.
Laat mij het je dan voorlezen. Het is van mijn vrouw.
Ze wil van me scheiden. Ik heb dus toch niet gelogen.
En deze brief is van kantoor. Vanmorgen aangekomen.
Ik mag hier blijven. Begrijp je? We kunnen trouwen en hier blijven.
Dit is alles wat we ooit gewild hebben.
Spreekt er iemand Engels? Vigot legt het je wel uit.
Een inspecteur geloof je toch?
Wat hebben we dan altijd gewild? - Het kan weer zoals vroeger zijn.
Hoe was het vroeger dan? - Niet waar die lui bij zijn.
Dat zijn mijn vrienden. - Het wordt anders.
Die man heeft me iets gegeven. - Diepvrieseten?
Van zichzelf. De man die van me hield, is dood.
Stuur me niet weg.
Heb jij ooit van me gehouden? Of ooit gelogen dat je van me hield?
Hij wou met me trouwen omdat hij van me hield.
Niet om te winnen. - En wat wil jij winnen?
Een maaltijd, een fles champagne? Hou je erbuiten.
Wat moet er hier van jou worden?
Maak jij je druk om de toekomst? Je dacht alleen aan je pijp.
Nu maak ik me wel druk. - Nu is het te laat.
Dit gaat me niks aan. - Juist.
En ik wil niet medeschuldig zijn. - Ben je niet. Ik spreek je vrij.
Dat gaat niet. Ik maak het je duidelijk in krantenstijl.
Het Chinese nieuwjaar werd gisteren even verstoord
door een blanke in sjofele kleren,
die ongeschoren, ongewassen en ongewild opdook.
En die een jong Vietnamees meisje lastigviel.
Was er maar iemand bij wie ik me kon verontschuldigen.
Ik rij langs de kathedraal.
Het volk van de republiek Vietnam en zijn verkozen president
willen wij onze dank betuigen voor hun vriendelijke hulp.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.