All language subtitles for Professor T s03e10 Residentie Zilverspar

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Ik ben je soms niet goed gezien De koude glimlach van je

kind Het maakt u weer pijn Ja, het maakt u weer trover

Het leven gaat zo snel voorbij

Het geldt voor jou maar ook voor mij

Ze schijnt ook voor iedereen, verdient van het leven.

Want het duurt toch maar even.

Drie, twee,

een. Ze schijnt ook voor iedereen, verdient van het

leven.

Want het duurt toch maar even.

Ik wens u nog een fijne middag in Gielgraaf. Tot de grote keer.

Dank u wel.

Dank u wel.

Het was goed, hè? Ja, maar een beetje leuk. Zal ik iets sterkers gaan halen?

Ik wil weg.

Mag ik toch nog een pintje pakken?

Misschien.

Ik wil weg.

Ik ga eens een beetje dansier zijn.

Oei, is ze al weg?

Ja.

Maar iedereen zegt merci.

Het was echt mooi.

Is dat een akkoord?

Allee, vriendje, toch niet met Kathleen.

Dat is toch niks voor mij.

Zeker niet.

Als ik de beste vrouw van de wereld heb.

Affairwonden? – Ja.

Maar veel heeft het niet geholpen.

Doe eens open.

Ik sta al minstens twintig met steken.

Onze bompa was nog in topconditie voor iemand van tachtig.

Jezus.

Sven. – Janneke.

Merel De Klein, 36 jaar.

Ik hoor dat je een dader hebt.

Die mulle.

Tachtigjaars en niet echt gelijk dat hij zou moeten zijn.

Deze is zijn kamer.

Heb je hem al veroverd?

Nee, ze hebben hem moeten plat spuiten. Hij was helemaal aan het flippen. Een

stukje? Nee, dank u. Haar vader heeft daar gevonden. Die heeft hier ook een

kamer. Hij is in shock.

Kom, wij gaan eerst met die directrice gaan babbelen.

Ja, Johnny.

Svenneke.

Allee, hop, hop, lopen.

Allee, ze wacht niet zo.

Goeiendag, meneer. Ik ben op zoek naar het secretariaat Letten en Wijsbegeerte.

Dat is hier, ja. Ah, oké. Ik ben Christina Flamand en ik heb hier ooit

gestudeerd. Ah, oké. Welke lichting? Dat is heel lang gelezen, meneer.

Maar kijk, ik ben een reunie aan het organiseren voor mijn jaar.

We hadden ook graag een paar proffen uitgenodigd, deze vier.

Maar ik weet niet meer alle namen en adressen. Dat weet ik al helemaal niet

eens. Ja, dat is duidelijk van voor mijn tijd.

Maar ik kan natuurlijk wel even... Ja, ik ga het even navragen.

Komt in orde, oké? Ik ben direct terug. Dank je.

Ik kan nog altijd niet geloven.

Heb je een idee van wat er gebeurd is?

Of van mevrouw De Kleine op de kamer van meneer Mulleteed?

Ze moet zich van kamer vergist hebben.

Haar vader Lucien zat vroeger op die kamer.

En die is nu verhuisd? Hij heeft nu een duokamer met zijn vriendin Josphine. En

Eddy zit dan in zijn oude kamer. Eddy?

Meneer Mulle, ga zitten.

Hoe lang al?

Een paar dagen.

Kun je ons iets meer vertellen over meneer Mulle?

Meneer Mulle had veel blackouts.

Angst aanvallen ook.

Schizofreen. Maar hij moest niet naar een instelling.

Er waren wel wat incidenten geweest, maar nooit niks ernstigs.

En daarbij een oude plant verpotten in de zomer.

Maar hij is wel verhuisd? Binnen de afdeling. Dat is niet zo ingrijpend.

Hoe zou Eddie Mulle aan de mes gekomen zijn?

Ik weet het niet.

Uit de keuken?

Irene, Irene. – Sorry.

Nancy, Nancy.

Ja.

Conny, Conny.

Weet jij soms waar mevrouw Sneijers... Sorry, Dicka. – Ja, laat maar zitten.

Jij bent uw leven nog niet moe, natuurlijk.

Wat kan ze dat nu gestoken hebben?

Jasper.

Ik zoek hiernaar een document en dat zit in mijn map, denk ik.

Maar ik kan het nergens vinden. Ik vind nergens iets onder Walter of de Papen of

de Decaan.

Daar.

Waar? – Daar.

Verdwaalde Caribou.

Pardon? – Mevrouw Snijers noemt je zo.

Ah. – Inderdaad. Dat is het eerste dat ik daarvan hoor. – Dat is ook logisch.

En wie is dan Dwaze Wombat en Droge Bever, Gulzige Gnu, Duffe

Hamster, Jolige Sprot?

Misschien is het toch maar beter dat u wacht tot mevrouw Snijers terug is.

Ze moest dringendweg iets met haar vader, geloof ik.

Verdwaald, ik ga niet boeien.

Conny, verdwaald.

En wie is daarvoor verantwoordelijk?

Dat is Julie.

Julie Everhart, hoofdlogistiek. Ik wist dat er ooit zoiets zou gebeuren. Zij

verwittigt de familie altijd als er iemand van de Kamer verandert. En was

het dan niet gebeurd?

Ik weet dat niet.

Ik zou dat moeten checken.

Die mule hoort hier toch niet thuis? Dat is toch een probleem te vragen.

We waren op zoek naar een oplossing, maar dat is allemaal... Maar daar zijn

we nog niks mee, juffrouw. Zeg, is alles hier oké? Is met de rest alles oké? Dat

weten we niet.

Wanneer mogen wij naar binnen? De politie heeft gevraagd om voorlopig geen

bezoekers naar binnen te laten. En waar is de politie nu?

Bij mevrouw Oversteens.

Maar, mevrouw... Zouden wij die mevrouw Everart eens kunnen spreken?

Mevrouw de directmisser, de mensen daarbuiten zijn ongerust.

Ik excuseer mevrouw. En zolang u hier zit en niks doet, gaat dat alleen maar

erger worden.

Mevrouw Snijers.

Hoofdinspecteur.

Jullie kennen elkaar?

Kennen is veelgezegd, maar... Mevrouw Sneijers, uw vader is oké.

Alle bewoners zijn trouwens veilig.

Hetzelfde. Nee, John, laat maar.

Ik zal de mensen wel op de hoogte stellen.

Doe jij maar verder.

Julie, voor iedereen een koffie en een koekje.

Mag ik even jullie aandacht? Wij gaan allemaal in alle stilte naar de

feestzaal terug.

Ja, halfma, kom.

Mevrouw Everaert, zouden wij je straks een paar vragen mogen stellen?

Ja, ja. Drink.

Wat ik nog vergeten ben te zeggen...

Professor Van der Weijden... Drogenbever.

Ja, droge peper, ja.

Hij is minstens twee maanden buiten strijd.

Dus de faculteitsraad heeft besloten hem definitief te vervangen.

Oké.

Decaan. – Ja.

Ik heb een lang gesprek gehad met dokter Gijzelbrecht.

Zij vindt het een goed idee als ik mezelf een beetje beter leer kennen.

Denk je?

Ik zou serieus kunnen verschieten.

Dus.

Wie was mijn vader?

Uw vader? Ja. Ik was nog te jong, maar jij hebt hem goed gekend.

Ja.

Redelijk, ja. Wie was hij?

Gewoon. Een mens met een handleiding, zoals jij.

En dat zal?

Alleen met een veel dunner boekje.

Wat wil je dat ik zeg? De waarheid. Jasper, uw vader was labiel.

Die mens dronk.

Dat weet je toch?

De waarheid.

De waarheid, Jasper, is dat je vader zeer labiel was en dat hij te veel

dronk.

Ja. Voilà. Dat is de waarheid. Daar ga je niet veel aan hebben.

Maar wat heb je daaraan?

Wat heb ik daaraan?

Je doet ermee wat je wilt, maar ik zou doorvragen.

Misschien heb je gelijk.

Daar zijn we weer half en af.

Ja,

de donderdag heb ik mijn vrije dag en de

vrijdag was een feestdag, dus ja.

Dus mevrouw De Kleine wist niet dat haar vader verhuisd was?

Ja, nee.

Dus die stapt gewoon de kamer binnen van een paranoïde schizofreen?

Sorry, ik wou dat vandaag echt allemaal... Het is in orde, jullie.

Niemand beschuldigt u van iets.

Het is gewoon een vreselijke samenloop van omstandigheden.

Heeft iemand van jullie mevrouw de Klein zien binnenkomen?

Maar nee, ik was op dat feest. Ik was daar ook, heb haar niet gezien. Maar ik

ook niet, nee.

Het is om te zeggen dat alles in orde is.

Er is weinig dat niet kan worden opgelost met een koffie en een koekje.

Maar ja, de wetsdokter wil jullie nog iets laten zien.

Oké, we zijn hier toch klaar.

Die doen dat niet slecht, maar als het echt ingewikkeld wordt, dan hebben ze

het toch heel opnodig.

Die man rechts van uw vader is professor De Smet.

Vorig jaar overleden, hartstilstand.

Daarnaast professor Taals.

Ook overleden, al lang geleden, was een ski-accident in het Eusalp. En daar is

professor Van Gooitzenhoven.

Die is overleden in 2006, leverscidose.

Dus al de mensen op deze foto zijn overleden? Ja.

Dat is vreemd. Kijk, ik heb ook wat rondvraag gedaan.

Kom in orde, oké? Ik ben direct terug. Dank je.

Dat personeelsarchief hier op de Univ, dat is niet voor het publiek

toegankelijk, maar in de praktijk gaan iedereen naar binnen en buiten.

Dus raar is het niet, hè, dat er delen van het dossier van uw vader ontbreken.

De vraag blijft alleen waarom.

Waarom doet iemand opzetlijk delen van het dossier van uw vader verdwijnen?

De vraag stellen is de vraag beantwoorden.

Sorry.

Ik moet dringend vertrekken.

En onze behandeling straks?

En? Kwetsuren aan haar handen waren niet alleen afweerwonden.

Kom eens.

Ze heeft haar nagels letterlijk kapotgekrapt.

Oké.

Oké.

Je gaat de verkeerde kamer binnen.

Je zegt sorry.

En je gaat terug naar buiten.

En iemand had die deur tegen.

Of doe ze op slot.

Dus je wilt zeggen... Dat iemand Eddie Mullen heeft gebruikt als moordwaap.

Ja, dat is toch niet zo onlogisch?

De dader weet dat Mullen een gevaarlijke schizofreen is.

Eddie Dines brengt op iedereen dat hier binnenkomt.

Misschien heeft hij dat meester gewoon op voorhand gegeven.

Ik moet er maar op komen.

Wie heeft de sleutel van die kamer?

Het personeel heeft toegang tot de lopers.

Maar ja, die hangen ook in de verpleegspost. En die gaan nooit op

slot. Waarom niet? We hebben een open kamerbeleid.

Er hangen hier ook geen camera's.

Dus iedereen kan aan die sleutels. Verplegers, verpleegsters,

keukenpersoneel. Kine, ergo, onderhoud, kuisbloek.

Eh, excuseer.

Dag, schat.

Ça va?

Maar die wilde die Merel de klein dan dood.

Het blijft raar.

Hoe kon een dader weten dat Mulhaar zou vermoorden?

Ja, dat kon hij niet.

Dat was het risico.

Maar als het lukte, was dat wel de perfecte woord.

Zie, dat optreden van... Marino Castella. Ja, daar moeten toch foto's

zijn getrokken of filmpjes zijn gemaakt of iets.

Kijk, zoek jij uit of dat slachtoffer nog familie had. Ik zal de

onderzoeksrechter wel bellen.

Oké.

Mevrouw Sneijker.

Een bejaarde te huis, werkelijk.

Als ik dat had gezegd, was u waarschijnlijk niet gekomen.

En met reden.

Zulke plekken zijn een verzamelplaat voor kwalijke bacteriën. Op het werk.

En woeste virus.

Professor, er is moord gepleegd.

Dat is interessant.

De politie heeft geen gedacht, zoals gewoonlijk.

Nou ja.

U laat dat schrikken door een beetje kriebel in de keel.

Wie is het slachtoffer? De dochter van een van de bewoners.

De dader is zotte Eddy.

Maar ze denken dat er iemand anders achter zit.

Ik heb al een paar vermoedens.

Verdachte nummer één.

Katlijn Oversteins, directrice.

Altijd goedgeziend, altijd vriendelijk tegen iedereen.

Je weet dus niet wat je aan haar hebt.

Julie Everaert, hoofdlogistiek.

Verdachte nummer twee.

Je ziet haar tanden niet als ze lacht. Zo'n mensen zijn niet te vertrouwen.

Tachtig procent van de daders zijn bekenden van het slachtoffer.

En zelfs door hun familie.

Dat brengt ons bij verdachte nummer drie. Die ligt op zijn bed in kamer 206.

Lucia de Klein.

Vader van het slachtoffer. Hij heeft juist een nieuwe vriendin.

Josvin. Ze is bij hem voor het geld.

Dat is interessant.

Ik denk dat het de directrice is.

Op basis van?

Buikgevoel. Buikgevoel is heel belangrijk.

Professor.

Doet u maar alsof ik hier niet ben.

Ik ga ondertussen de sfeer een beetje opsnuiven.

En de bacteriën en de virus.

Ja, ik heb hem gebeld. Iemand moet de zaak hier toch oplossen.

Dag, Walter.

Adelinde.

Hier is hij veel veranderd.

Ik denk die gozer moet ik zo laten.

Ja, dat is waar, ja.

Hoe is het met jou?

Mooi.

Maar ook blij dat je hier bent, ja.

Bloemkool?

Jelena, je weet toch dat Walter geen bloemkool mist?

Hij heeft naar Sos gevraagd.

En wat heb je gezegd?

Wat we afgesproken hadden.

Dat hij het verleden moet laten rusten.

Denk je dat hij dat gaat doen?

Ik weet het niet.

Ik kende hem.

Als hij ergens zijn zin in heeft opgezet.

Hallo. – Meneer Ploma.

Ja? – De rale politie. Mogen wij een paar vragen stellen?

Ik weet het van Fien, de nieuwe vriendin van Lucien.

Ze heeft mij gebeld.

Hoe lang waren jullie al gescheiden?

Voor de wet?

Voor de wet twee jaar, maar we leefden al veel langer apart.

Wat is er misgegaan?

Wat is er misgegaan?

Melo was compleet veranderd.

Die dacht nog maar aan één ding.

Geld, geld, geld, geld.

Weet jij hoe lang die echtscheidingsprocedure geduurd heeft?

Vier jaar.

Gewoon om mij nog meer te kunnen uitpersen.

Sorry, maar heel dat gedoe met die advocaten, dat heeft mij een fortuin

gekost. Hebben jullie de laatste tijd nog contact gehad?

We hebben nog wel eens een paar keer gebeld. Je hebt geen sms ook?

Mijn contact ging de laatste tijd terug iets beter.

Alleen omdat ze zelf problemen kregen met Sarah.

Sarah?

Mijn dochter.

Och, dat kind.

Ze is ook verschrikkelijk afgezien. Eerst heel die echtscheiding, nu dit.

Hoe oud is ze nu?

Sarah?

Veertien jaar.

Ja, sorry.

Ik heb een paar verjaardagen gemist.

Ik heb de tel een beetje kwijtgerokt.

Meneer Floeman, u begrijpt dat wij alle betrokkenen dezelfde vraag moeten

stellen.

Wanneer is dat gebeurd? – Tussen twee en drie in de namiddag.

Dan was Kiek gewoon hier.

Is er iemand die dat kan bevestigen?

Nee.

Raar verhaal, hè.

Heb je die assalto net al kunnen verhoren?

Nee, hij was nog niet wakker.

Ja, zolang je geen motief hebt, is het moeilijk.

Die ene exman heeft een motief.

Hij mocht zijn dochter niet zien. En die vechtscheiding. Het ging de laatste tijd

wel beter. Ja.

Paul, hij heeft het zelf gezegd. Allee, John.

Zeg, en... Schiet me niet dood, hè.

Als het toch gewoon een toeval is.

Ze gaat per ongeluk de kamer van een zot binnen en het is gebeurd.

Ja, dat zou kunnen, maar die deur was op slot. Misschien. Zijn ze daar zeker van?

Anders was die toch gewoon weggegaan? Misschien slok ze gewoon in paniek en

kreeg ze de deur niet open.

Het is toch raar, Saskia? – Ik vind dat ook.

Allee, meen jij dat nu?

Godverdomme, John.

Sorry, ik ben echt naar huis.

– Ja, doe dat.

Wat?

Hij mag toch zijn gedacht zeggen?

Ja, tuurlijk mag hij zijn gedacht zeggen.

Maar waarom nu pas?

Allee, Paul, we zijn daar verdomme al de avond...

De ene keer komt hij af dat dat mens in paniek is geslagen.

Weet je waarom?

Omdat jij erbij zit. Omdat jij zou kunnen horen wat voor een truut ik ben.

Hoeveel keer moet ik nu nog sorry zeggen?

Moet ik eens een cliché bovenhalen?

Geef het tijd.

Absoluut.

Tot morgen.

Ja, ja, ja. Dat was klaar gezet. Nou, dat is ongerust.

John,

kom ik even eens?

Goeiemorgen.

Die mule is dood. Wat?

Hij heeft hem opgehangen in het ziekenhuis.

Echt waar. Ik weet niet waarom wij voor bewaking zorgen.

Shit. Ja, shit ja.

Verdomme, Paul. Ik eis een onderzoek naar die fuckers die dat hebben laten

gebeuren. Als ze al geëist moeten worden, zal ik dat wel doen. Zullen we

dat afspreken? Maar dat was de duider, kroongetuigen, moordwapen, alles

tegelijk. Hadden we jullie niet mogen doodgaan, dan wel, dat was tijd. Maar

hij is toch dood gegaan?

Oké?

Adem eens.

Tel tot tien en doe gewoon verder. Dat is jouw job.

Jij nog iets?

We gaan het dat nog niet opgeven.

Of wel?

Nee.

Nee, natuurlijk niet.

Ik toch niet.

Jij?

Ik zal alles nog eens doornemen.

Misschien heb je iets gemist.

Saskia. – Ja, ik weet het, Paul.

Ik weet het.

Oké.

Als de vogels nestjes bouwen en verliefde mensen trouwen. Als we kijken

naar de sterren in de nacht. Ik ben eens gaan horen bij een paar kennissen in

Zilverspark. Ik ben te weten gekomen dat Merel de Klein, slachtoffer dus, de

financiën beheerde van haar vader, Lucien.

Dat is op zich niet ongebruikelijk. Nee, klopt.

Maar... Merel zag het niet zitten om nog langer 4000 euro per maand te betalen.

En nu stuurde Merel aan op een vertrek naar een goedkope rusthuis. En dat zag

Lucien dan weer niet zitten.

Omwille van zijn grote liefde Josephine.

Voilà, dat geeft Lucien zijn motief.

Alleen, ik vind dat niet zo'n sterk motief.

Mijn vader vermoordt zijn dokter niet omdat ze hem in een ander rusthuis wil

steken. Onze soort is tot veel in staat, mevrouw Sneijers.

Ik blijf gaan voor de directrice.

Weet je, Conny, voor een krat champagne?

Oké, deal.

En wat is haar motief? Ja, zeg, weet ik veel.

Wie is hier eigenlijk de professor?

Een echte champagne, Conny. Niet van die slechte cava zoals vorige keer.

Professor?

Oké.

Ik neem aan dat u het al weet van meneer Mulle?

Ja, dat is echt verschrikkelijk, die mens.

Die filmpjes.

Heeft jullie hier voor mij nog mee geweest?

Ah, kijk.

Dat is wat de bewoners al hebben gemaakt.

Waarom moet u dat eigenlijk nog hebben?

Het zaak is nog opgelost. We hebben nog een paar vragen voor u.

Meneer? Dat is Marie, mijn dochter.

Ze voelde zich niet zo goed vanmorgen, dus ik heb haar maar thuisgehouden van

school.

Zullen wij anders stempen?

Klopt het dat meneer De Kleine hier langer is dan gepland?

Ja, toen Lucien hier kwam, was hij heel ziek.

Prostaatkanker met beperkte metastase.

En de prognose was ook niet goed.

Twee jaar maximum.

Maar toen reageerde hij ineens al positief op een nieuw medicijn.

Een streep door de rekening van de dochter, die op geld belust was.

Ja, ze had wel een beetje moeite met die prijs en...

Misschien dat ze er ook woorden over hebben gehad, maar we hebben voor een

oplossing gezorgd. Een duokamer voor hem en zijn vriend.

Ja, dat blijft nog veel geld. Ja, we hebben ook heel veel kosten.

Een eufemisme voor we maken nog niet genoeg winst.

Wat is hier de bedoeling van? Had Lucien gisteren met zijn dochter afgesproken?

Ik denk het niet. Nee, Lucien was ook op het optreden. We hebben nog samen

gedanst. Oké, we checken dat.

Ja. Adelinde, het is Walter hier.

Kunnen jullie mij eens terugbellen, alsjeblieft?

Dank u wel.

Oké.

Zeven over twee.

Het achtste nummer.

Oversteins.

Lucien. – Josephine. Ze zijn er allemaal.

Vijf voor twee, het vierde nummer.

Ook Lucien.

Hallo, Versteint. – Ze zijn er allemaal.

Heb je nog wat foto's?

Dan was het operee zo goed als voorbij.

Dus geen foto's of filmpjes van Lucien tussen tien na twee en twintig voor

drie? Nee.

– Moment van de moord.

Toevallig. Ze hebben altijd iets meer tijd nodig om tot dezelfde conclusie te

komen als ik.

Ik zal mijn dochter kwijt en ga ik ook maar zeggen dat dat mijn schuld is.

Dus ja, die mensen moeten hun werk doen.

Ik moest ze nog begraven.

Het had anders zo moeten zijn.

Klopt het dat zij vond dat de zilveren spart te duur was?

Ik heb haar gezegd dat ik voor dat geld eerlijk gewerkt heb en dat het maar een

affaire was.

En dat is al?

Inspecteur, ik weet niet wat je gaat vertellen, maar zijn dochter heeft het

heel moeilijk gehad.

Hoe lang heeft die echt schading geduurd? Vier jaar.

Stond in het PV.

Dat getrekken, gesleunen, malkanderd.

Al dat geld voor die avocaten.

Die kleiden daar nog niet.

Meneer, dat is allemaal heel interessant wat u daar komt te vertellen. Maar het

heeft niks met onze zaak te maken.

U kan deze mensen beter zeggen wat u mij daarnet verteld heeft. Professor, ik wil

niemand in de problemen brengen.

Zeker Bruno niet. Dat is de ex-man.

Stond ook in het PV.

Dat weten we.

Wat is er met Bruno, meneer De Klein?

Blijkbaar heeft Bruno, de ex van het slachtoffer, een relatie met

hoofdlogistiek. Hier.

Vinden jullie dat niet toevallig?

Die mag toch een relatie hebben met wie ze wil?

We leven in een vrije wereld, hè?

Wat de waarnemende commissaris met deze grove onwaarde eigenlijk wil zeggen, is

dat Julie geen motief heeft.

Ja, misschien wel.

Vroeman heeft zelf gezegd dat het weer wat beter ging tussen hem en zijn ex.

Dus stel dat het echt beter ging tussen die twee.

Julie komt daarachter, wordt jaloers, Merel moet dood. Oh, hey.

Ja, maar Julie en Eddie, die kennen elkaar.

Julie bewerkt die constant, zegt dat Merel de Kleine iets tegen hem heeft,

dat die hem dood wil.

Die mens is van zijn eigen al zo paranoïd of iets. Dus die denkt, ik moet

mij verdedigen als die binnenkomt. Maar wacht.

Zij haalt dat mes uit de keuken.

Zij legt dat mes in zijn kamer.

Merel komt binnen, Julie doet die deur dicht.

En voilà.

Kom eraan.

Maar heb je het bewijs?

Vingerafdruk, DNA-spoor.

Geen vingerafdruk op de deur of de klink.

Ze kan die hebben afgeveegd.

En professor, wat denk jij?

Ik heb geen idee.

Ah wel?

Maar ik vraag me natuurlijk wel af waarom onze juffrouw logistiek heeft

verzweken dat ze een relatie had met de ex van het slachtoffer.

Ja, ik had dat misschien moeten zeggen, ja.

Maar er wordt nu al zoveel geroddeld op het bureau.

Ja, Bruno en ik dachten dat dat beter was als dat niet geweten was, dat is al.

En hoe was het contact tussen u en Merel de Klein?

Nou, gewoon.

We hadden elkaar niet veel te zeggen.

We hadden geen ambras of zo, hè, maar... Maar het ging de laatste tijd wel beter

tussen Bruno en zijn ex?

Ja.

En? Ik vond dat goed. Ik was content dat ze weer wat overeen kwamen.

Bent u tijdens het optreden van... – Marino Castelo.

Marino Castelo.

Bent u tijdens zijn optreden heel de tijd in de cafetaria gebleven? Ja.

Ik ben niet even weg geweest.

Nee. Om de deur van Eddy Muller op slot te doen.

Bijvoorbeeld.

Wat zeg?

Wat is er met hem? Ik heb me heel de dag gedoe, niks te maken.

Dat gaat niet gebeuren.

Schat, dat gaat niet anders.

Dat ga je toch niet anders?

Sarah, ben je even redelijk?

Ik kan toch moeilijk iedere dag 50 kilometer over en weer rijden?

Waarom niet?

Wie gaat dan anders de winkel doen?

Dat zij dat dan doet.

Zij? Dat ben ik.

Ja, dat ben jij.

Suske, ben je even redelijk? Niks, ik verander niet. Je mag op je kop staan.

Ik verander niet van school.

Al mijn vriendinnen zitten daar.

Omdat het nog niet vol was.

Oh my god, zo debiel.

Sarake, dat is een moeilijke leeftijd. Nee, dat is altijd moeilijk. Julie,

alsjeblieft. Jij ook niet. Sarake, wilde jij je jas eens aan de kapstok hangen,

meisje? Straks. Nee, nu alsjeblieft, Sara.

Nee, nu. Je bent mijn moeder niet, hè.

Verstaan?

Voilà.

Dika.

Juffrouw. Ja?

De kamer van Adelinde van Marke, alsjeblieft.

Van Marke?

Volgt mijn moer.

Ze wordt straks nog geopereerd.

Ze was serieus onderkomt.

Wat is er gebeurd?

Ik weet het niet, Aspers.

Ze is gevallen en ze heeft de hele nacht op de grond gelegen. Vallen waar?

Is dat niet belangrijk? Ik weet dat ook niet.

Sorry.

Mensen herstellen van een neuprothese.

De laatste tijd is ze... Het is alsof ze al haar fit is

kwijtgeraakt.

Dat proces heeft haar een kracht gegeven.

Het is een versterkelijk niveau als de drang om te leven weg is.

Casper.

Mag ik dan op je kop gaan staan? Ik verander niet van school.

Het moet gaan.

Ik zal zeggen dat je geweest bent.

Ah, hoofdinspecteur.

U zou een paar dingen voor mij moeten doen.

Sarah Vroeman.

Ik wil dat u alles over haar onderzoekt. Gsm, tablet, computer, alles.

En laat haar maar naar het bureau komen.

Ik ben Jasper Telink.

Ik ben professor in de psychologische criminologie.

Amai. Ik help de politie. Cool.

Soms.

Menselijke gedragingen zijn vaak de oorzaak van heel wat ellende.

Allee, allemaal.

Doe de wave.

Menselijke gedragingen.

Dat is mijn studiegebied.

Ik heb zelf ook geen makkelijke jeugd gehad.

Doe de point, gast. Echt waar.

Ik was gemiddeld tien keer slimmer dan mijn leeftijdsgenoten.

Dat maakte mij niet bijzonder populair. Sorry.

Geef dat terug.

Geef dat terug, zeg ik nu.

Die man was zomaar.

Doe eens iets.

Geef mijn gsm nu terug.

Ik heb vroeger nooit begrepen waarom sommige mensen andere mensen pesten.

Ondertussen weet ik het natuurlijk wel.

Ondertussen weet ik dat onze lagere soortgenoten de meer succesvolle

exemplaren eruit pikken om hen te vernederen. En dit enkel en alleen om

hun eigen lege en trieste bestaan te camoufleren.

Jij kent Marie Oversteens.

Ja, je kent haar. Je zit samen op dezelfde school. Je zit zelfs in

dezelfde klas. En je stuurt haar zelfs af en toe berichtjes.

Ik val dood, bitch.

Ik maak je kapot, Teef.

Kanker, Teef.

Het was gewoon om te lachen.

Gewoon voor de grap.

Zie je mij lachen?

Het is

natuurlijk vreselijk voor een kind om een moeder te verliezen. Dat is

vreselijk.

Maar ik hoop dat je weet...

Dat je daar zelf de oorzaak van bent, bitch.

Kankertrut. – Nee, dat kan niet. Val dood, Teef. – Je meent dat niet.

Dat kan niet.

Meent je dat?

Ik wist dat Merel de Kleine de moeder was van Sarah.

En ook dat mijn dochter zwaar afzag van dat gepest.

Waarom heb je Merel de Kleine daar niet over aangesproken?

Dat heb ik gedaan.

En toen heeft ze haar polsen overgesneden.

Er is maar één

reden waarom een moeder haar zieke dochter van 14 meeneemt naar haar werk.

En dat is om haar niet uit het oog te verliezen.

Maar vrouw...

Nee, ik wilde haar gewoon een beetje bang maken.

Haar laten voelen. Wat dat doet met een mens.

Anton, dat kan wel wachten tot morgen.

Ga het ook met een dansje placeren.

Ik heb haar gebeld en haar een korting aangeboden op de kamer van haar vader.

Hoe wilde ze direct komen?

U en vader wachten op ons.

En dan mis dan?

Dat weet ik niet.

Echt niet.

Ik had die deur moeten lopen doen.

Ik had die deur moeten open doen.

Connie. Dat gaat je geld kosten.

Morgen.

John.

Saskia.

Kunnen we met de Oude Oorlog... De Oude Oorlog.

Kunnen we daar niet gewoon mee stoppen?

Alsjeblieft.

Oké.

Ik had moeten zeggen dat ik zou meedoen aan dat examen.

Ik heb dat niet gedaan.

Dat was stom.

Je bedoelt sorry?

Eigenlijk. Saskia, ik heb al gezegd dat ik niet zit te wachten op mijn zorgen.

De zaak is opgelost. Je bent teamleider.

Dus je krijgt ernaar een dikke proficiat en een fles goeie kopenkave.

Maar meer moet je van mij niet verwachten.

Oké. Tot morgen. Tot morgen.

Verdomme Saskia.

Het geluid.

Ik ben absoluut een slechte verliezer en ik moet er dringend iets aan doen.

Zelfs mijn dochter zegt dat.

Dat zal wel waar zijn, zeker?

Sorry.

Echt.

Ik ook.

Sorry.

Zeg, John.

Die fles cava.

Dat mag ook een heel, heel, heel, heel dure zijn.

Dus hier zijn we vallen.

Mijn moeder zou nooit naar de zolder gaan moesten niet het belangrijkste

vinden zijn.

Ikzelf ben nog nooit op de zolder geweest.

Jasper, weten we wat we zoeken?

Dat weten we niet.

Dat staat hier vol dozen, Jasper.

– Dat weten we wel.

Oké.

Doos in.

En waar gaat het inzitten?

Laatste doos.

Partituren.

Nog partituren.

Nog partituren.

Nog partituren.

Jasper?

Jasper, uw moeder schreef dagboeken.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.