Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Moord. Dat is twintig jaar, man. Of levenslang, zoals ik.
Professor, je gaat hier wegkwijnen, verkommeren. Het is hier best oké.
Uw advocaat zegt dat ik uw zaken neerleg. Als wij zo naar de tassie gaan,
wordt dat de maximumstraf.
Er zijn erger dingen. Je moet je niet erger laten straffen dan nodig, Jasper.
Het is je manier om te boeten voor wat je gedaan hebt.
Ik verdien het om gestraft te worden.
Inspectie.
Oh, inspectie.
Kom wel.
Ik kom allemaal stikter weg. En dan moeten we nog een keer even naar
stijven.
Dat meen je.
Antwerpen!
fucking kapot!
2,50.
De nemen af te laten.
Chef, chef.
We gaan er niet eens op doen, hè.
Wat is het dan?
Goeiedag. Chef.
Ludo Govaerts, Sipir.
Hij is morgen gevonden door een collega.
Maar hij zou al dood zijn van gisteravond.
Vier dagen?
Vier dagen?
Motief? Hij was niet echt geliefd?
Sipir tussen 250 en 550. Hij was nog zacht uitgedrukt.
252.
Kunnen ze niet moeilijk om mee te pakken.
Oké, ik zal eens met de directrice gaan praten en zien hoe we dat kunnen
oplossen. Maar dat moet ook wel echt gaan.
Hé, dat was vandaag.
Succes de pot. Ja, merci. Ja, succes.
Dus het is vandaag de grote dag?
Zenuwachtig?
Jasper!
Daar ben je nog veel te jong voor.
Ik zou zenuwachtig zijn.
Gelukkig dat ik niet op mijn vader lijk.
Natuurlijk, die vader van die jongen met die overdosis.
Je moet iets zeggen, Jasper.
Spijtig dat uw leven nu geen zin meer heeft.
Je bent ook de enige die dat hardop durft zeggen.
Kom, test uit.
De haat tegen het boze is de pronkmantel waarmee de fariseer zijn persoonlijke
antipatieën camoufleert.
Martin Heidegger.
Friedrich Nietje.
Dat is waar.
Mijn ambt zal dan ook aantonen dat de beschuldigde, Jasper Teerlink, met
voorbedachtheid heeft gehandeld.
Hij is thuis het moordwapen gaan halen, heeft zich vervolgens naar de plaats
Delict begeven, waar hij het slachtoffer Serge Lauwers, hoofdinspecteur bij de
federale politie, in koele bloeden heeft neergeschoten.
Ik dank u, mevrouw de voorzitter.
De verdediging heeft het woord.
Dank u, mevrouw de voorzitter.
Ik vrees toch dat het iets ingewikkelder is dan de zaken zoals...
door het openbaar ministerie worden...
Ik bedoel, ik ben het niet helemaal
eens.
Ik heb het hier ergens neergeschreven.
Wat mijn welbespraakte advocaat u probeert duidelijk te maken, is dat haar
cliënt schuldig blijft. Maar, professor... Ik ben inderdaad het
wapenthuis gaan halen en ik was bij het volle verstand toen ik hoofdinspecteur
Lauwers neerschoot.
Het enige waar ik... Wel echt spijt van heb is dat het zo'n bloederige bedoeling
is. Iemand neerschieten bedoel ik.
En verder hoop ik natuurlijk dat deze slechte toneelvoorstelling zo snel
mogelijk is afgelopen. Zodat we allemaal snel naar huis kunnen.
Stilte alstublieft.
Ik zie wat je aan het doen bent.
Chockeren om zoveel mogelijk antipathie op te wekken.
Goed bezig.
Dank u.
Stilte alstublieft.
Heb je gisteravond iets gezien of gehoord? Wat is er te staan?
Victor. Ja of nee?
Als je het wilt dat ik het zeg, dan zeg ik wat je wilt.
Chef Ludo, dat was een heel sympathieke gast.
Echt waar.
No understand.
You speak English.
No understand English.
Meneer Teurlink, staat u op, alsjeblieft.
Wij hebben u de moord op Serge Lauwers horen bekennen.
Wat mij vooral interesseert, is het waarom.
Dat lijkt me tijdverlies. Het staat allemaal in het dossier.
Ik ga het u toch graag persoonlijk horen vertellen?
Ik ook, eigenlijk.
Meneer Derling.
Christina Flamand, voormalig commissaris van de FGP... had sinds kort een relatie
met Serge Lauwers.
Ik heb haar proberen duidelijk te maken... dat hoofdinspecteur Lauwers
niet te vertrouwen was.
Maar zij heeft die raad naast zich neergelegd. Ja, omdat verliefde vrouwen
nu eenmaal hun gezond verstand verliezen.
Het is een kwestie van hormonen, ik wil u dat wel eens uitleggen, maar daar
hebben we nu de tijd niet voor, denk ik.
Goed. Wat is er op die bewuste dag gebeurd? Mevrouw Flamand had ontdekt dat
ik inderdaad gelijk had en ik wist dat dit haar tot onredelijk gedrag zou
aanzetten. En hoe wist u dat?
Dat is een interessante vraag.
Mevrouw de voorzitter, ik vrees dat wij aan het afdwalen zijn.
Meester, het is niet aan u om daarover te oordelen.
Ik heb er geen probleem mee.
Ik had een lijst van 22 vragen opgesteld om te bepalen of iemand in staat is tot
moord. 29?
Oei, dat is boven de cut-off.
Ik wist het. En mevrouw Flamand haalde een bijzonder hoge score.
Mevrouw de voorzitter, ik wens u bij klienten overleggen.
Meester, dit is zeer ongebruikelijk. Spijt mij, sorry, met alle respect. Echt
waar. Maar u moet mij nog bij hadden een strategie afgesproken.
Correctie. U heeft mij uw strategie opgelegd. Ik denk dat u het niet goed
begrijpt. Onze enige kans is verzachtende omstandigheden pleiten. En
dat gaat niet lukken als jij u niet aan de afspraken houdt. Uw afspraken.
Iedereen lacht me uit achter mijn rug.
Ze zeggen dat dit de meest...
hopeloze zaak uit de Belgische rechtspraak is.
Maar ik heb die aangenomen.
En ik zal blijven vechten.
Misschien kunt u daar iets voor terugdoen.
Ze heeft wel een punt.
U heeft wel een punt.
Mevrouw de voorzitter, mijn cliënt wenst geen verdere vragen meer te
beantwoorden.
Meneer Teerlink.
U begrijpt toch dat dit uw verdediging kan schaden?
Ik vrees dat ik op die vraag...
Hij vreest dat hij op die
vraag dus niet zal kunnen antwoorden, mevrouw de voorzitter.
Jasper, hoe lang ga je dat nog volhouden?
Niet langer dan nodig is.
Dat dacht ik al.
We hebben een gesprek gehad met Kuga Mikatsu.
Moeilijk.
Het was in het Albanese.
Dat is de vertaling.
Waarover ging die ruzie?
Je hebt ook nog iets nageroepen, had het schijnt.
Hé, klootzak, word niet kapot.
Ik spreek geen Nederlands, ik heb niks verstaan.
Hij was kwaad.
Hij heeft geroepen.
Wie heeft geroepen tegen wie, Koeka?
De Steven tegen chef Ludo.
Steven wie? Den Dirks.
Steven Dirks.
Dat ben jij toch?
Steven Dirks.
Allee, Dirks.
Antwoord.
Ja? Waarover ging die ruzie, Steven?
Dat moet je aangeven, Steven.
Dat was geen ruzie. Ik heb gewoon niet geroepen.
Wat?
Hij had mijn koffiemachine laten vallen.
Hij was mijn cel aan het doorzoeken en had mijn koffiemachine laten vallen.
Waarom werd uw cel doorzocht? Ja, waarom? Dat is wekelijkse routine.
Voilà.
En wat heb je geroepen, Steven Dirks?
Hé, klootzak! Maak je kapot!
Klootzak, je maakt alles kapot. Of je maakt alles kapot, klootzak, ik weet het
niet meer.
In ieder geval iets met klootzak.
Jasper stond daar.
Met zijn jachtgeweer.
Doe het niet, Christina.
Ik heb geroepen. En dan heeft hij geschoten?
Ja, maar... Dus u heeft met uw eigen ogen gezien hoe meneer Teerlink,
hoofdinspecteur Lauwers, heeft neergeschoten?
Ja.
En had hij daar een reden voor?
Meneer de procureur.
Bedreigde u Serge Louwers met een wapen?
Mevrouw Flamand.
Met je meneer schieten. Sta.
Hier. Schiet dan.
Schiet.
Nee.
Jasper, ze ligt.
Professor. Het is misschien niet het moment, maar ik zou ze iets willen
vragen.
Wat maakt het uit dat jij ook een wapen had? Dat hij geen reden had.
Het eerste, dat is niet waar. Het tweede, dat helpt hem niet.
Het is niet omdat jij Lauwers van kant wilde maken dat hij het mocht doen.
Als je op je woorden terugkomt, is het fijn de carrière.
Dat weet hij toch? Ja.
Storen wij?
Nee. Wacht, ik zal doorgaan.
Je bent niet goed, hè?
Nee.
Dat is normaal.
De eerste dag.
De dag van de feiten, zeggen ze weleens.
Dat is altijd confronterend.
Morgen zal het wat beter gaan.
Chef Ludo heeft u toen, zonder enige reden, naar eenzame opsluiting gestuurd.
Jij weet nog dat de professor u heeft geholpen bij uw intiem bezoek?
Het is nog allemaal veel erger.
Hij wist dat ik intiem bezoek ging krijgen.
En Hover met Kluytne heeft hem in het cachot gestoken.
Oké, dank u wel. Is voldoende.
Ludo Govaerts gescheiden, twee kinderen voor zover wij weten, hebben die geen
contact meer.
Voor de rest ook niks, geen hobby's, geen andere activiteiten buiten z'n
werk. Er valt weinig contact in z'n gsm. Wel één interessant nummer.
Kijk eens naar dat bericht.
Zijn er nog konijnen te koop?
Ja, konijn is het code woord voor cocaïne.
Dat weet ik.
Lekker sla voor wit.
Is dat zo?
Nou, een leusje.
We hebben ook een bericht gestuurd naar dat nummer om een afspraak te maken.
Als Ludo Govaerts? Ja.
Heb ik het nodig?
Dat zal wel lukken.
Ik sta ervoor dat dat echt een konijnenverkoper is.
Hou me op de hoogte, mannetje.
Volgens uw deskundig oordeel, mevrouw Van Eekhout, wist de beschuldigde wat
hij deed op het moment dat hij Serge Louwers neerschoot?
Professor Teerling is een bijzonder intelligente man.
Bovendien is hij extreem manipulatief.
Hij was bij zijn volle verstand.
Toen hij de trekker overhaalde.
Ik zou de woorden van mijn collega toch willen nuanceren.
Het klopt dat Jasper wist wat hij deed. Maar tegelijk heb ik het gevoel dat hij
moest doen wat hij heeft gedaan.
Alsof hij geen keuze had?
Dat klopt.
Onzin.
Waarom?
Excuseer, dokter. Het is de gewoonte dat ik de vragen stel aan de beschuldigde.
Waarom is dat onzin, meneer Teerlink?
Een mens heeft altijd een keuze.
Lees de verbentum en de andere utilitaristen er maar eens op na.
Meneer Terlich, wat bent u daar in godsnaam aan het doen?
Op dit moment ben ik de verdachte van een andere moord aan het rangschikken op
hun probabiliteit.
Maar gaat u gerust verder.
Het is wel uw proces.
Dat weet ik, maar ik vind het niet zo interessant.
Stilte, alstublieft.
Is dat geen sterker motief dan?
Meester.
Waarom zou de beschuldigde geen keuze hebben gehad, dokter?
Dat weet ik niet.
Jasper is slim genoeg om niet in zijn ziel te laten kijken.
Er moet iets gebeurd zijn vroeger. Iets dat zijn vrije wil tijdelijk heeft
uitgeschakeld.
Christina, je kan daar nooit mee leven.
Vroeg of laat zal je de waarheid zeggen. Hopelijk niet te laat.
Dames en heren van de jury, ik hoor hier heel veel misschien, mogelijk en zou.
Maar zolang er geen concrete feiten bij zijn, doet dat... Mevrouw de voorzitter.
Mevrouw Faman.
Ik zou mijn getuigenis willen herzien.
De ene avond... Ik blijf vanavond op een bureau doorwerken.
Ik heb nog veel werk.
Ik zou het echt plezant vinden als je langskwam.
Ik kon toen gewoon maar aan één ding denken en dat was dat hij moest dood. Ik
heb hem toen opgewacht bij mijn dienst waar...
Wat
is er toen gebeurd?
Ik heb... Ik heb mijn wapen op hem gericht.
Doe het niet, Christina.
Dan is het niet waar.
Het heeft hier niks mee te maken.
Jasper.
Hij draaide zich om.
Hij ging toen op Jasper af en hij lachte hem uit. Hij zei dat hij niet zou
durven.
En toen heeft Serge...
Geen verdere vraag meer.
Dank u wel, mevrouw Flaman.
Meneer de procureur.
Het openbaar ministerie vraagt een onderbreking, mevrouw de voorzitter.
Maar ik zou de dames en heren van de jury toch één ding op het hart willen
drukken.
Het feit dat mevrouw Flaman de intentie had om meneer Lauwers neer te schieten,
doet absoluut niets af van de schuld van de beklaagde.
Het Hof gaat in reces tot morgenvroeg.
Dat zou hem wel eens kunnen zijn.
Die niet met zijn streepjes.
Geen risico, zei John.
Nee, het is hem niet.
Het is gewoon een kleine navale.
Sorry,
mevrouw, ik zie ze vragen.
Sandra Mertens, veroordeeld voor handel in verdovende middelen.
Voorwaardelijk. En nu betrapt, terwijl dat baby zit waard op 200 gram kook. Ik
moest gewoon die factuur ergens afzetten, dat is al.
En waar?
Onder een boom.
En onder welk boom, Sandra?
Voor wie moest je dat doen? – Dat weet ik niet.
Ken je hem? – Nee.
Sandra, ik denk dat je het niet snapt.
Je bent voorwaardelijk vrij.
Je bent op heterdaad betrapt en met veel meer dan voor eigen gebruik.
Je gaat straks gewoon direct gevangen.
Dat beseft je toch?
Ja, ik ken hem.
En hoe?
– Hoe?
Ken je hem? – Die bestelde regelmatig van alles.
Wiet, coke.
Ik leverde, dat is al.
Dat gaat je geld kosten, hè.
Dat besef jij toch?
Oké. Govaarts verdient bij door te dealen.
Er gaat iets verkeerd.
Alleen is dat erg genoeg om hem de kop in te kloppen.
We hebben wel een motief.
Misschien.
Amai. We gaan er wel even mee bezig zijn als we daar al die kok-en
-wietverslaafden af moeten gaan.
Dat was trouwens een vraag op de examen.
Wat?
Bij wiet-slaes.
Sla-wiet.
Strafweg, dat wist je.
Hoe was het met je examen?
Ja, goed, denk ik.
Nu dat gesprek met de commissie nog en dan ben je klaar.
Allee, goed.
Tot morgen.
– Tot morgen.
Ze zeggen soms van ouders dat ze via hun kinderen hun mislukte dromen willen
realiseren.
Maar dat was bij ons niet.
Mathijs heeft altijd mogen doen wat hij wilde.
Dat was een slimme gast, Mathijs.
Geen foto.
Hij wist wat hij wilde.
Ik weet nog goed dat ik met mijn vrouw vroeger... We zijn ermee samen, maar...
Dat we zeiden tegen elkaar... Hoe gelukkig zijn we nu.
Het geluk is voor de anderen zeker.
Hij is er.
Bedankt dat ik even mocht spreken met u.
Ja.
We hebben de verdachte van de moord op chef Ludo gerangschikt.
Hij staat helemaal bovenaan.
Wil je ook weten waarom?
Omdat je de enige zei die gelogen heeft.
Heb je gelogen, Steven?
Het feit dat chef Ludo je cel overhoop heeft gehaald, is geen reden om te
roepen wat je hebt geroepen. Ik had van hem vijf gram bruine gekocht. In die
klootzak komt hij na twee minuten gewoon terughouden.
Je hebt er gewoon direct over gekocht. Maar iemand anders voor een tweede keer,
daar ben ik zeker van.
Aan wie, Steven?
Dat weet ik niet.
Maar ik heb die vuilnendeel er niet afgemaakt.
Als jij zo slim bent als iedereen zegt, dan ga je dat bewijzen.
Dan moet je dat bewijzen.
Ik moet helemaal niks.
Hallo.
Wat kan ik voor jullie betekenen?
Ik weet hoe je mijn zoon vrij kunt krijgen.
En John, nog een uitslag al? Nee, nog niet.
Ik zal ze direct zien.
Nee, mama. Nog niet.
Het zal volgende week zijn.
Spannend.
Chef? Goedemorgen.
Goedemorgen. Goedemorgen.
Nee man, ik heb hem.
Zal dat?
Zal dat?
Gaan we eten?
Ehm, ja.
Goed.
Ik heb precies geen hokje met de John.
Zal ik ook eens?
Ja.
Anders goed nieuws. Ja.
Ik ben er nog, ja.
Ja. Nee, natuurlijk. We komen direct.
Den is te laat.
Jij bent dus verantwoordelijk voor de atelier.
Jij kijkt het materiaal. Twee dagen geleden is deze hamer daar verdwenen.
Dat kan niet.
Jij hebt die meegenomen.
Om wat te doen?
Om er Ludo Govaertsen een kop mee in te slaan. Nee, daar heb ik niks mee te
maken. We weten dat je regelmatig kocht van de Ludo. Wat? Wat is er gebeurd?
Heeft hij wat afgezet?
Slecht verdiep verkocht? Nee, nee, nee. Dat kan niet.
Twee dagen geleden was ik ziek.
De Dierks heeft me een shift overgenomen.
De steve Dierks.
Steve Dierks.
Maar dat is zeven. Die Dennis is een junk.
Die trip deelde een dag. Hoe kan die nu weten wie er in dat atelier rondliep?
Jij dus niet. – Nee, ik dus niet.
Jij kocht toch ook van de Ludo?
Ik heb chef Ludo niet vermoord.
Was dat voor of na dat hij je koffiemachine... Ik heb er niks mee te
maken.
Wij denken van wel.
En wij hebben tijd.
Je mag gaan.
Dat is voorlopig voorbeeld.
Professor.
Succes.
Steven Dierks is onschuldig.
Dat is maar dat je het weet.
Dat is wat we doorgedrukt hebben aan zo'n Dierks bekend hebben.
Professor is gelijk.
Dierks is onschuldig. Op basis van wat?
Een gevoel.
Verdomme John, waarom doe jij nu zo?
Het is nu al heel de morgen dat jij superambtenaart doet. Wat scheelt u,
man?
U denkt dat Dieriks onschuldig is?
Hij heeft toch duidelijk geroepen, ik maak u kapot?
Ik denk het wel.
Waarom denkt u dat hij het niet zou gedaan hebben?
Dat is een slimme gast, Matthijs.
Had Mathijs zijn drugs van chef Ludo gekregen?
Heb je hem daarom de kop in geslagen?
Hoe heb je dat ontdekt?
In het dossier staat het drukelijk dat Dirks geroepen heeft, je maakt alles
kapot.
Je kunt alleen maar weten wat iemand exact heeft geroepen, als je het zelf
hebt gehoord.
En je bent pas de dag nadien voor de eerste keer terug gaan werken.
De douchecellen zijn vlakbij, van daaruit kun je exact horen wat iemand
roept in de cellenblok.
Ik heb Matthijs gedwongen om te zeggen waar dat hem die drugs gekocht heeft.
Ik ben toen naar Govaerts
gestapt.
Hij heeft ontkend natuurlijk de klootzak.
Maar is mijn zoon wel blijven lastigvallen met zijn veiligheid?
En dat heeft hem kapotgemaakt.
Daar ben ik zeker van.
Daar ben ik niet zeker van.
Jawel. Hij heeft mijn zoon vermoord. Mijn enig kind.
Ik had geen keus. Dat begrijpt u toch?
Dat begrijp ik. Maar voor de absolutie moet je ergens anders zijn.
De zitting is geopend.
Schuldig.
De zitting is gesloten.
Maar u hebt nog wel een keuze, professor.
Ach, Jasper.
De zitting is geopend.
Meester.
Dank u, mevrouw de voorzitter.
Ik roep de volgende getuigen op.
Mevrouw Adelinde van Marken.
Mevrouw de voorzitter. Dat was niet de afspraak. Dat kan toch niet? Dat was
niet de afspraak.
Ik heb uitdrukkelijk gezegd dat mijn moeder niet mag komen getuigen. Spijt
me, ik heb geen keuze. Dat kan toch niet?
Procureur. Ik protesteer. Mevrouw de voorzitter.
Ik wens dringend overleg met mijn advocaat. Meneer Teerlink, in deze zaal
bepaal ik wat er al of niet gebeurt.
Niet u. Dat kan toch niet, Jasper?
Roep de getuigen op.
Adelinde van Marquet.
Mevrouw Van Marken, u bent de moeder van de beschuldigde?
Ja. Kan u ons vertellen wat er op de zevende verjaardag van uw zoon precies
is gebeurd?
Mevrouw de voorzitter, wat is hier de bedoeling van? De verdediging wil feiten
aanbrengen die een belangrijke rol hebben gespeeld in de beweegredenen van
de beschuldigde, mevrouw de voorzitter.
Gaat u verder.
Mevrouw Van Marken.
Het was zijn verjaardag.
Ik was boodschappen gaan doen en ik had een taart gekocht.
De vader van Jasper had tien namiddag geen les.
Ik kwam thuis en ik zag dat hij gedronken had.
Zwaar gedronken.
Mijn man had een drankprobleem.
Ik werd zo kwaad.
Ik nam elke fles die ik kon vinden en goot ze leeg.
Hij werd razend.
Hij sloeg mij en ik viel op de grond.
Hij bleef maar slaan en stampen.
Wij hadden een wapen, een jachtgeweer.
En ineens...
stond Jasper daar met dat geweer in zijn handen.
Hij riep tegen zijn vader dat hij moest stoppen of hij zou schieten.
Mijn man lachte hem uit en zei... Allee, schiet. Kom, schiet.
Schiet dan.
Hier, schiet. Kom, schiet. Hij schiet.
Schiet helemaal komen.
Hij schiet. Ik heb toch nog wel kogeltjes ingestoken? Er zitten daar
kogels in. Kom, schiet.
En toen heeft Jasper geschoten.
Maar er zaten geen kogels in.
Dank u.
Voor uw moedige getuigenis.
Mevrouw de voorzitter, ik vraag een onderbreking.
Jasper, daar zijn we nog veel te jong voor.
Maar papa, dat is toch een jongensboek?
Personen die er een moraal in proberen te zien, worden verbannen.
Personen die er een plot in willen ontdekken, worden zonder pardon
neergeschoten.
Dit boek gaat over hoogmoed, verraad, jaloezie, zwakheid... Zwakheid.
Vader van Huckleberry Finn was een prut en een dronkenhart.
Daarom mocht ik het niet lezen.
Ik zou u herkennen.
Zwakheid, ja.
Ik was een dronkaard, ja.
En daarna een bruut.
De volgorde is belangrijk.
Waarom ben je hier?
Jasper. – Ja, papa.
Je bent al genoeg gestraft.
Ik heb iemand neergeschoten.
Je hebt geen keuze.
Je hebt Gijzelbrecht ook gehoord.
En je hebt je zoon gehoord.
Een mens heeft altijd keuze. Is dat zo? – Ja, dat is zo.
Jij weet wie Govaert heeft vermoord.
Heb jij de keuze om daarover te zwijgen?
Kun jij volhouden dat Stan Willems onschuldig is?
Jij hebt geen keuze.
En je weet het.
Ik denk dat mijn werk erop zit.
Ik zal u niet meer lastigvallen.
Ik ben trots op u.
Ik moet dringend telefoneren.
Zou men hem hebben?
Nee, ik wil hem.
Sam?
Dokter, u heeft kennisgenomen van de getuigenis van de moeder van de
beschuldigde? Dat klopt.
En wat kan u daaruit besluiten?
Heel moeilijk is dat niet.
De kleine Jasper heeft een zwaar trauma opgelopen.
Hij heeft zijn moeder niet kunnen beschermen tegen een drankzuchtige en
gewelddadige vader.
En hij heeft zich daar zijn hele leven al schuldig voor gevoeld.
Een schuldgevoel zo groot om hem te laten doen wat hij gedaan heeft?
Absoluut. En de relatie met mevrouw Flamand?
Speelt daarbij een zeer belangrijke rol.
Zij is de enige vrouw, naast zijn moeder uiteraard, waar hij werkelijk om geeft.
En dan komt uitgerekend die vrouw ook in gevaar.
Ja. Zij ging haar leven vernietigen door haar vriend te willen doden. Ja, dat
heeft mevrouw Flamand inderdaad zelf bevestigd.
Maar ik ben niet helemaal overtuigd.
Er waren toch andere oplossingen dan Serge Lauwers neer te schieten?
Dat ziet u verkeerd.
Wanneer we een zwaar trauma herbeleven, dan stopt dat logische denken en
neemt een kracht bezit van ons die onweerstaanbaar is.
Dus mijn cliënt kon op geen enkel moment tegen zichzelf zeggen stop, dit is
verkeerd.
Dat klopt.
Stilte alstublieft.
Ik weet dat het vreemd klinkt en dat mensen...
dit soort analyses niet meteen kunnen plaatsen, maar ik zal er een beeld bij
schetsen om het duidelijk te maken.
Een man staat voor een brandend huis. In dat huis bevindt zich zijn kind, zijn
eigen bloed.
Die man weet dat wanneer hij naar binnen gaat, de kans groot is dat hij het niet
overleeft.
Nu, heeft die man volgens u echt een keuze?
Het zijn de Malediven.
Dames en heren van de jury, jullie hebben de getuigenissen gehoord.
Het requisitoor van het Openbaar Ministerie en het slotpleidooi van de
verdediging. Zoals de wet voorschrijft is het laatste woord aan de
beschuldigde. Meneer Terling.
Wie het gedaan heeft.
Heeft het gedaan.
Wie heeft het gedaan?
Wie het gedaan heeft.
Dames en heren van de jury.
De voorzitter zal u zo dadelijk vragen niet te antwoorden op de schuldvraag,
helaas. Maar wel om te overwegen of ik heb gehandeld uit onweerstaanbare drang.
Zoals voorzien in artikel 71 uit het strafwetboek.
Maar ik moet u vragen alleen...
ja te antwoorden als u daar zonder enige twijfel, zonder enige twijfel van
overtuigd bent.
Want ik ben het natuurlijk die tot het einde van mijn dagen zal moeten leven
met de gedachte dat ik iemand het leven heb ontnomen.
Ontnomen.
Ja, zelfmoord.
Ja, ik weet wel, Paul. Maar godverdomme.
Ja, merci.
Nee, nee, ik leg het wel op je bureau.
Oké.
Kunnen we alstublieft wappelen?
Maak deze even af.
Nu, alstublieft.
Je gaat mij niet naar buiten voordat ik weet wat er is. Wat is je probleem, man?
Er is juist een man zich opgehangen in een bos.
Ja, ik weet het, John.
Ik was erbij.
Maar godverdomme, John, daar gaat het toch niet om? Ik ben deze echt zo bui.
Wat? Ik heb je toch niks misdaan?
Wat heb ik je misdaan? Ik heb je de hele tijd tegen mij...
Ik zeg je in vertrouwen dat ik meedoe voor hoofdinspecteur.
Ik maak er geen geheim van dat ik teamleider wil worden en jij zegt niks.
Je vraagt hoe mijn examen is geweest en jij zegt niks.
En dan moet ik toevallig ontdekken dat je exact hetzelfde hebt gedaan.
Proficiat, trouwens. Je bent geslaagd.
Ik weet het.
Merci.
Ja... Je hebt gelijk. Ik had dat moeten zeggen, maar ik weet zelf nog maar dat
ik erdoor ben.
Ik wou je dat echt wel vertellen.
Hoe gaan we dit doen?
Wat? – We werken hier samen.
Maar ik kan je niet meer vertrouwen.
Maar jawel. – Nee.
Maar John, je...
Christina, ik was verkeerd.
Ik heb met die tweede geduigenis de zaak gewoon een andere draai gegeven.
Denk je?
– Tuurlijk.
Ik heb mij een ontslaagbrief geschreven.
Ik moet hem alleen nog nalezen, in een envelop steken en op de post doen.
Mevrouw de voorzitter van de jury, hebt u een akkoord bereikt?
Inderdaad, mevrouw de voorzitter.
Op de vraag of Jasper Terling handelde uit onweerstaanbare drang als voorzien
in artikel 71, wat is daarop het antwoord?
Ja.
Meneer Terling, u bent een vrij man.
Meester Dietrich, heb jij zin in een koffie?
Meester Van Kleemput, voor minder dan een etentje met heel veel wijn kom ik
niet buiten.
Het mag iets kosten.
Morgen om acht uur kan... Yes.
Ik zie dat uw moeder...
een plaats heeft gekregen... in onze Zicksteinse kapel.
Vind je het erg? Nee.
Daar hoort ze thuis.
Tussen alles wat schoon en goed is.
Ik ga je missen.
Laat me weten als je vrijkomt. Ik kom niet vrij.
Ik heb levenslang.
Dankzij u.
We waren behoorlijk verschillend.
Maar we hoorden samen.
We waren meer dan de som van ons bijben.
We waren bondgenoten.
En we maakten onze eigen wereld.
Dat is zeldzaam in het leven.
Sander Marai, gloed.
1942.
ZANG EN MUZIEK
Star.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.