Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Bedankt.
Tot kijk.
Goedenavond.
Isabelle, verdwenen op 22 maart 1996
vertaling: inVision Ondertiteling.nl
In die discotheek zagen haar vrienden Isabelle in '96 voor het laatst.
Ik hou van goocheltrucs.
Ik moet oefenen voor m'n bruiloft.
Wanneer ga je trouwen? - Weet ik nog niet. Binnenkort.
Komt u hier vaak? - In het begin wel.
Toen haar kleren waren gevonden.
Kijk eens. - Moet ik er nog een pakken?
Nee, ik laat hem zien.
Wil je het elke keer mis hebben, of...
Gaat u het de ouders vertellen?
Dat Guerrand hun dochter niet heeft vermoord.
Het is zinloos om hier te wachten.
Ik wil die smeerlap zien. Hij moet zeggen waar m'n dochter is.
Eén ding zit me dwars. De pers heeft niets gezegd over de Mariabeeldjes.
Als Guerrand er een bij de kleren heeft gestopt, moet hij uw man zijn.
Niet per se. Dat beeldje kan ook betekenen...
dat Guerrand degene kent die de eerste zes heeft laten verdwijnen.
Hij weet wie hij is en hoe hij te werk gaat.
Ik heb u laatst alles al verteld.
Anne, Catherine, Isabelle en de anderen, dat was ik...
en ik ben er trots op.
Guerrand, vertel eens...
waarom heb je niet hetzelfde beeldje bij de kleren gestopt?
Het is hetzelfde, de Heilige Maagd. - De andere waren van porselein.
Het beeldje tussen de kleren Sylvie Trébourg was van gips.
Nou en? De porseleinen beeldjes waren op.
In vijftien jaar heb ik geen concrete aanwijzing gevonden...
en binnen enkele dagen leiden alle sporen naar jou. Waarom?
Hoe heet degene die je heeft voorgedaan hoe het moet...
en die de zes anderen heeft vermoord?
Ik was het, ik alleen. Niemand heeft het me voorgedaan.
Als jij het was, waar zijn de lichamen dan?
Als ik je niet kende, zou ik denken dat je hoopt dat ze hier niet zijn.
Hou maar op.
Die schoft zal ons nooit vertellen waar ze zijn.
Hij kan ze ergens anders hebben begraven.
Wat gaat er nu gebeuren?
Ik heb ze zo goed leren kennen. Ik ken hun familie, hun vrienden.
Ik weet wat ze op zondagmiddag deden en wat ze bij het ontbijt aten.
En dus?
Sylvie voldoet niet aan het profiel van de anderen. Ze was geen maagd.
We vonden advertenties. Ze was prostituee.
Ik weet het. Ducourt vertelt het overal.
Misschien is Guerrands smaak veranderd.
Nee, mijn dader wil alleen maagdelijke meisjes.
Hij wist het misschien niet.
Nee, hij zoekt alles uit, lang voordat hij toeslaat.
Guerrand heeft Sylvie vermoord, maar niet de anderen.
Guerrand doet de misdaden van een andere na. Iemand die hij kent.
Geloof je dat echt?
Geef een cijfer tussen één en tien. - Negen en een half.
Wat wil je precies van mij?
M'n chef heeft de perfecte dader, een man die bekent.
Hermand wil de zaak sluiten.
Ik heb uw steun nodig, Galbert. Oefen wat druk uit.
We moeten de lijken vinden.
Als je gelijk hebt en de dader ergens vrij rondloopt...
zou hij dan van de arrestatie van Guerrand profiteren en ermee stoppen?
Ik weet het niet.
Dag, papa.
Ik zal ze vinden.
Ik ben m'n sleutels kwijt. - Je verliest nog eens je hoofd.
Komt mama nog niet thuis?
Komt ze niet thuis?
Ik weet het niet. Ze is in Marseille. - Wanneer komt ze thuis?
Ik weet het niet. Vrijdag... Nee, donderdag.
Baal je niet dat ze er nooit is?
Oké Caro, zullen we maar een pizza bestellen?
Vervelend van uw sleutels. - Het geeft niet. Ik vind ze wel.
Janvier, waarom wil hij niet zeggen waar de lichamen zijn?
Ik weet het niet.
Gaat het wat beter met Rose? - Het verschilt van dag tot dag.
Sinds hij gearresteerd is, blijft ze vaker thuis.
Dit weer doet je goed, hè?
Ja, dat is waar.
Janvier, heb je Ducourt gezien? - Ja.
Ik heb hem volgende week nodig. - Ik ook.
Ik heb Galbert gesproken.
Waarom moet ik twee man vrijmaken...
voor een moordenaar die al vastzit?
Zolang we de lichamen niet hebben, wil Galbert dat we doorgaan.
Net als u volg ik m'n orders op, commandant.
Hij was nogal op zichzelf. - Hij woonde alleen.
Ik zag hem weleens wegrijden met z'n taxi.
Alleen maar 'goedendag, tot ziens'.
Guerrand had nooit bezoek. - Nooit?
Ik verveel me hier zo, dat ik altijd uit het raam kijk.
De buren zijn mijn televisie. Geloof me maar dat hij nooit bezoek kreeg.
Hij reed 's ochtends weg met z'n taxi en kwam 's avonds laat thuis.
En u heeft nooit iets raars gezien? - Nee.
Wat ben ik een oen.
Goedenavond, meneer.
Hallo. Alles goed?
Caro, ik heb m'n sleutels gevonden.
We wilden een film kijken.
Mama heeft een bericht ingesproken. Ze heeft vertraging en komt later.
Je was het toch niet vergeten? - Wat?
Dat Clara hier logeert.
Nee, natuurlijk niet. Nou ja...
Kenden jullie die niet?
Wat een stomme mop. - Jullie moesten er wel om lachen.
We lachten om jou.
Ik moet u nog bedanken. - Waarom?
Volgens m'n ouders lijk ik op die verdwenen meisjes.
Ik mocht nooit de deur uit.
Maar nu u de dader heeft, wordt het anders.
Verwacht jij iemand? - Nee.
Jij ook niet?
U zult zien dat ik hard gewerkt heb.
Ik lust wel een kop koffie, als u net gezet heeft.
Dames, onthoud deze kaart goed. Alstublieft, meneer.
Ik schud nu de kaarten en Clara zal hem vinden.
Zeg wanneer ik moet stoppen.
Stop.
En daar...
Goed gespeeld.
Mag ik even jullie aandacht? Ik ga de ruiten tien vermenigvuldigen.
Het waren allemaal ruiten tienen.
Kijk, ik ben bij z'n boekhouder geweest.
Het was nogal een zootje, maar uiteindelijk vond hij wat u wilde.
De bonnen van Guerrands taxiritten van de laatste tien jaar.
Geweldig.
Wat hoopt u precies te vinden?
Guerrand kent de man die ik zoek.
Volgens de krant heeft hij bekend. Vergeet je ons weekendje niet?
Je had toch wel kunnen... - Het vaatwasmiddel was op.
Is er iemand komen eten? - Clara.
Ik ben bij m'n vader geweest.
Dat is mooi. - Ik weet het niet.
Herkende hij je? - Ik geloof het niet.
Dag, papa.
Tot vanavond, kindje.
Dag, Clara.
Je speelt goed.
Ik begeleid Caro soms. Door haar ben ik ermee begonnen.
Kennen jullie elkaar al lang? - Al een flinke tijd.
Zijn we elkaar al eens eerder tegengekomen?
Ik geloof niet dat ik je eerder heb gezien. Met haar.
Ik dacht het wel.
Bedank je ouders dat je laatst met Caroline mee mocht.
Goed?
122, 118...
Pardon, meneer. Ik zoek de Rue des Violettes. Het huis van Martin.
Die kant uit.
Is dit een grap of zo? - Pardon?
Niet? U heeft het me tien minuten geleden ook al gevraagd.
Roland is opgegroeid in een tehuis. Hij kwam bij ons toen hij 13 was.
Toen hij 16 was, besloot hij z'n eigen naam te houden, Guerrand.
Dat vonden we natuurlijk goed.
Heeft hij z'n biologische ouders gezocht?
Hij wist alles wat er te weten viel.
Z'n moeder is vier jaar geleden gestorven en z'n vader is onbekend.
Hoe was Roland als puber?
Kinderen als Roland hebben het altijd moeilijk.
Ik zeg kinderen, maar op z'n dertiende was hij al bijna een man.
We hebben hem alle liefde gegeven.
Hij hield van motoren. - Ja, hij kon er uren over praten.
Had hij vriendinnetjes?
Ik heb hem bij ze geplaatst. Ik zat bij een stichting voor pleegkinderen.
Kinderen onderbrengen was m'n werk.
Na al die tijd herinner ik me Roland Guerrand nog goed.
Hij hield niet van katten.
Z'n moeder had er een en die haatte hij net zo erg als z'n moeder.
Had hij vrienden in het tehuis? - Kameraadjes, ja.
Herinnert u zich z'n echte moeder?
Wilt u een koekje? - Graag.
Z'n moeder sloot hem op in een kast...
met een kat die ze aan z'n staart had opgehangen.
Een kind van twee of drie.
Beesten die krijsen en krabben.
Ik weet wat hij heeft gedaan en ik praat het niet goed.
Maar niemand komt als monster op de wereld.
Voor hij een verkrachter en moordenaar werd...
was Roland Guerrand een kind. Gewoon een kind.
Ik snap dat het maf is om 15 jaar lang hun gezichten te zien.
Ben ik maf? - Hartstikke maf.
Dat zegt iedereen.
Guerrand kent de man die ik zoek.
Ik bekijk vandaag de bonnen uit de tijd dat Sylvie Trébourg is vermoord.
Twee adressen komen steeds terug.
Dat van Serge Perreau en nog vaker dat van Patrick Moutier.
Die met de blonde vrouw. Achter die vent met z'n bril.
Goed, maar hou het kort.
Meneer Moutier, kent u Roland Guerrand?
Ja, hij is taxichauffeur. En Sylvie Trébourg kende ik ook.
Waar kende u haar van?
Ik ontmoette haar bij een vriend. - Serge Perreau?
Zou kunnen. - Kwam ze vaak bij u?
Als ze er zin in had. Ze was meerderjarig.
Was u een klant van haar? - Is dat verboden?
Seksavondjes organiseren en misbruik maken van arme meisjes? Nee hoor.
Wat wilt u eigenlijk precies? - Wat vindt u van Guerrand?
Volgens de krant moet hij een gestoorde smeerlap zijn.
Ja, ik maakte gebruik van z'n diensten...
en hij zeurde elke maand of ik hem meenam naar de club.
De voetbalclub?
Nee, Le Parchemin, de swingersclub in Lille.
Daar kom ik namelijk ook weleens. En dat is evenmin verboden.
Nam u Sylvie ook mee?
Grapje zeker? Sylvia had mij niet nodig.
Elke vrijdag en zaterdag trad ze er op met haar partner.
Haar partner? - Ja, haar partner.
Ik zet u hier maar af. Als m'n toekomstige vrouw erachter komt...
dat ik nabij een swingersclub ben geweest, maakt ze me af.
Iedereen heeft iets te verbergen. - Ik niet.
Hoe wilt u haar vinden? U weet niet hoe ze heet.
25 jaar, twee ogen, een neus, een mond. Dat komt wel goed.
Hoe komt u thuis zonder auto? - Ik red me wel.
Goedenavond, ik wil graag weten hoe...
Bent u in gezelschap? - Nee.
Mag ik uw handen zien?
Uw handen.
Handen zeggen veel over een man. Komt u maar verder.
Guerrand? Ken ik niet. - Kende je Sylvie al lang?
Zes, acht maanden. Ik heb haar in de club ontmoet.
Het was mijn idee om een duo te vormen om wat geld te verdienen.
Sommige mensen betaalden flink om ons naakt bij ze thuis te zien.
Zoals Perreau? Wat deden jullie? - Hangt ervan af.
Ik ga niet met ze naar bed. Nou ja, zelden.
Sylvie had geld nodig om weg te kunnen van huis. Zij deed alles.
Ik zoek een man, misschien ken je hem.
In de veertig, blank, beschaafd. Geobsedeerd door maagdelijkheid.
Zijn alle mannen dat niet?
Goed, bedankt voor het glaasje water, maar ik ben bekaf.
Waarom kijk je zo? - Nergens om.
Jawel, je glimlach. Je gezicht.
Je lijkt sprekend op m'n vrouw twintig jaar geleden.
De dood van Sylvie lijkt je niet veel te doen.
Ik hou zaken en gevoelens gescheiden.
Als je iets nodig hebt, aarzel dan niet.
Kom in uniform, daar hou ik van
Ik ben een trouw man.
En ik een discreet meisje.
Heeft u niets gezien? - Niets bijzonders.
Dat is stom. Om erheen te gaan en dan niks te zien.
Wie is het?
Ik weet dat je hem kent.
Dat je ervan droomt om te zijn als hij...
maar dat zul je nooit zijn.
En als hij in actie komt, weet iedereen dat je hebt gelogen.
Wie is het?
Wat zoeken we?
Iets wat ons de eerste keer is ontgaan.
Weet u wat ze op het bureau zeggen? - Ja.
Dat u niet wilt dat de zaak wordt gesloten.
Laat Hermand niet horen dat u Moutier en Perreau onderzoekt.
Hermand roert niet graag in de stront, ik wel.
Zolang ik niets heb gevonden, hoeft hij niets te weten.
Ducourt, de rechter zei dat je veel praat.
Ik wil niet dat alle smerissen in Noord-Frankrijk weten wat ik eet.
Begrepen.
Je moeder zegt dat het niet goed met je gaat.
Ik mis Catherine. Ze wordt al drie jaar vermist.
Ik weet het.
Blijf je naar haar zoeken? - Ja, altijd.
Ik ben bang dat ze me niet meer kent als je haar vindt.
Charlotte, wat je me ook vraagt, ik zal je altijd de waarheid zeggen.
Denk je dat Catherine dood is?
Charlotte, alsjeblieft.
Wil je echt niet? Ze zien er heerlijk uit.
Het doet haar goed met iemand te praten die haar begrijpt.
En het doet mij ook goed.
Ik heb een eeuwigheid niet zo met iemand gewandeld.
Cécile, denk niet dat het iets kan worden tussen ons.
Dat weet ik. Het is jammer, maar dat weet ik.
En geeft u me ook maar vitaminen. B, A, C...
Ik zal ze even pakken. - En calcium. Heeft u dat?
Ja, dat hebben we.
Dus we hebben vitaminen, vitamine C, magnesium, calcium.
Dat is 29 euro alstublieft.
Dank u. - Tot ziens, meneer.
De hersenen en het geheugen
Wie was dat? - Een meisje. Ze noemde me gozer.
Is dat een belediging?
Ik heb het niet gepikt. Ze heeft langere nagels dan ik.
Mag ik bij Clara slapen?
Je slaapt wel vaak bij haar. Jullie waren toch nooit zo bevriend?
Je zoekt overal wat achter. - Nee, maar ik voel dat ze liegt.
Laatst was ze ook niet bij Clara...
en het zou me verbazen als ze daar blijft.
Het hoort bij haar leeftijd. Misschien heeft ze een vriendje.
Je weet wel, feestjes, dansen, een kusje tussen de Schweppes door.
Ja, tonic. Heeft ze je iets verteld? - Nee hoor.
Ik bedoel, heeft ze... - Heeft ze wat?
De wolf. Heeft ze de wolf gezien of niet?
Vraag het haar zelf. Ze is toch je dochter?
Ja, neem me maar in de maling. Leuk, hoor.
O ja, ik heb iets te geks gevonden voor ons weekend.
Ik zeg niks, het wordt een verrassing.
Kun je maandag wat later naar je werk?
Suzanne, ik kan niet mee. Niet nu.
We kunnen later gaan. Dan gaan we langer weg.
Oké, ik ga niet in m'n eentje ruzie maken.
Durf je geen twee dagen met mij te zijn, ver van je 'vergeten meisjes'?
Ik leef nog.
En ik zou wel willen dat je me af en toe in je armen neemt.
Wat gaan jullie doen? - Ik weet niet, we zien wel.
Gaan jullie niet alleen uit? - Nee hoor.
Daar is het. - Daar?
Tot vanavond.
Vooruit.
Ducourt? Met Janvier. Ik hoop dat ik je niet stoor.
Misschien lijkt het niet zo, maar ik stel je hulp op prijs.
Nee, ik heb niet gedronken.
Ik wandel een beetje rond. Ja, ik weet het.
Dat wilde ik je even zeggen. Dag.
Ben je ziek? - Nee, ik heb niks.
Hoeveel krijgt u van me? -6,50.
Kom in uniform, daar hou ik van
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.