All language subtitles for de.terugreis.2024.dutch.1080p.web.h264-adrenaline

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (SoranĂ®)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Jet, je ligt ernaast.

Hoger, hoger.

Hoger. Je moet hoger.

Tot zover.

Jongens, over die uitvoering van de 28ste.

Omdat Karel nog in het ziekenhuis ligt. Ik dacht:

Jaap, zou jij zijn solo willen overnemen?

Ik?

Bij dat concert, bedoel je? -Ja.

Ja, natuurlijk. Geen probleem.

Goed, afgesproken.

Fijn. Jongens, we doen het nog een keer.

Een, twee, drie.

Ik ga trouwens niet meer naar dat koor.

En dat vond je altijd zo leuk. -Het is niet meer wat het was.

Je hebt al zo weinig waar je heen gaat. -Ach, ze kunnen er allemaal niks van.

Alle goeie zijn weg.

Weet je wat er nog over is? Ze zijn allemaal doof.

Wat wil je dan?

Ik ga zo ook nog even naar een tafel kijken.

Tafel? Waarom? We hebben toch een tafel?

Kunt u het allemaal vinden?

Ja hoor, prima. -Hij wil een nieuwe stoel.

Oké, waar zat u aan te denken?

Een luie stoel, om in te verdwijnen. Dat wil hij.

Ik heb thuis een prima stoel.

Hij wil nergens aan hoeven denken. Dat zegt 'ie altijd:

Als ik in mijn luie stoel zit, wil ik nergens aan hoeven denken.

Laat die mevrouw even. -Daar kan ik u wel mee helpen, hoor.

Komt u anders even mee. Kijk.

Wat dacht u hiervan?

Ik ga toch niet in al die stoelen zitten?

Hebben een uitklapbare voetensteun, kan eventueel elektrisch. Ideaal.

Hallo, ammenooitniet.

Deze heeft dan net wel een levertijd.

Is namelijk ontzettend populair bij mensen van jullie leeftijdsklasse.

Ik hoef helemaal geen voetensteun. -O, wat fijn.

Jaap, kijk nou. Dat vind jij ook fijn. Kijk dan.

Lekker, hè? -Ja.

Ja, dat kan natuurlijk ook. Een hele andere categorie.

Zachte, comfortabele zitting. Iets minder ondersteuning… Ja.

Vind je dat een fijne stoel, Jaap?

Aapie? Fijne stoel?

Oorzaak daarvan was het luchtalarm...

dat om zes uur Nederlandse tijd afging, zeven uur hier.

We hebben een veel te grote stoel gekocht.

Wat doe je nou? -Ik wil iets anders zien.

Ik wil even het nieuws zien. -Nou, ik niet.

Zeg, mag ik een keer?

Ik word gek van dat nieuws de hele tijd.

Ach man, stik er maar in. -Ja, stik er maar in.

Ja, rambam. -Rambam, ja hoor.

Ja, joh. Schieten maar weer.

Maartje, is er nog koffie?

Zit je hier? Weet je wie…

Heb je nou weer je jas aan?

Wat doe je hier? -Gewoon, lekker.

Weet je wat er bij de post zit?

Hier, Luis.

En hij schrijft: 'Jacobo i Maria.'

'Hace tanto tiempo.' Wat is het lang geleden.

'Escacs'?

Escacs? O ja, schaken.

Dierbare herinneringen.

De dagen aan zee, in mijn geheugen…

'Gegrift' zal dat dan wel zijn.

Altijd lachen. Meest dierbare zomers.

Wanneer was de laatste keer? -Wat?

Nou, dat we daar waren. -Waar?

Bij Luis.

'El gran destructor.' De grote vernietiger?

Hij is toch niet ziek?

Ja. Ja, kanker.

Kanker? Wie? -Ja, Luis.

Jeetje.

Hij ligt in een hospice, in Barcelona.

Of we even een jenevertje komen drinken. In Spanje, ja…

Er zit een fotootje bij.

Wanneer was dat?

Met Christina.

'Ultima vez.' Voor de laatste keer.

Nou, wat gezellig. -HĂ©, Maartje.

Nou, daar zijn we dan eindelijk.

Heeft bijna een jaar geduurd met al dat afzeggen van jullie.

Als ze niet naar ons toe komen, dan komen wij gewoon naar Jaap en Maartje.

HĂ©, broertje. -Peter.

Kom eens hier. Zo, hèhè, eindelijk.

Jaap, jongen. -Cor.

Zeg, heb jij nou nog steeds zo'n last? -Last? Waarvan?

Nou, je been trekt. -Nee hoor, ik ben zo fit als een hoentje.

Dat zie jij toch ook, Cor? -Ja, ik zie het ook. Loop eens een stukje.

Dan kun je meteen m'n nieuwe auto zien. Is elektrisch.

Man, je weet niet wat je ziet.

Hoe is het met Peter? -Hij was ziek, net beter.

In de auto zat hij nog te klagen. -O, die arme ziel.

Je weet hoe dat gaat, toch? Kreunen en steunen.

Zegt hij dan ook de hele tijd hoe ziek hij wel niet is?

Man, schei uit.

Ik moet alles voor hem doen. Het is net een baby.

Als ik ziek ben, dan sta ik gewoon te koken en te wassen.

Als ze ziek zijn, dan zijn ze gelijk bijna dood.

'O God, ik moet even naar m'n bed.'

Ja, dat soort zinnen. 'Ik kan niet op m'n benen staan.'

We hebben een schoteltje te veel.

Maar hoe is het met Peter?

Hoe lang is het nou geleden? Heb jij geen tijd meer voor ons?

Ja, wij wouden het even afwachten. -Wat wou jij afwachten?

Ja, Amsterdam. Toch?

Met al die schietpartijen en overvallen. -Overvallen?

Heb jij nou nog steeds die ouwe?

Ongelofelijk.

Nou, hoe doet het nog prima hoor. Waarom zou ik dan een nieuwe kopen?

Ik zeg er ook helemaal niks van, hoor.

Wij hebben nou zo'n hele dunne. Dat is echt fijn kijken.

Weet je wat jij zou moeten doen, Jaap? Bewegen.

Nee, echt. Wij hebben de slechte knieën van pa.

Maar sinds ik naar de sportschool ga… Let op.

Ja, zie je het?

En zonder een druppeltje zweetje.

Ja, dat zal best.

Lekker, hoor.

Wij gaan naar Spanje.

Echt waar? -Wij komen er net vandaan.

Naar waar jullie altijd naartoe gaan? -Nou ja, altijd…

Dat is toch ook alweer een tijd geleden?

Toch niet met de auto? Of durf je wel weer?

Wij hadden zo'n fijne vlucht. We zaten in een schattig hotelletje.

Vlakbij Malaga. Of was het een Bed and Breakfast?

Het enige probleem van zo'n nieuwe wagen is...

dat ie om de 400 kilometer aan een laadpaal moet.

Goed, dan ga je niet rijden, dan ga je lekker vliegen.

Was het nou een hotel of een B&B? Wat is eigenlijk het verschil?

Nou, het was heel fijn. -Zeg, Jaap

Herhaalt ze nu ineens alles?

Hoe bedoel je? -Nou, ze vraagt…

Ze vraagt hoe het met Peter is. Ik vertel een verhaal...

en twee minuten later vraagt ze precies hetzelfde.

Ach mens, hou toch op. We zijn allebei dik in de zeventig.

We vergeten van alles voortdurend de hele tijd.

Ja, jij natuurlijk niet.

Kijk, daar is m'n broer met z'n piepjes. Nou, een hele goede reis.

En voorzichtig in Amsterdam.

Spanje.

Ik ga nog even een wasje draaien. Leg jij alles wat je nodig hebt op bed?

Ik heb brood gekocht. En fruit.

Brood? -Ja, voor onderweg.

We moeten Jo nog vragen voor de kippen. En we moeten nog even jenever kopen.

Jenever?

Mens, ben je nou helemaal gek geworden?

Dacht jij nou werkelijk dat we even met de auto helemaal naar…

En dat van die jenever, dat was een grap.

Een grap.

Sjongejonge…

Wat zegt deze moord over de Nederlandse onderwereld?

Wat moet er gebeuren in de strijd tegen de georganiseerde misdaad?

BESTE LUIS…

Hoi, Jet. Met Maartje.

Jaap?

Nee, die is er niet.

Die is… Vissen.

Ja, dat heeft hij de laatste tijd een beetje ontdekt.

Bij het Mallegat, daar.

Nee.

Oké, ja. Ga ik zeker doorgeven.

Ja, ga ik doen. Oké, Jet.

Dag, Jet.

Kom jij nou niet meer bij het koor? -Vissen. Waarom vissen?

Hoe lang ga je al niet meer? -Ach, dat heb ik toch gezegd?

Al die oude mensen. We zingen alleen nog op begrafenissen.

Jullie hebben een concert.

Ze vragen naar je. En het is al heel snel.

Nou, je wordt bedankt. Nou moet ik ook nog hengels gaan kopen.

Morgen voor dag en dauw naar de viswinkel.

Maartje? Ik dacht dat jij ziek was? -Welnee.

Jaap belde vanmorgen dat jullie niet konden komen.

Nou, met mij is niks mis.

Jo, gefeliciteerd met je verjaardag. -Met Simon, bedoel je.

Ja, natuurlijk, met Simon.

Dat zijn de Castellers. Dat is een toren.

Even denken, met hoeveel mensen doe je zoiets?

Volgens mij kan het al met twaalf.

Drie bussen, en die chauffeur wist helemaal van niets.

Een witte wijn, twee rood en een biertje. Komt eraan.

Ik…

Even kijken, hoor…

Kan ik… Kan ik helpen?

Kan ik jou helpen? Met de hapjes? -Nee joh, dat hoeft niet.

Wil je nog iets te drinken?

Ja, dat vind ik wel lekker.

Doe maar een…

Ook is er vanuit Nederland extra steun toegezegd.

Een miljoenenpakket om humanitaire en militaire steun te leveren.

Dit is naast de antischeepsraketten die eerder deze week zijn geleverd.

Wat is dit? Wat doe je?

Ja joh, zet de kachel op 180.

Waar is het nou? -Wat?

Dat weet ik niet.

Je zoekt iets, en je weet niet wat je zoekt?

Ja, laat nou maar. Aan jou heb ik ook niks.

O ja, waar is die jenever?

Ik kan hem nergens vinden, ik word er gek van.

Hou nou eens op over die jenever.

Hou zelf op.

Maartje, wat moeten wij daar?

Heb je gezien wat er aan de hand is? De hele wereld staat in de fik.

En hoe wou je er ĂĽberhaupt komen?

Ik heb Luis keurig een brief geschreven, klaar.

Ik wil het je horen zeggen:

Wij gaan niet naar Spanje.

Wij gaan niet naar Spanje.

Dankjewel.

Nou, fijn.

Goedemiddag. We komen uw fauteuil langsbrengen.

Dan moet u even met mijn man… -Is hij thuis?

Nee, volgens mij niet. -Dan kunt u toch voor hem tekenen?

Hij is afgekeurd. Ook door zijn broers, zegt 'ie dan.

Hij heeft zich teruggetrokken, sinds zijn knie.

We komen alleen uw fauteuil langsbrengen. -O nee.

Wat was dat?

Ja…

Nee, nee, nee…

Wat heb je gezegd?

Weet je… Het wordt ook weer winter, weet je wel.

Ik heb er gewoon een draai aan gegeven.

Wat ouwehoer je nou?

Jij doet het expres.

Wat? Wat doe ik?

Jij doet het erom.

Jij loopt mij gewoon te sarren.

Bewust, en je weet het. -Ik doe het niet expres.

Weet je, ik doe soms dingen… Ik weet niet wat ik doe.

Dan weet ik gewoon niet wat ik doe. Maar ik doe het niet expres.

Ik doe het toch niet expres.

Goedemiddag. -Ja.

Ja, wat je hier ziet zijn in de verte boten vol migranten.

Hele absurde, onwerkelijke situatie.

Het grootste aantal dat we tot nu toe hebben gezien.

Ik moet zeggen: een verontrustend gezicht.

HĂ©, Jaap. Hallo.

Jaap, wacht even. Het is morgen al.

Lieverd, wat…

Goedenavond. Meneer Vermeiden? -Ja, goedenavond.

U wist dat uw vrouw aan de wandel was?

Ja, zeker.

Ik ben net nog wel even gaan kijken. Ik dacht, ja, die komt wel thuis.

Gaat ze wel eens vaker zo op stap? Meneer?

Met de bus naar Schiedam? Wat moet jij in Schiedam?

Naar Toeke.

Wat is dat? -M'n vriendin.

Ik heb nog nooit van Toeke gehoord. Wat ben je met die Toeke wezen doen dan?

Gaat je geen reet aan. -Nou zeg, ik mag toch wel…

Ja? -Jaap, Jet hier.

Even over morgen. Het concert begint al om…

Nou, zeg. Wie was dat? -Niemand.

En waarom ben je zo boos? Ik ben boos.

Er had wel ik weet niet wat kunnen gebeuren.

Wat ben je met die Toeke wezen doen?

Ik ging haar halen, om met haar te gaan.

Volgens mij is er niemand thuis, man.

Goed kijken.

Kan ik?

Ja, kijk even. -Ja.

Hallo, kan ik? Kan ik nu?

Kijk nou even.

Ja, ga maar. -Ga maar?

Ga dan.

Ik zit erop.

Daar gaan we. We zijn op weg.

Zo.

Ik zeg 'España'.

Je moet op de borden letten.

Kaarten werken niet meer. Alles is veranderd.

Hier hou ik dus niet van.

Wat is er? -Moet je er hier niet af?

Wat, hier? -Ja, hier is het.

Waar dan? Je maakt me in de war. Je moet op de borden letten.

Ik heb echt wel goed gekeken. -Waarom is er dan geen afslag?

Die kaart is oud, je moet op de borden kijken.

Waarom ben je zo stil de hele tijd? Je negeert me gewoon.

Dit is gekkenwerk. We gaan terug.

Wat?

Wat doe je?

Maria Katarina Vermeiden de Groot

Wacht nou even.

Oké. Jij je zin.

We gaan niet meer over de snelweg.

Gaat veel te hard.

We zijn goed weggekomen, hoor.

Moet je jas niet uit? -Nee, ik heb het koud.

Wat is er?

O ja.

Andersom.

Alles moesten we opnemen.

Van de radio.

Met dat gigantische ding, weet je nog? Niet te tillen.

Uren.

O ja, en roken. Shaggies.

Shaggies.

Weet je wat het is?

Jij bent gewoon een hondenlul.

Dat heb ik je nou nog nooit horen zeggen. Alleen het woord al.

Hondenlul.

En toch is het zo.

Een fijne hondenlul, maar…

Een hondenlul.

Hoe kan dat nou?

Gaan we niet goed?

Nee, je moet terug.

Terug? -Weer helemaal terug, ja.

Je moet er zo af. -Hier?

Ja, ga hier er maar af. -Ik ga hier eraf.

Nu gaan we dus weer over het water.

Nee, je moet toch terug. -Toch weer terug?

Ik blijf keren.

Ga maar. -Ja, je kijkt niet.

Het klopt niet dat we op een brug zitten. We hoeven niet over een brug.

Dan gaan we niet over een brug. -Dit is toch een brug?

Je moet ook op de borden letten, jij zou op de borden letten

Er klopt geen reet van die kaart.

Waarom gelijk zo boos? Dat is toch helemaal niet nodig?

Dit ken ik.

Hier is dat hotel. -Welk hotel?

Bij dat park, met die beesten. -Wat voor beesten?

Dat wil ik even zien. Ga er eens af.

Nou, vijf minuten en niet langer.

Wat?

Waar kijk je nou naar?

Wacht 'ns even.

Nee, dat kan niet.

Je hebt gelijk.

Geiten.

Ja, hèhè.

Ja, er stond daar zo'n schuurtje.

Het was helemaal groen hier.

Hier is het, hoor.

Deze is het.

Heb je geen sleutel?

Ik heb geen sleutel gekregen. -Is dat geen sleutel dan?

Hier, gebeurt toch niks? -En dit dan?

Dit? -Ja.

Ja, past wel. Maar er gebeurt niks.

In, en dan gelijk de deur open.

Doe jij de hendel.

Let op.

Hup, hendel. Nou ben je te laat.

Hup, boem. Ja, te laat volgens mij.

Nee, dat is 't ook niet. -Als we steeds hetzelfde doen…

Nou, hoe kan dat nou? Goed, zeg.

Nou zeg, wat een gedoe. Ga er maar in.

Zo. -Waar zit het licht?

Wacht even, voel jij iets? Een knop? -Ja, ik voel wel iets.

Nee, dat ben ik.

Is dit het? -Volgens mij is dat iets anders.

Dit is 'm.

Er gebeurt niks.

Wat doe je nou?

Kijk eens aan. Geen kaart, geen licht.

Dat is alles. Geen kaart, geen licht.

Dus je stopt de kaart erin. -Wat is hier gebeurd?

Je moet de kaart hierin doen, dan gaat het licht aan.

Ja, geen licht, geen kaart.

Excuseer, tot ziens. -Dank u.

Dat ik dat nou helemaal vergeten was, zeg.

Dat hele park, die hele plek.

Ik ben best benieuwd, weet je dat? -Naar wat?

Hé, ik zat te denken…

Misschien kunnen we nog meer plekken opzoeken.

Plekken, van toen.

Bijvoorbeeld dat restaurant waar ze altijd die canard maken.

Ik wil het wel zien allemaal, en we zijn nu toch op weg.

Wat is dit hier?

Is dit een soort laboratorium ofzo? -Laboratorium?

Sst, niet zo hard. Gewoon doen. Zo gewoon mogelijk doen.

Daar. Niet zo snel kijken.

Die mevrouw werkt hier gewoon.

Kom, we moet nu hier weg.

Lieverd, luister. We zitten net lekker te ontbijten.

Die mensen werken hier.

Alles is goed, ja?

Jij hebt ook overal verstand van, hè?

Trakteer Van Dungen bonbons.

Een kersenbonbon. Heerlijk.

Een Jamaica bonbon: een rumboon.

Van Dungen. Vorstelijke chocolade.

Jamaica bonbon. Heurlijk.

Veurstelijk.

Vijfenveertig jaar geleden.

Bijvoorbeeld in Indonesië is dat gado gado, weet je wel.

Dat is ook alle groenten en vlees en dingen nog bij mekaar.

Nou, dat geloof ik niet. -In Holland doe je hutspot. Stampen.

Paella wordt niet gestampt. -Paella wordt niet gestampt, nee.

Nee, dat wordt geprutteld. -Geprutteld?

Ja, is typisch Spaans.

Jij toch ook, met die Castellers. -Ik was er goed in en dat zagen ze.

Ja.

Dat als je een toren bouwt van mensen, dat je gewoon door je knieën gaat...

maar toch stevig blijft.

Camembert, brie, chevre, port salut, gruyère…

Dat is Zwitsers, gruyère. -Niet, Frans.

Nee, Gruyère is Zwitsers.

…zoveel met hem geschaakt.

Op een gegeven moment kon Luis helemaal niet meer zetten.

Zette hij zichzelf schaak. Dan zei ik:

'Nee Luis, dat kan niet.'

We hebben ontzettend gelachen.

Hebben ze geen pompbediende, kan je het allemaal zelf uitzoeken.

En allemaal in het Frans.

Ja, en nou?

O die.

Nou, tjonge jonge wat een operatie.

Bijna m'n tasje vergeten.

Nee, dit is leuk.

Mevrouw zit in een kippenhok.

Ik loop je overal te zoeken.

Nee.

Ja, lopen. Lopen.

Goed zo.

Nou ben jij een lieve kip.

Maartje, je zit in een kippenhok.

Ik tel tot drie. Eén…

Twee.

Kijk dan.

Nou, nou, nou, nou, nou.

Moet dat allemaal zo in het openbaar?

Ik neem daar aanstoot aan, mag ik?

Meneer neemt daar aanstoot aan. -Aanstoot, ja.

Ach, Japie. -Ja, wat?

Was je vroeger wel anders.

Wij hebben ook op zo'n bankje gelegen, in het park toen. Weet je nog?

Dat was ook aanstootgevend hoor, wat wij deden.

Est que voulez-vous passer met die ellende.

Een lekkere kont had die griet.

Heb ik ook, hè?

Ik heb ook ontzettende lekkere billen.

Japie, kijk dan.

Iedereen mag mijn billen zien. Joehoe, toet toet.

Tutje.

Tutje? -Ja.

Ben jij nou mijn man?

Wat een tutje.

Geweldig.

Het is niks veranderd.

Luc.

Maartje, wacht even. Ik denk dat dit zijn zoon is.

Jouw vader, heet hij Luc?

Ja, net als ik. Maar ik ben dus junior.

De kleine Luc. -Ja.

U kent mijn vader? -Ja, van lang geleden.

Nou, welkom.

Doe dan tenminste je sjaal af. -Waarom? Ik heb het gewoon koud.

Van het huis.

Ga even zitten, hier.

Sorry, ik heb geen tijd.

Hoe is het met je vader?

Hoe gaat het met Luc?

Mijn vader? Papa is overleden.

Hij is dood.

Nee, echt? Wat erg. Wanneer?

Negen jaar alweer.

Maar goed, zo gaat dat. Hij had een mooi leven.

Wij waren goede vrienden van Luc.

Jullie speelden altijd. Vertel hem hoe jullie speelden.

Jij en ik hebben samen gespeeld. Je was nog heel klein.

We speelden met de…

Een katapult?

Weet je dat niet meer?

We kwamen ieder jaar en zagen je opgroeien.

Van kleine Luc naar grote jongen Luc.

Sorry.

En alles is nog hetzelfde. Er is niets veranderd.

Heb je nog le canard?

Eend?

Nee, nee.

Goed. Ik leg de menukaart hier neer.

Als jullie iets kiezen, ben ik zo terug.

Hij wist helemaal niks meer.

Toch?

Wat heb je? -Niks. Rijden.

Je hebt iets. -Nee.

Je hebt iets onder je jas. -Nee.

Wat heb je onder je jas? -Niks. Rij jij nou maar.

Kom nou, wat heb je? -Nee.

Laat nou eens kijken.

Dat is van die mensen. -Ja.

Heb je nou…?

Ja.

Wel goed hoor, kijk. -Doet 'ie het nog?

Ja, kijk.

Politie, volgens mij.

Doe dat ding weg, doe in je tas. -Wat?

Dat klokje, in je tas.

Onder de bank. -Ja.

Nou zijn we erbij. -Gewoon doen.

Nou zijn we er gloeiend bij.

Rechtop zitten, niks aan de hand.

Ik zei het toch. Net doen of er niks aan de hand is.

Daar heb je hem, daar komt 'ie. Hier, de klos.

Hij is weg.

Was niet voor ons.

Wat?

Is goed, Maart. Is goed.

Nou, oké. Prima.

Hou op.

Gedoe.

Moet je er geen foto van maken? -Nee, hoezo?

Je houdt helemaal niet van mayonaise.

Hoe kom je daar nou bij? -Jij haat mayonaise.

Wat is dit voor onzin?

Jij houdt niet van mayo, al 46 jaar niet. -Dat heb ik nooit gezegd.

Dat zeg je al sinds we getrouwd zijn. Honderden keren.

Je bent zelf niet helemaal honderd.

We hebben nooit mayonaise in huis omdat jij het niet lust.

Ach, jij bent gewoon een zeikerd. Burgermannetje.

Meneertje binnenblijver.

Moet ik anders even vragen of ze het nieuws voor je aanzetten?

Hallo, hebben jullie geen tv hier? Hallo?

Nou, zo goed? Bange poeperd.

De auto trekt helemaal niet meer, er is iets.

Wat?

Wat doe je?

En?

We moeten naar een garage.

We rijden toch? -Je hoort toch wat voor geluid hij maakt?

Straks explodeert er nog iets. Ik krijg hem niet eens in z'n twee.

Ja, tegen het dashboard duwen. Nee, dat is lekker slim.

Waar ga je nou heen?

Wat ga je nou doen?

Niet te geloven dit.

Ja, merci.

Ga er een foto van maken. Sjongejonge.

Kom nou.

Wat? -Nee, niks.

Waar hadden jullie het over dan?

Nee, het is niks.

Hadden jullie het over mij?

Niets meer aan te doen, hij is helemaal kapot.

Wat?

Waarom kan hij niet gemaakt worden? Wat is er dan zogenaamd kapot?

Alles. Alles is stuk en niks kan gemaakt worden.

En wat moeten we dan doen? -Weet ik niet.

We kunnen in elk geval niet door. -Waarom niet?

Omdat de auto stuk is. -Wat is er stuk dan?

Hopelijk heeft u een goede reis gehad.

Voor één nacht?

Morgen even naar de garage. Gewoon even met die man praten.

Laat me even met deze man praten.

Ja, één nacht.

Die man die maakt hem zo. Ja, ik snap dat niet.

Ik snap niet wat daar nou lastig aan is.

Die auto is meer dan dertig jaar oud. Ik ben heel even met deze meneer.

Ja, inclusief ontbijt. -Prima.

Ik denk, volgens mij, Jaap…

Ik denk dat het kopen van een nieuwe auto echt een goed idee is.

Nee, we kopen geen nieuwe auto. -Jawel.

U kunt tot half 12 uitchecken.

Je bent negatief.

Omdat jij gewoon overal zo negatief op reageert.

Je zet me compleet voor schut bij die meneer.

Ja hoor.

Kan je niet gewoon voor één keer gewoon eens een beetje normaal doen?

Zeikerd, getverdemme. Je bent gewoon tegen, vetzak.

Vetzak? Wat nou, tegen?

Je bent tegen en je weet best wat ik bedoel.

Hij ook trouwens.

Ik had hem wel in de smiezen, hoor. -Je bent weer helemaal koekoek.

Je bent tegen en je weet heel goed wat ik bedoel.

Mens, hoe vaak moet ik het nou nog uitleggen?

Er is helemaal niemand tegen. Er is niks.

Ik heb geen zin meer.

Nou, fijn. Mooi. Prachtig. Prima.

Dan houdt het hier op. -Ja.

Hèhè, eindelijk. Ik ben kapot. -Ik ook.

Dus jij hebt ook geen zin meer? -Nee.

Mooi, dan gaan we morgen naar huis. -Ja.

Ja, dan ga ik het regelen. -Ja hoor, je regelt maar een eind weg.

Wat doe je hier?

Ik raak ze niet kwijt.

Wie? Waar heb je het over?

Ze zijn met z'n vijven.

Lieverd, er is hier niemand.

Stuur ze alsjeblieft weg. Ze zijn heel boos en…

Ik… Ik ben heel bang.

Maartje, klaar nu. Alsjeblieft.

Zeg, wat moet dat hier?

Vooruit, eruit.

Wegwezen nou. Ophoepelen.

Vooruit, allemaal.

Jij eruit. Ja, ja.

Je kan protesteren, maar je gaat eruit.

En jij helemaal.

Gaan we brutaal doen? Zijn jullie helemaal betoeterd?

Wat zeg ik nou? Eruit, zeg ik. Ophoepelen.

Wegwezen. Jij al helemaal.

Pak aan, jij.

En als je hier nog één keer komt, nou.

Bonsoir.

Heb je ze weggestuurd?

Ik heb ze weggestuurd.

En ze komen niet meer terug, hè? -Nee.

En anders krijgen ze met mij te maken.

Blijf je bij me, of ga je naar je werk?

Nee, ik…

Ik blijf bij jou.

Heb je nou…?

Heb je nou helemaal geen kleren meegenomen?

Helemaal niks?

Ik voel me zo raar.

Het doet pijn, en…

Ik voel me zo raar.

Lieverd toch.

Het komt allemaal goed.

Je bent mijn schat, toch? -Ja.

Het is oké.

Wat kan ik voor u doen?

Ik heb een klein ongelukje gehad.

Nee, alleen een kleine…

Maakt u zich geen zorgen.

Geef mij uw hand.

Wat kun je dat goed.

Ja, ik studeer geneeskunde.

Wij hadden een klein ongelukje.

Mijn vrouw was bang.

Heb jij een vriendin?

Ja, Valérie.

Valérie? Prachtige naam.

Wij zijn al 46 jaar samen, Maartje en ik.

Soms is ze zo bang.

Zo veel veranderingen.

Jij bent nog jong, wij zijn oud nu.

Als je jong bent, ligt de wereld aan je voeten.

Kunt u dit even vasthouden?

We hebben de wereld gezien.

Altijd op reis, we waren net zigeuners.

We hadden overal vrienden, geweldige mensen.

Nooit bang voor nieuwe avonturen.

Waar komt u vandaan? -Nederland.

Ben je daar ooit geweest? -Nee, ik heb geen tijd.

Werken en studeren.

Maar ik zou graag een keer gaan. Kunt u uw hand bewegen?

Ja, dank je.

Wat is je naam? -Ik heet Abdul.

Dank je, Abdul. -Graag gedaan.

Ik ben Jaap, van Maartje.

Kunt u deze aan Abdul geven?

Goede reis. -Dank u.

Nou, daar gaan we.

Eens kijken. Dit is de sleutel. Waar is het contact?

Ik mis ook een pedaal… 'Engine'…

Oh, zo. -HĂ©, dat is een televisietje.

Waar is mijn pook? Ik heb geen pook. -Welke pook?

Dit is niet goed.

Te hard.

Wat doet u?

Dat is die man.

Er zit geen dingetje. Geen draai…

Heeft u nooit in een automaat gereden?

Het is een automaat.

Ja, of deze?

Jeetje, wat is dit allemaal? 'Aux', wat is dat?

Ik zit ook te zoeken. -Uit, waarschijnlijk. Aux, uit.

Nee, ik denk dat je die… 'Function'.

Erop drukken? Doen?

Je moet even zo met je vinger vegen. -Vegen?

Veeg met je vinger over het scherm. -Ja, rustig maar.

Ja, zo ja.

Deze? Nee.

Nee, bah. Toch? -Nee.

Dit is mooi, toch? -Dit is wel aardig, ja.

Kijk nou.

Lekker.

De sleutels, waar zijn de sleutels?

Waar zijn nou de sleutels?

Dit is nou precies wat ik niet wilde. Ik wilde dit niet.

Ja, wat nou? Wat dacht jij nou?

Dat is een mooie auto, daar valt wat te halen?

Nou, mooi niet jongen.

En doe die capuchon eens af, toon eens wat respect.

Meneer, ik kom alleen uw portemonnee teruggeven.

Die had u in de winkel laten liggen.

Hij is toch van u?

Dus ik geef hem terug.

En ik ga weer. Iedereen weer tevreden.

Aardige jongen.

Ja.

Wat?

Wat is er? Wat zit je nou?

Dat ik dacht dat die man…

HĂ©, Japie.

Dat is toch voor Luis? Kom.

Kom nou.

Het zijn wel duizend treden. Dat is niet niks.

Daar gaan we. Kan je het aan?

Loop nou maar.

Kijk nou.

Schitterend.

Nou…

Hier doen?

Een beetje duizelig, maar… Heerlijk.

Konden ze het niet gewoon even vragen? -Waar dan?

Weet ik veel. Gewoon. Je kunt toch vragen?

Stond niet in de computer, dus. Dan zal hij er wel niet zijn.

Wat weet een computer nou?

Auto inleveren en naar huis.

Zeg, ga jij nou nog mee naar Daan?

Daniëlle? Bij de haven?

De boot moet wel varen, hoor.

En dan heb ik ook nog die hele administratie.

Ja, anders wordt hij boos.

Wie? -Hoe heet hij nou…

We hebben het samen gemaakt. Je hoeft het niet alleen te doen.

Misschien ga ik er vanmiddag wel even heen.

Even de boel, even de bedden.

Ik moet het nog met die administratie opnemen.

Al die dingen.

Ik ben al heel lang niet meer geweest.

Vind je het goed, als ik er vanmiddag even heen ga?

Natuurlijk lieverd. Ga maar.

Ja, want dat meisje is daar ook weg.

Hoe heet ze? Mirjam?

Heel lief meisje. Ontslagen misschien?

Moeten we ook nog een oplossing voor vinden.

Zal wel verkocht zijn.

Christina.

Pardon.

Mijn vrouw… Hoe zeg ik dat?

Ik ben het, Maartje. En Jaap.

Ik ben het.

Maartje?

Mevrouw Maria?

Meneer Jacobo? -Ja.

Hoe komen jullie hier?

Niet te geloven.

Dit is Andrea, dit is de dochter.

Maartje en Jaap zijn terug in Palamos.

Ik kan het niet geloven. Kom, kom binnen.

Jullie blijven hier slapen. -Goed.

En jullie blijven eten.

Ik ga iedereen uitnodigen.

We zijn er.

Hoe gaat het met Luìs?

Papa?

Hij is overleden.

Een maand geleden, ongeveer.

Een maand geleden?

Wat?

Het spijt me.

Nu is hij bij mama.

Hij heeft haar lang moeten missen. Zestien jaar.

Waar zijn ze?

Ja, hiero, hebbes. Maartje, hier liggen ze.

Sorry.

Voor wat?

Dat we ze niet meer hebben gezien.

Weet je nog, in Torredembara? -Die zwembroek.

Er kwam een golf en weg was zijn zwembroek. Luìs in paniek.

'Even serieus, Jaap.'

Als zij hier kwamen, was het een groot feest.

Maartje, je staat bovenop.

Casteller. Ik kan het nog.

Iets naar links.

Mag ik de foto zien?

Nee, nee, nee.

Lina, kom hier.

'72? -Jij denkt '73?

Ik denk '73. -Ik weet het ook niet zeker.

Ik vind het zo stoer dat jullie zijn gekomen.

Bedankt.

Het is geweldig om jullie samen te zien.

Je bent zo goed met haar, Jaap.

Het gaat niet goed met haar, hè?

Nee.

Maartje is ziek.

Het spijt me.

Hoe is het voor jou?

Ik ben bang.

Ik weet niet wat ik zonder haar moet, snap je?

Dat snap ik.

Doe je je schoenen niet uit?

Heb je het niet koud? -Nee, lekker.

Kom eens.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.