Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Naar het boek van Jean-Jacques Semp�
Als iemand iets afweet van kogellagers,
tandwielen, binnenbanden en derailleurs
ben ik het wel, Raoul Taburin.
Gepiep, gekraak, geruis,
men vertrouwt me de meest subtiele problemen toe.
Hij maakt geluid en dat blokkeert de ketting.
Steeds als ik trap, loopt de ketting eraf.
In Saint C�ron is mijn reputatie dusdanig
dat mensen niet langer "fiets" zeggen maar "taburin."
Geregeld.
Prettige dag, Raoul.
Slechts twee anderen hier is zo'n onderscheiding ten deel gevallen,
Auguste Frognard, de slager,
en Ang�lique Bifaille, de opticien.
Bijziend en astigmatisch
draagt Bifaille al een gewone en een zonnebifaille sinds haar jeugd.
Net als Frognard rijdt ze op een taburin
en is ze bijzonder dol op dungesneden frognard.
Persoonlijk geef ik de voorkeur aan beenfrognard.
En ik draag alleen een bifaille als ik de krant lees.
Madeleine en ik begrijpen elkaar zonder woorden.
Sophie en Martin maken ons gelukkig.
Omdat ik nooit onbereikbare aspiraties,
grootse ambities of bovenmaatse trots had,
had ik rustig gelukkig kunnen zijn,
als een kloof tussen schijn een werkelijkheid
niet mijn hele leven zou bederven.
De last van een geheim.
Een heuse vloek wierp een schaduw over mijn hele leven.
Ik, Raoul Taburin...
heb nooit kunnen fietsen.
Op een taburin kunnen rijden.
En de tragedie is dat niemand me ooit geloofd heeft.
Zoals mijn vader, die nooit twijfelde aan mijn capaciteiten.
Opgelet... ik laat je los!
Gaat het?
Nog een keer?
Nog ��n keer.
Ok�, we stoppen.
Toen anderen nog zijwieltjes hadden,
leerde Ang�lique Bifaille al de basis van het opticiensvak.
En aan de overkant
hielp Frognard
zijn vader graag een handje.
Raoul!
Ik wilde ook mijn vader opvolgen
maar de middelpuntvliedende kracht
en de wetten van de zwaartekracht spanden tegen me samen.
Mijn vader besteedde er geen aandacht aan
en nam me mee om me de subtiliteiten van zijn vak te leren.
Ik volgde zijn aanwijzingen op
en was vastbesloten om ooit een modelpostbode te worden.
Die dag is nooit gekomen en met de leeftijd
dacht ik mijn geheim mee in mijn graf te nemen.
Maar het lot besloot anders.
Nee, niet naar beneden kijken.
Wat? Ik?
Het lot diende zich aan in de persoon van Herv� Figougne.
Herv� Figougne. Ik ben fotograaf.
Als Figougne niet naar Saint C�ron was verhuisd,
had niemand het ooit geweten.
De prijs is hoog maar ik ben er vanaf.
Iedereen,
om te beginnen met mijn gezin, zal eindelijk weten
dat mijn hele leven was gebouwd op een leugen.
Iets naar voren, Sauveur. Goed zo.
Iets naar voren. Goed zo.
Elsa, iets achteruit.
Goed zo.
Opgelet. Klaar?
Ik ontdeed me als laatste van mijn generatie
van mijn zijwieltjes.
Wat is er?
Maar hoe kon ik vanaf toen mijn handicap verhullen?
Wat is er?
Kan ik je helpen?
Oh jee, is je ketting eraf gelopen?
Ga door, je gaat winnen. Vooruit!
Een toekomstige postbode moet de tijd nemen...
Wat is er gebeurd?
De ketting is eraf.
...en voor zijn materieel zorgen.
Het is opgelost.
Sauveur, we gaan naar Ang�lique! Schiet op!
Maar het onrecht van het lot bracht me steeds bij dezelfde vraag:
"Waarom kan ik het niet?"
En dus...
als een boeteling tijdens zijn kruisweg,
deed ik nieuwe pogingen buiten het zicht van de anderen.
Hoe ik het ook probeerde,
ik bleef maar niet in evenwicht.
Waar is Raoul?
Daar is hij!
Kom, we gaan!
- We wachten op Raoul. - Kom, Raoul.
Wil je niet gaan fietsen?
Vanavond kun je lezen.
Hoe lang zou het duren
voor ik ontmaskerd zou worden?
Kom, we gaan!
- De rivier of het meer? - Het meer.
Dat vind ik leuker.
Tegen wil en dank slaagde ik erin om van middelmatige leerling
tot de beste van de klas te worden.
"De dichter is als de prins der wolken
Die stormen trotseert
en de boogschutter bespot.
Verbannen op de grond en uitgejouwd
beletten zijn vleugels hem te lopen."
Mijn vader vreesde
dat ik geen postbode maar dichter zou worden.
En toch, als hij eens wist hoezeer ik van fietsen hield.
Elke dag
brak het mijn hart als ik hem zonder mij zag vertrekken.
Ik ga mijn ronde maken. Ga je mee?
Alsjeblieft.
Was je liever af?
Gezien zijn vastberadenheid
moest ik allerlei bezigheden bedenken
om een nieuwe pijnlijke situatie te vermijden.
Jaar na jaar dreef ik vrolijk mijn pianolerares mej. Simonet
tot een depressie.
We konden er niet omheen,
ik had net zo min talent voor pianospelen als voor fietsen.
Ik kan niet fietsen en ik heb geen vrienden.
Ga je naar bed?
Mag ik nog even opblijven?
In de hoop mijn falen te begrijpen,
bestudeerde ik methodisch
elk deel van mijn fiets, van zadel tot kogellager.
Hoeveel kilometers heb ik zo afgelegd mijn leven?
Lopend naast mijn fiets,
als een huisdier dat je uitlaat.
Terwijl ik mijn carri�re als modelleerling voortzette,
had het lot een streek voor me in petto.
Auguste!
Morgen 2 juni Dagje fietsen
Hoe kon ik daaraan ontsnappen?
De trucjes om mijn vaders ronde te vermijden
leken me ineens te zwak.
Ik besloot er een schepje bovenop te doen.
Twee jaar eerder was er een kind bezweken aan meningitis.
Ik bootste zonder gewetensbezwaren de symptomen na.
Het uur van de waarheid was aangebroken.
We wachten hier even.
Stop hier.
Juf, Raoul is er niet!
Raoul!
Wat doe je? Vooruit, kom!
Kom naar beneden!
Waarom is hij daar gebleven?
Vooruit, kom.
Ik kon het niet langer meer uitstellen.
Ik stierf liever meteen bij de afdaling,
dan later van schaamte bij mijn vrienden.
We wachten op je!
Kom!
Kom naar beneden!
Voor een keer
viel ik niet meteen dankzij de snelheid
en bleef ik in het zadel.
Het was zowel een wonder
als een nachtmerrie.
Raoul, remmen!
Hij gaat onderuit.
Wat prachtig!
Hij kan niet zwemmen!
Die dag
betrad ik zegevierend de mythologie van Saint C�ron.
In de ogen van iedereen was ik nu
Raoul Taburin.
- Een looping? - Ja.
- Op zijn fiets? - Ja.
In de lucht.
Een echte looping.
Nooit eerder gezien.
Gelukkig viel hij in het meer.
Hij is in orde, niets gebroken.
Maar we zijn erg geschrokken.
- Hij had dood kunnen zijn. - Maar hij viel in het water.
Mijn vriendjes dichtten me heldendaden toe.
Ik liet ze praten en leerde de kunst van terughoudendheid.
Geen veinzerij meer.
Ik hoefde maar naast mijn fiets met lege band te lopen
en men dacht dat ik de routine beu was
en ik me toelegde op gewaagde stunts.
Voor mijn 20e verjaardag
gaf mijn vader me zijn eigen droomcadeau.
Een racefiets.
De dag van mijn verjaardag was het einde van mijn ijdele hoop.
Sommigen zijn kleurenblind of hebben hemofilie...
Ik kon niet fietsen.
Mijn reputatie van kamikaze hield zichzelf in stand en nam toe.
Voor heel Saint C�ron was ik
een levende legende.
Mijn kende me bovennatuurlijke krachten toe.
Die Taburin is een durfal.
Ik was vroeger net zo.
Mijn vader dacht dat ik te druk was met mijn uitdagingen
om met hem mee te gaan.
Hij vroeg het me niet eens meer.
Dat was nog pijnlijker dan dat ik moest liegen.
Papa.
Ik...
Ik kan niet fietsen.
Ik had zo graag...
Ik bedoel...
hetzelfde willen doen als jij.
Papa!
De enige persoon aan wie ik mijn geheim vertelde,
nam het mee in zijn graf.
Die dag
begreep ik dat het drama van mijn leven in wezen een tragedie was.
Het lot veroordeelde me tot zwijgen.
Om me ervan te ontdoen,
besloot ik voorgoed mijn fiets op te geven
Maar dat was verloren moeite want gaandeweg
was hij de zelfrijdende fiets geworden die in mijn dromen verscheen
sinds mijn vroegste jeugd.
Met bezwaard gemoed
moest ik drastische maatregelen nemen.
De wedstrijd van Saint C�ron wordt weer historisch!
Net als vorig jaar!
Gezien de levensstijl van bepaalde wielrenners,
heb ik wat twijfels.
Het zou een wonder zijn als ze finishen!
We wijzen erop
dat wielrennen geen spel is, maar een discipline!
Ja, hoor! We hebben een kampioen!
Sauveur Bilongue, de lokale held!
Sauveur had al wat regionale wedstrijden gewonnen,
Ang�lique Bifaille had nu haar moeders winkel
en Auguste Frognard die van zijn vader.
Ik was als enige niet mijn vader opgevolgd.
Nee! Bilongue heeft een lekke band!
Dat hoort u goed!
Mijn enige kwalificaties waren koprollen, een looping
en mijn terughoudendheid.
Maar door al die gedemonteerde fietsen, wist ik er wel iets van.
Vooruit, Raoul!
Goed zo!
Sauveur kan net op tijd verder om aan kop te blijven!
Veel mensen kunnen fietsen
maar weinigen verwisselen blindelings een wiel.
Goed zo, Raoul!
Alles goed?
- Ja. Met jou ook? - Ja, dank je.
Vanzelfsprekend nam de oude Forton me aan
als leerling om hem bij te staan in de zomer.
Na jaren hard werken, was hij blij dat hij het rustiger aan kon doen.
In de zomer liet hij me de werkplaats runnen.
Ja, goed zo.
Dit ook. De juiste spanning.
Zijn adviezen vervolmaakten mijn opleiding als fietsenmaker.
Het is perfect.
Goed gedaan, jongen.
Een jaar later mocht ik zijn zaak overnemen.
- Gaat het, meneer? - Ja, hoor.
Alleen op de hellingen...
is hij, hoe zeg ik dat...
is hij stug.
- Dag, papa. - Dag, liefje.
- Stug zei u? - Ja.
We gaan er even naar kijken.
En die tandem?
- Hij piept. - Nee, hij kraakt.
Hij piept.
Hij piept. Hoor je die band?
Nou ja, hij loopt dus aan.
Goed, ik zal zien wat ik kan doen.
Bedankt.
Een tandwiel van 38 is beter. Dat is minder vermoeiend.
Ja, ik ben inderdaad wat traag.
Josyane bleef de boekhouding doen,
net als in haar vaders tijd.
Ik deed alsof ik dat niet kon,
zoals ik vroeger deed alsof ik kon fietsen.
Misschien was ik nu zelfs nog overtuigender.
We brachten graag samen tijd door.
De verwarring nam net zo hard toe als mijn zelfvertrouwen.
Ik had nooit gerekend op een zielsverwant.
Als zij dat nu eens was?
Een welkom onweer versnelde de zaak.
Mijn hart bonsde razendsnel.
Josyane.
Ik moet je iets vertellen.
Iets wat ik niemand ooit heb verteld.
Dat is niet helemaal waar... maar ik vertrouw je.
Ik moet ook iets bekennen.
- Het is belangrijk voor me. - Voor mij ook.
Nu kun je me alles zeggen.
Het is stom.
Nee, vertel.
Josyane...
Ik kan niet fietsen.
Ik heb het nooit gekund.
Ik weet dat het raar klinkt maar het is waar.
Houd je me voor de gek?
Welnee.
Niet grappig.
Maar ik meen het.
Zie je al die fietsen?
Je bent vervelend met je fietsen.
- H�? - Ik ga naar huis.
Nee, dat is...
Dat is gevaarlijk.
Wat een onzin.
Die dag leerde ik
dat meisjes complexer waren dan derailleurs.
En dat je geheimen...
op het juiste moment moet vertellen.
Het is niet de oprechtheid die telt.
De vloek klopte weer aan mijn deur.
Hij had Josyane niet door de bliksem laten treffen
maar de dreiging was er.
Ik gaf de hoop op een normaal leven op.
Ik was veroordeeld tot zwijgen en eenzaamheid.
Ik zou dus mijn dagen alleen eindigen...
alleen met mijn fiets.
En in de diepte van het stilzwijgen zou ik altijd
het geklik horen van de ketting op het tandwiel.
Wacht.
Toen brak de Ronde van Frankrijk aan.
De lokale ster, Sauveur Bilongue, deed mee.
De bewoners van Saint C�ron misten geen etappe
en zagen live de prestaties van Sauveur op de tv
die in zijn eentje een etappe won.
Dat dat kwam door een massale valpartij gaf niet.
Heel Saint C�ron wachtte opgewonden op de terugkeer van de held.
De wielrenner,
die voor het oog van het land daags na zijn zege ermee stopte,
zou nooit zeggen dat hij niet kon fietsen.
Josyane viel onmiddellijk voor de nieuwe kampioen.
Drie maanden later trouwden ze.
En ik had haar nog wel gezien als zielsverwant.
Een fatale vergissing.
Maar het hoofdstuk sloot zichzelf.
Ik ontdekte het enorme verschil
tussen een bevlieging en een vanzelfsprekendheid.
Madeleine...
Ja?
Ik moet je iets zeggen.
Ik heb het niemand verteld.
Ik moet ook iets zeggen.
Het is belangrijk.
Ik...
Ik kan niet...
Wat kun je niet?
Ik...
Wil je trouwen?
Dat meen je niet.
Jawel, dat meen ik wel.
Madeleines ouders waren omgekomen bij een tandemongeluk.
Sindsdien was ze bang voor fietsen
en mijn reputatie van waaghals hielp niet echt.
Ik beloofde haar plechtig nooit meer op de fiets te stappen...
...en altijd van haar te houden.
Ik beloof nooit meer op de fiets te stappen...
en altijd van je te houden.
Een belofte die ik moeiteloos waarmaakte.
Vanaf die dag
kon ik zelfs gaan denken aan gelukkig zijn.
Niet bewegen.
Ik?
Sorry, ik heet Herv� Figougne.
Hallo.
Ik ben fotograaf.
U heeft vast gehoord van "Dorpsgezichten".
Dat is mijn project over het platteland.
Omdat Frankrijk dat vergeet.
Heeft u me gefotografeerd?
Aangenaam. Raoul Taburin.
Nee, bent u Raoul Taburin? Die van de fiets?
Geweldig om u te ontmoeten. Een lokale legende.
Raoul Taburin...
Ik had een ander beeld.
Ik zag u daar onbeweeglijk zitten met iets
peinzends in uw houding.
Ja. Want...
U keek...
U keek naar haar. U durft haar niet aan te spreken.
Jawel.
Bent u verlegen?
Dat ben ik ook.
Maar zij is vast toegankelijker dan je denkt.
Ze lijkt vertrouwenwekkend. Gul ook.
Ze heeft iets hartelijks en warms over zich.
Neem je zusje mee.
Je ziet je al in haar armen.
- Ja, maar... - Thuis...
Je kijkt en denkt: "Ze is mijn vrouw."
- Ze is mijn vrouw. - Precies.
Dat is ze.
Nee, dat is een uitdrukking. Ze heeft al kinderen.
We gaan naar papa.
Ja, dat zijn mijn kinderen.
Niet alles is van u.
Sorry.
Madeleine, mijn vrouw.
Dit is meneer...
Herv� Figougne. Ik ben fotograaf.
Ik ken u.
Van "Dorpsgezichten".
- Toch? - Ja.
Ken je hem?
Ja.
Iedereen praat over u.
Het dorp is trots dat u hier nu woont.
Oh, bent u...
In de oude drogisterij?
Ja, voor een tijdje.
Het voelde goed hier.
Omdat u fietst.
Fietsen? Grappig, mijn vader zei altijd:
"Een echte man kan fietsen."
Maar helaas.
Wat? Kunt u niet fietsen?
Nee. Kunt u fotograferen?
Ik? Is dat een vraag?
Nee, maar u vroeg of...
Raoul maakt mooie foto's.
Fijn. Maar ik kan niet fietsen.
- Nooit gekund? - Nee.
Ik weet niet eens of ik ooit zonder...
- Zijwieltjes? - Ja.
- Niet eens... - Nee.
Ik herinner me de angst als ik erop zat.
Een soort duizeligheid. Echt angstaanjagend.
Dat begrijp ik.
Kom zeg.
Nee, echt.
Uitbundig, opdringerig en nog een blunderaar ook,
wie had gedacht dat die druktemaker mijn enige vriend zou worden?
Door te trappen blijf je in evenwicht.
- En als ik val? - Je valt niet.
Maar als ik wel val?
Je valt niet.
Nee, niet "je valt niet". Wat als ik wel val?
Vertrouw me.
- Vooruit. Ik duw je. - Rustig.
Vooruit. Klaar?
Vooruit, goed zo. Zo ja.
Laat me niet los!
Verdomme.
Ik ben gevallen.
Nee, je deed het geweldig.
Ik ben gevallen.
Nee. Je bent gestopt. Dat is iets anders.
Nee, ik ben gevallen.
Nee, geloof me. Het was heel goed.
- Ik weet waar ik het over heb. - Wat deed ik dan?
Je stopte even. We gaan weer door.
Ik weet zeker dat het lukt.
Klaar?
Daar gaan we. Vooruit.
Hoe sluit je vriendschap?
Waarom? Op basis van welk gevoel?
Het voelde meteen vertrouwd.
We waren net twee jeugdvrienden.
Sinds ik hem had ontmoet,
drukte mijn geheim minder zwaar op me.
En het wonder gebeurde zonder een bekentenis
met het risico van een afwijzing of een blikseminslag.
Uiteindelijk was ik een fortuinlijk man.
Dit is Herv�.
Herv�, Sauveur.
U bent van "Dorpsgezichten."
Ja, ja. Toen ik de camera zag, dacht ik het al.
- Hij is slim. - Dat zie ik.
Schat, het is die man van die foto's.
- Ze is verlegen. - Niet nodig.
Ik zeg altijd, ik ben net als iedereen.
Nee, Raoul intimideert haar.
Hij is heel bescheiden gebleven.
Weet u wat mijn vader zei?
Mijn vader zei...
"Wanneer je je moeders armen verlaat...
Wanneer je...
"Wanneer je je moeders armen verlaat, vind je het stuur...
van een fiets."
Goed, heren...
prettige dag.
Wie is die intellectueel?
Sauveur. Een kampioen.
Een kampioen.
En zijn vrouw?
Josyane.
Ook een kampioen?
Josyane en ik...
- Nee. - Jawel.
Wat een onzin.
Nee, echt.
- Dat geloof ik niet. - Toch is het zo.
- Welnee. - Waarom niet?
- Dat kan niet. - Waarom niet?
Hoe je bent.
- Toen was ik... - Lang geleden.
Ik was niet dik.
Wat heb je tegen haar gezegd?
Je verwacht van vrienden dat ze een flatterend beeld van je geven.
Niet dus.
Doe je me nu na?
Dat kan ik ook.
Ik kan jou nadoen.
Ga je gang.
H�!
Ik kom uit Parijs. Ik ben fotograaf. Klik!
Soms kijk ik naar de natuur.
Grapje.
Ik maak een grapje.
Voor jou.
Hoe bedoel je, "voor jou"?
Wil je dat ik doodga?
Ik aarzelde tussen
dit of een tractor.
Een tractor was goed.
Vooral niet bewegen.
De zondagen brachten we samen door...
en Herv� werd een deel van het gezin.
Kun je...
Blijf rechtop staan.
Je haar beweegt te veel.
Niet aankomen!
Goed zo. Perfect.
- Anders sla ik je. - Ja, goed.
Geweldig!
Foto!
Nog eentje. Een beetje vermoeider maar wel wakker.
Opgelet, ogen open!
Ik wil iets meer vermoeidheid in uw blik.
Het is een vak van de dageraad. Laat uw vermoeidheid zien.
Ziet u de camera? Laat dat zien.
Ik wil iets royaals voelen.
Ik wil de graanvelden voelen,
de molenaar, vers brood.
Een, twee, drie. Misschien kunnen...
Zodra Figougne in Saint C�ron kwam, had hij portretten gemaakt
voor zijn project: "Dorpsgezichten."
Geef alles.
Veel liefde en vermoeidheid.
Denk aan toen u opstond.
En niet bewegen!
Vooral niet bewegen.
Vooruit.
Al snel kreeg ook hij een onderscheiding van de bevolking.
Men zei niet langer een "foto" maar een "figougne."
Prachtig. Heel mooi.
Meneer Frognard, is dat een hakmes?
Ja.
Geef dat aan uw zoon.
Zet je bifaille af voor de figougne.
Heel goed.
Mijn fout. Geef het aan uw vrouw.
Je bifaille.
Kijk naar mij. Blijf natuurlijk.
Houd het hakmes omhoog.
Geef het aan uw dochter.
H�, liefje, probeer dit.
Kijk naar mama.
Houd elkaars hand vast. Goed vasthouden.
Die kant op kijken.
Jij, liefje...
Kijk voor jullie.
Kijk naar mama.
Zonnig. Je hoofd mooi recht.
Opgelet.
Prachtig. Vooral niet bewegen.
Daar gaan we!
Zoek iets waardoor je je handen stil houdt. Pak dat stuur.
Ja, prima. Nu zien we de...
Mooi stilstaan. Ja, elegant.
Net als wanneer je fietst, je blik naar de...
- Horizon. - Achter het obstakel.
Er ontbreekt iets.
Misschien wat meer...
Het is niet erg origineel.
Van sommige momenten weet je dat er een voor is...
Meer beweging.
...en een na.
Misschien.
Ik houd van het idee van een man in z'n werkplaats.
Dat is een heel goed idee.
Raoul, je moet weer op je taburin stappen.
Madeleine, ben je gek?
Kom op, jij op je mooie fiets,
razendsnel... Dat is zo lang geleden.
Beloofd is beloofd.
Wat heb je beloofd?
Geen taburin meer.
Ik houd mijn woord.
Een taburin... Een fiets?
Ja. Het kan idioot lijken.
Ik vond dat toen doodeng. Ik wilde geen durfal trouwen...
Maar een figougne van Taburin op een taburin,
die van de helling suist...
Dat moet je doen.
Hij heeft niets gesuggereerd.
Ik vraag het je.
Wacht even, ik ben niet echt goed in sportfoto's.
- Dat verzint u. - Nee, ik ben meer...
opgeleid voor portretten.
Als fotograaf
ben ik een tuinarchitect, geen tuinman.
- Een stylist, geen kapper. - Zie je?
Beweging heeft altijd iets...
ordinairs. Sorry, hoor.
Absoluut. Ordinair.
Maar ik...
- Ik kan naast een fiets lopen. - Ja, dat kan.
Ik houd me aan mijn woord.
Maar dat hoeft niet.
Echt, je mag het vergeten. Ga fietsen met je vriend.
Hij is mijn vriend niet!
Hij is mijn vriend niet!
Ik wil het niet, ok�?
Als hij niet met jou gaat fietsen,
doet hij het met niemand anders.
Hij is zo gelukkig sinds hij je kent.
Hij is altijd stil maar nu stelt hij zich open.
Ja, dat is zo.
Dat dankt hij aan jou. Je gaf hem zoveel.
Goed, daar gaat het niet om.
Ik ontnam hem zijn grootste passie.
Hij moet weer gaan fietsen.
Je moet me helpen.
Nee, laat me uitpraten.
Ik weet het.
Kijk niet zo naar me, het is al moeilijk genoeg.
Ik had het meteen moeten zeggen.
Ik weet hoe je je voelt
en ik begrijp het.
Nee. Ik zoek geen excuses.
Zo ben ik niet, Madeleine.
Het is alleen...
Als je wist...
Als je wist hoe ik me schaam.
Ja, ik schaam me. Ik schaam me dat...
ik mezelf niet heb durven zijn.
Ik heb het geprobeerd, echt hoor.
Ik vertelde het mijn vader, hij werd door de bliksem getroffen.
Jawel. Door de bliksem getroffen.
Angst is altijd irrationeel...
Raoul.
Gaat het wel?
Ja.
Help je me even?
Ja, ik kom.
Ik heb zitten denken. Zelfs als die belofte niet meer geldt,
heb ik niet zo'n zin om te gaan stunten op de fiets.
Toe zeg.
Wie had het over stunten?
Op een taburin stappen?
Alleen voor een figougne?
Om je vrouw en kinderen blij te maken
en je vriend ook.
Dat is waar.
Madeleine,
ik had het moeten...
zeggen vanaf het begin.
Wat?
Wat had je moeten zeggen?
Het was onmogelijk.
Ik kon nooit het noodlot afroepen over Madeleine.
Dan liever zelf eraan gaan.
Raoul.
Het regent niet.
Jawel.
Het regent.
Raoul...
Je baart me zorgen.
Nee, het gaat prima.
Heb je een ander?
- Wat? - Heb je een ander?
Ben je gek?
Schat, waar heb je het over?
Je doet zo vreemd.
Mag ik je iets vragen?
Wat weerhoudt je van die figougne?
Nu regent het.
Omdat niemand wilde afzien van die bespottelijke figougne,
besloot ik het technische aspect aan te pakken.
In weerwil van mijn geweten
wilde ik iets onherstelbaars gaan doen.
Is daar iemand?
Houd de dief!
Verdomme. Waar is hij?
Houd de dief!
Dit is voor het eerst in Saint C�ron.
Het is vast iemand van buitenaf.
Die niet terugkomt.
Ongelooflijk.
Gelukkig viel de schade mee.
Het was zijn camera.
Nee.
Was dat maar waar.
Was het niet jouw camera?
Hij was van mijn vader. Het enige wat ik van hem had.
Dat is bijna nog erger.
Ja, dat is waar.
Al die herinneringen...
Hij is bij me weg.
Goed voor je kijken.
Goed zo.
Nog een rondje en dan laat ik je los.
Draaien, draaien... en omhoog!
Kies een sliert uit.
Wat is de gemeenste? Deze.
We straffen hem. Snel in de machine.
Gedraag je!
Opgelet, we zetten de motor aan!
Dit verhaal gaat over een denkbeeldig land
waar alle bewoners toetjes waren.
De koningin van dat land was een pudding
en haar man, de koning, een lepel.
En 's avonds ging de lepel zachtjes naar de pudding
om die op te eten.
En de soldaten waren aardbeientaarten.
Nu niet meer bewegen.
Dat is heel mooi.
Draai je hoofd ietsje naar rechts.
Kijk die kant op.
Rechts voor jou?
Daarheen kijken.
Nog een stukje, niet bewegen.
Zo.
Herv�, ik...
Nee!
Wat is er?
We zijn niet doof.
- Gaat het, papa? - Sorry.
Ik dacht dat ik vergeten was om...
het licht uit te doen in de werkplaats.
Een leugen, zelfs diep weggestopt,
de best bewaarde, best verstopte,
vindt altijd zijn weg naar het daglicht.
Naarmate het moment van de waarheid naderde,
werd mijn gedrag steeds irrationeler.
Josyane. Hallo.
- Wat doe jij hier? - Kan ik Sauveur spreken?
Waarover?
Niets belangrijks.
- Kom je binnen? - Nee, ik wacht buiten.
Raoul?
- Stoor ik? - Nee.
- Alles goed? - Ja.
- Mag ik je iets vragen? - Natuurlijk.
Hoe deed je dat?
Wat?
Dat je zo vroegrijp was.
- Met meisjes? - Nee, met fietsen. Hoe deed je dat?
Om zo snel te rijden zonder te vallen?
Dat weet ik niet.
In mijn leven...
heb ik nooit echt nagedacht.
Ik heb de dingen gewoon gedaan.
Zo ben ik gewoon.
Ja, dat is het.
Zo ben je.
En jij Raoul, hoe deed jij het?
- Wat? - Om ons altijd te verrassen.
Je deed de dingen altijd anders.
Hoe jij een fiets repareert...
Een kunstenaar.
Raoul, ik moet je iets vertellen.
Weet je...
ik heb altijd jou willen zijn.
Toen ik die etappe won...
Geweldig.
Vlak voor de finish was ik bijna gestopt.
En weet je wat ik dacht?
Ik dacht: "Wat zou Raoul gedaan hebben?"
En ik reed over de finish
met opgeheven hoofd.
Dank je.
En, wanneer ga je die figougne maken?
Wanneer de kaarten geschud zijn,
is het zinloos om het lot nog te willen ombuigen.
Ik weet zeker dat iemand hem gestolen heeft.
Heeft u geen enkele aanwijzing?
Ik kan niet fietsen!
Waar kijk je naar?
Wil jij ook mijn figougne?
Je graast alleen.
Je hebt niets te verbergen.
Dus je kauwt. Je hebt gelijk.
Intussen loop ik te piekeren.
Waarover?
- Sorry, je schrok. - Nee, nee.
Ik kwam afscheid van je nemen.
Oh ja? Hoezo?
Ik mis de stad en mijn werk hier zit erop.
- En je project dan? - Nee, ik heb alles.
En dat van die foto bekoelde onze vriendschap.
Nee, echt niet.
Je maakt niet elke dag vrienden.
Maar...
We maken die foto.
Jawel.
- Voel je niet verplicht. - Nee.
Echt niet.
- Jawel. - Nee.
Dat weet ik zelf het beste.
We gaan die foto maken.
Morgen wordt het een mooie zonnige dag en zal ik doen wat je zegt.
Het is een eer, een figougne met jou.
Slaap je?
Lieve kinderen, wanneer jullie deze brief lezen,
zal ik waarschijnlijk dood zijn.
Zoals jullie zullen merken, was buiten jullie
mijn hele leven gebaseerd op een misverstand.
Een vreselijke leugen.
Ik deed alles om dit trieste einde te voorkomen
maar de laatste tijd werkt het lot me tegen
en nu is het tijd voor mijn trieste lotsbestemming.
Door mijn waarschijnlijke dood zal hopelijk wel
de waarheid boven komen.
Een schrale troost, maar ik zal met een gerust geweten sterven.
Mensen zullen zeggen dat ik...
een bedrieger, een charlatan of zoiets was.
Wat ik wilde zeggen,
is dat ik dankzij jullie
een geluk heb gekend...
dat ik me nooit...
had kunnen voorstellen.
Ik heb een leven geleid...
dat ik nooit mogelijk geacht had.
Pas goed op julliezelf
en op jullie moeder.
Jullie liefhebbende vader,
Raoul.
Nu wij.
"We maken die figougne!"
Wat had me bezield?
Ik had mijn mond moeten houden.
Ik hoopte op van alles. Een aardbeving,
een sprinkhanenplaag, een aneurysmaruptuur... wat dan ook
om van die figougne af te zijn.
Je bent een echte wandelaar.
Zullen we op onze taburins stappen?
Weet je, Herv�...
De eer van een fietser is een voetganger te blijven.
Hij ziet er het mooist uit wanneer hij naast zijn fiets loopt,
want zo draagt hij zijn snelheid in zich.
Wie zei dat?
- Alphonse Allais? - Nee.
Jacques Perret.
"De fietser die naast zijn fiets loopt voor zijn plezier,
is een man die zijn lot in handen heeft."
- Dat is mooi. - Ja, h�?
En als ik...
En als ik nu eens een foto van jou nam?
Zullen we proberen dat ik jou op de foto zet?
- Ja, goed. - Dan komt die in je boek.
- Ik... - Het is simpel.
Laat me maar zien hoe het gaat.
Gewoon drukken.
Herv�?
- Kun je naar me kijken? - Ja.
Ja, zo heb ik je.
- Kun je iets achteruit? - Ja.
Hier? Ik weet niet hoe ik moet poseren. Zo?
Nee.
Nog iets achteruit.
Ja, goed.
Stop!
Het is niet...
Er is een...
Ik... sorry.
Kom maar terug.
Sorry.
Ben je zover?
Ik ben zover.
Ok�, het is simpel.
Ik ga beneden staan.
Op een zeker moment zeg ik:
"Start."
Dan maak je zoveel mogelijk snelheid
en maak ik de foto in de bocht.
Is dat goed?
Ja.
Ik kan niet fietsen.
Wat zei je?
Ik kan niet fietsen!
Niets,
niet eens een bliksemschicht.
Nu was ik aan de beurt.
Help me.
M'n laatste uur had geslagen.
Vanbinnen had ik nog steeds hoop.
Als er nu een wonder gebeurde?
Wat als het vandaag zou lukken?
Wie zei er nu "start"?
Wie zei er nu "start"?
Raoul?
Ik leefde...
Ik leefde!
Ik hoefde m'n ogen maar te openen
en niet eens te praten om van mijn geheim af te zijn.
Iedereen zou het nu begrijpen.
Ik profiteerde van dit tijdloze moment
om mijn allerlaatste rit opnieuw te beleven.
Terwijl ik snelheid maakte,
dacht ik: "Raoul, we gaan opstijgen."
En gedurende een paar seconden
stond de tijd stil.
Perfect evenwicht.
Een gevoel van vervulling.
Een soort hemelse eenheid,
mijn fiets en ik in harmonie
in de lucht boven Saint C�ron.
Kom, we kijken of hij wakker is.
Ja. Kom maar.
We zijn zo geschrokken.
Zal ik de deur sluiten?
Mama, mag ik de krant aan papa geven?
Ja, toe maar.
Hier, houd hem maar zo.
We zijn trots op je.
DE VLUCHT VAN RAOUL TABURIN
Verdoemd. Ik was verdoemd.
De foto van Figougne op de voorpagina
bekroonde mijn kamikazereputatie.
Ik kon er niet meer omheen...
wat ik ook deed,
ik zou mijn geheim tot mijn dood meedragen.
Ik was erg ongerust.
Maar de psycholoog zei
dat mensen die in hun jeugd aan topsport deden,
vaak later nog een uitdaging willen aangaan.
Dus Taburin wilde nog ��n prestatie leveren?
Dat is net iets voor hem.
Hij zei: "Ik kan niet fietsen."
Als een grapje.
Toen lachte hij en stortte zich in de afgrond
met ongelooflijke vastberadenheid.
Hij hield altijd van uitdagingen.
Hij was altijd al anders.
Hij verraste je.
U zult zien, iedereen uit het dorp staat erin.
Ik wilde iedereen eer betonen.
Dat is het onderwerp. Oh, kijk!
Daar is Raoul, onze held!
Goed gedaan!
Kom hier.
Kom de boeken signeren.
Raoul, doe niet zo stom. het is ook jouw feest.
Ik kan het niet.
Ik heb het boek aan je opgedragen.
Het is bedrog.
Wat zeg je nu? Wat is bedrog?
Het is bedrog.
Die foto.
Ik maakte hem niet.
Wie maakte hem dan?
Dat gebeurde vanzelf.
Ik heb hem niet genomen. Zei ik "start"?
Ik zei niet "start"!
Je ging zelf van start.
Je vloog voorbij, ik schrok en wist niet wat ik moest.
Misschien kwam het door je snelheid
maar er was een windvlaag, het statief viel en de camera ging af.
Ik kan geen actiefoto's maken.
Dat kan ik niet.
Ik heb niet de goede timing.
Ik heb niet de intu�tie van een fotograaf, wanneer je moet drukken.
Ik dacht dat het met jou anders was.
Dat ik het zou vergeten en het zou doen als een echte fotograaf.
Maar dat geeft niet, hoor.
Ik weet wie ik ben.
- Waar ga je heen? - Stukje wandelen.
Wat doe je?
Mooie foto.
Kom je naar bed?
Ik kom zo.
De tijd voor bekentenissen was voorbij.
Ik zou weer terugvallen op dat wat altijd had gewerkt...
stilzwijgen.
Raoul, even lachen!
Bij 3 zegt iedereen "Raoul"!
"De Ronde van Raoul Taburin." Ook dat nog.
Opgelet, jongens.
Een, twee, drie... Laat de ballonnen maar los.
Je faam maakt je triest.
Nee.
Kijk! Sophie heeft haar ballon nog.
Sophie!
Laat je ballon los!
Waarom laat je hem niet los?
Hij kan niet zwemmen!
Madeleine...
Ik beloof nooit meer op de fiets te stappen...
en altijd van je te houden.
Mag ik je wat vragen?
Wat weerhoudt je van die figougne?
Waarom zei je dat niet?
Wat?
Dat je niet kon fietsen.
Ik was bang om je te verliezen.
Dan liever van een klif af?
Je had me nooit geloofd. Net zo min als zij.
Je hoefde dat niet te beloven.
Daar vroeg jij om.
Dat kwam je goed uit.
Ja.
Niet teleurgesteld?
- Niet wat? - Teleurgesteld.
Maar Raoul...
Welnee.
Dan kan ik maar niet fietsen.
Het is maar een fiets.
Mevrouw...
Mevrouw, niet bewegen alstublieft.
Mevrouw...
Het is een geit.
Ja, en? Kan ze niet even stilstaan?
Kun jij het vragen?
Wat is 3 seconden nu op een geitenleven?
Herv�.
Ja?
Hoe kom je daaraan?
Ik heb hem van je gestolen.
Ik kan niet fietsen.
Nooit gekund ook.
Wat bedoel je met "ik kan niet fietsen"?
Ik kan mijn evenwicht niet bewaren
zonder zijwieltjes.
Net zoals jij geen actiefoto's kunt maken,
kan ik niet fietsen.
Voor het eerst gebeurt er niets terwijl ik dat zeg.
Dus ik wijdde een heel boek aan een bedrieger?
Ik riskeerde mijn leven
voor een prutser.
Oplichter.
- Charlatan. - Leugenaar.
Opschepper.
Arbeider.
Charmeur.
Tuinbroek.
- Leeghoofd. - Beunhaas.
Ben je boos op me?
H�? Ben je boos op me?
Natuurlijk niet.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.