All language subtitles for 01 Killer

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Alison was weer laat thuis. - Jij zei zelf dat ze een grote meid is.

Het was bijna 01.00 uur. - Heb je haar gesproken?

Niet helemaal uit, alsjeblieft.

Taggart.

Goedemorgen.

Gewurgd. Een hardloper heeft haar gevonden. Om 07.05 uur.

Daar is het wel koud voor. - We hebben er drie gehad.

Hier.

Goedemorgen.

Wie ben jij? - Livingstone.

Ik ben er net.

Oké, bedankt.

Gewurgd met ligatuurdraad. - Dat hebben we hier niet.

Jonge vrouw, rond de 20, gewurgd.

Gezicht omhoog, benen uit elkaar, geen tekenen van seksueel geweld.

Handen gekruist over lichaam. Mogelijk wapen: kous.

Geen afdruk van knopen.

Schaafwonden op wang.

Veel haren verwijderd, waardoor hoofdhuid blootligt.

Losse haren naast hoofd.

Tijdstip van overlijden: 12.25 uur.

Haar horloge is kapot gegaan.

Ik had al notities gemaakt.

In situ? - Dat slaat op ondergoed.

Is 'slipje' niet goed?

Die is vast gegooid. - Blijkbaar.

Voorzichtig.

Welk voetbalteam is dat? - Edinburgh University.

Sentimentele waarde. - Ben je daar niet te oud voor?

Zo blijft m'n hals warm.

Shit, dat is bewijs.

Hoelang moet ik nog wachten? - Dat is lastig te zeggen.

Had ik haar maar nooit gevonden. - Iemand is de klos.

Hij is leeg. Het spijt me. - Leg maar weg.

Hé, niet daarnaast. - Het spijt me.

Ik heb de jogger gesproken. Praat zelf maar met hem.

Mr Martin Inglis. Doceert talen van de Hoorn van Afrika.

Wel koud om te zwemmen, hè?

Brigadier Livingstone. - Andrews.

Deze kant op. Ze is nu zes uur dood. Haar horloge is gestopt.

Goedemorgen, Jim.

Dat moet nog komen.

Morgen. - Mrs Tennent.

Die moord staat vast nog niet in de krant.

Moord? - Op de Kelvin Promenade.

De politie is er al de hele ochtend. Geen man, helaas. Een vrouw.

Ze is verkracht en gewurgd. - Hebt u iets nodig?

Ja, ik heb iets nodig.

20 Kensitas, graag.

Je voelt je straks ook in bed niet meer veilig.

En lucifers. - Hè?

Er is een meisje vermoord. Alles is afgesloten.

En een stukje taart. - Warm?

Ik wil geen koud stuk.

Weet je, dat boek dat ik hier heb gekocht...

...over die lichamen die in Schotland waren gevonden.

Dat was een butler. - In Glasgow?

Nee, in Londen. Maar hij kwam ze hier dumpen.

Typisch Engelsen. - Ja, hè?

1,33.

Ze moeten weer gaan ophangen.

Dat zal ze afschrikken.

Tot kijk.

En hij is vast fatsoenlijk. Met vrouw en kinderen. Wedden?

Mr English? - Inglis, met een l.

Komt u hier vaak? - Ik heb de details al verteld.

Ach, u kent die jonkies.

Elke ochtend. - Om dezelfde tijd?

Kan een half uurtje schelen.

Hebt u al eerder een lijk gevonden?

Wat is dat nou voor vraag? Nee.

Het was vast een schok.

U bent eraan gewend en ziet geen leven of dood. Alleen misdrijven.

Ja, dat denkt men graag.

Luister, ik heb het koud en heb nog niet ontbeten.

Werkt u bij Glasgow University? - Ik doceer talen.

Van de Hoorn van Afrika.

Mijn vrouw heeft er sociologie gedaan en geeft colleges.

Hoe heet ze? - Taggart. Jean.

In een rolstoel?

Houdt u van hardlopen? - Ik wil graag fit blijven.

We hebben een aantal hartslagen, waarom zou je ze verspillen?

Weet u wie ze is? - Nog niet.

Al eerder een wurgslachtoffer gezien? - Ja.

Ze zien er altijd kalm uit. Bijna net als Boeddha.

Waarom zou ze zo liggen? - Ik kijk niet in een moordenaarsbrein.

Ik denk tussen twaalf en een.

Zoals op het horloge. Goede klap.

Komt het overeen met temperatuur? - Ja.

Wat zou er zijn gebruikt? - Een kous? Geen stugge stof.

En een schaar? - Scalperen is niet gebruikelijk.

Indiaans? - Die zijn er niet veel in Glasgow.

Waar kom je vandaan? - Divisie Greenauld. Net bevorderd.

Oorspronkelijk? - Edinburgh.

Universiteit? - Ja.

En je werkt met Jim Taggart?

Nou, het beste.

Niet fijn, dat hoog opgeleiden 's ochtends lijken vinden.

Alleen hoog opgeleiden? - Ga je bijdehand doen?

Nee.

Ben je een hoogvlieger?

Ik heb in Lothian & Borders gezeten. - Ben je uit de koers geraakt?

Glasgow is een pittige stad. - Dat weet ik.

Waar heb je dat accent vandaan? - Metthew Kerr's Academy. Jongens.

Wacht hier maar.

Mackie was een goede vent. De beste. Jullie waren een goed team.

Maar hij is er niet meer. Er is een nieuwe lichting.

Het gaat om zijn houding. - Daar moet jij toch boven staan.

Ik moet met hem werken. - Zijn reputatie is goed.

Dat zegt me niks. - Is het zijn achtergrond?

Dat.

Wij hebben ons allebei langzaam opgewerkt.

Ik weet hoe je je voelt. Zo was ik ook.

Ze krijgen zomaar promotie, terwijl wij jaren moesten ploeteren.

Dat is nu de manier. Daar moet je mee leren leven.

Al Mackie komt niet meer terug.

We zullen de reden nooit weten. - Hij was je vriend.

Niet z'n vertrouweling. - Het was zijn besluit.

Hij was een goede agent. - Maar wel heel ongelukkig.

Hij heeft zijn doel gevonden. - Ja, Livingstone ook.

Je hoeft niet met hem te trouwen. Werk met hem.

Wat is het, 48 uur? - Binnen.

Pardon. Een bericht van brigadier Livingstone.

De tas is gevonden en het lichaam is geïdentificeerd.

Hallo, Tom?

Hij mag haar niet zo lang van huis houden. En jij moet je schamen.

Ik mocht dat nooit. Laat mij maar.

Ik snap het niet. Billy wil haar z'n excuses aanbieden? Waarvoor?

Billy is alleen thuisgekomen.

Wil jij het vertellen?

Wat kan er zijn gebeurd? Waar is ze?

Billy heeft haar achtergelaten.

Mrs Ballantyne? - Ja?

We zijn van de politie.

Ga jij het ze vertellen? - Billy kan dit niet hebben gedaan.

Hoe? - Het was op het nieuws. Gewurgd.

Ik heb haar alleen maar...

Niemand verwijt jou iets. - Waar?

Op de promenade.

De politie wil met je praten. - Daar heb ik haar achtergelaten.

Ik dacht dat Glasgow onderdrukt was.

Beledig m'n groene stad niet. - Nee, hoor.

Je bent opgegroeid met alcohol en knokpartijen. Het bekende beeld.

Kijk om je heen. Zie jij bloedneuzen?

Bent u hier geboren? - Ja, die kant op.

U kwam spreken bij Tulliallan. Over intuïtie.

Dat het ook nu nog gold, met computers en zo.

Was dat de beginnerscursus?

Sigaret?

Ben je klaar?

Misschien een drankje?

Nou, Billy... - Ik heb het niet gedaan.

Je vluchtte. - Ik was bang.

Waarvoor? - Om gearresteerd te worden.

Ik was er met haar, maar... - Maar wat?

Ik had geen reden. - Om wat te doen?

Wat dan ook. - Wie zegt dat je daarom hier bent?

Het is toch zo? Mijn vader vertelde het. Toen kwam u.

Dus je bracht haar naar huis? - Ja.

Niet helemaal? - We hadden ruzie.

Heb je haar vermoord? - Nee. Achtergelaten.

Op de promenade? Dat is niet erg galant.

Ik ben niet galant.

We hadden ruzie over de disco. Ze wilde niet gaan.

Waarom... - Welke disco?

Castors.

Waarom was je op de promenade? - Dat deden we vaak.

Omdat het er donker is? - Omdat het daar is.

De ruzie was niet erg. Ik mocht haar. - Alleen dat?

Ze was anders. - Hoe anders?

Gewoon anders. - Omdat ze je niet je gang liet gaan?

U denkt door. - Ik ben niet degene die doordenkt.

Mag ik een advocaat? - Nee, dat is lastig.

Dan wil ik mijn pa. - Moet je nou zo moeilijk doen?

Hoe laat heb je haar achtergelaten? - Geen idee. Na twaalven.

Waar precies? - Garrioch Road.

Kun je me dat aanwijzen?

Daar.

Ben je niet verder meegelopen? - Nee.

Ging je niet alleen? - Dat is niet leuk.

Waarover ging het nou? Je wilde haar daar pakken.

U bent een smeerlap. - Kom op, jongen.

Ik ben ook jong geweest. Ik weet hoe het is.

We zijn niet allemaal hetzelfde. - Hoe is het, Billy?

Geef antwoord. - Dat kan ik niet.

Ik heb dat nog niet gedaan. - Geloof je in God?

Nee. - Begin dan maar.

Je hebt problemen.

Een man moet wachten tot zijn 65e.

Een vrouw kan al veel eerder van haar pensioen genieten.

Er was niks aan de hand. Ze was erg rustig en gaf niks om dansen.

Maar ik zou nooit... - Nooit wat?

Wat is er nou gebeurd?

Wat denk je?

Mijn vader zei dat ze gewurgd is. - Waarmee?

Meer zei hij niet. - Heb jij het gedaan?

Wat heb je gebruikt? - Ik heb niks...

Wat was het? - Maakt niet uit.

Ik heb haar achtergelaten. - Wie dan? De wurger van Boston?

Hou op, het is zo. - Je hebt het bedacht. Dat weet je.

Het deed je niks om haar dood achter te laten.

Ik heb nog gebeld. - Wanneer?

Nadat ik haar had achtergelaten. Vanuit een cel.

Het was laat. Ik heb opgelegd.

Klagen we hem aan? - Hij had de kans, het motief.

Seksueel verlangen? - Dat gebeurt.

Klagen we hem aan?

Er is alleen indirect bewijs.

Maar we kunnen hem hier niet houden. Zoek maar iets.

Als hij haar heeft gebeld... - Excuses aanbieden voor moord?

Dan pleit dat voor hem. Als ze het nog weten.

Neem Grant mee, ga maar kijken.

Ga niet te veel graven.

Hoe gaat het?

Tussen mij en het Comité?

Misschien is er een gelegenheid en een motief, maar het moordwapen dan?

Dit is agent Grant. We willen u nog wat vragen stellen.

Hebt u al nieuws? - Ik ben bang van niet, nee.

Hebt u ons nog meer te vertellen? - Nee.

Verdenkt u Billy nog?

Weet u nog of er gisteravond is gebeld?

Ja, maar... - Hoe laat?

Kwart voor een. Ik heb op de klok gekeken.

En toen? - Hij had al opgehangen.

Liep Eileens horloge goed?

Wat doet dat ertoe? - De tijd is erg belangrijk.

U mag hier niet zijn. - Tom is m'n partner.

U moest wegblijven. - Nu?

De zaak loopt nog. Uw aanwezigheid hier kan...

Ik ben twee uur ondervraagd. Billy's slaapkamer is doorzocht...

...en hij is bij jullie. - U maakt 't ons moeilijk.

Omdat hij wegrende? - Verdenkt u hem?

Jullie hebben iets tegen hem.

Mijn jongen zou nooit...

Hij zou zoiets nooit kunnen doen.

De moordenaar loopt nog rond. Jullie hebben het mis.

Ik ben hier om hem te helpen. - Je bent niet een van ons.

Mijn god. Ze laten het aan jonkies over.

Daar binnen? - Ben je bang voor ze?

Sorry. - Bent u de politieagent?

Ja. - Hij is binnen.

Wat is er? - De Mint doet een poging.

Mint? - Hoofdinspecteur Murray.

Persoonlijkheidsconflict. Hij praatte niet.

Maar is hier wel tijd voor? - Sherlock Holmes had zijn viool.

Hij kon spelen. - Hetzelfde graag.

Billy's vader was er. - Dat moet niet.

Dat maakte het niet makkelijk.

Waar is je das? - Verloren.

Jij wordt rechercheur moordzaken?

Ik verdenk Billy niet. - Ik wel.

Misschien wil je het geloven. - Ik wil in veel dingen geloven. Respect.

Ik kan zo niet met u praten.

Wat drink je? - Bier met zwarte bes.

Koop dat zelf maar. - Bier met zwarte bes graag.

Heb je ergens genoeg van? - Een beetje. Brigadier Livingstone.

Heb je die wurger al? - Kom op, jij moet beter weten.

Ik wil graag met u werken, niet tegen u.

Proost. - De telefoon is gegaan. 00.45 uur.

Hoe weten we wat er door zijn hoofd ging?

Helaas zijn er geen voetsporen.

Ik denk nog steeds dat u het mis hebt. - Waarom?

Omdat het zo indirect is.

We hadden een hoofdinspecteur Wallace. Een echte rotzak.

Ik heb veel met hem samengewerkt.

Hij zei dat je een neus voor de waarheid moest hebben.

Dat talent had je of niet. De rotzak had het nooit mis.

Het is zes uur, toch? Mag ik gaan?

Ik heb het niet gedaan, pa.

Ik weet het, jongen.

Zal ik haar nu binnenlaten? - Ja, toe maar.

Kom maar, Bute.

Gefeliciteerd, Bute.

Kijk eens. Toe maar. - O, wat lief.

Ze zouden ons opsluiten als ze ons zagen.

Wist je dat de politie buurtonderzoek doet?

Is dat zo? - Ja, ze hebben ons vast misgelopen.

Kom hier. - Ik moet zo naar school.

Vieze vloeren wachten wel. - En vieze gedachten?

Ja, hoor.

Waar heb je met Bute gewandeld? - Ruchill Park.

Heb je ook iets gehoord?

Waarover? - De moord.

Alleen dat het een jonge vrouw was.

En dat ze gewurgd is.

Wat ben jij erg. Hou op.

Jij was daar ook met Bute. - Dat klopt.

Misschien was jij het wel.

Misschien.

Kom hier.

We zouden al in een verder stadium moeten zijn.

Hoe wil je het dan hebben?

De anderen hebben het altijd over ruzies met hun man.

Praat je ook wel eens over ons? - Soms.

Wat zeg je dan? Dat we gelukkig zijn...

...en nooit ruzie hebben.

Wat denk je dat ons geheim is?

Dat je graag thuis bent en dat je oprecht bent.

Het huis is niet veel bijzonders. - Maar jij en Bute zijn er.

We krijgen ooit wel een eengezinswoning.

Een tuin.

Geen liften waarin ze kunnen pissen.

O, het is tijd. Ik moet gaan.

Oké. Hé, pas op voor de wurger.

Ik kan wel op mezelf passen.

Maar ik zal vannacht ook niet alleen lopen, toch?

Doei.

Dag, Bute.

Alweer een dag voorbij.

En we zijn niks verder. - Buurtonderzoek?

Niks.

Het volk wil blijkbaar ook niet helpen.

Vrienden en kennissen gesproken? - Ja, die er waren.

Ze leidde een rustig leventje.

Dochter van de kolenboer. Als maagd gestorven.

En Tommy Dalgeish, de partner? Billy's pa.

Was aan het kaarten met vrienden.

En de mensen die we kennen? - In deze lijn?

Sorry, ik heb niks voor u.

Niet erg. Cacao is slecht voor m'n maagzweer.

Hij wist dat u die hebt.

Ga naar huis, slapen. Dat heb je nodig.

We zijn nog niet klaar.

Je moet meer ontspannen. Speel je golf?

Tennis. - Hier zijn goede golfclubs.

Ook goede tennisclubs.

Alec McGowan.

Ja, ja, ik kom er al aan.

O, god.

Jullie zijn het. - Hallo, Wilma.

Dit is brigadier Livingstone. - Die ken ik.

Dat klopt, ja. - Is je broer er?

We hebben al bezoek gehad. - Dat waren de engelen. Ik ben God.

Wacht hier maar.

Kon dit niet wachten? - Haal hem op.

Hij was hier de hele avond.

Deze waren toch een penny? - Nu kosten ze twee.

Jongens hebben vast wat beters te doen met hun zakgeld.

Ik spaarde het op. - Om je studie te betalen?

Kijk nou. Is dat niet walgelijk?

Dat ligt aan je smaak. - Ja, of je die hebt of niet.

Dag, Mr Taggart. - Alec.

Sorry, dat ik je wakker maak. - Ik ben ondervraagd.

Je weet hoe dat gaat.

Verdachten worden verhoord, lijsten worden ingevuld...

Dit is brigadier Livingstone.

Mr McGowan. - Je lag afgelopen nacht in bed?

De meesten wel, zo laat.

Niet iedereen. - Ik moet op mijn bloeddruk letten.

Hoog? - Ik heb medicijnen.

Waarom ben je niet boos? We zijn hier vanwege een moord.

Waarom zouden we dat doen? - Geen idee.

Jij hebt een meisje verkracht. Dat is minder erg.

Zoals ik zei, ik heb hoge bloeddruk. - Natuurlijk.

Die aanklacht voor moord. - Ik hield haar vast.

Je had haar bijna gewurgd. - Dat was twaalf jaar geleden.

We zijn naar Blantyre verhuisd. We houden het nog steeds stil.

Hopelijk blijft het zo. - Mensen snappen het niet.

Ik heb gezeten, ik wil het vergeten.

Ik heb nooit meer een vrouw aangeraakt. Echt.

Er zijn kousen weg. - Is dat zo?

Kun je dat uitleggen? - Moet ik dat kunnen?

Dat kan ik wel.

VROUW UIT GLASGOW GEVONDEN, GEWURGD

Je dacht dat je hem had, hè? - Het is niet vaak zo makkelijk.

Waar woon je? - Ik huur een flat in Hillhead.

Zet me maar af. - Wil je Glasgow leren kennen?

Mijn groene stad? Ga maar lopen.

Sorry, u mag niet verder. - Ik loop hier altijd.

Hallo, hoe heet je?

U komt hier dus vaak? - Ja.

Bent u hier eergisteren geweest, rond middernacht?

Dat zou kunnen. - Denk na.

Ik loop hier altijd rond half twaalf. - Hebt u iemand gezien?

Hebt u gehoord van de moord?

De hoofdinspecteur zal u willen spreken. Hoe is uw naam?

Michael Boyd.

Wat is uw adres? - Flat 49.

Knightshead Tower. Daar.

Bent u niet al ondervraagd? - Nee.

Vreemd. Er is buurtonderzoek gedaan.

We zijn veel weg.

Wat is uw beroep? - Ik ben werkloos.

O, u zoekt dus werk?

U zou bij de politie kunnen gaan. We kunnen wel hulp gebruiken.

Was dat alles? - Dat was alles.

Kom. Zoek.

Weet je zeker dat ik niet mee moet? - Ja.

Als hij erachter komt dat je alleen... - Wacht hier.

Goedemorgen. - Wat wilt u?

Niet aan het sporten? - Ik ben niet in de stemming.

Gaan jullie niet altijd per twee? - Wat is dat?

Hyacint, L'Innocence. - Werk je graag met je handen?

Verdenkt Mr Taggart mij nog? - Terecht?

Nee, ik had geen reden. - Dat zeg jij.

Als ik de dader te pakken krijg...

Had dat gezegd. - Dat lukte niet.

Je had zes uur. - Moest ik dan in huilen uitbarsten?

Zoiets. - Bent u ooit van moord beschuldigd?

Bang voor een complot? - Wie zegt dat?

Het gebeurt.

Oké, misschien bent u niet zo. Maar het is eng, je vergeet alles.

Zelfs verdriet? - Ik ben een lafaard.

Daarom vluchtte ik. U dacht dat ik stoer wilde zijn?

Met dat chique accent. - Zo ben ik nou eenmaal.

Waarom bent u hier? - Ik heb mijn redenen.

Ik hou niet van de politie.

Ik had nooit reden om...

Ik heb geen problemen met u.

Heb je over dat telefoontje gesproken?

Waarom? - Je hebt het niet bedacht?

Ik zweer het op God. - Je gelooft niet.

Ik geloof in feeën als u Taggart overtuigt.

Ik wil een advocaat. - Dat hoeven we niet toe te staan.

U kunt het bij elk verhoor gooien op 'hinderen'

Maar dat doen we niet.

U bent hier maar even, Mr Inglis. - Ik geef over een halfuur les.

Waarom hebt u gelogen over wat u donderdag deed?

Ben je als je 'n lijk vindt altijd verdacht?

Ik ben blij dat u er bent. - Pardon?

Luister, ik zei dat ik de hele avond thuis was, omdat...

Ik dacht dat u het niet zou controleren.

Ik was met een vriend bij een club. - Wat voor club?

Hij heet de Centaur Club. Hij is met me meegegaan.

Is hij blijven slapen? - Tot 2.00 uur.

Hij is een leerling van me. - Talen van de Hoorn.

Hoe heet hij? - David Scott. Wilt u...

Leeftijd?

19. - De minimum leeftijd is 21.

Ja, maar... - Maar wat?

Het is maar twee jaar.

De minimale leeftijd is 21. - Maakt het uit?

Kom jij voor onderdrukten op? - Nee.

Iemand van uw studiegroep?

Hij moet niet bang zijn.

U was wel oneerlijk. - Als wij samenwerken...

...moeten we dingen afspreken. - Zoals?

Je hebt vijf minuten om te eten. En rang.

Ik vind u onnodig bekrompen. - Bekrompen? Ik?

Ik ben vaak tolerant. Maar als iemand een illegale vrijpartij goedpraat...

Toch vind ik het oneerlijk. - O, ja?

Ik had op de universiteit homoseksuele vrienden.

Je bent zelf toch geen Mary Poppins? - Nee.

O, nu zijn we op onze teentjes getrapt.

Wat heb je gestudeerd?

Geschiedenis en economie.

Master of Arts. Cum laude. - Waren paps en mams blij?

Tot ik bij de politie ging. - Stapje terug, hè?

Min of meer. - Zijn ze bijgedraaid?

Mijn vader wilde dat ik trambestuurder werd.

Waarom?

Dat was hij ook, tot zijn ogen hem in de steek lieten.

Hij kwam hier altijd met mijn moeder. Dan zaten ze daar.

Twee kleine mensjes. Niet veel om voor te leven.

Bent u in de buurt geboren? - Ja, iets verderop.

Sir. - Hopelijk ben je tevreden.

Waarover? - Alec overstuur maken.

Gewoon praten. - Rancune.

Routine. - Door jou is zijn bloeddruk hoger.

Ik breng hem wel weer omlaag. - Ga die moordenaar toch pakken.

Twee stout graag.

Geen dessert, heren?

Bute, mijn meisje. - Alles goed?

Ik ga mijn moeder bellen. - Je nodigt haar toch niet uit?

Cadeautje. - Dat is niet nodig.

Als Bute jarig kan zijn, kun jij dat ook. - Ik ben niet jarig.

Deze is duur. - Ik weet het.

Je moet je geld niet verspillen. - Doe eens op.

Ruik eens. - Het past bij je.

Waar heb je dit gekocht? - In de stad.

Ik heb een agent gesproken. Over de moord.

Weet je al meer? - Hij stuurt iemand langs.

Waarom? - Omdat ik daar met Bute wandel.

Waarom moet je ons er nou in betrekken?

Wil je iets voor me doen? - Wat dan?

Zeg dat ik er om half twaalf was. - Dat was toch ook zo?

Zeg het nou maar. - Goed.

Wilt u thee? Ik heb scones.

Ja, graag. - Nee, bedankt.

Bute. Kom, eraf. - Ik vind het niet erg.

Ze is niet altijd schoon. Kom, goed zo.

Laat je haar daar vaak uit? - Ja, elke avond.

De afgelopen twee dagen kon het niet. - Nee.

Was je er eergisteravond? De avond voor de moord?

Om ongeveer half 12.

Niet later? - Hij was om kwart voor 12 terug.

Heb je niemand anders gezien?

Het is er dan vast donker. - Ik heb een zaklamp bij me.

Hij loopt er vaak genoeg.

Heb je er wel eens verdachte personen gezien?

Ik zie wel eens mensen, maar ik zie nooit iets vreemds.

Hoe bedoel je, vreemd. - Iets verdachts.

Vaak mensen die honden uitlaten. - En hardlopers.

Is het iemand uit de buurt?

Dat weten we niet.

Ik wou dat ik meer kon doen.

Heb je haar ooit gezien? - Is zij het?

Nee, het spijt me.

Als je je nog iets herinnert, laat het dan weten.

Schrijf zijn naam op. - Ja, Mr Taggart, toch?

Hier, pak er maar een. - We hebben hier nooit politie gehad.

Dat is toch niet zo vervelend.

Wat een lekker parfum hebt u op.

Ik trakteer mezelf af en toe. - Ik zal je niet langer storen.

Ik laat u er wel uit.

Dag.

Het spijt me dat ik niet meer kan helpen.

Een postercampagne is geen mislukking.

Zo zie ik het wel. - Je lost niet alles snel op.

Ze zijn nog niet op. - Elke reactie is een succes.

Het leek eerst zo simpel. - Net als golf.

De simpelste shots zijn het lastigst.

Ik geloof u graag.

Ga ook eens golfen als dit voorbij is. Goed tegen de spanning.

Je hebt echt een hobby nodig.

Ik heb mijn eigen auto. - Het zit me wel dwars.

Geen bewijs hebben tegen Billy. - Waarom is het haar afgeknipt?

Wat heeft hij ermee gedaan? - Of hij sprak de waarheid.

Hij kan ook slim zijn. - Zes uur slapen?

Dat moet wel. Tot morgen.

Woon je alleen? - Ja, sir.

Noem me nou geen 'sir'.

Ik dacht dat je wel iemand had.

Ik had iemand in Edinburgh. - Jong en knap, zeker?

We waren bijna getrouwd. - En toen?

Ze wilde niet met een agent trouwen. - Slim.

Wat denkt u? - Moord, moordpolitie, drie hoog.

Wat? - Dat was een kinderrijmpje.

Moord binnen het gezin. - Mooi en makkelijk.

Makkelijk op te lossen. 48 uur.

Niet 10 dagen of 10 weken.

Denkt u dat het een maniak is?

Ik heb acht maanden aan de Bell-zaak gewerkt. 18 uur per dag.

We hebben hem uiteindelijk opgepakt omdat hij geen achterlichten had.

Ik weet waar ik haar gezien heb. - Waar dan?

De videowinkel in Duncrannon Street.

Dit was eerst een drogist. - Komt u hier wel eens?

Ik heb het laatst The Sound of Music gezien.

Toen lazen mensen nog boeken.

Wat cynisch. - Iemand moet dat zijn.

Ja? - Hoofdinspecteur Taggart...

...en brigadier Livingstone. Herkent u dat?

Ik heb hem aan Susan gegeven. - Was hij duur?

Nee.

Hoelang heeft ze voor u gewerkt? - Zes maanden.

Voor haar verjaardag? - Nee.

Hij paste gewoon bij haar.

Had ze familie? - Een nicht. Geen echte nicht.

Ze was geadopteerd. Ze zijn niet... Ze waren niet erg close.

En haar ouders? - Allebei dood.

U wilt vast weten hoe ik haar heb ontmoet. Het was in Londen.

Ze komt uit Glasgow.

Ze werkte voor een leverancier als typiste.

Ik heb haar werk aangeboden.

Had ze ervaring? - Daar heb ik voor gezorgd.

Niemand vertrouwde haar. - Waar woonde ze?

Bij Francis, haar nicht.

Meer omdat het handig was.

Hoe laat ging ze gisteren weg? - Vijf uur. Ze voelde zich niet lekker.

Waarom ging u niet naar haar toe? - Waarom zou ik?

Ik heb gisteren lang doorgewerkt. De belastingdienst komt volgende week.

U doet goede zaken. - Er zijn risico's.

Hoeveel bedrijven hebt u? - Vier.

Nee, ik rook niet. Nooit gedaan.

Helemaal geen gebreken? - Wat bedoelt u?

Die Susan Maguire had uw dochter kunnen zijn.

Had u daar geen wroeging over? - Ik heb geen dochter.

Helemaal geen kinderen? - We hadden een zoon.

Die is aan nekkramp overleden toen hij drie was.

Had ze iets bij zich? Een tas? - Ze had een rood canvas ding.

Wat zat erin? - Hoe moet ik dat weten?

Liep ze altijd naar huis langs het kanaal?

Kanaal? - Welke kant ging ze op?

Summerston.

Waarom het kanaal?

Ze zei dat ze zich niet goed voelde. Ik heb haar weggestuurd.

Met wie was ze ook bevriend? - Patricia.

Wie? - Mijn vrouw.

Ik dacht altijd... Normaal overkomt het andere mensen.

Dat is normaal ook zo.

U ontmoet ze vast allemaal.

Moord beïnvloedt iedereen. Niet alleen het slachtoffer.

Het is Lapsang.

Waarom is ze... - We weten het motief niet.

Soms is dat er niet, buiten het hoofd van de moordenaar.

Wat naar. - Wanneer zag u haar nog?

Gisteren, in de winkel. - En uw man?

Die was in een ander filiaal.

Ik ging vaak langs tijdens het winkelen.

Het is naast mijn kapper.

Hoe was ze?

Geïrriteerd. Zo was ze, heel nerveus.

Eerst aardig, en opeens vloog ze op je af.

Dat komt vast doordat ze wees is.

Dat klinkt vast neerbuigend. - Een beetje.

Waar was uw man gisteravond? - In de winkel.

U verdenkt hem toch niet? - Is er reden toe?

Een beetje spanning in zijn leven. Hij houdt van glamour en spanning.

U hebt een mooi huis.

Waarom werkte hij niet thuis?

Hij zegt dat ik hem afleid. Fijn om te weten.

Sigaret? - Nee, dank u.

Net als Charlie. Die vindt het vreselijk dat ik rook.

Ik ben bang dat ik u wat persoonlijke vragen moet stellen.

Dat dacht ik al. - Uw man en Miss Maguire.

Miss Maguire? Zo klinkt het zo belangrijk.

U verdenkt hem toch niet?

Geef antwoord, alstublieft.

Ben je al gesloten?

Waar is dat? - Kinloch Hotel. Kingshouse.

Bij Rannoch Moor.

We zijn daar op huwelijksreis geweest.

Hij was daar gelegerd. - Welk regiment?

De Argylls.

Die affaire die uw man had...

Ik heb ze ook gehad.

Die waren niet geheim voor Charlie.

Zo'n huwelijk hebben we.

Noem het een uitlaatklep. - Waarvoor?

Sleur.

Je plant het niet zo. Wij niet.

Het gebeurde gewoon. Verbaast dat u?

Niets verbaast me meer.

Wat naar. - Dus als Charlie het mocht...

Waarom denkt u niet dat het andersom was?

Hij was haar vast zat, net als die anderen.

Anderen? - Hij maakte graag indruk op ze.

Hij kan het betalen.

Had hij anderen nodig? - Dank u.

Het is een schande. - Wat?

Die man loopt nog steeds vrij rond. - Jij loopt niet veel gevaar.

Kijk nou, we kunnen ruzie krijgen.

De wurger in Boston vermoordde er 13.

Hij bond een strik onder hun kin. - Hou op.

Hij brak bij ze in, in hun flat.

Ik zal bij jou inbreken. - Dat mag altijd.

Gek hè, je ziet nooit dat een vrouw een man vermoordt.

Dat moeten ze eens doen. Voor de balans.

Wilma. - Wie past er op de winkel?

Niemand, ik zocht je. - Ik zie je hier niet vaak.

Kom. - Laat me met rust.

Geen politie meer. - Ik wil er niet altijd zijn.

Waarom waren ze bij jullie?

Kom, Wilma. - Ze denken toch niet dat jij het bent?

Stop je kop in de magnetron. Kom op.

Twee bier.

Wat wilde de politie van hem? - Alec McGowan? Geen idee.

Dat duurde lang. - Er is nog iemand vermoord.

Hier. - Ik wil het niet lezen. Dan voel ik me...

Wat? - Onveilig.

Je bent hier veilig. - Ze waren net zo oud als ik.

Dus? - Ik moet ook naar buiten.

Kom op, hoe groot is die kans? - Daar gaat het niet om.

Voor een man is het niet erg.

Wat is dat? - Een cadeautje.

Dat moet je niet doen.

Blijf nou stilzitten.

Hoe kom je eraan? - Gekocht.

Dat kun je niet betalen.

Hoe staat hij? - Ga maar kijken.

Maar je moet het echt niet doen.

Er was hier een rechercheur.

Bij mij waren er twee.

Luister...

Ik vind het erg, van Susan.

Charlie?

De Heer weet wat maaksel wij zijn, gedachtig zijnde, dat wij stof zijn.

De Heer is aan allen goed. Zijn barmhartigheid is over al Zijn werken.

Christus is gestorven en tot leven gekomen.

Hij mag heersen over de doden en levenden.

De ziel van onze zuster ging heen, we leveren haar over aan de grond.

Stof zijt gij, en tot stof zult ge wederkeren.

We zoeken oneindige genade van God, in Jezus Christus, onze Heer.

Laten we bidden.

God, vol van genade, troost uw kinderen.

Kijk neer, vol liefde...

...we smeken U... - Wat doen die twee hier?

Die twee die poolen bij de Gondola? - Lez Farquhar en Bunny Cotter.

Hij werkte bij een sauna. Hij had zich misdragen.

Geen link met de Ballantynes.

Waar hebt u die van? - Jean heeft hem voor het theater.

Ik vind hem handig bij uitvaarten. Wat doet hij hier nou?

Michael Boyd.

God zal over haar waken, Mr en Mrs Ballantyne.

Hij heeft het hier niet goed gedaan, hè?

Mr Taggart, ik hoop dat u blij bent. - Waarom zou ik?

U hebt me zes uur vastgehouden. En hij kon zijn gang gaan.

Laat ze maar, jongen.

Heb je je ooit ongewenst gevoeld? - Toen ik u ontmoette.

Er was een tijd dat mensen je vertrouwden en met je praatten.

Het is nu een verdomd stille stad.

Als u wilt weten wie uw dochter heeft vermoord, kom dan.

Inspecteur Taggart. - Jongens. Houden jullie van uitvaarten?

Niet echt. - Ik ook niet. Wat doen jullie hier?

We zijn er uit eerbied. - Met kauwgum in je mond?

Is er iets mis met respect tonen? - Voor jullie, zonder bier? Ja?

We wilden wat anders. - Dan wat?

De Gondola.

Dus je komt even snel voor een uitvaart? Kom op.

Ik heb Jezus gevonden. - Wat?

U hoorde me wel. - Zet hem terug.

Hij wil je vast niet.

Ik zoek de dader. Dit helpt niet.

Wat helpt wel?

Informatie. Alles.

Dit schept veel vertrouwen in de politie, hè?

Heel veel vertrouwen.

Wat is er? - Er was hier net een rechercheur.

Hij vroeg dingen over Michael. - Een rechercheur?

Hij is hier eerder geweest.

Zit hij in de problemen? - Nee.

De politie komt alleen als je in de problemen zit.

Hij moet werk zoeken. Waarom moet jij de kost verdienen?

Ik vind het niet erg. - Jullie zitten hier opgesloten.

Ik heb je toch gezegd dat er niks goeds van komt?

Het ging over de moord.

Wat? - Ze wilden weten waar hij was.

Ze denken toch niet... - Nee.

Dat moet wel. De politie stelt geen vragen als ze geen reden hebben.

Ze noemen het routinevragen. - O, ja.

Wat doet Michael in die routine?

Ik heb je gewaarschuwd dat dit zou gebeuren.

Met hem krijg je problemen.

Hij had nooit problemen.

Kom maar binnen.

Ik wist niet dat je zou komen. - Dat zou ik ook niet.

Wel goed dat ik er ben.

Waarom? Wat is er?

Die rechercheur was er weer.

Welke? - Die jonge.

Wat wilde hij? - Hij vroeg naar jou.

Hij wilde weten waar je dinsdag was.

Rond half zes. - Wat heb je gezegd?

Dat je hier was.

Dat zal wat uitmaken.

Ik kende Charlie Paterson goed.

Speelt zo'n sufferd golf?

Petrus mag oordelen, jij niet. Wat heb je op hem tegen?

Ze is hem gevolgd uit Londen.

Ze was zijn maîtresse en werkte voor hem.

Is dat een misdrijf? - Zag je zijn vrouw?

Ik ken zijn vrouw.

Ga zitten.

Je ziet er moe uit. - Het gaat prima.

Wees wantrouwend, maar hou het reëel.

Dat probeer ik ook.

Heb je bewijs dat hij Eileen kende? - Nog niet.

Dat er een link is? - Moet dat?

Wat was zijn alibi voor de eerste moord?

Hij was bij haar. Handig, hè?

Aannemelijk. In zijn geval.

Weet u wat ze waren? - Ik wroet niet in hun privéleven.

Dat is nu niet meer privé.

Dit is vast moeilijk voor u.

Charlie en ik zijn samen opgegroeid, aan dezelfde kant van de straat.

We zouden samen bij de politie, maar hij paste beter in het leger.

Toen verloren we elkaar uit het oog. Lange tijd.

Hij werd later aannemer en heeft mijn huis uitgebouwd.

We vonden een gezamenlijke passie. Golf.

Ik was getuige bij zijn huwelijk.

U weet wat ze zeggen over vriendschappen buiten de politie.

Ik maakte me zorgen toen hij die videozaak begon.

In mijn ogen niet verdachter dan de bouwwereld.

Jim. - Hallo, Larry. Hoe gaat het?

Goed. Niet verslaafd? - Mijn tweede kindertijd.

Nooit zoals de eerste. - Wil je wat drinken?

Ik kan niet lang. Ik heb zo een vergadering.

Ik haal wel. Bier? - Whisky.

Half en een halve pint zwaar, graag.

Goed. Heb je die wurger al?

Wil je bekennen?

Ik kan mijn tijd beter besteden.

Nou, waarom hier?

Niet officieel. Village Video. - Welk filiaal?

Duncrannon Street. - Ik was nog bij Rutherglen.

Had hij illegale kopieën? - Nee. Verbaasd dat hij er nog is.

Moeten we bij Duncrannon kijken? - Misschien.

Je hebt vast je reden.

Hij heeft vier winkels. Niet echt groot. Het was een flop.

Groot huis, vrouw met een dure smaak...

...lid van de golfclub, je weet hoe dat gaat.

Hij wilde de wereld zien.

Leren overleven. Maar al te goed.

Is dit persoonlijk? - Nee.

We gaan wel even. - Wees discreet.

Ik ken je niet.

Het zijn nu grote jongens. Geen kopietjes in achterkamers.

Het is goed zaken doen.

Ik heb een nieuwe film gezien die nog niet uit is.

Een winkelier in Paisley had er zes. - Duncrannon Street?

Hoe gaat het met Jean? - Wel goed.

Nog 'Ideaal op wielen'? - Ze redt zich.

Ze is een goed voorbeeld.

Ik zocht u al. - Word ik vermist?

Ik ga. Tot kijk, Jim. - Laat het schip niet zinken.

Schip? - We zaten bij de marine.

Hebt u Paterson laten volgen? - Daar zijn agenten voor.

U had het kunnen zeggen. - Nu weet je het.

Wat zou hij doen?

Als hij ook maar iets uitvreet, dan neem ik hem te pakken.

Hoelang werk ik hier? - Zolang het nodig is.

Het is geïsoleerder. Ik moet verder reizen.

Ken je de omstandigheden? - Ja.

Mooi, beheer de winkel en maak de klanten niet bang.

Morgen.

We zijn van de video eenheid. Mogen we rondkijken?

Mr Paterson? - Wat is er?

O, god. - We kijken alleen rond.

Alsof ik het kan tegenhouden.

Wat is er?

Ik ben betrapt met zes illegale tapes.

Is dat alles? - Nee, ik word in de gaten gehouden.

In de gaten gehouden? Door wie? - De politie.

Nee.

Er staat daar nu een auto.

Niet erg subtiel.

Weet je wat het is? Ze denken dat ik de wurger ben.

Wat ga je daartegen doen?

Ik heb al iets gedaan.

Hij maakt zich op voor de nacht. - Konden wij dat maar.

Ik haat lange diensten.

Kap er dan mee.

Wil je wat? - Ja.

Is dat soep van je moeder? - Mijn moeder maakt lekkere soep.

Dat lijkt wel de auto van de Mint. - Wie?

De hoofdinspecteur. Murray.

Charlie.

Robert. Fijn dat je er bent.

Ik hoor hier nu niet. - Ik waardeer het.

Wil je wat drinken? - Nee, dank je.

Nou, misschien een kleine Dubonnet met limonade.

Hoe gaat het met Miriam? - Goed.

Ze is de badkamer aan het schilderen. Roze.

Hoe lopen de zaken? - Ik ben betrapt met illegale video's.

Ik heb je gewaarschuwd. - Ik neem nooit risico's.

Dank je.

Je wilde me spreken?

Zie je die blauwe Escort?

Twee mannen van jou zitten daarin. - Doe niet zo gek.

Ik word in de gaten gehouden. Dat wil ik niet.

Ik wist dit niet. - Natuurlijk.

Taggart heeft deze zaak. - Jij staat boven hem.

Hij leek me vrij tactloos. - Dat klopt.

Ik vind hem begripvol.

Het spijt me. Echt waar. - Waarin dan?

Ons huwelijk. - Niets om je voor te schamen.

Ik wil niet betrokken raken in jullie privéleven.

De politie is er al in betrokken. - Ja, inderdaad.

Ik wil je niet... - Dat doe je wel.

Waar zijn vrienden voor?

Die hebben een rol, maar niet dit.

Het lijkt wel alsof ik een crimineel ben.

Hij ondervroeg me erg agressief. - Heb je een klacht?

Laat hem ophouden.

Ik...

...ga wel met hem praten.

Alleen praten?

Hoelang ken je me?

Charlie, we zijn samen opgegroeid.

Maar dat was lang geleden.

Hoe kan ze hem door dat ding zoenen?

Het maakt je niet uit als ze laat is. - O, nee?

Je laat het niet merken. - Ze is geen kind meer.

Je bent niet ongerust om mij. - Jij gaat vaker uit.

Moet zij dan maar binnenblijven? En bang zijn?

Hoe is de nieuwe brigadier? - Efficiënt.

Is je mening veranderd? - Nee, hij is efficiënt.

Maak er geen boeddhist van, net als Al Mackie.

Dat heb ik niet gedaan.

Hij had iets anders gevonden.

Waar was jij? - De opening van Bens wijnbar.

Zat je zo achterop? - Ja, geweldig.

Was het leuk? - Als niemand het bederft.

De tijd, Alison. - Heb je dat weer.

We hebben het nooit uitgesproken.

Dat is mijn schuld niet. - Welterusten.

Altijd hetzelfde. - Blijf.

Zeg jij er eens wat van. Het is na twaalven.

Ze weet hoe laat het is. Jij wilt niet dat ze uitgaat.

We zien elkaar alleen per ongeluk.

Je hebt gisteren niet geslapen, hè? - Natuurlijk wel.

Je hebt de hele nacht op gezeten. - Hier is het is warm.

Hadden we maar centrale verwarming. Maar nee...

Niemand is hier lang genoeg. - Dat is niet waar.

Ik klaag niet. Ik vind het alleen niet leuk om de zondebok te zijn.

Je moet naar bed gaan. Even goed slapen.

Ik kan wel aan medicijnen komen.

Ik heb geen medicijnen nodig, maar een reden om te gaan.

Ik heb vroege dienst. Je zult het niet geloven, maar dat is voor mij genoeg.

Zijn dat...

Hij heeft een bepaald type, hè?

Wat ben je vroeg op.

Ja, ik kon niet slapen.

Ze zijn er nog.

Vast de volgende dienst. - Zullen we ze binnen vragen?

Dat is niet grappig. - Voor hen vast ook niet.

Aan wiens kant sta jij?

Je haar wordt dunner.

Mis je haar?

Natuurlijk mis ik haar.

Ik vroeg het me af.

Ik wilde je spreken voor je weggaat.

Wilt u thee? - Nee, bedankt.

Ik heb Charlie Paterson gisteren gezien.

Dat was vast leuk. - Hij staat onder toezicht.

Dat is te chique voor hem. Hij wordt getreiterd.

Dat heeft vast een nieuwe betekenis. - Waarom?

Ze moesten hem in de gaten houden, niet op zijn lip zitten.

Ik vroeg waarom en waarom weet ik het niet?

Want als hij het is, krijgt hij nooit meer een kans.

O, kom op. - Er is weer een vrouw gered.

Dan kun je heel Glasgow wel gaan bewaken.

Dat zou ik wel willen. Heel graag.

Je was altijd zo subtiel, Jim. Pienter.

Je ging altijd op je gevoel af en stortte je er niet bovenop. Wat is er?

Die man...

Hij komt tevoorschijn uit het niets. Laat geen aanwijzingen achter.

Niemand ziet hem. Hij heeft geen motief.

Mag ik een brutale vraag stellen? - Ga je gang.

Zou het anders zijn als hij geen vriend was?

Dat is een brutale vraag.

Hoe gaat het thuis?

Goed. Hoezo? - En met Jean?

Wat heeft dat ermee te maken? - Belangstelling.

Niemand houdt van zulke misdrijven. Afwachten wanneer hij weer toeslaat.

Als het je te veel doet... - Wie zegt dat?

Ik neem het over.

Als je dat wilt.

Waarom dan?

Goed, zoek bewijs en laat Charlie Patterson met rust.

Is dat een bevel?

Als je dat wilt.

Ga lunchen. - Het is te vroeg.

Ga nou maar.

Nieuwe manager? - Invaller. Hij mag snel weer uitvallen.

Nog bedankt. - Waarvoor?

Dat ik nu van ze af ben.

Koffie? - Nee, bedankt.

Lunch? Ik betaal. - Beter van niet.

Nee, misschien niet.

Het leven is vreemder dan in deze verhalen, hè?

Zeker weten.

Miriam wil zo'n apparaat. Films huren. - Dat kan.

Gratis lidmaatschap. - Wanneer heb ik tijd?

Ik heb je in een lastige positie gebracht.

Ja, dat klopt.

Ik wilde net weggaan.

Tot kijk, Charlie.

En?

Ik wilde vragen of u nog weet wat er in Susans tas zat.

Dan had ik het wel gezegd.

Weet u waarom ze die weg nam?

Nee, ik heb geen idee.

Ze kan met iemand hebben afgesproken.

Of m'n zaak kan naar de knoppen zijn.

Pardon? - Ik ben betrapt met illegale cassettes.

Hallo? - Van de marine.

De politie laat je inderdaad niet met rust.

Dat ligt eraan wat voor hulp ze krijgen.

Waarom wordt Charlie gevolgd?

Dat wilde de brigadier. Hij is fanatiek.

Ik heb het beëindigd.

Ga maar zitten.

Er zit me iets dwars sinds het vorige bezoek.

Wat dan?

U staat toe dat uw man een jonge vrouw uit Londen haalt...

...haar werk aanbiedt, wat met haar krijgt.

Agenten zijn toch ruimdenkend? - Een vrouw als u...

...met zo'n huis...

Mooie spullen.

Dat wilde ik altijd, ik zou geen risico nemen.

Charlie neemt nooit risico's.

Vanuit mijn gezichtspunt... - Ik hou ook van dit huis.

Charlie zorgt voor alles, daar is hij goed in.

Ten koste van wat?

Wilt u weten waarom ik hem zijn gang heb laten gaan?

Ik heb een jongere minnaar gehad.

Ik had hem een lift gegeven.

Hij kwam regelmatig vanuit Bradford liften om me te zien.

Hij was een soort gigolo.

Het was fijn om gevleid te worden. Daar geniet ik van.

Hij was nog maar 23.

Hij vertrok opeens. Ik hoopte dat zij ook genoeg kreeg van Charlie.

U had een goede reden om Susan dood te wensen.

Wat denkt u? Dat ik jaloers was?

Dat zou normaal zijn.

Denkt u dat ik nooit aan haar dacht?

Hen samen?

Dat hij met haar praatte zoals wij...

Hij zei dat ik belangrijker was. Constant.

En nu zie ik dat hij verdriet om haar heeft.

Hij kijkt naar de liefdesbrieven die in die la liggen.

Welke brieven?

Van haar. In Londen. Voor ze voor hem werkte.

Ik heb ook gevoelens.

Ik heb ze alleen leren beheersen.

Sorry. Ik heb u verdrietig gemaakt.

Nee.

U hebt de waarheid ontdekt.

Wat doet u hier? - Ik ga weg.

Ik ben die politie zat. - Iemand in het bijzonder?

Als u hier ooit weer komt, dan... - Meld het bij Murray.

Doe dat.

Breng ons naar hem toe.

We hebben dingen gehoord. - Geen leuke dingen.

Wie zijn jullie? Laat me gaan.

Je zonden breken je op, jongen.

Welke zonden? Ik was het niet. Ik heb nooit... Echt niet.

Wat niet? - Vrouwen vermoord.

Vraag de politie, zij weten het. - De politie krijgt je niet vrij.

Wij wel.

Dit is hem. - Nee, niet waar.

Hij is het. - Waarom ging je de gevangenis in?

Niet voor moord.

Ik had een grietje verkracht. - Genoeg.

Er komt iemand aan.

Wat is er aan de hand?

O, mijn god.

Had het me maar gezegd. - Wat?

Uw persoonlijke vete tegen Paterson. Ik weet waarom hij betrapt is.

Ik wilde dingen uitzoeken. - Dingen?

Die er niet waren. - Waarom is hij een held?

Dat is hij niet. Maar zeg me wat u doet.

Maakt dat wat uit? - Ja, we werken hier samen aan.

Ik ben van de oude garde.

Taggart.

Zei hij ook wie?

Wat gebeurt er toch in deze stad?

Wij waren het niet. - Breng ze weg.

Ga uw werk doen, Mr Taggart.

En de kliek van Ballantyne? - Haal ze maar op.

Ik wil ze niet spreken.

Ik begrijp ze wel.

Het was uw schuld niet. - Ik kon het weten.

McGowan was nooit binnen geweest.

Zijn zus wel. - En? Ze heeft haar mond open gedaan.

Toch had ik het moeten weten.

Er was een tijd dat mensen me dingen vertelden.

Burgers.

Hoe heeft hij het zo lang stilgehouden?

Hij hield zich gedeisd.

Geen problemen met de winkel. Wij kunnen ook geheimen bewaren.

Mag u hem echt graag? - Wat is dat nou voor vraag?

Ik hou van deze stad. Het volk. Wat er gebeurt.

U ziet eruit alsof u dagen niet hebt geslapen.

Het is toch niet goed.

Een meisje van 18 met een kerel als Paterson.

O, dat weer. Het kan best.

Hij heeft thuis een afgesloten la met liefdesbrieven van haar.

Die wil ik wel eens zien.

Kunt u een huiszoeking doen?

Ik doe het liever niet op die manier. Ik heb zo mijn redenen.

Ze is vast heel bijzonder.

Je hebt vanavond niet veel gezegd. - O, nee?

Is er iets?

Nee.

Ik dacht dat je moeder weer langs was geweest.

Wanneer laat je Bute uit?

Straks. - Zal ik meegaan?

Waarom? - Omdat ik dat wil.

Het is fijn om hier bij je terug te komen.

Mooi smoesje.

Smoesje? Waarvoor?

Luister...

Zal ik, zolang die kerel actief is...

...je naar school brengen en je weer ophalen?

Luister je wel?

Vast vanuit een auto.

Denk je? - Al het vocht is opgehoopt.

Ze heeft na haar dood een uur rechtop gezeten.

Ja, dat is mijn werk. - Leer hem zijn werk maar.

Maar hij heeft gelijk.

Ze ligt hier al wel een week.

Ze is dus voor Susan vermoord.

Ook bij het water. - Een patroon.

Onze man? - Tenzij hij imiteert...

...en bij de dossiers kan.

Dezelfde afdrukken in de hals en het haar is afgeknipt.

Ze was niet gekleed op een winter in Glasgow.

Nee, dat klopt.

Bent je niet open, Wilma?

Waarvoor? - Dat helpt niet.

Wat weet jij daarvan?

Niemand weet dat.

Hoe is het met Alec? - Ziek, net als ik.

Hij heeft zijn tijd uitgezeten.

Maar vergeten ze het ooit? Vergeten jullie het ooit?

Ze blijven je altijd verdenken.

Kunnen we hem spreken?

Waarvoor? - Om hem uit te sluiten.

Net als die andere.

Er is nog iemand vermoord.

Ziet u die deur? Daar is niemand doorheen gekomen.

Net als bij de vorige winkel. Mensen horen wat jij heeft gedaan.

Waar was u? Toen hij is opgepakt.

Ik zocht de moordenaar.

Alec had een grietje aangevallen. - Verkracht, Wilma.

Maar hij zou niemand vermoorden. - Kunnen we hem spreken?

Wat is er?

We gaan verhuizen. Dan valt niemand ons meer lastig.

En je bloeddruk? - Die had hij amper.

Slik je die medicijnen nog?

Zullen we boven gaan praten? - Dat kan hier, bij Wilma.

Ik heb niks te verbergen. - Crystal Kent is dood.

We kunnen hem meenemen. - Nee.

Niet op het bureau.

Ga naar boven. - Wie is Crystal Kent?

Ga naar boven, verdomme. - Kijk?

Hopelijk hebben jullie een goede reden.

Hoe? - Hoe goed kende je haar?

Niet goed. Hoe...

Komen we bij jou?

Ze hield aantekeningen bij over haar cliënten. Heel openbarend.

O, jee. - Wanneer heb je haar gezien?

Ik zit na te denken. - Hoelang kende je haar?

Een jaar. Twee. - O, Alec.

Je had geen vrouw meer aangeraakt. - U zei dood?

Vermoord.

Ik heb haar een week niet gezien. - Nee?

Hoe ging het? - Waar?

Hoek van Blythe Street.

Was ze aardig? Zoals de anderen? - Anderen?

Zelfde type. Zelfde haarkleur. Haar, Alec.

Je valt op blond haar. - Haar?

Hoe heb je haar opgepikt? - In de bus.

Waar is dit voor? - Dat is een deken.

Dat zie ik wel.

Om dingen af te dekken.

Zodat mensen niet zullen gaan inbreken.

Waar gebruik je die voor?

Touw doorknippen. - Daar is hij wel wat groot voor.

Soms is touw...

Sterk.

Wil je ons erover vertellen?

Ik heb...

Ik heb het niet gedaan. Ik was het niet.

Luister. - Ik zei zachte bekleding.

Ik heb een deken en een schaar. - Zachte bekleding.

Kom op. - Die bekleding is stug.

Bij stugge bekleding verwacht je plekken op de rug.

Die waren er niet.

Een zachte stoel. Goed achterover gezet.

Dat zie je aan de rigor mortis.

Ze werd al stijf toen hij haar verplaatste.

Of hij heeft de deken erop gelegd.

Dik, gevouwen. - Zachte bekleding.

Goed achterover gekanteld. Sorry, het staat in mijn rapport.

De laatste keer...

...zat ik in de gevangenis.

Dat is een smerige gewoonte. Weet je dat?

Je had het over de deken.

Crystal, ja.

Ik ga niet graag naar hun kamers.

Ze ruiken zo...

...goedkoop.

Wat ruikt er goedkoop? Zij of de kamers?

Allebei.

Waar gebruik je de schaar voor? - Om touw te knippen.

Schaar. Steen. Steen maakt schaar bot.

Ik zag je niet, en ging Bute uitlaten. Wat is dat?

Een video. - Hoe kom je eraan?

Gevonden. - Michael.

Oké, vier miljoen Britse gezinnen hebben er een. Wij nu ook.

Waar heb je hem van? - Goedkoop gekocht.

Van wie? - Een kennis.

Je hebt geen kennissen. Niet zulke.

Ik heb hem gewonnen, in een pub.

Jij gaat nooit naar pubs.

Je weet veel niet van mij. - Goed, welke pub?

Ik weet de naam niet meer.

Hij stond daar, op een kantoor. - Gestolen?

Hij was niet eens aangesloten. - Je hebt hem gestolen.

Oké, luister.

Ik ging ernaartoe voor een sollicitatiegesprek.

Kijken of ze vacatures hadden.

Hij stond daar maar. Er was niemand in de buurt.

Het was een reclamebureau.

Heb je dit ook gestolen?

Nee. - Nou?

Ik wil altijd goede dingen voor jou. - Geen gestolen dingen.

Maar niemand heeft me gezien.

Ik moet hier zeker over liegen?

Ik heb genoeg voor je gelogen.

Wat bedoel je? - Dat weet je wel.

Dat waren geen leugens.

Wat waren het dan?

'Beste Jim. Mag ik je Jim noemen?

Ik neem even een rustpauze op advies van de dokter.

Ik voelde me niet helemaal lekker...

...maar ze zijn je niet de baas, toch? Niemand.

Ik vind ze blond het leukst.

Hopelijk vind je bijgevoegde haren mooi. Van elk een.

Ga me maar niet zoeken.

Ze noemen me de wurger. De Salvo had er dertien, misschien ik ook wel.

Ze zien er zo goed uit, hè?

Tot kijk. Je vriend, de wurger. '

Die halvegare? - Niet als de haren matchen.

Er zijn drie haren meegestuurd. Die matchen wel.

Net de wurger van Boston.

De Salvo liet ze ook zo achter. - Bedoelt hij dat?

Wie weet dit anders?

De Salvo randde ze aan. Onze man niet.

Hebben we hem geadopteerd?

McGowan zegt niet veel meer. - Hij heeft nog niks gezegd.

Kappers. - Wat?

'Ze zijn je niet de baas. Ik vind blond het leukst. '

Misschien een kapper? - 'Ze' zijn...

Klanten.

Goed bedacht. - Als het echt is.

Als het McGowan niet is.

Hij had redenen voor het knippen. - O, ja?

Moet ik jullie waarschuwen voor bedrog?

Daarvoor weet hij te veel.

Peter, stuur direct een team. We pakken McGowan als dit van hem is.

Je kunt gaan, Alec.

Denkt u nog steeds dat ik de vrouwen heb vermoord?

O, ik denk...

...dat je gewoon pech hebt gehad.

Hebben ze je laten gaan?

Ja. - Ze waren hier.

Ik weet niet wat ze zochten. - Ik ook niet.

Jaren niemand aangeraakt.

Het waren geen echte vrouwen. - Wat dan?

Verklede kerels? - Vervangers. Dat waren ze.

Prostituees, dat waren ze.

Walg nou niet van me, Wilma.

Ik kon kiezen: Dat, of doen wat ik eerder heb gedaan.

Ik heb sterke gevoelens. - Kijk nou naar jezelf.

Ik wil graag in bad. - Je bent gewoon zielig.

Laat ze me niet weer ophalen. - Moeder had gelijk. 'Pas op Alec. '

Ik was niet getrouwd en daar zat ik, met jou.

Geen bijzonder leven, hè? Maar ik ben gebleven, voor jou.

Hoe vaak was je bij haar? Bij hen? - Af en toe.

Ja, ja. Dus je kon je even heel groot voelen?

Ik blijf niet. Niet in de winkel, niet in de buurt...

...en zeker niet bij jou. Niet meer. Blijf van me af.

Het houdt wel op. - Ophouden? Straks ben ik dood.

Voor ik de kans krijg om wat met mijn leven te doen. Weg van jou.

Wilma?

Het was vreemd, bij de kapper. Twee rechercheurs stelden vragen.

Over personeel dat ziek was geweest. - O, echt?

Ik heb het u nog nooit gevraagd. Bent u getrouwd?

Ik heb een vrouw.

Is dit een persoonlijk bezoek?

Er was nog een derde moord. Daar wisten wij niets van.

Ik heb het gehoord.

Is Charlie nou geen verdachte meer?

Ik wil die brieven nog graag zien. - De la zit op slot.

Waarom zijn ze belangrijk? - Niet.

U hebt een bevel nodig.

Of een sleutel. - Die heeft hij.

Hebt u hem nooit willen... - Stelen?

Er zijn dingen die ik niet wil weten.

Misschien snap ik dan wat zo'n jong meisje in een oudere man zag.

Sommige meisjes vallen daarop. - Sommige mannen ook.

Ik maak er geen gewoonte van. - Het spijt me.

Het was alleen die ene keer.

Ik ben blij dat hij stilzwijgend is vertrokken.

Anders had ik het niet getrokken.

Hield u van hem?

Door hem voelde ik me gewenst.

We hebben een zoon gehad. - Dat weet ik.

Hij is gestorven aan nekkramp toen hij drie was.

Charlie zei dat ik Colin als een vervanger zag.

Jaloezie?

Wat anders?

Met Susan heeft hij me wel teruggepakt.

Sommige mannen hebben geluk dat het kan.

U ook?

Ik leef met moord, Mrs Paterson.

Dat is naar. Koud.

Soms word je er koud van op een warme zomerdag.

En soms voel je helemaal niks.

Zeg maar Pat. Alstublieft.

Het verbaast me hoe weinig passiemoorden er zijn.

Teleurgesteld?

Hoe noemen Fransen dat? - Crime passionele.

O, ja.

Hier zit ik, ik zoek een man die moordt om te moorden.

Een koele man.

Harteloos.

Ik hoop dat u hem vindt.

Sorry. - Ik haal wel een doek.

Peter, kom mee.

Hebt u 't rapport gezien over de brief? - Dat zegt niks.

Veel kappers gearresteerd. - Niet een.

We lopen er veel na.

Susans tas is gevonden. Het past in het patroon.

Een eind van het lijk gedumpt. - Waar?

Op een schroothoop.

Dit briefje zat erin.

En twee brieven van Charlie Paterson van toen ze in Londen woonde.

Kijk, dat handschrift.

Wie is R. M.?

Wie wilde Paterson graag weg hebben?

'R. M. Is vrij groot. Zorg eerst voor bewijs. ' Robert Murray?

Robert Murray is vrij groot.

Maar bewijs waarvoor?

Mijn vrouw Jean. Alison. Brigadier Livingstone.

Heb je hem te pakken? - Nee, we komen overleggen.

Wel ongebruikelijk.

Ja, hè?

Ik wist niet dat uw vrouw...

Gehandicapt is? Je mag dat woord wel gebruiken.

Wat vind je ervan?

Het is lastig.

Waarom heeft Susan een briefje...

...met het verzoek om bewijs tegen Murray?

Ze wilde wat over hem uitzoeken.

Wat is er wat Charlie Paterson al niet weet?

Moet het Murray zijn?

Wie is er verder nog vrij groot?

Hij wilde mij van de zaak af hebben. - Zou er een reden zijn?

Ik wil de brieven in Patersons la zien. - Hoe dan?

Ik ben vrijpostig geweest.

Heb je vaak inbraken onderzocht?

O, nee. - Er is geen alarm. Heel onvoorzichtig.

Dat is vast geen probleem.

Hopelijk houdt de brigadier van zalm. - Vast wel.

Heb je een relatie?

Nee, niet echt.

Hoe is het om met pa te werken?

Wel oké. Wat doe jij?

Ik ben verpleegster.

Veel agenten trouwen met verpleegsters.

Ik niet. Eén agent in de familie is genoeg.

Wat is er?

Er is een vierde slachtoffer. Alec McGowan.

Zelfmoord.

Alsjeblieft.

Zet maar neer.

Kom op, wat is er? - Dat is er.

Nee, iets anders zit je dwars. - Nee.

Je vouwt verkeerde sokken in elkaar.

Niemand heeft me gezien.

Het is diefstal.

We hebben er geen geld voor. - Je kunt zonder.

Er was een kans. Die heb ik gegrepen. - Hoeveel heb je er gegrepen?

Hoe bedoel je?

Dat weet je wel.

Nee.

Dat.

Denk je dat ik de wurger ben?

Ik weet het niet meer.

Dat is niet grappig. - Ik vind het heel grappig.

Luister, het gebeurt toch hier?

Misschien is het wel een heel andere zaak.

Ik verzamel er dingen over.

Is dat waar?

Ik verzamelde als kind al knipsels.

Waarom heb je dat niet gezegd?

Ik wilde je niet overstuur maken.

Luister, ik weet wat die kerel doet.

Kom.

C. P.?

Ik dacht dat je wel even de stad in wilde.

Waarvoor? - Een aanbieding bij de stomerij.

Ik neem wat rokken mee.

Is dat een videorecorder?

Die kun je niet betalen. - Hij is gehuurd.

Hoe? - Michael had een klusje.

Een klusje? Hij? Niet te geloven.

Als je even wacht, ga ik met je mee. Goed?

Voor de tv kwam, luisterden kinderen graag naar de radio.

Toen deden ze vast meer huiswerk.

Ik zou die dingen kapot slaan. Echt. - Je hebt er nooit een gehad.

Dat gaat ook niet gebeuren.

WURGER EIST DERDE SLACHTOFFER

Zouden ze deze aannemen? - Ja, waarom niet?

Jean en ik gingen nooit uit eten.

We hebben eigenlijk nooit echt romantiek gekend.

Zij was er, en ik ook. Een jonge smeris met veel dromen.

Ik was ambitieus. Het is handig als je getrouwd bent.

Waarom vertel je me dit? - Ik ben graag bij je.

Ik had vragen verwacht. - Wat voor soort vragen?

Over mij en Charlie.

Waarom zou dat me nog interesseren?

Je huwelijk is dus niet echt.

Zoals het mijne. - Ik laat Jean niet in de steek.

Nooit gedaan? - Wat?

Nagedacht over haar probleem? - Het hoeft geen probleem te zijn.

Dat maakt zij ervan.

Ik...

Ja, ik ben wel eens ontrouw geweest.

Dat is haar offer voor mij.

Wat bewonderenswaardig. - O, ja?

Als je je man met een meisje naar een hotel laat gaan, dat is pas een offer.

Dat is afgesloten. - Dat van je huwelijksreis.

Weet je dat zeker?

Dat zat in Susans tas.

Ze waren er in februari. Ik heb het nagetrokken bij het hotel.

Jullie hadden toch geen geheimen?

Blijkbaar wel.

Het was lekker. Bedankt.

Ik wil je wel naar huis brengen... - Ik heb een auto.

En het lijkt me geen goed idee.

Hé...

Een andere keer?

Waarom niet?

Ik snap wat u bedoelt, over Mrs P.

Heb je sporen achtergelaten? Heb je iets gevonden?

Er stond niks in. Hoogdravend gedoe.

Wat ze in Londen doet. Dat ze terug wil.

Zijn armen om haar heen. Zoiets. - Is dat hoogdravend?

Dat vind ik wel.

Trouwens, Paterson rookt niet, maar heeft wel een gouden aansteker.

Interessant. - Die verkopen ze in één winkel.

Ik ben ernaartoe gegaan. - Goed zo.

Mrs Paterson is er vaste klant. Zij had hem gekocht.

Vier jaar geleden.

Voor een man die niet rookt.

Ken je Alice in Wonderland? Rarer en raarder.

Uiteindelijk was het een nachtmerrie.

Hoeveel kost het huren van een tape? - Je moet lid worden.

Hoeveel kost dat? - Vijf pence voor onbepaalde tijd.

En de tapes? - Een pond per avond.

Bedankt. - Graag gedaan.

Kom. - Geef me die poster eens aan.

Ja, Mr Paterson.

Hallo, kan ik je helpen?

Wil je binnenkomen? - Alstublieft.

Wilt u met me mee gaan? - Ja.

Binnen.

Nou? Heb je een aanwijzing? Want anders...

We hebben een aanknopingspunt. Dit is in Susans tas gevonden.

Het is het handschrift van Paterson.

Waarom kom je er nu mee?

Wat betekent dit?

Volgens mij hebt u een probleem.

Het is er niet. - Was het er echt?

Hij is thuis geweest.

Ik klink hysterisch, maar ik wil weten of hij het niet is.

Kwam je het daarom melden?

Er is nog iets.

Hij zei dat hij als kind al plakboeken maakte.

Dat doen mensen toch? Het is normaal.

Ja.

Hij heeft veel.

Hij kan niet iemand doodmaken.

Dat weet ik gewoon.

God, zeg me dat hij het niet is.

Kan Michael een auto gebruiken? - Nee.

Weet je het zeker? - Hij kan niet rijden.

De informatie die je ons gaf. Die hij gaf. Was die onjuist?

Op de avond van de eerste moord...

...was hij er een uur later.

En bij de tweede?

Toen was hij weg. - Werkte hij?

Nee.

Is die videorecorder nieuw?

Hij wilde dat we dingen hadden.

Geld om ze te kopen.

Village Video.

Mr Paterson? - Moment.

Mr Paterson? - Ja.

Wie is het? - Dat zei hij niet.

Mr Paterson, ik heb u die avond op de promenade gezien.

Ik weet dat u degene bent die de politie zoekt.

Dat is ook de winkel waar een van hen werkte.

Ik heb ook nog iets wat van u is.

Ga verder.

Mr Paterson, ik wil zoveel geld als u bij elkaar kunt krijgen.

Ik laat u weten waar u dat moet laten. Goed?

Kunt u me terugbellen?

Mijn nummer is 7538684.

Ga maar naar huis. - Hoeft niet.

Nou, ga iets anders doen.

Zeg me waar.

Ja, dat ken ik.

5000? - Ja, oké.

Ik zal er zijn.

Zo snel al?

Nogmaals bedankt voor de lunch.

Sorry dat ik zo plotseling wegging.

Nieuwsgierigheid heeft het gewonnen.

Het werkt niet. - Ach, je moet er goed in zijn.

Ik heb een sleutel die misschien wel past.

Wil je hem proberen?

Hoe...

Waarom doe je dit?

We moeten het weten.

Wat is er?

Waar... - Voor wie was die?

Colin.

Die jongeman die is verdwenen.

Wat was zijn achternaam? - Penman.

C. P. Dezelfde initialen als je man.

Verstopt hij het daarom?

Hoe komt hij eraan? - Toen je Susan in de winkel zag...

...heb je haar toen verteld van die aansteker?

Waarom zou ik? - Denk na. Het is belangrijk.

Ja, ik weet het weer.

Ik probeerde haar tegen hem op te zetten.

Ik zei haar dat mannen het niet waard waren.

Ik vertelde van de aansteker.

Dat hij zomaar was verdwenen. Waarom denk je?

Charlie maakte graag indruk op Susan. Dure auto, dure kleren.

Dat wilde hij ook vast doen met die aansteker.

Maar zij wist al van wie die was.

Wat is er met Colin gebeurd?

Charlie was jaloers.

Bedankt.

Luister, wat Michael ook heeft gedaan, het is geen moord.

Hoe weet je dat? - De man die we zoeken, rijdt auto.

Wat krijgt hij voor... - Het eerste misdrijf?

Wat vreselijk, als hij naar de gevangenis moet.

Livingstone. - Bericht van Mr Taggart.

Kom zo snel mogelijk naar de videowinkel, Duncrannon Street.

Waar is je baas? - Weg.

Waar naartoe? - Hij werd gebeld.

Door wie? - Dat weet ik niet.

Wat zei hij dan? - Hij schreef iets op.

Hij zei 5000. - 5000 pond?

Wordt hij gechanteerd? - Dat gebeurt vaker.

Wat is er gebeurd? - De geschiedenis herhaalt zichzelf.

Chanteerde Susan Paterson?

Ja, de eerste keer.

Ik wist niet dat ze een minnaar had.

Ik heb je wel meer niet verteld. - Waarom? Het was belangrijk.

Dat weet ik nu pas.

Twee moorden, zodat het leek of het 'n maniak was.

Hij stuurde de brief met de haren en stuurde jou op een zinloze jacht.

We zijn bedonderd. - Waarom?

Denk na.

Als het alleen Susan was, hadden we hem aangepakt.

Alleen vanwege die aansteker.

Dat was zijn ondergang. Hopelijk kunnen we die van mij voorkomen.

Wat heeft Murray ermee te maken? - Hij is stout geweest. Heel stout.

Ik wilde zelf met de eer strijken. - Welke eer?

Kom op. Jij bent een slimme rechercheur.

Susan had het mooi bedacht.

Paterson nam haar mee naar het Kinloch Hotel.

Hij had er gewerkt, kende de omgeving.

Goed genoeg om te weten waar je een lichaam kon begraven.

Waar is dat, in Schotland? - Rannoch Moor.

Ja. R. M. Is vrij groot. Natuurlijk had ze geen bewijs.

Ze vermoedde dat hij Pats vriend had vermoord en daar had begraven.

Dat betekende het briefje. - Daarom liet hij het briefje achter.

Wanneer hebt u dit bedacht? - Toen we het vonden.

U wist dat R. M. Voor Rannoch Moor stond. U hebt me misleid.

Sorry, Peter. - Rotzak.

Echt, ik kan je missen als kiespijn.

Laat hem stoppen.

Haal hem van me af.

Hij is gek.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.