Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (SoranĂ®)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Verdomme, de kip is ervandoor! Vlug, achter het beest aan!
Schiet verdomme op!
Pak dat beest!
Eén goeie foto en ik werk voor de krant.
Denk je, Raket? - Ik moet m'n kans grijpen.
Ga je je leven wagen voor een foto? Kom nou.
De terreur van die bende komt me de strot uit.
Pak die kip!
Eikel! Pak die kip, zei ik!
Donder op!
Pak die kip!
Als ZĂ©'tje je pakt, ga je eraan.
Dan moet hij me eerst vinden.
HĂ©, knul! Pak die kip!
Pak die kip!
Getver! De politie! Ga er verdomme niet vandoor.
Geef hier.
HĂ©, Dikkop! Vuile nicht!
Een foto kan mijn leven veranderen,
maar in de Stad van God
kan je niet wegrennen.
En blijven ook niet. Ze hebben het op ons gemunt!
Zo was het al toen ik nog 'n kind was.
DE JAREN 60
Je bent waardeloos!
Haal de bal nou. - Volkomen waardeloos!
HĂ©, joch. Geef die bal hier, ik wil spelen.
Het is jouw bal niet. - Zoek je gedonder?
Rot op. Hoe heet je trouwens?
Sorry, ik heb me nog niet voorgesteld.
Raket. - Een goeie raad, Raket.
Geef de bal niet aan Dobbeltje. Hij bakt er niks van.
Jij verliest! - Hup, Ruigpoot!
Dat is Ruigpoot. Het verhaal van de Stad van God
moet ik bij hem beginnen.
Maar het verhaal van Ruigpoot
is het verhaal van het Tere Trio. Nou, Ruigpoot? De gasauto komt eraan.
Wat sta je te lummelen? Je krabbelt toch niet terug?
HET VERHAAL VAN HET TERE TRIO
Het beruchte Tere Trio was legendarisch in de wijk.
Ruigpoot,
Spetter
en Por.
Met in hun kielzog Dobbeltje en Benny,
de broer van Ruigpoot.
Ik heb nooit 't lef van m'n broer Por gehad.
Oké, kom op.
Schiet op, Por! Vooruit!
Stoppen!
Stoppen, verdomme!
Stop of ik schiet, klootzak! Eruit!
Schiet een beetje op, eikel! Het geld!
Wie wil 'n fles gas?
Nog meer! Wil je dood voor 't geld van je baas?
Hier is geld zat!
Zie je wel, eikel?
Eikel! Getver! De politie!
Wegwezen! Het sterft van de smerissen!
Destijds dacht ik dat het Tere Trio
de gevaarlijkste gangsters van Rio waren.
Hier, ga nieuwe ballen kopen.
Maar het waren hooguit amateurs.
Ook mijn broer Por. Raket, geef dat geld aan pap.
Maar zeg niet dat je het van mij hebt.
Goed?
HĂ©, Draad! - Ja?
Kijk wat ik heb.
We waren naar de Stad van God gekomen in de hoop het paradijs te vinden.
Heel wat gezinnen waren dakloos
na de overstromingen
en brandstichting in de sloppenwijken.
Een lantaarnpaal! We krijgen elektriciteit!
De regering was bikkelhard. Dakloos? Hup, naar de Stad van God.
Zonder elektriciteit, verharde straten of openbaar vervoer.
Maar onze problemen lieten de rijken en machtigen koud.
We pasten niet in het fraaie plaatje dat ze van Rio de Janeiro ophingen.
Denk je dat ik strandmeester kan worden?
Geen idee.
Liever strandmeester dan visventer. Ik wil geen vis verkopen. Vis stinkt.
Beledig je nou je vader? - Nee.
Wat wil jij later worden?
Ik weet het niet.
Maar geen gangster of politieman. Waarom niet?
Ik ben bang voor kogels.
Doe dat ding weg, joch.
Ben je gek? Een pistool op me richten! Rustig nou maar, Por.
Dobbeltje is bij me. Ja, ik ben ook gangster.
De gasauto heeft niet veel opgeleverd.
Nou, en? We overvallen elke dag gasauto's.
Eentje vandaag, morgen weer 'n andere.
We kunnen beter 'n rijke vent beroven. Alleen zo komen we hier weg.
Welnee, verdomd.
Je moet mijn plan uitvoeren. - Precies!
Dat ettertje krijgt het hoog in zijn bol.
Hij raakt stoned en begint uit z'n nek te kletsen.
Jullie twee junks
zijn niet half zoveel waard als die jongen.
Verklaar je nader, Dobbeltje.
Een gangster heeft meer nodig dan 'n pistool.
Een echte gangster heeft ideeën nodig.
En ideeën had Dobbeltje wel.
Is dat het motel? - Ja.
We gaan naar binnen, pakken de poen
en verdwijnen weer. Er vallen geen doden.
Dat moet ik hebben.
Niet aan mijn pistool komen! - Waag 't niet.
Niet wijzen! - Krijg de ziekte!
Wijs niet naar me! Doe niet zo kinderachtig!
Da's voor jou. Geweldig! Kom op.
Niet zo vlug. - Wat?
Jij blijft hier en houdt de wacht. Als er politie komt,
schiet je dat raam daar kapot.
Waarom ik? Laat die eikel de wacht houden.
Ik heb je 't plan gratis gegeven en die eikel doet niks.
Jij had alleen 't idee. - Precies.
Je bent nog maar 'n joch. Jij houdt de wacht.
Jouw tijd komt nog wel. Je moet niet overhaast willen werken.
Blijf hier staan.
Dit is een overval, kut!
Jullie zien er niet als gangsters uit. Moet je niet aan het werk zijn
of leren voor school, jongen? Hou je kop!
Zanik jij altijd zo?
Alles oké, Spetter?
Gaan we naar binnen?
Ik heb niks besteld.
Rondje van 't huis. Hier met de poen.
Rustig blijven, ik wil alleen je geld.
Doe dat pistool... - Je portefeuille.
HĂ©, man... Wat is dit voor hoerentent?
Ben je van de kerk? - Ja, broeder.
Geef hier!
Sloerie! Je bent oud, vet en dik!
Wil je haar plaats innemen?
Wat gebeurt er?
De politie! Wegwezen! Kom op!
Pak die auto, ik haal Dobbeltje.
Jezus, wat 'n kar.
Er is wat loos. Dobbeltje is verdwenen. De politie schiet, wegwezen!
Niet zo hard! Je zei dat je kon rijden.
Kan ik ook. Zwijg dus maar.
Draaien! Kijk uit!
Stomme zak.
HĂ©, het was niet met opzet.
Niemand heeft wat gezien. Iedereen houdt z'n bek, begrepen?
Wacht, ik heb m'n enkel verzwikt.
Por heeft z'n enkel verzwikt. Het doet verdomme zeer.
Ga 't bos met 'm in. Ik schiet om de politie af te leiden.
Vertrouw op God. - Vertrouw op God.
Geef de telefoon even, Pingu: ĂŹn. Onderdeur is nog zo'n beruchte knaap
in de Stad van God.
Maar zijn verhaal is nog niet aan de beurt.
Het doet verdomd pijn, Por.
Hou je kop. - Wacht nou.
Je bent verdomme net 'n juffertje.
Geef je hand. Klimmen. Niemand heeft wat gezien?
Vreemd toch. Een auto ramt 'n café en niemand heeft wat gezien.
Jij hebt zeker ook niks gezien? Net als altijd.
Niks gezien, niemand die wat weet.
Wat is er, Onderdeur?
Ze houden zich schuil in het bos.
Hoi, Dikkop. - Hoe gaat het?
Ik heb zo het gevoel dat ze in het bos zijn.
De klootzakken. Ze zitten in het bos.
Felipe, sluit de auto af. Rangel, kom mee.
Ik zie geen bal. Hoe kunnen zij wat zien?
Verdomd oerwoud.
Ze hebben 'n grote buit. Ik weet het.
Als wij het geld eens pakten?
Ben je gek? Daar waag ik me niet aan.
Ik wil die kerels afmaken. Sinds wanneer is het verboden
geld van nikkers en dieven af te pakken?
Hen inrekenen wordt 'n makkie. Ik heb een tipgever in de Stad.
Heb je die schoten gehoord?
Als ik er eentje te pakken krijg, mol ik 'm.
Maracana!
Doe open!
Wat is er? De politie zit me op de hielen.
Ruigpoot!
De politie zit me op de hielen!
Je moet me verbergen. - Kom binnen.
Verdomme. Ik dacht dat de politie de hele nacht zou zoeken.
Ik heb 'n visioen gehad, Por.
Heb jij wiet gepaft?
Jij hebt 'n baantje gehad, hè? - Ja.
Hoe is dat? Wat zeggen de mensen? Ik heb met m'n vader gewerkt.
En vaders kramen 'n hoop shit uit.
Zal ik je wat zeggen? Ik kap ermee. Ik wil niet doodgaan.
Dit gangsterleven is niks voor mij. Wacht! De politie is er nog.
Kan me geen bal schelen.
Ik ga terug naar de kerk.
Wie op de plaats van de Allerhoogste toeft,
zal leven in de schaduw van de Almachtige.
Van de Heer zal ik zeggen: Hij is mijn steun en mijn toeverlaat,
op Hem zal ik bouwen. Vrees de nachtelijke dreiging niet
noch de pijl overdag. Vrees de pest in het duister niet
noch de verwoesting...
Blijf staan, klootzak! - Geen beweging!
Blijf staan of ik schiet!
...in de schaduw van de Almachtige.
De overval in het motel was de bloedigste
van de geschiedenis.
De bandieten gingen daarna elk hun eigen weg.
Deze kerel was niet bij de overval betrokken.
Zie je wel? Hij is een arbeider, geen gangster.
Dan maak ik er nu wel 'n gangster van.
Het lot bracht Spetter terug in de handen van God.
Ruigpoot was in handen van Berenice.
En Por kwam in handen van mijn vader.
Waarom doe je die dingen? Denk je dat ik stom ben?
Voortaan werk je bij mij. Je broertje zal
je in de gaten houden.
Prent dit maar goed in je hoofd. Als ik je betrap met andermans geld,
vermoord ik je.
En jou ook. Trek je kleren aan. Je begint meteen.
'T Valt niet mee als je broer 'n gangster is.
Uiteindelijk betaal jij altijd 't gelag. Maak je geen zorgen.
Pa is kwaad op me,
maar dat waait wel over.
Geef hier, da's niks voor jou. Jij moet studeren.
Ben je niet bang voor kogels?
Ik ben gangster omdat ik stom ben. Jij bent verstandig.
Je moet studeren. Ik ga naar school
omdat ik niet van zware arbeid houd.
Je moet me iets beloven.
Dat je van dit pistool afblijft. Beloofd?
Bezegel het.
We kunnen maar beter opschieten.
Ik ga 'n hoop vis verkopen. En lach niet. Je grinnikte
toen ik die klap kreeg.
Ik? - Ik heb het wel gezien.
Wat is er, Ruigpoot? Tong ingeslikt?
Ik word nerveus van je gewriemel. Ik denk na over wat ik je moet zeggen.
Denk jij tegenwoordig na? Dat wordt nog eens je ondergang.
Mijn hart heeft jou gekozen. En ik volg mijn hart.
Hou je me voor de gek? Nooit van liefde
op 't eerste gezicht gehoord?
Gangsters hebben niet lief, ze begeren. Al wat ik zeg, kraak jij af.
Gangsters zeggen niks, ze smoezen.
Dan hou ik er maar mee op moeite voor je te doen.
Als gangsters ophouden is het alleen tijdelijk.
Met jou valt niet over liefde te praten. Niks liefde,
je probeert me erin te luizen.
Maar ik hou van je.
Misschien weet je me nog te overtuigen ook.
Na de overval in het motel hield de politie voortdurend
razzia's in de wijk.
Elke dag werd er wel iemand opgepakt
of ging iemand de cel in.
Maar niemand had iets gezien.
Niemand wist iets.
Niemand kikte
over de schuilplaats van de overvallers.
3 MAANDEN LATER Ruigpoot...
Waarom geef je het gangsterleven niet op?
Neem een baan in plaats van de hele dag in bed te liggen.
Je bent een niksnut. - Hoezo, een niksnut?
Denk je soms dat werken geld oplevert?
Jazeker, Ruigpoot. Wat denk je dat ik de hele dag doe?
Rustig maar, liefje. Je weet toch dat ik alleen bij jou
wil zijn, met kinderen en een boerderij om kippen te houden,
wiet te kweken en high te worden.
Jaja, in mijn oren zijn dat alleen gangsterpraatjes.
Wat? Door die klus in het motel
was ik bijna rijk. - Ben je gek?
De politie is nog steeds naar je op zoek
voor al die doden.
Welke doden? Waar heb je het over?
Heb jij het gezien? Je weet niks, zwijg dus.
Je was er niet bij. Ik heb niemand vermoord.
Ik wed dat 't de smerissen zelf waren en ik moet ervoor opdraaien.
Ze namen Dobbeltje te grazen. Begin er dus niet meer over.
't Maakt niet uit wie 't was. - Ik niet.
Ik zeg alleen dit... Ik wil geen kind van een gangster.
Je staat alleen.
Alleen? - Ja.
Spetter heeft God gevonden. - Halleluja.
Por werkt. - Zo'n slijmbal.
En jij? - Ik ben niet veranderd.
Ze hebben me gewoon in de steek gelaten, dat is alles.
Dan laat ik jou ook in de steek. Ik stap op, Ruigpoot.
Als je wilt, ga je mee. Zo niet ga ik alleen.
Vis! Vis! Mijn broer had beloofd
met misdaden op te houden.
Maar als een gangster ophoudt...
is dat alleen tijdelijk.
Por legde het aan met Onderdeur z'n vrouw.
Ik heb forel zat, maar voor bijzondere klanten
heb ik ook zoenvis.
Da's gewoon barbeel.
Als je 't met je man doet,
likt hij je dan nooit?
Nee.
Die van mij moet eerst z'n tong gebruiken.
Minstens een halfuur.
En laat je 't hem in je kont doen? God, nee. Doet dat geen pijn?
Alleen in het begin. Daarna is het heerlijk.
Maar je hebt wel 'n banaan nodig. Waarvoor?
Ach, meid, je mist al het lekkers van het leven.
Je neemt 'n banaan, je verwarmt 'm en je stopt 'm in je
terwijl je man je van achteren neemt. Het is fantastisch.
Vraag het je man. Ik durf niet. Je weet niet hoe hij is.
Hij zou me slaan. - Probeer.
Mannen zijn gek op dat soort dingen.
Vuile nikker!
Sloerie!
Vuile hoer!
Raket, geef je broek hier. Vlug wat!
Doe uit, verdomme! Ik ga niet in m'n blootje lopen.
Wil je je broer liever dood?
Geef die broek hier! Geef je shirt.
Je broek! Vlug!
Ik wist het. Ik draai altijd voor die eikel op.
Hij is ervandoor. Dat is z'n broer.
Dat ettertje? - Ik castreer de zak.
Vis! Vis!
Kom 's hier, joch.
Waar is je broer? - Vandaag werkt ie niet.
O nee? Stap in. - Ik heb niks gedaan.
Stap in! - En m'n vis dan?
Schiet op, joch! Ik wil m'n vis niet kwijt.
Vergeet je vis nou maar. Zitten.
Mijn vader vermoordt me. Doet er niet toe.
Kom, er is niks te vinden. Mijn vader zwoer dat hij
mijn broer nooit meer wilde zien. Kom op, Felipe.
En zo geschiedde.
Niemand heeft 'm ooit weergezien. Het verhaal van het Tere Trio
liep ten einde.
Dobbeltje?
Ik dacht dat je de pijp uitging bij 't motel.
Je bent verdomme stinkrijk. Nee, Benny. Niet doen.
Da's ons geld. Klets verdomme geen onzin
en geef dat geld hier. Benny, zeg tegen je broer
dat Onderdeur een verklikker is.
Ik ga weg uit de wijk.
Maar Onderdeur had wel wat anders te doen.
Kom mee kijken, Draad.
Een buur had de politie gebeld.
De kranten blokletterden: "Man begraaft vrouw levend
in Stad van God"
Het krioelde van verslaggevers en politieagenten.
De gangsters kozen het hazenpad.
Wil je dood? - Jij gaat dood
als je niet doet wat ik zeg. 'n Beetje respect voor mevrouw.
Rijden, verdomme!
Er is politie. - Maakt niet uit. Rijden.
Waar naartoe? - Doet er niet toe.
Wat nou? Alstublieft, de auto is een wrak.
M'n reet. Starten. - Je moet 'm duwen.
Duwen, Ruigpoot. Duwen!
Jij?
Wil je de overvallers? Daar. Arresteer die kerel maar.
Rennen, Ruigpoot!
Stop!
Hier! Hij ligt hier!
We hebben de klootzak te pakken!
De schoft! - Hij is een moordenaar.
Van de dag dat Ruigpoot stierf, herinner ik me de menigte
en een camera.
Ik had altijd al 'n camera gewild.
Kom, we gaan naar school.
Nou? - Zullen we naar 't strand gaan?
Maar we hebben 'n toets.
Nou, en? Iedereen gaat naar het strand.
Kom op.
Ze heeft 'r bikini aan, maar wil niet mee.
Hoe zeg je dat? De zon is voor iedereen,
maar 't strand moet je verdienen.
DE JAREN 70
Hier! - Ik kocht m'n eerste camera
toen ik 16 was. Zoals alle armen begon ik onderaan,
met 't allergoedkoopste model.
En, Raket? Hoe gaat het? Heb je al 'n meisje gehad?
Noppes.
Angelica. Ik was gek op haar.
HĂ©, Raket. Steeds maar aan't kieken? Ze was bloedmooi
en de enige van ons stel die neukte.
Ik wilde m'n maagdelijkheid bij haar kwijt.
Bij haar, jongen?
Ze heeft 'n vriend.
Ik ben niet jaloers. Haar vader is sergeant.
Niemand is volmaakt.
Dichter bij elkaar!
Ik was de officiële fotograaf van ons stel.
De hippe vogels. ledereen dokte wat graag
voor een fotoafdruk.
Tiago,
wat meer naar achteren.
Zo goed? - Uitstekend.
Ik ben aan 'n joint toe.
In plaats van te roken kun je beter coke snuiven.
Snuif jij, Tiago? Geef mij maar een stickie.
Ik kan je er wel bezorgen.
O ja? Waarop wacht je dan?
Maar coca: ĂŹne is je van het. Da's pas nercotisch.
Narcotisch!
Je smaakt helemaal zout. Krijg de ziekte.
Wilde jij strandmeester worden, Draad?
Je gaat nooit in zee. - Pa is strandmeester.
Ik wed om 'n biertje dat ik beter zwem. Oké.
Als je wilt,
haal ik 'n joint bij Blacky.
Ik zou alles voor haar hebben gedaan.
Wiet kopen, coke...
Ik kon aan het beste spul komen voor een eerlijke prijs
aangezien de lokale dealer
een ouwe klasmakker van me was: Blacky.
Wie is daar? - Raket.
Hoe gaat het daarginds? - Best.
En de jongens? - Ook.
Wil je kopen of roken?
Kopen. - Kom erin.
Wie is daar?
Dit was Blacky z'n terrein. Maar dat was het niet altijd geweest.
Hoi, Blacky. - Verdomme, Dobbeltje.
Val jij zo in m'n flat binnen? Wie zegt dat 't jouw flat is?
HET VERHAAL VAN DE FLAT
Zelia was de eerste die hier drugs verkocht.
Haar man was gestorven en ze moest voor haar dochters zorgen.
Soms gaf ze jongens gratis drugs in ruil voor bijzondere diensten.
Haar favoriet was Big Boy. Op 'n dag werd ie wel heel erg "big".
Zelia ging zo amateuristisch te werk dat Big Boy haar makkelijk opzij schoof.
Big Boy gebruikte de jongens uit de buurt
als dealers. En mijn deel?
Stop jouw deel maar in je reet. De beste dealer...
was Wortel.
Mag ik 'n slok? - Ga je gang.
Hij won het vertrouwen van Big Boy en schopte het tot manager.
Blacky, 20 voor ons en 5 voor jou. Oké?
Op 'n dag verscheen 'n maat van Wortel. Zijn naam was Aristoteles.
Mijn vrouw moet geopereerd worden.
Zijn familie had zich over Wortel ontfermd
toen hij aan de grond zat. Hij kon een broeder geen hulp weigeren.
Hier heb je het spul. Maar vrijdag moet ik het geld hebben.
Je helpt me uit de nood. - Vrijdag.
Hij is m'n gabber, haast een broer, Big Boy.
Geef hem nog een week.
Jij maakt hem af of ik maak jou af. Wortel had geen keus.
Vrijdag, had ik gezegd. Doe het nou niet, man.
Wortel wilde Big Boy vermoorden, maar dat hoefde niet meer.
Big Boy had de politie niet betaald en stierf in de gevangenis.
Wortel nam alles van Big Boy over,
maar de flat wilde hij niet.
Er rustte een vloek op.
Wortel gaf 'm aan z'n beste dealer, Blacky.
Hier. 150 zakken.
Geef wat meer. 't Sterft hier van de junks.
Zo nam hij de lokale markt over. Maar lang duurde het niet.
Wie is daar?
Doe open.
Hoi, Blacky. - Verdomme, Dobbeltje.
Val jij zo in m'n flat binnen? Wie zegt dat 't jouw flat is?
Ja, wie?
Is er wat, Dobbeltje? - Niks Dobbeltje.
Voortaan heet ik Zé'tje. HET VERHAAL VAN ZÉ'TJE
ZĂ©'tje wilde altijd al de baas zijn in de wijk. Al van toen hij
klein was en nog Dobbeltje heette.
Zij maken lol en ik niet?
Ik wil hier weg.
Wat? Je maat heeft alles al meegenomen. Wat moet je nog?
Die avond stilde ZĂ©'tje zijn honger om te doden
al zou Ruigpoot het hem nooit vergeven.
Om zijn straf te ontlopen trok hij weg uit de Stad van God.
Hij moest hard werken voor weinig geld.
Ja, Benny!
Het ging ZĂ©'tje en Benny voor de wind.
Ze hadden talent voor criminaliteit.
Jij hebt meer dan ik. - Het was mijn idee.
Alleen mocht er geen oudere gangster opdagen,
zoals m'n broer Por. Dobbeltje?
Ik dacht dat je de pijp uitging bij 't motel.
Je bent verdomme stinkrijk. Nee, Benny. Niet doen.
Da's ons geld.
Benny, zeg tegen je broer Ruigpoot dat Onderdeur een verklikker is.
Ik ga weg uit de wijk.
Por!
Van Ruigpoot. Je zult 't nodig hebben.
Gaandeweg werd Dobbeltje groot. Op z'n 18de was hij
de meest gerespecteerde gangster in de Stad.
Je bent meerderjarig nu, kijk uit. Hij was een van de meest gezochte
criminelen van Rio.
Hoe gaat het, Dobbeltje? Gefeliciteerd met je verjaardag.
Ik ben blij dat je 18 bent.
Donder op, Tuba. - Sorry, amigo.
Geef me 'n biertje. Had je me soms niet gezien, eikel?
Sorry, kerel. - In je reet!
Volgende keer maak ik je koud, lul.
Nicht!
Dobbeltje was overal voor te vinden. Ik wil praten.
En hij popelde. Wie is hier 't rijkst?
Keus zat. Jerry Adriani...
gouden ketting, dure kleren.
En Pereira met z'n grietje. Berenice. Zij was m'n broer z'n liefje.
Moet je z'n auto zien. En Blacky. Hij verzuipt in 't goud.
Gouden ketting, gouden horloge... En moet je Wortel met z'n auto zien.
Allemaal dealers. En allemaal rijk.
Van overvallen word je niet rijk.
Het grote geld vang je met drugs. - Precies.
Met name als je coke verhandelt.
Daar heb je geld voor nodig. - Niet echt.
We liquideren die eikels en nemen hun handel over.
Wanneer beginnen we? - Nu meteen.
Exu-de-Duivel is het licht dat schijnt.
Hij heeft je hier gebracht. Waarom blijf je in de Stad van God
waar God je vergeten is?
Ik weet wat je wilt.
Je wilt macht. Ik heb iets waardoor je macht krijgt.
Om je lot te veranderen geef ik je mijn talisman, jongen.
Maar je mag niet neuken met de amulet aan,
zo niet...
zul je sterven.
De jongen heet niet langer Dobbeltje, maar ZĂ©'tje.
ZĂ©'tje zal groeien.
Blijf jij trouw aan mij en ik blijf trouw aan jou.
Dobbeltje werd ZĂ©'tje en het doden begon.
Hij begon op een ochtend en nam de handel van Jerry Adriani over.
Nog diezelfde avond
waren zowat alle handeltjes van de wijk in zijn handen.
Alleen Wortelliet hij met rust omdat die een vriend van Benny was.
Alleen de flat bleef nog over, maar dat zou 'n makkie zijn.
Wie is daar?
Hoi, Blacky. - Verdomme, Dobbeltje.
Val jij zo in m'n flat binnen? Wie zegt dat 't jouw flat is?
Is er wat, Dobbeltje? - Niks Dobbeltje.
Voortaan heet ik ZĂ©'tje.
Hij heet ZĂ©'tje. - Jij gaat eraan.
Maak hem niet af. Hij snapt 't. Ja toch, Blacky?
Jij mag alles hebben.
Ik wil geen gedonder. Ik had de kans moeten aangrijpen
om mijn broer te wreken.
Ik laat je leven,
maar je werkt wel voor ons.
Begrepen? - Makkelijk gezegd...
Waar ga jij naartoe? - Hij is oké, Zé'tje.
Hoe heet je, jongen? Raket.
Hij is de broer van Por.
Por? - Wijlen Por.
Ga nou maar, jongen. Haast je.
Zeg tegen iedereen dat deze handel
nu van ZĂ©'tje is en dat we coke verkopen.
Begrepen?
Coca: ĂŹne.
Waar is het pand?
Daar, links. Drugs verkopen is net als elke handel.
De leverancier levert de waar
die ter plaatse wordt verpakt.
Dat gebeurt in een "montageband". Oersaai.
Pot wordt in "lids" verpakt.
CocaĂŻne wordt in pakjes gerold
die dan per tien
of honderd worden gebundeld.
Je kunt 'n hele carrière in drugs maken.
De kleintjes beginnen als loopjongen. Ze worden betaald
als bezorger of boodschapper.
Daarna worden ze uitkijk.
Als er politie verschijnt,
verdwijnen de vliegers en de dealers.
Later word je een dealer
of"rook". Als de politie komt,
trekt de "rook" snel op. Een trapje hoger op de ladder
heb je de "soldaat".
En als je ook nog kunt rekenen, schop je het tot manager,
de rechterhand van de baas.
De politie krijgt 'n deel van de koek en doet niet moeilijk.
Sinds ZĂ©'tje al z'n vijanden had geliquideerd
waren er geen schietpartijen meer
en kon je rustig de Stad van God in rijden.
De playboys voelden zich veilig
om er hun drugs in te slaan.
De Stad krioelde van de junks
en ZĂ©'tje werd rijk.
Oké? - Deal.
Welke doe ik om?
Dat is wel leuk.
Als dealen legaal was geweest, was ZĂ©'tje Man van het Jaar geweest.
Maar ik had 't kwaad. Ik was bang voor 'm.
En hij was overal. Wat 'n kluns.
Als ik zin had in 'n joint, moest ik naar Wortel toe.
Een halve lid.
Bedankt.
Maar het loonde de moeite. Ik rookte alleen met Angelica.
Het was uit met Tiago
en ik zag m'n kans schoon. Ik stond op 't punt haar te veroveren...
Die foto's zijn echt goed.
Vind je? Hier sta ik heel knap op.
Jij bent overal knap. - Ik meen het.
Ik ook.
De ondergaande zon, 'n verlaten strand, een lange kus...
Ik wist zeker dat 't voor de bakker was...
Maar toen verschenen de Koters.
Mag ik 'n haal?
Hier.
Ik moet ervandoor. Tot kijk.
Wacht even, Angelica.
Je joint! - Hou maar.
Coole jongen.
Dat was mijn eerste kennismaking met de Koters.
Biefstuk met friet, Benny. Mooi.
Hier.
'n Fooi.
Meen je dat? Dank je.
Ook 'n hap? - Nee.
Wil je dit horloge ruilen? Nadat Angelica 't had uitgemaakt,
ging Tiago steeds meer snuiven. Van je grootvader?
Nee, van m'n pa. Als je eenmaal echt verslaafd bent,
ben je aan de dealer overgeleverd.
Twee zakjes van tien. - Eentje.
Oké, eentje dan. - Voor Tiago
lag het anders. - Kijk uit!
Sorry, peetvader.
Niks peetvader. Heb ik je kinderen gedoopt?
Sorry.
Rot op.
Blacky, leen me je fiets even.
Zin in 'n wedstrijdje?
Waar naartoe? Tot de snelweg.
Best. - Klaar? Start!
Behoorlijk lastig, hè?
Ja, je bent wel goed.
Waar heb je die sneakers gekocht?
Niet ver hiervandaan. - Je shirt ook?
Nee, in de stad. - Leuk.
Het is 'n designershirt.
Kun je er een voor me kopen? Broek en shirt?
Wat je maar kunt.
Welke maat? - Meet me.
Waarmee, man? - Met je hand.
Schoenmaat?
Draai je om.
HĂ©, Benny!
Heb je de spulletjes?
Alleen 'n broek? Nee, ik heb nog meer.
Vind je 't leuk?
Hier heb je wat geld terug.
Hou maar.
Leuk.
Dit is Benny.
Raket. - Hoi. Ik ken hem.
Ik ben nu 'n playboy.
HĂ©, gangsters, moet je horen...
Let op, hippe vogels schudden met hun kont voor ze schijten.
O ja?
Krijg de ziekte, klootzakken!
Wilde je me uitlachen?
Eikel.
Zei ik je niet Wortel om te leggen? Hij is 'n gevaar voor het getto.
Rustig nou. Ga met 'm praten. Ik liquideer die zak.
Je moet niet iedereen uitroeien. Ik leg hem om.
Wees niet bang, Angelica. De jongens hier zijn cool.
Ik ben helemaal niet bang.
Dans je, Benny? Hoe moet 't met Wortel?
Vooruit, jongen. Ga met 'm praten.
Benny was de aardigste gangster in de Stad van God.
Hij gaf rondjes wiet en bier.
Zé'tje was precies 't omgekeerde. Hij had maar één obsessie:
De baas van het getto worden.
Hij zocht een excuus om de handel van Wortel
over te nemen.
Hoi, Wortel. - Wat?
Je moet de Koters geen overvallen in 't getto laten doen.
Blijf jij op jouw terrein, dan blijf ik op dat van mij. Begrepen?
Ik ga 'n biertje halen.
Hoi, Raket. Alles kits? Alles oké.
Hoi, Benny. - Hoe gaat 't?
Tiago. Alles oké? Ja, hoor.
Mag ik? - Tuurlijk.
Dansen?
Is het oké bij jou thuis? - Geen probleem.
Mijn ouders zijn er niet. Je bent er alleen met 'r.
Vanavond raak je je maagdelijkheid kwijt.
Niet zo hard, man. Iedereen hoort het.
Je bent mooi. - Dank je.
Verdomme.
Ze doen niks.
Hoor eens, ik weet dat de Koters voor jou werken.
Zie je me voor 'n lul aan? Wil je mijn handel overnemen?
Ik wil met je praten. Je verziekt de boel.
Doe je hand weg.
De Koters ondermijnen de rust op ons terrein.
Geef de baby z'n flesje. Wortel, houd hen wat in toom, oké?
Wortel laat de Koters overvallen plegen.
Dan komt er politie en doen we geen zaken.
Goed dan, maar alleen omdat ik je mag.
En je moet de baby dringend verschonen. Je zult nog wel zien wie de baby is.
Ik wil in mijn wijk geen overvallen of verkrachtingen.
Daarom staat die "tje" in ZĂ©'tje.
De Koters hadden lak aan de wetten
van de wijk.
Ze beroofden bewoners en overvielen winkels,
vooral op 't terrein van Wortel.
Wat doe je nou?
Jullie komen telkens weer! Maar ze wisten niet
dat er nu een baas in de Stad was.
DANK U VOOR UW VERTROUWEN
De Stad was veel veiliger geworden
voor z'n bewoners.
Overvallen kwamen haast niet meer voor.
Je hoefde alleen even met ZĂ©'tje te praten.
Kom. - Laat de Koters ongemoeid.
Ik raak ze niet aan.
Hoi, Biefstuk. - Alles oké, Zé'tje?
Gaan we 'n eindje lopen? Met jou? Moment.
Mam, ik loop even met m'n vrienden mee.
De lekkerste kip die ik ooit gegeten heb.
Die ouwe deed 't in z'n broek van de schrik.
Krijg je soms medelijden?
Ben je gek?
Laten we 'n bank of 'n supermarkt overvallen.
Levert niks op. Drugs daarentegen... Ja, drugs verkopen.
Maar je moet als loopjongen beginnen. Wil jij loopjongen worden?
Het duurt ontzettend lang
voor je hogerop komt.
Je moet wachten tot 'n oudere het loodje legt.
Ik wil niet wachten tot er eentje sterft.
Ik pak 't aan zoals ZĂ©'tje. Ik liquideer iedereen.
Heb je het over mij?
Kom terug, etterkopje!
Behoorlijk snel, die jochies.
Ze rennen als de duivel.
Alleen jullie konden niet ontkomen.
Jullie boeten voor al wie wegliep. Je mag kiezen.
Een kogel in je hand of in je voet?
Kom op, kies. Je hand of je voet?
Kies, verdomme!
Hand. - In je handje, hè?
Oké.
HĂ©, Biefstuk-friet...
laat zien waar je toe in staat bent.
Kies er eentje uit en schiet hem dood.
Laat maar, ik doe het. Nee, Tuba. Dit is voor hem.
Vooruit, Biefstuk.
Kies er eentje en knal hem neer.
Schiet op, ik heb niet de hele dag. Schiet een van beiden neer.
Kom op, Biefstuk. Ik heb haast.
Ik wil weten uit welk hout je gesneden bent.
Goed zo. Je hebt 't echt gedaan.
Nu ben je echt een van ons.
Bezegel het.
Heel goed, Biefstuk. Opstaan, jij.
Kruip terug naar je rattenhol. En zonder gestrompel.
Zeg tegen je vriendjes van het terrein van ZĂ©'tje te blijven.
Vooruit. En niet strompelen!
Oké, Zé'tje.
Terwijl ZĂ©'tje het respect van de bewoners won,
won Benny het hart van Angelica.
En ik was nog altijd maagd, zonder liefje en zonder geld.
Ik had geen keus.
EEN LUIZENLEVEN Ik moest een baantje
in een supermarkt nemen. Ik maakte lange uren voor 'n hongerloon.
Ik wilde dat ze me ontsloegen om met de vergoeding
een camera te kopen.
Maar het pakte anders uit.
De kerel van 't strand. - Hoi.
Paf je nog lekker spul? - Ja.
Coole kerel. Kom hier, jij. Doe je shirt omhoog.
De gettojongeren zijn echt ondankbaar.
En m'n ontslagvergoeding? Ontslagvergoeding?
De baas dacht dat ik bij de bende hoorde.
Je bent ontslagen wegens wangedrag. Donder op! Nu meteen!
Ik kreeg geen rooie cent.
Het leek wel 'n boodschap van God:
"Eerlijkheid loont niet, sukkel."
FLIRTEN MET DE MISDAAD
Nou, da's ook niks te vroeg.
Ik hoorde al op m'n werk te zijn.
Steek dat weg, verdomme. Ben je gek? Het was van Por. En het is kapot.
Te weinig bussen. Wij kunnen 't niet helpen.
Het is nooit iemand z'n schuld.
Het is altijd iemand anders.
Maar de arbeider is de klos.
En alles is nog te krap ook.
Prettige avond nog.
Ik ken die kerel. Hij woont in de wijk. Hij herkent ons.
Het laat hem vast koud dat we 't geld van z'n baas pakken.
Oké, kom op.
Komen jullie niet uit de Stad van God?
Ja. - Ik laat er eentje passeren
zonder te betalen.
Je moet naar school gaan
om uit het getto weg te komen. Daar zijn
te veel smerissen en gangsters. Heb jij gestudeerd?
Ik ben naar school en in het leger geweest.
De beste schutter van mijn bataljon.
Naderhand kon ik alleen dit baantje vinden.
Maar ik doe aan karate. Als ik ergens 'n baan vind,
verhuis ik uit het getto.
Ga je vechten? Ik ben vredelievend.
Maar als het moet... Hij wist niet wat komen ging.
Maar het is nog te vroeg voor het verhaal van Mano Moker.
We gaan nou maar. - Kom.
Tot ziens. - Bedankt.
Tot ziens.
Ik kon het niet. Hij was zo aardig. Hij is de broer van Gerson.
Laten we maar naar huis gaan.
Hier is niks te vinden behalve die snackbar.
Wat ga je zeggen? Weet ik veel. "Dit is een overval".
Ik geef m'n nummer even.
Verkies je soul of pop? - Soul.
Dat werd ook al niks. De caissière was te leuk.
En ze flirtte nog met me ook. - Bel je?
Ik kon geen pistool op 'r richten. Da's waar.
Excuseer me...
Ik ben de weg kwijt. Hoe kom ik in Barra?
In Barra? - Ja.
Pech voor die kerel uit Sao Paulo. Daar moeten we ook heen.
Dat meen je niet.
Je redt m'n leven. - Precies.
lemand uit Sao Paulo kon niet aardig zijn.
Het lijk ligt hier. Gevonden, brigadier!
De patholoog-anatoom!
Geen fraai gezicht, hè? - Wat je zegt.
Geweldige zanger. - Vind je hem goed?
Ik ben gek op muziek. Jij?
Ben je ook gek op pot?
Ik kan niet zeggen dat ik er afblijf.
De duivel kent zijn vrienden.
Heb je blaadjes?
Ik denk het.
Ik heb er. ln joints rollen was ik een kei.
Als ik net zo'n kei met meisjes was geweest,
had ik nooit zo vaak mijn kans op seks verkeken.
Je bent behoorlijk cool
voor iemand uit Sao Paulo. - Bedankt.
Waarmee is het gedaan?
Een knuppel of een kei. En het kind?
Dat is gespaard. - Goddank.
Hoe lang is het geleden?
Een uur of vier. Kunnen we ze weghalen?
De moordenaar
moet uit de Stad van God komen.
Stomme klootzak! Idioot!
Moest je je liefje in de wijk vermoorden?
Nu sterft 't van de politie!
Toe nou, ZĂ©'tje. Toe nou? Verdomme!
Ik moest mijn eer wreken.
Haar familie heeft me verlinkt. Jij krijgt geen problemen.
Door jou krioelt 't van de smerissen.
Je gaat eraan, stommeling. - Hou op, ZĂ©'tje.
Je hebt hem genoeg gestraft. Je kent de regels.
Wie moordt, gaat eraan als voorbeeld.
Het was zijn plicht, ZĂ©'tje. Luister, klootzak. Verdwijn uit de wijk.
Je betoonde geen respect.
Zal ik je wat zeggen?
Jij bent te goed. Als je slangen houdt, word je vroeg of laat gebeten.
Hij was waardeloos.
Een smerige verrader. - Hou je kop, Tuba.
Ik ga uit met m'n liefje. Oké, wees voorzichtig.
Als de boel is overgewaaid,
maken we werk van Wortel, oké?
Je moet een liefje nemen, ZĂ©'tje.
Weet je wat ik denk, Benny?
Dat ik ontzettend sexy ben?
Dat ook. Maar weet je wat we kunnen doen?
Nog 'n keertje vrijen. - Ik meen het.
We kunnen weggaan. Al dat geweld is maar niks.
Waar wil je naartoe?
Naar een boerderij.
In ons hart zijn we eigenlijk hippies.
Een boerderij?
Peace en love?
AFSCHEID VAN BENNY
Benny was te cool om eeuwig
gangster te blijven. ledereen kwam naar z'n afscheidsfeestje.
De bendes...
De soulliefhebbers...
De gelovigen...
Ooit ga ik ook naar de kerk.
De sambamensen...
De blitse vogels...
En ZĂ©'tje die nog nooit had gedanst.
Wil je dansen? Of je wilt dansen.
Ik versta je niet. - Wil je dansen?
Nee, dank je. Ik heb 'n vriend.
HĂ©, Raket!
Kom mee. Ik moet je spreken.
Je kunt niet zomaar met die griet verdwijnen.
Waarom niet? Ik ga in 'n boerderij wonen,
wiet paffen, naar rock luisteren. - Gooi je
alles weg voor die kut?
Ze is geen kut. Ze is m'n vriendin.
We nemen Wortel z'n handel over. Voor jou.
Laat Wortel nou met rust. Hij is een klootzak.
Voor jou is iedereen een klootzak. Daarom ga ik weg.
Ik ben je maat, maar ik kap ermee.
Begrijp het nou. Ik moet eruit.
Ik mag je heel graag,
maar ik ben het zat.
Laat zien hoeveel lef je hebt.
Wat nou? - Wil je eraan?
Donder op, kut! Kleren uit, nikker. Ik wil je reet zien.
Schiet op!
Alles uit! Vlug wat!
Ik wil je reet zien.
Schiet op, nicht!
Maak voort, nikker.
Laat iedereen je billen zien!
Alsjeblieft...
Kleren uit, verdomme!
En haast je wat!
Hoi, Benny.
Deze camera voor 'n zak coke?
Ik deal niet langer.
Toe, voor mij. Je bent m'n gabber. Is hij gestolen?
Het zit snor, hij is van m'n vader.
Van je vader?
Geef maar aan ZĂ©'tje.
Raket zou ermee in de wolken zijn.
Ja, hier. - Mooi.
Hier ben ik!
Wilde jij fotograaf worden? - Ja.
Hier, 'n cadeautje.
Verdomd, kerel. Da's prachtig.
En nou bewegen.
Schudden met die kont!
Nu kun je prachtfoto's maken.
Geef hier.
Geef die camera terug. - Nee!
Wat heb jij toch? Ben je gek?
Benny is doodgeschoten!
Verdomme! Bel een ambulance!
Waar is de klootzak die dat gedaan heeft?
ZĂ©, Benny is dood.
Nee! Haal een dokter!
Rot op, kutwijf! Het is jouw schuld!
Verdomme!
Waar is Wortel?
Blacky is er.
Hij zit in de nesten.
Ik ga eraan.
Waarom? - Ik ga eraan.
En jij ook.
Ik denk dat ik Benny vermoord heb. ZĂ©'tje komt jouw handel overnemen.
We kunnen hem omleggen. Heb jij Benny vermoord?
Niet met opzet. Hij bewoog. Ik had op ZĂ©'tje gericht.
Kom hier. Blacky...
Je hebt de beste bink van de wijk vermoord.
We moeten ZĂ©'tje te grazen nemen.
Nu Benny dood was, wist Wortel dat alleen een mirakel hem kon redden.
We zijn de klos, man.
Maar was er een betere plaats
voor een mirakel dan de Stad van God?
Kijk nou 's. M'n honnepon.
Laat me erdoor. - Geef me 'n zoen.
Laat me nou alsjeblieft. Hoe zie je eruit?
Kom nou, ZĂ©'tje.
Hoi, schatje.
Alles oké, liefje?
Het probleem was heel eenvoudig. ZĂ©'tje was spuuglelijk.
Mano Moker was mooi. Mano Moker kon elk meisje krijgen.
ZĂ©'tje had er geld of geweld voor nodig.
Het was een duel tussen de knappe goeierd...
en de lelijke slechterik. Laat me los!
Geniet nou maar.
Het heeft geen zin je te verzetten.
Je bent van mij.
HĂ©, nicht... dat grietje van jou is 'n lekker ding.
Ik kan haar niet meer aankijken.
Waarom heeft die klootzak me niet afgemaakt?
Wacht even... Waarom heb ik die zak niet afgemaakt?
We keren terug.
En Wortel? - Die krijgen we nog wel.
Ga je hem vermoorden?
Mano Moker, je grietje is een hoer!
Kom naar buiten, klootzak!
Kom op, sukkel!
Wind je niet op.
Ik ga naar buiten. Laat me los.
Gerson! Kom terug, jongen.
Dit gaat jou niks aan. We moeten je broer hebben.
We kunnen het uitpraten. Mijn broer is vredelievend.
Vindt hij zich te knap om met me te praten? Roep hem.
Hij heeft niks misdaan. Weet je wel wie ik ben?
ZĂ©'tje. Ja, ZĂ©'tje.
Roep die klootzak nou.
Schiet op!
Al goed, ik roep hem.
Mijn arm!
Ik heb 'n zere arm. Wortel zal moeten wachten.
Hij heeft z'n verdiende loon.
Kom!
Gerson... Die klootzak heeft mijn broer vermoord.
Dat laat ik niet over me heen gaan.
Wil je een pistool?
Mijn jongen... Rustig maar, ma.
Alsjeblieft, mam...
Maak er werk van, idioot. Er zit niks anders op.
Hoe kon ik die lul zo laten toeslaan? Verdomme, wat een snee.
Alsof we broeders zijn. - Hou je kop.
Allebei gewond aan de arm.
Jij door de ene broer, ik door de andere.
Het zou wel grappig zijn als we broers waren.
Mano Moker is niet onaardig, hè? Ineens stond hij daar.
Hou je kop, Tuba. Je zeurt.
Plots leek de Stad van God een held te hebben gevonden.
God zegene je, jongen.
Die knaap vroeg erom gedood te worden.
Goed gedaan.
Je hebt prima werk geleverd. Nu kun je maar beter onderduiken.
Ik dacht dat Mano 'n revolutie zou ontketenen
maar God had andere plannen.
Biefstuk,
waar zijn alle dealers? Ze houden zich schuil.
ZĂ©'tje heeft de pest in.
Eerst maken ze ons verslaafd en dan kruipen ze weg.
Doe me 'n lol en haal wat spul voor me.
Ik doe m'n best. Zeg maar dat het
voor Tiago is.
Biefstuk-friet,
ga naar Wortel en zeg hem: ZĂ©'tje zegt dat hij je met rust laat
als je Mano Moker afmaakt.
HĂ©, Mano Moker. Heb je dat gehoord?
Pak dat joch!
Heb je hem gehoord? Je gaat eraan
als je niet bij ons blijft. Sluit je bij ons aan.
Dan worden we partners. Drugs zijn niks voor mij.
Dit is een zaak tussen hem en mij.
Die kerels zijn geen bal waard. Voor wat spul doen ze alles.
Net als dat joch.
Allemaal robots, net als deze eikel hier.
Wat heb jij in je hoofd, jongen?
Zie je niet dat je je leven vergooit met die maniak
en een stel schietgrage idioten?
Ben je gek?
Je bent nog een kind. Een kind? Ik rook en snuif,
ik moord en steel. Ik ben een man.
Verdomme, je hebt geen idee!
Hij heeft zijn bende. Sluit je bij ons aan.
Zullen we hem liquideren?
Biefstuk, we gaan je braden.
Oké, goed dan. Goed zo.
Zeg tegen je baas dat Mano en Wortel voortaan de plak zwaaien.
Maar op één voorwaarde:
Er worden geen onschuldigen vermoord.
Dat kan ik niet hebben. Begrepen?
Oké, er worden geen onschuldigen vermoord.
Biefstuk is aangebrand!
Heb je een pistool voor me? - Nee.
Maar we kunnen een wapenhandel overvallen.
Geen enkel probleem. Ik wil niks overvallen.
Ik ben geen crimineel. Dit is een persoonlijke zaak
tussen mij en hem.
Ik ben geen crimineel.
Hij heeft je liefje verkracht,
je oom en broer vermoord, je huis aan flarden geschoten
en jij hebt een van zijn mannen omgelegd.
Als je geen crimineel bent, donder dan op.
HET VERHAAL VAN MANO MOKER
Dit is een overval!
De eerste keer... Waar zijn de revolvers?
...redde Mano een verkoper van Wortels kogel.
Geen slachtoffers, hadden we gezegd. Dat is de regel.
We willen het geld. Blijf rustig en maak de kassa open.
Wil je dat we weggaan? Dat willen wij ook.
Schiet dus op.
Neer! - De tweede keer
redde Wortel het leven van Mano.
Mano leerde dat op elke regel
uitzonderingen zijn.
Uitzondering op de regel.
Ben jij de manager? - Ja.
Dit is een overval. Iedereen liggen!
Op de grond!
Geef het geld!
Ik maak geen grapjes. Wie beweegt, gaat eraan!
De derde keer werd de uitzondering de regel.
Met de buit
werd de confrontatie met ZĂ©'tje voorbereid.
Wortel kon zijn handel beschermen.
Mano Moker, de beste schutter
van zijn bataljon, wilde wraak.
Eerst
de Italianen. Dit is een 9 mm.
Laat zien. - Niet onaardig, hè?
De korrel is niet uitgelijnd.
Ik geef er goed geld voor.
Vervolgens de 12 mm. Manueel.
Snap je? Een Uzi, 9 mm. Israëlisch. Met de davidsster.
Joods.
Ik wil een 30-06.
Nu kan de pret beginnen.
De oorlog is begonnen.
Laten we bidden.
Onze Vader in de hemel, geheiligd zij Uw naam...
Onze wil geschiede
op aarde zoals in de hemel...
Gangsters hebben wel wapens,
maar kunnen niet schieten. Eén kogel van Mano was er tien van Zé'tje waard.
ZĂ©'tje ontstak in razernij. Hij ging in de tegenaanval.
Het getto was al een vagevuur, maar nu werd het een hel.
Ik hield het voor gezien. En zo werd ik reporter.
Knappe foto.
Vast van Rogerio Reis.
Wat heb ik je gezegd?
Zoals elke professional begon ik onderaan.
Helemaal onderaan. Zonder te weten wat me te wachten stond.
ln plaats van naar huis te gaan ging ik naar de redactie.
Een kerel uit de Stad van God
werkte in het lab. - Kijk hier.
Hij bracht me dichter bij wat ik het allerliefste had.
Hoi, Rogerio. - Hallo, Pierre.
Dit is Raket. Hij is fotograaf.
Dag, Raket. Hij is een fan van je.
Je hebt smaak, Raket.
Nou, ik ben klaar. Ik ga naar huis.
Wat 'n geweldige kerel.
Wat een snelle wraakactie had moeten zijn,
ontaardde in een regelrechte oorlog.
De Stad van God was verdeeld.
Je raakte niet van het ene deel in 't andere.
Ook niet om familieleden te bezoeken.
Voor de politie was iedereen in het getto een gangster.
De mensen raakten het Vietnamleven gewend.
En het kanonnenvlees bleef toestromen.
Deze jongen... - Wat wil je?
Iemand van Wortels bende gaf me een duw.
De oorlog was een excuus voor alles. Een van ZĂ©'tjes soldaten sloeg me.
Hier heb je een.22.
Mijn zus is verkracht door de Wortelclan.
ZĂ©'tje heeft m'n familie 't huis uitgezet.
Afmaken. Dwing respect af.
Ik ben Tiago, een vriend van Benny.
Kun je lezen? En rekenen? Ik ben behoorlijk goed in zaken.
Oké, aan de slag.
Wat wil je? De moordenaar van m'n vader pakken.
Hoe heet je? - Otto.
Wat is er?
Hij is arbeider. - Hij wil 'n wapen.
Hij blijft geen week leven.
Een jaar later wist niemand nog
hoe alles was begonnen.
Die is voor jou!
Beide partijen probeerden de handel
van de ander over te nemen om nog meer wapens
te kopen en nog meer handel te krijgen.
Ik rook en snuif, ik moord en steel. Ik ben een man.
De media kregen belangstelling.
De politie moest ingrijpen.
Vandaag werd een bendeleider
uit de Stad van God gearresteerd. Manuel Machado, bijgenaamd Mano Moker,
raakte gewond bij een treffen met de bende van ZĂ©'tje.
Onze verslaggever kon met hem praten. ls er nog steeds oorlog?
Jazeker, de oorlog gaat voort.
Vielen er al veel doden?
Heel veel doden. Meestal onschuldigen.
Het volstaat dat je me kent om door ZĂ©'tje te worden neergekogeld.
Onderneemt de politie niets?
Ze maken jacht op mij, maar niet op hem.
Ik ga de bak in terwijl hij ongestoord
blijft moorden. En hem arresteren ze niet.
Mano Moker ziet er geen eind aan komen. Politiechef Guedes
heeft beloofd beide bendes in te rekenen.
Klootzak! Ik ben hier de baas, maar zijn foto
komt in de krant!
Heb je die van mij al? - Alleen Mano.
Blijf zoeken.
Mijn naam moet er toch ergens bij staan.
Niks. - Kun jij wel lezen?
Alleen de foto's.
Niks.
Wat krijgen we nou?
Dat zijn alleen advertenties. Kan me niet bommen. Lees alles.
Maar het zijn geen artikels.
Wil je 'n kogel voor je kop?
Ik zal ze leren wie hier de baas is.
Geef die camera hier! - Nee!
Zet me op de foto.
Ik weet niet hoe 't moet.
Doe nou.
Ik hou de Beretta vast.
Laat mij even...
Achteruit.
Hij klikt niet.
Stelletje klungels. Aan jullie heb ik ook niks.
Ik heb 'n idee. Ik haal een knaap
die ik ken. Even geduld.
Hier is hij.
Pak die camera.
En, jongen?
Ben jij geen fotograaf?
Wij krijgen die camera niet aan de praat.
Maak onze foto.
Je hebt 'm vernield. Dat was ik niet.
Ik weet 't al.
Gewoon even doordraaien.
Hoe heet je? - Raket.
Maak nog 'n foto, Raket.
Ga op twee rijen staan. - Wat?
Twee rijen. Iedereen met z'n wapen.
Je staat verdomme buiten het frame. Netjes praten, jongen.
Sorry. Wat dichter bij elkaar.
Nog eentje.
Het rolletje is vol. Laat de foto's dan zien.
Je moet ze eerst ontwikkelen. Ontwikkelen?
Hoeveel kost dat?
Hier, pak aan. En kom terug met de foto's.
Ik moet er 't filmpje uithalen. Hou de camera maar.
Benny wilde hem toch al aan jou geven.
Hij is voor jou. - Bedankt.
Vergeet de foto's niet. De foto's, Raket.
Pierre... - Wat?
Kun je dit voor me ontwikkelen?
Dat gaat niet, Raket. Ik riskeer m'n baan.
Ik mag alleen voor de reporters werken.
Pierre? - Ja, Rogerio?
Ontwikkel deze even voor me. En deze ook.
Ik ga lunchen.
Je boft. Welk formaat?
Wat? - De afdrukken, welk formaat?
Wat jij het beste vindt.
Hier. - Bedankt.
Nou zit ik in de puree.
Ik ga eraan.
Mijn doodvonnis was getekend. Ik wilde de schuldige een lel verkopen.
Ben jij Marina?
Je hebt mijn foto's gestolen. Door jou ga ik eraan.
Eraan? Gestolen? Waar heb je het over?
Niet zo hard.
Hard? Door jouw schuld word ik vermoord.
Je was er niet, je foto's lagen daar.
Ik kan 't niet helpen. De foto's in het lab
zijn er om te publiceren.
Ik zag ze liggen en heb ze gepubliceerd.
Je hebt ze gepikt. - Nee. Ik heb ze hier.
Geef hier. - Moment.
Hier zijn je foto's.
Heb je er nog meer? - Rustig nou.
Hoe heet je?
Raket. - Raket?
Aangename kennismaking. Marina.
Bedaar nou even. Ik heb geld voor je. Voor je foto's.
Wanneer we een foto gebruiken, betalen we de fotograaf.
Wil je fotograaf worden? - Ja.
Sterk begin. Meteen op de voorpagina.
Hoe kom je aan die foto's? Ik woon daarginds.
Er is nog nooit een fotograaf in het hart van het getto geraakt.
Als je nog meer foto's van ZĂ©'tje kunt maken,
koopt de krant ze van je.
Dan krijg je geld van ons.
Kun je dat?
Ik weet het niet.
Wat is het probleem?
Ik kan me er 's nachts niet meer vertonen.
En overdag? - Te gevaarlijk.
Kijk hier!
Eindelijk hebben ze door dat ik de baas ben.
Hoe heet die fotograaf van je? Raket.
Hij is goed. Ik neem er wat voor de anderen.
Nou, Raket, wat wordt het? Ja of nee?
Het is een buitenkans.
Oké.
Verstandige keus.
Heel goed!
Ik geef je filmrolletjes, lenzen
en een andere camera. Ik laat je de fotokamer zien.
Er is nog een ander probleem.
Wat? - Waar slaap ik vannacht?
Ik kan nu niet terug.
Dit is een 135 mm.
Zul je dichtbij of veraf staan? - Veraf.
Kun je met de lichtmeter overweg?
Is dat niet te dicht?
Ik weet niet waarom ik mijn stoute schoenen aantrok.
Misschien zou ik het niet overleven, maar ik had een camera
en een kans om fotograaf te worden.
Pas op voor de hondenpoep.
Bovendien was de nacht nog jong... Wil je wat eten?
Nee, dank u. Niks eten? Niks drinken?
Stickie?
Probeer even.
Tijd om onder de wol te kruipen.
Ik breng je naar bed. Je hebt hier warm water.
Ja. Heb je nog nooit 'n warme douche genomen?
Nee. - Wat doe je dan?
We zetten een waterketel op.
Wat sta je daar? In welke kamer slaap ik?
Helaas is er maar één slaapkamer.
Je moet bij mij slapen. Ik ga niet in op de details van mijn
eerste seksuele ervaring. - Ontspan je.
Want elders was er een seksscène aan de gang
die belangrijker was voor het getto.
Wortel hielp Mano Moker ontsnappen zonder een schot te lossen.
De politieman die hem moest bewaken
werd door de zuster onder handen genomen.
En intussen investeerde ZĂ©'tje
in munitie om Wortel te liquideren. Hij investeerde zwaar,
al had hij de middelen niet.
Ken je de tweeloop?
Heb ik al. Dit is een repeteergeweer.
Deze heb je nog niet. De Browning.
Haal je 'n vliegtuig mee neer.
Hoef ik niet. Heb je wat ik vroeg? De AR-15, Uncle Sam.
Da's in Brazilië niet te krijgen. Uncle Sam, m'n reet.
Ik weet 'n oplossing. De Rugger. Weleens gezien?
Zogoed als de AR-15. Zelfde kaliber, maar lichter.
Met infrarood? 400 kogels per minuut?
Hangt ervan af. - Niks ervan afhangen.
Wilde je me belazeren?
Vergeet het maar.
Je rot nu op, zonder geld en zonder wapens.
Wat zeg ik m'n baas?
Dat is jouw probleem.
Je verzint wel wat. Gehoord, dikkerd? Ingerukt.
Donder op, vetbol. ZĂ©'tje blunderde.
Hij had kunnen weten dat achter elke verkoper
ook een leverancier zit. En die jongens maken geen grapjes.
Heb je dit gezien?
Waar hebben ze 'n AR-15 voor nodig?
Hier moet wel 'n onderzoek van komen. Ze zullen bij jou terechtkomen.
En dan hang ik ook.
Denk je dat ik jou verraad?
Goed, ik regel het zaakje wel. Maar blunder niet nog 'n keer.
Charlie!
Kom even.
Luister... Zeg hem maar...
En nou gaat
dat dealertje afdokken.
Jongens, kom even!
Lusten jullie kip? - Hangt ervan af.
We gaan lekker kip eten
met Wortel als toetje. Ik heb 'n cadeautje voor je.
Hier.
Een kanjer voor jou. Mogen we die pistolen houden?
Ja, maar dan kies je wel partij
voor mij tegen Wortel.
En mogen we iedereen overvallen? Niet in het getto.
Kun je schieten? - Min of meer.
Min of meer?
Mannen, kom de jongens even helpen.
Ik weet hoe het moet. Kijk.
HET BEGIN VAN HET EINDE
Pak die kip!
Kom op!
Als ZĂ©'tje je pakt, ga je eraan.
Dan moet hij me eerst vinden.
HĂ©, knul! Pak die kip!
Getver! De politie! Ga er verdomme niet vandoor.
Geef hier.
HĂ©, Dikkop! Vuile nicht! Donder op!
Lafbek! Klootzak!
Laat ze elkaar maar uitmoorden. Ze kunnen elkaar afslachten.
Raket! Maak een foto van ons!
Waar wacht je op?
Wat gebeurt er?
Knal een van die nichten overhoop!
Mano Moker! - Rustig maar. Verroer je niet.
Het doet pijn. - Rustig maar.
Waarom wilde je verdomme vechten? Mano Moker!
ZĂ©'tje is geraakt. Kom!
Wacht hier, ik zal je helpen.
Even doorbijten.
Hoe heet je? - Otto.
Ik wil de moordenaar van mijn vader pakken.
Mano Moker! ZĂ©'tje is geraakt. Kom! Ik zal je helpen.
Even doorbijten.
De politie, verdomme!
Op de grond!
Verroer je niet! - Handen omhoog!
Jou moet ik hebben. - Je gaat eraan.
Doe hem de boeien om.
Raket, wat ga je doen? Even iets ophelderen.
Alles kits, tortelduifjes?
We hebben 'n rekening te vereffenen, ZĂ©'tje.
Jij niet. Jij bent 'n presentje voor de pers.
Is het 10000? Bijna. Het is al wat ik heb.
Meer was er niet, chef.
We hebben alles doorzocht.
Laat hem gaan.
En deze ring? Is die van goud?
Die vul je. De rest krijgen we nog van je.
Verdomde oorlog!
Mano Moker is dood en ik ben blut. Je zit aan de grond, hè?
Jongens, we plegen een paar overvallen en ik kan
weer met m'n handel beginnen. Jouw handel, ZĂ©'tje?
Wat heb jij, jongen?
Da's voor onze vriend, klootzak!
Een sovjetaanval!
Het is onze handel!
Dankzij deze foto van 'n gangster krijg ik mijn baan.
Dankzij deze word ik beroemd.
Hij komt zelfs op de cover van 'n magazine.
Over ZĂ©'tje hoef ik me geen zorgen te maken.
Maar de politie?
"Gangster en Baas van de Stad van God doodgeschoten"
Had die foto onze dood kunnen betekenen?
Ik denk het wel. Hij bezorgde je wel een baan.
Alleen als stagiair. Je krijgt er toch wat geld voor?
Een beetje.
Was die journaliste goed in bed?
Min of meer. - Was het niet lekker?
Journalisten kunnen niet neuken. Je zult wel gelijk hebben.
Cacao heeft 3 tenten overvallen. We moeten hem liquideren.
Wie heeft Roger doodgeschoten?
Rund. - Maak die zak af.
Dan moeten de Chef en Gringo er ook aan. En Kers?
Kom op. Wij tweeën en drie anderen. Voor de bakker.
Heb je al van de Rode Brigade gehoord?
Nee, maar als ze komen, liquideren we ze.
Wie kan hier schrijven? Ik, een beetje.
We maken een zwarte lijst en vermoorden hen.
Laat 't aan Nachtuil over. - En Kroket.
Leonardo ook. Ik krijg nog geld van 'm. En China krijgt 't hoog in z'n bol.
En Claudio. Waar is Reus?
Kom op, Reus!
Ik vergat nog te zeggen dat ik niet langer Raket heet.
Voortaan ben ik Wilson Rodrigues, fotograaf.
GEB ASEERD OP WARE FEITEN
Manuel Machado, alias Mano Moker raakte gewond bij een treffen
met ZĂ©'tje. Onze verslaggever kon met hem praten.
Er vielen veel doden. Meestal onschuldigen.
Het volstaat dat je me kent
of een vriend van me bent... Als hij denkt dat iemand me kent,
vermoordt hij hem. Onderneemt de politie niets?
Ze maken jacht op mij, maar niet op hem.
Ik ga de bak in terwijl hij ongestoord blijft moorden.
Maar hem arresteren ze niet.
Mano Moker ziet er geen eind aan komen.
Politiechef Guedes beloofde beide bendes in de Stad van God te arresteren.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.