All language subtitles for bake.off.vlaanderen.s06e03.flemish.1080p.web.h264-mercator

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Met acht in de tent zal wel heavy zijn. Dat is echt een kotje vol.

Er is genoeg plaats. Ik denk niet dat we elkaar voor de voeten zullen lopen.

Ik hoop dat toch.

We zullen zien.

Ik heb er zin in. Ik heb ook heel veel stress.

Het is natuurlijk ook meer concurrentie.

Mathematisch is er nu minder concurrentie.

Bij de eerste aflevering waren we met vijf, dus de kans dat je afviel, was 20 procent.

Nu is het 1 kans op 8 om af te vallen,

dus mathematisch heb je meer kans om erin te blijven.

O, bakkers, eindelijk zijn al onze bankjes weer gevuld hier in de baktent.

Welkom, lieve vrienden.

Maar alle nostalgie op een stokje,

we starten deze bakweek met überhippe cakesicles.

Dat zijn van die kleine, lieve taartjes die op een stok staan, stoktaartjes dus.

Maak zes stuks met een creatieve buitenkant

en een voor jullie heel nostalgische smaak aan de binnenkant.

Wij kijken met z'n drieën twee uur lang reikhalzend uit

naar je taartjes op een stok.

Bakkers, hou je klaar en bakken maar.

Kom, stoktaartje.

Ik ben blij dat ik terug ben vandaag. Het is een nieuwe start.

Vorige week was moeilijk om te beginnen, dus gaan we het nu proberen beter te doen.

Ik heb vorige keer echt dagen op wolkjes geleefd,

op roze wolfkes. Wolfkes. Wat?

Alle stress was ineens weg.

Ik heb mijn vinger gebroken.

Ja, dat was wel even moeilijk. Ik heb me moeten herpakken toen dat gebeurd was,

maar het is uiteindelijk de pink van mijn linkerhand.

Ça va. Ik kan nog keiveel.

En de Kenwood doet alles voor mij. Dat is handig.

Ik heb een beetje stress.

Het is niet dat ik heel veel tijd heb gehad om iets te doen.

Ik heb net mijn examens afgerond. Ik ben net klaar met mijn Chrysostomos en zo.

Ik ga nu afstuderen aan de middelbare school,

dus dat wordt ook een afsluiting van een groot hoofdstuk van mijn leven.

Onze bakkers gaan vandaag cakesicles maken, of stoktaartjes.

Dat betekent dat die natuurlijk op een stokje moeten staan.

We willen dat onze bakkers hun vorm mouleren met de chocolade,

maar die vorm mag niet te dik gemouleerd zijn

dat er genoeg vulling, cake, biscuit aanwezig is vanbinnen.

Het is nostalgieweek.

Smaak kan iets heel krachtigs zijn, iets wat herinneringen oproept,

dus ik hoop dat we dat gaan proeven vandaag in hun gebak.

Ik ga Hoppie Pops maken. Het zijn hop en bier in een soort van pralineachtige cakesicle.

Dag, Axl. - Hallo.

Hoppie Pops. - Ja.

Ik had het vooral gekozen omdat ik eens met mijn papa naar een beurs ben gegaan

en daar stond een stand met allemaal bierpralines.

Toen hebben we die geproefd en dat was echt een momentje tussen mijn papa en mij.

Toen jullie alletwee naar buiten zijn gewandeld op de beurs.

Nee, dat viel nog mee.

Je moest je bier voorproeven, hè. - Ja, voilà.

Succes. - Succes.

Ik maak vandaag een cakesicle die geïnspireerd is op de vlaai van mijn oma.

Ik heb er gewoon voor gekozen

om de kokos en de peperkoek uit dat gerecht in mijn cakesicle te stoppen.

Ik ga eigenlijk een appeltaart maken.

Ik heb deze vormen gekozen. Dat zijn hartjes, vandaar Love Apples.

Mijn oorspronkelijke idee was om rode appels te maken, zoals op de kermis.

Als je daar als jonge jongen naartoe ging...

Voor de meisjes, hè.

De liefde gaan zoeken. Dat had er ook altijd iets van weg.

Met die hartjes erbij vond ik het helemaal Love Apples.

Volop bezig met chocolade. Is dat een beetje je ding?

Nee. - Nee?

Ik werk eigenlijk niet zo graag met chocolade.

Mag ik dat zeggen als bakker? - Natuurlijk.

Er kan zoveel fout lopen. Ja...

Maar als alles lukt, is het een mooi product. - Inderdaad.

Vertel eens, wat ga je allemaal maken voor je stoktaartje?

Een wit chocoladeomhulsel en de binnenkant is een tarta de Santiago de Compostela.

Dat is een amandeltaart. - Amandeltaart.

We gaan terug naar Spanje hiermee. - Je roots op een stokje.

Ze doet dat goed, Elisa Finquieres Mandialez Gonzalez.

Ik maak een koffiecake die mijn moeder vroeger altijd maakte.

Als we naar school gingen en we kwamen naar huis,

deden we de deur in de gang open en roken die koffiegeur.

Dat was voor ons al wauw. Dat is zeker nostalgie.

Ik ga van die stoktaartjes maken

met een vulling van cake, pindakaas, botercrème, pindanootjes en karamel.

Dag, Sophie. - Goeiemorgen.

Je hebt al veel klaar: cake, hier is botercrème...

Dat is pindakaasbotercrème. - Pindakaas?

Ik wou zeggen: Ik ruik pindakaas. - Ik ben gek op pindakaas.

Ik denk dat ik dat 's morgens, 's middags en 's avonds eet,

maar ik ben in Nederland opgegroeid, hè. - Dat is de nostalgie.

Pindakaas, Nederland.

Ik heb hier ooit in de tent fantastisch goeie pindakaasbotercrème gegeten.

Ik heb seizoen één gezien. - Je hebt nog nooit gekeken.

Toch? Ah, je hebt al eens gekeken. - Ik heb een tijd afgehaakt en ineens...

Afgehaakt? - Pardon? Afgehaakt?

Ik weet al welke bakker vandaag naar huis gaat. Wees daar maar zeker van.

Weg sfeer, hoor, Sophie. Ik heb afgehaakt.

Ik weet niet wat ik daarop kan zeggen. - We druipen af in stilte.

Stel het wel, hè Sophie. - Dank je.

Mijn biscuit ga ik extra smaak geven met matcha.

Een beetje een cake die aan citroenthee doet denken.

Als we klein waren, werden we weleens ziek en toen gingen we naar de grootouders.

Het magische medicijn was daar altijd

dat we thee met citroen kregen met een beetje honing erbij.

Alle ziektes werden toen beter,

dus ik dacht: Dat is wel leuk om opnieuw te maken, maar dan in cakevorm.

Goeiemorgen. - Goeiemorgen.

Amai. - Ga jij soep maken?

Nee, toch niet. Mijn cake is gemaakt met rode biet.

Dat ga ik verkruimelen en vermengen met rodebietenconfituur.

Ik ga vanbinnen wat rodebietenconfituur doen en kleine stukjes van die rode biet.

Dus een en al rode biet? - Ja.

Ik maak nog chips van rode biet die ik verkruimel en verbrijzel voor de buitenkant.

Voor de buitenkant. - Dat doe ik er een beetje op.

Je twijfelt, hè. - Nee, ik ben altijd benieuwd.

We zullen zien. - We zijn benieuwd.

Succes. - We zullen zien. Dank je wel.

We onthouden de rode biet.

Ik ben van Poolse afkomst en daar worden heel veel rode bieten gegeten.

Dus ik dacht: Ik ga dat eens in een cake gooien.

Dat is eens iets anders, hè.

Ik ben nu mijn hopextract aan het maken.

Het is heel bitter, dus als ik er te veel in doe, zal het niet lekker zijn.

Het heeft een beetje een cannabisgeur.

Dadelijk staat de jury hier helemaal...

Alles wat ik hier in de tent doe, is thuis ook al minstens één keer geoefend.

Dan probeer ik een beetje het tentgevoel erbij te hebben.

In de tent moet je al eens verder weg lopen voor een koeling, eens naar de afwas lopen.

Als ik thuis water moet halen, haal ik dat niet achter mij in de kamer,

maar dan ga ik naar de badkamer een kannetje water halen.

Mijn koeling staat in de kelder. Eén ding dat je weet, is dat je hier tijd verliest.

Je weet alleen niet hoe. Dat probeer ik dan thuis ook een beetje na te bootsen.

Bakkers, we zijn halverwege.

Halfweg en mijn chocolade wil maar niet op temperatuur komen.

Ik kleur straks mijn chocolade in

en dan gaat die witte chocolade min of meer in mijn rode chocolade smelten.

Ik probeer een marmereffect te bereiken.

Dames en heren, bakken met een lichamelijke beperking.

Het kan. - Ja. Dat is het ergste nog niet.

Begint dat niet een beetje te stinken op den duur met die warmte?

Ik heb genoeg nieuwe verbandjes.

Maar gelukkig staat daar... - Meetje.

Dat was een heel toffe, zeker? Zoals ze daar staat.

Ze was boerin, dus bakken was voor haar vooral functioneel.

Brood maken was... En vlaai, en als het kermis was.

Daar is de taart een beetje op gebaseerd, natuurlijk.

Ja. - Op haar recept.

Ik hoop dat het een mooie ode aan mijn oma wordt.

Oké, Saskia, het ziet er goed uit. De pink ook, allee...

Dat lukt, hè. - We doen dapper verder.

We doen dapper verder. Vooruit.

Ja. Ik zit met een probleempje met mijn oven.

Ik denk dat ik vergeten op start te drukken heb.

Het is gokken hoelang ze erin hebben gezeten, maar ze zien er goed uit.

Ik ben wat aan het broddelen. - De pommes d'amour, zeg.

Zo lief. Hartjes.

Volgend jaar 25 jaar getrouwd. - Dat is een jubileum.

Tegenwoordig is dat een record, denk ik. - Prehistorisch, eigenlijk. Dinosaurus.

Dank je. - Ik ben daar ook bij.

Ik ga naar de dertig jaar. Ik ga stilaan... - Ah ja, oké.

Ik zit in hetzelfde schuitje.

Ook opgescheept met... Nee, dat is niet waar.

Je mag meevaren, maar zij is kapitein. - Wees daar maar zeker van.

Wees daar maar zeker van. Schatje... love you.

Nu ga ik bietenchips maken. Frituur Sylvia.

Dag, Sylvia. - Dag.

De chipjes van biet. Een gouden idee is dat.

Ik weet dat niet. - Hoezo, waarom niet? Twijfel je?

Nee, maar goud weet ik niet. - Door die opmerking van Herman?

Nee, Herman... Die kent dat ook niet. Hij heeft dat nog nooit gegeten.

O, maar dat ziet er lekker uit. Mag ik al een proeven? Nee, zeker?

Ja. - Is dat niet wat te veel vet?

Te veel vet? - Ja, een beetje.

Ben je bezig met je lijn misschien? - Nee, al lang niet meer.

Ik zit in Polen nu. In het Polen van voor het IJzeren Gordijn, hè.

Zeker niet tot aan de rand vullen, want er moet nog een laagje chocolade bovenop.

Het spannendste moment zal het losmaken worden van de cakesicle op het einde

en hopen dat de chocolade mooi rond de cake zit.

Het ontvormen gaat wel heel lastig zijn.

Het is daar dat je ziet of je iets kunt afgeven of niks.

Ding dong, ding dong. Nog een halfuurtje voor je cakesicles.

Cakesukkels.

Een halfuur is echt niet veel.

Het is een gok dat ik er maar zes maak, als er zes nodig zijn.

Maar het is puur voor de tijd.

Echt waar, stress... Ja, we hebben hem, denk ik.

Ja, die heeft een glans.

Dat is al één.

Eén. Nog vijf te gaan.

O ja, die is niet oké.

Zes is toch echt veel?

Vlot.

Ja, die is om zeep. Dus de volgende vier moeten eruit, anders heb ik niks.

Nee, dat is niet mooi, hè. Dat moet echt mooi egaal zijn.

En dat is niet zo.

Voor mij moet het altijd juist en goed zijn.

Ik heb me vroeger te veel moeten bewijzen

en daardoor heb ik zoiets van: Ik mag zeker niks verkeerds doen.

Het is niet gemakkelijk om als tweede generatie Marokkaanse hier op te groeien.

Zeker niet.

Je moet je bewijzen op het werk, tegenover de buren,

tegenover de leerkrachten van de school van je kinderen.

Ik hoop echt dat mijn kinderen dat gevoel niet gaan hebben.

Echt waar. Ik hoop dat echt.

Hier heb ik dat gevoel totaal niet. We zijn hier allemaal met één doel: bakken.

En de rest is bijzaak.

Ai, ai, ai.

Als ik me dit binnenkort op tv zie doen,

zal mijn tikker toch weer mee omhoog gaan, denk ik.

Yes. O, man.

Ik heb er tenminste al eentje.

Yes.

Ja, ja.

Mijn stokken zitten omgekeerd. Oh my God.

Wat een drama. Dan heb ik mooie stokjes en zie je ze niet.

Hoe dom kun je zijn?

Die chocolade is te dun op sommige plekken.

Wie had gedacht dat die stomme cakelolly's zo kut konden zijn?

Ik ga er nog een beetje chocolade op doen.

Nog één minuut, bakkers.

De laatste minuut, hè.

Vijf, vier, drie, twee, één.

De tijd is om, lieve bakkers.

Ik ga dood. - Ik ook.

Ik ga wel je blouse vuilmaken met mijn choco.

Maakt niet uit.

Hallootjes. - Hallo.

Alles wat je beloofd hebt, is er.

Ik ben een beetje boos op mezelf voor die stok die omgekeerd zit.

Dat is heel stom, maar het is ook zo'n onnozelheid.

Het is mooi gedaan. Net ook een golf. - Ja, dat is tof.

We hebben die laagjes, die zijn zichtbaar.

Heel vochtige cake en dan de friste van die ananas. Ik vind het wel heel lekker.

Maar die laag chocolade is toch wel heel dik, hè.

Het concept en de nostalgie zijn helemaal compleet.

En lekker ook nog. Goed gedaan. - Dank je.

Aan de ene kant zie ik lachende gezichtjes, en hier zijn de blaadjes.

Ik had schrik dat het een beetje kinderlijk zou zijn,

maar het valt eigenlijk wel mee.

Alleen dat toetertje erbovenop... - Het was wat behelpen.

Dat heeft misschien wel een functie voor dat blad, maar voor de smiley niet.

Het is mooi vanbinnen ook, hè. Groen, dat is de matchabiscuit.

Een heel grote, dikke laag chocolade, maar dat is natuurlijk voor de stevigheid.

Ja, het is een beetje kiezen.

De citroencrème is niet glad. Er zit precies wat korrel in.

Ik proef de matcha maar heel lichtjes.

Die had wel wat meer aanwezig mogen zijn,

maar ik vind de citroensmaak er wel heel lekker in.

Het zijn net friscootjes. Het is misschien een beetje een te eenvoudige presentatie.

Mooie laagjes. De chocolade is ook mooi dun.

En gelijkmatig. Kijk eens, hoe mooi.

De smaak is verrassend.

Ik had een beetje vooroordelen, maar eigenlijk moet ik die wegstoppen,

want ik vind het heel lekker.

De smaak van de pindakaas had er nog steviger in mogen zitten.

Het is misschien doordat er weinig pindakaassmaak in zit,

dat ik het lekker vind.

Tof gedaan. Ik dacht: Wat gaat ze nu doen met die chips?

Ik zag het niet voor mij, maar het is wel tof dat dat nu een beetje aarde vormt.

Ik ben heel benieuwd naar de smaak. - Ik ook, want ik heb gezegd:

Ik ben misschien niet echt fan van rode biet, maar misschien vanaf nu wel, hè.

O, amai. Het zijn zware guustjes, hè. - Ja.

En het kraakt.

Ja, het is niet wat ik ervan verwacht had.

Je hebt niet alleen maar dat typische rodebieten-chocoladecake gegeven.

Het heeft iets meer dan dat. Het heeft dat zuurtje, maar ook de complexiteit.

Dat is wel heel tof.

Die combinatie van chocolade en rode biet vind ik echt wel goed matchen met elkaar.

Ja, ik ben verrast, maar echt positief verrast.

Dat is goed. - Goed gedaan. Dank je wel.

Het is heel stijlvol. - Allemaal gelijk qua vorm,

maar qua afwerking verschillend. Goed gedaan.

Ze blijven mooi stevig zitten, hè.

Heel dik, die chocoladelaag. - Ja.

Ja, het is slappe koffie. Dat ben ik niet gewend van jou.

Jij bent een madam van sterke smaken en de koffiesmaak moet ik echt zoeken.

Er zitten heel veel smaken in. Dat maakt dat die koffie een beetje...

Verloren gaat, hè. - ...verloren gaat.

Het is gelukt. Ze hangen.

Het is mooi gedaan. Een heel mooi concept.

Ik vind ze heel mooi gemarbreerd. We zullen er eentje afhalen.

Kijk eens. Geen dikke laag chocolade, hè. - Nee.

Heel gelijkmatig. - Ik zie die appeltjes fijn zitten.

Ik vind het een heel lekkere vulling, kleine stukjes appel erin.

Heel mooie hartjes. - Het is een succes.

Dank je. - Goed gedaan. Dank je.

Kijk eens hoe netjes, zeg. De bloemetjes gemaakt op die stoktaartjes.

Heel tof.

Het is mooi vanbinnen. We zien echt de peperkoek, kokos, twee laagjes.

De chocolade is heel dun.

En dat allemaal met een vinger minder, eigenlijk.

Het is een beetje een rare combinatie.

Apart zijn die heel lekker, maar samen komt dat een beetje droog over.

Deze twee vullingen zijn zeker en vast geen dikke vriendjes.

Het is strak en stijlvol. Klein en fijn.

Het ziet er smeuïg uit vanbinnen.

Wat de chocolade betreft ben je al zeker geslaagd.

Wat het bier betreft voor mij ook, die smaak zit er echt wel heel goed in.

Het is een pittig stoktaartje, en dat mag ook, hè.

Het is echt oef op dit moment. Ik zeg het: Hoe dom kun je zijn?

Ja...

Ik heb die hartjes ook wat gemaakt voor mijn vrouw.

Zal ze trots zijn op mij? Ik denk het wel.

Ik neem geen risico's. Ik pak de zekere weg.

Maar ik moet eens even iets gedurfders doen en experimenteren.

Overall ben ik eigenlijk wel tevreden.

Ik wil dat alles perfect gaat, maar ja.

Ik ben hier echt ook om veel over mezelf te leren en om stappen te zetten.

sterren komen sterren gaan

Dus onze jury mag hier niet blijven staan in deze technische proef.

Zij moeten de tent verlaten.

We blijven gezellig onder ons, maar misschien eerst een tip?

Ga niet tot aan de rand.

Tot straks.

Pas op, Regula, de rand.

Beste bakkers, ik heb goed nieuws en slecht nieuws.

Tijdens deze nostalgieweek maken wij een sneeuwster met advocaat.

Een echt omataartje.

Dat is het goede nieuws. Het slechte nieuws is...

jullie hebben slechts anderhalf uur de tijd.

Bakkers, hou je klaar en bakken maar.

Geen flauw idee wat een sneeuwster is.

Maar ik zie dat we al met biscuit beginnen. Biscuit ken ik wel.

Terwijl dat dan aan het bakken is, kunnen we verder nadenken over de rest.

Ik weet gewoon weer niet wat ik moet maken.

Het lijkt alsof ik nul komma nul kennis heb van de bakwereld.

Wat doe ik hier eigenlijk? Echt waar.

Ik heb het zelf nog nooit gegeten, maar ik heb het wel al zien liggen.

Veel oude vrouwtjes kopen dat standaard.

Dat is een echte bommataart. Dat is eigenlijk een heel simpele biscuit.

Een sneeuwster, een heel nostalgisch taartje. Echt zo'n gouwe ouwe.

Het favoriete dessertje bij de grootmoeders.

Het is een taartje met biscuit, slagroom en advocaat.

Heel alcoholisch, dus het is geen taartje voor kinderen, hè.

Typerend aan de sneeuwster zijn de inkepingen. Wat was jouw tip nu weer?

Ga niet tot aan de rand.

Je ziet het, als je tot aan de rand gaat, ga je die taart doorsnijden.

We willen dat het een beetje ingesneden is, zodat het mooi open kan komen,

zodat we een gele ster te zien krijgen.

We zien heel mooi de laag slagroom: dun aan het uiteinde, heel dik in het midden.

Daarbovenop zien we de advocaat.

Je verwacht het niet, maar dat is toch wel een pittig taartje met die advocaat.

Die geeft heel veel smaak aan die taart. En slagroom met mascarpone, perfect gezoet.

Ik word er helemaal retro van.

O nee, nee. Wacht, wacht. Niet tot aan de rand.

Ik kan dat geen kwartier volhouden.

Je kunt me doodslaan, maar ik zie geen ster.

Wie verzint zulke baksels eigenlijk?

Niet tot aan de rand. Wat is dat dan, bijvoorbeeld? Ah, ja.

Ik denk dat het iets met het snijden te maken zal hebben straks.

Dat zijn tips en geen tips. Je weet er niks mee.

Dat lijkt wel veel, hè. Moet dat daar allemaal in?

O nee, nee. Wacht, wacht. Niet tot aan de rand.

Oké, ik heb dat toch stil gezegd, hè?

Oké, hier gaan we. Niet tot aan de rand.

Ik wil nu gewoon mijn biscuit zo snel mogelijk in de diepvriezer,

want hoogstwaarschijnlijk moet die ook afgekoeld zijn

voordat ik de slagroom erop kan doen.

Nu probeer ik de luchtbellen eruit te halen.

Iedereen begint hier te kloppen. Ze hebben dat van mij gehoord.

Ik denk wel dat ik de tip net heb gevonden.

We gaan acht insnijdingen maken van uit het middelpunt,

dus ik denk dat je de stervorm niet tot rand moet snijden,

maar dat je een kleine opening moet laten.

Dat zou het misschien kunnen zijn.

Dat staat hier op 170, maar ik ga dat minder zetten. 5, 20....

Dat is hier allemaal één grote gok, hè.

De biscuit is volop aan het lukken.

Biscuit is iets, als je hier staat, dat je kunt maken.

Anders kom je hier al niet binnen, denk ik.

Dennis. - Hé, dag Wim.

Ik kom op een goed moment, zie ik. Druk bezig met van alles.

Ik heb het niet meer onder controle. - Ik kom je dan weer ambeteren.

Ik ben je zo gewend ondertussen. Dat voelt vertrouwd aan.

Ah, daar is... Daar is dat huisdier van Bake Off weer, hè.

Het is een braaf beestje, hè.

Ik zie hier een mooi sterretje. - Dat gaat zo wat open en dan gaat dat...

Dat sterretje moet opengaan?

Ik ben benieuwd wiens sterretje hier het lekkerst zal zijn.

Eens proeven, hè.

Super.

Vroeger maakte mijn moeder advocaat en die stond in de kelder.

We mochten daar niet aankomen. Toen we veertien jaar waren,

gingen we daar iedere keer aan likken, als we in kelder moesten zijn.

Op een gegeven moment was de helft van die pot leeg.

Mijn moeder: Wie heeft aan die pot gezeten?

Ik ga eens ruiken.

Ja, speciaal.

Het heeft een speciale geur, dat is waar, maar het komt dan ook uit een kippenaars.

Het zijn eitjes.

Ik heb dat nog nooit gegeten.

Er zit alcohol in en ik drink geen alcohol, dus ik ga dat ook niet proeven.

Ik mis dat niet. Wat je niet kent, mis je ook niet.

Bakkers, we zijn halverwege.

Halverwege. Ik ben ook halverwege het potje.

Oei, ik heb een advocaat nodig.

Eens bellen. Hallo?

Oei, dat is niet zo heel egaal, hè.

Ja.

Nu ben ik even aan het kijken of die biscuit niet mee danst in de oven.

Ik ga hem er niet uithalen. Nee. Toch nog niet.

Nu moet dat afkoelen, want je kunt daar niks in doen zolang het niet afgekoeld is.

Ik kan dat geen kwartier volhouden.

Mijn kipfilets trainen.

Mijn biscuit is een beetje verschrompeld.

Voilà. Zo, kijk eens.

De onderkant is mooi zacht, dus ik denk dat hij oké is.

Eerlijk? Het is wel een van de mooiste biscuits die ik al heb gebakken.

Ik heb met het testen iets te hard geduwd, dus er zit al een gaatje in.

Eens kijken of ik hem misschien ondersteboven kan gebruiken.

Het zou zo goed moeten zijn.

Maak acht insnijdingen vertrekkende vanaf het middelpunt.

Dan heb je toch geen taart meer?

Dat is één, twee, drie, vier... Dat klopt niet, hè. Dat is vijf.

Deze tent maakt mij echt dom. Er is echt iets mis met mij.

Dat zijn momenten waarop je mensen op tv ziet en zegt: Dommerik, zie je dat nu niet?

Wel, ik ben nu de dommerik.

Hé, Elisa.

Is dat je morgenster? Begint die al te schijnen?

Help me eens, kom. - Een sneeuwster, hè.

Help me eens. - Een sneeuwster.

Het staat hier allemaal in.

Maak acht insnijdingen vertrekkende vanaf het middelpunt

tot je een stervorm krijgt.

Ja, en dan? Het is daar dat het stopt bij mij, hoor.

Je bent op zoek naar een hulplijn, maar ze zal niet komen.

Axl?

Hij negeert het volledig.

Ik heb niet echt een idee hoe die ster eruit zal zien,

maar ik ga gewoon doen wat ik denk.

Als er nu al iemand anders voor mij was, dan kon ik afkijken.

Mijn biscuit is niet genoeg gebakken, dat weet ik nu ook al.

Voor dat effect ga je toch wel wat stevigheid nodig hebben.

Dat gaat er niet als een ster uitzien, maar het zal wel mooi zijn.

Wie verzint eigenlijk ook zulke baksels?

Die ster zal zo groot niet mogen zijn. Dat kan niet, want dan breekt dat.

Ik moet verder van de rand blijven.

Regula zei: Niet tot aan de rand.

Als je ster door is, is dat niet handig.

Maar het heuveltje is in het midden, zodat als je duwt dat hij opengaat.

Dus ik denk dat ik het heb.

Ja.

Risico, hè. Kijk, dat breekt.

Oh my God.

Ja, hij breekt in het midden.

Dat zien we niet graag, hè.

Ik doe een beetje in de vulling, ook voor de kleur en de smaak.

Een beetje bijdoen.

Kijk eens. Dat is dus hoe een biscuit niet moet zijn.

Dit is eigenlijk mijn bovenkant.

Als ik dit als bovenkant gebruik, dan kan ik al helemaal naar huis,

dus ga ik het een beetje omgooien. Probleemoplossend denken, hè.

Natuurlijk moet er net een berg slagroom in,

dus dat gaat een slagroombom worden, hè.

Ik ben er eigenlijk op dit moment vrij zeker van

dat dit niet is wat ze bedoelen.

Bakkers, nog één minuut.

Het is een gele ster, hè. Dit is mijn artiesteninterpretatie of wat dan ook.

Ik spuit nog een beetje bij om die ster op te vullen.

Een ster heeft normaal vijf punten, hè.

O, mijn God. Dat is erg.

Dat is echt niet mooi.

Ik zie toch geen ster? Je kunt me echt doodslaan, maar ik zie geen ster.

Ze zullen een ster krijgen.

Niet de ster die ze gevraagd hadden, maar wel een ster.

Vijf seconden, bakkers.

Vier, drie...

twee, één.

Pats. De tijd is om.

Gedaan.

Dank je wel, bakkers.

Ah, dat is tot de rand. Ik wist het niet. - Hier ook niet, eigenlijk.

Daar mag ook niets te zien zijn.

Als ik het nu lees en daar kijk, dan denk ik: Ah, ja, slimmerik.

Welkom terug, sterren van de Bake Off-tent.

Iedereen heeft een taart. Daar zijn we al heel blij mee, hè Herman.

We zien ook overal een ster. Het is een beetje verschillend.

Er is eentje die toch de rand heeft overschreden.

Het ziet er mooi uit, hè. - Ja, ja. Zeker en vast.

Beginnen bij het begin?

Deze bakker heeft ook wel gemerkt dat er ineens een gat is.

Hij heeft er dan bloemetjes in gestopt, maar dat was niet helemaal de bedoeling.

Hier is het wel heel mooi afgestreken.

Het is netjes, maar het moet eigenlijk een torentje zijn.

Heel veel advocaat in het midden en aan de boord heel veel slagroom.

Zo hoort het niet. - Het is wel een heel luchtige biscuit.

De slagroom is net gepast gezoet. - Goed gedoseerd.

Het is wat jammer natuurlijk van die ster dat het zo'n krater geworden is,

maar het is een goeie biscuit, dus een goeie poging.

Hier hebben we een ster.

Die is perfect ingesneden,

maar ik vrees dat die in het midden nog hoger had mogen zijn,

dan staat die ster iets meer open

en zouden we die advocaat beter gezien hebben.

De biscuit ziet er heel luchtig uit.

Aan de zijkant dun en in het midden een heel dikke laag slagroom, zoals het hoort.

Het verbaast me dat de ster niet iets meer openstaat.

De slagroom is voldoende aanwezig, goed opgeklopt, maar te weinig advocaat.

Hier zit een barstje.

Dat geeft een slordige indruk. Dat is jammer.

De slagroom is heel dik aangebracht. - Daardoor wat minder advocaat.

De slagroom is een beetje gezoet, dus dat vind ik perfect.

De biscuit is luchtig, dus dat is goed.

De smaken zijn goed, maar het is een slordig taartje.

De volgende.

Voilà.

Die is nogal verkruimeld.

Hij is heel licht gebakken, heb ik de indruk,

en de taart die ingesneden is, is de onderkant van de taart geweest.

Er is geen biscuit in het midden. - Nee.

Helemaal opgevuld in het midden met slagroom.

De biscuit is ook niet helemaal gaar.

Een grote ster hier, hè. Barstjes overal.

Als je zo'n grote krater maakt,

dan gaat dat natuurlijk beginnen te bewegen aan alle kanten en gaat dat barsten.

Duidelijk opgevuld met advocaat. - Ja.

De onderste laag biscuit is heel dik. De ster is ook wat weg, natuurlijk.

We hebben maar een klein beetje biscuit hier.

De biscuit is goed, de slagroom is goed. Alleen die ster klopt niet.

De volgende.

Dat is wel een heel mooie ster. Het is jammer dat ze geen acht beentjes heeft,

maar zo zou het wel moeten zijn.

Een dikke laag slagroom in het midden, heel dun aan de zijkant. Zo hoort het.

Lekkere biscuit en de room is ook heel goed op smaak gebracht.

Ze ziet er mooi uit, maar het is ook een lekkere taart.

De voorlaatste. - De voorlaatste.

Het is meer een spinrag dan een ster. - Het is een put.

En doorgesneden tot op het einde. Benieuwd hoe die er vanbinnen uitziet.

Ze is al half voorgesneden.

Nee. Niet-uitgebakken biscuit. - Nee.

Daardoor is dat een put in het midden, natuurlijk.

De laatste.

Oei, oei. Deze is ook een beetje rustiek.

Ze is wel juist ingesneden. - Dat wel.

Maar het resultaat is wel niet heel net.

Heel weinig van die advocaat, hè. De biscuit is ook maar op het randje gaar.

De slagroom is wel lekker op smaak gebracht.

Ik hoop dat jullie een goeie advocaat hebben.

Dank je.

Op de achtste en laatste plaats: Deze.

Dennis. De biscuit is niet uitgebakken en een veel te dikke laag slagroom.

Op de zevende plaats: de taart hier.

Fatima, je hebt je taart verkeerd opgebouwd en je had daardoor geen mooie ster.

Op de tweede plaats...

Axl, mooie stervorming. Had misschien iets netter mogen zijn.

En dan op de eerste plaats: Sylvia.

Dank je wel.

Sylvia, een heel mooie stertaart.

Jammer dat ze maar vijf beentjes heeft, maar het was een mooie.

Oké, merci.

Ach, beste bakkers, lieve jury, ik kijk al met veel nostalgie uit naar morgen.

Tot morgen, Wim. - Dag.

Dag, dag.

Vorige week de laatste en vandaag de eerste.

Dat is toch niet te geloven? Ik ben lid van de Boerinnenbond, hè.

We hebben dat eens gemaakt voor onze leden op een feestje.

Ik voel mij wel nog ontzettend dom. Ik snap het nog altijd niet.

Ik vond mijn gebak eigenlijk esthetisch wel nog mooi.

Dus het is oké.

Ik heb gezegd: Iedereen kan een biscuit bakken in de tent.

Dat is dus hoe een biscuit niet moet zijn.

Het moet er morgen gewoon weer boenk op zijn, of het is om zeep.

Welkom, beste kijkers, in de Bake Off-praatbarak.

Ik heb hier weer de Indiana Jones en de Lara Croft van de patisserie.

Wat een avonturen gisteren.

Voor de eerste keer werden de twee groepen van vier samengevoegd gisteren

en alle acht bakkers hadden toch mooie stoktaartjes gemaakt.

Ja, Sylvia had iets gemaakt met rode biet,

maar ze heeft dat toch wel naar een next level gebracht.

Herman zijn ultieme favoriet. - Herman vond het zelfs lekker

en die was er toch een beetje sceptisch over.

En Sylvia was eerste met de sneeuwster. - Ook al.

Axl, tweede. En dan met zijn signatuur: chocolade en bier.

Die man komt uit zware examens, zwaar gefeest.

Hij moet hier elke week met een kater in de tent staan.

Het werkte ook echt, dus het was leuk om te zien dat die smaak er goed in zat.

Wie zit er catastrofaal in de problemen? - Dennis is wat minder bezig.

Zijn stoktaartjes waren niet slecht, maar die sneeuwster was wel heel jammer.

Ai, ai, ai. - Hij wil altijd te veel doen.

Hij moet misschien eens even nadenken of de dingen die hij doet haalbaar zijn.

Dank je wel.

Good morning, bakers.

We eten vanavond een spel.

Jullie bakken een nostalgisch spel voor een heel gezelschap

in 3D, in koek en interactief,

want Herman en Regula moeten ook effectief je spel kunnen beroeren en ermee spelen.

De jury verwacht een clevere climax van creativiteit, smaak en amusement.

Vier uur speeltijd, bakkers. Hou je klaar en bakken maar.

Nieuwe dag, nieuwe kansen, nieuwe spanning. Ik wil zeker nog niet naar huis.

Vandaag wel, maar ik wil volgende week terugkomen.

Vandaag voel ik me al iets slimmer dan gisteren.

Ik lag in mijn bed en dacht:

Wat heb jij allemaal gezegd en gedaan vandaag?

De teleurstelling van gisteren speelt nog een beetje bij mij.

Vandaag weer een dag. Ik wil echt niet naar huis. Nee.

Ik heb er weer helemaal zin in.

Ik ga een sjoelbak maken.

Vroeger hadden we op school soms sportdagen

en de sjoelbak was het meest competitieve, want dan stond iedereen daar zo van...

Ervoor gaan, hè. De meeste punten halen. Ik ben best wel competitief.

Ja, ik heb van mezelf al de neiging om enorm op safe te spelen.

Ik vond dat ik ook wel eens een risico moest nemen.

Ik ga een voetbalspel maken, een kickertafel.

Ik heb mijn vingers... Au. Kijk, au. Al genoeg verbrand.

Heb jij een groot of een klein spel?

O. Nee, ik moet niet te veel kijken, want dan krijg ik een depressie.

Geen druk.

Vroeger woonden we in Deurne.

We hadden Hollandse buren, Anita en Henk,

en die hadden een heel grote, antieke sjoelbak staan.

Ik heb daar echt heel leuke herinneringen aan omdat dat ook heel leuke mensen waren.

Ik ben dus niet de enige met een sjoelbak.

We waren allebei beste bakker in de eerste en tweede aflevering,

dus het is wel letterlijk directe concurrentie.

O. Nee, ik moet niet te veel kijken, want dan krijg ik een depressie.

Dag, Elisa. - Wat voor spel ga je maken voor ons?

Ik ga het Jengaspel maken.

Allemaal gelijke koekjes. - Klopt.

Een beetje saai en eentonig, nee? Eenvoudig?

Ik heb dat proberen te compenseren door twee koekjessmaken te maken, in plaats van één.

Je kunt niet zo'n dikke koek bakken,

dus moet ik elk blokje onderverdelen in twee koekjes,

die ik aan elkaar hang met karamel.

Dus dat zijn dubbel zoveel koekjes, dubbel zoveel werk.

Dubbel zo nauwkeurig zal alles moeten zijn.

Elisa, hoe hoog gaat die Jengatoren worden?

Ik ga mijn best doen om hem zo hoog mogelijk te maken.

Wat er leuk aan is: als hij omvalt, hoort dat bij het spel.

Benieuwd, benieuwd.

Dank je wel, Elisa. - Bye.

Ik ga Vier op een rij maken met muntjes en al. Je gaat er echt mee kunnen spelen.

Het is niet zo gemakkelijk. Die muntjes moeten er perfect in passen.

Even dik, even rond. Ze mogen niet op elkaar vallen, ze moeten blijven staan.

Ik speel wel graag spelletjes, maar ik kan niet zo goed tegen mijn verlies.

Ik ga een soort huisjesachtig Cluedobord maken,

zodat het niet gewoon een platte koek is, want daar heeft niemand iets aan.

Een van de kamers van dat Clue-Doughspelbord gaat een tuintje zijn.

Ik ga madeliefjes maken met Zwitserse meringue.

Je bent er nu zoveel wit aan het opspuiten dat er geen groen meer overblijft.

Ze zijn niet echt aan het lukken. - Nee, nee.

Je moet een beetje fijner spuiten. - Dat is al een goeie tip van Regula.

Stop, stop. Dat is al meer dan genoeg. Kijk eens.

Fijner spuiten, Dennis. Neem dat mee.

Nu met dat geel. Ik ben benieuwd wat je daarmee nog gaat doen.

Ja, enkel het middelste van het bloemetje.

Ja, een bloempje.

We willen bloemen zien en geen onkruid. - Ja, het is dat.

Benieuwd wat dat zal worden. - Ja, ik ook.

Veel succes. - Ik doe mijn best.

Ik ga vandaag een vormenstoof maken.

Dat is zo'n doos waarin je vormpjes moet stoppen in het juiste gaatje.

Mijn zoon speelt daar graag mee.

Voilà, dat is hem.

Hij is anderhalf nu.

Hij is nog wat gefrustreerd soms, als dat niet direct in de gaatjes raakt.

Het is leuk om hem daarmee bezig te zien.

Ik ga mens-erger-je-niet maken met de kleurtjes, pionnetjes en dobbelstenen.

Het is echt een spelletje uit mijn jeugd. Ik vond dat ook heel leuk,

ondanks het feit dat dat een ergerlijk spel is.

Wat gaat dan het 3D-effect zijn? - Ik wil ook de doos maken.

Mijn plan was om er een cartoon op te tekenen.

Leuk.

Heb jij een groot of klein spel?

Het is... Het is 27 op 27, als je dat bedoelt.

Dat is een serieus spel. - Laat ons het daarop houden.

Succes. - Succes, Erik.

Dat is hier een beetje nutteloos werk.

Ik heb die snoepjes nodig om mee te bakken in mijn koeken,

zodat je een rondje hebt met geel en rood en dat het transparant is.

Dat is pimenton picante. Dat zijn eigenlijk Spaanse kruiden.

Ik denk dat Herman niet goed tegen pikant kan,

dus ik wil er ook niet te veel in doen.

Ze zullen hier wel een verzekering hebben.

Dag, Sylvia. - Hallo.

Kijk eens hier.

Grappig. - Dat ben ik. En dat is Herman.

Wat ben je daarmee van plan? - Ja, wat ga jij doen?

Ik maak een Vier op een rij en ik maak die persoonlijk voor jullie.

Aan de zijkant ga ik als decoratie een koek maken van jullie hoofd.

Het vorige dat we van jou gezien hebben, was een Mariabeeldje.

Ik ben heel benieuwd wat dat gaat worden.

Dat zijn Napoleonsnoepjes.

Iemand krijg de rode en iemand de gele muntjes.

Amai, ik vind wel dat je heel erg met details bezig bent,

dus ik verwacht weer superveel van jou, hè.

Ja, ik weet het niet. Niet te veel, hè.

Geen druk.

Mijn deeg ziet er ook niet mooi uit. Kijk, het valt al uit elkaar.

Het moet er vandaag boenk op zijn.

Ik heb eigenlijk geen ruimte voor fouten, heb ik het gevoel.

Er zijn toch al wat foutjes gebeurd,

dus ik hoop dat ik de foutjes gehad heb voor vandaag.

Bakkers, we zijn halverwege. Nog twee uur baktijd.

Mijn spel is al klaar.

Prachtig, hè. Levensecht, interactief, 3D.

Ik snap niet dat dat zo lang moet duren.

Dat zijn de stokjes waaraan de mannetjes moeten hangen.

Die moeten wel mooi recht liggen en dat is niet zo simpel bij zo'n flexibel stuk deeg.

Ik moet wel eerlijk zeggen dat ze er echt goed uitzien.

We gaan pas zien hoe goed ze zijn, als ik ze in elkaar steek.

Die is te ver.

Zwarte smurrie.

Ik ga die hier versieren als Herman en Regula.

We gaan hem zwart haar geven, hè.

Ik denk dat z'n haar wat te zwart is om een natuurlijke look te hebben.

Ik vermoed dat hij een kleurspoeling in zijn haar heeft.

Hij is misschien bang om oud te worden. Ik weet dat niet.

Ik heb een leuke jeugd gehad: rolschaatsen, kampen bouwen.

Belletjetrek bij de buren. Dat moet ook, deugniet zijn.

Anders is het toch een saai leven?

Ik heb wel op de jongensschool gezeten, hè.

We waren met zes meisjes op 1.200 jongens. Dat was daar wel de tijd van mijn leven.

Tweede poging karamel.

Komaan, karamel.

Dat is echt zo'n vieze boel.

Ik heb mijn vingers... Au. Kijk, au. Al genoeg verbrand.

Dat is België. Dat is eigenlijk rood, maar je zult zien dat het oranje duidelijker is.

Zo fijn spuitwerk, het betere kneedwerk. De ideale vrijgezel, hè.

Dat is... - Allee, laat me niet lachen, als ik zo...

Ja, maar ja. Heb je al contacten met bakkersvrouwtjes?

Nee, ik zit in de tent of ben thuis aan het bakken de laatste tijd,

dus veel contact met vrouwen zit er even niet in.

Wat niet is, kan nog altijd komen. - Dat is zo. Dat is een feit.

De camera is voor jou... - Ik kan dat niet zo improviseren.

Jawel. Komaan, Dennis.

In de camera? - Ja.

Euh, ja... Ik zou zeggen... Ik ben aan het morsen.

Als er vrouwtjes zijn die zeggen: Dat is een toffe gast, laat maar weten.

Kom maar af. Je bent altijd welkom.

Een sympathiek vrouwtje erbij. - Ja.

Een vrouwtje.

Kun je mijn focus ook weer in mijn hoofd stoppen? Want die ben ik ook kwijt.

Merci, Dennis. - O, ja. Merci, Wim.

Recht blijven, hè.

Eén, twee. Eén, twee. Hop.

Ik moet nog maar 624 rondjes uitsteken en ik ben klaar.

Ik hoop dat ik daar allemaal nog tijd genoeg voor heb.

Beste bakkers, nog vijf minuten.

Hij gaat erdoor, maar hier niet.

Ik ga beginnen met de Belgische ploeg, maar ik moet goed tegen mezelf zeggen

dat ik alleen de rode mannetjes mag nemen.

Allee, jongen.

Gas geven, hè. Gas geven tot de eindmeet.

Dat zou nu wel echt fantastisch zijn. Kijk.

Nu de verbindingslijntjes nog.

Bakkertjes, nog één minuut.

En hop.

Ik wou nog een doos maken, maar dat gaat er niet van komen.

En drie, twee seconden, één.

Bakkers, de tijd is om.

Amai.

Ik had verwacht dat ik veel verder had gestaan. Damn.

Ik ben wel blij dat het afgeraakt is.

Fingers crossed.

Axl, sjoelbak. Mooi gedecoreerd aan de zijkant.

Het is jammer dat je koek aan de zijkanten heel donker gebakken is.

Oei. - O, bijna.

Hij werkt, hè.

De matcha is niet echt herkenbaar. Het is zo'n droge, platte smaak, vind ik.

Ik had toch wel wat frisheid verwacht, maar dat vind ik hier helemaal niet terug,

en dat is wel jammer.

Elisa komt eraan.

Elisa, een Jengatoren. Eenvoudig, maar het is ook niet gemakkelijk.

Alle koekjes moeten gelijk zijn.

Ze moeten even dik zijn, even lang en het moet allemaal passen in elkaar.

Ik kijk er vooral naar uit om jou zo'n koekje er te zien uitnemen.

Die met de witte bolletjes zitten naar jou.

Hij speelt strategisch. - Ah, hij duwt eerst.

Hij duwt eerst.

Kijk. - Living on the edge, Regula.

Olala, maar dat komt er wel wondermooi uit.

Heel fris. Heel lekker.

Heel goeie muntsmaak erin, hè.

Het is wel heel extreem pikant.

Het is een leuk detail om op een dessertbordje bij te leggen,

maar zeker niet om een hele koekendoos van te eten.

De vormenstoof. - Heel netjes, heel proper afgewerkt.

Vooral heel mooi getekend, hè. - Ja, ja.

Kijk. - Zeg, flink hoor.

Amai, zeg. - Goed gedaan.

Het is echt heel mooi uitgevoerd, hè.

Oranjebloesem vind ik niet echt terug, hè.

Subtiel aanwezig.

Heel mooi huisje, heel proper, heel netjes afgewerkt, zoals we het graag zien,

maar de koeken missen echt een beetje smaak.

Vier op een rij, het is gelukt. Het ziet er leuk uit, hè.

Een rare neus, vind ik wel. - Je hebt wel een brede neus, hè Herman.

Heb ik een brede neus? - Ja, ik vind dat jij een brede neus hebt.

Dat weet je dan ook weeral. - Het is de eerste keer dat ik dat hoor.

Het is wel mooi dat dat zo... - Hup.

Nu moet ik eigenlijk tegen jou spelen, want ik moet dat dan boycotten.

Het werkt.

Amai, dat is wel heel lekker met die appelsien ertussen.

Dat is echt een smaakexplosie.

Lekkere koek, maar ik proef niet veel chocolade.

Het is subtiel, maar het is een lekker koekje.

En vooral: het resultaat is heel mooi. - Erik.

Heel netjes, maar er ontbreekt iets, hè.

Ik ben jammer genoeg niet meer aan de doos geraakt.

Je hebt te veel tijd gestopt in de afwerking.

We missen inderdaad het 3D-effect,

dat eigenlijk aanwezig zou moeten zijn bij zo'n spel.

Oké, dan ga ik... Eén, twee, drie, vier, vijf, zes.

En dat dan vier uur aan een stuk. - Amai, ik erger me nu al.

Heel licht gebakken koek. Ik vind dat je voor vier uur tijd meer had kunnen doen.

Dat is een groot spel.

Had je het niet beter wat kleiner gemaakt en iets verfijnder afgewerkt?

Ga jij eerst proberen? - Oké.

Alles opzij, inademen. - Komaan, Regula.

Verdomme. - Net niet.

Net niet. - Zullen we eens proeven?

Het is heel lekker.

Een heel grote sjoelbak met heel goeie smaken.

Alles perfect gedoseerd. Heel lekkere tahin.

Dennis, jij hebt weer veel details willen aanbrengen,

maar het is allemaal niet zo netjes, hè.

We stonden bij jou, als je die bloemetjes aan het maken was,

maar had je dat toen niet gezegd, gingen we het raden hebben naar wat het was.

Wat moeten we nu spelen, Regula en ik? Wat kunnen we interactief daarmee doen?

Ik heb een dobbelsteentje voorzien.

Eén.

We gaan proeven. - Proeven, hè.

Het is wel een lekker kruidkoekje.

Maar het koekje verdiende eigenlijk een nettere afwerking.

Het is een beetje een warboel.

Amai, het doet me terugdenken aan mijn legertijd.

Ik heb dat daar veel gespeeld.

Ik had het niet gedacht, maar de stokken zitten erdoor.

Nu ben ik vooral heel erg benieuwd of ik ze ook een beetje kan draaien.

Ga jij met de Nederlanders proberen te sjotten?

Je kunt in ieder geval wel heen en weer gaan.

En terug. Hopla. - O.

En het breekt. - Ja, dat...

Ik heb niet gezegd dat ze heel stevig zijn. - Het is gebeurd.

Ik ga dat hier uithalen.

Het is heel neutraal van smaak.

Voor een gemberkoek is dat veel te flauw.

Bakkers, jullie mogen even in rust.

Ik neem de juryleden mee voor overleg tijdens een spelletje strippoker.

Tot straks.

Bakkers, er is enorm sterk gespeeld en enorm sterk gebakken deze week.

Een van jullie acht...

is de beste bakker.

Dzień dobry, Sylvia.

Dat is ongelofelijk, hè.

Ik dacht gewoon: Ik ga hier de week proberen te overleven.

Nu wordt de lat wel hoog gelegd. Nog hoger, lijkt het precies.

Proficiat. - Dank je wel.

Maar één bakker zal volgende week met nostalgie terugkijken op zijn deelname

en wij nemen met de nodige pijn in ons hart afscheid van...

van Dennis.

Fuck, hè.

Even een bommetje ontploft.

Je voelt het aankomen en toch...

Veel te goed, jullie. Daar kan ik niet tegenop.

Veel te goed, jullie.

Kom hier.

Dennis is echt een oprechte, lieve, schattige jongen,

dus we gaan hem zeker wel missen in de tent.

Het zal helemaal anders zijn zonder hem.

Ik had het je zo gegund. Kom hier, man. - Ik ook, jong.

Damn.

Ik voel zo'n soort opluchting,

maar ik vind het tegelijkertijd heel spijtig voor Dennis dat hij eruit is

en ik had het hem ook nog wel gegund.

Alsjeblieft. Applausje.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.