Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
De route is het mooist zonder telefoon.
Zet hem alsjeblieft uit.
Voor mijn vriend.
Ik mis ons.
Man, hoe is het?
Ik ben bijna thuis. Ben je er nog?
Ja, ik ben er nog.
Ze hebben net m'n spullen in de verhuiswagen gedaan, dus...
morgenochtend ben ik weg.
Shit.
Ja.
Wat is het plan voor vanavond?
Geen idee.
Ik bedoel, het is jouw laatste avond. Wat wil je hier nog doen?
Uno spelen en dronken worden.
Alleen dat? Een klassieke dinsdagavond?
Ja, waarom niet? -Klinkt goed.
Laten we dat doen. -Ja.
Het wordt wel raar zonder je, man.
Ja, man. Zonder jou ook.
Maar goed, ik zie je zo thuis.
Ja, zie je zo. Later.
10 jaar later
Doen we dit echt? -We doen het.
Oké.
We moeten gewoon beginnen, toch? -Ja.
Is het hier?
Ja.
Oké.
Waar moeten we heen? -Die kant op.
Maak je nog steeds bruiloftvideo's?
Nee, daar ben ik al ongeveer drie jaar geleden mee gestopt.
Echt? -Ja.
Hoezo?
Het was leuk om te doen voor mensen die ik ken.
Maar ik wilde het niet meer doen.
Het betaalde wel goed. -Ja.
Dat interesseert me niet zo veel.
Ik wil tijd hebben...
om te investeren in mezelf.
Creatief zijn, leren.
Dingen uitproberen.
Te beginnen met dit, deze 600 kilometer. Ik ga het halen, dat beloof ik je.
Ik geloof je.
Ik moet het halen. Zo niet, dan zijn we de lul.
Je kunt erover praten, maar doe het maar.
Hoe is het met Sara?
Ja, gaat goed.
Bezorgd, zoals altijd.
Nee, dankjewel.
Ze had niet verwacht dat we dit echt zouden gaan doen.
Ze heeft gelijk. -Ja.
Geef me even.
Oké.
Hé, Tom.
Tom?
Hé Chris.
Hé. -Hé man. Hé chef.
Hé, stoor ik? Je bent...
Gaat het goed met de wandeling? -Ja, ja.
We zijn echt nog maar een halve dag onderweg. Maar het gaat goed.
Wat is er? -Ah ja. Nee, ja, goed, nee...
Luister, ik zit even vreselijk... Ik kom even ergens niet uit.
Er zijn allemaal nieuwe cijfers binnen en ik weet gewoon... O, Jonas, Jonas.
Sorry hoor. Ik heb ook...
Fuck.
Ik heb die koter van mij vandaag. In ieder geval...
Ik kom er gewoon niet uit. Ik weet niet hoe ik ze moet implementeren.
Ik wil ook al jouw harde werk niet teniet doen, zeg maar.
Tom, weet je wat je doet? -Kan je me helpen?
Ja, je stuurt het gewoon even naar mij door.
En dan ga ik er even naar kijken, ja?
Ah, te gek, man. O, geweldig. Dankjewel.
Komt goed.
Oké, dankjewel. Ik ga het je meteen sturen.
Ja, top. -Je bent een topper.
Oké. Spreek je. -Wandel ze, hè.
Ja. Hoi hoi. -Hoi hoi.
En? Groot, toch?
Groot...
Nee, maar hij is prima.
Ja, hij is prima. -Ik vind hem goed.
Wil je wat foto's van de eerste dag om naar je ouders te sturen?
Nee, hoeft niet.
Ik stuur ze wel een foto als we bij Cape Wrath zijn. Een soort overwinningsfoto.
Ja?
Wil je ze niet iets sturen of bellen?
Weet ik niet.
Misschien, maar...
Geen idee. Het is de eerste dag. -Ja, oké.
Wat?
Ik heb iets meegenomen.
Ik vertrouw die glimlach niet.
O, oké.
Wil je spelen? -Ja, ja.
Hier, schudden.
Lluis?
Wil je koffie?
Ja. Ik kom eraan.
Gaat je moeder weer naar mijn ouders deze zomer?
Ja, volgens mij wel.
Leuk.
Heb je je vader nog gesproken?
Nee.
Nee, niet echt.
Jammer.
Wil jij ooit kinderen?
Nee.
Ik kan amper voor mezelf zorgen.
Jij wel?
Ja.
We gaan het proberen.
Echt? -Ja.
Wauw. -Ja, na deze reis.
Wauw, wat leuk.
Ja, volgens mij wel. Ik heb m'n werk, ik heb m'n huis.
Ik voel me er klaar voor.
Ik voel me ineens heel oud.
We zijn ook al best wel oud.
Je gaat vader worden.
Ja.
Zeker?
Ja.
Cheese en onion. Lekker.
Dit is Richard.
Hoi, leuk je te ontmoeten. -Hetzelfde.
Supertof wat jullie aan het doen zijn. Hoe lang gaan jullie erover doen?
28 dagen, als we ons aan het schema houden.
Heb jij het gedaan? -Ik? Nee.
Het is al wel heel lang een wens, maar toen gebeurden er andere dingen.
Die zijn belangrijker. -Pap, kom hier.
Zo te zien ga ik een eigen avontuur beleven.
Veel plezier. -Dankjewel.
Leuk je te ontmoeten. -Jullie ook.
Laten we hier de tent opzetten.
We hebben nog zo'n vijf kilometer te gaan.
Ja, maar ik ben op.
Oké. Doen we die morgen.
Alsjeblieft. Ja, ik weet het.
Het is verschrikkelijk.
Nee, nee, nee. Het is te erg. Het is te erg.
Stik erin.
Nee, Chris.
Lluis?
Lluis? -Ja?
Word wakker, het is acht uur.
Ja. Ik kom.
Wil je ontbijt? -Ja.
Alles goed? -Ja.
Met jou ook? -Ja.
Doe je een wedstrijdje? -Nee.
Ja ja. -Ja.
M'n benen.
Gaan we weer?
Na jou. -O, dank je.
Hoi. Mag ik m'n tent bij jullie zetten?
Ja, natuurlijk.
We hebben wel een knuttenprobleem, maar kom erbij.
Dat is niet erg. Dankjewel.
Wil je meelopen in de cirkel? -Ja, dankjewel.
Ik ben Stewart. -Ik ben Lluis.
Chris.
Leuk jullie te ontmoeten.
Ik had deze plek op m'n kaart gemarkeerd om te overnachten.
Wat? -Op een kaart.
O, een echte kaart?
Ja. Ik probeer oldschool te zijn.
O, dat is tof. -Dankje.
M'n moeder vindt het maar niks. Zij is banger dat ik hier ben dan ik.
Ja, mijn moeder is ook zo. -Ja?
Ze volgt me in haar busje. Ze wacht in het volgende dorpje op me.
Dat is fijn.
Waar gaan jullie naartoe?
Cape Wrath.
Maar eerst naar Fort William.
Wat? Echt? -Ja.
Dus de West Highland Way is gewoon een opwarmertje?
Ja. Soort van.
Wauw.
Alles goed?
Ja.
Moe.
Chris?
Chris?
Lunch?
'Kijk, het is nog licht. Dat is één uur 's ochtends in Schotland.'
Het was gewoon nog helemaal licht 's nachts.
Dit is mijn vriend Lluis.
Hoe gaat het? -Leuk je te ontmoeten.
Het moet hier ergens zijn.
Kijk eens wat ik zie.
We zijn er. -Ja?
Kun je hem voor mij aanraken? -Nog een keer?
We hebben het gedaan, man.
Ja, inderdaad. -Gaat het goed?
Ja. Moe.
Luister, Chris, ik moet gewoon nu even weten:
Hoeveel tijd heb je nodig?
Het ding is: ik heb vanaf morgen geen internet meer.
Ik kom gewoon op plekken, daar is gewoon geen bereik.
Jezus, waar ga je heen, man? 1980?
Nee, ja. Ik weet niet goed wat ik moet zeggen.
Ik vind het heel lastig.
Kijk, als we dit intern gaan doen en iemand verneukt dit...
dan kom jij straks terug en dan heb jij bergen werk te verzetten.
Dan sta je gewoon met 10-0 achter. Dat wil ik niet, ook voor jou niet.
Nee, dat snap ik. Dat is helder.
Dus wat kan je doen?
Op... Ja...
En het hoort er ook een beetje bij dat je bereikbaar bent. Ik bedoel...
Ja, maar Tom, luister. Op dit moment kan ik daar niks aan doen.
Oké, man. Oké. Ja. Ik... Is goed. We gaan het intern even oppakken.
Maar dan moet je me later... Ik bedoel, ik heb het gezegd.
Ja. Kijk, ik... -Oké, ik laat het je weten.
Ja. Oké. Fijn, Tom. Bedankt voor je belletje.
Joe. -Ja.
Ik zat te denken dat we twee of drie dagen kunnen gebruiken...
om uit te rusten.
Hoezo?
M'n knie doet pijn, man.
Ik heb gewoon wat rust nodig. -Klote, man. Balen.
Kunnen we niet iets anders doen?
Nee, niet echt. Het is gewoon...
Ik heb gewoon rust nodig. -Misschien naar een dokter of zo?
Twee of drie dagen, dat is alles.
Ja.
Ja, het gooit wel ons schema in de war.
Ja.
Dat weet ik. -Maar als je pijn hebt...
Wat we kunnen doen is langer blijven of sneller gaan.
Sneller?
We gaan al heel erg snel.
We pushen onszelf al en ik kan niet langer.
Ik moet meteen weer aan het werk zodra we klaar zijn.
Dus dat kan niet.
Ik heb ook op jou gewacht.
Dus ik denk dat dit wel redelijk is.
Meen je dit?
Weet je wat we kunnen doen?
Neem je rust, zorg dat je je beter voelt.
En dan...
Ik vertrek morgen.
En dan neem je een bus of zo, en zien we elkaar over drie dagen.
Ja.
En dan heb ik niet alles gelopen.
Wat heeft het dan voor zin?
Geen idee. -Ik ook niet, man.
Bedankt.
Hoi.
Heb je me gemist?
Hoe gaat het? -Goed.
Mooi.
Hoe gaat het met jou? -Goed, goed, goed, ja.
Lekker.
Hoe was de trail, hoe was dit stuk? Alles?
Het was intens. -Ja?
Mooi. Ik ga het ook doen.
Echt? -Ja. Als we klaar zijn, kom ik hier terug.
Net als jij. Dan heb ik alles gedaan. -Ja.
Ja.
Hoe gaat het met je knie?
Goed. -Ja?
Ik heb zo'n ding gekocht...
Ik weet niet hoe het in het Engels heet. Zo'n ding dat steun geeft.
Een brace?
Ja, zoiets. Gewoon een soort drukding. En dat voelt heel goed.
Ja, voelt het goed? -Ik ben er klaar voor. Klaar voor, man.
Ja. Shit.
Het is goed je weer te zien.
Jou ook, man.
Goed je te zien.
Ja.
Ik kan hier niet tegen.
Het is te veel voor me.
Ik raak eraan gewend, denk ik. -Ja.
Wil je even uitrusten?
Nee, laten we...
Ik heb eten nodig. -Ja. Heb jij eten?
Ik maak een grapje, ik heb eten. -Gelukkig.
Kom, we gaan.
Heb je iets lekkers?
Die pasta die je lekker vindt. Die ene met kip en champignons.
O, lekker. -Die romige.
Ik heb superhonger.
Voordat je nee zegt:
Het is een topidee.
Een echte kaart.
Ik heb twee kaarten van de route en die moeten we gewoon volgen.
Hoezo?
Het voelt alsof we te veel vastzitten aan onze telefoon en GPS en zo.
Dus we moeten het gewoon hiermee doen.
Snap je? Want, want...
Het is als een avontuur. Maar dan een echt avontuur.
We volgen het pad niet op GPS of een telefoon.
Hiermee moeten we het echt gewoon doen.
Snap je? Net als 20 jaar geleden.
Toen hadden ze geen GPS. Dus gebruikten ze dit.
En wij doen hetzelfde. -Ja, maar wij kunnen niet kaartlezen.
Nee, komt goed.
Ik heb onderzoek gedaan en het opgezocht op YouTube.
Dus het komt goed.
Ja? Ja. Top.
Wil je ze zien?
Ik laat ze... -Oké.
Ik ga eten koken. Oké?
Stok? -Nee, het lukt.
Dit is drassig. -Ja.
Waar is het pad?
De kaart zegt: volg de rivier.
Kom.
Lluis, weet je het echt zeker? -Ja, man.
Ik maak de route niet.
Ik volg hem alleen.
Er is geen pad.
Dat weet ik.
Hoi. -Hoi.
Gaan jullie naar Glenelg?
Vlakbij Kyle Rhea?
Nee, we volgen de Cape Wrath Trail.
O, dat is die kant op.
Over die pas. Ik ga zelf ook die kant op. En dan morgenochtend weer terug.
Dus we moeten weer helemaal terug die kant op?
Ja, maar het is niet heel ver. Tot je terug op het pad bent.
Ik ga morgenochtend de zonsopgang bekijken.
Cool.
Willen jullie meekijken?
Het is altijd beter om dat samen met iemand te doen.
Weet je wat? Ja. -Echt?
We gaan mee. -Top, leuk.
Oké, er is daar een goeie plek om te kamperen.
En als we om half vijf opstaan, kunnen we zon zien opgaan.
Ik ben Emma, trouwens.
Chris. -Lluis.
Lluis.
Gaat het goed?
Ja. Het voelt geweldig.
Vind je het niet mooi?
Het is gewoon heel rustgevend.
Hallo. -Hallo.
Is het oké dat we hier zijn? -Ja, natuurlijk.
Ik ben Chris. -Fraser, leuk je te ontmoeten.
Ik ben Lluis. -Oké.
Lopen jullie de Cape Wrath Trail? -Ja.
Wat vind je ervan? -Ja, het is prachtig.
Mooi. -Jij?
Ja, langzaam maar zeker.
Het is soms zwaar, maar we komen er wel.
Mag ik vertellen waarom ik de trail doe?
Ja, natuurlijk.
Een jaar geleden is m'n broer overleden aan de gevolgen van teelbalkanker.
En nu loop ik om mensen te informeren en geld in te zamelen voor het goede doel.
Mannen en hun ballen, of kwetsbaar zijn...
is een gevoelig onderwerp.
Maar belangrijk.
Ja, ik heb dat ook gehad, twee jaar geleden.
Ze vonden het heel erg vroeg.
Dus het is niet hetzelfde als bij je broer.
Je hebt geluk gehad, man. -Ja.
Dat is mooi.
Wat was je broer voor iemand?
Hij was zes jaar ouder dan ik.
Hij was m'n held toen ik klein was.
En je denkt dat het makkelijker wordt als je ouder wordt.
Maar dat gebeurt niet.
Wat ik moeilijk vond:
Bij de begrafenis...
hoorde ik al die verhalen.
En ik merkte dat andere mensen...
hem beter hadden gekend dan ik.
Maar voor mij was hij gewoon alleen m'n grote broer.
De gast die...
me altijd versloeg met sporten en al mocht drinken.
Ik was gewoon een klein kind bij hem.
Hij was een hele goede vader.
En dat...
maakte me soms wel jaloers.
Dat hij dat niet meer met mij deed.
Maar ik belde hem zelf ook niet...
om te vertellen hoe het met me ging.
Alsof we meer tijd zouden hebben.
Dus ik hoop dat hij met me mee loopt.
Een klein stukje.
Hij had dit geweldig gevonden.
Ja.
Kom op. -Ik ga er niet in.
Het water is prima. -Nee, het is koud.
Nee, ik weet dat het superkoud is. -Ja.
Ik heb er al spijt van.
Oké. -Ga onder water.
Ik ga al. -Een, twee, drie, nu.
Ik ga al. Ik heb het superkoud.
Eén, twee, drie.
Nu ben ik klaar.
Nee. Ga zwemmen.
Nee. -Zwemmen.
Kom me maar opwarmen. -Nee.
Ik bevries. Kom hier. -Nee.
Kom hier. -Nee.
Kom hier, Chris. Kom, Chris. -Nee.
Nee, ik zweer het je.
Lluis, ik zweer het.
Nee, nee. -Oké, oké.
Hé Lluis.
Ja, kijk.
Ja, ja.
Dit hier is de hut.
Zie je?
In de hoek hier.
O ja. -Dit is de zee waar ik ging zwemmen.
Ja. -Dat is hier.
En dit is de hut en toen gingen we helemaal hierheen.
Dat was hoog.
Ja, dat was steil. -Ja.
O mijn god.
Ja, mooi, hè?
Ja. Dit is dit.
Dit is daar.
Dit is de... -Zo.
Ja? -Ja.
Zie je deze waterval? -Ja.
Daar zijn we net voorbij gekomen.
De rivier is hier, dus dan moeten wij...
Ja.
Dat is het. Oké.
Ik heb 'm.
Top.
Kom, we gaan.
Nee, nog heel even wachten.
Oké.
Kijk dan.
Ja.
Gast, je ligt aan mijn kant.
Sorry.
Shit.
Dit wordt klote.
Hé, heb jij eten?
Nee, ja, onderin m'n tas.
Moet ik het pakken? -Nee.
Ik heb ook honger, man.
Shit, het is allemaal nat.
Hier doen? -Ja. Hier is goed.
Ik kijk nog heel even verder.
Chris, het is allemaal hetzelfde.
Misschien is er een betere plek.
Ik zet hem gewoon hier.
Wacht, wacht. -Mijn god.
Serieus, man.
Chris.
Laten we de buitentent eerst doen.
Hier. -Heb je de haringen?
Het moet kunnen. -We hebben dit nog nooit gedaan.
Weet ik, maar het regent.
Ik ga niet nog een avond in natte shit slapen.
Shit.
Oké. Het dak, het dak.
Dat zei ik toch. -Nee, het dak hoort bij de binnentent.
Dat komt later. -Nee, dat moet hier.
Hij zit verkeerd om.
Andersom.
Je hebt dit niet vastgemaakt, wacht.
Ben je binnen? -Wacht even.
Hier. -Waar?
Bij je voeten. -Waar?
Lluis, het wordt nog steeds nat binnen. -Nee, helemaal niet.
Dit is zo'n domme manier om dit te doen.
Doe het dan zelf als jij het wilt doen.
Jij weet het beter, prima.
Je maakt alles vies met je ranzige schoenen.
Geef me het dak.
Ben je klaar?
Nee.
Nu ben ik klaar.
Hoeveel kaarten heb je nog?
Drie. -Oké, mag ik?
Ja.
Wat is dat? -Kaarten wisselen.
Je bent een klootzak. -Ben ik?
Ja. -Vier pakken.
Je bent zo'n lul, man.
Waarom kunnen we dit niet maanden doen?
Of jaren?
Lopen, tenten.
In de natuur zijn.
Meen je dit?
Misschien.
Wil je boswachter worden of zo?
Ja, we zouden boswachter kunnen worden.
Of herten houden.
Ja, of schapen.
Ja, jij zou een topherder zijn.
Dankje.
Wat?
In je huidige baan kijk je de hele dag naar je computer.
En dan kijk je naar de schapen.
Het is hetzelfde.
Stomme grap, man.
Je kunt ze allemaal opschrijven in je 'spreadsheep'.
O mijn god.
Zelfs een slechte dag in de natuur is beter dan een goede dag op kantoor.
Je weet dat het zo is.
Hé lieverd. -Hé lieverd.
Ik heb je gemist.
Ik jou ook.
Je bent veranderd. -Echt?
De baard. -O ja?
Ziet er goed uit.
Een beetje wilder, hè?
Ja. Ik hou wel van wild.
Jij ziet er ook goed uit. -Dankje.
Ik ga zo naar m'n werk. -O ja.
Kijk, ik zal je laten zien waar ik ben.
Ik ben nu in Ullapool.
Waar? -Ullapool.
Dit is de haven. En zie je dat? Wacht.
Die bergen daar?
Daar zijn we doorheen gelopen.
De trail gaat door die bergen.
We hebben vijf dagen regen en knutten gehad.
Maar het is zo mooi. Het is echt heel mooi.
Ik zou het je heel graag laten zien.
Je wilt met mij vijf dagen in de regen lopen?
Daar moet ik even over nadenken.
Maar na een tijdje maakt het echt niks meer uit.
Dan is het gewoon lopen.
Soms krijg je regen, soms heb je zon.
Soms is het mooi, soms is het klote.
Je krijgt een beetje van alles.
Dus ja, het is goed.
En hoe gaat het met Lluis?
Ja, goed.
Ja, leuk. -Ja?
Ja, het is meer...
Ik hoop dat deze maand iets voor hem doet.
Hem iets geeft.
Iets, geen idee. Ik maak me soms zorgen om hem.
Waarom?
Ja, hij...
Er was iets heel raars. We waren bij een hut en toen...
zei hij tegen een man daar dat hij kanker heeft gehad.
Dus Lluis heeft kanker gehad. Drie jaar geleden.
En hij vertelde dat gewoon aan die man.
Alsof het niks was.
Hij heeft dat nooit aan mij verteld. Het is zo vreemd.
En hij had een baan waarbij hij bruiloften filmde.
Is hij ook mee gestopt. Hij heeft niet echt een plan. Hij is zo warrig.
Hij slaapt ook al een paar dagen op een lek matje.
Ik weet het niet. En dan hoor ik dit over z'n gezondheid.
Hij heeft me dat nooit verteld. Het klopt ergens niet.
Lluis?
Lluis?
Ben je wakker?
Het is acht uur.
Lluis?
Ik kom.
Hallo?
Hé Chris.
Hé Tom.
Hé luister, ben je al terug?
Nee.
Wacht.
Ja, hier.
Moet je eens kijken, man.
Lekker weertje, hè? -Ja, mooi man.
Jij liever dan ik. Hé, luister.
Wanneer ben je nou terug?
Negen à tien dagen.
Hoezo, wat is er aan de hand?
Het is best wel druk hier.
Dus het is goed dat ik je tref.
Ik stuur je de cijfers van deze maand alvast.
En ook het rapport waar Dirk mee bezig is.
Als je daar alvast naar kunt kijken, dan ben je alvast up-to-date.
Dan ben je op de hoogte.
Ja.
Ik stuur het nu naar je toe.
Je zou het nu in je inbox moeten hebben.
Ja, top, dankjewel.
En dan zie ik je over een week. Waar ben je ook alweer?
Ja, negen dagen.
Oké. Leuk man.
Ja. Oké. Dag Tom.
Wat ben je aan het doen?
Geen idee, man.
Lluis, wat de fuck? -Sorry.
Fuck ja.
Heb je hem gemaakt?
Ja.
Nu moet ik tien minuten wachten.
Lluis?
Lluis?
Lluis?
Kijk.
Ja.
Lluis?
Laten we even stoppen.
Hé.
Ben je klaar?
Bijna. -Oké.
Iemand online had een lijst met de tien mooiste plekken om naartoe te gaan.
Er zijn hier vlakbij een paar watervallen. Een soort side trail.
Zullen we dat doen?
Hoezo?
Omdat het tof is om te zien.
Ik denk dat de trail voor mij genoeg is.
Maar het is sneller.
Ja, doe wat je wilt. En dan zien we elkaar aan het einde van deze sectie.
Kom op, man.
Laten we dit samen doen.
Ik ben wel gewend om dingen alleen te doen.
En ik kan prima dingen doen zonder jou, dus...
Fuck dit, man.
Je loopt hier rond alsof het allemaal om jou draait.
Ik ben hier maar één keer in m'n leven.
Ik heb geen zin om te haasten. Ik wil gewoon genieten, oké?
Ik weet niet wat er met je is, maar je hebt niet eens verteld dat je kanker had.
Wat is er mis met jou? -Wat is er mis met mij?
Zeg het maar. Wat is er mis met mij?
Zeg het maar.
Wat interesseert het jou?
Wat ik doe? Hoe ik loop?
Hoezo nu ineens?
Haal je spullen uit de tent, want ik heb nog een lang stuk te gaan.
Prima.
Lluis?
Lluis, ben jij dat?
Hé.
Gaat het goed? -Ja. Het gaat goed.
Het spijt me van vanochtend, man. -Het is oké.
Kan ik iets dragen? -Nee, Chris, het gaat prima.
Laten we doorgaan, alsjeblieft.
Chris?
Ja.
Ja, ik ben hier. Ik kom eraan. -Oké.
Hoi.
Hoi. -Hoe is het?
Ja, goed. En met jou?
Best wel goed.
Onderweg naar de Cape? -Ja.
Mooi. Dan ben je er bijna. -Ja.
Jij ook?
Nee. Ik loop langs de kust.
O, echt? -Ja, ik heb nog een lang stuk te gaan.
Hoe gaat dat? -Best goed.
Meestal.
Wil je samen lopen?
Ja, is goed.
Kom.
Soms moet ik een stuk het land in.
Maar meestal...
is dit m'n uitzicht.
Ik slaap een paar avonden per week in m'n tent.
En dan kom ik terug bij m'n vrouw in de bus.
Mijn vriend is hier ook ergens.
Heb je de hele route samen gelopen?
Ja.
We slapen zelfs in dezelfde tent.
Wauw. Jullie moeten wel heel erg close zijn.
Of elkaar haten.
Niks laat je de waarheid meer zien...
dan lang lopen in de natuur.
Ik ben 69.
Ik heb m'n hele leven gewerkt.
En ik wilde altijd gewoon gaan.
En nu doe ik het.
En weet je wat m'n vrienden en familie vragen?
Waarom?
Waarom zou je dat doen?
Waarom zou je zo willen leven?
Ze vragen nooit waarom ik 55 jaar lang vijf dagen per week heb gewerkt.
Ik ben nog nooit zo gelukkig geweest in m'n leven, weet je dat?
En dat is...
eigenlijk ook best treurig.
Kijk daar eens.
Dat is toch het mooiste uitzicht van allemaal?
Dit is jouw trail.
Het was leuk je te ontmoeten, Chris. -Jou ook, Jack.
Pas goed op jezelf.
Dankje. -Succes.
Dankjewel.
Nee, nee, nee.
Nee.
Nee, nee, nee.
Nee.
Hé. -Hé.
Alles oké?
Ja, ik kon niet koken, want jij hebt het gas.
Sorry. -Geeft niet.
Is alles goed tussen ons?
Laten we dit gewoon afmaken, man.
Ik ga het gas voor je halen.
Lluis, jongen. Hoe is het? -Pap, hoe is het?
Heel goed, en met jou? -Goed, goed.
We zijn met de hele familie aan het lunchen. Hé iedereen, het is Lluis.
Hé, hoe is het met jullie? Hallo.
Hoe is het met je? -Goed.
Waar ben je nu? Hoe is het daar?
Goed, het is heel tof. Ik ben nu op Cape Wrath.
Want we hebben het gehaald, de 600 kilometer.
Je hebt het gehaald? Wauw, dat is fantastisch.
Je bent geweldig. -Dankje.
Hij zegt dat hij al klaar is. Ze hebben het gehaald.
Kun je ze horen? -Ja, ik hoor alles.
We waren wel wat bezorgd omdat we niet echt iets van je hoorden.
Ja. -Ik ben zo trots op je. En jaloers.
Dankjewel, papa. -En je moeder ook.
Ze is net weg om je oma op te halen.
Kun je over tien minuten terugbellen?
Ze wil heel graag horen over je avonturen.
Het is meer dat ik niet heel goed bereik heb.
O, oké.
Maar hoe ging het? En hoe ging het met Chris?
Goed, het ging goed.
Ja? -Ja.
We hoorden al dingen van z'n moeder.
En we hebben wat foto's gezien van jullie twee.
Dus hebben we jullie een beetje kunnen volgen. Waren we er een beetje bij.
Ja, natuurlijk. -We vonden ze geweldig.
Je ziet er zo sterk en gelukkig uit.
Ja, ik voel me goed.
Wacht, ik videobel je. Dan kun je iedereen zien.
Nee, het is meer... Ik heb geen internet, papa.
Ah. -Ja.
Ah, ja, oké.
En het begint nu te regenen. -Dan spreken we elkaar later, oké?
Het begint te regenen. En we moeten ook door.
Ah, oké. Ja, is goed.
Oké. Geef mama en oma een kus van mij.
Oké, is goed. Zal ik doen.
Ik ben heel blij dat je hebt gebeld. Het is altijd leuk je te spreken.
Bedankt voor het bellen. -Jij ook.
Ik zal mama en oma een kus geven van je.
Oké. -Oké, papa.
Tot snel, jongen. -Doei.
Hé. -Hé.
Ga je op de bus wachten?
Ja.
Dat was het plan.
De vrouw van de winkel zei net...
dat er vijf kilometer hiervandaan een hut is.
Wil je mee?
Ja.
Oké, leuk.
Kom, we gaan.
Het weer hier is zo raar.
Ik zag dat je aan het bellen was. -Ja.
Je ouders? -Ja.
M'n vader.
Hoe gaat het met hem? -Goed.
Heb je Sara gesproken?
Ja.
Hoe is het met haar? -Ze is opgelucht.
Wat zei je vader?
Hij is blij.
Alles oké? -Ja.
Alles oké, man.
O mijn god.
Tering, man.
Uno?
Ja.
Heb jij het puntending?
Ja.
Oké.
Nog een?
Nee, je hebt me er een te veel gegeven.
O, wacht.
Nee, nee, nee. -Ik heb hem nu.
Omdraaien. -Eigen schuld.
Ik pak er één blind.
Spreid ze uit.
Tering.
Wil je het al opschrijven?
Hou je mond.
Ik begin.
Oké.
Oké.
Klaar? -Ja.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.