All language subtitles for Shame.1968.1080p.BluRay.x264-DEPTH

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian Download
cs Czech
da Danish
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal) Download
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish Download
es-419 Spanish (Latin American) Download
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

SCHANDE

Zeg, ik had een vreemde droom. Weet je wat ik droomde?

Dat we naast elkaar in het orkest zaten en het 4e Brandenburg concert oefenden.

Het langzame stuk en dat dit alles achter ons lag.

Het was als een nachtmerrie voor ons.

Ik werd huilend wakker.

Ik begon te huilen toen we speelden.

Het was het langzame stuk. Zo van...

Ga je je vandaag nog scheren? -Als je erop staat.

Waarom ben je zo boos? -Dat ben ik niet.

Je kijkt boos. Je kijkt nu altijd boos.

Kleed je aan, anders missen we de pont. De burgermeester verwacht ons voor negenen.

Het is niet mijn schuld. Ik ben die verdomde oorlog niet begonnen.

Als er geld over is, kunnen we een fles wijn kopen. Lijkt je dat wat, Eva?

Je bent verschrikkelijk.

Ga je aankleden. -M'n verstandskies komt door.

Denk je dat de tandarts er is? -Dat zien we wel.

Verstandskiezen zijn vreselijk. Ik had er hier ook eentje aan de rechterkant.

Die moest er in stukjes uit worden getrokken. Het duurde een dag.

Ik kreeg geen verdoving en ik heb een week koorts gehad.

Hopelijk is het deze keer niet zo erg.

Zie je iets?

Nee, niets. -Echt niet?

Voel eens. Het is helemaal dik, een grote knobbel.

We kunnen beter opschieten.

Heb je de telefoonrekening betaald? -Verdorie, vergeten.

Het klopt niet dat je voor iets moet betalen dat nooit werkt.

Of ze moeten het repareren...

of we hoeven niet te betalen.

We hebben een telefoon nodig. -Tuurlijk.

Maar we krijgen niet veel orders.

We hebben er een nodig voor de zaak.

Ze kunnen ook naar Olson bellen, dan betalen we hem als er iemand belt.

Hoor je de kerkklok?

Is het vandaag een feestdag? Nee, het is een gewone vrijdag.

Waarom zou dat zijn? -Niets, schiet op. We zijn al laat.

Ik word bang als de kerkklok luidt op een gewone vrijdag.

Hoe laat is het? -Vijf over zes.

Hallo.

Hallo.

Ik denk dat het gaat regenen. Neem je leren jas mee.

Verdomme.

Jan.

Wat nu weer?

Je moet je niet zo laten gaan. Daar kan ik niet tegen.

Verman jezelf. Dat doe ik ook.

Kun je nooit eens ophouden?

Het spijt me.

Nu vergeet ik m'n jas toch nog.

Er zijn veel konvooien de laatste tijd.

Ik wilde niet zo gemeen tegen je zijn. Ik verloor m'n geduld.

Ik kan wel wat hebben.

Zeg, morgen is het precies...

vier jaar geleden dat we naar dit eiland zijn verhuisd.

Grootvader stierf eergisteren een jaar geleden.

We moeten niet vergeten bloemen op z'n graf te leggen.

Dag, Filip.

Waar hadden jullie het over? -Hij had de radio aan een uur geleden.

De vijand kan binnenvallen. -Dat zeggen ze al jaren.

Verdomme, onze radio is altijd kapot. -Die verdomde auto is altijd kapot.

Je moet 'm niet altijd proberen te repareren.

Daar gaan we.

Je kunt beter van niets weten.

Ik word ziek van dat ontwijken van je.

Nee, ik ga geen ruzie maken.

We hebben vis voor vandaag. -Dat klinkt goed.

Toen je met Filip sprak, was ik echt verliefd op je. Je was zo mooi.

Van een afstand, h�?

Hallo. -We waren net naar jullie onderweg.

Leuk jullie te zien.

We hebben bosbessen voor jullie. -Echt?

Hallo, we hebben bosbessen mee.

Goedemorgen. -Morgen, mevrouw Rosenberg.

M'n vrouw en ik wilden naar ons zomerhuisje gaan.

Ik vertelde net dat we bosbessen wilden langsbrengen. Ze zijn erg lekker.

Echt? Maar of we ze kunnen meenemen? We gaan naar onze zoon.

We brengen ze wel even bij jullie thuis.

Vinden jullie dat niet erg? -Nee, hoor.

Is er iemand thuis? -Juffrouw Almberg is er. Klop maar aan.

Dat is aardig. Kom weer eens een avondje langs net als vroeger.

Dat is geweldig. -Leuk.

Ik mis onze muzikale avondjes.

Wij beiden. -Inderdaad.

We hebben niet meer gespeeld sinds dirigent Kreisler wed opgeroepen.

Mag ik iets vragen? Waar duiden die militaire konvooien op?

De situatie is verslechterd.

Dat zeggen ze ook op de radio.

En onze radio is ook altijd stuk.

Ik geloof dat je nooit de hoop moet opgeven.

Je weet het maar nooit Ik kreeg gister een brief van m'n zus die is ge�vacueerd.

Ze zit in een vluchtelingenkamp waar elke dag wordt gebombardeerd.

Vreselijk. -We zijn er bijna.

We moeten afscheid nemen. Zullen we iets afspreken?

Ja, bel ons maar. -Dat zullen we doen.

Tot ziens. Doe jullie zoon de groeten.

Ja, dat zullen we doen.

Kunnen we de voordeur gebruiken? -Natuurlijk.

Ik heb 10 kronen meer gekregen. -We gaan naar Fredrik en kopen wijn.

Hallo.

Nee, hij is niet thuis. -Hij is nooit weg.

Hallo. -Daar ben je.

Dus je bent ook opgeroepen. -Ja, kijk eens hoe ze me hebben aangekleed.

Ik heb in geen 20 jaar een wapen aangeraakt.

Ga toch zitten. -Dank je.

En ik heb niemand die de zaak kan waarnemen.

Maar misschien maakt dat ook niet uit.

Wat kan ik voor jullie doen? -We willen een flesje wijn kopen.

Ik heb nog wel wat staan. Ik wil jullie nog iets laten zien.

Wat vinden jullie hiervan?

Het is het mooiste wat ik heb.

Dat is een antieke, nietwaar? -18e eeuw, Meissen.

Hoe kom je daaraan? -Van m'n moeder ge�rfd.

Die verkoop ik nooit.

Luister er maar even naar. Ik ben zo terug.

Luisteren jullie naar de radio? -Nee, die is stuk.

Ik heb geprobeerd 'm te maken, maar het lukt niet.

Gisteren hebben ze met de meest afgrijselijke maatregelen gedreigd.

Vanochtend feliciteerden ze ons met onze ondergang.

Dat horen we al jaren. We moeten niet naar ze luisteren.

Wacht eens, dat bedoelen we niet.

Proef maar. Het is echt lekker.

We wilden een flesje kopen.

Deze is niet slecht.

Proost. -Proost.

Deze wijn is echt goed. -Dat is ie zeker.

Wat is het? Mag ik eens zien? -Ik heb nog maar vijf flessen over.

Kijk, '59. -Kunnen we dat betalen?

Ja, hoor.

Weet je, als ik hier zo zit tussen al m'n spulletjes...

dan voel ik me zo triest. Ik weet niet waarom.

Misschien komt dat omdat niemand me zal missen als ik verdwijn.

Zelfs mevrouw Prins niet. -Mevrouw Prins?

Ze komt hier schoonmaken.

Ze maakt schoon, dan zet ze koffie...

en dan bedrijven we de liefde.

Nee, mevrouw Prins zal me niet erg missen.

Voor je het weet ben je weer thuis.

Wat krijg je voor de fles wijn?

Je mag 'm hebben voor 10 kronen. Je had 'm voor niets gekregen...

maar ik heb geld nodig om aan mevrouw Prins te geven.

Dank je wel.

Ze zorgt voor m'n spulletjes als ik weg ben.

We willen de pont niet missen.

Ja, ik heb namelijk pijn in m'n voet.

Zouden ze rekening houden met zo'n voet?

Misschien krijg ik een administratief baantje.

Ze wilden mij niet. Misschien sturen ze je terug.

Het belangrijkste is je goede wil tonen.

Je moet niet meteen met een doktersbriefje zwaaien.

Nee, je moet het ze vertellen. Misschien sturen ze je terug.

Tot ziens en nog bedankt.

Dag, en tot ziens. -Ik hoop het.

Tot ziens dan maar. -Nogmaals dank.

We moeten proosten op Filip en z'n vis.

En op je kookkunst. -En op jouw kookkunst.

Eva, wist je al dat de radio het weer deed?

Heb je 'm gemaakt? -Ja, eindelijk.

Je bent zo slim. -Ja, h�?

Als je het wilt wel. -Ik ben altijd slim.

Weet je wat ik ga doen? -Nee.

Ik ben ook slim, hoor. -Dat weet ik.

Ik ga ltaliaans leren. -Echt? Eindelijk.

Vanavond. -Je hebt het vaak gezegd.

We kunnen elkaar helpen.

Je moet elke avond zeggen dat ik moet studeren.

Ik zal de tijd bijhouden, je overhoren en heel streng zijn.

Weet je wat we ook kunnen doen?

Elke ochtend als we de kippen hebben gevoerd, gaan we muziek maken.

Jij en vroeg opstaan? Dat wil ik zien.

We kunnen elke dag een half uur spelen.

We hebben de instrumenten en erg veel muziek.

We moeten blijven oefenen. -Ik wil kinderen.

Soms wil ik een baby. -Nu?

Nee, nu niet. -Waarom niet?

Ik kan het niet uitleggen. -Probeer het.

Het is een soort gevoel...

Kan het niet wachten? -Nee.

Tot het rustiger is? -Nee, het is nu belangrijk.

Veel dingen die tot onenigheid leiden tussen ons...

komen doordat wij geen kinderen hebben.

Dat ik als vrouw geen kind heb.

Ik ben 30. Het is tijd voor een kind.

30 is niet oud. Je kunt tot je 4Oe wachten.

Vrouwen horen jong kinderen te krijgen. Ik wil drie kinderen als ik 40 ben.

Dan zijn we een gezin.

Luister, ik meen dit.

Je moet niet boos worden. -Nee.

Als we de volgende keer naar de stad gaan...

gaan we langs de dokter. -Waarom?

Voor een onderzoek. Ik heb nog geen kinderen en...

Ik ben gezond, dat weet ik. -Ik ook. We zijn beiden gezond.

Het is psychologisch. -Jan, ik meen het.

Als we de dokter bezoeken, kan hij jou ook onderzoeken.

Neem het niet persoonlijk op.

Maar toen we niet samen woonden...

Nou, we weten wat je toen deed.

Ik deed niets. -Dat kan belangrijk zijn.

Misschien hebben we daarom geen kinderen. Je hebt veel vrouwen gehad die...

Nee, niet waar. Waarom hebben we het daarover?

Ik heb altijd van je gehouden. Dat weet je.

En die operazangeres dan? -Dat stelde niets voor. Dat was eenmalig.

Ik heb altijd van je gehouden, Eva. Altijd.

Ik hou nu ook van je.

Volgens mij weet je niet wat liefde is. -Natuurlijk weet ik dat.

Liefde voor jezelf. Daar weet je alles van. -Ik ben niet zo zelfzuchtig als je denkt.

Ik denk dat je vreselijk zelfzuchtig bent.

Ik word een beter persoon, volgende week al.

Is dat zo? -Dat beloof ik.

Ja, ik onderga een volledige karakterwisseling.

Jij? -Ik ben een determinist, weet je.

Wat? -Een determinist.

Wat is een determinist?

Een determinist is een persoon die...

Die...

Het maakt me allemaal niets uit zolang je de gootsteen maar maakt.

Zullen we niet gaan afwassen? -Gaan we niet afwassen?

Wat gaan we dan doen?

Waar ga je heen? -Helpen. Misschien is hij gewond.

Straks schiet ie je neer. -Lafaard.

Blijf hier. -Laat je iemand gewoon zo hangen?

Blijf hier. Blijf hier. -Laat me.

Ga dan maar.

Ik moet een ambulance bellen.

Sprongen er ��n of twee uit?

We zagen er maar ��n, h�? Eentje maar.

Heb je de piloot neergeschoten? -Waarom zou ik?

Nee, dat denk ik dus niet. Jullie kunnen hier beter weggaan.

Er zijn parachutisten geland, enkele kilometers verderop.

Weet je wat we doen? We zetten 'm in z'n ��n en dan geef je 'm een zetje.

Het is bergafwaarts. Wat ga je doen?

Schiet nou toch op.

Jij schoot die piloot neer, h�? -Nee, niet waar.

Het wordt nog erger als je liegt.

Hij was al dood toen we aankwamen. Is dat niet zo?

Is hier een patrouille langs geweest? -Ja, een half uur voor jullie kwamen.

Ze zeiden dat jullie dichtbij waren.

Ongeveer 12 man in twee jeeps.

Ze zeiden dat we snel weg moesten.

Ok�, rustig maar. Niet bang zijn. Rustig ademhalen. Niet bang zijn.

Microfoon en camera gereed? Kom maar mee.

Je gaat de rest van het land vertellen... Niet tegenspartelen. Niet doen.

We gaan vertellen welke mensen wij hebben bevrijd.

Camera.

De stemmen van de bevrijding 78. Microfoon.

Naam?

Eva Rosenberg. -Harder. Niet bang zijn.

Eva Rosenberg. -Vertel eens iets over jezelf.

Ik ben 28 jaar.

Ik speel viool in het Filharmonisch Orkest.

Jan en ik zijn nu zeven jaar getrouwd.

We wonen hier sinds het orkest is uiteengevallen.

Ga maar door. -Dat was alles.

Wat is je politieke overtuiging? -Die heb ik niet.

Echt niet?

Nee, we krijgen weinig informatie en onze radio doet het ook niet.

Is het jou om het even welk politiek regime je land regeert?

Nee, maar de oorlog duurt al zo lang...

en het is zo moeilijk...

Dus niet onverschillig? -Nee.

Heb je besloten? -Ja.

Mooi. Geweldig, goed. En jij? Naam?

Ik voel me niet goed. Moet het echt? -Hij is echt ziek.

M'n medicijnen. -Een moment, alstublieft. Jan, Jan...

Laat de camera lopen. Film het flauwvallen.

Kom, Jan. Kom.

Schiet op, Jan. Vooruit, Jan. Help me een beetje.

Vooruit, Jan. Schiet op, en help me.

Alsjeblieft, Jan.

Weet je wat ik net dacht? -Nee.

Wat een geluk dat we geen kinderen hebben.

Na de oorlog nemen we kinderen.

We zullen nooit kinderen hebben.

Jan, trek je laarzen aan en kom mee.

Jan, we moeten weg. Schiet op. Jan, kom nou mee.

We nemen de weg naar zee. -Ja, als je maar gaat rijden.

Schiet op. -We hebben geen eten.

Wanneer had ik het moeten klaarmaken?

We kunnen de kippen eten.

Wie doodt ze dan? -Ik niet.

Ik ook niet. -We kunnen ze afschieten.

Dat doe je niet met kippen. -Ik snijd ze de keel niet af.

Ik neem er een mee, die kun je dan neerschieten.

Je schiet mij toch niet neer?

Daar staat ie. Schiet. -Ik schiet niet.

Er zorgt wel iemand voor ze. -Je irriteert me soms mateloos.

Eva, kom.

Jan, we moeten teruggaan.

Terug naar huis. Jan!

Verman jezelf.

Het lijkt wel...

Het lijkt wel of we in het kruisvuur zaten.

Wat een herrie. Ik kan er niet meer tegen.

Ik kan er niet meer tegen.

Laten we naar de kelder gaan. -Ga jij maar.

Het is veiliger. -Ik wil niet als een rat opgesloten zitten.

Heb ik weleens verteld wie Pampini was? -Nee.

Hij was een tijdgenoot van Beethoven.

Hij was een instrumentmaker in Wenen en geschoold naar de ltaliaanse school.

Hij heeft meegevochten met het Russische leger tegen Napoleon.

Toen hij z'n been had verloren, ging hij weer violen maken.

Deze is gemaakt in 1814.

De jaar van het Congres van Wenen.

Hij is aan cholera gestorven. Ik ben vergeten in welk jaar.

M'n hand is verknald.

Wil jij het proberen?

Hou je wel een beetje van me?

Ja, ik hou wel een beetje van je.

Hou je van me?

Zeg dat je van me houdt.

Ja, ik hou van je.

Wat is er?

Ik heb kramp.

Jan. -Wat?

Kom eens.

Wacht hier.

Schiet op. -Ik moet de deur afsluiten.

Hier komen, opstellen.

Zorg dat iedereen naar binnen gaat.

Naar binnen. -Ja, ja.

Vooruit, loop eens door.

Doorlopen.

Wilt u naast elkaar zitten?

Mijn naam is Oswald. -Rosenberg.

We hebben elkaar enkele jaren geleden ontmoet bij een liefdadigheidsconcert.

Ik ben de dirigent. Of, dat was ik.

Dit ziet er slecht uit, nietwaar?

Jan, soms lijkt dit allemaal wel een droom.

Niet de mijne, maar van iemand anders waar ik aan moet meedoen.

Wat gebeurt er als diegene ontwaakt en zich schaamt?

Jan en Eva Rosenberg.

Er zijn aanwijzingen dat jullie hebben gecollaboreerd.

Het ergste is het TV-interview met mevrouw Rosenberg.

U zegt het volkomen eens te zijn met de politiek van de vijand.

Dat is niet waar. -Is het niet waar?

We hebben het op film staan. Wilt u het zien?

We hebben al te lang geleefd onder deze onderdrukking.

We verlangen naar de bevrijding als mensen met dorst in de woestijn.

Ik hoop dat jullie troepen zullen zegevieren.

Dat is mijn stem niet. Dat heb ik niet gezegd.

Vertel de waarheid in belang van je man en jezelf.

We hebben niet gecollaboreerd.

Waarom hebben die parachutisten...

die iedereen in de buurt hebben afgemaakt, jullie gespaard?

Ik weet het niet. Ik begrijp het niet.

Zet haar eruit, ik wil hem alleen spreken.

Jan, ga met me mee. Jan...

Nee, laat me gaan. Jan, Jan... -Eva...

Dag, mevrouw Rosenberg.

Ga maar zitten, Jan. Wat hebben ze je aangedaan?

Laat eens zien.

Alstublieft, dokter...

Kun je rechtop gaan staan?

Er is niets met je aan de hand. Je hebt je armen en benen nog.

Je ziet er niet goed uit. Sta op.

Breng hem naar het ziekenhuis.

En hoe voel je je?

Je schouder is uit de kom. Die zullen we eens terugduwen.

Nee, laat me met rust.

Enkele weekjes geen tennis voor jou.

Wat is er met hem? Slaapt hij?

Breng hem naar het lijkenhuis. Hij kan hier niet blijven.

Hebben jullie eten gekregen? -Nee.

Niets? Sorry, we zitten hier pas.

We zijn nog niet georganiseerd. Ik regel het wel.

En jij, mevrouwtje? is er iets? Niets?

Mooi zo. Sigaretje?

Fijne dag nog. Dag.

Was diegene dood die ze meenamen? Wie was hij?

De hoofdredacteur.

Er ging een gerucht dat de invasie was gelukt, maar dat klopte niet.

Hij had op de voorpagina gezet: Lang leve de bevrijders!

En u dan?

Het viel mee. Ze lieten me gaan toen ik begon te schreeuwen.

Het leek alsof ze zich ervoor schaamden.

Mij niet. Ze bleven me maar slaan. Op m'n hoofd.

Laat eens zien. Ik zie niets.

De grijsharige zei: Pak aan. Dat is voor dat klote-interview.

Kom maar.

Met hoeveel zijn jullie hier? Eentje?

O, het zijn er drie.

Ik kom er nog eentje brengen.

Kan ik u helpen? -Nee, het gaat wel. Dank u.

Het lukt wel.

Het is een beetje stijf. Dank u. -Het ziet er pijnlijk uit.

Doet het pijn? -Een beetje. Het is niet erg.

Opstellen in de tuin.

Peloton, halt.

Plaats, rust.

Doorlopen, doorlopen.

Deze man heeft gecollaboreerd en ons grote verliezen bezorgd.

Op bevel van de regering...

wordt z'n doodstraf omgezet in levenslang.

Jullie krijgen ook allemaal een lichtere straf dan je had verwacht.

Sommigen worden vrijgelaten en naar huis getransporteerd.

Die twee gaan naar m'n kantoor.

Mogen we gaan zitten? -Absoluut niet.

Als Jacobi jullie hier ziet zitten, maakt ie me koud.

Wat gebeurt er nu?

Kom binnen.

Ga zitten. Ik heb van dat beroemde interview gehoord.

Het was nep van begin tot eind.

We hebben jullie als voorbeeld genomen. Dat was niet te vermijden.

Hoe gaat het? Het was niet zo heel erg, h�?

Ze mochten jou niets doen.

Het scheelde niet veel. -Op z'n zachtst gezegd.

Hopelijk zien we elkaar snel weer, dan praten we verder.

Waar zijn die chauffeurs?

Jullie willen vast zo snel mogelijk naar huis.

Vanaf maandag zal het anders zijn.

Ik probeer een auto voor jullie te regelen. Met Jacobi, stuur meteen een wagen.

Peter, zorg dat ze zo snel mogelijk thuiskomen.

Ik heb er genoeg van. Ga jij maar door als je wilt.

Speel je nou voor martelaar? Je werkt als een slaaf. Je haat het.

Tijdens de oorlog waren we nog relatief aardig tegen elkaar.

Ik ga naar het nieuws luisteren. -Doe maar, dan hoef ik je niet te zien.

Jacobi gaf ons die radio om naar het nieuws te luisteren.

Ga dan, als het zo belangrijk is. Blijf hier geen onzin uitkramen.

Je zei zelf toen Jacobi laatst hier was: Het is goed om een vriend te hebben.

Dat heb ik niet gezegd. -Wel waar.

Maar dat ben je vast vergeten, omdat je stomdronken was.

Ik zal Jacobi zeggen niet meer te komen.

Filip zegt dat we problemen kunnen krijgen.

Filip beslist niet welke vrienden wij kiezen.

Als jij niet zo kruiperig was...

En jij dan? -Ik ben niet kruiperig.

Mooi wel. Je kwispelt om hem heen.

Zeg dat nog eens en ik sla je.

Je kwispelt. Je kwispelt.

Als er vrede komt, gaan we uit elkaar.

Heerlijk om bij jou en je kinderloosheid weg te zijn.

Niet alleen jouw leven is verknald. Er zijn nog meer mensen dan jij.

Haal die grijns van je gezicht. Je bent niet zo belangrijk als je denkt.

Vergeef me.

Je zegt dat het je spijt, maar dat meen je toch niet.

Het zijn loze woorden.

Kunnen we vrienden zijn?

Wat voor dag is het? -Weet ik niet.

Zaterdag. Nee, gisteren was het zaterdag.

Het moet zondag zijn.

Hoe laat is het?

Het is vast die verdomde Jacobi.

Stoor ik? -Nee, hoor. Helemaal niet.

Ik maakte een ommet jeop weg naar huis en wilde even langskomen, of stoor ik soms?

Nee, we luisterden naar de radio.

Ik wil niet in die natte schoenen lopen. Kan ik een paar van Jan lenen?

Zet ze maar bij de haard. Ze zijn doornat.

Jan Rosenberg, waar ben je?

Ik heb een cadeautje mee. Een mooie voor jou.

Dvoraks trio in E flat major. Een eerste editie.

Van een oom ge�rfd. Alsjeblieft.

Dank je wel. -Misschien kunnen we het eens spelen.

Fantastisch. -Hier is een cadeautje voor jou, Eva.

Hopelijk past ie. Het is een familiestuk.

Je moet ons niet zoveel geven. -Ach, Eva.

Eva, praat tegen me.

Eva, lieverd. Zeg iets.

Wie was dat? -Een kennis die ons vaker vis geeft.

Zo nu en dan. -Hij is gewoon een vriend.

Hij wilde wat kerosine. Je hebt ons een heel vat gegeven.

Nog bedankt, overigens.

Die mannen zitten vol idealisme. -Jij dan niet?

Eva vindt me vanavond niet leuk.

Ze geeft me geen kus vanwege jou.

Zou je dat goedvinden? -Dat moet je haar vragen.

Geef je me een kus?

Je bent zo aardig.

Je maakt het ons niet makkelijk door hier zo vaak te komen.

Ik begrijp het.

Je wilt me hier niet hebben.

Je begrijpt haar niet goed. Ze zegt alleen...

Het is jammer. Ik mag jullie echt.

Ik had jullie naar een werkkamp kunnen sturen.

Jan Rosenberg, maakt dat je angstig? -Nee.

Ben je een artiest of een sukkel? -Ongetwijfeld een sukkel of een artiest.

De heilige vrijheid van de kunst.

De heilige slapheid van de kunst.

Ik moet pissen.

Was ik nu maar nuchter. Ik heb te veel gedronken.

We moeten hem zien kwijt te raken. -Ja, ja.

Het is vervelend voor Filip.

Wist je dat het bos wemelde van de mensen?

Ik vraag me af wat ze me zullen doen.

Dat beangstigt me soms.

Ze hebben geen reden om me te martelen. Ik ken geen geheimen.

Misschien willen ze me pijn doen.

Wees niet bang. Ik maak een grapje.

In dit gedeelte heerst vrede.

Eva, raak me aan.

Raak m'n hoofd aan.

Voel je mij? Raak m'n ogen aan.

Hier, hou je hand daar.

Ken je mij? -Nee.

En jij? Ken jij mij?

Natuurlijk ken ik je. Ik begrijp niet... -Vreemd...

Ik heb maar enkele keren gevoelens gehad voor mensen.

Het was elke keer pijnlijk. Voor jullie ook?

Nee, voor ons niet. -Ik klets maar wat.

Het is onuitlegbaar.

Je kunt niets zeggen, je niet verstoppen.

Geen excuses, geen smoesjes.

Een groot schuldgevoel, een grote pijn.

Een grote angst.

Het is steenkoud. -Ik denk dat je nu moet gaan.

Ik voel de weersomslag in m'n slechte been.

Eva, kom eens hier. Kom eens.

Ik wil je dit geven. 23.000, m'n spaargeld. -Ik wil je geld niet.

Doe niet zo raar. We zeggen dat je het hebt ge�rfd.

Lieve Eva, kan ik met je praten?

Eergisteren was ik bij m'n zoon.

Hij is momenteel met verlof. Hij heeft een zoontje van 19 maanden.

Hij ging net naar bed. Z'n vader gaf hem nog een fles.

Hij zat daar lekker veilig weggestopt tegen het lichaam van z'n vader.

Hij viel daarna meteen in slaap.

Mag ik je nog iets vertellen?

M'n moeder is enkele jaren geleden gestorven.

Ze was oud en had een zwak hart.

Op een zondagochtend werd ik gebeld dat ze ernstig ziek was. Ik ging erheen.

De dokter kwam naar me toe toen ik binnenkwam en ik vroeg:

Mag ik haar zien?

Hij zei: Uw moeder heeft ons verlaten.

Ik zat een uur naast haar en keek naar haar.

Ze had een pleister om haar vinger.

Soms dacht ik dat ze ademde.

Het is vreemd wat je je soms herinnert.

Weet je waarom ik deze baan aannam? -Nee.

Ik kon kiezen.

Ik was bang voor het front.

Heb je er spijt van? -Nee.

Ik heb Jan nooit eerder bedrogen.

Het beangstigt me soms als ik eraan denk. Daarom denk ik er nooit aan.

Nee, niet hier. Kom.

Hij slaapt.

Ik haal je stok.

Huil maar als je denkt dat het helpt.

Hoe zit het met dat geld?

Er staan mensen buiten.

We gaan binnen praten.

Kom even binnen.

We hebben even gepraat.

Filip zegt dat ik me kan vrijkopen.

De organisatie heeft geld nodig.

Dus, lieve Eva, leen me het geld dat ik je heb gegeven.

Jan heeft het geld. -Welk geld?

Heb je het niet gepakt? -Over welk geld heb je het?

Zeg je man dat ie het geld moet geven.

Jan, als je het geld hebt verstopt, moet je het nu afgeven.

Het is niet van jou. -Waar heb je het over?

We zoeken wel even.

Waar is het geld? -Ik weet niet over welk geld je het hebt.

Lafaard.

Waar heb je het geld verstopt? -Ik heb het niet verstopt.

Waar is het dan?

Waarom heb je ze het geld niet gegeven? -Ze hadden hem toch neergeschoten.

Dat is niet waar.

Hou op.

Niet schieten. We zijn ongewapend. Rustig maar.

Heb je honger? We kunnen je te eten geven.

Wacht.

Ben je gedeserteerd?

Heb je je hand bezeerd? -Een hond beet me.

Mag ik 'm zien?

Ga zitten, dan verzorg ik 'm.

Hier is iets te eten.

Hier.

Heb je geen honger? -Nee.

Hoe heet je? -Johan.

Zit je hier al lang verborgen? -Een paar weken.

Heb je verband? -ln m'n zak.

Ik pak het.

Is het nog ver naar Hammars?

Wat wil je daar? -Gaat je niets aan.

Ben je moe? Wil je slapen? -Nee.

Waarom ben je niet weggegaan?

We waren met meerderen, maar ik weet niet waar die anderen zijn.

Hier, drink iets.

Ik heb dagenlang niet geslapen.

Wat ga je in Hammars doen?

Laat hem met rust. Laat hem slapen. Laat hem.

Laat me met rust. -Sta op.

Vooruit. -Laat me gaan.

Sta op.

Ga je me neerschieten? Je mag m'n laarzen hebben.

Wat heb je met hem gedaan?

Er vertrekt morgen een vissersboot uit Hammars.

Een vriend had het hem verteld en ervoor betaald.

Hij werd die dag neergeschoten.

Wat heb je met hem gedaan? -Die laarzen zijn prima.

Die van mij waren versleten.

Wat heb je met hem gedaan?

Ik ga niet met je mee. -Dat maakt het makkelijker.

Misschien moeten we eten meenemen.

Hoe zal het zijn als we nooit meer met elkaar praten?

De boot is er.

Heb je plek voor mij en Eva? -Dat kost geld.

Is dat genoeg?

Ik had een droom.

Ik liep in een prachtige straat.

Aan ��n kant stonden witte gebouwen met hoge arcades en pilaren.

Aan de andere kant was een schaduwrijk park.

Onder de bomen die langs de straat groeiden lag een donkere stroom.

Daarna kwam ik bij een hoge muur overgroeid met rozen.

Een vliegtuig zette de rozen in vlam.

Het was niet zo erg, omdat het prachtig was.

Ik keek in het water en zag de rozen branden.

Er zat een kindje op m'n schoot. Het was onze dochter.

Ze hield me stevig vast.

Ik voelde hoe haar lippen m'n wang aanraakten.

De hele tijd wist ik dat ik me iets moest herinneren.

lets wat iemand had gezegd...

maar wat ik was vergeten.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.