Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Arabic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Catalan
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
Dutch
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
French
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Hungarian
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Portuguese (Portugal)
Punjabi
Quechua
Romanian
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkish
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
Het komt goed.
Fuck, man.
Allee.
What the fuck, man.
Hello world.
Dat is waanzin.
Timber.
The real shit.
De wind is echt...
Hemelsluis, open u.
Het is fucking koud.
Alleen zijn is eenzaam.
Er komt geen cameraploeg aan te pas. We zijn werkelijk alleen.
Alleen met jezelf in een ver, diep, koud bos.
We moeten het stellen met basisgereedschap.
Dit is echt zo veel zwaarder dan ik dacht.
Ik heb een vis. -Eten wat de natuur je geeft.
Ik heb een vis gevangen.
We gaan er niet dik van worden.
Muizensoep. Wat doe ik hier toch allemaal?
Allee, jongen. Mijn eerste eten is er al uit.
Dat is gewoon zo'n confrontatie met jezelf.
Doeme. Fuck.
Verdomme.
Ik had niet gedacht dat ik het daar zo moeilijk mee zou hebben.
Dodelijk. Het is echt dodelijk.
Waar zijn we aan begonnen?
Is het dat waard?
We gaan het een beetje verderop zoeken.
Ik heb beet.
Wat is er voor ontbijt?
Een baars.
Zie je hem?
Dat was vrij rap.
Het ontbijt is klaar.
Nu nog eentje.
Weer beet.
Nummer twee.
En weer beet.
Dit is wel de manier om baarzen te vangen precies.
En jawel, nog een baarsje.
Vier baarzen.
Hier ga ik het voorlopig bij houden
en beginnen aan mijn shelter.
Je hebt goed gegeten, vriendje.
Als kind vond ik dat wel leuk. Ik kan me de les nog herinneren
van de dissectie van een kikker.
Jacques, de biologieleraar...
Hij heeft me dat bijgebracht.
Met de ingewanden hoop ik morgen te kunnen vissen.
Dan gaan we deze bij de andere ingewanden doen.
Ik ga er een steen op leggen, zodat er geen beest mee gaat lopen vannacht.
Ik ben altijd wel een buitenkind geweest.
Ik was als kleine pagadder, denk ik, altijd zwart.
Ze moesten me echt in de week zetten in het bad.
In tegenstelling tot mijn zus, die echt een binnenkindje was.
Mama zakdoekjes helpen strijken en zo.
Dat was voor mij allemaal veel te fijn werk.
Laat mij maar het ruwere buitenwerk doen.
Wel, vriendje...
We gaan je hier in de wind hangen.
Voilà, dan kan je naar de blauwe besjes kijken.
Ook niet slecht, hè?
Ik had de darmen,
dingen, vinnen, sommige graten apart gehouden.
Ik weet dat je ermee kan vissen, maar ik heb er een ander plan mee.
Kom maar mee.
Want, wat ben ik tegengekomen.
Een vossendrol.
Ik zie overduidelijk dat er hier een vos voorbijkomt.
Dat er verschillende paadjes zijn die hij neemt, of zij.
Dus ik dacht: ik ga mijn waar aan de vos geven.
Hier is er een strandje
en een smal paadje.
Dus ik denk dat de vos hier sowieso wel passeert.
Dus ik dacht het hier ergens te leggen.
Maar ik wil graag zijn pootafdrukjes zien.
Dus ik heb hier wat fijner zandblubber.
We zijn totaal andere wezens, maar toch hebben we een connectie.
En ik vind het ook zo cool dat het tussen mens en wild dier is.
Zo.
En nu het lekkere bordje voor vos. Dat zetten we hier.
Dan gaan we zien of hij ervoor komt.
Wat zou ik vandaag in België...
kunnen doen?
Werken.
Goed eten.
Gaan wandelen met mijn hond.
Sport. Fietsen.
Naar het bos.
Contact met mensen.
Lachen.
Zeveren.
TV-kijken.
En dan gewoon in een lekker warm bed kruipen.
Een goed, zacht bed.
Ik zie echt veel vissen naar boven springen.
Het is goed dat ik mijn visnet uitzet.
Dan kunnen ze eroverheen springen.
Oké.
We gaan ons klaarmaken.
Ik heb mijn systeem waardoor ik niet elke keer
het water opnieuw in moet gaan,
maar dat ik vanaf het land aan een touw trek
en mijn net binnenhaal of terug in het water doe.
Ja ja, blijf maar staan, jongen.
Zoals ze een vlaggensysteem gebruiken om een vlag omhoog te brengen.
Dit voelt stevig genoeg.
Het is gelukt.
Maar dat wil wel zeggen dat ik één keer met een heel zware steen
zo diep mogelijk het water in moet gaan.
Oké, mijn net ophangen.
Fuck.
Verdomme.
Amai, dat zag ik niet aankomen.
Zo. Ik heb geen zin om het water in te gaan.
Dat is omdat ik moe ben.
Ik denk dat het ook geen slimme combinatie is.
Dus ik ga zien of ik even kan rusten.
Oké, na veel...
ijsberen en nadenken
en malen in mijn hoofd
heb ik een nieuwe kampplaats gevonden.
Mijn idee is...
om hier mijn shelter te bouwen,
met mijn haard tegen een steen.
Dat is al één wand
die ik niet ga moeten dichten.
Die steen gaat die warmte goed bijhouden.
Lenz de bouwer. Kan ik het maken?
Lenz de bouwer.
Ik hoop van wel.
Dat is toch werken, met zo'n houtboor.
Als je YouTubefilmpjes kijkt, gaat dat keigemakkelijk.
Het kan ook aan mij liggen, dat ik minder kracht heb.
Maar ik trek mijn plan.
Je kan dat als een tapijt openrollen.
Dat weegt een ton, jong.
Dat is al een begin.
Hoeveel keer zou een mens daaraan moeten draaien
om dat naar boven te krijgen?
Ik hoor de vogels tot hier.
Ik denk dat ze de vis gespot hebben.
Potverdekke, ze hebben gewoon mijn vis eraf gehaald.
Die vogel heeft die gewoon meegenomen.
Smeerlap, echt waar. Verdomme.
Dat is wel mijn eten.
Hela, potverdekke.
Mottige vogels, echt waar.
Mannen, daar heb ik veel te hard voor gewerkt.
Dat gaan we je niet gunnen.
Met de woorden van Ace Ventura:
Like a glove.
Ik ben best goed met hout.
Ik kan echt wel dingen bouwen die je niet meer uit elkaar krijgt.
Ik heb wel een heel technische tekening in mijn hoofd van: zo wordt het.
Perfectie, baby. Dat is niet normaal.
Ik begin er echt goed in te worden.
Zo niet, Blacky.
Fucking hell.
Weer gelost zeker? Ja.
Ga omhoog, verdomme.
Ja, kom. Genoeg.
Echt. Hop.
Godvermiljaar.
Echt.
Mijn voorraad is niet groot genoeg, jong.
Ik denk dat ik straks toch meer hout moet verzamelen.
Er kruipt wel veel hout in zo'n shelter.
Al die moeite. Is dit het waard?
Hoelang blijf ik? Dat weet ik niet.
Moet ik niet meer bezig zijn met eten?
Misschien.
Zal mijn lichaam dat aangeven?
Ik hoop het.
Allemaal vragen.
Ja, ik heb ook heel vaak de gedachte in mijn hoofd:
wat doe ik hier eigenlijk of waarom ben ik hier?
Zou ik niet naar huis gaan?
Maar ik weet, als ik nu vertrek, heb ik niet echt iets gehad aan mijn tijd hier.
Dan vraag ik me af... Dan blijf je
en wat wil je hier dan uithalen?
Ja... Niet zo sober zijn in mijn leven.
Misschien leef ik soms wat sober.
Ronald zegt dat en dat is misschien wel waar.
Het mag uitbundiger.
Uitbundiger. Ik wil graag uitbundiger leven.
Ik weet niet of ik dat hier ga vinden
tussen de wind en de dennenbomen en de besjes.
Dus dingen om over na te denken.
Ik ben iemand, ik probeer me altijd op te rapen, altijd.
Ik wou dit echt proberen.
Ik vind dit ook echt leuk, heel de bushcraft.
Maar zelf eten vangen en het zelf doden,
ik vind dat echt niet leuk.
Het wordt me constant wat zwart voor de ogen.
Nu ben ik natuurlijk minder aan het eten en emotioneler.
Het zijn niet veel calorieën, maar het zijn calorieën.
En aangezien...
dat visje voor mij mentaal...
Ik vrees er een beetje voor dat ik niet meer ga vissen.
Besjes.
Allee, ik hoop op een vis vandaag.
Want ik heb het toch wel zwaar.
Allee, visje, visje, visje.
Visje, visje, visje.
Geduld blijft de sleutel.
Ik ben zo slap. Ik moet een warme maaltijd hebben.
Ik moet gewoon eten.
Het is best spannend, maar...
we gaan het doen. Alles is klaar, ik ben klaar.
Bij netvissen is het vooral belangrijk dat je vist in het diepe water.
Dus moet ik het water in gaan en hoe verder, hoe beter.
Maar koude heeft een serieuze impact op mijn lijf
en ik heb eigenlijk wel schrik voor onderkoeling.
Maar het moet gewoon een keer gebeuren.
Oké.
Patat.
Ben je klaar?
Fuck.
Dat is echt koud.
Just go.
Komaan, Manu.
Ik heb het koud.
Die steen weegt heel veel.
En ineens is het water dieper dan ik groot ben.
Damn. Dat was eng en cool.
Zo. Die bol daar, daar is het einde van mijn net.
Dit is het begin. Maar hier is het allemaal diep water.
Dus hier zit er al vis. Hier vang ik mijn kleine visjes soms.
Dus dat is passief vissen.
Ik ben een blij kindje.
Ik heb een vis.
Geduld hebben in het leven...
dat is de sleutel.
Amai, ik ben blij.
Ik ga goed eten.
Ik ga goed eten. Jawadde.
Blij dat ik een vis heb, maar het moeilijkste komt nu.
Oh my God.
Een rotgevoel heb ik.
Mijn maag blokt dat af zelfs.
Ik ga hem niet opeten
uit schuldgevoel.
Ik dacht toch dat het gemakkelijk ging zijn. Dag twee.
Fuck man, dag twee en al zo denken.
Dat is het moeilijkste.
Eigenlijk vind ik dit nog het plezantste,
dat bouwen, dat sjorren, met hout bezig zijn.
Het zal jullie misschien verbazen,
maar ik ben geen scout.
Mijn pa was een scout,
van de welpen tot hij te oud was om nog geapprecieerd te worden
op de scoutsfuiven.
Ik vond de welpjes maar niks en na twee weken ben ik daar gestopt.
Ik denk dat mijn pa wel trots zou zijn, mocht hij me nu bezig zien.
Helaas kan ik het hem niet tonen of vertellen,
want hij is twaalf jaar geleden overleden aan kanker.
Dat heeft me er eigenlijk toe aangezet
om te leven alsof je maar één keer leeft.
Yolo. You only live once, zoiets.
Mijn vader was mijn kameraad.
Ja.
Ik kan me nog herinneren dat ik als klein manneke niet graag ging wandelen.
Ik ben moe en dit en dat.
Maar hij nam me altijd consequent mee op wandelingen
en hij had altijd een verrekijker rond zijn schouders
en een schoudertas met daarin een natuurgids.
Hij was een heel aanwezige vader.
Hij zou een fantastische, aanwezige grootvader geweest zijn.
Jammer genoeg is het niet zo uitgedraaid.
Hij heeft mijn kinderen nooit gekend. Dat vind ik heel jammer.
Heel deze onderneming zou hem ongelooflijk fier hebben gemaakt:
mijn zoon komt op televisie met een groot avontuur.
Dat zou hem wel hebben aangesproken.
Zoiets.
Daar kan ik mee leven.
De bedoeling is zo snel mogelijk in mijn nieuwe huis te kunnen wonen.
Zo'n kast van een hut bouwen, het vergt wel wat energie.
Toch blijf ik daar soms bij stilstaan.
Nooit gedacht dat ik, een kind uit instellingen,
altijd opgegroeid met plaatsende instanties,
hier nu zou zijn voor dit survivalding.
Echt.
Ik was vijf maanden oud bij mijn eerste plaatsing.
Heel mijn jeugd ben ik behandeld geweest dat ik de slechterik was
omdat ik in instellingen zat.
Ik heb door heel diepe waters moeten zwemmen...
gewoon al om in leven te blijven.
Ik heb heel zwarte sneeuw gezien.
Ik kreeg altijd de stempel: die van de instelling.
Maar weet je, uiteindelijk heeft het me hard gemaakt.
Er is niemand die het voor jou gaat doen.
Allee ja, in mijn geval toch.
Nu ben ik hier, in the middle of freaking nowhere
een hut aan het bouwen.
Allee, hoe absurd is de wereld soms?
Kijk hoe die zon op dat water schijnt.
God.
Alleen al voor dit uitzicht was mijn wandeling de moeite waard.
Je zou denken: dat is niet heel anders dan waar jij zit.
Maar het is echt wel heel anders.
Veel, veel meer water.
Prachtig.
Het is echt een schilderij op het water gewoon.
Dat is prachtig. Allee.
Op zo'n moment wil ik gewoon genieten van die schoonheid.
En dat Awi naast me zit en meekijkt over het water
en dat hij me vastpakt.
Eens piepen.
Oei oei oei.
Jawadde.
Wauw.
Ik ga niet elke zondag naar de kerk,
maar het belangrijkste vind ik dat ik toch wel bid, zeg maar.
Dat heb ik zeker nodig.
Smakelijk. Smakelijk.
Een gebed, dat is je gevoel.
Dat voelt goed.
Eens iets warms.
Amai.
Kijk, vos is langs geweest.
Ja, cool.
Er liggen nog een paar graatjes.
Omdat vos heel lichtvoetig is,
is het moeilijk om sporen te zien.
Hier misschien, hier zijn nageltjes.
En hier zie ik heel licht een afdrukje.
Dat is wel frappant,
want daar tussen de bomen
ben ik bezig aan mijn shelter en is mijn kampje.
Dat is eigenlijk echt niet ver.
Ik was druk bezig en intussen is vos hier gepasseerd.
Dus ik heb vos niet gezien, maar hij heeft mij vast en zeker wel gezien.
Het was het wel waard, vind ik.
Dat maakt nog eens duidelijk dat ik hier niet alleen ben.
Nee.
Ik ga alleen nog
mijn pan gaan wassen.
Want als ik het zo laat, doe ik geen oog toe.
Want beren kunnen zo goed ruiken.
En dan komen ze af. No way.
Zo mooi.
Ook gewoon zo intens hoe die wolken en de bomen aan de overkant
en alles wordt weerkaatst op het water.
Crazy.
Vandaag...
was een goede dag.
Zeker omdat ik gisteren ervan overtuigd was dat ik weg wou,
ben ik blij met vandaag.
Ik ben wel echt heel dankbaar.
Ik ben heel blij om hier te zijn.
Dat doet me echt goed.
Hello world.
Voilà.
Het deed goed om even te roepen.
Het voordeel van een kutjeugd gehad te hebben
is dat ik vroeger geen hol geld had.
Met als gevolg dat ik het echt wel gewoon ben om een dag of twee niet te eten.
Dit is de eerste keer in mijn leven dat mijn jeugd me iets opbrengt.
Ik weet wat honger hebben is.
En erdoorheen ploeteren.
Dat is nu een voordeel van een rotjeugd gehad te hebben,
maar sommige dingen hebben me wel getekend.
Toen ik twaalf was...
zat ik in de kinderpsychiatrie
ergens in Limburg.
Mijn vader was op maandag gestorven en op woensdag vertelden ze het me pas.
Dat noemt zich dan psychiatrie.
Geen wonder dat ik niet hoog oploop met psychiaters.
Meestal word je daarin gestoken omdat de situatie thuis nog erger was.
Dat is...
Mijn pleegvader heeft dat ooit gezegd en die zin onthoud ik heel goed:
Dat is de beste oplossing in het slechtste geval.
Ik was heel content dat ik naar een pleeggezin mocht.
Ik ben nog altijd content dat ik dat heb gehad,
anders had ik niet de familiewaarden gehad die ik nu heb.
Maar ja...
Het was moeilijk.
Niet alleen voor mij. Ik denk dat het voor mijn pleegouders ook niet simpel was.
Want een kind met een verleden is een kind met een verleden.
Ik denk dat dat ook een beetje de wrijving is geweest tussen hen en mij.
Af en toe vond ik dat ik gelijk had, terwijl ik dat niet had.
Dat geef ik grif toe. Maar dat zie je pas in als je zelf kinderen hebt,
als je zelf hen begint te zien groeien
en als je jezelf mee voelt groeien.
Niet slecht.
Al zeg ik het zelf.
Ik heb gewoon mijn visnet uitgezet,
maar ook fucking uit de knoop gehaald en goed uitgezet.
Ik ben echt fier op mezelf. Wauw.
Dat is wel grappig eigenlijk.
Normaal zeg ik dat nooit, dat ik fier ben op mezelf.
Zalig.
Zo zou het moeten lukken.
Jawadde.
Ik weet niet of je het kunt zien, maar dat is een hangmat.
Ik denk dat het zelfs zachter ligt dan mijn bed thuis.
Nu de rest halen.
Deze handen zijn moe.
Ik heb al veel te veel gedaan.
Ik heb de indruk dat de bomen meer en meer geel aan het kleuren zijn,
dat de herfst meer en meer aan het komen is.
Als je dat zo ziet, zie je echt wel het gelige eruit komen.
Daar zijn ze.
Ik heb echt heerlijk gedroomd.
Het was echt leuk.
In het dorpje waar ik woon is er een heel goede slagerij.
Alles was eigenlijk al op, dus ik dacht: o nee.
Ik vroeg: Heb je nog bereid gehakt? Heb je nog droge worsten?
Ze gingen achteraan zoeken.
Ineens komt er keiveel man van achteraan,
allemaal met plateaus met keiveel lekkers erop.
Ze legden dat overal en zeiden: Dat is voor jullie.
Hoppa.
Hello world.
Ik ben het, Tinne.
Het is donderdag, dus dat betekent booty-dag.
Donderdag gaan mijn klanten naar de booty-les.
Dus dan ga ik ook een beetje booty-oefeningen doen.
Wilderniswork-out met Tinne.
Ik geloof heel hard, als je fysiek sterker bent,
dat het uiteindelijk teweegbrengt dat je mentaal sterker wordt.
Vijf.
En zes.
Het alleen-zijn is niet gemakkelijk.
Allee...
Ik probeer positief te denken...
maar dat lukt niet.
Mijn geluk...
en positiviteit...
dat is in België.
Bij mijn vriendin
en bij mijn familie.
Maar ik wil doorgaan.
Sowieso doorgaan, even doorbijten.
Komt goed.
Fuck, man.
Allee...
What the fuck, man.
Vijf.
Dat het leuk is.
Maar wel vermoeiend.
Drie.
Te bedenken dat ik dit normaal met zware gewichten doe.
Goed gelachen nu. Dat gaat nu niet.
Amai, alles kost echt...
Alles kost echt aanzienlijk meer moeite.
Ik voel me zo'n aansteller.
Nee, ik ben nog positief.
Gewoon een beetje moe.
Ik ben niet moe. Ik heb energie en mijn buikje zit vol.
Het zeggen tot ik het geloof.
Het gaat nog even duren voor ik dat geloof.
Ik vraag me af wat de rest aan het doen is.
Dag vijf.
Hoe zij zich voelen.
Of ze ook al een mental breakdown hebben gehad zoals ik.
Ik bel om te melden dat ik naar huis wil gaan.
Die vijf dagen heb ik afgezien.
Ik ben echt gewoon...
triestig aan het worden.
En...
Dat vreet mijn energie. Ik denk constant: blijf positief.
Maar het is heel moeilijk om positief te blijven
als ik alleen ben en niks heb.
Oh my God.
Sorry dat ik niet langer ben gebleven, maar ik kon het niet aan.
Fuck, man.
Shit.
My God.
Het is gedaan.
Ik ga naar huis.
Dat is echt een gevoel van...
los.
Voor mij was vijf dagen alleen zijn extreem.
De laatste dagen was ik toch wel redelijk slap.
Ik was niet meer mezelf.
Het is een zware rugzak die van mij af gaat.
Ik heb keiveel geleerd, superveel geleerd.
Ik hoef me niet te bewijzen. Ik ben wie ik ben.
Geen woorden.
Ik voel me echt niet oké. Ik ben...
uitgedroogd. Mijn handen staan vol rimpels.
Als het over een paar uur niet beter is,
zal het, denk ik, mijn laatste zijn hier.
Je voelt je niet goed? -Helemaal niet.
Doet dat pijn? -Ja.
Ik maak me een beetje zorgen over je algemene gezondheid.
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.