All language subtitles for Quo vadis (1985) - 6

af Afrikaans
ak Akan
sq Albanian
am Amharic
ar Arabic
hy Armenian
az Azerbaijani
eu Basque
be Belarusian
bem Bemba
bn Bengali
bh Bihari
bs Bosnian
br Breton
bg Bulgarian
km Cambodian
ca Catalan
ceb Cebuano
chr Cherokee
ny Chichewa
zh-CN Chinese (Simplified)
zh-TW Chinese (Traditional)
co Corsican
hr Croatian
cs Czech
da Danish
nl Dutch
en English Download
eo Esperanto
et Estonian
ee Ewe
fo Faroese
tl Filipino
fi Finnish
fr French
fy Frisian
gaa Ga
gl Galician
ka Georgian
de German
el Greek
gn Guarani
gu Gujarati
ht Haitian Creole
ha Hausa
haw Hawaiian
iw Hebrew
hi Hindi
hmn Hmong
hu Hungarian
is Icelandic
ig Igbo
id Indonesian
ia Interlingua
ga Irish
it Italian
ja Japanese
jw Javanese
kn Kannada
kk Kazakh
rw Kinyarwanda
rn Kirundi
kg Kongo
ko Korean
kri Krio (Sierra Leone)
ku Kurdish
ckb Kurdish (Soranî)
ky Kyrgyz
lo Laothian
la Latin
lv Latvian
ln Lingala
lt Lithuanian
loz Lozi
lg Luganda
ach Luo
lb Luxembourgish
mk Macedonian
mg Malagasy
ms Malay
ml Malayalam
mt Maltese
mi Maori
mr Marathi
mfe Mauritian Creole
mo Moldavian
mn Mongolian
my Myanmar (Burmese)
sr-ME Montenegrin
ne Nepali
pcm Nigerian Pidgin
nso Northern Sotho
no Norwegian
nn Norwegian (Nynorsk)
oc Occitan
or Oriya
om Oromo
ps Pashto
fa Persian
pl Polish
pt-BR Portuguese (Brazil)
pt Portuguese (Portugal)
pa Punjabi
qu Quechua
ro Romanian
rm Romansh
nyn Runyakitara
ru Russian
sm Samoan
gd Scots Gaelic
sr Serbian
sh Serbo-Croatian Download
st Sesotho
tn Setswana
crs Seychellois Creole
sn Shona
sd Sindhi
si Sinhalese
sk Slovak
sl Slovenian
so Somali
es Spanish Download
es-419 Spanish (Latin American)
su Sundanese
sw Swahili
sv Swedish
tg Tajik
ta Tamil
tt Tatar
te Telugu
th Thai
ti Tigrinya
to Tonga
lua Tshiluba
tum Tumbuka
tr Turkish
tk Turkmen
tw Twi
ug Uighur
uk Ukrainian
ur Urdu
uz Uzbek
vi Vietnamese
cy Welsh
wo Wolof
xh Xhosa
yi Yiddish
yo Yoruba
zu Zulu

Original subtitles

Rufius m'n zoon, zeg iets tegen uw moeder.

Bij de nacht, de duisternis en het vergoten bloed.

Zeg iets, Rufius mijn zoon.

Bij de nacht, de duisternis en het vergoten bloed.

Wie roept me?

Wie roept me daar?

Wie wil me spreken?

Waar bent u?

Bent u dat, Rufius?

Moeder...

Wat is er?

Ik spreek tegen u, maar u luistert niet naar me.

Ik zie u, maar u kunt mij niet zien.

Rufius mijn zoon, waar bent u?

Dat kan ik u niet zeggen. Nee, dat gaat niet.

Het is vreemd dat Poppaea...

dezelfde blik in haar ogen heeft als m'n moeder.

Er schuilde een angstwekkende kracht in de ogen van m'n moeder.

Alsof haar blik de macht had over mijn leven en mijn dood.

Over uw leven, Caesar.

U zegt het bijna alsof het u ontstemt.

Integendeel, ik heb u altijd willen helpen.

Dat is niet waar. U wilt regeren via mij.

Iedereen gebruikt me. Niemand verlangt naar me om wie ik ben.

Bent u niet iemand die geen liefde verdraagt?

Dat zou goed kunnen.

U bent de enige die me kent.

Ik ken een andere Nero dan vanavond.

Bedelen om applaus is een keizer onwaardig.

Als acteur heb ik gefaald.

Dat heb ik niet gezegd.

De dood is alleen geen schouwspel.

De goden waren niet tevreden...

met m'n offer.

Het is onwaardig om onschuldigen te doden, zoals die christenen.

Ik verdedigde mezelf. Dat is m'n goed recht.

De christenen zeggen dat hun god hen zal verlossen.

En dat hij mij in de hel zal storten.

Doet hun god dat? -Ik zal hem hier opwachten.

Is het slim om een god uit te dagen?

Pas maar op.

Vooral als u niet in die god gelooft.

Elf.

Rijden maar.

Dat zijn die twee mannen.

We smokkelen Lygia naar buiten tussen de lijken. Ze vragen 't dubbele.

Dat geeft niet.

Het gebeurt morgenavond, als het donker is.

Waar wacht ik ze op?

Buiten bij de muur. U klimt op de wagen zonder iets te zeggen.

Weten ze alles? -Genoeg.

Is het echt nodig dat Lygia tussen die lijken moet liggen?

Dat is de enige manier.

Ik moet met haar praten, om haar erop voor te bereiden.

Dat is zinloos. Ik vertel het haar als het zover is.

Dan heeft ze geen tijd om na te denken. Houdt moed, Marcus.

Doof de toortsen. Ik wil hier geen licht.

Wellicht zien we elkaar niet meer.

Als alles goed gaat, komt Lygia weldra vrij.

We hebben een schuilplaats nodig in Rome.

Een man wil ons helpen.

Ik kan het m'n vrienden niet vragen.

Ik wil niemand in gevaar brengen.

Neem dit geld. U zult het nodig hebben.

Het is te veel. Zoveel heb ik niet nodig.

Toe, ik wil het idee hebben dat ik al het mogelijke heb gedaan.

Op last van Tigellinus.

Doorboor hun hart, dan zijn ze zeker dood.

En Lygia? -Die weet hier niets van.

Ga nu. Ze wacht op u.

Ik wachtte inderdaad op u, maar ik wil niet dat u me zo ziet.

Kom niet dichterbij.

Ze hebben al m'n haar erafgeknipt, tegen m'n wil.

Zonder enige reden.

Ik heb gevraagd waarom, maar dat wilden ze niet zeggen.

Het is vanwege de koorts, om besmetting te voorkomen.

Ze bereiden ons voor.

Je bent niet veranderd.

Niet zo erg als je denkt.

Kijk me niet aan.

Daar ligt een brief. Die hebben ze vandaag bezorgd.

Hij is van Tigellinus.

Er staat in: Uw vrijheid hangt volledig af van Marcus Vinicius.

Ik begrijp het niet. Wat wil dat zeggen?

Waarom heeft Tigellinus me dit geschreven?

Waarom hangt mijn vrijheid van jou af?

We mogen elkaar een poosje niet zien.

En als jij vrijkomt, ben ik wellicht nog niet terug.

Ik zal altijd op je blijven wachten.

Ik zal altijd op je wachten.

Wat jij zult zijn, Marcus, dat zal ik ook worden.

Wat u zult zijn, Lygia, dat zal ik ook zijn.

Volgens de wet bent u m'n vrouw. -En u m'n man.

Ik neem u, Lygia, tot mijn echtgenote...

in naam van de Heer Jezus Christus.

Er is een complot tegen Nero. Alleen z'n dood kan de christenen redden.

U kent de samenzweerders. Ik wil ze ontmoeten.

Zulke mensen ken ik niet. -Ik wil me bij hen voegen.

En ik verafschuw helden.

Waarom hangt het leven van Lygia geheel van u af? Dat begrijp ik niet.

Hij wil dat ik u aangeef als vijand van Caesar.

O, vandaar.

Nu begrijp ik het.

Dat had u moeten accepteren.

Wat lette u?

U bent m'n enige vriend.

Ik wilde u mededelen dat ik weldra naar Griekenland vertrek.

Dit moest 'n schouwspel worden.

Aangezien u noch het gepeupel me waardeert, heb ik het afgeblazen.

Griekenland wacht mij. Ik zal zingen in theaters en voordragen op pleinen.

Mimicrus en Ostorius zullen me vergezellen.

Geen standbeelden, alleen m'n juwelen...

welriekende oliën en balsem voor m'n keel.

Rome verdient mij niet.

En de goden zwijgen, terwijl vrienden te veel praten.

Nero is het zat ieders dienaar te zijn.

Hij ontsnapt aan z'n lot als keizer...

en jaagt z'n artistieke droom na.

O ja, Phaon. Wat betreft de giften.

Gezien de uitzonderlijke uitgaven uit de schatkist...

wil ik een extra gift van 1 00.000 sestertiën van de senatoren...

en 75.000 als bijdrage van de ridders...

om m'n reis naar Griekenland te betalen.

Ik hoop dat u me wilt troosten gedurende zijn afwezigheid...

en met mij het avondmaal te gebruiken.

Keizer Nero zal Rome morgen bij dageraad verlaten.

Hij komt door Antium, de stad waar hij is geboren.

Nadat de burgerij hem hulde heeft gebracht...

gaat hij aan boord van een schip van de edele vrouwe Fabricia Vatinia.

Dat zal hij als ervaren zeeman...

over de woelige baren naar Griekenland varen.

Er zullen vele verzen worden gezongen. Nieuwe composities.

Over enkele ogenblikken...

wijs ik degene aan die me vervangt tijdens m'n afwezigheid.

Caesar. Laat ons niet alleen, Caesar.

Neem ons geld, onze landgoederen, zonodig onze vrouwen.

Maar laat ons niet alleen achter.

Alleen, als gevangenen van de verveling, als verschoppelingen.

Verstoken van uw genie. Ga niet weg.

Verrader.

Laat me los.

Moordenaars.

Ik, Claudius Domitius Ahenobarbus Nero...

keizer, pontifex maximus...

dank in het bijzijn van priesters en Vestaalse maagden...

de goden voor het behoud van m'n leven.

Ik ontvang deze blijk van goedheid als een bevel.

Ik zal onze stad louteren...

en zuiveren van zonde...

en van het kwaad dat haar bedreigt en corrumpeert.

Ik zuiver onze stad van de zonde en het kwaad.

Ik zweer dat ik alle vijanden van Rome zal vernietigen.

Ik zweer op mijn eer...

dat ik een zoenoffer zal brengen aan de goden.

Ik vernietig onze vijanden en offer aan de goden.

Aan u, machtige Jupiter, vader van onze schepping.

Aan u, Latona. Vruchtbare moeder.

Aan u, eeuwige goden in de hemelen.

Uit naam van Claudius Domitius Ahenobarbus Nero...

keizer van Rome, redder van de wereld, smeken wij u.

Louter onze stad.

Zuiver haar van het kwaad dat haar bedreigt en corrumpeert.

Verlos Rome van haar vijanden.

Besmeur die huiden met schapenbloed.

Maak voort. Tigellinus wil dat alles gesmeerd gaat.

Schiet op.

Besmeur 'm met schapenbloed.

Kom hier.

Sneller.

Het plebs is dolenthousiast.

Zulke festijnen zijn niet alleen voor het volk. We danken de goden.

Nog een christen.

Nee, nee. -Wat is er, Caesar?

Dit is geen schouwspel, maar 'n kermis. Ik mis het gewijde.

Ik vind het niet leuk.

In naam van de Heer Jezus Christus.

Nee, ik wil niet dat ze me meenemen.

Moeder, ze doen me pijn.

Ze houden me zo stevig vast.

Laat me bij u blijven.

Er kleeft bloed aan hun handen.

Waarom huilt u?

Ze nemen me mee. -Nee, niemand neemt u mee.

Ik ben bij u. Niemand zal u meenemen.

Ga niet weg. Ik smeek u.

Ga maar slapen.

Ik blijf bij u. Ik zal u nooit alleenlaten.

Laten we onze zonden bewenen, broeders.

De dood zal ze niet weg wassen als we niet bidden.

Laten we God aanroepen in Zijn eigen woorden.

Doordrenk hun windselen met vloeibare hars.

Bind ze stevig vast.

Ze moeten roerloos staan, als bloemen van vuur.

Hun lichamen moeten votiefkaarsen zijn voor de goden.

Laten we de Heer aanroepen.

Laten we nederig zijn voor Hem.

Petronius zou stikken van jaloezie.

Maar goed dat hij niet is gekomen.

Caesar, alles geschiedt volgens uw wensen.

Wat is er?

Laat me los.

Polybia...

Niet Polybia...

De stank is ondragelijk.

Ze waren onschuldig.

Ze waren onschuldig.

Ze waren onschuldig. Zag u dat niet?

Ze waren allemaal onschuldig. Stuk voor stuk.

Caesar, deze arme slachtoffers waren een geschenk voor u van mij.

Ik bracht ze u voor een toneelstuk, maar u heeft ze vermoord.

Moordenaar.

Wat zullen we met 'm doen?

De keizer gewurgd door een pias?

Op de brandstapel, net als de rest. -Moordenaar.

U bent een moordenaar.

Poppaea, waar bent u?

Wie is er bij u?

Sta op. Ik heb u nodig.

U hoorde me wel roepen.

Ik zei dat ik u nodig had.

Wind me op. Zeg iets.

De ouderlingen uit Rome zijn er.

Petrus, de ouderlingen zullen het u vertellen.

U mag zich niet vertonen. Wat moeten wij als de pretorianen u oppakken?

Vrede zij met u, Petrus.

God kent onze zwakheid en is genadig.

Als we ons vergissen, vergeeft Hij ons. U moet onze geest levend houden.

Wij zijn Romeinen die de waarheid van u hebben gehoord.

Pas op voor de pretorianen.

Uw leven is onze leidende ster. Die mogen ze niet uitdoven.

Bent u niet de discipel van onze Heiland? Zijn apostel?

Alleen u heeft het woord van de Profeet gehoord.

Bent u niet aangewezen om Zijn wetten en Zijn geloof te verspreiden?

Ik hoef u niet aan uw geloften te herinneren.

Maar wij vrezen de moed te verliezen. U bent als de stem van Jezus.

Meester, help de Heer om u een lang leven te geven.

Ik heb van een stier gedroomd.

Een zwarte stier, groot en sterk.

Hij valt aan, zaait dood en verderf.

Ik wil schreeuwen, maar het gaat niet.

De stier komt dichterbij. Ik zie z'n ogen...

z'n kwijlende bek...

en de scherpe punten van z'n hoorns.

Die stier stond voor de wil van een god.

Welke god?

In het boek dat Trypho had, stond:

'Onze Vader die in de hemelen zijt, Uw koninkrijk kome.'

Wie is die vader die mij m'n koninkrijk wil afnemen?

Dat is de dreiging.

Keizerlijk bezoek doet m'n huis eer aan.

Ik had Phaon kunnen sturen of een pretoriaan.

Maar in plaats daarvan komt de keizer zelf.

U weet veel, Petronius.

Laten we eens kijken of u weet waarom ik hier ben.

Misschien wilt u dat ik mezelf in brand steek...

om uw nieuwe toneelstuk te verlichten.

U zou maar een korte flikkering zijn. Veel te zwak.

Ik had uw dood moeten gelasten. Dat verdient u.

Waarom was u niet bij m'n vorige stuk?

Keurde u het af? Te realistisch?

Moet ik een reden geven? -Vrees niet. Uw leven is kostbaar.

U weet als geen ander wat schoonheid is. Dit is uw laatste kans.

Ik wil u aan m'n zijde. Een stier en een reus strijden tegen elkaar.

Een stier en een reus? -Ik zag het in een droom.

Ik zag een doodsstrijd tussen een stier en een reus.

Tussen Jupiter en de christengod.

Een vrouw wacht op de winnaar: de god die haar zal verlossen...

of de god...

die haar zal doden.

Spaar het leven van mijn neef Marcus.

En Jezus zeide: Petrus, voorwaar zeg ik u dit.

Toen u jong was, kleedde u zichzelf en liep u waar u maar wilde.

Als u oud bent, zult u uw armen uitsteken...

en zal een ander u kleden...

en u dragen naar een plek waar u niet heen wilt.

Bent u moe?

Heeft u misschien honger?

Ik breng brood en wijn naar m'n vaders boomgaard. Wilt u...?

Wie bent u? Ken ik u?

Ik ben een oude man, die de stad verlaat.

Ik heb m'n hele leven gestreden.

Nu heb ik daar de kracht niet meer voor.

Waar bent u bang voor?

Ik ben bang voor de kracht van het kwade.

En ik ben bang voor de zwakheid van de mens.

We zijn verloren zonder de hulp van de Heer.

Heeft u de Heer lief?

Zoals Hij u lief heeft?

Dan heeft u niets te vrezen.

Als u uw Heer lief heeft, mag u niet bang zijn.

Waar gaat Gij heen, Heer?

Waar gaat Gij heen, Heer?

'Waar gaat Gij heen', vroeg ik. De Heer antwoordde:

'Ik ga naar Rome om opnieuw gekruisigd te worden.'

'Waarom wordt U weer gekruisigd', vroeg ik.

En Hij zei:

Als jij m'n volk in de steek laat, moet ik ten tweede male gekruisigd worden.

Maar toen Hij zag hoe van streek en bang ik was, zei Hij tot mij:

Wees niet bang, Petrus. Ik zal bij je blijven...

tot ik je in het huis van mijn Vader heb geleid.

Ik ben hem gevolgd en teruggekomen.

Nu weet ik hoe m'n leven zal eindigen. Aan het kruis.

Dat is Gods wil en ik ben niet bang meer.

Ween niet. Ween niet om mij. Dit is de wil van God.

Ik ben oud en moe.

Weldra zal ik eindelijk mogen rusten.

Ik weet wat me te wachten staat en dat aanvaard ik.

Ik weet dat de Heer ons niet in de steek laat.

Laat haar vrij. Caesar heeft het bevolen.

Niemand zal ooit begrijpen dat we slechts onszelf wilden verdedigen.

U wilde een teken van de goden.

Ze hebben u geantwoord.

Nu kent u uw lot, en het lot van Rome.

Terwijl hij sprak, kraaide er een haan.

Trimalchio, van slag door dit voorteken, liet wijn onder de tafel gieten.

Hij liet wijn over de lamp gieten om brand te voorkomen.

Hij verschoof z'n ring en zei...

dat z'n trompetter niet zomaar had geblazen.

Ofwel er is brand, of iemand in de buurt gaat sterven.

De hemel bescherme ons. Brand. Er is ergens brand.

Of iemand in de buurt zal weldra sterven.

De hemel bescherme ons.

Ik heb gedaan wat uw meester wenste.

Als het ook mijn wens zou zijn, deed u het dan?

Ik had geen keus, Eunice.

Ik wilde niet dat een ander dit besluit voor me nam.

Als Nero naar me vraagt...

moet je zeggen dat Caius Petronius is weggegaan...

om z'n boek opnieuw te schrijven.

Ik zal doen wat u wenst.

Hier.

Neem deze ring en al m'n bezittingen.

Ik laat ze jou na.

Het is een troostrijke gedachte...

dat jouw schoonheid zal voortleven...

tussen alles wat mij ooit toebehoorde.

Ik blijf altijd uw slavin.

En ik ben de slaaf van een slavin.

Ik heb altijd geprobeerd om op zo'n wijze te leven...

zodat ik van iedere dag kon genieten...

alsof het m'n laatste was en ik nooit terug zou keren.

Wat u zult zijn, Petronius...

dat zal ik ook zijn.

Zalig de vervolgden, zalig de zachtmoedigen.

Zalig de vredestichters.

Want zij zullen de aarde beërven.

Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.