Afrikaans
Akan
Albanian
Amharic
Armenian
Azerbaijani
Basque
Belarusian
Bemba
Bengali
Bihari
Bosnian
Breton
Bulgarian
Cambodian
Cebuano
Cherokee
Chichewa
Chinese (Simplified)
Chinese (Traditional)
Corsican
Croatian
Czech
Danish
English
Esperanto
Estonian
Ewe
Faroese
Filipino
Finnish
Frisian
Ga
Galician
Georgian
German
Greek
Guarani
Gujarati
Haitian Creole
Hausa
Hawaiian
Hebrew
Hindi
Hmong
Icelandic
Igbo
Indonesian
Interlingua
Irish
Italian
Japanese
Javanese
Kannada
Kazakh
Kinyarwanda
Kirundi
Kongo
Korean
Krio (Sierra Leone)
Kurdish
Kurdish (Soranî)
Kyrgyz
Laothian
Latin
Latvian
Lingala
Lithuanian
Lozi
Luganda
Luo
Luxembourgish
Macedonian
Malagasy
Malay
Malayalam
Maltese
Maori
Marathi
Mauritian Creole
Moldavian
Mongolian
Myanmar (Burmese)
Montenegrin
Nepali
Nigerian Pidgin
Northern Sotho
Norwegian
Norwegian (Nynorsk)
Occitan
Oriya
Oromo
Pashto
Persian
Polish
Portuguese (Brazil)
Punjabi
Quechua
Romansh
Runyakitara
Russian
Samoan
Scots Gaelic
Serbian
Serbo-Croatian
Sesotho
Setswana
Seychellois Creole
Shona
Sindhi
Sinhalese
Slovak
Slovenian
Somali
Spanish (Latin American)
Sundanese
Swahili
Swedish
Tajik
Tamil
Tatar
Telugu
Thai
Tigrinya
Tonga
Tshiluba
Tumbuka
Turkmen
Twi
Uighur
Ukrainian
Urdu
Uzbek
Vietnamese
Welsh
Wolof
Xhosa
Yiddish
Yoruba
Zulu
20 september 1980
We dachten dat jullie niet meer zouden komen.
We hadden autopech.
De protestmars...
We hebben een van de kamers al weggegeven.
Deze nacht zullen jullie een kamer moeten delen.
De kamers zijn rechts de trap op. - Bedankt.
Je nieuwe land.
Oké. We gaan nu nog even wat eten en dan gaan we slapen.
We willen morgen vroeg beginnen.
Ja, ik mis je. Ontzettend. Hoe gaat het met jou?
Heb je nog over moeten geven?
Sorry, ik moet ophangen. We spreken elkaar morgen.
De oudste is Estrella, ze is 17. Carmen is 15 geloof ik.
16 jaar. - Hallo?
Pardon?
Waar hebben ze ze voor het laatst gezien? - Net buiten het dorp.
Hun vader is de schipper van de pont en woont zo'n drie km verderop.
Die nacht kwamen ze l opend terug van de feria
een vrouw uit het dorp zag ze instappen in een auto.
Dat was de laatste persoon die ze heeft gezien.
Wat voor auto? - Een Citroën.
Model?
We weten niet of het een Dyane 6 of een 2CV was. Dat zei ze niet.
Hoelang is dat geleden? - Drie dagen.
De dressing is erg lekker. Wat voor vis is het?
Serpeling.
Die had ik nog nooit gegeten, ze zijn erg lekker.
Is het de eerste keer dat ze vermist worden?
Ze hebben een naam. Maar ze zijn altijd teruggekomen.
Ze zijn nog nooit zo'n lange tijd weggeweest.
Wat voor naam? - Gewoon, een naam, je weet wel.
Nee, ik heb geen idee.
Ze hadden graag plezier. - U niet?
De naam dat ze niet heel moeilijk waren.
Nog tien graag.
Het was niet het moment om moeilijk te doen tegen die militairen.
Wat die fascist zei gaat in tegen de democratie.
Ik heb alleen maar een kaart geschreven naar de krant. Dat is geen misdrijf.
Dit land is niet democratisch. Je bent er net aan gewend.
Je kan niet tegen een generaal ingaan en vervolgens een schouderklopje verwachten.
De militairen hebben nog altijd veel voor het zeggen.
Wat moeten we dan? Alles laten zoals het was?
Kijk waar je bent beland.
Ik ben niet de agent met het beste toekomstperspectief van Madrid.
Voor mij is dat geen probleem. Ik hoef niet per se een held te zijn.
Jouw toekomst is het besteden van geld aan vrouwen en drank.
Wie heeft je dat wijsgemaakt? - Ik heb een goed gehoor.
Wat heb je nog meer gehoord? - Is dit nog niet genoeg?
Een fles zoete wijn en twee glazen graag.
Nee, één.
Fijne avond.
Wat drinken ze?
Jenever. - Jenever?
Geef ze nog maar een rondje. Hoeveel? - Dat is genoeg.
En een paar donuts of wat churros, zodat ze niet te misselijk worden.
En u? - Nog een biertje.
Ik kan maar beter niet te veel mixen.
Of wacht. Geef toch maar.
Hoe laat is het? - Middag.
Tijd om op te staan. Ze hebben voor ons een auto geregeld terwijl ze de onze repareren.
Vannacht is me verteld dat de meisjes weg wilden uit het dorp.
Mensen praten veel wanneer ze drinken.
Welke mensen? - De mensen uit het dorp.
Hun vader was niet erg gelukkig met ze.
Rocío.
Schenk eens een wijntje in voor deze heren.
Zeg maar stop.
Stop.
U ook? - Nee, bedankt.
Het ruikt lekker, wat voor wijn is het?
'Cangrejos de río' - Kruidig?
U zegt het maar. - Wat is hun slaapkamer?
Mag ik?
Enig idee waar ze heen zijn kunnen gegaan?
Spraken ze ergens over?
Hebben jullie gemerkt dat er spullen missen?
Er mist een bankpasje van de meisjes en kleding.
Heeft u enig idee waarom ze weg zouden willen?
Mijn dochters wilden nergens heen.
Iemand die ze pijn wilde doen?
Hadden ze geld of iets van waarde? - Weten jullie waarvoor jullie hier zijn?
We zijn hier om jullie dochters te vinden.
Nee, mijn dochters kunnen jullie geen reet schelen!
Jullie zijn hier omdat zijn neef in dienst heeft gezeten met rechter Andrade.
Dus kom niet met verhalen en vind gewoon m'n dochters.
Het eten. - Ik kom.
Dit heb ik gevonden in de haard. Zeg er alsjeblieft niks over tegen m'n man.
Als hij erachter komt, maakt hij ze af. Hij schaamt zich al genoeg.
Waren ze met iemand? - Nee, ze waren alleen.
Heb je ze gesproken?
Ik zag ze van een afstandje.
Later waren we wel bij ze. - Waar?
Een tijdje in "los coches locos" en daarna gingen we naar huis.
Hoe laat was dat? - Om twaalf uur.
Dat weet ik omdat we moesten gaan.
Waar zijn jullie gesplitst?
Bij de weg. Net buiten het dorp.
Hadden ze een vriend? - Nee.
Weten jullie zeker dat ze uit het dorp weg wilden?
Wie wil dat niet? - Ik niet.
Jij spoort niet. - En jij bent jaloers.
Hebben ze jullie ooit verteld waarheen?
Elke plek is beter dan hier.
Kennen jullie iemand met een witte Citroën?
Nee.
'El Quini'
Wat is er aan de hand? - Haar vriendje is er.
Kunnen we gaan? - Ja, jullie kunnen gaan.
Is dat uw zoon? - Ja, die kleine, hij woont in Duitsland.
Hij is daar nu twee jaar aan het werk. Ik heb er nog twee in Barcelona.
En zij woont in Frankrijk. - Kunt u mij vertellen wat u heeft gezien?
In de bocht, daar stopte hij.
Heeft u gezien hoeveel mensen er in de auto zaten?
Nee. - Werden ze gedwongen in te stappen?
Ik denk dat ze elkaar kenden.
Ze lachten allemaal, ziet u.
Ik heb hier een tekening.
Deze hier is een 2CV, met de ronde, uitstekende koplampen.
En deze is een Dyane 6 en heeft de koplampen in de motorkap.
Ik denk dat deze er het meest op lijkt.
De Dyane 6.
Wie zijn dat?
Dat zijn arbeiders. Ze komen voor de oogst.
Hij komt uit het dorp. Ze kennen hem.
Of het kan een seizoensarbeider zijn die elk jaar terugkomt.
Of iemand die op de feria werkt.
De vader heeft een Dyane 6. Een gele. Hij stond geparkeerd achter het huis.
's Nachts lijkt geel veel op wit.
En op grijs. Het is een erg populaire auto.
Hé jullie. Er is iemand die met jullie wil praten
Angelita is een ziener, ze ziet dingen.
Wanneer ze slaapt, spreekt ze met de doden.
Ze vraagt ze wat ze wil weten en de doden antwoorden haar.
Ga zitten.
De afgelopen twee nachten heb ik gesproken met m'n overleden moeder.
en ze vertelde me...
dat ze de meisjes in de boerderij 'Las Lunas' heeft gezien.
Is er iets? - Nee, niks.
Pedro!
Kom eens hier!
Wat is er?
Ik loop naar de auto.
Ik ga kijken of ik er bij kan.
Ik kan het water bijna raken.
Voorzichtig, voorzichtig!
Alles goed?
Ik heb het! Trek me omhoog!
Estrella droeg een panty als deze.
Estrella! Estrella!
Estrella!
Estrella!
Estrella!
Stop!
Sta stil!
Waarom ren je weg?
Ik heb geen vergunning. - Wat is dat?
Een hertenjong? - Reeënjong.
Waar kom je vandaan? - Uit het dorp.
Kom op, sta op.
Hoe het je? - Jesús.
Hebben wij elkaar niet ontmoet op de feria?
M'n hoofd doet nog steeds pijn van de jenever.
Hoe ben je hier? - Lopend.
Is dat niet erg ver? - Als je de paden kent, niet zo.
Heb je iemand hier de boerderij in of uit zien gaan?
Ik hou niet zo van deze plek. Er is hier niks anders dan spoken.
Kan ik gaan?
Hoeveel krijg je voor Bambi? - 250 pesetas per kilo.
Dan kun je het beter niet verkopen.
Misschien kun je beter iemand zoeken die hem kan klaarmaken.
Wel godverdomme!
Wegwezen hier! Voordat ik je kop er afschiet.
Is er al iets gevonden? - Nee, niks.
En in de put?
Alleen maar troep.
Doe jij alvast de eenden, ik ga even pissen.
Dit is een mooie. Ja, ja, ja.
Ik bind je eventjes vast. - Gerardo, kom eens hier!
Carmen...
Estrella.
Loop maar even naar de auto, ik geloof dat ik m'n boekje heb laten liggen.
Waar heb je dat vandaan? - Daar.
En als het daar lag, waarom leg je het dan hier neer?
Hier liggen de rest van de spullen. - Welke spullen?
Deze hele berg, hier verzameld zodat het niet kwijtraakt.
Maar als je wilt leg ik het terug hoor. - Nee laat maar liggen, niet meer aankomen.
Noteer dit alsjeblieft.
Naast de wond in de borst, zijn er verschillende sneeën...
waarschijnlijk steekwonden.
Eerstegraads brandwonden aan de linkerhand.
Laten we naar het andere lichaam kijken.
Ze heeft sneeën verspreid tussen haar nek, buik en borst.
Er missen ook drie vingerkootjes uit haar linkerhand.
Ze vertoont sporen van geweld in de vagina.
Waarschijnlijk is ze aangerand, net als haar zus.
Kun je even helpen haar om te draaien?
Ze hebben haar ook van achter belaagd.
Aan de zwelling van het lichaam te zien...
heeft ze ongeveer twee dagen in het water gelegen.
Waar gaat deze weg heen? - Naar de rivier.
Hé!
Waar zijn die foto's voor?
Voor 'El Caso'.
Hoe ben je erachter gekomen?
Ik ben gebeld. - Door wie?
Weet ik niet.
Oké, weg hier.
Heb je me niet begrepen? Wegwezen, nu!
Oké, ik ga al, ik ga al!
Wegwezen.
Ik wil graag dat jullie dit met de grootste discretie behandelen
en dat jullie de zaak snel mogelijk oplossen.
Ik beloof jullie er goed voor te belonen.
De oogst begint binnenkort en die willen we niet verliezen.
Er is al genoeg opschudding door de stakingen.
Je retourticket naar Madrid.
Ze zijn niet hier vermoord, er zijn nergens bloedsporen.
Iemand heeft ze hier met de auto heengebracht en gedumpt.
Hier is een dubbel remspoor Ze gingen ze dumpen in de rivier
maar zijn teruggegaan.
Waarschijnlijk werden ze afgeschrikt door iemand.
De ouders moeten op de hoogte worden gebracht.
Jullie zijn van het dorp en kennen ze het best.
Doen jullie het maar, wij moeten ze nog vaker zien.
Ik doe het wel.
Kom, laten we wat gaan drinken.
Dank je wel.
Pardon.
Er is vanmiddag iets voor jullie bezorgd.
Ook heeft uw vrouw gebeld. Of u haar terug zou willen bellen.
Wat is er?
Er is een man die jullie wil spreken. Hij is erg dronken en heeft een jachtgeweer.
Wie zijn jullie?
We zijn van de politie.
Je wilde ons spreken?
Kun je je geweer laten zakken?
Nee. Jullie zijn geen politie.
Wanneer we slapen dragen we geen uniform. Ik vroeg je om je geweer te laten zakken.
Wil je m'n badge zien? - Kom niet dichterbij.
Als ik m'n badge laat zien, laat je dan je geweer zakken?
Hij is niet geladen. Ik wil alleen praten.
Het spijt me.
Dit was m'n vriendin, Beatriz.
Hij heeft haar vermoord.
En Adela ook.
Hij vermoordt ze, verminkt ze en dumpt ze in de rivier.
Daarom hebben ze ook alleen haar voet gevonden.
Welke voet?
Het was haar schoen.
Die had ik haar gegeven.
Ze zei dat ze terug zou komen.
Waar vandaan?
Van de Costa del Sol.
Ze had een baan gevonden.
Ze hield van me.
Niemand pleegt zelfmoord en laat een koffer achter.
Welke koffer?
De hare.
Die dreef in de rivier.
Castro.
Wie was het?
Ik weet het niet.
We waren pas laat terug in het hotel. Ik wilde je niet wakker maken.
Laat is laat.
Wat moet ik dan, zonder telefoon? Een brief schrijven?
Ik werk, doe niet zo moeilijk.
Ik ben rustig!
Goedemorgen.
Sorry, sorry.
Goedemorgen. - Goedemorgen.
Probeer de boter eens. - Ik heb geen honger.
De autopsie van de meisjes is zojuist binnengekomen.
Er zijn sporen van sperma gevonden in de panty van Estrella.
Bloedgroep AB.
Ik heb met Miguel gesproken.
Ik heb hem gevraagd een lijst te maken van alle Dyane 6 in de regio.
Wanneer heb je hem gesproken?
Vroeg.
Slaap jij nooit?
Natuurlijk wel. - Wanneer?
Wanneer jij slaapt, daarom zie je het niet.
Volgens de forensische dienst was het de schroef van een boot.
Niemand in haar familie wist dat ze ergens anders een baan had gevonden.
In het huis van de meisjes heb ik precies zo éen gezien.
Deze plekken staan niet op de kaart. We hebben geen idee waar we ze kunnen vinden.
En wat krijg ik daarvoor terug? - Wat wil je hebben?
Wat voor maat zijn die?
Groot.
Hoe komen we daar ook alweer.
Bijna 500 pesetas.
Precies 500.
En die tabak wil ik ook.
Voor de siësta.
Hé.
Ik heb jullie toch verteld dat daar niemand woont?
Yo!
Zal ik de deur voor jullie opendoen?
Het is alsof ze haast hadden om het huis te verlaten.
Ze zijn weggegaan toen ze hoorden dat hun dochter was verdronken in de rivier.
Daarna wilden ze het huis niet meer in.
Ken je hen?
Ja, dit zijn Beatriz, Estrella en Carmen. 'Los Ángeles de Charlie'.
De jongen in het midden is Quini.
Hallo. - Hallo.
Zijn moeder is drie jaar geleden verdwenen.
Dit kruis heeft ze van m'n man gekregen. Ze deed hem nooit af.
Adela zei dat het haar geluk bracht.
Ik zal jullie iets laten zien.
Is u iets vreemds opgevallen voordat ze verdween?
M'n kleinkind was erg verdrietig vanaf het moment dat Quini haar had verlaten.
Quini? - Ja, uit Villafrancos.
Ze noemen hem 'El Guapo'.
Heeft ze niet gezegd waar ze naartoe ging?
Ze vertelde me dat ze werk ging zoeken, en terug zou komen als ze dat gevonden had.
Deze boeken zijn voor jullie.
Ze deed een studie in de avonduren.
Mogen we ze meenemen? - Als u ze niet verliest.
Bedankt. - Bedankt.
Wie zijn jullie? Wat willen jullie van me?
Oké, oké, oké.
Blijf zitten.
Kende je Carmen en Estrella? - Iedereen kende ze.
Wat voor relatie hadden jullie?
Dat weet je best. Ik ging een paar maanden met Carmen.
Een beetje jong, vind je niet? - Jong waarvoor?
Maakte je foto's van d'r?
Zie ik eruit als een fotograaf ofzo? - Zal ik je nog een klap geven?
Waar was je op de avond dat ze verdwenen?
17 september. Zes dagen geleden. Waar was je?
Met een vriendin.
Blond, lang haar, 16 jaar oud?
Is dat hoe u ze graag heeft? - Gore klootak!
Stop, stop! Stop!
Oké, oké, oké.
Zeg op, waar was je.
Dat weet je al. Ik was de hele tijd bij Marina.
Waar ken je haar van?
Nergens van.
En haar?
Ook niet.
En wat doe jij dan op die foto?
Ik heb haar diezelfde avond leren kennen.
Kan ik al gaan?
Schiet op.
Dat mes is van mij.
Pak maar.
Ze zijn allemaal ongeveer even oud. - Erg jong.
Adela verdween op een 14 september, Beatriz op een 15, en Carmen en Estrella de 17e.
In 1977, 1978 en 1980
Allemaal tijdens de feria.
Meer beweging in het dorp. En er wordt meer gedronken.
Het duurt langer voordat er iemand wordt gemist.
Ze leren meer mensen kennen...
Het kan iemand van buitenaf zijn. Ze kenden allemaal Quini en ze wilden allemaal weg.
Heb je z'n hand gezien?
De tattoo van een driehoekje? Zoals op de foto?
Hé, maat.
Wie is die vrouw gekleed in groen? - Macarena.
Kun je dit aan Macarena geven? En schenk 'r nog maar een keer bij.
Het is raar. - Wat?
'El Guapo' kan iedereen krijgen wie hij wil.
Waarom zou hij dit doen?
Je ziet er vermoeid uit. Waarom ga je niet slapen?
Neem de auto maar, ik loop wel terug.
Goedenavond. - Goedenavond.
Ik kom!
Ik ben alleen.
Mag ik binnenkomen? - Ja, natuurlijk.
Één momentje.
Wat kun je me hierover vertellen?
Dat ze een paar mooie borsten heeft.
Dat is Carmen. Ze is dood.
Ze had een paar mooie borsten.
Wat wilt u weten?
Alles wat je hebt.
Waar heb je dit vandaan?
Dat gaat je niks aan.
Ik ben journalist. - Laat me niet lachen.
Stuur maar naar Madrid. We zullen zien wat ze zeggen.
Daar heb ik geen tijd voor. Wat wil je?
Iets wat ik nog niet weet.
Ze zijn gemarteld.
Zijn ze aangerand?
Ik heb je brief in de krant gelezen. Hij was goed.
Als u me later nog eens treft, verander ik hem in een held.
Het is een ongewoon negatief. Een zeldzaam merk. Uit het buitenland.
Ik denk niet dat er hier veel mensen zijn die dit type rolletje gebruiken.
Ik kan erachter komen van wie het is.
Maar dan wil ik de foto's van de lijken van de meisjes.
Die van de forensische dienst.
Ik heb een familie. Ik moet ze te eten geven.
Weet je familie wat je doet voor de kost?
M'n familie denkt dat ik Truman Capote ben.
Dat is een Amerikaanse schrijver...
Maakt niet uit...
Vind de eigenaar.
Uw collega ken ik ook, ik weet alleen niet meer waarvan.
Weet u of hij heeft gewerkt voor het commissariaat van Vallecas?
Het spijt me. - Dank u wel.
Het spijt me.
Ik heb het bankpasje van m'n dochters gevonden.
M'n man had hem verstopt in de auto.
Dit hebben we gevonden in het dashbordkastje van je auto.
Wat is er allemaal aan de hand, Rodrigo?
Ik heb een grote schuld en ik heb het geld niet.
Bij wie?
Een woekeraar.
Waarom?
Omdat ik m'n familie hier weg wilde halen.
Ik wilde niet dat m'n dochters nog langer in dit dorp moesten blijven.
Heb je geld gevraagd voor geleend geld van je dochters?
Ik...
Wat is er gaande, Rodrigo?
Wat is er aan de hand?
Wat is er allemaal aan de hand?
Twee maanden geleden heb ik bij de pont een pakketje gevonden.
Wat voor pakketje? Met tabak?
Met heroďne.
Weet u wat dat is?
Hoeveel woog het?
Een kilo.
Wat heb je ermee gedaan?
Ik heb het verkocht.
Wat heb je gedaan met het geld?
Dat heb ik uitgegeven.
Waaraan?
Aan de auto die buiten staat.
Denk je dat ze daarom je dochters hebben vermoord?
Geen idee.
Ze zijn hier geweest voor hun geld.
Ze hebben de wasmachine meegenomen...
de koelkast... de televisie...
En als ik niet betaal nemen ze ook de auto en de boot.
We moeten hier weg.
We moeten praten met de Guardia Civil. Ze moeten de controle bij de pont aanscherpen.
We moeten de eigenaar van die heroďne zien te vinden.
Ik houd me bezig met de rivier. - Ik buig me over Quini.
Ja.
Oké, hartstikke bedankt.
Marina is thuis. Haar moeder zegt dat het goed gaat met haar.
De Guardia Civil zit overal met de neus bovenop.
Er is iemand die ze waarschuwt.
Het hele dorp rookt gesmokkeld tabak en op geen boot is ook maar een peuk te vinden.
Ze zullen tussen de oogsten toch ergens van moeten leven.
Ga zitten.
Ik sta hier prima. - Ga zitten, klootzak.
Wat deed je die middag in het jachthuis?
Ik was met m'n vriendin. Moet ik je de details vertellen?
Ja, ik wil alles weten.
Heeft niemand je dat ooit uitgelegd?
Wie is de man met de hoed? - Welke man?
De man die na jou het huis inging, voordat ze me een gat in m'n hoofd sloegen.
Er was niemand. Ik heb u al verteld dat we alleen waren.
Wat willen jullie van me? M'n bloed toch?
Kom op dan, bel die dokter maar. Ik wacht hier wel.
Het is jammer voor je dat je je pyjama niet bij je hebt, want je slaapt vanavond hier.
Dit is het resultaat van het bloedonderzoek van Joaquín Varela, Quini.
Z'n bloedgroep komt niet overeen met waar we naar zoeken.
Ik wil jullie er graag aan herinneren dat we hier een democratisch systeem hanteren.
De volgende keer dat jullie iemend willen arresteren, komen jullie eerst naar mij.
Dit is niet meer hetzelfde land als voorheen.
Het duurt niet lang meer voordat de oogst begint, en de mensen worden erg nerveus.
Ik verzoek jullie om niet meer tijd te verdoen.
Fijne dag.
Moet je niet naar school vandaag?
Ik ben ziek. Ik heb buikpijn.
Wat deed je gistermiddag?
Ik was naar de bios.
Met wie?
Met wat vriendinnen. - Welke vriendinnen?
Één momentje, ik ben zo terug.
Met wie was je gisteren in het jachthuis?
Wie was de man met de hoed, Marina?
Welke man?
Heb je het niet warm in die trui?
Ik ben ziek.
Hoe kom je aan die plek? - Welke plek?
Die op je pols.
M'n horloge, die schuurt langs m'n huid.
Hou op met die onzin, Marina! Wie is die man met de hoed?
Ik weet niet waar je het over hebt. - Waar is Quini?
Weet ik niet. - Je bent ziek en hij komt je niet zien?
Ik heb het hem niet verteld. - Waarom bel je niet?
Mama! - Marina, kijk me aan.
Weet je moeder wat je doet in het huis? Weet ze dat je bij hem bent?
Mama!
Als je wilt dat we stoppen met praten, zeg dan wie de man met de hoed is.
Mama!
Wat is er aan de hand?
Ik voel met niet zo lekker.
Ik heb heel erg buikpijn, ik moet overgeven.
Meisje toch, wat is er aan de hand?
Maakt u zich geen zorgen mevrouw, wij gaan er vandoor.
Dank u wel voor de koffie. - Geen dank.
Marina!
Wat doe je? - Geloof je iets van wat ze zei?
Ik ook niet. Ze is bang, en ik wil weten voor wat.
Er zijn vijf kamers, elk met meerdere bedden.
Ik heb ook nog extra bedden als het nodig is.
Buiten is er een ruimte voor honden.
Er is water, licht: alle voorzieningen zijn aanwezig.
Mag ik kijken? - Ja.
Kent u de omgeving?
Is het huis van u? - Ik zou het niet erg vinden.
Wie waren de laatste gasten?
Dat weet ik niet meer. We zijn een lange tijd dicht geweest.
Het is laagseizoen, ziet u.
Ik zag hier gisteren drie personen naar binnen gaan.
Oké, erg mooi.
Ik vroeg je iets. Wie waren hier gisteren?
Ik weet niet wie het huurt.
Je verhuurt het maar je weet niet aan wie?
Ik verhuur ze voor losse dagen.
Ze bellen een paar dagen van tevoren en ze maken het geld over naar een rekening.
Zachtjes praten.
Wie is de man met de hoed? Wie?
Ik weet niks. Ze betalen me om niet met ze te praten
Wat doe je?
Wat is hier aan de hand?
Niks. Deze heren kwamen het huis bekijken maar ze gingen er net vandoor.
Fijne middag.
Wie is die man? Ken je hem? - Die man? Ik heb hem nooit eerder gezien.
Ga maar even een wandelingetje maken, Jezus.
Rij maar, ik geef aan waarheen.
Ga maar naar binnen.
Loop maar door.
Ga zitten.
Eugenio, geef de heren eens iets de drinken. Het is hartstikke warm.
De drugs die Rodrigo had gevonden, die waren van mij. En hij heeft ze gestolen.
Maar ik heb niemand vermoord.
Dit hier is Fermín. Zijn vrouw, Angelita, hebben jullie al ontmoet.
Ze is geen ziener.
Fermín was in de boerderij op de avond van de moord.
Hij heeft informatie over de moord. Maar dat is niet gratis.
Wat wil je?
Dat de Guardia Civil de pont met rust laat.
Akkoord of niet?
Akkoord. - Vertel op Fermín.
Ik heb de man gezien die het tasje in de put gooide.
Kun je hem beschrijven?
Ik heb z'n gezicht niet gezien, het was erg donker.
Maar hij had een normaal postuur. Het was de dag dat de meisjes verdwenen.
Ik was in de boerderij aan het wachten op een pakketje. Om 5 uur 's ochtends.
Heb je z'n auto gezien?
Een witte Dyane 6. Hij kwam vlak bij me langs.
Er zat een sticker op de achterruit van de auto.
Een sticker waarvan?
Van een vrouw met lang haar en een hoed.
Hoe lang was het haar? Tot hier?
Iets korter.
Hoe zag de hoed eruit? - Groot. Als een bolhoed.
Zoiets? - Ja.
Hij doet me ergens aan denken.
Heb je nog meer?
Dit is wat ik heb gezien.
Hé jij.
Dat van u heb ik echt gezien.
De doden wachten. Er is niet veel tijd meer over.
Deze handdoeken heeft hij ze gegeven.
Ze komen uit het hotel in Málaga waar hij werkte.
Hoe heet de vriend van uw kleindochter? - Sebastián.
Sebastian wie? - Weet ik niet.
Komt hij uit het dorp? - Weet ik niet.
Heeft u hem ooit gezien? - Nee, nooit.
Heeft uw kleindochter u nog meer over hem verteld?
Dat hij haar heel goed behandelde, dat hij haar goed heeft geholpen met dat van Quini.
Bedankt.
Tot ziens, makker!
Tot ziens!
Hij heet Sebastián Rovira Gálvez. Hij werkt niet meer in het hotel, hij is ontslagen.
Er liggen nog wel spullen van hem
Laten we die gaan ophalen.
Morgen om 7:30 bij het militaire herdenkingskruis.
Kom alleen.
De foto's van de meisjes zijn gemaakt met een fotorolletje als deze.
Er is maar één plek waar ze zulke rolletjes verkopen
Waar?
Heb je m'n foto's?
Ik heb ze nog niet. - Wat heb je wel?
'Estudio Águila' in Sevilla.
Ze verkopen ze omdat iemand ze er elke maand vooraf voor betaalt.
Wie? - Ene Quino, Quini.
Ze publiceren ook de foto's, maar we wilden me niet vertellen wat voor foto's het zijn.
Maar foto's van een kerkdienst zullen het niet zijn.
Volgens mij staat hier nog iemand. De fotograaf is te zien in de spiegel.
Maar hij is onherkenbaar door de flits. Zoek uit wie het is en je krijgt je foto's.
Oké. Maar ik heb het negatief nodig. Zonder negatief is het onmogelijk.
Ik zal het niet gebruiken. Je kan me vertrouwen.
Zou jij vertrouwen op iemand als jij?
Ik beloof het.
Slaap je goed?
Je collega. Ik herinner het me weer.
Hij zat bij de BPS. Dat ken je wel toch? Het Gestapo van Franco.
Hij vermoordde een meisje in een demonstratie, in Vallecas. In 1971.
Twee worpen.
De tijd heeft hem niet veel goeds gedaan.
En daar ben ik niet rouwig om.
Dat is Marina.
Ze was een goede vriendin van m'n dochters.
Die ene dag nam Quini haar mee naar het jachthuis.
Na een tijdje samen te zijn geweest vroeg hij haar te wachten met zich aan te kleden
en bond hij haar vast aan het bed.
Vervolgens ging hij weg en kwam hij terug met een andere man.
Wie was hij?
Ze heeft zijn gezicht niet gezien. Ze weet dat hij lekker rook; naar dure parfum.
En dat hij erg verzorgde handen had.
Hij maakte foto's van d'r.
Quini dreigde ze aan het dorp te laten zien als ze iets tegen iemand zei.
De avond dat m'n dochters zijn vermoord
was Marina bij Quini. Maar niet de hele avond.
Denk je dat ze in staat is dit in de rechtzaal te vertellen?
Ze was niet eens in staat dit aan u te vertellen.
Ik moet gaan.
Goedemiddag. Ik ben Pedro Suárez. Ik heb een afspraak met de directeur.
Een momentje alsjeblieft.
Dit is de koffer. Zal ik hem openmaken? - Ja, maak maar open.
Het was een hele vreemde vogel. Hij had een probleem met een van z'n cliëntes.
Wat voor probleem?
Iets raars met een heel jong meisje.
Ik denk dat dat de reden is dat hij zo plotseling verdween. Ineens.
En hij was weg.
Rovira Gálvez, Sebastián.
Seksuele agressie jegens minderjarigen? Verblijfplaats onbekend?
Twee jaar in opsporing en inbeslagneming?
Nog meer?
Vrienden, voor zover u weet?
Nee, familie heeft hij niet. In zijn dorp heeft niemand hem meer gezien.
Hij is niet eens bij de begrafenis van z'n moeder geweest.
Ja, ja. Hartelijk bedankt hoor.
De lonen zijn waardeloos! Het is niet mogelijk om het eind van de maand te halen.
Jullie weten dat we op het moment in heel zwaar weer zitten.
Meneer Alfonso biedt jullie 20% opslag ten opzichte van vorig jaar.
150 pesetas extra. - Dat is niks!
Stilte, alstublieft! - 170 pesetas, en geen cent meer!
Wie niet wil werken, die werkt maar niet
Collega's! We zetten de strijd voort! Collega's! We zijn hier om jullie te helpen!
Meneer? Pardon? Pardon?
Mijn excuses.
Juan Robles. Ik wilde me even voorstellen.
Alfonso Corrales.
Ik ben van de politie, ik ben hier vanwege de moorden.
Als ik u van dienst kan zijn, weet u me te vinden.
Tot de volgende keer. - Bedankt.
Ja. Ja, ja. Maak je geen zorgen.
Zeker.
Fijne avond, Manuel. En bedankt.
De voorman zegt dat er geen enkele Dyane 6 op naam van Alfons Corrales staat.
Niet met papieren, noch zonder.
En de moeder van Marina zegt dat haar dochter naar de bioscoop is.
Morgen bel ik meneer Corrales om een afspraak te maken voor de bloedtest.
Het is nu al erg laat.
Het is 11 uur, hoezo laat? - Morgen bel ik hem
zodat ik hem kan vragen gelijk naar het bureau kan komen,
ik denk dat hij daar geen enkel probleem mee heeft.
Nu ga ik aan het werk om uit te zoeken waar Marina gebleven is.
Ik vraag je niet om gelijk te bellen.
Ik vraag toestemming om de bloedtest uit te voeren. Nu, meteen.
En voor het regelen van een confrontatie tussen Corrales en Joaquín Varela, Quini.
Ze hadden me al gewaarschuwd dat u problemen op zou leveren.
Wat zei u?
Je hebt alleen maar een stukje tekst. Uw collega zag een vent met een hoed.
Maar niks meer dan dat. Dat klopt toch?
Dat klopt.
Ik draag ook af en toe een hoed. Ga je me vertellen dat ik verdacht ben?
Ik ga jullie nergens toestemming voor geven totdat jullie met harde feiten komen.
En nu wegwezen. Ik laat het jullie weten wanneer ik iets hoor.
U beschermt hem, of niet?
Wat?
U heeft geen idee hoe de zaken hier geregeld zijn.
Jawel, zoals overal.
U staat op het punt vader te worden. Ik zou op uw tellen letten als ik u was.
En nu wegwezen hier.
Waarom zeg je niks?
Aan welke kant sta je? Sta je ook aan hun kant?
Ik wil de zaak oplossen. Ik wil niet dat ze ons scheiden.
Je bent hetzelfde als iedereen. Als het aan jou lag, ging alles door zoals voorheen.
Ik weet van je verleden. Wat er is gebeurd in Vallecas.
Je weet niks! Helemaal niks!
Pas op met wie je in zee gaat. Die vent wil alleen maar bloed zien.
Laat me los.
Het was een ongeluk. En ik was het niet.
Het was een kameraad van me. Ik had m'n wapen niet eens getrokken.
Als jij iemand zou vermoorden, zou ik je ook dekken. Is dat zo gek?
Laten we naar het huis van Marina gaan.
Mijn zoon, hoe zie je dat voor je als hij 37 is?
Doe wat je wilt, het kan me niet schelen.
Zeg het maar? - Ik ben het.
Hé, Marina.
Ik wilde weten hoever het is met Málaga. Wanneer zullen ze me bellen?
Er zijn problemen geweest met je contract. Tot volgend jaar nemen ze niemand meer aan.
Praat alsjeblieft met ze. Zeg ze dat ik alles voor ze doe.
Het maakt me niet uit. Ik moet weg hier. Ik hou het niet meer uit.
Laten we afspreken. Ik verwacht je binnen een half uur op de bekende plek.
Dit was het nummer dat ze belde. Dat is het nummer van het jachthuis.
Is niet nodig.
Ga weg!
Wie is daar?
Wie woont er nog meer in dit huis? - Niemand.
Wie? - De huismeester.
Hoe heet hij? - Antonio
Wie is Sebastián? - Weet ik niet.
Stop dat. - Waar is Sebastián?
Weet ik niet. - Waar is...
Ga zitten.
Weet je wie Carmen en Estrella waren?
Voordat ze werden vermoord, zijn ze gemarteld.
Dat deden ze met een jachtmes en een tang.
Ze hebben hun tepels er afgesneden
hun tenen er afgehakt
ze stopten iets in de vagina en anus tot aan bloedens toe
en alles bij volledig bewustzijn.
Je kan je niet voorstellen hoeveel pijn iemand kan verduren voordat hij flauwvalt.
Dat wist ik niet.
Dat wist ik niet.
Dat wist ik niet.
Kijk me aan.
Hoe heet de huismeester?
Sebastián.
Hij vroeg om werk, en ik gaf het hem. Ik was een vriendin van zijn moeder.
Hij had een plek nodig om zich te verschuilen.
Zich te verschuilen waarvoor?
Weet ik niet.
Hij was heel erg veranderd.
Ik herkende hem bijna niet.
Ken je Alfonso Corrales?
Ja.
Heb je hem ooit in dit huis gezien?
Wanneer het huis wordt verhuurd, kom ik hier niet.
Waar is Sebastián?
Waar?
In het verlaten jachthuis.
Juan!
Een contract met de naam van Estrella Blanco voor Hotel Mediodía.
En er liggen nog meer met de namen van de andere meisjes.
Yo!
Daar rijdt de auto!
Kom op!
Voorzichtig, deze wegen kunnen erg slecht worden wanneer het regent.
Verdomme, voorzichtig!
Gas! Gas!
Nee, deze krijgen we hier niet weg.
Hiermee komen we dus niet meer naar het eiland.
Hierlangs zijn we er sneller!
Stil!
Schoft! Moordenaar!
Klootzak!
Ja? Hebben ze naar me gevraagd?
Wie?
Om me te feliciteren?
Een telegram? Maak maar open.
MOORD OP HET EILAND De meisjesvierendeler
Nee, dat kun je overslaan. Dat stukje over de bestemming.
Alcobendas. Niet slecht, toch? Dat kan ik bijna lopend doen.
Hoe gaat het met jou?
Vergeet me niet. Natuurlijk mis ik je. Ontzettend.
Ik kan niet wachten jullie te zien.
Mag ik je voorstellen aan Macarena en... niet zeggen...
Oké, help me, zeg maar. - Mariví.
Mariví!
Draai je eens om.
Wat zijn jullie toch mooi.
Mijn collega, Pedro. Zeg Pedro eens gedag.
Dag, Pedro.
Macarena en Mariví werken in de krabbenfabriek.
We zijn hun salarisverhoging aan het vieren.
Ze hebben de stakingen gewonnen. En een of andere arbeider.
Goed hč? Willen jullie nog een drankje? Ik betaal, kom.
Laten we nog een drankje gaan halen.
Pedro, wacht. Waar is het? Waar heb je het?
Hier, hier, hier.
Wie is dat? - Wie dat is?
Dat is hij.
Dat is hij! Dat is m'n maat!
Neem maar, hou maar bij je. Voor je zoon. Niet verliezen.
Verlies het niet, Pedro.
Oké, gaan we wat drinken?
Je bent een held!
Je foto's.
Er is nog iemand, maar die is niet te zien. Slechts een vlek.
Op Truman Capote.
Op Truman Capote.
Je bent verkeerd geďnformeerd. Hij was het niet. Het was een ongeluk.
Een cadeautje.
De ontwikkeling van deze is beter uitgepakt.
Ze zijn van de dag van de demonstratie, waarin het meisje werd vermoord.
Ze noemden hem 'De Kraai'.
Hij heeft er in z'n eentje meer dan tien gemarteld en hij deed het als geen ander.
Wees voorzichtig, Pedro.
Jesús heeft iets voor ons klaargemaakt voor tijdens de rit.
Yo, dit is voor jullie. Dat hadden jullie nog van me tegoed.
Wat is het?
Stoofvlees van Bambi.
Wees voorzichtig. - Jij ook, wees voorzichtig.
Alles in orde, toch?
Ondertiteling door Matthijs Bakker Controle en bewerking: Goffini
Gedownload van www.ondertitel.com
Can't find what you're looking for?
Get subtitles in any language from opensubtitles.com, and translate them here.